Toelichting financiele mutaties Septembercirculaire 2024
Tekst van het document
Bijlage: Toelichting financiële mutaties septembercirculaire 2024 In deze toelichting wordt nader ingegaan op: a. Septembercirculaire 2024; b. Aandeel restant Sociaal domein onbestemde middelen; c. Geactualiseerd begrotingssaldo 2024 – 2028 en verloop stelpost Sociaal domein; d. Overige mededelingen septembercirculaire 2024 / actualiteiten. a. Septembercirculaire 2024 Na de verwerking van de septembercirculaire 2024 ontstaat ten opzichte van de begroting 2025 2028 het volgende financiële beeld.
Septembercirculaire 2024 Meicirculaire 2024 Resultaat septembercirculaire 2024
2024 2025 2026 2027 2028 229.318.676 236.399.398 232.978.170 240.068.730 247.011.098 229.025.024 234.942.108 228.802.747 235.919.248 242.896.361
293.652
1.457.290
4.175.423
4.149.482
4.114.737
2026
2027
2028
4.175.423
4.149.482
4.114.737
96.996 2.829.587 334.853 220.987 693.000
-443.369 3.335.005 40.935 219.911 997.000
-1.189.677 3.808.873 36.491 220.050 1.239.000
Totaal 293.652 1.457.290 4.175.423 *De middelen ‘Stelpost voorschot BCF’ behoren tot de onbestemde middelen.
4.149.482
4.114.737
2026 -253.399 971.363 -563.109
2027 -496.647 1.106.814 -567.597
2028 -726.756 1.011.758 -712.506
-14.078
-42.570
-28.500 28.500
Het resultaat onderverdeeld in de verschillende categorieën: 2024 2025 Resultaat septembercirculaire 2023 293.652 1.457.290 Onbestemde middelen Bestemde taakmutaties Bestemde DU's / IU's Restant Sociaal domein Stelpost correctie volumeaccres Stelpost voorschot BCF
1.613.795 10.912 82.473 27.806 245.000 -1.686.334
513.137 -32.876 341.750 182.279 453.000
Hieronder volgt de verdeling per categorie met een toelichting. Onbestemde middelen 2024 2025 Volume accres historisch Bbp -71.832 Prijs accres prijs Bbp 847.619 Uitkeringsbasis -1.144.917 -718.321 Voorschot BCF-plafond 2024 2.118.096 Indexatie DU Jeugd Uitkeringsfactor -114.492 -57.466 WOZ waarden Hoeveelheidsverschillen Totaal onbestemde middelen
-26.709 781.817
191.058 322.079
95.908 -139.689
27.446 -470.815
-42.944 -719.229
1.613.795
513.137
96.996
-443.369
-1.189.677
1
Accres Volume accres historisch BBP In de Miljoenennota 2025 zijn de tranches voor de uitkeringsjaren 2025 en verder bijgesteld op basis van het bruto binnenlands product, gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde. De cumulatieve mutatie ten opzichte van de meicirculaire 2024 bedraagt voor Nissewaard voor de jaren 2025 t/m 2028: -/- € 71.832 in 2025, -/- € 253.399 in 2026, -/- € 496.647 in 2027, en -/- € 726.256 in 2028. LPO accres prijs BBP Vanaf de Voorjaarsnota 2024 wordt het LPO accres bepaald op basis van het prijs Bbp. De tranche van het lopende jaar wordt telkens bij de Voorjaarsnota definitief bepaald, op basis van de CEP raming van het CPB. In de Miljoenennota 2025 zijn de tranches voor de uitkeringsjaren 2025 en verder bijgesteld op basis van het prijs Bpb uit de Miljoenennota en de Macro Economische Verkenning. De cumulatieve mutatie ten opzichte van de meicirculaire 2024 bedraagt voor Nissewaard voor de jaren 2025 t/m 2028: + € 847.619 in 2025, + € 971.363 in 2026, + € 1.106.814 in 2027, en + € 1.011.758 in 2028 Ontwikkeling uitkeringsbasis Wanneer gesproken wordt over de ontwikkeling van de uitkeringsbasis, impliceert dat de ontwikkeling van landelijke aantallen. Hierbij blijft de ‘koek’ hetzelfde, maar deze moet worden verdeeld over grotere of kleinere aantallen.
