CConstaterende datNoardeast-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 02 Plan van Aanpak Voorbereiding transitiefase definitief omgevingsplan

It Beslút 15 februari 2024, gemeente Noardeast-FryslânBij agendapunt: Raadvoorstel gevolgen inwerkingtreding Omgevingswet3.663 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

PLAN VAN AANPAK VOORBEREIDING TRANSITIEFASE OMGEVINGSPLAN

Opdrachtgever Projectleider Versie Versiedatum Status

: : : : :

1.0 27-11-2023 status document: werkversie

1

INHOUDSOPGAVE 1

SAMENVATTING ................................................................................................3

2

AANLEIDING .......................................................................................................4

3

4

5

6

2.1

Inleiding ...............................................................................................................................4

2.2

Veranderingen omgevingsplan ...........................................................................................5

2.3

Relatie met andere kerninstrumenten .................................................................................7

DOEL EN RESULTAAT .......................................................................................9 3.1

Doel .....................................................................................................................................9

3.2

Waar staan we nu? ...........................................................................................................10

3.3

Resultaten .........................................................................................................................10

AFBAKENING PROJECT ..................................................................................12 4.1

Uitgangspunten .................................................................................................................12

4.2

In scope.............................................................................................................................12

4.3

Uit scope ...........................................................................................................................13

GLOBALE AANPAK ..........................................................................................14 5.1

Route naar het definitieve omgevingsplan ........................................................................14

5.2

Wijzigen tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden ...............................14

5.3

Doorwerking omgevingsplan .............................................................................................15

PROJECTBEHEERSING ..................................................................................16 6.1

Projectplanning .................................................................................................................16

6.2

Projectbegroting ................................................................................................................16

6.3

Projectorganisatie en taakverdeling ..................................................................................17

6.4

Risico’s ..............................................................................................................................17

2

1

SAMENVATTING

Dit plan beschrijft hoe we tot een meerjarenplan komen. Verder uitwerken

3

2

AANLEIDING

2.1

Inleiding

Per 01-01-2024 treedt de Omgevingswet in werking. In de afgelopen jaren was het programma Implementatie Omgevingswet erop gericht om op deze datum te voldoen aan de minimale eisen, zoals gesteld door de VNG in overleg met het Rijk. Nu we voldoen aan de minimale eisen, kunnen (en moeten) wij ons richten op de verdere implementatie van de Omgevingswet, waaronder de transitie naar het definitieve omgevingsplan. Het omgevingsplan is één van de vier kerninstrumenten die de gemeente tot haar beschikking heeft om de Omgevingswet in de praktijk uit te voeren. Het omgevingsplan vervangt het geldende bestemmingsplan en de beheersverordening uit de Wet ruimtelijke ordening. Nu hebben gemeenten meerdere bestemmingsplannen voor hun grondgebied. Onder de Omgevingswet moet iedere gemeente 1 omgevingsplan voor haar hele grondgebied vaststellen. Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, heeft iedere gemeente direct een omgevingsplan van rechtswege. We noemen dit het “tijdelijk” omgevingsplan. Dit plan bevat de huidige bestemmingsplannen, beheersverordeningen en een deel van de gemeentelijke verordeningen, zoals bijvoorbeeld de erfgoedverordening. Ook omvat het tijdelijk omgevingsplan ongeveer 600 regels voor activiteiten die nu nog door het Rijk gereguleerd worden. Dit wordt de bruidsschat genoemd.

Het omzetten de inhoud van het tijdelijk omgevingsplan naar het definitief omgevingsplan, is een ingewikkelde opgave. Daarom krijgen gemeenten hiervoor tot 1 januari 2032 de tijd.

Geen onderdeel tijdelijk omgevingsplan van rechtswege op 1-1‘24

Definitief omgevingsplan

Tijdelijk omgevingsplan (van rechtswege op 1-1’24)

Overige

Fysieke leefomgeving

-

Gemeentelijke Erfgoedverordening Gemeentelijke Geurverordening Gemeentelijke verordening afvoer regen- en grondwater Bodemkwaliteitskaart en de ontheffingen zoals bedoeld in artikel 3.5 lid 3 Aanvullingswet bodem

Afbeelding: schematische weergave van het tijdelijk omgevingsplan en de transitiefase 4

2.2

Veranderingen omgevingsplan

Werken met het omgevingsplan kent een flink aantal veranderingen vergeleken met de periode voor de Omgevingswet.

