Bijlage 1 - ontwerpbestemmingsplan Tusken de Fearten
Tekst van het document
Dokkum
Totale behoefte
Aantal Koop 2020
Behoefte Koop
Rij 2^ 1
Vrij/kavel Appartement Patio
90-120
3.150
35-65
+
++
++
+
++
Toelichting: Patio betreft een grondgebonden, levensloopgeschikte woning. Verder '+' en '++' = vraag is (veel) groter dan het aanbod Vanwege vorenstaande heeft het project Tusken de Fearten een duidelijk prioritaire plek binnen de gemeentelijke woningbouwprogrammering gekregen en als onderdeel van de woonafspraken met de provincie. De toekomstig gewenste situatie uit gemeentelijk oogpunt is voor 2030 uiteindelijk dat er zodoende op de woningmarkt in Noardeast-Fryslân evenveel woningzoekenden zijn als dat er woningen bestaan. Daarmee wordt de woningmarkt in balans geacht. Uiteraard is voor ieder te realiseren woningbouwproject daarbij een goede ruimtelijke en stedenbouwkundige inpassing van belang. Ad 5. Ligt de ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip 'bestaand stedelijk gebied' vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: "het bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur". Het plangebied voor woningbouw is gesitueerd op agrarische cultuurgronden, buiten de bebouwde kom van Dokkum.
Het plangebied geldt dan ook als buitenstedelijke uitleglocatie en is geen onderdeel van bestaand stedelijk gebied. De locatie sluit op zekere afstand wel aan op de bebouwde kom van Dokkum. Aan de overzijde van het water van de Wâldfeart (in aantakking op de Dokkumer Ie), aan de oost- en zuidkant van de planlocatie, liggen woonbuurten (De Woudhorne en De Trije Terpen) met bijbehorende stedelijke voorzieningen (infrastructuur en stedelijk groen). Zuidwestelijk is bedrijvigheid gesitueerd. Daarom is de planlocatie onderdeel van het bestemmingsplan Regiostad dat voor grote delen van de stad geldt, alsmede de direct omringende landerijen, oftewel de stedelijke gronden binnen en buiten de bolwerken. 4.9.4
Conclusie
Geconcludeerd kan worden dat het woningbouwplan voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Het plan voorziet in een kwantitatieve en kwalitatieve behoefte. Deze behoefte wordt opgevangen in bestaand stedelijk gebied.
47
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
4.10 Overig 4.10.1
M.e.r.-verantwoording
De bij elk ruimtelijk plan uit te voeren m.e.r.-beoordeling houdt in dat nagegaan moet worden of er activiteiten plaatsvinden die negatieve effecten op het milieu kunnen hebben. De grondslag hiervoor is enerzijds het Besluit m.e.r. (Besluit milieueffectrapportage) en anderzijds de hiervoor beschreven onderzoeken. De activiteiten die in het plangebied worden beoogd, overschrijden geen drempelwaarden in de D-lijst van het Besluit m.e.r. Voor het bestemmingsplan geldt daarom geen plan-MER. Wel is de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling van toepassing. Op 7 juli 2017 is hiertoe een wetswijziging van het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.) in werking getreden. Hierdoor dient voor projecten die op de D-lijst van het Besluit m.e.r. voorkomen, maar geen drempelwaarden overschrijden, in het kader van de m.e.r.-beoordeling een m.e.r.-aanmeldnotitie te worden opgesteld. Het planvoornemen kan worden geplaatst in categorie D11.2 betreffende ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. Het opstellen van een m.e.r.-aanmeldnotitie is aan de orde als een private partij de initiatiefnemende partij is. Wanneer planontwikkeling door de gemeente wordt begeleid en gecoördineerd ligt dit genuanceerder.
De m.e.r.-beoordelingsbeslissing en motivering daartoe is uiteindelijk een verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag, die voor activiteiten beneden de drempelwaarden moet nagaan en motiveren of er - op basis van alle relevante (Europese) criteria - belangrijke negatieve milieugevolgen zijn uit sluiten. De gemeente stelt daartoe een m.e.r.-beoordelingsbesluit vast. In de onderstaande alinea's wordt ingegaan op de relevante kenmerken van het plan alsmede de wezenlijke effecten die het plan op de omgeving kan veroorzaken. Kenmerken van het project De kenmerken van het project moeten in aanmerking worden genomen en met name: de omvang van het ontwerp van het gehele project; de cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde projecten; het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, met name land, bodem, water en biodiversiteit; de productie van afvalstoffen; verontreiniging en hinder; het risico op zware ongevallen en/of rampen die relevant zijn voor het project, waaronder rampen die worden veroorzaakt door klimaatverandering; de risico's voor de menselijke gezondheid; Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op de stedelijke afronding van de westrand van Dokkum. Hierbij worden 29 woningen op een bestaand agrarisch perceel mogelijk gemaakt. De verontreiniging of hinder die het planvoornemen veroorzaakt is beperkt van aard.
Er worden immers geen nieuwe hinderveroorzakende functies gerealiseerd. Op het eigen terrein van de woningen is voorzien in parkeerruimte. Ook voorziet het plan in de benodigde ontsluiting evenals groen- en watervoorzieningen. Ten opzichte van het bestaande gebruik als agrarisch perceel is er sprake van een verkeersaantrekkende werking in het plangebied. Uit paragraaf 2.7 blijkt echter dat deze verkeersaantrekkende werking niet voor een onevenredige aantasting van het verkeersnetwerk zorgt. Voorts blijkt uit paragraaf 4.6 dat het plangebied zich buiten invloedsgebieden van risicobronnen bevindt. Daarnaast blijkt uit paragraaf 4.7 dat het plan slechts in niet betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit.
48
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Plaats van het project De kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop het project van invloed kan zijn moet in aanmerking worden genomen, en met name: het bestaande en goedgekeurde landgebruik; de relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regenaratievermogen van natuurlijke hulpbronnen in het gebied en de ondergrond ervan; het opnamevermogen van het natuurlijke milieu; Het plangebied bevindt zich buiten het bestaand stedelijk gebied van Dokkum. Ten zuiden van het plangebied loopt de Wâldfeart. Ten noorden van het plangebied bevindt zich de Birdaarderstraatweg. Een ecologische analyse heeft uitgewezen dat de voorgenomen ontwikkeling niet leidt tot negatieve effecten op het NNN, natuur buiten het NNN of weidevogelleefgebied.
Kenmerken van potentiële effecten De waarschijnlijkheid aanzienlijke milieueffecten van projecten moeten, in samenhang met de hierboven uiteengezette criteria, in aanmerking worden genomen, met inachtneming van: de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten; de aard van het effect; het grensoverschrijdend karakter van het effect; de intensiteit en complexiteit van het effect; de waarschijnlijkheid van het effect; de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; de cumulatie van effecten met de effecten van bestaande en/of goedgekeurde projecten; de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen; Relevante milieuaspecten zijn in voorgaande paragrafen afdoende aan de orde geweest. De uitgevoerde onderzoeken of analyses in kader van de milieuaspecten geven geen aanleiding om significant negatieve milieueffecten te verwachten. Potentieel aanzienlijke effecten op de directe woon- en leefomgeving wijzigen niet significant als gevolg van de ontwikkeling van het plangebied. Het project is onomkeerbaar maar niet van negatieve invloed op natuurwaarden. Er is geen sprake van cumulatie van effecten met effecten van andere projecten. Conclusie Op basis van het voorgaande en van de uitkomsten van het omgevingsonderzoek zoals dat hiervoor in hoofdstuk 4 is toegelicht, kan worden geconcludeerd dat de effecten op het milieu beperkt zijn.
Op grond hiervan kan het bevoegd gezag het besluit nemen dat er geen aanleiding is voor het doorlopen van de uitgebreide m.e.r.-procedure. 4.10.2
Kabels en leidingen
In het plangebied kan nutsinfrastructuur zijnde de gebruikelijke huisaansluitingen betreffende gas, water, elektriciteit, kabel en/of telecom aanwezig zijn. Er is echter geen sprake van de aanwezigheid van planologisch relevante kabels en leidingen die een belemmering voor de uitvoering van het planvoornemen zou kunnen opleveren. 4.10.3
Duurzaamheid
Vanaf 1 januari 2021 moet alle nieuwbouw voldoen aan de eisen voor BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) waarmee is vastgelegd dat energiebronnen voor gebouwen in bepaalde mate duurzaam moeten zijn. In het nationaal energieakkoord voor duurzame groei is afgesproken dat de energievoorziening in 2050 geheel klimaatneutraal is. Voor de gebouwde omgeving betekent dat er geen aardgas meer gebruikt mag
49
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
worden voor het verwarmen van gebouwen: de warmtetransitie (Energierapport van het ministerie van Economische Zaken). Basale keuzes in het licht van het beleid zijn dan ook de volgende: Kies voor aardgasgasvrij. Een investering in een gasnet heeft een afschrijvingsduur van 60 jaar, daarom is het van belang om nieuwe gebouwen nu al niet meer op het aardgasnet aan te sluiten en dit nadrukkelijk na te streven. Verwacht wordt dat de aansluitplicht voor de netbeheerders komt te vervallen. Kies voor maximale isolatie. Kies voor zongericht verkavelen en dakoppervlakken die geschikt zijn voor zonne-energie. Maak een afweging voor collectieve duurzame warmtevoorzieningen of individuele (Warmte Koude Opslagsystemen, zonnecollectoren en dergelijke).
