StellaNova II_vastgesteld_2_Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan StellaNova II vastgesteld
bestemmingsplan StellaNova II
identificatienummer: NL.IMRO.1930.BPStellaNova2-3001 Status: Datum:
vastgesteld
Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting
5
Bijlage 1
Parkeerberekening
6
Bijlage 2
Bodemonderzoek
14
Bijlage 3
Verkennend bodemonderzoek
34
Bijlage 4
Archeologisch onderzoek
105
Bijlage 5
Quickscan flora en fauna
219
Bijlage 6
Stikstofberekening
252
Bijlage 7
Akoestisch onderzoek
280
Bijlage 8
Beschikking hogere grenswaarden
339
Bijlage 9
Waterberekening
343
bestemmingsplanStellaNova II
3
4
bestemmingsplanStellaNova II
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplanStellaNova II
5
Bijlage 1
6
Parkeerberekening
bestemmingsplanStellaNova II
Notitie
Parkeerberekening Sterrenkwartier fase II Notitie update Documentnummer:
N01/D02/71033213/pbn2
Status en datum:
Definitief/02 9 september 2021
Auteur:
ing. S. Wennemers / ing. P.A.J. Bouman
Opdrachtgever:
Gemeente Nissewaard
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II Notitie N01/D02/71033213/pbn2
Inleiding In de jaren ’60 is in Spijkenisse het Sterrenkwartier gebouwd. In vele opzichten een typische jaren 60 wijk met onder andere veel hoogbouw aan de rand van de wijk. De hoogbouw is inmiddels verouderd en de vraag van de markt is veranderd, daarom wordt een deel van de hoogbouw in het Sterrenkwartier herontwikkeld tot een mix van moderne appartementen en grondgebonden woningen.
Afbeelding 1. Sterrenkwartier fase II
Voor fase I is inmiddels een ruimtelijke procedure doorlopen en de bouw is in 2020 gestart. Fase II van deze ontwikkeling wordt op dit moment voorbereid. In dit kader heeft gemeente Nissewaard Roelofs Advies en Ontwerp in 2020 reeds gevraagd een studie te doen naar de parkeerbehoefte in deze fase. Anno 2021 is het oorspronkelijke ontwerp op een aantal punten gewijzigd. Deze notitie beschrijft de update van de studie van Roelofs. Hierbij wordt onder andere ingegaan op de bruto parkeerbehoefte conform het gegeven woningprogramma, mogelijkheden voor dubbelgebruik van de parkeerplaatsen en de netto parkeervraag in het gebied. Ook wordt het berekende benodigde aantal parkeerplaatsen afgezet tegen het huidige ontwerp.
Ruimtelijk programma De basis van elke parkeerberekening is het programma van te ontwikkelen functies. In dit geval worden alleen woningen ontwikkeld. Echter blijft ook een tweetal hoogbouwblokken staan, waarvan de parkeercapaciteit door zowel de bestaande als nieuwe woningen zal worden gebruikt. Het onderzoeksgebied en het woningprogramma waarmee wordt gerekend is op de volgende pagina weergegeven.
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
1
Notitie
Afbeelding 2. Onderzoeksgebied
Het in blauw aangegeven deel van de wijk betreft het deel met bestaande bouw. Zoals is te zien staan oude en nieuwe woningen hier dicht op elkaar, vandaar dat het parkeerterrein in dit gebied wordt meegenomen in deze studie. Het groene gebied betreft het te ontwikkelen gebied. Het rode gebied betreft het parkeerterrein van het naastgelegen winkelcentrum en de te handhaven woontoren Elipse. Omdat er uitwisseling plaats zal vinden van parkeren tussen de nieuw te bouwen woningen, het winkelcentrum en gebouw Elipse wordt op basis van een parkeerdrukonderzoek, uitgevoerd door verkeerskundigen van de gemeente Nissewaard, een beschouwing gegeven of er voldoende parkeerruimte zal zijn in dit deel van de wijk. Ruimteprogramma Het programma waarmee gerekend is in deze notitie is weergeven in onderstaande tabel 1. (huidige) locatie
huidige situatie
Uranusstraat 1a-15d Uranusstraat 2a-24d
plansituatie (toekomst)
32 appartementen (sociale huur) 54 appartementen (sociale huur)
Uranusstraat 26-40d
22 appartementen (sociale huur) 15 ééngezinswoningen (sociale huur)
32 appartementen (sociale huur)
Neptunusstraat 1–15d
32 appartementen (sociale huur)
Neptunusstraat 26a-48d
54 appartementen (sociale huur)
13 ééngezinswoningen (koop)
n.v.t.
8 ééngezinswoningen (sociale huur) 8 ééngezinswoningen (starters koop)
park Tabel 1
12 ééngezinswoningen (koop)
Ruimteprogramma
Huidig aantal parkeerplaatsen Afbeelding 3 op de volgende pagina toont een overzicht van het aantal parkeerplaatsen in de huidige situatie. De 24 garageboxen tellen op basis van de berekeningsaantallen uit CROW-publicatie 381 mee als 0,5 parkeerplaats per stuk (dus netto 24* 0,5 = 12 parkeerplaatsen). Exclusief het parkeerterrein bij het winkelcentrum kent het plangebied in de huidige situatie 127 openbare parkeerplaatsen en 12 privé parkeerplaatsen. Het parkeerterrein (102 pp) nabij het winkelcentrum wordt (deels) gebruikt door bewoners/bezoekers van de appartementen in het plangebied en wordt daarom wel meegenomen in deze studie.