2.2.1

1 omgevingsplan per gemeente

Het omgevingsplan vervangt het geldende bestemmingsplan en de beheersverordening uit de Wet ruimtelijke ordening. Nu hebben gemeenten meerdere bestemmingsplannen voor hun grondgebied. Onder de Omgevingswet moet iedere gemeente 1 omgevingsplan voor haar hele grondgebied vaststellen. Gemeenten krijgen ruimte om omgevingsplannen 'globaler en flexibeler' in te richten dan bestemmingsplannen. Dat is 1 van de doelen van de Omgevingswet. Daardoor kan het omgevingsplan ruimte bieden aan initiatieven binnen daarin opgestelde kaders.

2.2.2

Bredere reikwijdte

Het omgevingsplan heeft een brede reikwijdte. Dat is het meest opvallende verschil met het bestemmingsplan. Het omgevingsplan kent niet de begrenzing van een goede ruimtelijke ordening. Het kan namelijk regels bevatten die over heel de fysieke leefomgeving gaan. Het omgevingsplan beperkt zich dus niet tot planologische aspecten. Het voorziet in een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarnaast kan het ook andere regels bevatten over 5

activiteiten. Het gaat dan om activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. De regels in het omgevingsplan zijn altijd regels over activiteiten met mogelijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving.

2.2.3

Veel gemeentelijke verordeningen naar het omgevingsplan

De regels in het omgevingsplan zullen vaak lijken op de regels die nu in gemeentelijke verordeningen staan. Het gaat dan om de vorm, inhoud en motivering van de regels over de fysieke leefomgeving. Denk aan de huidige regels voor kappen, ligplaatsen en monumenten. Het omgevingsplan kan zowel verbods- als gebodsbepalingen bevatten. In het domein bouw kunnen meer onderwerpen in een omgevingsplan een plek krijgen. Het omgevingsplan mag regels bevatten over: -

2.2.4

het gebruik van gronden en bouwwerken het bouwen en in stand houden van bouwwerken

Geen rijksregels meer voor een aantal activiteiten en aspecten

De Omgevingswet gaat uit van decentraal tenzij. Veel regels kunnen veel beter op lokaal niveau worden gesteld. Ze zijn dan concreet en toegespitst op de locatie. Het gaat bijvoorbeeld om regels over horeca-, recreatie- en detailhandelsactiviteiten.

2.2.5

Geen regels over uitvoerbaarheid

De bepaling over de uitvoerbaarheid uit het Besluit ruimtelijke ordening komt onder de Omgevingswet niet terug. De gemeente hoeft niet meer aannemelijk te maken dat een toegedeelde functie er ook zal komen. De gemeente geeft in haar omgevingsplan aan dat een functie op een zekere locatie ‘kan’ komen. Dat is minder verstrekkend. Nu moet de gemeente veel mogelijkheden onderzoeken, die feitelijk nooit gerealiseerd zullen worden. De Omgevingswet maakt het mogelijk dat dit onderzoek gefaseerd kan worden. Pas als zich een concreet initiatief aandient, dat past binnen de toegedeelde functie, wordt onderzocht 'hoe' dat op een aanvaardbare wijze gerealiseerd kan worden. Dit heeft als voordeel dat de onderzoekslasten omlaag kunnen. De gemeente moet wel onderzoeken of ontwikkeling op de betrokken locatie in beginsel mogelijk is.

2.2.6

Actualiseren

De plicht om na 10 jaar te actualiseren vervalt.

