CConstaterende datNoardeast-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

A-2 Verzoekbesluit

It Beslút 21 december 2023, gemeente Noardeast-FryslânBij agendapunt: Administratieve onteigeningsprocedure t.b.v. bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’2.646 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Voorstel aan de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân

Jaartal + zaaknummer

: 2023-238689

Raadsvergadering d.d.

: 21 december 2023

Portefeuillehouder

: wethouder R. Slijver

Programma

: (4) Wurk, Bedriuw en Rekreaasje

Programmaonderdeel

: 404 Recreatie versterken

Naam opsteller

: D. Keegstra

E-mail

: d.keegstra@noardeast-fryslan.nl

Onderwerp

: Administratieve onteigeningsprocedure t.b.v. bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’

Begrotingswijziging

: niet van toepassing

Voorgesteld raadsbesluit 1. Ingevolge titel IV, artikel 77 (en verder) van de Onteigeningswet, de Kroon te verzoeken, ten name van de gemeente Noardeast-Fryslân, in het belang van de ruimtelijke ontwikkeling, ter onteigening aan te wijzen de gronden, zoals vermeld op de bij dit besluit behorende en als zodanig te waarmerken grondtekening en lijst van de te onteigenen onroerende zaken, ten behoeve van de verwezenlijking van het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente op 10 februari 2022. 2.

De uitvoering van dit besluit (voor zover noodzakelijk ingevolge artikel 156 Gemeentewet) over te dragen aan het College van Burgemeester en Wethouders. Expliciet wordt daarbij aan het College van Burgemeester en Wethouders de bevoegdheid overgedragen: a. tot het verbeteren en het aanvullen van het verzoekbesluit; b. om - indien de te onteigenen gronden alsnog minnelijk door de gemeente in eigendom worden verworven respectievelijk tijdelijk in bruikleen verkregen - de Kroon te verzoeken om gronden niet op te nemen in het onteigeningsbesluit.

Inleiding In het kader van het uitvoeringsprogramma Súd Ie en Wetterfront Dokkum is de gemeente bezig met het tussen Dokkum en Oostmahorn realiseren van een fietspad langs de Súd Ie, het maken van enkele toeristischrecreatieve rustpunten langs de route (waterbelevingsstekjes) en enkele lokale recreatieve overstappunten. Dit is planologisch geborgd in het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’, vastgesteld door de raad van de gemeente op 10 februari 2022. Ter uitvoering van dit plan moet de gemeente volledig kunnen beschikken over de daarvoor benodigde onroerende zaken. In dit kader heeft de raad op 4 juni 2020 een besluit genomen over de aankoopstrategie op basis van de Onteigeningswet als grondslag voor volledige schadeloosstelling richting grondeigenaren, beperkt gerechtigden (erfpachters) en pachters bij de grondverwerving door de gemeente voor deze fietsverbinding. Sindsdien is een traject in gang gezet van minnelijke verwerving van de benodigde gronden, om via deze wijze de grondstroken in eigendom te verwerven respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen. Daarbij is duidelijk vermeld dat wanneer dit niet tijdig tot resultaat leidt, als laatste redmiddel onteigening wordt ingezet.

Omdat nog niet alle onroerende zaken / zakelijke rechten via minnelijke weg kunnen worden verworven en dit ook niet binnen afzienbare termijn valt te verwachten, ligt thans de indiening van het verzoek van de gemeente aan de Kroon voor om te mogen onteigenen. Beoogd effect Dit voorstel voorziet in de uitvoering van het door de raad vastgestelde bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan heeft de raad in 2022 onderschreven dat met de realisatie van het fietspad langs de Súd Ie, de twee lokale recreatieve overstappunten en ook de waterbelevingsstekjes, de versterkte toeristische en recreatieve verbindingen in dit gebied tussen Dokkum en De Skâns/Oostmahorn aan het Lauwersmeer gerealiseerd moeten worden. Tijdige realisatie is zowel in het belang van de bezoekende recreanten alsook de eigen inwoners van de dorpen, de stad en het platteland binnen de brede Lauwersmeerregio. De integrale samenhang van aanleg van recreatieve voorzieningen staat in integrale samenhang met de ecologische deelopgaven welke binnen het Programma Súd Ie zijn gerealiseerd. Het doel 1