Door de continue bijstellingen van de aantallen vindt er bij iedere circulaire een aanpassing van de uitkeringsfactor plaats. Door aanpassing van de landelijke aantallen bij de maatstaven wijzigt de uitkeringsfactor. In 2024 is de verlaging -8 punten. Belangrijkste maatstaven hierin zijn Huishoudens laag inkomen met drempel (-5,4 punten), Inwoners 75+ met drempel (-1,9 punten), Migratieachtergrond (-1,7 punten) en Regionale centrumfunctie (-1 punt). De belastingcapaciteit geeft een positief effect van +2,2 punten. In latere jaren is sprake van een kleine daling van de uitkeringsfactor: -5 punten in 2025, -4 punten in 2026 en 2027, -5 punten in 2028 en -6 punten in 2029. Belangrijkste maatstaven hierin zijn Huishoudens laag inkomen met drempel (van -1 naar -3 punten), inwoners 75+ met drempel (ongeveer -1,5 punt) en de regionale centrumfunctie (-1 punt). Voor Nissewaard heeft dit het volgende effect: In 2024 -€ 1,1 miljoen, in 2025 -€718 duizend, in 2026 -€564 duizend, in 2027 -€567 duizend en in 2028 -€714 duizend. Voorschot BCF-plafond 2024 Jaarlijks wordt bij de septembercirculaire een inschatting gemaakt van de declaraties door gemeenten bij het BTW Compensatie Fonds. Door een verwachte onderschrijding ten opzichte van het plafond (€ 4,258 miljard) wordt een voorschot verstrekt van € 446,7 miljoen. Dat wordt verrekend via de uitkeringsfactor, 14,8 punten.
Nissewaard ontvangt in 2024 € 2,1 miljoen. Indexatie DU jeugd (overheveling van accres naar regionaal programma) De DU Jeugd wordt met ingang van 2025 beëindigd. Deze middelen worden, vanaf 2025, structureel toegevoegd aan het budget voor de (contact)gemeente voor het regionaal programma op de begroting van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen (OCW). Het gaat om jaarlijks € 7,4 miljoen. Voor Nissewaard betekent dit van 2025 tot en met 2028 een negatief effect van jaarlijks ruim €28 duizend. Uitkeringsfactor Deze mutaties zijn het gevolg van afrondingen en uitnamen t.b.v. mutaties in de maatstaven
2
WOZ-waarden De maatstaven met betrekking tot WOZ-waarden zijn zogenaamde inkomsten-maatstaven. Zij vormen een minpost op de algemene uitkering. Areaalwijzigingen en waardenmutaties van zowel woningen als niet-woningen resulteren in veranderingen in de belastingcapaciteit van Nissewaard. Voor Nissewaard betekent e.e.a. een minpost van -€ 26.709 in 2024 variërend naar -€ 42.944 in 2028. Hoeveelheidsverschillen Naast de mutaties die worden veroorzaakt door wijzigingen in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen, wordt een deel van de mutaties veroorzaakt door wijzigingen in de aantallen. In de jaren 2023 en verder heeft de herverdeling van het gemeentefonds grote invloed op de aantallen. Er zijn maatstaven verdwenen, gewijzigd en er zijn nieuwe maatstaven bijgekomen. Ook is er sprake van afrondingsverschillen. Het CBS is druk doende met de ‘fine-tuning’ van de aantallen van nieuwe en gewijzigde maatstaven. Daarnaast zijn er diverse aantallen van maatstaven definitief vastgesteld. 2024 valt op met een plus van € 781.817. In dit jaar hebben de volgende maatstaven voor Nissewaard de grootste impact. Inwoners met een migratieachtergrond; Regionale centrumfunctie. Daarnaast valt 2028 in negatieve zin op met een mutatie van -€ 719.229. Hiervoor is de maatstaf ‘Bijstandsontvangers’ grotendeels de oorzaak van.