2.2.7

Geen regels over overgangsrecht

Bij wijziging van het omgevingsplan vallen bestaande situaties niet standaard onder eerbiedigend overgangsrecht. Deze standaardregels over eerbiedigend overgangsrecht staan nu nog in het Besluit ruimtelijke ordening. Legaal bestaand gebruik mocht bijna altijd doorgaan, ook bij een bestemmingswijziging of aanscherping van de regels. In het omgevingsplan kan het overgangsrecht meer worden afgestemd op wat gewenst is. Het omgevingsplan bevat straks ook regels over onderwerpen uit de eerdere gemeentelijke verordeningen, zoals de verordening over het kappen van bomen. Voor die onderwerpen zou een

6

verplichte opname van eerbiedigend overgangsrecht nieuw zijn. Het leidt ertoe dat gemeenten die regels minder makkelijk dan nu kunnen aanpassen aan nieuwe ontwikkelingen en inzichten.

2.2.8

Nieuwe digitale standaarden

Het omgevingsplan moet voldoen aan de nieuwe inhoudseisen en terminologie en aan de nieuwe digitale standaarden. Dat is nodig om de regels voor burgers en bedrijven makkelijk raadpleegbaar te maken. De juridische regels uit het omgevingsplan moeten gedigitaliseerd en gepubliceerd worden in het Omgevingsloket. Hiermee zijn ze toegankelijk voor inwoners, ondernemers en belanghebbenden die ze willen raadplegen. In het proces van digitaliseren worden de regels geannoteerd en toepasbaar gemaakt. Door de regels te annoteren zijn ze voor elke situatie snel te vinden. Door de regels toepasbaar te maken, kan ook iemand die niet goed is ingevoerd in de juridische taal van gemeenten, vinden wat voor zijn of haar situatie van toepassing is. Annoteren Het annoteren van juridische regels zorgt voor een zoek- en filterfunctie binnen het omgevingsplan in het Omgevingsloket. Daarmee krijgen inwoners, bedrijven en belanghebbenden die op zoek zijn naar regels die voor zijn of haar situatie van toepassing zijn, alleen die artikelen te zien die relevant zijn. Daardoor hoeft niet het hele omgevingsplan te worden gelezen om hier duidelijkheid over te krijgen. Het annoteren is één van de stappen in het digitaliseren van het omgevingsplan. Door te annoteren worden kenmerken van het omgevingsplan en de regels die erin staan, onderscheiden en gestructureerd vastgelegd.

Het gaat bijvoorbeeld om de activiteit waarop een regel betrekking heeft en de kwalificatie van de regel zoals vergunningplicht of meldingsplicht. Het annoteren zorgt ervoor dat een omgevingsplan doorzocht kan worden op basis van die kenmerken. Toepasbare regels Toepasbare regels geven de logica achter de juridische regels weer en vertalen zo de juridische regels naar begrijpelijke taal. Toepasbare regels worden gemaakt voor het Omgevingsloket. Hierin zijn ze voor inwoners, bedrijven en belanghebbenden zichtbaar als vragenbomen. Door de vragen te beantwoorden kunnen zij nagaan of ze een vergunning moeten aanvragen voor hun initiatief. Toepasbare regels dragen zo bij aan de digitale dienstverlening van gemeenten aan hun inwoners en bedrijven.

2.3

Relatie met andere kerninstrumenten

Het omgevingsplan vormt één van de vier kerninstrumenten van de Omgevingswet voor gemeenten. De andere kerninstrumenten zijn de omgevingsvisie, programma’s en de omgevingsvergunning. Alle kerninstrumenten hebben een relatie met het omgevingsplan.

7

2.3.1

Omgevingsvisie

De omgevingsvisie vormt de strategische visie van de gemeenteraad en het beleid voor de fysieke leefomgeving op hoofdlijnen. Op datum x is deze ter inzage gelegd De omgevingsvisie beschrijft wat voor gemeente we willen zijn en aan welke opgaven we gaan werken om daar te komen. De in de omgevingsvisie geformuleerde opgaven kunnen een directe doorwerking krijgen in het omgevingsplan en daarmee juridisch bindend worden voor inwoners, ondernemers en initiatiefnemers, maar dit is niet verplicht om zo te doen.