van dit voorstel is om te kunnen beschikken over de volledige eigendom van de benodigde gronden ter uitvoering van het ruimtelijk plan. Deels is dat definitief, deels is dat tijdelijk: de gronden die enkel benodigd zijn als rij- en werk-strook kunnen worden (terug) verkocht, zodra alle werkzaamheden zijn uitgevoerd. Argumenten 1.1 Context De gemeente is bezig met het tussen Dokkum en Oostmahorn realiseren van een fietspad langs de Súd Ie, het maken van enkele toeristisch-recreatieve rustpunten langs de route (waterbelevingsstekjes) en enkele lokale recreatieve overstappunten. Dit is planologisch geborgd in het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’, vastgesteld door de raad van de gemeente op 10 februari 2022 (verder: het ruimtelijk plan). Ter uitvoering van het ruimtelijk plan moeten diverse werkzaamheden worden verricht. De gemeente Noardeast-Fryslân werkt sinds 2013 samen met de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân aan het opwaarderen van recreatieve verbindingen in de regio. Dit met het doel om recreatie en toerisme gericht op cultuurhistorie, natuur, watersport en sportvisserij te bevorderen en ecologische en landschappelijke waarden te versterken. Om dit doel te verwezenlijken is het uitvoeringsprogramma Súd Ie en Wetterfront Dokkum opgesteld.

De uitvoering van het programma maakt het mogelijk om naast de vaarverbinding Súd Ie ook de ontbrekende fietsverbinding in het fietsroutenetwerk tussen de recreatieve speerpunten Dokkum en Oostmahorn te gaan maken. Het programma bestaat uit drie verschillende uitvoeringsfases, die elkaar beïnvloeden en versterken. Fase 1 bestaat uit het op diepte brengen van het vaarwater van de Súd Ie, de aanleg van vispassages en het ecologisch verrijken van de oevers. De tweede fase bestaat uit het op hoogte brengen van de bruggen over de Súd Ie, zodat motorboten de route van Dokkum naar Oostmahorn kunnen bevaren. De eerste twee fasen zijn inmiddels nagenoeg afgerond. Belangrijk nog uit te voeren project binnen Fase 3 is de realisatie van een fietspad langs de Súd Ie, het maken van enkele toeristisch-recreatieve rustpunten langs de route (waterbelevingsstekjes) en enkele lokale recreatieve overstappunten. Fase 3 is een complementerende stap voor het programma Súd Ie en Wetterfront Dokkum. Om het project voor de aanleg van het fietspad en aanverwante recreatieve voorzieningen (op tijd) te kunnen uitvoeren, is het van belang dat de gemeente vrijelijk kan beschikken over de daarvoor benodigde gronden. De gemeente stelt zich altijd ten doel om benodigde gronden via minnelijke weg te kunnen verwerven respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen.

Echter, soms komen partijen niet (tijdig) tot een vergelijk. In dit geval is het helaas noodzakelijk gebleken om aan de Kroon te verzoeken de benodigde gronden ten name van de gemeente ter onteigening aan te wijzen. Dit raadsvoorstel betreft het zogenoemd verzoekbesluit, waarmee aan de Kroon wordt verzocht ten behoeve van de uitvoering van het project Fietspad Súd Ie de benodigde gronden ten name van de gemeente ter onteigening aan te wijzen. Eigendom is beschermd op grond van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en het Eerste Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Een inbreuk op het recht op eigendom mag alleen gebeuren op basis van een formele wet. In het geval van Nederland is dit de Onteigeningswet. 1.2 Probleemstelling en analyse Hoe kan de gemeente beschikken over de benodigde gronden? Om het ruimtelijk plan uit te kunnen voeren, moet de gemeente beschikken over de daarvoor benodigde gronden: deels betreft dat definitief benodigde gronden, deels gronden die tijdelijk zijn benodigd als rij- en werkstrook. Zo veel mogelijk heeft de gemeente gepoogd en blijft zij dat ook doen de benodigde gronden via minnelijke weg te verwerven respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen. Hierbij zijn de gewone verwervingsinstrumenten (koop respectievelijk bruikleen) ingezet.

Dit heeft nog niet in alle gevallen geleid tot minnelijke verwerving respectievelijk bruikleen. Zodoende doen Burgemeester & Wethouders thans het voorstel aan uw Raad om het administratieve onteigeningstraject op te starten. Dit betreft een procedure waarbij de gemeente bij de Kroon een verzoek tot aanwijzing ter onteigening indient. In de praktijk is de Corporate Dienst van Rijkswaterstaat de organisatie die het verzoek vervolgens in behandeling neemt. Er is uitputtend beschreven op welke wijze het verzoek door de gemeente moet worden ingediend. Het betreft dan de aan te leveren documenten, waaronder het besluit van de Raad en de overige bijlagen. Overigens betekent dit voorstel aan de Raad geenszins dat hiermee gestopt wordt met de pogingen om de benodigde gronden alsnog minnelijk te verwerven respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen; deze pogingen worden onverminderd voortgezet. Ons College heeft goede hoop dat alsnog met één of meerdere eigenaren, beperkt gerechtigden (o.a. erfpachters), pachters en andere belanghebbenden overeenstemming kan worden bereikt in de tijd tussen indiening van dit voorstel en het uiteindelijke onteigeningsbesluit van de Kroon. Zodoende wordt aan de Raad verzocht de bevoegdheid om wijzigingen aan te brengen in het verzoek 2