Bestemde Taakmutaties Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) Alleenverdieners problematiek 2023 - 2024 Digitaal Stelsel Omgevingswet Wet op de lijkbezorging Bijstand Jongerennorm Indexatie Wmo demografie Besparingsverlies Jeugd Totaal bestemde taakmutaties
2024
2025
2026
2027
2028
5.483
8.727 26.050
26.241
27.258
28.178
57.280 -51.851
-67.653
-82.148 15.911 -49.807 364.347 2.555.043
-98.346 16.492 -51.548 750.404 2.690.745
-115.437 17.068 -53.067 1.159.025 2.773.106
10.912
-32.876
2.829.587
3.335.005
3.808.873
Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang In de Voorjaarsnota 2024 zijn middelen vrijgemaakt voor incidentele meerkosten voor toezicht en handhaving op aangepaste kwaliteitseisen in de kinderdagopvang, buitenschoolse opvang en meertalige opvang voor 2024 en 2025. De aanpassingen zijn in werking getreden op 1 juli 2023, 1 februari 2024 en 1 juli 2024. Het gaat om kosten van implementatie van de regelgeving bij gemeenten en de GGD en het uitvoeren van de eerste keer toezicht en handhaving op de aangepaste kwaliteitseisen. Voor Nissewaard betekent dit €5.482 in 2024 en €8.727 in 2025. Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) De Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een gemeentelijke regeling om gezinnen die geen recht hebben op Kinderopvangtoeslag, maar die ook niet in staat zijn de zorg voor hun kinderen volledig te dragen vanwege sociale of medische problematiek, een vergoeding te kunnen bieden voor het gebruik van kinderopvang. Door verschillende ontwikkelingen is de SMI budgettair steeds meer onder druk komen te staan. Om dit te kunnen ondervangen, wordt het SMI budget in een aantal 3
stappen verhoogd. Voor de jaren 2025-2027 gaat het om € 5,4 miljoen, voor 2028 gaat het om € 5,5 miljoen. Voor Nissewaard heeft dit een effect van € 26.050 in 2025 oplopend tot € 28.178 in 2028. Alleenverdieners problematiek 2023 – 2024 Gemeenten kunnen financiële steun geven aan huishoudens die door de alleenverdienersproblematiek in 2023 en 2024 onder het bestaansminimum komen. Ze kunnen hierbij helpen door de gemiste huur- en zorgtoeslag te compenseren via bijzondere bijstand. De Tweede Kamer heeft gevraagd om deze huishoudens actief te benaderen, met de VNG is afgesproken dat gemeentes dit gefaseerd oppakken. Om gemeentes te helpen is een handleiding gemaakt, die in juli is verstrekt. Gemeentes krijgen via een uitkering € 22,6 miljoen om deze bijzondere bijstand te verlenen. Het bedrag per gemeente is gebaseerd op schattingen van de Belastingdienst over hoeveel huishoudens hiermee te maken hebben en de gemiddelde misgelopen toeslagen. Deze budgetten worden indien nodig aangepast in 2025 en 2026 als er definitieve cijfers zijn. Nissewaard ontvangt €57.280 in 2024. Digitaal Stelsel Omgevingswet Op grond van de Beheerovereenkomst van 18 december 2018 dragen de gemeenten vanaf 1 januari 2020 jaarlijks 70% bij aan de kosten van beheer en doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO).