50
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische toelichting
Algemeen
Het beleid en de planuitgangspunten, zoals verwoord in de vorige hoofdstukken, hebben in de regels van dit bestemmingsplan hun juridische vertaling gekregen in de vorm van bestemmingen. Deze paragraaf bespreekt de juridische vormgeving van het plan. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bevat de regeling voor de opzet en de inhoud van een ruimtelijk plan. In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is deze regeling verder uitgewerkt. Het plan bestaat uit: een verbeelding van het plangebied, zowel analoog (bestaande uit een kaartblad, schaal 1:1.000 met bijbehorende legenda en verklaring) als digitaal, waarin alle bestemmingen van de gronden worden aangewezen; de regels waarin de bestemmingen worden beschreven en waarbij per bestemming het doel wordt of de doeleinden worden genoemd. Op grond van artikel 3.1.6 van het Bro is het verplicht om een bestemmingsplan te vergezellen van een toelichting. Deze toelichting geeft aan welke gedachte aan het plan ten grondslag ligt en wat de uitkomsten van verrichtte onderzoeken zijn. Hiermee voldoet het bestemmingsplan aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wro en het Bro. Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om plannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld.
De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe plannen volgens de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het plan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld volgens deze standaarden. Het bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting wordt langs elektronische weg vastgelegd en ook in die vorm vastgesteld, tegelijk met een analoge versie van het bestemmingsplan. Als de digitale en analoge versie tot interpretatieverschillen leiden, is de digitale versie leidend. Hieronder worden de aanwezige planregels puntsgewijs besproken.
5.2
Bestemmingsplanregels
In het navolgende wordt de algemeen gehanteerde opbouw van de regels toegelicht. Deze ziet er als volgt uit: Hoofdstuk 1 Inleidende regels; Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3 Algemene regels; Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels. De tekst hieronder bespreekt deze hoofdstukken puntsgewijs. 5.2.1
Inleidende regels
Dit onderdeel bestaat uit de begrippen en de wijze van meten. Deze artikelen geven aan wat in de regels onder bepaalde begrippen moet worden verstaan en hoe moet worden gemeten bij de toepassing van de bouwregels of sommige gebruiksregels van het plan. Dit is alleen het geval wanneer begrippen niet op voorhand voor een eenduidige uitleg, in overeenstemming met normaal spraakgebruik, vatbaar zijn. Alle begrippen zijn in alfabetische volgorde opgenomen, met uitzondering van de eerste begrippen 'plan' en 'bestemmingsplan'.
51
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
5.2.2
Bestemmingsregels
In hoofdstuk 2 staan de bestemmingen. Deze worden hieronder kort toegelicht. De opgenomen regelingen zijn afgestemd op het beeldkwaliteitsplan als opgenomen in 'Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan' van deze bestemmingsplantoelichting. Agrarisch - Extensief beheer De gronden om de twee terpen heen zijn bestemd als 'Agrarisch - Extensief beheer'. Voor deze gronden wordt de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden nagestreefd. Verder zijn onder andere paden en sloten toegestaan. Gebouwen en overkappingen mogen niet worden gebouwd. Voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt een gebruikelijke regeling voor agrarische gronden, te weten erf- en terreinafscheiding tot een hoogte van 1,00 m, en andere overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, tot ten hoogste 5,00 m. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het toestaan van een nestkast op een paal. Opslag van mest en (vee)voer is niet toegestaan. Het dempen en/of graven van sloten en andere watergangen en/of waterpartijen, net als het afgraven en egaliseren van gronden, evenals het aanleggen van paden dan wel het aanbrengen van oppervlakteverhardingen, met uitzondering van kavelontsluitingswegen, is vergunningplichtig. Groen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor onder andere groenvoorzieningen, paden en speelvoorzieningen.
Gebouwen en overkappingen mogen niet worden gebouwd. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn onder voorwaarden toegestaan. Verkeer - Verblijf De weg die de woningen ontsluit op de Birdaarderstraatweg heeft de bestemming 'Verkeer - Verblijf'. Deze gronden zijn bestemd voor onder andere wegen, straten en parkeervoorzieningen. Gebouwen en overkappingen mogen niet worden gebouwd. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn onder voorwaarden toegestaan. Water De waterstructuur om de terpen heen heeft de bestemming 'Water'. Deze gronden zijn bestemd voor onder andere waterlopen, bermen en aanleggelegenheden. De aanleggelegenheden mogen niet worden gebruikt als ligplaats voor woonschepen. Wonen - Natuur- en landschapsinclusief De woningen zijn bestemd als 'Wonen - Natuur- en landschapsinclusief'. Bij realisatie wordt natuurinclusief bouwen en landschapsinclusief handelen nagestreefd. De woningen moeten in de aangeduide bouwvlakken worden gebouwd. Ze worden gebouwd in ieder geval met minimaal een punt van de voorgevel van de woning gesitueerd in de aanduiding "gevellijn". De voorgevel van een woning moet deze aangeduide "gevellijn" dus in ieder geval raken, waarbij het van belang is dat de richting van het hoofdgebouw is afgestemd op de kavelrichting.
Een uitzondering voor het bouwen rakend aan de gevellijn is opgenomen voor het westelijke deel van de waterterp, ter plaatse van de aanduiding "specifieke bouwaanduiding afwijking gevellijn". Hier is het toegelaten om het hoofdgebouw in afwijking van de aangeduide "gevellijn" op een afstand van niet meer dan 2,00 m te realiseren. Verder is het maximum aantal wooneenheden binnen de bouwvlakken aangeduid. De maatvoering wat betreft maximale goot- en bouwhoogte is in de regels vastgelegd. Op de verbeelding is het maximum aantal bouwlagen vastgelegd. Voor de oostzijde van de weideterp is met de "specifieke bouwaanduiding zadeldak" op de verbeelding vastgelegd en in de regels geborgd dat de woningen moeten worden voorzien
52
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
van een zadeldak. Wat betreft de waterterp geldt ter plaatse van de "specifieke bouwaanduiding - afstand perceelsgrens 1" dat de afstand van het hoofdgebouw of blok van aaneen te bouwen hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens minimaal 4,50 m bedraagt. Ter plaatse van de "specifieke bouwaanduiding - perceelsgrens 2" is dat in geval van de weideterp 5,00 m. Om te voorkomen dat er binnen een zone van 5,00 m vanaf het water gebouwen worden gebouwd, is de "specifieke bouwaanduiding - bebouwingsvrije zone" op de verbeelding aangebracht. Ter plaatse van deze aanduiding mogen geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd. Ook het vergunningsvrij bouwen op grond van bijlage II uit het Besluit omgevingsrecht (Bor) is verboden. Onder voorwaarden is voorts per woning een beroep- en bedrijf aan huis toegestaan. Van een aantal bouwen gebruiksregels kan worden afgeweken middels binnenplanse omgevingsvergunning. 5.2.3
Algemene regels
In hoofdstuk 3 zijn de algemene regels opgenomen. Deze worden hieronder kort toegelicht. Anti-dubbeltelregel Het doel van de anti-dubbeltelregel is om te voorkomen dat, wanneer volgens een plan bepaalde gebouwen niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Kort gezegd, komt het erop neer, dat grond die één keer in beschouwing is genomen voor het toestaan van gebouwen, niet een tweede maal mag meetellen voor de toelaatbaarheid van andere gebouwen, als die grond inmiddels tot een ander bouwperceel is gaan behoren. Algemene bouwregels In de algemene bouwregels is een mogelijkheid opgenomen voor het overschrijden van bouwgrenzen door ondergeschikte bouwonderdelen. Algemene gebruiksregels In de algemene gebruiksregels is aangegeven welke vormen van gebruik in elk geval strijdig zijn met en toegestaan zijn in de bestemmingen. Bijzonderheid in dezen is de voorwaardelijke verplichting die is opgenomen door het beeldkwaliteitsplan als 'Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan' met de regels te verbinden. Deze voorwaardelijk verplichting ziet er op dat het strijdig is de gronden en bouwwerken in het plangebied te gebruiken zonder dat de in het beeldkwaliteitsplan omschreven groene, natuurlijke inrichting is gerealiseerd en in stand wordt gehouden.
Algemene afwijkingsregels In de algemene afwijkingsregels staan een aantal bepalingen opgenomen die het mogelijk maken om het plan op ondergeschikte punten aan te passen. Omdat dit zich niet beperkt tot één bestemming, maar bij diverse bestemmingen gewenst of noodzakelijk kan blijken, zijn deze regels in beginsel op alle bestemmingen van toepassing. Het verlenen van een omgevingsvergunning met afwijking mag geen automatisme zijn. Het verlenen van de vergunning wordt zorgvuldig afgewogen en gemotiveerd. Overige regels De overige regels bevatten de parkeernormen, om te waarborgen dat sprake is van voldoende parkeergelegenheid.