V 1.1

aan de Kroon te delegeren aan ons College van Burgemeester & Wethouders; wij zullen uw Raad regelmatig op de hoogte brengen van het gebruik van de gedelegeerde bevoegdheden. Vanwege de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024 zal het verzoekbesluit (dat gebaseerd is op de Onteigeningswet) nog in 2023 genomen dienen te worden en dienen te worden voorgedragen bij de Kroon. Vanaf 1 januari 2024 is dat niet meer mogelijk. De Onteigeningswet is dan vervallen en voor onteigening gelden dan andere procedureregels, zoals blijkend uit de Omgevingswet. Kanttekeningen en risico’s 2.1 Samenhang met het beroep tegen het vastgestelde bestemmingsplan Er is door derde partijen beroep ingesteld tegen het vastgestelde bestemmingsplan bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als het bestemmingsplan op dat moment nog niet onherroepelijk is, zullen aan het besluit van de Kroon, zoals steeds bij dergelijke besluiten wordt gedaan, de voorwaarden worden verbonden dat a.) niet zal worden overgegaan tot dagvaarding als bedoeld in artikel 18 van de Onteigeningswet, voordat het bestemmingsplan onherroepelijk van kracht zal zijn met betrekking tot de in het onteigeningsverzoek begrepen gronden en b.) dat dit besluit vervalt indien het bestemmingsplan onherroepelijke rechtskracht zal ontberen met betrekking tot vorenbedoelde gronden.

2.2 Procedure onteigening en volledige uitvoering Na de administratieve onteigeningsprocedure zal zo nodig ook nog een gerechtelijke onteigeningsprocedure moeten worden gevoerd. Deze procedure betreft de daadwerkelijke eigendomsverkrijging als ook de vaststelling van de schadeloosstelling. In de praktijk bestaat de gerechtelijke onteigening uit twee delen: het eerste deel betreft de verkrijging van de eigendom met bijbehorende betaling van een voorschot op de schadeloosstelling; het tweede deel betreft de vaststelling van de hoogte van de schadeloosstelling. Eerst wanneer het eerste deel tot daadwerkelijke eigendomsverkrijging heeft geleid, kunnen de planwerkzaamheden volledig worden uitgevoerd. De gemeente verwerft de gronden, die niet op basis van overeenstemming met de eigenaren en/of beperkt gerechtigden worden verworven respectievelijk tijdelijk in bruikleen worden verkregen, middels onteigening. 2.3 Tijdens de onteigeningsprocedure blijven inzetten op overeenstemming Uiteraard is de voorkeuroplossing dat dit voorstel overbodig blijkt, omdat de verwerving respectievelijk het tijdelijk in bruikleen verkrijgen van de diverse gronden alsnog is gelukt. De ambtelijke dienst onder het College van Burgemeester en Wethouders blijft zich er dan ook voor inzetten om met de eigenaren, beperkt gerechtigden (erfpachters) en pachters tot overeenstemming te komen.

Financiën De financiële dekking voor de totale investeringskosten van de realisatie is eerder door de raad vrijgegeven. Naast het Waddenfonds draagt ook de provincie Fryslân hieraan bij. Om de werken en werkzaamheden ter uitvoering van het bestemmingsplan tijdig te kunnen realiseren, is het van belang dat de gemeente de eigendommen en bruiklenen, vrij van lasten en rechten, tijdig verkrijgt van de in het onteigeningsplan begrepen onroerende zaken. Vervolg en planning De administratieve onteigeningsprocedure vangt aan met het door de Raad te nemen verzoekbesluit. Na besluitvorming door de Raad wordt dat door het College van Burgemeester & Wethouders aan de Kroon voorgedragen, door tussenkomst van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Rijkswaterstaat Corporate Dienst, Afdeling BJV Publiekrecht te Utrecht. Na ontvangst van het onteigeningsbesluit van de Kroon wordt (o.g.v. artikel 17 van de Onteigeningswet) een laatste aanbod gedaan aan de eigenaren, beperkt gerechtigden (o.a. erfpachters), pachters en andere belanghebbenden ten aanzien van wie de benodigde gronden nog niet minnelijk zijn verworven resp. tijdelijk in bruikleen verkregen. Indien dit aanbod wordt afgewezen, volgt de gerechtelijke onteigeningsprocedure. Communicatie + Participatie De gemeente heeft als verzoeker met de betreffende eigenaren, beperkt gerechtigden (o.a.