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
2
Notitie
24
64
6
102 24
4
5
Afbeelding 3. Huidig aantal parkeerplaatsen
Toekomstig aantal parkeerplaatsen Afbeelding 4 toont een overzicht van het aantal parkeerplaatsen in de toekomstige situatie. De 16 garageboxen tellen op basis van de berekeningsaantallen uit CROW-publicatie 381 mee als 0,5 parkeerplaats per stuk (dus netto 8 stuks). De 12 privé parkeerplaatsen tellen op basis van deze berekeningsaantallen mee als 8,4 parkeerplaatsen (2x 1,0 lange oprit en 8x 0,8 enkele oprit). Exclusief het parkeerterrein bij het winkelcentrum kent het plangebied in de toekomstige situatie vooralsnog 155 openbare en 16,4 privé parkeerplaatsen. Het parkeerterrein (102 pp) nabij het winkelcentrum wordt (deels) gebruikt door bewoners/bezoekers van de aangrenzende woningen in het plangebied en daarom wel meegenomen in deze studie.
Afbeelding 4. Toekomstig aantal parkeerplaatsen
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
3
Notitie Analyse huidige parkeerbehoefte Om inzicht te krijgen in het parkeeraandeel van de twee te handhaven appartementencomplexen aan de Uranusstraat is een nadere analyse uitgevoerd. Voor de huidige 118 appartementen zijn er aan de Uranusstaat en Planetenlaan totaal 88 + 9 = 97 openbare en 8 privé parkeerplaatsen beschikbaar. Dit komt neer op 105/118 = circa 0,9 parkeerplaats per appartement. De aanwezigheidspercentages uit CROW-publicatie 381 geven aan dat er bij het berekenen van een parkeerbalans van uit gegaan kan worden dat tijdens de werkdagavond 90% van de bewoners en 80% van de bezoekers aanwezig zijn. Wanneer de praktijkcijfers uit het onderzoek worden omgerekend naar de 100% situatie volgt dan een parkeerkencijfer van 1,0 per appartement. Dit sluit aan bij het uitgangspunt voor eerder uitgevoerde parkeerberekeningen voor Sterrenkwartier fase I. Voor de toekomstige situatie is voor de twee te handhaven appartementencomplexen dan ook een parkeerkencijfer van 1,0 per appartement aangehouden.
Bruto parkeerbehoefte Het gemeentelijke beleid in Nissewaard schrijft een parkeerberekening voor conform de kentallen uit CROW publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren - Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' (december 2018). Met deze cijfers is als eerste een bruto parkeerbehoefte berekend. Dat wil zeggen, het aantal woningen vermenigvuldigd met het kengetal passend bij het type woning, de locatie en de stedelijkheidsgraad van Spijkenisse. In voorliggende opgave betreft het een locatie in de ‘rest bebouwde kom’ in een ‘sterk stedelijk’ gebied. De relevante kencijfers komen hierbij overeen met hetgeen is vastgelegd in de overeenkomst tussen Maasdelta Groep en de gemeente Nissewaard, waarbij de ‘Harmonisatie parkeernormeringen’ d.d. 9 februari 2016) vigerend is. Gerekend is dan ook met de volgende kentallen: • Huur, appartement (midden/goedkoop), inclusief sociale huur: 1,3 pp/wooneenheid; • Huur, huis, sociale huur: 1,5 pp/wooneenheid; • Koop, huis, tussen/hoek: 1,8 pp/wooneenheid. Zoals eerder beschreven is voor de appartementen die blijven staan een kengetal van 1,0 pp/wooneenheid gebruikt. Daarnaast geldt voor alle wooneenheden dat 0,3 pp/wooneenheid bestemd is voor bezoekersparkeren.
Voor Sterrenkwartier, fase II leidt dit tot de volgende bruto parkeerbehoefte: • 64 bestaande appartementen * 1,0 pp/wooneenheid: 64,0 parkeerplaatsen • 22 nieuwe appartementen * 1,3 pp/wooneenheid: 28,6 parkeerplaatsen • 23 nieuwe huurwoningen * 1,5 pp/wooneenheid: 34,5 parkeerplaatsen • 33 nieuwe koopwoningen * 1,8 pp/wooneenheid: 59,4 parkeerplaatsen + 186,5 parkeerplaatsen De bruto parkeerbehoefte van het plangebied is afgerond 187 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte van bezoekers van de woningen is hiervan (afgerond) 43 (42,6) parkeerplaatsen.
Netto parkeerbehoefte
In de praktijk wordt niet elke parkeerplaats maar door één bewoner gebruikt. Als een bewoner weg is kan een parkeerplaats immers worden gebruikt door een bezoeker van het winkelcentrum of een bezoeker van zijn buurman. Voor openbare plaatsen geldt dan ook dat in het bepalen van de parkeerbehoefte rekening gehouden kan worden met dubbelgebruik van parkeerplaatsen. In dit plan
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
4
Notitie is daarnaast tevens sprake van parkeren op eigen terrein (POET). Een parkeerplaats op eigen terrein zal niet worden gebruikt door een bezoeker, deze heeft dan ook beperkingen waar het gaat om gebruik door anderen. Deze effecten zijn doorgerekend door het opstellen van een parkeerbalans. Zoals uit de totaalberekening van de bruto parkeerbehoefte blijkt, kent het plangebied een parkeerbehoefte van 143,9 parkeerplaatsen voor bewoners en 42,6 parkeerplaatsen voor bezoekers. Omdat niet iedereen altijd tegelijk aanwezig is, heeft het CROW in publicatie 381 aanwezigheidspercentages opgenomen voor verschillende functies. Tabel 2 toont de relevante aanwezigheidspercentages voor woningen. bruto
werkdag ochtend
middag
koop
avond
nacht
avond
zaterdag middag
Zondag
avond
middag
bewoners
100%
50%
50%
90%
100%
80%
60%
80%
70%
bezoekers
100%
10%
20%
80%
0%
70%
60%
80%
70%
Tabel 2
Aanwezigheidspercentages CROW (woningen)
Wanneer bovenstaande aanwezigheidspercentages worden toegepast op de bruto parkeerbehoefte, volgt de netto parkeerbehoefte zoals opgenomen in de parkeerbalans in tabel 3. Uit de tabel blijkt dat de werkdagavond maatgevend is voor het gebied. Er zijn tijdens het maatgevende moment totaal afgerond 162 parkeerplaatsen nodig om de netto parkeerbehoefte te faciliteren.
