Wijzigingen in oorspronkelijk GR Streekarchief VP 2024
Tekst van het document
Wijziging GR Streekarchief Voorne-Putten – was/wordt-tabel
Leeswijzer
In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet. In de ‘nieuwe tekst zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 1 Begripsbepalingen
Artikel 1 Definities
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
1.
a.
de regeling: de gemeenschappelijke regeling
In deze regeling wordt verstaan onder: -
Streekarchief Voorne-Putten b.
archiefbescheiden: a.
12, eerste lid, en artikel 13, eerste lid,
Streekarchief: de rechtspersoonlijkheid
van de Archiefwet 1995 naar het
bezittende bedrijfs-voeringsorganisatie als
archiefbewaarplaats van het Regionaal
bedoeld in artikel 3 c.
Historisch Centrum zijn, dienen te of
gemeenten: de gemeenten Nissewaard en
zullen worden overgebracht;
Voorne aan Zee d.
b.
bijzondere personen of instellingen in bewaring, bruikleen of ten geschenke
gedeputeerde staten het college van
zijn of zullen worden ontvangen; en
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland f.
c.
de verzamelingen van geschreven, getekende of gedrukte stukken en alle
de wet: de Wet gemeenschappelijke
overige verzamelingen, welke tot
regelingen (Wgr) g.
de documenten welke van het Rijk, van besturen van openbare lichamen of van
college: het college van burgemeester en wethouders
e.
de documenten welke in gevolge artikel
toelichting op of ter aanvulling van de
archiefbewaarplaats: het door het bestuur
vorengenoemde documenten kunnen
van de gemeenschappelijke regeling
dienen;
aangewezen (e-)depot.
2. Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, dient in de plaats van de
-
archiefbewaarplaats: het door het bestuur van de gemeenschappelijke regeling aangewezen (e-)depot;
gemeente, de raad, het college van burgemeester
-
en wethouders respectievelijk de burgemeester
college: het college van burgemeester en wethouders;
te worden gelezen: de
-
bedrijfsvoeringsorganisatie Streekarchief
gedeputeerde staten: het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland;
Voorne-Putten, haar bestuur, respectievelijk haar
-
voorzitter
gemeenten: de gemeenten GoereeOverflakkee, Nissewaard en Voorne aan Zee;
-
regeling: de gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee;
-
Regionaal Historisch Centrum: de rechtspersoonlijkheid bezittende bedrijfsvoeringsorganisatie als bedoeld in artikel 3;
-
wet: Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
2.
Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, dient in de plaats van de gemeente, de raad, het college van burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester te worden gelezen: de bedrijfsvoeringsorganisatie Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee, haar bestuur, respectievelijk haar voorzitter.
Artikel 2 Begripsbepaling archiefbescheiden
Artikel 2 [vervallen]
Onder archiefbescheiden wordt in deze regeling verstaan: a.
de documenten welke in gevolge artikel 12, eerste lid, en artikel 13, eerste lid, van de Archiefwet 1995 naar het archiefbewaarplaats van het Streekarchief Voorne-Putten zijn, dienen te of zullen worden overgebracht.
b.
de documenten welke van het Rijk, van besturen van openbare lichamen of van bijzondere personen of instellingen in bewaring, bruikleen of ten geschenke zijn of zullen worden ontvangen. Pagina 2 van 12
c.
de verzamelingen van geschreven, getekende of gedrukte stukken en alle overige verzamelingen, welke tot toelichting op of ter aanvulling van de vorengenoemde documenten kunnen dienen.
Artikel 3 Instelling
Artikel 3 Instelling
1. Er is een bedrijfsvoeringsorganisatie genaamd
1. Er is een bedrijfsvoeringsorganisatie genaamd
Streekarchief Voorne-Putten, gevestigd te Brielle,
Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten
gemeente Voorne aan Zee.
Goeree-Overflakkee, gevestigd te Hellevoetsluis, gemeente Voorne aan Zee.
2. De gemeenten wijzen de archiefbewaarplaats aan als hun gemeentelijke archiefbewaarplaats als
2. De gemeenten wijzen de archiefbewaarplaats aan
bedoeld in artikel 31 van de Archiefwet 1995.
als hun gemeentelijke archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 31 van de Archiefwet 1995.