53
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
5.2.4
Overgangs- en slotregels
In dit hoofdstuk zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen. Voor de redactie van het overgangsrecht geldt het Besluit ruimtelijke ordening. Bebouwing die niet voldoet aan de bepalingen van dit bestemmingsplan is onder het overgangsrecht gebracht. Een geringe uitbreiding van de bebouwing met 10% wordt mogelijk gemaakt. Het gebruik van gronden en bebouwing dat in strijd is met dit nieuwe bestemmingsplan op het tijdstip van inwerkingtreding, mag in beginsel worden voortgezet. Wijziging van dit strijdige gebruik is verboden, indien de afwijking van het plan wordt vergroot. Indien het strijdige gebruik, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. In de slotregel wordt aangegeven onder welke titel het bestemmingsplan wordt vastgelegd.
54
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Hoofdstuk 6
Uitvoerbaarheid
Wettelijk bestaat de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheid van een bestemmingsplan. Onderdeel hiervan is de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid. Ook wordt in dit hoofdstuk aandacht besteed aan het aspect grondexploitatie.
6.1
Economische uitvoerbaarheid
6.1.1
Grondexploitatie
Indien er sprake is van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 Bro stelt de Grondexploitatiewet als onderdeel van de Wro een gegarandeerd kostenverhaal als eis aan bestemmingsplannen. Onder een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 Bro wordt onder meer de bouw van één of meer woningen verstaan. Dit bestemmingsplan maakt derhalve een bouwplan mogelijk. Een zogenaamd exploitatieplan dient verplicht onderdeel uit te maken van het bestemmingsplan, tenzij de kosten bij de vaststelling van het bestemmingsplan anderszins zijn verzekerd. Dan vervalt deze verplichting. De gemeenteraad moet wel expliciet besluiten dat een exploitatieplan niet wordt vastgesteld, omdat de uitvoerbaarheid anderszins verzekerd is. Bij de exploitatie van de (bestemmings-)planopzet wordt uitgegaan van de volgende aannames: het gebied wordt in eigen beheer bouw- en woonrijp gemaakt; de (bouwrijpe) kavels worden in eigen beheer uitgegeven; er wordt uitgegaan van een vraaggerichte verkaveling en fasegewijze ontwikkeling van het plangebied. Naast de gemeentelijke grondpositie van 70% is er ook een private partij die een grondpositie heeft van circa 30%. De gemeente is penvoerder en ontwikkelt het exploitatiegebied. De private partij draagt bij in de exploitatie. Een en ander wordt vastgelegd in een exploitatieovereenkomst.
Door marktgerichte verkoopprijzen en aanvullende subsidies en bijdragen moet de exploitatie van het plan economisch uitvoerbaar zijn. 6.1.2
Planschadeverhaal
Door het opstellen van dit nieuwe bestemmingsplan voor de betreffende gronden is er de kans dat door eigenaren van gronden in de omgeving van het plangebied nog bij de gemeente op grond van artikel 6.1 Wro een verzoek tot tegemoetkoming in de planschade wordt ingediend. Diegenen die schade lijden door de bestemmingsplanherziening omdat hun onroerend goed in waarde vermindert, kunnen de schade verhalen (voor zover deze redelijkerwijs niet voor de aanvrager behoort te blijven) wanneer dit boven de 2% van de waarde van het onroerend goed uitkomt. De gemeente laat een planschadeanalyse uitvoeren en de eventuele schade wordt meegenomen in de grondexploitatie.
55
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
6.2.1
Overleg ex art. 3.1.1 Bro en inspraak
In het kader van het bestuurlijk vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 Bro is het voorontwerp bestemmingsplan aan verschillende maatschappelijke instanties aangeboden die daarmee in de gelegenheid zijn gesteld om een overlegreactie op het plan in te dienen. Het plan heeft eveneens van 3 augustus tot en met 14 september 2023 als voorontwerp ter inzage gelegen en is raadpleegbaar gesteld via de gemeentelijke website en de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Er bestond voor iedereen de mogelijkheid voor het schriftelijk indienen van reacties, alsook dat mondeling gereageerd kon worden op het voornemen van woningbouwontwikkeling van voorliggend bestemmingsplan. De behandeling van de overleg- en inspraakreacties heeft plaatsgevonden in 'Bijlage 11 Nota van vooroverleg en inspraak' van dit bestemmingsplan. Als bijlage van de Nota van vooroverleg en inspraak zijn alle origineel ingekomen reacties in geanonimiseerde vorm opgenomen. De nota van inspraak en vooroverleg geeft een samenvatting van de ontvangen reacties en de gemeentelijke beantwoording daarop, alsmede in hoeverre dit tot planaanpassing richting het ontwerp bestemmingsplan heeft geleid. 6.2.2
Tervisielegging ontwerpbestemmingsplan
Het ontwerpbestemmingsplan is overeenkomstig artikel 3.8 van de Wro ter inzage gelegd voor het indienen van zienswijzen. De zienswijzen zijn samengevat en behandeld in een 'Nota van Zienswijzen' die als 'Bijlage 12 Nota van zienswijzen' bij dit bestemmingsplan is gevoegd.
56
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Bijlagen bij toelichting
57
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
58
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Bijlage 1 Stedenbouwkundige ontwerptekening
59
+1,
vloerpeil +1,15
D 3245
3000,00
K4
D 3313
3000,00
D 561
D 3248
K15
D 3276
rpeil vloe 0 +1,1
D 3252
K16
127
rpeil vloe 0 +1,1 3000,00
12000,01
D 3263 24255,01 3000,00
D 3274
K17
rpeil vloe 0 +1,0
D 3246
D 512
D 3271
143
5800,00
D 342 5500,00
K18
D 3244
D 3262 D 1756
rpeil vloe 0 +1,0
D 3254
3000,00
D 3270 D 3267 R6000,00
K19
D 3251
Leppa straatweg
R6000,00
Birdaarder
4500,00
eil vloerp 0 +1,0
De Woudhorne
1500,00 R8000,00 4500,00
2,5%
eil vloerp 0 +1,0
6000,00 4500,00
rpeil vloe 0 +1,0
rpeil vloe 0 +1,0
eil vloerp 0 +1,0
eil vloerp 0 +1,0
rpeil vloe 0 +1,0
5503,58
K24
K25
K22
K23
R8000,00
D 3277
K20
K21
D 3259 D 925
D 582
1500,00 6000,00
2,5%
4500,00
D 525 D 825
1500,00 6000,00 4500,00
2,5%
27000
D 3275
28600
D 1757
30000
D 2953
31700
D 3201
82
44
52 D 824 D 858
43 B 1278
D 2205
54
13700
nhelen
trook aa
wandels
16700
brêge
12800
Sylsrieds
D 2206
D 914
43A
84T D 2210 D 840 D 2727
42
D 871
50 D 1351 D 818
74
D 913 D 886
56
41 76 D 872
D 868
D 924
D 841
D 2209
D 2728
72
82A
D 1362
40 48
78
D 819 D 912
plateau verkeers
D 583
92
58
D 869 D 929 D 2729
D 918
D 828 D 2208
70
B 1979
D 842
D 2955
wandel- en fietspad
141 straatweg Birdaarder
94
80
D 928
D 2289 D 820
46 68
D 930
D 2730
38
D 844
D 829
landhek
D 870 D 1082
98
B1
* 7m 14,5m
767 m²
2m * 6m
D 849
34
28
102
vernatting
P
P P
2m * 6m (langs
D 1354
D 822
30
45 D 3197
D 845
D 915
2m * 6m (langs parkeren)
104
529 m²
2m * 6m (langs parkeren)
10,74m
B 1439
D 900
D 847
D 846
D 833
ren) parke
P
32 D 2732
35
65
D 1507 D 899
106 D 855
P
59 D 2919
57
D 1355
D 931
D 767
D 854
B 1330
61
B2
D 1357
D 1422
13,5m *
9m
D 769
D 1173
2m * 6m (langs parkeren)
A3
P
* 10,74m
6,25m
P
P
B 1643
73
D 1073
D 1423
4650
71
0
00
D 1075
25
69 B 1187 D 1077
67
m * 6,25
10,74m
D 2288
33
B 1260
D 1074
1110
507 m²
2m * 6m (langs parkeren)
D 1358
59T
27 D 817 D 853
waterberging
D 770
77
D 1356
d
D 883
D 1078
29
114
P
472 m²
P
m
10,74m
Sylsrie
P
2m * 6m (langs parkeren)
A5
P
D 1359
112 Alde
P
2m * 6m (langs parkeren)
2m * 6m (langs parkeren)
13,5m * 9m
D 1072
110
A4
groenplan P woord P woonterpen wordt nog P uitgewerkt.