2.3.2

Programma’s

Programma’s vormen een uitwerking van het beleid en de maatregelen die het college inzet om het beleid te realiseren. In programma’s formuleert de gemeente de maatregelen die leiden tot de beleidsmatig vastgelegde en gewenste kwaliteit van een onderdeel van de fysieke leefomgeving, een aspect of een gebied. Het vaststellen van programma’s is geen verplichting. Juridische maatregelen (denk aan regels voor activiteiten) die in een programma kunnen worden voorgesteld, moeten vertaald worden in regels in het omgevingsplan. Andersom kunnen in het omgevingsplan omgevingswaarden worden gesteld, die noodzaken tot het vaststellen van een programma wanneer sprake is van (dreigende) overschrijding.

2.3.3

Omgevingsvergunningen

De omgevingsvergunning vormt de toestemming om een activiteit in de fysieke leefomgeving te mogen uitvoeren. Met de omgevingsvergunning kan het college vooraf toetsen of de activiteit aan de daarvoor gestelde voorwaarden voldoet. De verplichting om voor bepaalde activiteiten een omgevingsvergunning aan te vragen wordt bepaald in het omgevingsplan.

8

3

DOEL EN RESULTAAT

In de wettelijk bepaalde transitiefase tot 2032 moet het tijdelijk omgevingsplan worden omgebouwd naar één omgevingsplan dat voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Tijdens deze fase dienen het tijdelijk omgevingsplan, de gemeentelijke verordeningen en de bruidsschat omgezet te worden naar één volwaardig, integraal en samenhangend definitief omgevingsplan voor de hele gemeente, dat voldoet aan alle wettelijke vereisten en waarbij rekening gehouden is met de instructieregels en de Aanvullingswetten. Dit betekent: -

het ‘transformeren’ van de inhoud vanuit de oude bestemmingsplannen, beheersverordeningen, etc. in het definitief omgevingsplan; het opnemen van (delen van) gemeentelijke verordeningen in het omgevingsplan; het vervangen van de bruidsschatregels door definitieve omgevingsplanregels die in vorm en inhoud passen in de gemeentelijke ambities. De bruidsschatregels zijn Rijksregels die met de Omgevingswet een gemeentelijke bevoegdheid worden; het afstemmen van het omgevingsplan op de instructieregels van hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en de provinciale instructieregels; het afstemmen van het omgevingsplan op de Aanvullingswetten en overige wetgeving.

In alle gevallen geldt dat het meestal niet gaat om het onveranderd overnemen van regels, maar juist om het herformuleren, herijken of weglaten van regels, in lijn met de visie en kaders van de Omgevingswet, de omgevingsvisie en met de gemeentelijke visie op het instrument omgevingsplan. Voor de verordeningsregels die niet uiterlijk in 2032 in het definitief omgevingsplan zijn opgenomen en waarbij dat wel had gemoeten ontstaat het risico op onverbindend verklaren van die regels. Het opnemen van regels in het definitief omgevingsplan gebeurt met een wijzigingsbesluit van de gemeente. Er moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

3.1

Doel

Het uiteindelijke doel is om voor 1 januari 2032 een definitief omgevingsplan door de raad te laten vaststellen en via de nieuwe digitale standaarden te publiceren. De bedoeling van het onderhavige plan van aanpak is voor dit einddoel de juiste voorbereidingen treffen. In 2024 willen we zoveel mogelijk ervaring opdoen met het werken onder de nieuwe systematiek om vanuit daar te komen tot een overzichtelijk en uitvoerbaar transitieplan. Wij stellen ons ten doel om: 1. eind 2024 een route naar het definitieve omgevingsplan vastgesteld te hebben; 2. vanaf 1 januari 2025 wijzigingen op het tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden te publiceren; 3. vanaf 1 januari 2025 de doorwerking van de omgevingsvisie en het programma op het omgevingsplan en de doorwerking van het omgevingsplan op programma’s te borgen in de reguliere processen.

9

3.2

Waar staan we nu?