Artikel 4 Doel en evaluatie Artikel 4 Doel en evaluatie 1.
1.
het samenwerkingsgebied:
Doel van het Streekarchief is in het samenwerkingsgebied: a.
b.
Doel van het Regionaal Historisch Centrum is in a.
uitvoering geven aan de Archiefwet 1995; en
b.
het vervullen van de functie van regionaal
uitvoering geven aan de Archiefwet; alsmede
kennis- en informatiecentrum op het gebied
het
van de lokale en regionale geschiedenis door het opbouwen en beheren van een zo breed
vervullen van de functie van regionaal
mogelijke collectie (regionaal) historische
kennis- en informatiecentrum op het gebied
bronnen en deze op een zo actief mogelijke
van de lokale en regionale geschiedenis door het opbouwen en beheren van een zo breed mogelijke collectie (regionaal) historische
wijze dienstbaar te maken voor het publiek. 2.
worden geëvalueerd op de in artikel 8 genoemde
bronnen en deze op een zo actief mogelijke
informatieverstrekking en verantwoordingsplicht.
wijze dienstbaar te maken voor het publiek. 2.
Elke vier jaar zal de werking van de regeling
Elke vier jaar zal de werking van de regeling worden geëvalueerd op de in artikel 8 genoemde informatieverstrekking en verantwoordingsplicht.
Artikel 5 Taken en bevoegdheden 1.
Het Streekarchief heeft tot taak:
Artikel 5 Taken en bevoegdheden 1.
Het Regionaal Historisch Centrum heeft tot taak: a.
het beheer van de in de archiefbewaarplaats berustende documenten van de gemeenten,
Pagina 3 van 12
a.
het beheer van de in de archiefbewaarplaats
zoals nader omschreven in de Archiefwet
berustende documenten van de gemeenten,
1995;
zoals nader omschreven in de Archiefwet
b.
1995; b.
documenten van de gemeenten voor zover deze niet zijn overgebracht;
het toezicht op het beheer van de
c.
documenten van de gemeenten voor zover
aanleggen, beheren en bewaren van een zo
het stimuleren van de lokale en regionale
compleet mogelijke collectie bronnen op het
geschiedbeoefening en het daartoe
gebied van de lokale en regionale
aanleggen, beheren en bewaren van een zo
geschiedenis;
compleet mogelijke collectie bronnen op het
d.
het exploiteren van een archiefbewaarplaats;
gebied van de lokale en regionale
e.
het beheer van door andere partijen dan de
geschiedenis;
2.
gemeenten overgedragen archieven. 2.
het exploiteren van een archiefbewaarplaats;
e.
het beheer van door andere partijen dan de
dit geen verstoring veroorzaakt van deze taken,
gemeenten overgedragen archieven.
op verzoek van een van de gemeenten ook
kan het Regionaal Historisch Centrum, voor zover
andere adviserende, ondersteunende of
In aanvulling op de taken voor alle gemeenten
uitvoerende werkzaamheden op het werkterrein van het Regionaal Historisch Centrum, uitvoeren.
verstoring veroorzaakt van deze taken, op
De verschuldigde bijdrage voor deze plustaken
verzoek van één van de gemeenten ook andere adviserende, ondersteunende of uitvoerende werkzaamheden op het werkterrein van het
wordt vastgesteld door het bestuur. 3.
Het Regionaal Historisch Centrum kan desgevraagd taken in het kader van de Archiefwet
Streekarchief, uitvoeren. De verschuldigde
1995 dan wel met betrekking tot de
bijdrage voor deze plustaken wordt vastgesteld
cultuurhistorische functie, voor derden
door het bestuur.
uitoefenen; het bestuur beslist over de vraag of
Het Streekarchief kan desgevraagd taken in het
en in welke omvang het Regionaal Historisch
kader van de Archiefwet 1995 dan wel met
Centrum voor een derde taken gaat uitvoeren.
betrekking tot de cultuurhistorische functie, voor
4.
In aanvulling op de taken voor alle gemeenten
d.
kan het Streekarchief, voor zover dit geen
3.
het stimuleren van de lokale en regionale geschiedbeoefening en het daartoe
deze niet zijn overgebracht; c.
het toezicht op het beheer van de
4.