Met deze taakmutatie wordt deze gemeentelijke bijdrage structureel verhoogd naar € 31,4 miljoen vanaf 2024. Het nog over te hevelen bedrag voor 2024 bedraagt € 10,6 miljoen, aangezien reeds € 20,9 miljoen naar de begroting van BZK is overgeheveld. Voor Nissewaard betekent dit een negatief effect van € 51.850 in 2024 oplopend tot een negatief effect van € 115.436 in 2028. Wet op de lijkbezorging De inwerkingtreding van het wetsvoorstel van de modernisering van de Wet op de lijkbezorging (Wlb) is voorzien op 1 januari 2026. Ten behoeve van de financiering van de beoogde wettelijke uitbreiding van de taken van de gemeentelijke lijkschouwer is voor de periode 2026-2031 jaarlijks € 3,2 miljoen naar de algemene uitkering overgeheveld. Voor de jaren 2032 en verder dient over het structureel toekennen van middelen in het kader van het programma Werk aan Uitvoering (WaU) nog een besluit te worden genomen door de Ambtelijke Commissie Uitvoering (ACU). Voor Nissewaard loopt dit effect op van € 15.911 in 2026 tot en met € 17.068 in 2028. Bijstand Jongerennorm Gemeenten kunnen vanuit de bijzondere bijstand een aanvulling op de bijstand aan 21-minners geven als hun ouders niet bij kunnen springen. Met het wetsvoorstel Participatiewet in balans wordt de bijzondere bijstand met ingang van 1 januari 2026 overgeheveld naar de algemene bijstand.
De aanvulling op de bijstand is bedoeld voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan en daarmee is de algemene bijstand het juiste instrument voor dit soort kosten. Daarom worden er middelen vanuit de algemene uitkering overgeheveld naar de algemene bijstand, op de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Het gaat om jaarlijks € 9,4 miljoen vanaf 2026. Dit leidt tot een negatief effect voor Nissewaard van -€49.807 in 2026 oplopend tot -€53.067 in 2028. Indexatie Wmo demografie Met de VNG is afgesproken dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het Gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Afhankelijk van de gekozen bekostigingsvorm wordt een passende geobjectiveerde indexering onderzocht die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Vooruitlopend op de uitwerking is bij Voorjaarsnota 2024 op de Aanvullende Post een jaarlijkse tranche van € 75 miljoen 4
vanaf 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029 gereserveerd voor een aanvullende indexering voor demografie. Voor Nissewaard is dit effect €364.347 in 2026 oplopend tot €1.159.025 in 2028. Besparingsverlies Jeugd Het kabinet Rutte IV had besloten om te besparen op jeugdzorg. Deze besparing (oplopend tot € 511 miljoen in 2027) was in mindering gebracht op de middelen voor jeugdzorg op de aanvullende post van het ministerie van Financiën. Het nieuwe kabinet Schoof kiest ervoor om deze besparing te laten vervallen. Het gaat om € 500 miljoen in 2026 en € 511 miljoen vanaf 2027. In de meicirculaire 2024 is reeds gemeld dat de besparing van € 500 miljoen voor 2025 nog niet gerealiseerd kon worden en dat daarom voor 2025 een bedrag van € 500 miljoen is toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Dit heeft voor Nissewaard een effect van €2.555.042 in 2026 oplopend tot €2.773.106 in 2028. Decentralisatie-uitkeringen MO/OGGz (DU) Vrouwenopvang (DU) Landelijke aanpak Adreskwaliteit (LAA) (DU) Wet Betaalbare huur (DU) LHBTI-emancipatiebeleid (DU) Einde lening inburgeringsplichtig (DU) Openbare bibliotheken (DU) Totaal bestemde Decentralisatieuitkeringen
2024 20.742 -4.832
2025 20.742 -4.832
2026 20.742 -4.687
2027 20.742 -2.134
2028 20.742 -2.134
5.135 31.932 20.000 9.496
47.305 20.000
40.263 20.000
22.327
17.883
258.535
258.535
341.750
334.853
40.935
36.491
82.473
MO/OGGz (DU) Dit betreffen enkele (verhoudingsgewijs) kleine financiële aanpassingen. Vrouwenopvang Op verzoek van de VNG en na overleg met betrokken wethouders is besloten om in 2023 eenmalig €222.000 uit de DUVO-uitkering te halen. Dit bedrag bestaat uit €178.900 voor de toegenomen vraag bij de centra voor seksueel geweld en €43.000 voor het knooppunt huwelijksdwang en achterlating. Voor Nissewaard betreft dit een minpost van -€ 4.832 voor de jaren 2024 t/m 2026 en -€ 2.134 voor de jaren 2027 en 2028. Landelijke aanpak adreskwaliteit Op 15 mei 2023 is de Wet basisregistratie personen (Wbrp) aangepast. Hierdoor helpt de minister van Binnenlandse Zaken gemeentes bij het controleren of mensen op het juiste adres staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP). Dit heet de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA) en moet de adresgegevens verbeteren. De wetswijziging zorgt voor extra werk bij gemeentes. Daarom geeft het ministerie van BZK eenmalig €3 miljoen, verdeeld op basis van een startbedrag per gemeente en het aantal te verwachten meldingen. Een deel van het geld gaat naar btw-compensatie (€ 144.000), de overige €2.9 miljoen wordt via het gemeentefonds verdeeld. Elke gemeente krijgt een startbedrag van € 1.500 om maatregelen te nemen die de kwaliteit van de adresgegevens verbeteren.