erfpachters), pachters en andere belanghebbenden en/of hun vertegenwoordigers periodiek overleg gevoerd om deze onroerende zaken minnelijk in eigendom respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen. Dit overleg heeft vooralsnog niet tot (volledige) overeenstemming geleid. Ten tijde van het besluit over dit verzoek was het naar het oordeel van de verzoeker niet aannemelijk dat het overleg binnen afzienbare termijn tot vrijwillige eigendomsoverdracht respectievelijk vrijwillige in bruikleengeving leidt. In dit verband is het aan uw

3

V 1.1

gemeenteraad om het besluit te nemen over dit raadsvoorstel tot onteigening om de tijdige verwezenlijking van het bestemmingsplan zeker te stellen. Indien uw raad instemt met onderhavig verzoek, dan zal het verzoekbesluit en de daarbij behorende documenten nog dit jaar aan de Kroon (moeten) worden toegezonden. Participatie is bij de indiening van het verzoekbesluit bij de Kroon niet van toepassing. Evenals dat geldt voor de periode voorafgaand aan het nemen van dit verzoekbesluit, worden zoals hierboven genoemd de pogingen om de benodigde gronden alsnog minnelijk te verwerven respectievelijk tijdelijk in bruikleen te verkrijgen na het verzoekbesluit onverminderd voortgezet. Het College van Burgemeester en Wethouders heeft goede hoop dat alsnog met één of meer eigenaren, beperkt gerechtigden (o.a. erfpachters), pachters en andere belanghebbenden overeenstemming kan worden bereikt in de tijd tussen indiening van het verzoekbesluit en het uiteindelijke onteigeningsbesluit van de Kroon en blijft zich hiervoor inzetten.

Bijlagen Ten behoeve van de onteigening ter uitvoering van het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ zijn de volgende bijlagen bij dit raadsvoorstel gevoegd: A-1 De voordracht A-2 Verzoekbesluit A-3 Grondtekening A-4 Lijst van de te onteigenen onroerende zaken (onteigeningslijst) A-5 Zakelijke beschrijving A-6 Kadaster A-7 Lijst van de belanghebbenden A-8 Informatieblad toepassing Woo m.b.t. adressenlijst, logboek en bewijsstukken B-1 Verbeelding B-2 Projectie grondtekening (op de verbeelding) B-3 Besluitvorming rechtsbasis B-4 (Plan)toelichting en (plan)regels B-5 Andere documenten De verdere documenten behorende bij het onderhavige onteigeningsverzoek zijn: C-1 Adressenlijst (geheim) C-2 Logboeken en bewijsstukken (geheim) Op basis van artikel 87 Gemeentewet en artikel 5.1 lid 2 sub e Wet Open Overheid is ter eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer geheimhouding opgelegd op de documenten C-1 en C-2. ‘In de logboeken, de bewijsstukken en de adressenlijst van de belanghebbenden zijn gegevens opgenomen die betrekking hebben op de persoonlijke levenssfeer. De adressenlijst van belanghebbenden wordt om die reden niet ter inzage gelegd. De logboeken en de bewijsstukken liggen om die reden niet voor een ieder ter inzage (Citaat uit de openbare toelichting van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Rijkswaterstaat Corporate Dienst.

Toepassing Woo / versie 19/10/2023; Bijlage A-8).

Dokkum, 7 november 2023,

Burgemeester en wethouders van de gemeente Noardeast-Fryslân,

de secretaris, H.J.C.M Verbunt MBA

de burgemeester, mr. J.G. Kramer

4

V 1.1

Raadsbesluit

De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. d.d. 7 november 2023; gelet op artikel 77, lid 1, sub 1, van de Onteigeningswet en de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit: 1.

Ingevolge titel IV, artikel 77 (en verder) van de Onteigeningswet, de Kroon te verzoeken, ten name van de gemeente Noardeast-Fryslân, in het belang van de ruimtelijke ontwikkeling, ter onteigening aan te wijzen de gronden, zoals vermeld op de bij dit besluit behorende en als zodanig te waarmerken grondtekening en lijst van de te onteigenen onroerende zaken, ten behoeve van de verwezenlijking van het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente op 10 februari 2022.

2.

De uitvoering van dit besluit (voor zover noodzakelijk ingevolge artikel 156 Gemeentewet) over te dragen aan het College van Burgemeester en Wethouders. Expliciet wordt daarbij aan het College van Burgemeester en Wethouders de bevoegdheid overgedragen: a. tot het verbeteren en het aanvullen van het verzoekbesluit; b. om - indien de te onteigenen gronden alsnog minnelijk door de gemeente in eigendom worden verworven respectievelijk tijdelijk in bruikleen verkregen - de Kroon te verzoeken om gronden niet op te nemen in het onteigeningsbesluit.

Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering d.d. 21 december 2023. De raad voornoemd, de griffier,

de voorzitter,

mr. S.K. Dijkstra

mr. J.G. Kramer

5

V 1.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=noardeastfryslan&id=377c0456-9f88-4390-9fbe-2c80c31d93a7