De raden zullen om een zienswijze gevraagd
derden uitoefenen; het bestuur beslist over de
worden voor besluiten van groot
vraag of en in welke omvang het Streekarchief
maatschappelijke belang, besluiten met
voor een derde taken gaat uitvoeren.
belangrijke beleidswijzigingen en/of van groot
De raden zullen om een zienswijze gevraagd worden voor besluiten van groot maatschappelijke belang, besluiten met belangrijke beleidswijzigingen en/of van groot
financieel belang. 5.
Er is niet gekozen voor het openen van een mogelijkheid tot participatie als bedoeld in artikel 10 zevende lid van de wet.
financieel belang.
Pagina 4 van 12
5.
Er is niet gekozen voor het openen van een mogelijkheid tot participatie als bedoeld in artikel 10 zevende lid van de wet.
Artikel 9 bevoegdheden 1.
Aan het bestuur komen alle bevoegdheden tot
Artikel 9 Bevoegdheden 1.
regeling en bestuur toe die noodzakelijk zijn ten
regeling en bestuur toe die noodzakelijk zijn ten
behoeve van de uitvoering van taken die bij deze
behoeve van de uitvoering van taken die bij deze
gemeenschappelijke regeling aan het Regionaal
gemeenschappelijke regeling aan het
Historisch Centrum zijn opgedragen en die
Streekarchief zijn opgedragen en die daarvoor bij
daarvoor bij of krachtens enig wettelijk
of krachtens enig wettelijk voorschrift aan
voorschrift aan gemeentebesturen zijn of worden
gemeentebesturen zijn of worden toegekend. 2.
Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden
Aan het bestuur komen alle bevoegdheden tot
toegekend. 2.
Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden
op grond van het elders in deze regeling
op grond van het elders in deze regeling bepaald,
bepaald, is het bestuur in elk geval belast met en
is het bestuur in elk geval belast met en bevoegd
bevoegd tot:
tot:
a.
a.
het vaststellen van de jaar- en
meerjarenbeleidsplannen;
meerjarenbeleidsplannen; b.
b.
het opstellen van voorwaarden voor c.
overheden, instellingen, diensten en personen;
instellingen, diensten en personen;
d.
zowel in als buiten rechte en het doen van
maatregelen zowel in als buiten rechte en het
alles wat nodig is ter voorkoming van
doen van alles wat nodig is ter voorkoming
verjaring van recht of bezit. 3.
Centrum met een of meer gemeenten afspraken maken om de daarop gerichte activiteiten te
meer gemeenten afspraken maken om de daarop gerichte activiteiten te leveren.
Het bestuur kan ten behoeve van de bedrijfsvoering van het Regionaal Historisch
Het bestuur kan ten behoeve van de bedrijfsvoering van het Streekarchief met één of
4.
het nemen van alle conservatoire maatregelen
het nemen van alle conservatoire
van verjaring van recht of bezit. 3.
het voorstaan van de belangen van het Regionaal Historisch Centrum bij andere
het voorstaan van de belangen van het
Streekarchief bij andere overheden,
d.
het opstellen van voorwaarden voor toetreding;
toetreding; c.
het vaststellen van de jaar- en
leveren. 4.
Het bestuur heeft de bevoegdheid te besluiten tot
Het bestuur heeft de bevoegdheid te besluiten
de oprichting van en de deelneming in
tot de oprichting van en de deelneming in
stichtingen, maatschappen, vennootschappen,
stichtingen, maatschappen, vennootschappen,
verenigingen, coöperaties en onderlinge
verenigingen, coöperaties en onderlinge
waarborgmaatschappijen indien dat in het
waarborgmaatschappijen indien dat in het
bijzonder aangewezen moet worden geacht voor
Pagina 5 van 12
bijzonder aangewezen moet worden geacht voor
de behartiging van het daarmee te dienen
de behartiging van het daarmee te dienen
openbaar belang.
openbaar belang.
Artikel 11 Taken en bevoegdheden
Artikel 11 Taken en bevoegdheden
1. De voorzitter is belast met de leiding van de
1. De voorzitter is belast met de leiding van de
vergaderingen van het bestuur.