B4
75
108 D 1076
514 m²
P
P
2m * 6m (langs parkeren)
826 m²
818 m²
B 1438
D 1508
63
D 2319
D 1421
0
10050
* 6,25
P
2m * 6m (langs parkeren)
B3
37 53
55
A2
P
51
84
D 832
6,25m
P
D 885
36
A1 * 10,74m
D 916
47
49
D 1071
100
P
ren)
parke (langs
P
ren) parke (langs
2m * 6m
95000
D 848
D 2917
537 m²
P
86
D 2915
D 1365
natuurlijke fietsen wandelpaden
D 831
P
P
64
D 1070
38000
P
D 873
D 2913
m
D 599
D 888
39
D 1245
weidevogels
grazend vee
66 D 1069
88
P
weg erstraat Birdaard
D 1364
D 2053
P
13100 88
62
90 96 D 830
9m 13,5m *
926 m²
bestaande boomwal aanvullen
D 1426
D 2731 D 1068
35300
B2
D 1425
60
31750
landhek
D 843
De Woudhorne
13700
D 1247
D 1246
82
D 1410
D 2203
D 1353
D 2603
* 6,25
B 1379 D 1079
P
P
2m * 6m (langs parkere
P
A6
D 590
* 6m
(lan
P
gs par keren)
486 m² P
A8
(la ng s pa rke ren)
14,5m * 7m
* 6m
m
P (la ng s pa rke
* 6m
120
D 837 D 1086 D 2923 D 1363
81 D 906
D 838
D 908
101
D 2925
"plas-dras" rietoevers
D 839
D 2927
D 774
D 905
130
150
D 857
D 910
83
148
B9
P
P
D 904
D 1399
rietoevers D 816
* 7m
P
651 m²
14,5m
P
P
(la ng s pa rke ren)
D 881
D 1085
103
P
2m
837 m²
* 6,25
10,74m
ren)
P
B6
P
natuurlijk, landschappelijk beeld
D 907
dijk
* 6m
(la ng s pa rke ren)
122
495 m²
P
2m
2m
31 118
ezem
* 6m
6,25m
D 1360
105
e) bo
2m
D 602
146 132 D 903
B7
,5m 14
m *7
Trafo 13,5m * 9m
D 601
vee
P
P
P
* 10,74m
96000 43000
D 1080
D 836
malig
A7
2m
el grepp hap landsc
zitplekken
D 882
79
126 124
107
(voor
13,5m * 9m
6,25m
P
884 m²
D 2204
116
* 10,74m
D 2921
446 m²
n)
B5
P
bestaande boomwal aanvullen
128
821 m²
biodiversiteit
Rioolgem.
134 D 909
D 815
D 1400
144 83A
B8
D 600
weideterp
85
D 1417
D 814 D 877
D 1361
wandel- en fietspad
99 D 1416
D 901
138 87
D 2384 D 775
140
valhek D 875
142
D 2929
97
valhek
D 880
D 876
89
2
3
0
D 598
136 D 878
702 m²
8200
ecologisch agrarisch beheer
D 874
D 2383
D 3196 D 2211 D 879
C2
608 m² P
850
00
91
D 1083
D 1084
Pliniusplein
P
D 2385
m
6,25 4m *
10,7
D3
D 2933
* 6m
* 6m
513 m²
P
keren)
keren)
gs par
gs par
(lan
P
(lan
m
* 6m
kere
gs par
(lan
n)
gs par (lan
0
* 6m
7800
2m
2m keren)
95
P P
m * 9m
D 1087
m * 6,25
D 2931
D5
487 m²
2m * 6m
P
(la
ng
s pa
en
13,5
1503 m²
rker
)
* 10,74m
6,25m
P
m * 9m
P P
P
C3
D 2935
13,5m
* 9m
2m *
6m (lan
gs park
eren
)
2m *
2m
P
eren
)
P P park
2m *
6m (lan
6m (lan
eren
* 6m
boezempeil -0.52 nap
P P
gs park
) eren
D 3026 D 2391
20
landhek met valhek
mogelijke toekomstige brug.
13 9 D 3027
D 2392
13,5
D 2949
24
D 2948
D 2393
16
11 D 3227
22
894 m²
14
D 2433
Fibula
bestaande dam
7
D 2985
27
E3 E2
N
D 2751
876 m²
D 2934
18
D 2432
15
D 776
m * 9m
* 7m 10m
P
17
E4 * 10m
D 2390
(lan
)
gs park
)
m * 9m 13,5
6m (lan
gs park
(langs
eren
P
14m
22 D 2431
P
P
* 7m
6m 2m *
P P
D 3017
787 m²
keren)
P
10m
86
P P
24
11
gs par
2m *
D 596
P
* 10m
P
14m
15
0
groenplan woord woonterpen wordt nog uitgewerkt.
D 2389
7000
P
P D 2932
D 2936
538 m²
10,74m
E1 bebouwingsvrije strook; "plas-dras" rietoevers
0 3500
D4
P
13,5
C1a
962 m²
O 554
* 6,25
10,74m
P
P
waterterp
wandelen fietspad
2m
2m
valhek
C1b
993 m²
4
1
D 902
D 2947
2
D 2394
13
D 2601 D 2576
20 D 2674 D 2946
1420 m²
9 D 3054
D 2395
12
18 29 11 O 555
D 2434
D 2622
5
4 10
D 2892
D 2396
Rhoder
D 3002
art
terp
Terpfe
aanlegsteiger (met pad) indien brug aangelegd wordt (verplaatsen peilscheiding)
D 2650
7
D 3089
9
D 2891
14
31 D 2232
16086B D 2397
D 2609
Sprien
6
D 2993
Gemeente Noardeast-Fryslân 3
D 2899 D 2708
O 557
8
D 2435
s
polderpeil -1,00 a -1,20 nap
Tussen de Vaarten
16
D 2997
10
Opdrachtgever D 2398
6 D 2986
5
7 D 2651
D 3136
Rhoder
8
4
33
D 3218
12
D 2399
terp
D 2900
D 3095
D 3082
plankaart met best. dam
10
18
D 864
D 3053 D 3162
Onderwerp 2
D 2436
1
8
D 2400
6
12
5
14
DO
D 3083 D 3057
16 D 3032
3
35 D 2703
D 2675
D 3155
8
20 D 2837
Lytselaard
6
3
B12-17-01
D 2702
10
D 3163
D 3048
37
D 3029
D 2937
4
Rhoderterp
Blad / formaat A1
1
D 2687
3
4
1:1000 22-04-2024 .. MAB
D 3286
1
D 3093
5
2 D 3317
D 2907
12
D 2688 D 2600
39
D 3164
22
D 3159
D 3215
2
1
Alde Terp D 3318
D 2233 D 3100 O 556
7 Lytsel aard
D 3128
INFO@ADEMA-ARCHITECTEN.NL
24
D 3165
D 3034 21
D 2511 D 2973
13 D 2739 D 3131
24
VLEESMARKT 7 | 9101MH DOKKUM | 0519-295665
13 26
11
D 2972
22
OOSTERKADE 1 | 9711RS GRONINGEN | 050-2073141
24 D 3291
D 3098
18
IJSSELKADE 60 | 826 1A H KA M PEN | 0519-295665
D 2974
D 2971
D 3035
D 2575
19
D 3065
26 D 3166
22 9
32
11
D 2970
11
20 e K leff
ADEMA ARCHITECTEN
Schaal Datum Gewijzigd Getekend / Gezien
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
62
bestemmingsplan Dokkum - Tusken de Fearten
Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan
63
Tusken de Fearten Beeldkwaliteitsplan bebouwing, erfinrichting en openbare ruimte 23 april 2024
Impressie stedenbouwkundig plan Bron: Adema Architecten
2
Inhoudsopgave 1. Inleiding 05 2. Stedenbouwkundig plan 07 3. Beeldkwaliteit Weideterp 09 4. Beeldkwaliteit Waterterp 15 5. Beeldkwaliteit openbare ruimte
21
6. Overgangszone naar water en greppeltjesland
27
7. Aanbevelingen duurzaamheid en klimaat
29
Colofon 32
Titelpagina: Impressie Weideterp Bron: Adema Architecten
3
dock
Stads
Bir
weg
traat
ders daar
Wo
ne
or
h ud
Trije Terpen
n rr ei
Re
in ig in
gs
te
t
ks
l Vo
en
n ui
4
Geastmer Mar
Plangebied Bron: ArcGisonline.nl
1. Inleiding Aanleiding De gemeente Noardeast-Fryslân wil een toekomstgericht, duurzaam, natuur- en landschapsinclusief uitbreidingsplan ontwikkelen voor het gebied Tusken de Fearten. Dit plan vormt de afronding van Dokkum aan de westzijde van de stad. Beleidsmatig is de drager van de stedelijke ontwikkeling ter plaatse de structuurvisie Bundelingsgebied Regiostad (vastgesteld eind 2009) en de Stadsrandvisie It Nije Bolwurk (definitieve versie, juli 2010). De Structuurvisie Bundelingsgebied Regiostad Dokkum is een belangrijke aanzet geweest voor de versterking van de westelijke kant van Dokkum. Uitgangspunt was lange tijd de gedachte om de Centrale As via de westkant van de stad aan te leggen maar dat is uiteindelijk de oostkant geworden. Om te voorkomen dat de westkant hierdoor aan aantrekkelijkheid zou inboeten, heeft de gemeente meer ingezet op versterking van dit gebied (waaronder de aanleg van een westelijke rondweg). De belangrijkste ontwikkelingen van de structuurvisie met dat perspectief zijn uitgewerkt in verschillende (deel)visies, waaronder de voor het woningbouwproject Tusken de Fearten relevante Stadsrandvisie It Nije Bolwurk.