Daarnaast krijgen gemeentes extra geld, afhankelijk van hoeveel meldingen ze waarschijnlijk zullen ontvangen. Dit systeem wordt na twee jaar geëvalueerd. Voor Nissewaard betekent dit € 5.135 in 2024. 5
Wet betaalbare huur Met de Wet betaalbare huur, die op 1 juli 2023 inging, wordt de Wet goed verhuurderschap aangepast. Gemeentes krijgen nu de taak om toezicht te houden en in te grijpen bij: Maximale huurprijzen volgens het woningwaarderingsstelsel (WWS). Maximale huurverhogingen in de sociale huur. De verplichting voor verhuurders om een puntentelling aan huurders te geven bij het afsluiten van een contract. Het Rijk ondersteunt gemeentes financieel bij de uitvoering van deze taken. In 2024 krijgen gemeentes eenmalig € 5,5 miljoen voor de opstartkosten, verdeeld op basis van de grootte van de gemeente. Daarna ontvangen ze jaarlijks € 6,5 miljoen om meldingen te behandelen en de regels te handhaven. Dit bedrag wordt gebaseerd op het aantal particuliere huurwoningen en de lokale woningmarktdruk (de gemiddelde WOZ-waarde). Voor de eerste jaren, wanneer meer meldingen worden verwacht, is er extra geld beschikbaar. De incidentele middelen worden in de periode 20242028 uitgekeerd op basis van inschattingen van de piek. Daarmee wordt er zorg voor gedragen dat de gemeenten die naar verwachting veel meldingen zullen ontvangen, hiervoor ook gecompenseerd worden. Voor Nissewaard schommelt dit effect tussen de €17.883 en €47.305 in de jaren 2024 tot en met 2028.
LHBTI-emancipatiebeleid (DU) Deze gelden zijn in de septembercirculaire 2023 ontvangen en aan het betreffende lastenbudget toegevoegd. In de analyse van de meicirculaire 2024 zijn deze baten ten onrechte weggevallen. Dit is destijds verrekend met een verlaging van het saldo Algemene Dienst (63% van € 20.000) en een verlaging van de stelpost Sociaal Domein (37% van € 20.000). Met deze circulaire wordt dit gecorrigeerd door de € 20.000 baten voor 2024 t/m 2026 weer te begroten bij de Algemene Uitkering en de nadelige correctie van 63% saldo Algemene Dienst en 37% stelpost Sociaal Domein terug te draaien. Einde lening inburgeringsplichtig (DU) In april 2020 hebben het ministerie van SZW en de VNG afgesproken om ELIPs (inburgeraars die hun lening bijna volledig hebben gebruikt maar nog inburgeringsplichtig zijn) te ondersteunen. Vanaf 1 januari 2023 kunnen gemeenten hen begeleiden en, in sommige gevallen, financieel helpen met extra cursusuren of examengelden. In de meicirculaire 2024 is € 840.000 verdeeld voor dit doel. Daarnaast is € 1,4 miljoen extra vrijgemaakt, verdeeld op basis van het aantal ELIPs per gemeente. Na de meicirculaire werd een rekenfout ontdekt, omdat ELIPs uit de jaren 2013-2017 niet waren meegerekend; dit is nu hersteld. Dit betreft € 9.496 in 2024 voor Nissewaard.