In 2022 is een plan van aanpak definitief omgevingsplan opgesteld, zie bijlage. In dit plan zijn de gemeentelijke uitgangspunten omgevingsplan uitgewerkt. Deze uitgangspunten zijn het vertrekpunt voor dit plan van aanpak. Zie verder hoofdstuk 4.1 uitgangspunten. Begin 2023 is onder begeleiding van een extern adviesbureau gestart met het ontwikkelen van een structuur voor het definitief omgevingsplan. Tijdens dit ontwikkeltraject werd duidelijk dat de prioriteit zou moeten liggen bij het kunnen wijzigen van het tijdelijk omgevingsplan. Zodoende is het traject tijdelijk on hold gezet. Samen met het adviesbureau is een ontwikkeltraject voor het wijzigen van het omgevingsplan opgezet. Dit traject heeft tot veel inzicht de complexiteit van de materie geleid. Ook heeft het tot het inzicht geleid dat het ons eigen maken van de nieuwe systematiek slecht uit te besteden is. Er is geïnventariseerd welk bestaand beleid omgezet moet worden naar het definitief omgevingsplan. Alle vigerende ruimtelijke plannen zijn digitaal ontsloten. Er is software aangekocht waarmee wij het omgevingsplan kunnen vormgeven en publiceren conform de nieuwe digitale standaarden. De softwareleverancier is nog niet in staat om deze software is nog volop in ontwikkeling, en voldoet nog niet aan de eisen om een omgevingsplanwijziging via de nieuwe digitale standaarden te publiceren.

Daarom kiezen wij voorlopig voor het publiceren van wijzigingen op het tijdelijk omgevingsplan via een Tijdelijk Alternatieve Maatregel: TAM/IMRO. Er is software aangekocht waarmee wij juridische regels kunnen vertalen toepasbare regels.

3.3

Resultaten

Om (doel 1) eind 2024 een route naar het definitieve omgevingsplan vastgesteld te hebben, zullen we de volgende resultaten opleveren: -

een structuur voor het definitieve omgevingsplan; een functieomschrijving van de plancoördinator; een handleiding “plan coördineren”; een fasering en planning voor het omzetten van het tijdelijk omgevingsplan naar het definitief omgevingsplan, ter illustratie(speculatief): JAAR 2025 2026 2027 2028 2029

WIJZIGING OMGEVINGSPLAN ▪ Aanpassing van de regels van de bruidsschat ▪ Integratie verordeningen ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 1 ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 2 ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 3 ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 4 ▪ Thematische aanpassing 1 ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 5 ▪ Gebiedsgerichte aanpassing 6

10

-

participatie aanpak transitie omgevingsplan; de inschatting van de benodigde capaciteit, zowel tijdelijk als structureel; bevoegdheidsverdeling raad, college, wethouder in de transitiefase.

Om (doel 2) vanaf 1 januari 2025 wijzigingen op het tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden te publiceren, zullen we de volgende resultaten opleveren; -

handboek publiceren wijziging omgevingsplan via STOP/TPOD voor intern gebruik; handboek wijzigen omgevingsplan voor extern gebruik; werkinstructie annoteren omgevingsplanwijziging; werkinstructie opstellen juridische regels; werkinstructie tekenen werkingsgebieden; werkinstructie toepasbare regels (optioneel, afhankelijk van al dan niet uitbesteden); procedure uitbesteden toepasbare regels (optioneel, afhankelijk van al dan niet uitbesteden.

Om (doel 3) vanaf 1 januari 2025 de doorwerking van de omgevingsvisie en het programma op het omgevingsplan én de doorwerking van het omgevingsplan op programma’s te borgen in de reguliere processen, zullen we de volgende resultaten opleveren: -

een checklist “doorwerking omgevingsplan” voor beleidsmedewerkers, als hulpmiddel om mensen bewust te maken wanneer het omgevingsplan aangepast of wanneer programma’s en omgeving moet worden; een procedure wijzigen omgevingsplan als gevolg van visie of programma; een procedure wijzigen programma als gevolg van omgevingsplan wijziging.