Doel en status Dit beeldkwaliteitsplan geeft welstandscriteria voor de vormgeving van de nieuwe woningen en de vormgeving van de erfafscheidingen. Daarnaast wordt een beeld geschetst van de openbare ruimte in het plangebied. De nieuwe woningen moeten worden ontworpen op basis van deze welstandscriteria. Ter inspiratie zijn referentiebeelden opgenomen. Het beeldkwaliteitsplan geeft daarmee de omgeving en de toekomstige bewoners vooraf duidelijkheid en zekerheid over het bebouwingsbeeld in de nieuwe woonwijk (de eindsituatie).
Met dit beeldkwaliteitsplan is in woord en beeld de na te streven ruimtelijke kwaliteit van de eindsituatie vastgelegd. Het beeldkwaliteitsplan wordt door de gemeenteraad vastgesteld als onderdeel van de Welstandsnota. De borging van de ruimtelijke kwaliteit vindt plaats door de toetsing van de aanvraag omgevingsvergunning aan redelijke eisen van welstand. Dit gebeurt door de welstandscommissie met de welstandscriteria uit het beeldkwaliteitsplan.
Leeswijzer Het beeldkwaliteitsplan start met algemene inleiding. Hoofdstuk 2 beschrijft het stedenbouwkundig plan en geeft de indeling in deelgebieden. Per deelgebied zijn in hoofdstuk 3 en 4 de welstandscriteria beschreven voor de vormgeving van de woningen en de erfafscheidingen op de Weide- en Waterterp. Ter illustratie van het gewenste beeld en verduidelijking van de welstandscriteria zijn referentiebeelden opgenomen. Hoofdstuk 5 beschrijft het beeld van de openbare ruimte en in hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de overgangszone naar water en greppeltjesland. In hoofdstuk 7 zijn aanbevelingen opgenomen ter bevordering van de duurzaamheid en het klimaat.
Bronvermeldingen Bij de (referentie)beelden is een bronvermelding opgenomen. Mocht u een afbeelding treffen met een onjuiste vermelding of mocht er sprake zijn van een onrechtmatige publicatie, neemt u dan contact met ons op zodat wij dit aan kunnen passen.
5
K24
K25
l
vloerpei 0 +1,0
l
vloerpei 0 +1,0
rpeil vloe 0 +1,0
rpeil vloe 0 +1,0
l
vloerpei 0 +1,0
Leppa raatweg
Birdaarderst
2,5%
l vloerpei 0 +1,0
rpeil vloe 0 +1,0
K22
K23
D 3277
K20
K21
D 3259
D 925
D 582
2,5%
D 525
D 825
2,5%
27000
D 3275
28600
D 1757
31700
30000
D 2953
D 3201
D 2206
D 914
43A
44
52
D 824
D 858
43 B 1278
D 2205
54
13700
16700
wandels
12800
n
nhele trook aa
rêge
Sylsriedsb
84T D 2210
D 840
D 2727
42
D 871
50 D 1351 D 818
74
D 913
D 886
56
41
76
D 872
D 868
D 924
D 841
D 2209
D 2728
72 D 1362
40
48
78
plateau
verkeers
D 583
D 819 D 912
92
58
D 869 D 929 D 2729
D 828
wandel- en fietspad
141 traatweg
Birdaarders
D 918
D 2208
70
D 2955
D 842
94
80
D 928
68
D 2289
D 820
46
D 930
D 2730
38
D 844
90
* 7m (langs
P
A1
P P
2m * 6m (langs
parkeren)
2m * 6m (langs parkeren)
P
P
2m * 6m (langs parkeren)
10,74m
D 1354
D 3197
63
D 2319
D 1508
D 2732
35
65
D 1507
D 899
106 D 855
57
D 1355
D 931
D 854
61
D 1357 D 1173
108
P
110
Sylsried
P P
2m * 6m
(langs parkeren)
D 2204
P
* 6m
P P P
495 m²
P
P P
P
P
D 1086
D 1363
D 881
D 906
D 908
101
"plas-dras" rietoevers
D 839
D 2927
D 774
D 905
150
130
D 857
D 910
83
rietoevers
D 904
D 1399
D 816
* 7m
P
146
132
D 903
biodiversiteit
Rioolgem.
134 D 909
D 815
D 1400
144
B8
weideterp
81 D 1085
103
D 838
D 2925
148
Trafo 13,5m * 9m
120
651 m²
14,5m
P
ren)
D 907
D 837
B9
(lang
* 7m
31
122
D 2923
ijk zemd
A8 m
* 6,25
D 1360
118
105
) boe
vee
P
P
96000 43000
D 1080
D 836
alige
(langs
(voorm
P
2m
P
* 6m
D 2203
D 882
79
126
124 107
s parke
14
821 m²
Alde
P
2m * 6m (langs parkeren)
n) 2m
D 883
D 1353
128
m
10,74m
P
D 1356
116
* 6,25
ren)
D 770
77
D 1078
D 2921
A7
s parke
ren)
D 1359
D 1079
446 m²
m
* 6,25
D 853
114
parkere
(lang
D 1358
D 817
112
D 2603
(lang
* 6m
67
A6
P
P
10,74m
10,74m * 6m
2m
s parke
D 2288
33
D 1075
69
waterberging
A5
ren)
(lang
71 D 1074
D 1077
472 m²
m
* 6,25
s parke
* 6m
73
D 1073
00
1110
59T
486 m²
2m
75
D 1076
P
2m * 6m (langs parkeren)
2m * 6m (langs parkeren)
2m * 6m (langs parkeren)
m
D 769
D 1072
D 1423
0
4650
507 m²
D 590
2m
83A D 874
136
D 878
702 m²
wandel- en fietspad
85
D 1417
D 814
D 877
D 1361
99
D 1416
D 901
138
87 D 775
140
valhek
8200
D 875
142
D 2929
valhek
97 D 876
D 880
89
0
ecologisch agrarisch beheer
45
104 D 1421
100500
* 6,25
10,74m
14,5m * 7m
D 600
D 847
D 846
D 915
A4
zitplekken
,5m
D 822
D 900
D 845
P
B7
34
55
102
D 833
514 m²
m
* 6,25
P
D 602
D 598
36 37
D 832
P
2m * 6m (langs parkeren)
10,74m
13,5m * 9m
B6
51
D 849
D 2917
A3
P
B5
837 m²
D 885
53
59
10,74m
D 601
D 1071
D 2919
P
natuurlijk, landschappelijk beeld
D 916
47
D 1422
2m * 6m (langs parkeren)
P 13,5m * 9m
D 848
49
84
vernatting
529 m²
m
* 6,25
P
818 m²
86
D 2915
D 1365
P
2m * 6m (langs parkeren)
P
95000
A2
P
groenplan P woord P woonterpen wordt nog P uitgewerkt.
B4
el grepp hap landsc
39
D 873
64
natuurlijke fietsen wandelpaden
D 831
100
537 m²
10,7
P
884 m²
D 888
D 1069
D 1070
38000
m
6,25 4m *
9m 13,5m *
826 m²
bestaande boomwal aanvullen
66
88
P
P
P
P
B3
D 599
D 1364
D 2053
98
D 2913
767 m²
P
parkeren)
9m
B1
14,5m
2m * 6m
P
P
13,5m *
weidevogels
grazend vee
62
D 1245
parkeren)
88
weg
erstraat Birdaard
D 1082
D 830
(langs
13100
bestaande boomwal aanvullen
D 1426
D 870
96
2m * 6m
B2
926 m²
D 1425
D 2731
D 1068
35300
D 1246
D 843
60
31750
landhek
landhek
82
D 1410
De Woudhorne
13700
D 829 D 1247
D 3196 D 2211
C2
D 879
608 m²
00
P P
2m
n)
n) * 6m
10,74m
m
* 6,25
* 6m (langs
parkere
P P s park
eren
)
parkeren
P
) 2m *
6m (langs
parkeren
P
)
P P
2m
* 6m
(langs
wâld
787 m²
boezempeil -0.52 nap
)
parkeren
P P
)
parkeren
)
parkeren
10m
P
17 D 3026
mogelijke toekomstige brug.