2. De voorzitter is belast met de uitvoering van de
vergaderingen van het bestuur.
2. De voorzitter is belast met de uitvoering van de
besluiten van het bestuur.
besluiten van het bestuur.
3. Alle stukken, uitgaande van het bestuur worden
3. Alle stukken, uitgaande van het bestuur worden
door de voorzitter ondertekent, tenzij hij aan de
door de voorzitter ondertekend, tenzij hij aan de
directeur, als bedoeld in artikel 14, het tekenen
directeur, als bedoeld in artikel 14, het tekenen
van bepaalde stukken heeft opgedragen.
van bepaalde stukken heeft opgedragen.
4. De voorzitter vertegenwoordigt het Streekarchief
4. De voorzitter vertegenwoordigt het Regionaal
in en buiten rechte. Indien de voorzitter behoort
Historisch Centrum in en buiten rechte. Indien de
tot het bestuur van een gemeente die partij is in
voorzitter behoort tot het bestuur van een
een privaatrechtelijke aangelegenheid dan wel
gemeente die partij is in een privaatrechtelijke
een geschil waarbij het Streekarchief betrokken
aangelegenheid dan wel een geschil waarbij het
is, oefent de plaatsvervangend voorzitter deze
Regionaal Historisch Centrum betrokken is,
bevoegdheid uit. Als ook zijn bestuur bij de
oefent de plaatsvervangend voorzitter deze
privaatrechtelijke aangelegenheid dan wel het
bevoegdheid uit. Als ook zijn bestuur bij de
geschil is betrokken, oefent een ander lid deze
privaatrechtelijke aangelegenheid dan wel het
bevoegdheid uit.
geschil is betrokken, oefent een ander lid deze bevoegdheid uit.
Artikel 14 Directeur
Artikel 14 Directeur
1.
Aan het hoofd van de organisatie staat de
1. Aan het hoofd van de organisatie staat de
directeur. Deze heeft de dagelijkse leiding.
directeur. Deze heeft de dagelijkse leiding.
2.
De directeur wordt door het bestuur aangesteld, geschorst en ontslagen.
3.
De besturen van de gemeenten wijzen de in het vorige lid vermelde directeur aan als hun gemeentearchivaris.
4.
De directeur is verantwoordelijk verschuldigd aan
2.
De directeur wordt door het bestuur aangesteld, geschorst en ontslagen.
3. 4.
[vervallen] De directeur is verantwoordelijk verschuldigd aan het bestuur.
het bestuur.
Pagina 6 van 12
Artikel 18 Boekjaar Het boekjaar van het Streekarchief is gelijk aan het
Artikel 18 Boekjaar Het boekjaar van het Regionaal Historisch Centrum is gelijk aan het kalenderjaar.
kalenderjaar. Artikel 19 Begroting Artikel 19 Begroting
1. Het bestuur maakt jaarlijks een
1. Het bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting op, inclusief meerjarenraming en toelichting, voor
ontwerpbegroting op, inclusief meerjarenraming
het volgende boekjaar. Het bestuur zendt deze
en toelichting, voor het volgende boekjaar. Het
vóór 30 april toe aan de raden van de
bestuur zendt deze vóór 30 april toe aan de
deelnemende gemeenten.
raden van de deelnemende gemeenten.
2. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de
2. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de
besturen van de gemeenten voor een ieder ter
besturen van de gemeenten voor een ieder ter
inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten,
inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten,
algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel 190,
algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel 190,
tweede en derde lid, van de Gemeentewet is van
tweede en derde lid, van de Gemeentewet is van
overeenkomstige toepassing. Bovendien wordt
overeenkomstige toepassing. Bovendien wordt
deze op de website van het Regionaal Historisch
deze op de website van het Streekarchief
Centrum gepubliceerd.
gepubliceerd.
3. De raden van de gemeenten kunnen bij het
3. De raden van de gemeenten kunnen bij het bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting
bestuur hun zienswijze over de
binnen twaalf weken na de datum van
ontwerpbegroting binnen twaalf weken na de
toezending, dat wil zeggen uiterlijk 30 juli, naar
datum van toezending, dat wil zeggen uiterlijk
voren brengen.
30 juli, naar voren brengen.