bruto
werkdag ochtend
middag
bewoners
143,9
72,0
bezoekers
42,6
totaal
186,5
Tabel 3
koop
avond
nacht
avond
72,0
129,5
143,9
115,1
4,3
8,5
34,1
0,0
76,2
80,5
163,6
143,9
zaterdag middag
Zondag
avond
middag
86,3
115,1
100,7
29,8
25,6
34,1
29,8
144,9
111,9
149,2
130,6
Parkeerbalans Sterrenkwartier fase II
Exclusief het parkeerterrein bij het winkelcentrum, kent het plangebied in de toekomstige situatie vooralsnog 155 openbare parkeerplaatsen en daarnaast 16,4 privé parkeerplaatsen op eigen terrein (POET). Hiermee zijn er binnen het plangebied van fase II ruim voldoende parkeerplaatsen beschikbaar om de netto parkeerbehoefte van afgerond 164 parkeerplaatsen te faciliteren.
Benodigde parkeerplaatsen in relatie tot loopafstanden Het benodigd aantal parkeerplaatsen is niet alleen afhankelijk van de totale parkeerbehoefte van het totale gebied van fase II. Ook de situering, loopafstanden, de parkeercapaciteit op eigen terrein (POET) en dubbelgebruik van het parkeerterrein bij het winkelcentrum spelen een rol bij de vraag hoeveel en waar daadwerkelijk parkeerplaatsen aangelegd moeten worden. Wat betreft acceptabele loopafstanden schrijft CROW-publicatie 381 voor bewoners een afstand van circa 100 m voor. Voor bezoekers is dit 100 tot 250 meter. Uitgaande van deze afstanden en de locatie van de woningen toont figuur 5 een overzicht waar bewoners en bezoekers logischerwijs parkeren. Na de figuur volgt een invulling van het globaal benodigd aantal parkeerplaatsen.
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
5
Notitie
Afbeelding 5. Globale parkeergebieden per deelgebied
Uranusstraat (gebied A/B/C/D) • maatgevende parkeerbehoefte gebied A/B = 56 parkeerplaatsen; • parkeren in garageboxen (8x) en op centrale parkeerterrein (48x); • restcapaciteit centrale parkeerterrein = 16 parkeerplaatsen (t.b.v. gebied C). • •
maatgevende parkeerbehoefte gebied C = 25 parkeerplaatsen; parkeren langs Planetenlaan (4x), op centrale parkeerterrein (16x) en parkeerkoffer (5x).
• • •
maatgevende parkeerbehoefte gebied D = 20 parkeerplaatsen; parkeren langs Planetenlaan (5x) en in parkeerkoffer (8x); restcapaciteit parkeerkoffer Uranusstraat = 35 parkeerplaatsen (t.b.v. gebied F/G).
Neptunusstraat (gebied E) • maatgevende parkeerbehoefte gebied E = 23 parkeerplaatsen; • parkeren op eigen terrein - POET (8x) en parkeerkoffer (15x); • restcapaciteit parkeerkoffer Neptunesstraat = 6 parkeerplaatsen (t.b.v. gebied F/G). (oude) parkgebied (gebied F/G) • maatgevende parkeerbehoefte gebied F/G = 25 parkeerplaatsen; • parkeren in parkeerkoffer Uranusstraat of parkeerkoffer Neptunusstraat (25x); • restcapaciteit parkeerkoffers Uranusstraat en Neptunusstraat = 16 parkeerplaatsen (overschot). Neptunusstraat (gebied H) Uit bovenstaande berekeningen blijkt dat er in de woongebieden voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn binnen acceptabele loopafstand. In gebied H worden in totaal 12 nieuwe woningen gebouwd, wordt nu al geparkeerd door bewoners van gebouw Elipse en er wordt geparkeerd door bezoekers van het winkelcentrum. Op koopavond is in het onderzoek, uitgevoerd door verkeerskundigen van gemeente Nissewaard, vastgesteld dat 72 van de 102 parkeerplaatsen waren bezet. Alhoewel de koopavond niet het maatgevende moment is (dat is zaterdagmiddag) kan wel worden vastgesteld dat dit parkeerterrein
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
6
Notitie meer dan voldoende capaciteit heeft om de bewoners van de bewoners van de nieuwe woningen een parkeerplaats te bieden. Zeker wanneer in ogenschouw wordt genomen dat de parkeerbehoefte van de 25 te slopen appartementen zal wegvallen.
Conclusies en aanbevelingen
Op basis van voorgaande parkeerstudie volgt dat er binnen het plangebied van Sterrenkwartier fase II in de plansituatie ruim voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn. De netto parkeerbehoefte tijdens het maatgevende moment is 164 parkeerplaatsen. De plankaart bevat vooralsnog 155 openbare parkeerplaatsen en 16 parkeerplaatsen op eigen terrein (POET). Daarnaast kan een deel van de bewoners/bezoekers uit het plangebied gebruik maken van (een deel van) het parkeerterrein nabij het winkelcentrum (totale capaciteit 102 parkeerplaatsen). Geconcludeerd wordt dan ook dat er binnen het plangebied ruim voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn, binnen acceptabele loopafstand.