Openbare bibliotheken (DU) In 2023 en 2024 konden gemeentes extra geld krijgen om hun lokale bibliotheken te versterken. Daarna krijgen gemeentes de wettelijke verantwoordelijkheid voor openbare bibliotheken. Voor deze taak zullen ze jaarlijks geld ontvangen via het gemeentefonds. In de overgangsperiode tussen de tijdelijke subsidie en de nieuwe wettelijke taak krijgen gemeentes een andere uitkering om zich hierop voor te bereiden. In 2025 en 2026 is hiervoor in totaal € 59,3 miljoen beschikbaar, verdeeld op basis van € 2,95 per inwoner. Gemeentes met minder dan € 100.000 krijgen dit bedrag aangevuld tot minimaal € 100.000. Voor Nissewaard betekent dit €258.535 in de jaren 2025 en 2026. Restant Sociaal domein Integratie-uitkeringen
2024
2025
2026
2027
2028 6
Beschermd wonen (IU) Participatie (IU)
27.806
91.871 90.408
131.040 89.947
131.040 88.871
131.040 89.010
Totaal restant Sociaal domein
27.806
182.279
220.987
219.911
220.050
Beschermd Wonen (IU) De omvang van de integratie-uitkering Beschermd wonen stijgt als gevolg van de toekenning van de volume-indexatie voor het jaar 2025 en verder (€ 14,2 miljoen per jaar). Dit bedrag is over de centrumgemeenten verdeeld naar rato van de huidige verdeling van deze uitkering. Voor Nissewaard betreft dit een voordeel van € 27.806 in 2024 oplopend tot € 131.040 in 2028. Participatie (IU) Vanaf 2025 compenseert het Rijk gemeenten via de integratie-uitkering Participatie (IU Participatie) voor het verdwijnen van het lage-inkomensvoordeel (LIV) in de sociale werkvoorziening. In 2025 wordt hiervoor € 19,8 miljoen toegevoegd. De compensatie voor de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) wordt afgebouwd tot 2048, terwijl de steun voor beschut werk oploopt met het aantal plekken, van € 6,4 miljoen in 2025 tot € 16,8 miljoen in 2048. Gemeenten ontvangen € 554 per plek voor beschut werk en € 400 voor een volledige Wsw-dienstbetrekking. Voor Nissewaard betreft dit een voordeel van € 90.408 in 2025 tot € 89.010 in 2028. Stelposten Correctie volumedeel accres Stelpost voorschot BCF (onbestemd)
2024 245.000
2025 453.000
2026 693.000
2027 997.000
2028 1.239.000
-1.686.334
Stelpost correctie volumedeel accres Vanwege te lage inschattingen van de inflatie door het CBS, heeft de provincie toestemming gegeven een stelpost op te nemen ter compensatie van de te lage inschattingen. E.e.a. zal met de decembercirculaire 2024 worden ‘rechtgetrokken’ door BZK en zal er meer accres worden toegekend. De stelpost kan dan weer komen te vervallen. Stelpost voorschot BCF 2024 Deze stelpost wordt jaarlijks opgenomen vanwege de onderuitputting van het BTWcompensatiefonds (BCF). De onderuitputting is hoger dan eerder verwacht. Onder ‘Onbestemde middelen’ ontvangt Nissewaard € 2,1 miljoen en hier vervalt de stelpost van € 1,6 miljoen. b.
Aandeel Sociaal domein
Te verrekenen mutaties Totaal onbestemde middelen Verrekenen mutatie Hoeveelheidsverschillen met stelpost Hoeveelheidsverschillen LHBTI-emancipatiebeleid (DU) – correctie i.r.t. meicirculaire 2024 Correctie volumedeel accres Stelpost voorschot BCF (onbestemd)
2024 1.613.795
2025 513.137
2026 96.996
2027 -443.369
2028 -1.189.677
-781.817
-322.079
139.689
470.815
719.229
20.000
20.000
20.000
245.000
453.000
693.000
997.000
1.239.000
-1.686.334
7
Subtotaal 37% naar stelpost Sociaal Domein Naar saldo Algemene Dienst
c.