4. Het bestuur behandelt het ontwerp van de
4. Het bestuur behandelt het ontwerp van de begroting onder bijvoeging van de zienswijzen
begroting onder bijvoeging van de zienswijzen
van de raden en stelt uiterlijk op 1 september
van de raden en stelt uiterlijk op 1 september
voorafgaand aan het jaar waarvoor deze geldt de
voorafgaand aan het jaar waarvoor deze geldt de
begroting vast.
begroting vast.
5. Nadat deze is vastgesteld, zendt het bestuur
5. Nadat deze is vastgesteld, zendt het bestuur binnen twee weken, maar in ieder geval vóór 15
binnen twee weken, maar in ieder geval vóór 15
september, de begroting aan gedeputeerde
september, de begroting aan gedeputeerde
staten. Gelijktijdig zendt het de begroting aan de
staten. Gelijktijdig zendt het de begroting aan de
raden van de deelnemende gemeenten, die ter
raden van de deelnemende gemeenten, die ter
zake bij gedeputeerde staten hun zienswijze naar
zake bij gedeputeerde staten hun zienswijze naar
voren kunnen brengen.
voren kunnen brengen.
Pagina 7 van 12
6. Het bepaalde in de leden 1 tot en met 5 is van
6. Het bepaalde in de leden 1 tot en met 5 is van
overeenkomstige toepassing op besluiten tot
overeenkomstige toepassing op besluiten tot
wijziging van de begroting, met uitzondering van
wijziging van de begroting, met uitzondering van
de in lid 5 genoemde datum. Het bepaalde in de
de in lid 5 genoemde datum. Het bepaalde in de
leden 1 tot en met 4 is niet van toepassing op
leden 1 tot en met 4 is niet van toepassing op
begrotingswijzigingen die budgetneutraal zijn.
begrotingswijzigingen die budgetneutraal zijn.
Artikel 21 Exploitatiesaldo 1.
Indien enig exploitatiejaar een batig saldo
Artikel 21 Exploitatiesaldo 1.
oplevert, besluit het bestuur of dit saldo:
oplevert, besluit het bestuur of dit saldo: -
Indien enig exploitatiejaar een batig saldo
-
geheel of gedeeltelijk zal worden toegevoegd
aan de reserve, doch alleen en voor zover het
aan de reserve, doch alleen en voor zover het
maximumplafond van meer dan 10% van de
maximumplafond van meer dan 10% van de
jaaromzet nog niet is bereikt;
jaaromzet nog niet is bereikt; -
-
geheel of gedeeltelijk zal worden gebruikt
-
geheel of gedeeltelijk zal worden
de in artikel 23 genoemde verdeelsleutel;
de in artikel 23 genoemde verdeelsleutel; -
geheel of gedeeltelijk in mindering zal
gemeenten het volgende jaar zullen moeten
gemeenten het volgende jaar zullen moeten
doen.
doen. Onder het bepaalde in het eerste lid vallen niet
2.
Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en het weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige saldo te dekken, stelt het bestuur een plan vast dat gericht is op het afbouwen en/of dekken van het nadelig exploitatiesaldo. Het bestuur bepaalt tevens of, en zo ja tot welk bedrag, de gemeenten zullen bijdragen in het nadelig saldo. Het bedoelde plan wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de raden van de gemeenten gedurende een termijn van twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om
Onder het bepaalde in het eerste lid vallen niet de andere reserves dan het weerstandsvermogen.
de andere reserves dan het weerstandsvermogen. 3.
geheel of gedeeltelijk in mindering zal worden gebracht op de bijdragen die de
worden gebracht op de bijdragen die de
2.
geheel of gedeeltelijk zal worden gerestitueerd aan de gemeenten op basis van
gerestitueerd aan de gemeenten op basis van
-
geheel of gedeeltelijk zal worden gebruikt voor extra investeringen;
voor extra investeringen; -
geheel of gedeeltelijk zal worden toegevoegd
3.
Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en het weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige saldo te dekken, stelt het bestuur een plan vast dat gericht is op het afbouwen en/of dekken van het nadelig exploitatiesaldo. Het bestuur bepaalt tevens of, en zo ja tot welk bedrag, de gemeenten zullen bijdragen in het nadelig saldo. Het bedoelde plan wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de raden van de gemeenten gedurende een termijn van twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om
Pagina 8 van 12
4.
hun mening ten aanzien van het plan naar voren
hun mening ten aanzien van het plan naar voren
te brengen.
te brengen.