parkeerberekening Sterrenkwartier fase II – Notitie Update N01/D02/71033213/pbn2
7
Bijlage 2
14
Bodemonderzoek
bestemmingsplanStellaNova II
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK PLANETENLAAN/URANUSSTRAAT TE SPIJKENISSE
Rapportage milieuhygiënisch vooronderzoek Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse Opdrachtgever
Wissing Ruimtelijke Denkers Postbus 37 2990 AA Barendrecht
Contactpersoon
Mevr. M. Tas
Rapportnummer
12701.003
Versienummer
D2
Status
Eindrapportage
Datum
8 juni 2020
Vestiging
Zuid-Holland Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam 088 – 5001600 rotterdam@econsultancy.nl
Opsteller
Y. Boswinkel, MA
Paraaf
Kwaliteitscontrole
ir. F.F.J.M. Top
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Opgemerkt wordt dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK ................................................ 1
3
GERAADPLEEGDE BRONNEN ................................................................................................. 1
4
HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE ............................................... 2
5
TOEKOMSTIGE SITUATIE ........................................................................................................ 3
6
CALAMITEITEN .......................................................................................................................... 3
7
UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE..................... 3
8
AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN .................................................................... 3
9
INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN ........................................ 4
10
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ............................................................................... 4
11
TERREININSPECTIE ................................................................................................................. 5
12
SAMENVATTING EN CONCLUSIES ......................................................................................... 5
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie
1
INLEIDING
Wissing Ruimtelijke Denkers heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek op de locatie Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen realisatie van nieuwbouw op de onderzoekslocatie en de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. Het milieuhygiënisch vooronderzoek heeft tot doel te bepalen of er aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een bodemonderzoek conform de NEN 5740 en/of NEN 5707, door middel van een archiefonderzoek, een interview met de eigenaar/gebruiker en een terreininspectie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek".
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK
Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 21.150 m²) is gelegen aan de Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse (zie bijlage 1). De percelen, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, zijn kadastraal bekend gemeente Spijkenisse, sectie D, nummers 7534, 7536, 8670, 8671, 8672, en 9494 (ged.). Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 1,0 m -NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 81.535, Y = 428.700.
3
GERAADPLEEGDE BRONNEN
In tabel I zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen.
R 12701.003 versie D1
Pagina 1 van 6
Tabel I.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever (contactpersoon mevrouw M. Tas ), d.d. 15 mei 2020
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Omgevingsdienst DCMR (contactpersoon mevrouw T. Visser), d.d. 28 april 2020 (email).
Locatiegegevens van internet:
4
- historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - Google streetview en luchtfoto's - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen - omgevingsdienst DCMR
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion dcmr.gisinternet.nl
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 20 mei 2020
HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE
Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900 - heden blijkt, dat de onderzoekslocatie in agrarisch gebruik is. Op de onderzoekslocatie zijn diverse sloten aanwezig. Tot 1958 is de onderzoekslocatie niet wezenlijk veranderd. Rond 1958 is vanuit een nabij gelegen weg een toegangsdam op de onderzoekslocatie gerealiseerd. Rond 1966 is de dam verwijderd en zijn de sloten gedempt op de onderzoekslocatie. Circa 1968 is een woonwijk gerealiseerd waar de onderzoekslocatie een deel van uitmaakt. De huidige infrastructuur en een deel van de huidige bebouwing is toen gerealiseerd. Rond 1975 is het overige deel van de huidige bebouwing op de onderzoekslocatie gerealiseerd. Tot heden is de onderzoekslocatie niet wezenlijk veranderd. De onderzoekslocatie maakt deel uit van een woonwijk. Op de onderzoekslocatie zijn momenteel 5 appartementen complexen met bijbehorende infrastructuur aanwezig (wegen en voetpaden). De wegen en voetpaden zijn verhard met klinkers en tegels. Verder zijn er groenvoorziening en parkeerplaatsen aanwezig op de onderzoekslocatie. In het verleden zijn op de onderzoekslocatie onder- en bovengrondse HBO-tanks aanwezig geweest. Deze tanks zijn reeds gesaneerd (1998-1999), zoals aangegeven door de Omgevingsdienst DCMR.
Volgens de Omgevingsdienst DCMR gaat het om de volgende tanks: - Ter hoogte van Uranusstraat 8, verwijderd op 07 mei 1999; - Ter hoogte van Uransstraat 1, verwijderd op 07 mei 1999, certificaatnummer O-000650; - Ter hoogte van Neptunusstraat 1-15, gesaneerd (anders); - Ter hoogte van Neptunusstraat 26, verwijderd op 20 mei 1998, certificaatnummer AK 6145 Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen of stortingen. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie.
R 12701.003 versie D1
Pagina 2 van 6
5
TOEKOMSTIGE SITUATIE
De initiatiefnemer is voornemens om nieuwsbouw te realiseren op de onderzoekslocatie.
6
CALAMITEITEN
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de Omgevingsdienst DCMR blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan.
7
UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE
In juli 2004 is door Mos Grondmechanica B.V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (rapport R084604-RH_1, d.d. 5 augustus 2004). Dit onderzoek bevatte een groter gebied dan de huidige onderzoekslocatie. Bij dit onderzoek werd ook het gebied wat nu aangeduid wordt als “Stella Nova I” meegenomen. Tijdens dit onderzoek werden enkel lichte verontreinigingen met minerale olie aangetroffen op de onderzoekslocatie, ter plaatse ten oosten van de Uranusstraat. De exacte locatie is niet bekend bij Econsultancy. Er wordt geen melding gemaakt van de hierboven genoemde gedempte sloten.
8
AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN
In hoofdstuk 3 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt: Aan de noordzijde van de onderzoekslocatie bevindt zich een watergang waarachter een groenvoorziening aanwezig is. In het zuiden grenst de onderzoekslocatie aan een weg met klinkerverharding (Planetenlaan). In de overige richtingen grenst de onderzoekslocatie aan woonhuizen en bijbehorende siertuinen. Op het perceel westelijk van de onderzoekslocatie zijn verschillende bodemonderzoeken uitgevoerd. In 1999 is door Mos Grondmechanica B.V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd in het kader van de voorgenomen uitbreiding van de noordelijke flat aan de Uranusstraat en de zuidelijke flat aan de kometenstraat met een portaal en lift (rapport R0433499-RH_1, d.d. 18 mei 1999). Ter plekke van de Uranusstraat werd in de bovengrond een lichte verontreiniging met PAK en minerale olie aangetroffen. In de ondergrond werden geen verontreinigingen aangetroffen. Ter plaatse van de Kometenstraat werd in de bovengrond geen verontreiniging aangetroffen. In de ondergrond werd een lichte verontreiniging met minerale olie aangetroffen. Tevens was het grondwater licht verontreinigd met minerale olie.
