Bijlage 1 - bijlage 4 bij toelichting Bp Uitkijktoren Kollumeroord_Notitie effecten op NNN
Tekst van het document
Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
Datum Projectnummer Auteur In opdracht van
13 juli 2020 Status p20102 Kwaliteitscontrole Drs. D.E. Heidinga Provincie Groningen
definitief Drs. A. Alserda
1 | Aanleiding en vraagstelling In het Diepsterbos worden een Borneobrug en een tokkelbaan gerealiseerd. Het Diepsterbos is onderdeel van het Nationaal Natuurnetwerk (NNN). Het NNN kent een planologische bescherming. De voorgenomen recreatieve ontwikkelingen in het Diepsterbos en de effecten op de NNN zijn eerder onderzocht in de ‘Natuurtoets Rondje Lauwersmeer’ (Buro Bakker, 2017) en de ‘Passende Beoordeling Rondje Lauwersmeer’ (Buro Bakker, 2019). In de Passende Beoordeling zijn de effecten van het voornemen onderzocht en beoordeeld. Hierbij is vooral gekeken naar de effecten van de aanpassingen van wandelpaden. Inmiddels zijn het voornemen voor realisatie van de tokkelbaan en de Borneobrug verder geconcretiseerd. De tracés zijn bepaald en het is duidelijk geworden dat er voor de aanleg bomen zullen moeten worden gekapt. In deze notitie worden de geconcretiseerde voornemens nader beoordeeld. Verder is in verband met de kap van een aanzienlijk aantal bomen ook het onderdeel Houtopstanden van de Wet natuurbescherming aan de orde.
2 | Beleidskader Het toetsingskader voor het NNN is uitgewerkt in het Streekplan 2007 en de Verordening Romte Fryslân 2014. Daarnaast zijn de door de ministeries van LNV en VROM en de gezamenlijke provincies afgesproken “spelregels EHS” (LNV, VROM & provincies, 2007) van belang. Uit de Verordening Romte Fryslân 2014 volgt dat een ruimtelijk plan voor gronden die onderdeel zijn van het NNN geen activiteiten en ontwikkelingen mogelijk maakt die leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke waarden en kenmerken, of tot een significante vermindering van de oppervlakte van die gronden, of tot significante aantasting van de samenhang tussen gebieden die deel uitmaken van het NNN. In afwijking hiervan kan een ruimtelijk plan nieuwe activiteiten en ontwikkelingen mogelijk maken, als: a) er sprake is van een groot openbaar belang, b) er geen reële alternatieven voor de beoogde ontwikkeling zijn, c) schade door mitigerende maatregelen zoveel wordt beperkt als fysiekruimtelijk en wat betreft uitvoerbaarheid van de beoogde ontwikkeling redelijkerwijs mogelijk is, en
Fout! Onbekende naam voor documenteigenschap. | p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
1
d) resterende schade wordt gecompenseerd door het treffen van zodanige maatregelen dat geen netto verlies optreedt van wezenlijke kenmerken en waarden in termen van areaal, kwaliteit en samenhang van het NNN (Provincie Fryslân, 2014). De wezenlijke kenmerken en waarden zijn de actuele en potentiële waarden, gebaseerd op de natuurdoelen voor het gebied. De relevante NNN-natuurdoelen en –kwaliteit voor wat betreft de potentiële waarden zijn vastgelegd op de beheertypenkaart en de ambitiekaart van het Natuurbeheerplan.
3 | Wezenlijke waarden en kenmerken in het plangebied Binnen het plangebied voor de Borneobrug en tokkelbaan komen de beheertypen N14.03 Haagbeuken- en essenbos en N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland voor.
Figuur 1
Beheertypenkaart Diepsterbos. Binnen het plangebied zijn N14.03 Haagbeuken- en essenbos en N12.02
Kruiden- en faunarijk grasland aanwezig. Bron:
https://fryslan.maps.arcgis.com/home/webmap/viewer.html?webmap=6bb20fd8d7d94151853c6dfffc1679a4,
ge-
raadpleegd juni 2020
Het Diepsterbos is een loofbos dat eind jaren 70 - begin jaren 80 is ingeplant. Er staan veel populieren, abelen en els maar ook zure kers, gewone esdoorn en Spaanse aak. Naar het noorden toe wordt het aandeel beuk, eik en berk groter. Het deel waar de tokkelbaan is gepland bestaat voornamelijk uit beuk, eik en berk.
4 | De voorgenomen ingrepen In figuur 2 zijn de tracés voor de Borneobrug en tokkelbaan weergegeven. Ook is in de kaart met oranje arcering aangegeven waar bomen moeten worden gekapt. Het gaat om een zone van 5 meter, 2,5 m aan weerszijden van de assen van de brug en tokkelbaan. De kap van de bomen vindt plaats buiten het broedseizoen.