11

4

AFBAKENING PROJECT

4.1

Uitgangspunten

Op 3 maart 2020 heeft het college van de gemeente Noardeast-Fryslân zijn ambitie kenbaar gemaakt. “In zijn algemeenheid ligt de ambitie van het college bij een vernieuwende aanpak. (…) De transformatie van de bestemmingsplannen naar het omgevingsplan moet zorgvuldig plaatsvinden. Er mogen geen gaten vallen en meerdere inhoudelijke keuzes moeten duidelijk voor het voetlicht worden gebracht zodat een nieuwe aanpak, waarbij de gemeente zijn eigen bestuurlijke ruimte optimaal benut, mogelijk is geworden. Deze aanpak is vooral onderscheidend.” In het Plan van Aanpak definitief omgevingsplan definitief van 2022.03.31 zijn in H5 een aantal uitgangspunten geformuleerd. Onderstaande uitgangspunten nemen we mee. Op basis van voortschrijdend inzicht kunnen deze mogelijk aangepast worden. -

4.2

gebiedsgericht omzetten (vanwege integraliteit) en thematisch waar mogelijk; omgevingsvisie is leidend voor de inhoudelijke keuzes van het definitief omgevingsplan; beleid (ruimtelijk beleid en verordeningen) integraal herijken. De bruidsschat laten we op inhoud eerst zo als die is; ‘ja, mits’ doorvertalen naar de regels van het omgevingsplan; waar het kan zoveel mogelijk loslaten en algemene regels - met behoud van kwaliteit ontwerpgerichte aanpak; de wijze van reguleren afstemmen op de dynamiek van het gebied; (delen van) gemeentelijke verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving meenemen in het nieuwe omgevingsplan; activiteiten én functies; gemeentebrede regels als uitgangspunt; gebied- of locatiespecifieke regels als nodig en/of wenselijk; het gebruik van open dan wel gesloten normen laten afhangen van de activiteit en functie en de rechtszekerheid, flexibiliteit en duidelijkheid die je wilt bieden; werken met doelvoorschriften waar mogelijk, werken met middelvoorschriften indien het wenselijk of nodig is; (vooralsnog) zelf niet te werken met omgevingswaarden; we benutten de staalkaarten van de VNG bij het opstellen van het omgevingsplan en blijven kritisch op de inhoud; het casco van de VNG en de drie andere opbouwvarianten gebruiken we als vertrekpunt voor keuzes voor onze eigen structuur van de opbouw van het omgevingsplan; (op termijn) zelf het

omgevingsplan op kunnen stellen (groeimodel).

In scope

In scope is: ▪ ▪

het opstellen van een route naar het definitieve omgevingsplan vastgesteld te hebben; kunnen wijzigingen van het tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden.

12

4.3

Uit scope

Uit scope is: ▪

het daadwerkelijk omzetten van het tijdelijk omgevingsplan naar het definitief omgevingsplan.

13

5

GLOBALE AANPAK

5.1

Route naar het definitieve omgevingsplan

Om eind 2024 een route naar het definitieve omgevingsplan vastgesteld te hebben onderscheiden we vier fasen: 1. Ontwikkelen werkwijze & structuur Begin 2023 hebben we een structuur voor het omgevingsplan aangekocht bij een adviesbureau. De ervaringen van andere gemeenten leren dat deze structuur achterhaald is. Wij zullen dus tot een beter werkbare structuur moeten komen. Dit gaan we doen door: -

-

in gesprek te gaan met andere gemeenten over hun lessons learned; zelf te oefenen met 1 of meer deel omgevingsplannen; een adviesbureau de opdracht te geven 1 of meer deelomgevingsplannen te maken; een deel van de bruidsschat om te zetten naar de structuur van het definitief omgevingsplan; een verordening om te zetten naar de structuur van het definitief omgevingsplan; en wellicht komen we op basis van voortschrijdend inzicht nog tot meer acties.

Op basis van deze ervaringen komen we tot een definitieve structuur voor ons omgevingsplan. 2. Herijken uitgangspunten Ook zullen we op basis van de bovenstaande ervaringen de in hoofdstuk 4.1 genoemde uitgangspunten herijken en/of aanvullen. Het is de bedoeling dat deze uitgangspunten uiteindelijk een leidraad wordt voor het maken van afwegingen tijdens het overzetten van het tijdelijk omgevingsplan naar het definitieve omgevingsplan. 3. Opstellen fasering en planning Op basis van de ervaringen, de voorgestelde structuur, de herijkte uitgangspunten en de eerder opgeleverde beleidsinventarisatie, zullen we een planning maken voor de omzetting van het tijdelijk omgevingsplan naar het definitief omgevingsplan. In deze planning zullen we ook meenemen de bestuurlijke bevoegdheidsverdeling en de vaststellingsmomenten, voor zover mogelijk. 4. Voorbereiden team Op basis van de opgedane ervaringen maken we werkinstructies en een functieomschrijving voor de plancoördinatoren en indien nodig ook nog veranderen nieuw ontdekte functies. Tevens maken we een inschatting van de hoeveelheid benodigde capaciteit (op jaarbasis) voor: -

5.2

het omzetten van het tijdelijk omgevingsplan na het definitieve omgevingsplan; eventuele extra benodigde capaciteit voor het wijzigen van het tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden.