R 12701.003 versie D1
Pagina 3 van 6
In januari 2019 is door Inventerra B.V. een verkennend bodemonderzoek en een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd (rapport 18-2234.1-R01AvH, d.d. 4 februari 2019) op dezelfde locatie ten westen van de onderzoekslocatie. De voormalige locaties van de ondergrondse tanks werden aangemerkt als verdacht. Daarnaast werden tracés van gedempte sloten als verdacht aangeduid. Het verkennend asbestonderzoek in de bodem werd uitgevoerd nadat in het onverharde deel van de onderzoekslocatie sporen van puin in de bodem werden aangetroffen. Er is verder geen asbest in de bodem gedetecteerd. In het noorden van de onderzoekslocatie werd een lichte verontreiniging met PCB aangetroffen. In het grondwater werd een lichte verontreiniging met barium aangetroffen. Verder zijn er geen verontreinigingen op het onderzochte terrein gedetecteerd. Aan het perceel dat in de oostelijke richting aan de onderzoekslocatie grenst is in 2014 een verkennend en een nader bodemonderzoek uitgevoerd door MOS Grondmechanica (respectievelijke rapporten R1402496-RH_1, d.d. 23 september 2014 en R1403747-AM_1, d.d. 1 december 2014). In het verkennend bodemonderzoek zijn lichte verontreinigingen met PCB, zink, kwik, cadmium en nikkel. In monster MM02 is een sterke verontreiniging met PAK aangetroffen. Het nadere onderzoek wat volgde richtte zich op deze sterke verontreiniging met PAK.
Bij dit onderzoek zijn geen verdere verontreinigingen aangetroffen. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen te verwachten zijn.
9
INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN
De onderzoekslocatie is met betrekking tot de boven- en ondergrond gelegen binnen de bodemkwaliteitszone “Recente bebouwing (vanaf 1945)”, van het gebied waarvoor de gemeente Nissewaard een “nota bodembeheer Nissewaard” heeft opgesteld. De boven- en ondergrond van de onderzoekslocatie, zijn zowel in de ontgravingskaart als op de toepassingskaart geclassificeerd in de klasse “Natuur”. Het gebied ligt buiten de pluimzone die door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is opgesteld voor de neerslag van PFOA vanuit Dupont / Chemours te Dordrecht.
10
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE
De onderzoekslocatie ligt volgens de bodemkaart van Nederland in een niet-gekarteerd gebied. De dichtstbijzijnde kaarteenheid betreft een kalkarme drechtvaaggronden en een knippige poldervaaggronden, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit (zware) klei. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Kreftenheye. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 1,5 m -NAP, waardoor het grondwater zich op ± 0,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in westelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
R 12701.003 versie D1
Pagina 4 van 6
11
TERREININSPECTIE
Op 20 mei 2020 is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in hoofdstuk 4. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. Uit de terreininspectie blijkt dat er, ten opzichte van het voorgaand verkennend bodemonderzoek, geen wezenlijke veranderingen hebben plaatsgevonden die mogelijk geleid kunnen hebben tot verslechtering van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem.
12
SAMENVATTING EN CONCLUSIES
Wissing Ruimtelijke Denkers heeft Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek op de locatie Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem blijkt, dat er slootdempingen en een voormalige dam aanwezig zijn op de onderzoekslocatie. Ter plaatse van deze slootdempingen en de voormalige dam kan mogelijk sprake zijn van de aanwezigheid van bodemvreemd (dempings)materiaal. Econsultancy adviseert om hier enkele boringen te verrichten ter beoordeling of er daadwerkelijk sprake is van de aanwezigheid van de dempingsmateriaal. Indien sprake is van de aanwezigheid van dempingsmateriaal adviseert Econsultancy hier een verkennend bodemonderzoek en een onderzoek asbest in bodem uit te voeren. Verder blijkt uit het milieuhygiënisch vooronderzoek dat er op het resterende deel van de onderzoekslocatie geen sprake is van bodembelasting anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Op dit deel van de locatie worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de achtergrondwaarde of boven het in het betreffende gebied geldende achtergrondgehalte.
Dit geldt zowel voor natuurlijke achtergrondgehalten als voor "antropogene" achtergrondgehalten, waarvan de oorzaak niet eenduidig is aan te wijzen. In een later stadium, bijvoorbeeld in het kader van de omgevingsvergunning bouwen, dient mogelijk in overleg met de gemeente ook hier een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd te worden. Dit deel van de onderzoekslocatie kan in dat geval onderzocht worden volgens de strategie "onverdacht, niet lijnvormig" (ONV-NL). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is.
R 12701.003 versie D1
Pagina 5 van 6
Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d. 29 november 2019) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.
Econsultancy Rotterdam, 8 juni 2020
R 12701.003 versie D1
Pagina 6 van 6
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 7.
Foto 8.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 9.
Foto 10.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 11.
Foto 12.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 13.
Foto 14.
Bijlage 3
34
Verkennend bodemonderzoek
bestemmingsplanStellaNova II
VERKENNEND BODEMONDERZOEK PLANETENLAAN/URANUSSTRAAT TE SPIJKENISSE
Rapportage verkennend bodemonderzoek Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse Opdrachtgever
Wissing Ruimtelijke Denkers Postbus 37 2990 AA Barendrecht
Contactpersoon
Mevr. M. Tas
Rapportnummer
12701.004
Versienummer
D1
Status
Eindrapportage
Datum
21 augustus 2020
Vestiging
Zuid-Holland Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam 088 – 500 1600 rotterdam@econsultancy.nl
Opsteller
Dhr. Y. Boswinkel, MA
Paraaf
Kwaliteitscontrole
Dhr. M. Zandvliet, MSc
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.
Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 1
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM ................................................................. 2
4
VELDWERK ................................................................................................................................ 2 4.1 4.2
4.3
5
LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 4 5.1 5.2 5.3
6
Algemeen.......................................................................................................................... 2 Grondonderzoek ............................................................................................................... 2 4.2.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 2 4.2.2 Zintuiglijke waarnemingen .................................................................................. 3 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 4 4.3.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 4 4.3.2 Bemonstering ..................................................................................................... 4
Uitvoering analyses .......................................................................................................... 4 Toetsingskader ................................................................................................................. 5 Resultaten grond- en grondwatermonsters ...................................................................... 7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES .......................................................................... 8
BIJLAGEN: 1. 2. 3. 4a. 4b. 5. 6.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten Circulaire bodemsanering - Toetsingskader Circulaire bodemsanering - Eerder uitgevoerd milieuhygiënisch vooronderzoek
12701.004
1
INLEIDING
Wissing Ruimtelijke Denkers heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek op de locatie Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen realisatie van nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het verkennend bodemonderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een grond- en/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het veldwerk en de bemonstering zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002 en de daarin gestelde eisen. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1).
Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 21.150 m²) is gelegen aan de Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse (zie bijlage 1). De percelen, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, zijn kadastraal bekend gemeente Spijkenisse, sectie D, nummers 7534, 7536, 8670 ,8671, 8672 en 9494 (ged.). Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 1,0 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 81.535, Y = 428.700.
R 12701.004 versie D1
Pagina 1 van 9
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM
Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem uitgevoerd op basis van de NEN 5725. Dit onderzoek is reeds eerder uitgevoerd door Econsultancy (rapport 12701.003). Samengevat kwam hieruit voort dat er enkele slootdempingen en een voormalige dam aanwezig zijn op de onderzoekslocatie. Op de rest van het terrein is geen sprake van bodembelasting anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Ter plekke van de voormalige dam en de slootdempingen worden daarom enkele boringen gezet om te controleren op eventueel bodemvreemd materiaal. Op de rest van het terrein wordt de strategie “onverdacht, niet lijnormig” (ONV-NL) toegepast bij dit verkennend bodemonderzoek, zie ook tabel 1. Voor de volledige resultaten van het vooronderzoek wordt naar het bovengenoemde rapport verwezen. Tabel 1.
Onderzoeksstrategie Deellocatie
Oppervlakte 2
A
Gedempte sloten en voormalige dam
± 640 m
B
Overige terreinen
± 20.500 m2
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
Mogelijk bodemvreemd materiaal
Maatw.
-
ONV-NL
Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740: ONV-NL : Onverdacht, niet lijnvormig Maatw. : Zintuiglijk onderzoek
4
VELDWERK
4.1
Algemeen
Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten en de peilbuizen. In bijlage 3 zijn de boorprofielen opgenomen. 4.2 4.2.1
Grondonderzoek Uitvoering veldwerk
Aan de hand van de geldende onderzoeksstrategieën zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals die in tabel 2 zijn vermeld. Het veldwerk is op 4 en 5 augustus 2020 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer M.M. Timmermans. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek".
R 12701.004 versie D1
Pagina 2 van 9
Tabel 2.
Uitgevoerde werkzaamheden
Deellocatie
Veldwerk Boringen/peilbuizen
Analyses Verharding (*B)
Grond
Grondwater
A
Gedempte sloten en voormalige dam
9 (1,5 m -mv)
Klinkers/tegels/onverhard
- (*A)
- (*A)
B
Overige terreinen
22 (0,5 m -mv) 6 (2,0 m -mv) 3 (peilbuis)
Klinkers/tegels/onverhard
standaardpakket (4x bovengrond + 3x ondergrond)
standaardpakket (3x)
(*A)
Vooralsnog was het onbekend of ter plaatse van de gedempte sloten en de voormalige dam bodemvreemd (dempings)materiaal toegepast is. Indien bodemvreemd materiaal is aangetroffen moeten er aanvullende analyses worden uitgevoerd.
4.2.2
Zintuiglijke waarnemingen
De bodem bestaat voornamelijk uit zwak siltig, zeer fijn tot matig grof zand en matig zandig klei. De bovengrond is bovendien plaatselijk zwak humeus. De ondergrond is plaatselijk volledig veenhoudend. De bovengrond is plaatselijk zwak aardewerk-, baksteen-, beton- en/of grindhoudend. Daarnaast is er ter plekke van boring B06 de bovengrond zwak houtskoolhoudend en ter plekke van boring B11 de bovengrond volledig slakhoudend. Verder zijn er zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen puin(resten) of andere asbestverdachte materialen aangetroffen. Tabel 3 geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen verontreinigingen, die in het opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel 3. Boornummer
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen Einddiepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
A01
1,5
0,7-1,2
zwak grindhoudend
A03
1,5
0,0-0,5
zwak grindhoudend
A08
1,5
0,0-0,6
zwak aardewerkhoudend
A09
1,5
0,0-0,3
zwak baksteenhoudend
B03
2,6
0,0-0,5
zwak aardewerkhoudend
B05
2,0
0,0-0,5
zwak baksteenhoudend
B06
0,5
0,3-0,5
zwak houtskoolhoudend
B07
2,0
0,0-0,5
zwak betonhoudend
B09
0,5
0,0-0,5
zwak aardewerkhoudend
B11
0,4
0,07-0,4
volledig slakhoudend
B24
2,5
0,0-0,5
zwak grindhoudend
1,7-2,0
matig grindhoudend
Deellocatie A
Deellocatie B
R 12701.004 versie D1
Pagina 3 van 9
4.3
Grondwateronderzoek
4.3.1
Uitvoering veldwerk
Stroomafwaarts en stroomopwaarts alsmede centraal op de onderzoekslocatie zijn 3 peilbuizen (filterstelling 1,5-2,5; 1,6-2,6 en 1,6-2,6 en m -mv) geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 5 augustus 2020 is ingeschat. 4.3.2
Bemonstering
De grondwaterbemonstering is op 12 augustus uitgevoerd door dhr. M.M. Timmermans. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de NEN 5744:2011. Tabel 4 geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen. Tabel 4.