-589.356 218.062 -371.294
664.058 -245.701 418.357
949.685 -351.383 598.302
1.024.446 -379.045 645.401
768.552 -284.364 484.188
Geactualiseerd saldo Algemene Dienst 2024 – 2028 en verloop stelpost Sociaal domein
Algemene Dienst Saldo Algemene Dienst
2024
Bedragen x € 1.000, “-” = nadelig 2025 2026 2027
2028
Huidige stand begrotingssaldo
2.825
8.681
3.277
3.228
2.379
-371
418
598
645
484
2.454
9.100
3.876
3.873
2.863
Netto effect septembercirculaire 2024 op begrotingssaldo Totaal saldo Algemene Dienst
Sociaal domein Rekening houdend met de mutaties uit de septembercirculaire 2024, ziet het verloop van de stelpost Sociaal domein er als volgt uit: Bedragen x € 1.000, “-” = nadelig Stelpost Sociaal Domein 2024 2025 2026 2027 2028 Stand begroting 2024 en 2025 939 -5.161 -1.606 -2.969 -3.336 2028 Effecten septembercirculaire 2024 Sociaal domein deel 37% -218 246 351 379 284 onbestemd Toezicht en handhaving 5 aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) 26 26 27 28 Bijstand Jongerennorm -50 -52 -53 Besparingsverlies Jeugd 155 191 273 Stelpost SD na 727 -4.889 -1.123 -2.424 -2.804 septembercirculaire 2024 d. Overige mededelingen septembercirculaire 2023 / actualiteiten Wegbeheer Het groeipercentage voor de bijdragen van gemeenten aan het beheer van gemeentelijke wegen door waterschappen bedraagt voor de jaren 2024 en 2025 respectievelijk 6,54 procent en 3,52 procent. Sinds 1993 dient een aantal gemeenten op grond van de artikelen 22 en 24 van de Wet herverdeling wegenbeheer (WHW) een uitkering te verstrekken aan een waterschap voor het beheer van wegen. De hoogte van de uitkering is vastgelegd in het Besluit bijdrage vergoeding wegenzorg. Jaarlijks wordt zij bijgesteld op basis van gegevens van het CPB. Voor het jaar 2024 wordt het groeipercentage definitief vastgesteld op 7,2 procent.
Dit is het saldo van de raming voor 2024 en de nacalculatie over 2023 . Voor het jaar 2025 wordt het groeipercentage voorlopig vastgesteld op 3,52 procent. Dit komt overeen met de huidige raming van de prijsstijging van de overheidsconsumptie in het jaar 2024. Stand van zaken onderzoeksagenda verdeelmodel algemene uitkering 8
Bij de invoering van het nieuwe verdeelmodel hebben de ROB en VNG benadrukt dat verder onderzoek nodig is. De ROB heeft daarom een onderzoeksagenda voorgesteld en de fondsbeheerders hebben die onderschreven. De agenda bevat onderzoeken naar de maatstaf centrumfunctie en naar de Overige Eigen Middelen. Daarnaast loopt er nog een onderzoek naar grootstedelijkheid. De rapporten van deze onderzoeken worden in de tweede helft van 2024 verwacht. Naast deze onderzoeken wordt ook jaarlijks geanalyseerd of de uitkomsten van het verdeelmodel van het Gemeentefonds aansluiten bij het actuele uitgavenpatroon van gemeenten. Vorig jaar is in dat kader een onderzoek uitgevoerd naar de maatstaf “eenpersoonshuishoudens”. Er is toen toegezegd dat de effecten van een eventuele aanpassing van deze maatstaf integraal met de aanpassing van de maatstaf centrumfunctie in het sociaal domein verder onderzocht zouden worden.
9