Wanneer het bestuur overeenkomstig het
4.
Wanneer het bestuur overeenkomstig het
gestelde in het tweede lid een besluit heeft
gestelde in het tweede lid een besluit heeft
genomen omtrent het bijdragen door de
genomen omtrent het bijdragen door de
gemeenten in het nadelig exploitatiesaldo, wordt
gemeenten in het nadelig exploitatiesaldo, wordt
het nadelig exploitatiesaldo door de gemeenten
het nadelig exploitatiesaldo door de gemeenten
gedragen op basis van de in artikel 21 lid 2
gedragen op basis van de in artikel 23, tweede
genoemde verdeelsleutel.
lid, genoemde verdeelsleutel.
Artikel 22 Financiering
1. Besluiten tot het aangaan van geldleningen en
Artikel 22 Financiering
1. Besluiten tot het aangaan van geldleningen en rekening-courant-overeenkomsten alsmede tot
rekening-courant-overeenkomsten alsmede tot
het uitlenen van geld worden binnen twee weken
het uitlenen van geld worden binnen twee weken
na de vaststelling daarvan aan gedeputeerde
na de vaststelling daarvan aan gedeputeerde
staten gezonden.
staten gezonden.
2. Voor het betalen van rente en aflossing van
2. Voor het betalen van rente en aflossing van geldleningen en in rekening-courant opgenomen
geldleningen en in rekening-courant opgenomen
gelden staan de gemeenten garant voor zover ter
gelden staan de gemeenten garant voor zover ter
zake door andere overheidsorganen geen
zake door andere overheidsorganen geen
garantie is verstrekt. De gemeenten nemen aan
garantie is verstrekt. De gemeenten nemen aan
de garantie deel in de verhouding tot de
de garantie deel in de verhouding tot de
bijdragen als bedoeld in artikel 23, tweede lid,
bijdragen als bedoeld in artikel 21 lid 1 van deze
van deze regeling. Indien uit deze bepaling in
regeling. Indien uit deze bepaling in enig jaar
enig jaar voor de gemeenten
voor de gemeenten betalingsverplichtingen
betalingsverplichtingen voortvloeien, worden
voortvloeien, worden deze aan de met de
deze aan de met de gemeenten te verrekenen
gemeenten te verrekenen bijdragen toegevoegd.
Artikel 23 Bijdragen
bijdragen toegevoegd.
Artikel 23 Bijdragen 1.
voor een specifiek boekjaar wordt aangeduid in
1. De door de gemeenten verschuldigde bijdrage
de begroting van dat boekjaar.
voor een specifiek boekjaar wordt aangeduid in de begroting van dat boekjaar.
2. De deelnemende gemeenten dragen ieder de helft bij in de kosten van het Streekarchief.
De door de gemeenten verschuldigde bijdrage
2.
De deelnemende gemeenten dragen ieder voor gelijke delen bij in de kosten van het Regionaal Historisch Centrum.
Pagina 9 van 12
3.
In afwijking van het tweede lid draagt de gemeente Voorne aan Zee voor twee delen bij in de huur van de vestiging van het Regionaal Historisch Centrum.
Artikel 25 Uittreding
1. Een gemeente kan uittreden door toezending van
Artikel 25 Uittreding 1.
een daartoe strekkend aangetekend schrijven aan
een daartoe strekkend aangetekend schrijven aan
het bestuur waarin met inachtneming van het
het bestuur waarin met inachtneming van het
bepaalde in het derde lid staat vermeld per
bepaalde in het derde lid staat vermeld per wanneer de uittreding is voorzien.
wanneer de uittreding is voorzien. 2.
gemeenten.
schrijven in kopie aan de colleges van de overige 3.
31 december van het tweede kalenderjaar
kan de uittreding niet eerder plaatsvinden dan op
volgende op het jaar waarin het bestuur van het
31 december van het tweede kalenderjaar besluit tot uittreding in kennis is gesteld.
besluit tot uittreding in kennis is gesteld. 4.
uittredende gemeente in rekening gebracht.