13 D 3027
15
D 776
13,5
m * 9m
* 7m
P P
landhek met valhek
m * 9m
P
15
D 3017
n)
parkere
13,5
6m (langs
P P
2m * 6m (langs
* 9m
6m (langs
P
P
* 7m
2m *
P
P
10m
86
6m (langs
feart
C3
D 2935
0 7000
groenplan woord woonterpen wordt nog uitgewerkt. 2m *
2m *
487 m²
m
* 6,25
P
P
* 10m
D 596
10,74m
P
P P
14m
95
D 1087
D 2931
D5
(lang
P
D 2936
m
* 6,25
P
* 6m
10,74m
3500
538 m²
n)
1503 m²
0
D4
)
2m
parkeren
P
(langs
P
0 7800
2m
E1
P
D 902
513 m²
P
parkere
parkere
(langs
(langs
* 6m
* 6m
P
2m
m * 9m
D 2932
962 m²
13,5
bebouwingsvrije strook; "plas-dras" rietoevers
993 m²
C1a
m * 9m
O 554
C1b
2m
waterterp
D3
13,5
wandelen fietspad
valhek
m
* 6,25
t
fear
wâld
D 1083
D 1084
13,5m
D 2933
10,74m
91
850
E4
D 2949
D 2751
24 D 2948
876 m² 14m
11 D 3227
22
E3
* 10m
E2
D 2985
27
bestaande dam
894 m²
D 2947
2
13
D 2601
D 2576
20 D 2674
1420 m²
D 2934
D 2946
9 D 3054
18
29
11
O 555
D 2622
D 2892
feart
D 3002
wâld
art
D 2650
16
D 2997
D 3089
10
9
D 2891
14
31 D 2232 D 2609
6
D 2993
Spriens
polderpeil -1,00 a -1,20 nap
Terpfe
aanlegsteiger (met pad) indien brug aangelegd wordt (verplaatsen peilscheiding)
4
D 2899 D 2708
O 557
D 2986
7 D 2651 D 3136
33
Rhoder
Stedenbouwkundig plan
8
D 3218
12
terp
D 3095
D 3082
18 D 864
D 3053 D 3162
D 2900
10
8
6
12
5
14
Bron: Adema Architecten
D 3083
D 3057
16
D 3032
35
D 2703
D 2675
D 2837
Lytselaard
6
3 D 2702
10
D 3163
D 3
8
20
D 3048
37
D 3029
D 2937
4
rt
D 2687
ea
3
ld f wâ
4
1
D 3093
5
2 D 3317
D 2907
12
D 2688 D 2600
39
D 3164
22
D 3159
D 3215
2
1
Alde Terp
D 3318
D 2233 D 3100 O 556
Lytsela
7
ard
D 3128
24
D 3165
6
D 2511 D 2973
13
D 2739
D 3131
24
13
26 11
D 2972
22
24 D 3291
D 3098
18
D 2974
D 2971 D 2575
D 3065
26 D 3166
22
9 32
11 D 2970
11
20
e K leff
De Woudhorne
2. Stedenbouwkundig plan 82
82A
Beschrijving B 1979
De invulling van het plangebied geeft vorm aan de overgang van stad naar landschap. Met de losliggende terpen in een natuurinclusief weidegebied wordt een nieuw concept gerealiseerd; natuur- en landschapsinclusief wonen op eilanden in het groen. Daarmee ontstaat in de basis een contrast met de bestaande woongebieden, waarin het vooral wonen met groen is. 28
30
De Weideterp wordt een besloten gebied in het open greppeltjesland. De nadruk ligt op het groene karakter van het gebied. De erfafscheidingen dragen bij aan het groene besloten karakter van de Weideterp. De bebouwing is visueel ondergeschikt en wordt uitgevoerd in antraciete tot zwarte kleurtinten. De bebouwing wordt gekenmerkt door een eigentijdse, ingetogen vormgeving met volumes zonder dakopverstekken.
B 1439
32
B 1438
D 767 B 1330
B2
B 1643
Het groen in het gebied krijgt geheel naar de inzichten van deze tijd meerdere functies. Een functie voor landbouw in de vorm van extensieve beweiding, een functie voor de biodiversiteit, een functie voor recreatie en gezondheid in de zin van wandel- en fietspaden en een functie voor waterberging. Om het concept van de terpen goed vorm te geven, worden deze als eilanden omsloten door een sloot en greppeltjesland; wonen ingebed in de natuurinclusief weidegebied. Daarom is enige afstand tot de vaarweg Alde Sylsried noodzakelijk. En ook omdat afstand een beter beeld oplevert en de nieuwe bewoners minder neiging zullen hebben om hun perceel op een minder passende manier af te schermen. B 1260
25
B 1187
27
29
B 1379
D 2384
De Waterterp ligt op de overgang van water naar het greppeltjesland. Passend bij de plek aan het water is gekozen voor minder zware beplanting voor de erfafscheidingen en een vormgeving van de woningen in lichte kleurtinten. De bebouwing wordt gekenmerkt door een eigentijdse open vormgeving met volumes met grote dakopverstekken.
Inrichting openbare ruimte De terpen liggen op ongeveer 0,7 tot 1,0 meter boven NAP terwijl de gronden/landerijen daar omheen gemiddeld op NAP liggen. In het midden van de eilanden ligt de openbare ruimte en worden bomen geplant. Vrijstaande en dubbele woningen zijn georiënteerd op deze informeel vormgegeven openbare ruimte. De tuinen lopen af richting het omringende landschap.
3
2
Indeling in deelgebieden D 2383
D 2385
Pliniusplein
In het concept natuur- en landschapsinclusief wonen op terpen ontstaan buurtschappen. Het past bij dit concept om de voorkanten naar elkaar toe te richten. Dit is belangrijk voor de betrokkenheid van bewoners bij elkaar. Bewoners die allemaal kiezen voor dit bijzondere woonmilieu dat verweven is met landschap en natuur. Rond de eilanden loopt een sloot. Hier ligt een natuurlijke grens van het perceel en een beletsel voor het vee om in de tuinen te lopen. 4
1
D 2389
24
11
22
D 2431
D 2390
Bij aanleg zullen groene erfafscheidingen op perceelsgrenzen komen; deze moeten in stand gehouden worden. De ervaring is bovendien dat aanleg van opgaand groen bij de start een samenhangend en groen beeld geeft waar mensen aan gaan hechten. Daarmee wordt een toon gezet. Woonpercelen grenzen aan het water of aan greppeltjesland. Beide situaties vragen om aandacht voor de overgang. Voor een zone van 5,0 meter gelden specifieke regels. Hier mag niet worden gebouwd (zie hoofdstuk 6).
D 2391
20
De manier van bouwen is vrij geïnspireerd op bestaande terpen. Er wordt een compact N bebouwingsbeeld nagestreefd, waarbij de bouwrichting in nauwe samenhang is met de structuur van de terp en het landschap. De bebouwing is op de weg georiënteerd. De architectuur wordt gevarieerd maar kent samenhang door het kleur- en materiaalgebruik Tussen 16086B en de deVaarten detaillering. 9
D 2432
18
D 2392
D 2393
16
7
14
D 2433
Fibula
D 2394
D 2395
12
D 2434
5
10
D 2396
terp
Rhoder
7
D 2397
Gemeente Noardeast-Fryslân D 2435
3
8
Opdrachtgever D 2398
6
5
Greppeltjesland In het open gebied om de terpen wordt het oorspronkelijke microreliëf weer teruggebracht en de vaarten met rietoevers worden zoveel mogelijk gehandhaafd en versterkt. Langs de Birdaarderstraatweg en de weg naar de volkstuinen wordt opgaande beplanting aangebracht of wordt de bestaande beplanting versterkt. Deze beplanting versterkt de landschappelijke structuur en draagt bij aan de landschappelijke inpassing van de terpen.
4 D 2399
plankaart met best. dam D 2436
Onderwerp
DO
3
2
1
D 2400
3155
B12-17-01
1:1000 22-04-2024 .. MAB
1
D 3286
INFO@ADEMA-ARCHITECTEN.NL D 3034 21
VLEESMARKT 7 | 9101MH DOKKUM | 0519-295665 OOSTERKADE 1 | 9711RS GRONINGEN | 050-2073141 IJSSELKADE 60 | 826 1A H KA M PEN | 0519-295665 D 3035
19
ADEMA ARCHITECTEN
Rhoderterp
Blad / formaat A1 Schaal Datum Gewijzigd Getekend / Gezien
7
Verplichte haag voortuin (Meidoorn) Bron: groenepassies.nl
Struweelranden tussen de woning zijn verplicht
Struweelranden tussen de woning zijn verplicht
Verplichte haag voortuin (Veldesdoorn)
Bron: ELAN Zuidoost-Friesland.nl
Bron: jagersvereniging.nl
Bron: tuinplant.nl
Hazelaar
Els
Vogelkers
Vlier
Meidoorn
Natuurlijke slootkant
Bron: vdberk.nl
Bron: vdberk.nl
Bron: vdberk.nl
Bron: vcommons.wikimedia.org
Bron: nl.wikipedia.org
Bron: wij.land
8
3. Beeldkwaliteit Weideterp Erfinrichting
Welstandscriteria erfinrichting
De Weideterp wordt een besloten gebied in het open greppeltjesland. De nadruk ligt op het groene karakter van het gebied. De bebouwing in combinatie met de erfinrichting en de inrichting van de openbare ruimte geven vorm aan het besloten karakter. De erfafscheidingen en de terreininrichting dragen voor een belangrijk deel bij aan het groene besloten karakter van de Weideterp. Het groen verzacht het aanzicht van de woningen en onttrekt deze voor een groot deel aan het beeld. Het beeld van de beplanting is landschappelijk. Dit geeft het gebied een prettig aanzicht vanuit de omgeving.