2
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
Als tegenhanger voor de recreatieve ontwikkelingen in het Diepsterbos worden enkele wandelpaden verwijderd. Deze zijn met rood aangeduid in figuur 3. Er zijn geen gegevens over het aantal te verwachten bezoekers per jaar bekend.
Figuur 2
Tracés Borneobrug en tokkelbaan met daaromheen in oranje arcering de zone van 5 m waarlangs bomen
worden gekapt. Provincie Groningen, 2020
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
3
Figuur 3
Aanpassingen padenstructuur Diepstersbos. In rood: de paden die verdwijnen. Opmerkingenvakje: de
locatie van de uitkijktoren. Provincie Groningen, 2020
Het areaal paden dat wordt afgesloten bedraagt 10.200 m2 (Provincie Groningen, 2020).
4
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
Provincie Groningen heeft een inschatting gemaakt van het aantal te kappen bomen (zie tabel 1). Tabel 1
Overzicht aantal te kappen bomen voor de Borneoburg en tokkelbaan. Provincie Groningen, 2020. Onderdeel
Aantal m2
Aantal bomen
Borneobrug
1.090
109
Tokkelbaan
1.080
108
Totaal
2.170
217
Uitgangspunten:
• De bomen zijn in het veld niet geteld. Er is uitgegaan van ca. 1 boom per 10 m 2, mogelijk is dit een • •
overschatting. Bomen net buiten de 5 meter brede strook kunnen blijven staan, maar moeten mogelijk wel gesnoeid worden. Voor de bouw van de torens van de Borneobrug moet er mogelijk nog wat meer ruimte vrijgemaakt worden. Daar is in dit overzicht geen rekening mee gehouden.
5 | Analyse effecten 5.1 Areaalverlies De tracés inclusief zone van 2,5 m aan weerszijden daarvan beslaan een totale oppervlakte van ca. 2.170 m2. In totaal worden ca. 217 bomen gekapt. Dit gaat ten koste van het areaal van beheertype N14.03 Haagbeuken- en essenbos. Tegelijkertijd worden een aantal paden afgesloten (zie figuur 3). Het totale oppervlak bedraagt 10.200 m2. Hier kan het beheertype weer tot ontwikkeling komen. Het zal dan op korte tot middellange termijn vooral gaan om ontwikkeling van de kruid- en struiklaag. Struweel en open plekken maken ook onderdeel uit van het beheertype (https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/index-natuur-en-landschap/natuurtypen/n14vochtige-bossen/n14-03-haagbeuken-en-essenbos/, geraadpleegd juni 2020). Verder zijn enkele bestaande paden opgehoogd. Het totale areaalverlies is daarmee aanzienlijk kleiner dan het areaal dat er bij komt vanwege sluiting van de paden. Er is hiermee geen netto verlies aan areaal en daarom is het niet nodig om de oppervlakte die verloren gaat als gevolg van de aanleg van de tracés extra te compenseren.
5.2 Aantasting kwaliteit De kwaliteit van beheertype N14.03 wordt onder andere bepaald door de aanwezigheid van bepaalde structuurkenmerken en kwalificerende soorten. Daarnaast zijn de abiotische omstandigheden, de hoogste van de stikstofdepositie en de omvang en samenhang bepalend voor de kwaliteit van het beheertype. De kwalificerende soorten bestaan uit planten en broedvogels. Daarnaast mogen twee Rode Lijstsoorten worden meegeteld uit een aantal specifieke soortgroepen (zie figuur 4). We beschikken niet over voldoende gegevens om te kunnen oordelen over de kwaliteit van het Diepsterbos wat betreft de structuurkenmerken en het voorkomen van kwalificerende planten. Wel kunnen we hiervan een inschatting geven. Duidelijk is dat gewenste bomen en struiken aanwezig zijn, zoals hazelaar, gewone vogelkers, zoete kers en Spaanse aak. Deze hebben snel verterend strooisel. Verder is een ruige ondergroei aanwezig, kenmerkend voor dit soort bossen op kleigrond (data NDFF 2010-2020, geraadpleegd juni 2020). Dit is een knelpunt voor de kwaliteit van het ge-
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
5
bied. Ook is sprake van essentaksterfte. Staatsbosbeheer heeft eerder dit jaar een groot aantal zieke bomen uit het Diepsterbos verwijderd. Uit de NDFF volgt dat er de laatste tien jaren geen kwalificerende plantensoorten zijn waargenomen in het Diepsterbos. Omdat het gaat om relatief jong bos (ca. 50 jaar oud) is ook geen rijke bosflora te verwachten. Wat betreft de structuurkenmerken en voorkomende kwalificerende plantensoorten verwachten we vanwege voorgaande dat de kwaliteit laag is.
Figuur 4
Kwalificerende
soorten
beheertype
N14.03.