Wijzigen tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden

Om vanaf 1 januari 2025 wijzigingen op het tijdelijk omgevingsplan via de nieuwe digitale standaarden te publiceren, zullen we de onder 5.1.1 ontwikkelde werkwijze en structuur vertalen naar een werkwijze voor het wijzigen van het tijdelijk omgevingsplan. Met name de structuur is

14

hiervoor van belang. Door deze structuur schrijven initiatiefnemers voor op welke wijze zij hun wijziging moeten uitwerken.

5.3

Doorwerking omgevingsplan

Wanneer de structuur en manier van werken duidelijk is, maken we aan de hand van voorbeelden maken concreet hoe de verschillende instrumenten uit de wet op elkaar doorwerken. We maken hulpmiddelen om de doorwerking van de omgevingsvisie en het programma op het omgevingsplan en de doorwerking van het omgevingsplan op programma’s te borgen in de reguliere processen, worden de volgende resultaten opgeleverd.

15

6

PROJECTBEHEERSING

6.1

Projectplanning

Route naar het definitieve omgevingsplan Zoals toegelicht in het hoofdstuk aanpak onderscheiden we 2 fasen om tot een route naar het definitieve omgevingsplan te komen. 01-01-2025

Start project

Ontwikkelen werkwijze & structuur

Herijken uitgangspunten Voorbereiden team Opstellen fasering en planning Werkwijze wijzigen tijdelijk omgevingsplan STOP/TPOD Doorwerking omgevingsplan

6.2

Projectbegroting

Onze intentie is zelf de structuur en het transitie plan te ontwikkelen. Wel reserveren we budget voor inhoudelijke begeleiding door een adviesbureau, voor het geval blijkt dat we zelf kennis tekort komen om de gewenste resultaten op te leveren. Personeelskosten Inhuur Toepasbare regelanalist Ondersteuning adviesbureau totaal

€ 430.920 € 50.000 € 100.000 € 580.920

De benodigde inzet is in de kolom hieronder gespecificeerd Naam

Aandachtsgebied

Regels Beoordelen op Vergunningverlener uitvoerbaarheid Regels Beoordelen op Toezichthouder uitvoerbaarheid Geo opwerken voor visie en programma Annoteren en plancoordinatie RO

aantal uur pw

Aantal weken

Bedrag

4

42

€ 16.128,00

4

42

€ 16.128,00

6 15 15

42 42 42

€ 24.192,00 € 60.480,00 € 60.480,00

16

RO Relatie met Visie en programma / Integraal werken Schrijven van regels Juridische toets Projectleider

6.3

15

42

€ 60.480,00

10 15 6 12

42 42 42 42 totaal

€ 40.320,00 € 60.480,00 € 24.192,00 € 68.040,00 € 430.920,00

Projectorganisatie en taakverdeling

Bestuurlijk opdrachtgever Ambtelijk opdrachtgever Stuurgroep

Projectleider Projectteam

Vertegenwoordiger vergunningverlening (later) Vertegenwoordiger toezicht en handhaving (later)

6.4

Risico’s

Risico Te weinig tijd projectteam

Kans klein

Impact groot

Ontoereikende middelen

middel

groot

Te weinig kennis / vaardigheden

middel

groot

Maatregel(en) Prioritering t.o.v. andere werkzaamheden (Directie en management) Tijdige terugkoppeling naar opdrachtgever; aanvullende budget of soberder uitvoering. Tijdig signaleren richting management; Opleiden of nieuwe medewerkers werven indien nodig.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=noardeastfryslan&id=33610d2a-e0e2-453e-88d4-1e20622df2f0