•
De zijdelingse perceelsgrenzen worden ingevuld met struweelranden op een lage grondwal. Langs de straatzijde wordt een landschappelijke haag aangeplant. Een zone van 5,0 meter breedte langs de buitenrand draagt bij aan de landschappelijke inpassing (zie ook hoofdstuk 6). Deze zone hoort visueel bij het landschap. Deze zone wordt natuurlijk ingericht met o.a. een natuurlijke slootoever en kruidenrijk gras. Deze zone is onderdeel van de kavels, maar mag niet als zodanig worden ingericht. De grens tussen deze zone en rest van de tuin wordt gemarkeerd met een laag landelijk hekwerk. Met deze ingrepen wordt de overgang van de tuin naar het landschap vormgegeven.
•
Borging ruimtelijk kwaliteit De hagen langs de voorste perceelsgrens, de struweelranden op de grondwallen op de zijdelingse perceelsgrenzen en de inrichting van de 5,0-meterzone (inclusief laag landelijk (schapen-)hekwerk) langs de buitenranden, dienen de door de ontwikkelende partij te worden aangelegd. Deze zijn essentieel voor het aanzicht en de landschappelijke inpassing van de Weideterp. In de koopovereenkomst van de woning en/of kavel wordt opgenomen dat deze onderdelen in stand gehouden moeten worden. Een beheerplan is tevens onderdeel van de koopovereenkomst, om daarmee zorg te dragen voor een uniform en duurzaam beeld.
• • •
•
• • • • •
De zijdelingse perceelsgrenzen worden vormgegeven met struweelranden op een lage grondwal. De struweelrand en de grondwal liggen haaks op de buitenrand van de terp. De grondwallen hebben een breedte van minimaal 4,0 meter en een hoogte van 1,2 tot 1,5 meter. Een struweelrand is even breed als de grondwal. De struweelranden worden vormgegeven met minimaal 3 verschillende inheemse struik- en boomsoorten (2de orde), zoals els, meidoorn, hazelaar, vlier, vogelkers, kardinaalsmuts, kers, etc. en groeit vrij uit (niet in vorm snoeien). Langs de voorzijde wordt een landschappelijke gemixte haag van meidoorn, veldesdoorn, liguster, kornoelje en andere inheemse soorten aangeplant (beheerhoogte 0,85 tot 1,0 meter). Aan de landschapszijde blijft een zone van 5,0 meter breedte vrij van de bebouwing, verharding, overige (gebouwde) elementen en tuininrichting. Deze zone wordt natuurlijk ingericht met een flauw hellende slootoever, kruidenrijk gras en eventueel inheemse struiken. Het sortiment beplanting is inheems en op de ondergrond passend. De grens tussen de 5,0-meterzone en de rest van de tuin wordt gemarkeerd met een laag landelijk hekwerk (hoogte 0,7-1,0 meter). Geen (zichtbare) oeverbeschoeiing toepassen. Parkeren vindt zoveel mogelijk op eigen erf plaats. Bij voorkeur geen auto’s parkeren direct voor de voorgevel van een woning.
Voor nadere criteria beplanting en inrichting, zie groenplan.
Aanbeveling Een groene, natuurlijke terreininrichting is gewenst (en wordt verwacht). Daarmee past het geheel beter in de groene natuurlijke/landschappelijke omgeving. Dit betekent met name inheemse beplanting toepassen. Bovendien is een groene terreininrichting meer duurzaam, klimaatbestendig en biodivers. Hoofdstuk 7 geeft aanbevelingen ter bevordering van de duurzaamheid en het klimaat.
9
Gevels in hout en baksteen antraciete kleurtinten
Ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving en enkelvoudige hoofdvorm Bron: architectuur.nl
Ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving
Bron: Adema Architecten
Ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving
Ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving
Ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving
Bron: Grunsvengroep.nl
Bron: Mooijekindvleut.nl
Bron: Kykarchitecten.nl
10
Bron: Onbekend
Bebouwing
Hoofdvorm
De plaatsing van de woningen is afgestemd op de verkavelingsstructuur van de Weideterp. Doordat de verkavelingsstructuur is afgestemd op de rondingen van de terp, ontstaat een vanzelfsprekende verankering van de woningen.
•
• De woningen zijn in uitstraling ondergeschikt aan het landschappelijk groen en vormen een familie. Voor de woningen is een eigentijds, ingetogen karakter daarom uitgangspunt. Dit wordt bereikt door kleurstelling, materiaalgebruik en ingetogen (ondergeschikte) detaillering. Antraciete tot zwarte gevels en daken bepalen het beeld. Een vegetatiedak is tevens mogelijk. Lichte accenten mogen het beeld verrijken. De detaillering ondersteunt de architectuur en de woningen worden vormgegeven met daken zonder dakoverstek. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn ondergeschikt in het beeld en in samenhang met de hoofdvorm ontworpen.
Welstandscriteria bebouwing Plaatsing • • • •
•
De woningen staan evenwijdig aan een van zijdelingse perceelsgrenzen. De afstand van een woning tot de zijdelings perceelsgrenzen is minimaal 5,0 meter. De woningen staan met de voorgevel of een van de voorste hoeken van de hoofdvorm in de voorste begrenzing van het bouwvlak. Aan- en uitbouwen liggen in principe achter de voorgevelrooilijn. Indien een aan- of uitbouw een duidelijk samenhangend onderdeel van de hoofdvorm is, mag deze ook voor de voorgevel worden gesitueerd. Vrijstaande en aangebouwde bijgebouwen liggen ten minste 3,0 meter terug ten opzichte van de voorgevel van de woning. Vrijstaande bijgebouwen liggen niet meer dan 5,0 meter achter de achtergevel van de hoofdvorm.
• • • •
De woningen aan de oostzijde van de terp hebben een goothoogte van max 5,5 meter met en zijn afgedekt met een zadelkap. De vrijstaande woningen zijn 1 laag met zadelkap. De hoofdvorm van de woningen op de westzijde van de terp is maximaal een bouwlaag met een kap. De nokrichting van de woningen is haaks of evenwijdig aan één van de zijdelingse perceelsgrenzen. Enkelvoudige massaopbouw van de hoofdvorm. Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, dakopbouwen en dakkapellen zijn ondergeschikt en in dezelfde architectuur, materialisering en kleurstelling als hoofdgebouw. Een dakopbouw (risaliet) is niet toegestaan.
Aanzichten • • • • •
De woningen zijn met een voorgevel op de openbare ruimte en het landschap georiënteerd. Op hoeken is sprake van een dubbele oriëntatie. De woningen vormen een familie (passend bij een van de voorbeelden) en worden gekenmerkt door een ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving. De gevelgeleding is vrij, mits sprake is van een harmonieuze compositie. Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, dakopbouwen en dakkapellen zijn meeontworpen in de architectuur van de hoofdvorm. (Vrijstaande) bijgebouwen (zoals schuurtjes) zijn ondergeschikt en in dezelfde stijl als het hoofdgebouw.
11
Gevels in donkere baksteen
Gevels in donkere baksteen met houten accenten
Gevels in donker hout met cortenstaal accenten
Bron: Steenhandel-twenthe.nl
Bron: Bartvanvenrooij.nl
Bron: Bartvanvenrooij.nl
Gevels in donker hout met lichte accenten en geïntegreerd terras Bron: La-architecten.nl
Zorgvuldige details ondersteunen de architectuur
Zorgvuldige details en donker materiaalgebruik
Bron: Architectenbureau Jules Zwijsen
Bron: Woonmooi.be
12
Opmaak • • • • • • • • • •
De detaillering ondersteunt de architectuur. Daken hebben geen dakoverstek. Ingetogen en terughoudend kleur- en materiaalgebruik in aantal en expressie. Materialen hebben een matte afwerking. De gevels worden uitgevoerd in baksteen, hout en/of plaatmaterialen (metaal) in een antraciete tot zwarte tint. Maximaal twee hoofdmaterialen per gebouw. De daken worden afgedekt met dakpannen of plaatmateriaal (metaal) in een antraciete tot zwarte tint. T.b.v. duurzaamheid is een vegetatiedak ook mogelijk. Architectonische accenten zijn mogelijk in een afwijkende, lichtere kleur. Het gebruik van hele lichte en felle kleuren wordt niet toegestaan. Het kleur- en materiaalgebruik van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en dakopbouwen is afgestemd op het hoofdgebouw. Geen risaliet toepassen. Dakkapellen qua kleur afstemmen op de dakbedekking.
Energiegebruik De woningen moeten voldoen aan de eisen voor ’Bijna energieneutrale gebouwen’ (BENG) en gasloos bouwen is voor de nieuwe bewoners verplicht. Dat betekent dat de huidige wetgeving er voor zorgt dat nieuwbouw woningen duurzaam gebouwd worden. Voor wie een stap verder wil gaan, kan ook streven naar een energieneutrale of energieopwekkende woning. In alle gevallen betekent dit dat bewuste keuzes gemaakt moeten worden ten aanzien van het energiegebruik (bijvoorbeeld door het toepassen van energiezuinige apparaten en verlichting), het zelf opwekken van energie (bijvoorbeeld door zonnepanelen toe te passen) en het voorkomen van energieverlies door een goede isolatie en luchtdichtheid en het toepassen van gebalanceerde ventilatie. Het verdient aanbeveling om de zichtbare maatregelen zorgvuldig mee te ontwerpen in het ontwerp van de woning, bijgebouw en/of tuin.
Diversen •
•
Zonnepanelen bij voorkeur plaatsen op een bijgebouw. Zonnepanelen op het dak van een woning zorgvuldig inpassen in het dakontwerp in een enkelvoudig rechthoekig vlak (eventueel in twee losliggende vlakken). Mat zwarte zonnepanelen toepassen, afgestemd op de kleur dakbedekking. Zie ook hoofdstuk 7. Installaties zijn niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte en/of zijn zorgvuldig ingepast in het gevel-, dak- en/of terreinontwerp.
13
Voorbeeld struweelrand
Veldesdoornhaag
Voorbeeld ligusterhaag
Natuurlijke slootkant
Bron: jagersvereniging.nl
Bron: tuinplant.nl
Bron: atuin-be
Bron: wij.land
Knotwilgen langs de oever
Zuilvormige sierkers
Magnolia
Natuurlijke vaartkant
Bron: vdberk.nl
Bron: brienissen.nl
Bron: tuinontwerproelandnoteboom.nl
Bron: waterschappen.nl
14
4. Beeldkwaliteit Waterterp Erfinrichting
Welstandscriteria erfinrichting
De Waterterp is een groene plek met een halfopen karakter op de overgang van het greppeltjesland naar de Wâldfeart. De inrichting van de openbare ruimte, de erfinrichting en de bebouwing geven hieraan vorm. De erfafscheidingen zijn groen, maar ondergeschikt in het beeld ten opzichte van de woningen. Het groen verzacht het aanzicht van de woningen, maar onttrekt deze niet aan het beeld. Het beeld van de beplanting is natuurlijk, maar meer in combinatie met water dan op de Weideterp.
•
De zijdelingse perceelsgrenzen worden ingevuld met smalle struweelranden op een lage grondwal. Langs de straatzijde wordt een haag aangeplant en op ieder kavel wordt minimaal een sierboom op het voorerf aangeplant. Een zone van 5,0 meter breedte langs de buitenrand draagt bij aan de landschappelijke inpassing (zie ook hoofdstuk 6). Deze zone hoort visueel bij het landschap. Deze zone wordt natuurlijk ingericht met o.a. een natuurlijke slootoever, kruidenrijk gras en knotwilgen. Deze zone is onderdeel van de kavels, maar mag niet als zodanig worden ingericht. De grens tussen deze zone en rest van de tuin wordt gemarkeerd met een laag landelijk hekwerk. Met deze ingrepen wordt de overgang van de tuin naar het landschap vormgegeven.
Borging ruimtelijk kwaliteit De hagen langs de voorste perceelsgrens, de sierboom op het voorerf, de struweelranden op de grondwallen op de zijdelingse perceelsgrenzen en de inrichting van de 5,0-meterzone (inclusief laag landelijk hekwerk en knotwilgen) langs de buitenranden, dienen de door de ontwikkelende partij te worden aangelegd. Deze zijn essentieel voor het aanzicht en de landschappelijke inpassing van de Waterterp. In de koopovereenkomst van de woning en/ of kavel wordt opgenomen dat deze onderdelen in stand gehouden moeten worden. Een beheerplan is tevens onderdeel van de koopovereenkomst, om daarmee zorg te dragen voor een uniform en duurzaam beeld.
• • •
•
•
• • •
• •
De zijdelingse perceelsgrenzen worden vormgegeven met struweelranden op een lage grondwal. De struweelrand en de grondwal liggen haaks op de buitenrand van de terp. De grondwallen hebben een breedte van minimaal 3,0 meter en een hoogte van 0,5 tot 0,7 meter. Een struweelrand is even breed als de grondwal. De struweelranden worden vormgegeven met minimaal 3 verschillende inheemse struiksoorten, zoals kornoelje, meidoorn, hazelaar, vlier, etc. en groeit vrij uit (niet in vorm snoeien). Langs de voorzijde wordt een landschappelijke gemixte haag van meidoorn, veldesdoorn, liguster, kornoelje en andere inheemse soorten aangeplant (beheerhoogte 0,85 tot 1,0 meter). Aan de landschapszijde blijft een zone van 5,0 meter breedte vrij van de bebouwing, verharding en overige (gebouwde) elementen. Deze zone wordt natuurlijk ingericht met een flauw hellende sloot- of vaartoever, kruidenrijk gras en eventueel inheemse struiken. Het sortiment beplanting is inheems en op de ondergrond passend. De grens tussen de 5,0-meterzone en de rest van de tuin wordt gemarkeerd met een laag landelijk hekwerk (hoogte 0,7-1,0 meter). In de 5,0-meterzone zijn langs het water van de Wâldfeart en de ‘opvaart’ aan de noordrand steigers mogelijk. Deze liggen vrij van de oever, zijn maximaal 5,0 meter lang en 1,0 meter breed. Een clustering per 2 steigers is mogelijk. Geen (zichtbare) oeverbeschoeiing toepassen.
Parkeren vindt zoveel mogelijk op eigen erf plaats. Bij voorkeur geen auto’s parkeren direct voor de voorgevel van een woning.
Aanbeveling Een groene, natuurlijke terreininrichting is gewenst (en wordt verwacht). Daarmee past het geheel beter in de groene natuurlijke/landschappelijke omgeving. Bovendien is een groene terreininrichting meer duurzaam, klimaatbestendig en biodivers. Hoofdstuk 7 geeft aanbevelingen ter bevordering van de duurzaamheid en het klimaat.
15
Gevels in licht hout, dak met overstek Bron: Barentsz.nl
Gevels en dak in licht hout met een overstek aan de vooren achterzijde Bron: zantmanarchitecten.nl
Gevels in licht metselwerk met lichte en donkere accenten; overstekvoorbeeld van het bijgebouw Bron: Eijkemans-alubouw.nl
Gevels in lichte baksteen
Gevels in licht hout, vegetatiedak en forse overstekken
Gevels in licht hout en lichte baksteen
Bron: Steenhandel-twenthe.nl
Bron: Biobased-bouwen.nl
Bron: Adema Architecten
16
Bebouwing
Hoofdvorm
De plaatsing van de woningen is afgestemd op de verkavelingsstructuur van de Waterterp en heeft hierdoor een orthogonale opzet. Doordat de verkavelingsstructuur is afgestemd op de meer kantige opzet van de terp, ontstaat een vanzelfsprekende verankering van de woningen op de terp.
• • •
De woningen zijn in uitstraling gerelateerd aan de halfopen plek en de ligging aan of nabij water en vormen een familie. Voor de woningen is een eigentijds, licht, maar ingetogen karakter daarom uitgangspunt. Dit wordt bereikt door kleurstelling, materiaalgebruik en ingetogen (ondergeschikte) detaillering. Licht houten gevels en/of lichte baksteen gevels bepalen het beeld. Witte, antraciete en zwarte accenten mogen het beeld van lichte gevels verrijken. Slechts een onderdeel mag wit worden in het gevelbeeld, mits als geheel sprake is van een harmonieus, gebalanceerd en ingetogen kleurbeeld. De detaillering ondersteunt de architectuur. De woningen worden vormgegeven met een fors dakoverstek om daarmee het landschap als het ware te omarmen. Houten of rieten kappen of vegetatiedaken genieten de voorkeur. Lichtgrijze tot antraciete dakbedekking is tevens mogelijk. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn ondergeschikt in het beeld en in samenhang met de hoofdvorm ontworpen.
Welstandscriteria bebouwing Plaatsing • • •
•
•
• •
•
De hoofdvorm van de vrijstaande woningen op de zuid- en westzijde van de terp is maximaal een bouwlaag met prominente een kap. De 2 onder 1 kap woningen hebben een goothoogte van maximaal 5,5m en hebben een zadelkap. De nokrichting van de woningen is haaks of evenwijdig aan één van de zijdelingse perceelsgrenzen. Enkelvoudige massaopbouw van de hoofdvorm. Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, dakopbouwen (risaliet) en dakkapellen zijn ondergeschikt en in dezelfde architectuur, materialisering en kleurstelling als het hoofdgebouw. Een dakopbouw (risaliet) is alleen toegestaan bij een hoofdvorm van een bouwlaag met een kap.
Aanzichten • • • • •
De woningen zijn met een voorgevel op de openbare ruimte en het landschap georiënteerd. Op hoeken is daarom sprake van een dubbele oriëntatie. De woningen vormen een familie (passend bij een van de voorbeelden) en worden gekenmerkt door een ingetogen eigentijdse en kantige vormgeving. De gevelgeleding is vrij, mits sprake is van een harmonieuze compositie. Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, dakopbouwen (risaliet) en dakkapellen zijn meeontworpen in de architectuur van de hoofdvorm. Kleine vrijstaande bijgebouwen (zoals schuurtjes) zijn ondergeschikt.