De financiële schade die door de uittreding aan het Regionaal Historisch Centrum is toegebracht, wordt aan de uittredende gemeente in rekening
4. De financiële schade die door de uittreding aan het Streekarchief is toegebracht, wordt aan de
Tenzij het bestuur een kortere termijn bepaalt, kan de uittreding niet eerder plaatsvinden dan op
3. Tenzij het bestuur een kortere termijn bepaalt,
volgende op het jaar waarin het bestuur van het
Het bestuur zendt het in het eerste lid bedoelde schrijven in kopie aan de colleges van de overige
2. Het bestuur zendt het in het eerste lid bedoelde gemeenten.
Een gemeente kan uittreden door toezending van
gebracht. 5.
Voor de vaststelling van het financiële nadeel als bedoeld in het vierde lid wordt door het
5. Voor de vaststelling van het financiële nadeel als
Regionaal Historisch Centrum en de uittredende
bedoeld in lid 4 wordt door het Streekarchief en
gemeente gezamenlijk advies gevraagd aan een
de uittredende gemeente gezamenlijk advies
onafhankelijke externe deskundige. Het advies
gevraagd aan een onafhankelijke externe
van deze deskundige is voor partijen bindend. De
deskundige. Het advies van deze deskundige is
kosten voor het inschakelen van de deskundige
voor partijen bindend. De kosten voor het
zijn voor rekening van de uittredende gemeente.
inschakelen van de deskundige zijn voor rekening van de uittredende gemeente.
Artikel 28 Archiefzorg Artikel 28 Archiefzorg
1. Het bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de regeling.
1. Het bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de regeling.
2. De secretaris is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de regeling, voor zover
Pagina 10 van 12
2. De secretaris is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de regeling, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.
3. Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de regeling wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van het
Streekarchief.
4. In geval van opheffing van de regeling draagt het
deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.
3. Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de regeling wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van het Regionaal Historisch Centrum.
4. In geval van opheffing van de regeling draagt het bestuur zorg voor het treffen van voorzieningen voor de archiefbescheiden.
bestuur zorg voor het treffen van voorzieningen voor de archiefbescheiden.
Artikel 31 Bekendmaking en citeerwijze
1. Het college van de gemeente Voorne aan Zee maakt een volledig ondertekend exemplaar van Artikel 31 Bekendmaking en citeerwijze
1. Het college van de gemeente Voorne aan Zee
deze regeling alsmede van besluiten tot wijziging, tot uittreding van, van toetreding tot en tot opheffing van deze regeling tijdig in alle
maakt een volledig ondertekend exemplaar van
deelnemende gemeenten bekend in het door
deze regeling alsmede van besluiten tot
Voorne aan Zee uitgegeven Gemeenteblad.
wijziging, tot uittreding van, van toetreding tot en tot opheffing van deze regeling tijdig in alle deelnemende gemeenten bekend in het door Voorne aan Zee uitgegeven Gemeenteblad.
2. Het college van de gemeente Voorne aan Zee draagt zorg voor de bekendmaking van de regeling overeenkomstig artikel 26 lid 2 van de wet.
3. Het bestuur draagt zorg voor de opname van de regeling in het centraal elektronisch register van gemeenschappelijke regelingen.
4. Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is van overeenkomstige toepassing voor de besluiten tot wijziging, opheffing toe- en uittreding.
5. Deze regeling treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die waarin zij bekend
2. Het college van de gemeente Voorne aan Zee draagt zorg voor de bekendmaking van de regeling overeenkomstig artikel 26 lid 2 van de wet.
3. Het bestuur draagt zorg voor de opname van de regeling in het centraal elektronisch register van gemeenschappelijke regelingen.
4. Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is van overeenkomstige toepassing voor de besluiten tot wijziging, opheffing toe- en uittreding.
5. Deze regeling treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die waarin zij bekend is gemaakt.
6. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
is gemaakt.
Pagina 11 van 12
6. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
7. De regeling kan worden aangehaald als gemeenschappelijke regeling Streekarchief
7. De regeling kan worden aangehaald als gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten GoereeOverflakkee.
Voorne-Putten 2024.
Pagina 12 van 12