Bron:
https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-
landschap/index-natuur-en-landschap/natuurtypen/n14-vochtige-bossen/n14-03-haagbeuken-en-essenbos/,
geraad-
pleegd juni 2020
We hebben niet voldoende inzicht in alle abiotische parameters. Wat betreft de pH verwachten we dat deze voldoet aan de vereisten, omdat het om bos op kleigrond gaat. Wat betreft de hoogte van de achtergronddepositie van totaal stikstof scoort het gebied de classificatie Hoog, de depositie is lager dan de kritische depositiewaarde van het beheertype (2018, depositie totaal stikstof, zie http://geodata.rivm.nl/gcn/). Wat betreft de omvang en ruimtelijke samenhang scoort het Diepsterbos de classificatie Midden. We hebben daarnaast een beeld van de aanwezige broedvogels. Tijdens het broedvogelonderzoek in 2018 (Buro Bakker, 2019), dat zich specifiek heeft gericht op roofvogels met jaarrond beschermde nesten, zijn tevens meerdere soorten vogels van de Rode Lijst waargenomen: wielewaal, grauwe vliegenvanger, matkop, goudvink, koekoek en spotvogel. Uit de NDFF volgt dat er ook territoriumindicerende waarnemingen zijn gedaan van appelvink, fluiter, nachtegaal en zomertortel zijn gedaan de afgelopen tien jaar in het Diepsterbos. Hierbij zijn de kwalificerende
6
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
broedvogelsoorten vetgedrukt. Op basis daarvan schatten we in dat de kwaliteitsclassificatie van het Diepsterbos tenminste Midden is, en mogelijk Hoog wat betreft de kwalificerende soorten. De overall kwaliteit van het Diepsterbos schatten we op basis van voorgaande in op Laag tot maximaal Midden. De realisatie en met name het gebruik van de tokkelbaan en de Borneobrug kunnen leiden tot negatieve effecten op de broedvogelpopulatie, als gevolg van verstoring door geluid en optische verstoring. Het gaat hier om een andere vorm van recreatie dan het gebruik door wandelaars. De recreanten zijn aanwezig op de hoogte waarop de vogels nestelen, hetgeen mogelijk als meer bedreigend zal worden ervaren door de vogels. Het is mogelijk dat er op termijn wel gewenning optreedt bij de aanwezige broedvogels, omdat er vaste tracés worden gevolgd. Van de kwalificerende soorten is met name de wielewaal gevoelig voor verstoring. Ook de nachtegaal is schuw, al duikt deze soort wel op naast paden. Door de realisatie van de tokkelbaan, uitkijktoren en de Borneobrug neemt de recreatiedruk in het noordelijk deel van het plangebied toe. In het midden en zuidelijk deel van het plangebied worden paden verwijderd, waardoor hier de rust toeneemt. Ook in het noordelijk deel worden enkele paden verwijderd.
Het noordelijk deel van het plangebied wordt door de ontwikkelingen minder geschikt als broedgebied, maar de rest van het Diepsterbos wordt juist rustiger en daarmee meer geschikt als broedgebied. Dat geeft de kritische broedvogels de mogelijkheid om uit te wijken. Daarmee kan significante aantasting van de kwaliteit van het Diepsterbos worden uitgesloten.
6 | Houtopstanden In verband met de kap van 217 bomen is het nodig een kapmelding in te dienen in het kader van de Wet natuurbescherming, onderdeel houtopstanden. Dit dient minimaal zes weken van te voren te gebeuren. Tevens is de herplantplicht van toepassing. De herplant dient binnen 3 jaar te gebeuren. Dit kan door aanplant of natuurlijke verjonging. Aanplant zou kunnen plaatsvinden op de locaties van de afgesloten paden.
7 | Bronnen • Buro Bakker (2017); Natuurtoets Rondje Lauwersmeer • Buro Bakker (2019); Passende Beoordeling Rondje Lauwersmeer • Buro Bakker (2019); Nader onderzoek en effectbeoordeling jaarrond beschermde nesten Rondje Lauwersmeer
• Ministeries van LNV en VROM en de provincies (2007); Spelregels EHS • Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF), geraadpleegd juni 2020 • Provincie Fryslân (2014); Verordening Romte Fryslân 2014 • Gegevens Provincie Groningen, 2020 • https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/index-natuur-en-landschap/natuurtypen/n14• •
vochtige-bossen/n14-03-haagbeuken-en-essenbos/, geraadpleegd juni 2020 http://geodata.rivm.nl/gcn/, geraadpleegd juni 2020 https://fryslan.maps.arcgis.com/home/webmap/viewer.html?webmap=6bb20fd8d7d94151853c6dfffc1 679a4, geraadpleegd juni 2020
p20102 | Notitie effecten realisatie Borneobrug en tokkelbaan op wezenlijke waarden NNN
7