Overzicht gegevens peilbuizen en veldmetingen grondwater
Peilbuisnummer
5 5.1
Situering peilbuis
Filterstelling (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
Elektrisch Geleidingsvermogen (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Zuurgraad (pH)
B03
noordzijde
1,6-2,6
0,78
6.020
73,4
6,6
B15
centraal op onderzoekslocatie
1,6-2,6
1,10
3.430
179
6,7
B24
stroomopwaarts
1,5-2,5
1,10
2.340
87,2
6,9
LABORATORIUMONDERZOEK Uitvoering analyses
Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. De grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: -
standaardpakket grond: droge stof, lutum en organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie;
-
standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie.
Tabel 5 geeft een overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten.
R 12701.004 versie D1
Pagina 4 van 9
Tabel 5.
Overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten
Grondmengmonster
5.2
Traject (cm -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
MM01
B17 (8-50) B20 (7-50) B22 (7-50) B25 (5-50) B26 (5-50)
standaardpakket
bovengrond (zintuiglijk schoon)
MM02
B03 (0-50) B07 (0-50) B09 (0-50)
standaardpakket
bovengrond (zwak aardewerkhoudend)
MM03
B01 (0-50) B02 (0-50) B04 (0-50) B08 (0-50) B10 (0-50) B18 (0-50) B21 (0-50) B29 (0-50)
standaardpakket
bovengrond (zintuiglijk schoon)
MM04
B12 (7-50) B15 (0-30) B28 (0-50) B31 (5-50)
standaardpakket
bovengrond (zintuiglijk schoon)
MM05
B03 (50-90) B07 (100-150) B15 (120-170) B15 (170-190) B23 (70-110)
standaardpakket
ondergrond (zintuiglijk schoon)
MM06
B07 (150-200) B15 (190-200) B23 (150-200) B24(50-80)
standaardpakket
ondergrond (zintuiglijk schoon)
MM07
B03 (90-140) B03 (140-190) B17 (160-200) B23 (110-150
standaardpakket
ondergrond (zintuiglijk schoon)
Toetsingskader
De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Dit toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: -
achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;
-
streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;
R 12701.004 versie D1
Pagina 5 van 9
-
tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;
-
interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van de sanering te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.
In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.
Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.
R 12701.004 versie D1
Pagina 6 van 9
5.3
Resultaten grond- en grondwatermonsters
Tabel 6 geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel 6.
Overschrijdingen toetsingskaders grond
Grond(meng)monster
Traject (cm -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
MM01
B17 (8-50) B20 (7-50) B22 (7-50) B25 (5-50) B26 (5-50)
PCB
-
-
MM02
B03 (0-50) B07 (0-50) B09 (0-50)
-
-
-
MM03
B01 (0-50) B02 (0-50) B04 (0-50) B08 (0-50) B10 (0-50) B18 (0-50) B21 (0-50) B29 (0-50)
PAK
-
-
MM04
B12 (7-50) B15 (0-30) B28 (0-50) B31 (5-50)
-
-
-
MM05
B03 (50-90) B07 (100-150) B15 (120-170) B15 (170-190) B23 (70-110)
-
-
-
MM06
B07 (150-200) B15 (190-200) B23 (150-200) B24 (50-80)
-
-
-
MM07
B03 (90-140) B03 (140-190) B17 (160-200) B23 (110-150
kobalt molybdeen
-
-
Tabel 7 geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel 7.
Overschrijdingen toetsingskader grondwater
Grondwatermonster
Situering peilbuis
Concentratie > S
Concentratie > T
Concentratie > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
B03-1-1
noordzijde
barium
-
-
B15-1-1
centraal op onderzoekslocatie
barium nikkel
-
-
B24-1-1
stroomopwaarts
barium naftaleen
-
-
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten aan de Circulaire bodemsanering. R 12701.004 versie D1
Pagina 7 van 9
6
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
Wissing Ruimtelijke Denkers heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek op de locatie Planetenlaan/Uranusstraat te Spijkenisse. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen realisatie van nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Op basis van het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” blijkt, dat vooralsnog heel Nederland (voornamelijk de bovengrond) als “verdacht” gebied wordt gekenmerkt met betrekking tot de parametergroep PFAS. Verwacht wordt, dat er verspreid over de onderzoekslocatie gelijke gehalten van dit PFAS voorkomen. PFAS komt diffuus in Nederland voor. Dit betekent echter niet dat alle locaties per definitie verdacht zijn op PFAS bóven de toetsnorm. Uit het vooronderzoek concludeert Econsultancy dat atmosferische depositie de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op het de locatie kan zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehalten in bodem en water kan leiden. Gelet op het voorgaande wordt in het kader van de bestemmingsplanwijziging onderzoek naar PFAS vooralsnog niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A: gedempte sloten en voormalige dam Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden door middel van een zintuiglijk onderzoek.
Zintuiglijk zijn lokaal in de bovengrond zwakke bijmengingen gevonden met baksteen, aardewerk en grind. Verder zijn er geen bijmeningingen, puin of ander bodemvreemd materiaal aangetroffen. Econsultancy concludeert dan ook dat er geen bodemvreemd materiaal gebruikt lijkt te zijn bij de dempingen van de voormalige sloten en het aanleggen van de voormalige dam. De slootdempingen zijn, door het ontbreken van puin en ander bodemvreemd materiaal daarom niet asbestverdacht. Ter plekke van deze sloten en de dam is volgens Econsultancy dan ook geen verder onderzoek noodzakelijk. Deellocatie B: overig terrein Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht" (ONV). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is. De bodem bestaat voornamelijk uit zwak siltig, zeer fijn tot matig grof zand en matig zandig klei. De bovengrond is bovendien plaatselijk zwak humeus. De ondergrond is plaatselijk volledig veenhoudend. De bovengrond is plaatselijk zwak aardewerk-, baksteen-, beton- en/of grindhoudend. Daarnaast is er ter plekke van boring B06 de bovengrond zwak houtskoolhoudend en ter plekke van boring B11 de bovengrond volledig slakhoudend. Verder zijn er zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen.
Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen puin(resten) of andere asbestverdachte materialen aangetroffen. De bovengrond is licht verontreinigd met PCB en PAK. De ondergrond is licht verontreinigd met kobalt en molybdeen. De lichte verontreinigingen zijn niet te relateren aan bijmengingen en lijken toegeschreven te kunnen worden aan verhoogde lokale achtergrond waarden.
R 12701.004 versie D1
Pagina 8 van 9
Het grondwater is licht verontreinigd met barium en plaatselijk met nikkel en naftaleen. De verontreinigingen met barium en nikkel zijn hoogstwaarschijnlijk, te relateren aan regionaal verhoogde achtergrondconcentraties van deze metalen in het grondwater. Voor de lichte verontreiniging met naftaleen is vooralsnog geen directe verklaring. Asbest Er zijn op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem, tijdens de terreininspectie en bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden geen aanwijzingen gevonden die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Econsultancy acht een onderzoek asbest in bodem/puin conform de NEN 5707/5897 dan ook niet noodzakelijk. Conclusie en advies De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als "onverdacht, niet lijnvormig" kan worden beschouwd wordt, op basis van de lichte verontreinigingen, verworpen. Echter, gelet op de aard en mate van verontreiniging, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek en bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem géén belemmeringen voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d.
2 juli 2020) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing. Bij hergebruik van vrijgekomen grond op een locatie anders dan onderhavige onderzoekslocatie dient de grond onderzocht te worden op PFAS.
Econsultancy Rotterdam, 21 augustus 2020 R 12701.004 versie D1
Pagina 9 van 9
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Bijlage 3
Boorprofielen
Pagina 1 van 6
Profielen boringen
A01
Boring:
0 5
0
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsgeel, Edelmanboor
50
50 2
100
0 7
0
Edelmanboor 1
A02
Boring: tegel
70
Klei, matig zandig, zwak grindhoudend, donkergrijs, Edelmanboor
100
klinker Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor
2
70
3
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Edelmanboor
3
120
4 150
150
0
0
70
0 7 8
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
4 100
klinker Edelmanboor Volledig gravel, Edelmanboor, op doek
3 50
Klei, matig zandig, lichtgrijs, Edelmanboor
3
A04
0
50
2
150
Boring: gras Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
4 150
A03
Boring:
100
Klei, matig zandig, lichtgrijs, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruingeel, Edelmanboor 80
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
5
120
4 150
150
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
A05
Boring:
0 5
0
6 150
A06
Boring: tegel
150
0 5
0
Edelmanboor
50
Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht cremegeel, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor, gestuit leiding
100
50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak kleiïg, donker bruingrijs, Edelmanboor
2 100
100 3
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht cremegeel, Edelmanboor
1 50
55
2
3
120
130
4 150
A07
Boring:
0
0
100
100
Projectcode: 12701.004
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel, Edelmanboor
150
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Edelmanboor 100
100 4
130
5 150
Plaats: Spijkenisse
gras
60
3
Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor
4 150
2
70
3
Veen, matig kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, brokken klei, zwak aardewerkhoudend, licht grijsbruin, Edelmanboor
1 50
2
0
0
50
150
Klei, matig zandig, donkergrijs, Edelmanboor
A08
Boring: gras Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
tegel
150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Edelmanboor
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 2 van 6
Profielen boringen
A09
Boring:
0
0 1
30
50
2 70
3 100
110
B01
Boring: gras
0
0
Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, lichtbruin, Edelmanboor Klei, matig zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
gras Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
50
Klei, zwak zandig, zwak veenhoudend, donker bruingrijs, Edelmanboor Veen, matig kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor
4 150
150
B02
Boring:
0
0
50
50
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
B03
Boring: gras
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak aardewerkhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
50
Zand, zeer fijn, sterk siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
2 90
Veen, zwak kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
100 3
150 4
200
5
250
B04
Boring:
0
0
50
50
B05
Boring: gras
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
260
Zand, matig fijn, matig kleiïg, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 50
gras
50
2
65
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
100
Klei, matig zandig, zwak roesthoudend, licht grijsbeige, Edelmanboor
3 100 4
Klei, zwak zandig, zwak plantenresten houdend, donker bruingrijs, Edelmanboor
150 5 200
Projectcode: 12701.004
Plaats: Spijkenisse
200
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 3 van 6
Profielen boringen
B06
Boring:
0
0 1
30
2 50
50
B07
Boring: gras
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak houtskoolhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak betonhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
2 100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
3 150
150
Klei, zwak zandig, licht beigegrijs, Edelmanboor
4 200
200
B08
Boring:
0
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
50
0
0
50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak aardewerkhoudend, zwak grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
0 7
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
gras
B11
Boring: gras
0
1 50
B10
Boring:
B09
Boring: gras
gras
1 40
klinker Edelmanboor Volledig AVIslak, donker zwartgrijs, Edelmanboor
50
50
B12
Boring:
0 7
0
50
Projectcode: 12701.004
50
0 5
0
Edelmanboor
tegel Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel, Edelmanboor
1
B13
Boring: klinker
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel, Edelmanboor
1 50
Plaats: Spijkenisse
50
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Pagina 4 van 6
Profielen boringen
B14
Boring:
0
0
1 30
2
50
50
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
B15
Boring: gras
50 3
100
150
70
4
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor Klei, zwak zandig, donkergrijs, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
5
6 200
50
gras
190
7
Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Edelmanboor 230
250
B16
Boring:
0
0
0 7 8
0
50
50
50
50
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor 160
Veen, zwak kleiïg, donker zwartbruin, Edelmanboor
5 200
200
B18
Boring:
0
0
50
50
0 7
0
50
Projectcode: 12701.004
50
B21 0
0
Edelmanboor
50
Plaats: Spijkenisse
groenstrook Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, donker bruingeel, Edelmanboor
1
50
Boring: klinker
gras Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1 50
B20
Boring:
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
B19
Boring: gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Edelmanboor
110
4 150
Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
2 3
klinker Volledig gravel, Edelmanboor
1
100
Veen, kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
B17
Boring: gras Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
1
260
50
Boormeester: