CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2026

Commissie Bestuur 30 juni 2025, gemeente NissewaardBij agendapunt: Perspectiefnota 202636.865 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Aanvullende kanttekening is dat bij reductie aantal garantiebanen ook werkzaamheden herbelegd moeten worden of niet meer worden uitgevoerd.

47

5.6

Overzichten

Ondersteuning organisatie CAO gemeenten 2025 - 2027 De concept CAO gemeenten 2025 – 2027 laten wat lagere stijgingspercentages zien voor 2025 en 2026 dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. Bij de begroting 2026 – 2029 zal hier nader over geadviseerd worden. Onderuitputting BCF op 100% begroten Het BTW-compensatiefonds (BCF) en het Gemeentefonds zijn communicerende vaten. Dit houdt in dat als er in enig jaar geld overblijft (onderuitputting) in het BCF, dat dit wordt toegevoegd aan het Gemeentefonds en vice versa. De afgelopen jaren bleef er iedere keer geld over in het BCF waardoor gemeenten meer geld kregen uit het Gemeentefonds. Omdat de omvang van de onderuitputting nooit zeker is, is er in de begroting van Nissewaard slechts deels rekening mee gehouden. Van onze toezichthouder, de provincie Zuid-Holland, mogen we maximaal 100% van de in het voorgaande jaar ontvangen onderuitputting structureel in onze begroting opnemen. Gezien het huidige financieel perspectief en vanuit de gedachte “je niet arm rekenen” wordt voorgesteld om de verwachte onderuitputting BCF structureel op 100% van toegestane maximum te begroten. Kosten ICT Uit de jaarrekening 2023 blijkt dat binnen de kostenverdeling van de DVO met Syntrophos een structureel tekort van € 386.000 per jaar is ontstaan voor de gemeente Nissewaard.

Dit tekort is niet het gevolg van projecten of vernieuwing, maar van een technische verschuiving in de kostentoerekening, waarbij contractlasten van ‘gezamenlijk’ naar ‘specifiek’ zijn verplaatst. De correctie daarvan heeft geleid tot een blijvende financiële last voor Nissewaard – zonder dat daar aanvullende begrotingsruimte tegenover stond. Daarnaast speelt de verdeelsleutel binnen de DVO – zoals bestuurlijk afgesproken bij de toetreding van Hellevoetsluis in 2019 – ons al jaren parten. Deze verdeelsleutel pakt structureel ongunstig uit voor Nissewaard en versterkt de financiële scheefgroei. Ook intern stapelen de knelpunten zich op: het aantal gebruikersaccounts binnen de organisatie is de afgelopen jaren gegroeid, zonder dat daar structurele middelen tegenover staan. Er zijn wel laptops en telefoons aangeschaft, maar de structurele kosten voor licenties, beheer en beveiliging zijn nooit meegegroeid. Dat zorgt voor een financiële disbalans die met elk jaar groter wordt. Ernst van de situatie: een begrotingsgat dat verlamd Als we deze structurele onderfinanciering niet corrigeren, starten we elk jaar met een negatief ICTbudget van € 386.000. Dit bedrag wordt dan intern opgevangen ten koste van andere middelen, waardoor noodzakelijke vernieuwingen uitblijven.

Dit raakt fundamentele ICT-voorzieningen zoals: • lifecycle management van apparatuur en systemen; • noodzakelijke updates en patches; • basismaatregelen voor cyberveiligheid en • investeringen in innovatie, efficiency en schaalbaarheid. Zonder die ruimte komt de organisatie stil te staan. Waarom niet investeren op termijn juist duurder is Het lijkt op het eerste gezicht aantrekkelijk om ICT-investeringen vanwege budgetdruk uit te stellen. De realiteit is echter dat dit op de middellange termijn (1–3 jaar) juist leidt tot hogere kosten en grotere risico’s:

48

1. Stijgende beheerkosten bij verouderde ICT Oude systemen zijn duurder in onderhoud en kwetsbaarder. Ze vereisen vaak maatwerkoplossingen en externe specialisten tegen hoge tarieven. We betalen dan meer voor minder. 2. Hoger risico op verstoringen en incidenten Met verouderde ICT neemt de kans op storingen, datalekken en beveiligingsincidenten toe. Die zijn kostbaar, leiden tot reputatieschade en kunnen bestuurlijke en juridische gevolgen hebben. 3. Verlies van productiviteit en werkdruk Werken met achterhaalde systemen frustreert medewerkers, verlaagt de efficiëntie en verhoogt de werkdruk. Dat remt dienstverlening aan inwoners en organisaties. 4. Niet voldoen aan wet- en regelgeving Nieuwe verplichtingen zoals de Wet open overheid (Woo), digitale toegankelijkheid en cybersecurity vergen moderne ICT. Niet voldoen kan leiden tot sancties of verlies van subsidie. 5. Gemiste kansen op datagedreven werken en innovatie Zonder basis op orde kunnen we geen gebruik maken van data voor beter beleid, efficiënter werken of gerichte maatschappelijke impact. 6. Vertraagde transities worden later duurder Uitstel leidt tot inhaaloperaties onder druk, met hogere kosten, meer risico's en minder grip op kwaliteit. We betalen dan later de hoofdprijs voor achterstallig onderhoud. Nieuwe werkplek, eigen tennant en Microsoft 365 / Beperking dienstverlening e.d.

De gemeente Nissewaard gaat met de implementatie van Microsoft 365 en de nieuwe digitale werkplek een belangrijke stap gezet naar een toekomstbestendige, moderne en samenwerkingsgerichte ICT-omgeving. Deze ontwikkeling is noodzakelijk om in te spelen op veranderende verwachtingen van inwoners, nieuwe wet- en regelgeving en de wens tot flexibel werken. Een structureel veranderde beheersituatie Met deze transitie verandert ook de beheersituatie fundamenteel. Waar voorheen Syntrophos in belangrijke mate het volledige werkplekbeheer verzorgde, ontstaat nu een gedeeld beheerlandschap, waarin de gemeente zelf nieuwe verantwoordelijkheden draagt. Deze liggen op het vlak van: • functioneel en beleidsmatig beheer van SharePoint, Teams en OneDrive; • toegangsbeheer, compliance-instellingen en dataclassificatie binnen de Microsoft 365-tenant; • monitoring en analyse van beveiligingssignalen via Microsoft Security Center en • begeleiding van gebruikers bij de adoptie en het juist gebruik van nieuwe functionaliteiten. Voor deze taken is structureel 0,8 fte gemeentelijke formatie nodig, wat neerkomt op € 80.000 per jaar. Deze taken kunnen niet aan bestaande formatie worden toegevoegd zonder dat dit ten koste gaat van andere kritieke taken binnen de informatievoorziening en digitale veiligheid.

Daarnaast blijkt dat ook bij Syntrophos 1,8 fte aanvullende formatie nodig is om het technische beheer van de nieuwe werkplek duurzaam te kunnen organiseren. De kosten hiervan worden op basis van gelijkwaardigheid verdeeld met Voorne aan Zee, wat betekent dat Nissewaard structureel € 100.000 per jaar moet toevoegen aan de DVO.

49

Implementatie kosten nieuw financieel pakket ERPx De invoering van dit nieuwe ERPx-systeem is essentieel voor de modernisering van onze financiële en administratieve processen, maar brengt de nodige implementatiekosten met zich mee, zijnde € 400.000. Implementatiekosten nieuw belastingpakket Met het nieuwe belastingpakket wordt gekomen tot één geïntegreerd pakket dat zowel de belastingals de taxatiefunctionaliteit omvat. Dit moet leiden tot een efficiëntere werkwijze, minder beheerlast, een betere ondersteuning van de werkprocessen en een betere dienstverlening aan de burger. De implementatiekosten bedragen € 270.000. Hiervan kan € 95.000 gedekt worden binnen de bestaande budgetten van het team Belastingen en Rechtsbescherming. Daarmee resteert nog een knelpunt van € 175.000. Het nieuwe belastingpakket zal naar verwachting een besparing opleveren van ca € 75.000 per jaar. Dit zal (mede) benut worden om de bezuiniging 55. Harmonisatie softwarepaketten in te vullen. Hier wordt nog nader over geadviseerd. Streekarchief Dit betreft mogelijke/verwachte (incidentele) extra kosten m.b.t. de toetreding van Goeree Overflakkee en de nieuwe huisvesting. Evenementen / Algemene reserve Voorgesteld wordt om het geconstateerde knelpunt ten aanzien van evenementen ad € 62.000 voor 2025 en 2026 te dekken via de Algemene reserve. Over de invulling voor 2027 en verder wordt nader geadviseerd.

Paardenmarkt / Algemene reserve Stichting Paardenmarkt heeft een claim ingediend voor vergoeding van de kosten (19.000 euro) van de jaarlijkse kermis. Voorgesteld wordt om dit voor 2025 en 2026 te dekken via de Algemene reserve. Indexatie contracten facilitaire diensten / Vrijval budget afwassen koffiebekers / Doorbelasting verhoging lasten Vanuit de huidige contracten van Asito (schoonmaak) en Securitas (beveiliging) zijn indexaties doorgevoerd en aangekondigd, welke hoger zijn dan de interne indexatie op de budgetten. De indexaties van de leveranciers zijn conform de contractafspraken. Onderstaand een toelichting per leverancier. Securitas Per 1-1-2025 is door de leverancier een indexering van 6,2% doorgevoerd, conform contractafspraken. Het gevolg is een structurele overschrijding van € 27.000 voor de inhuur van de beveiliging voor het stadhuis en parkeerbeheer (vanaf boekjaar 2025). Asito Per 1-7-2025 zal een indexering plaatsvinden conform contractafspraken. Inmiddels is er een vooraankondiging afgegeven door de leverancier van 10,76%. In 2024 zijn er reeds bezuinigingen doorgevoerd (reductie frequentie schoonmaak en glasbewassing). De dienstverlening is hiermee op het minimaal gewenste kwaliteitsniveau teruggebracht. Uitgaande van de aangekondigde indexatie is de verwachting dat dit leidt tot een minimale overschrijding van € 61.000 van de vaste aanneemsom.

Aanbesteding warme dranken / vrijval budget schoonmaken koffiebekers De aanbesteding van warme dranken wordt komende maanden uitgevoerd. De kosten van koffiebonen zijn in de afgelopen jaren enorm gestegen, de aanbesteding is hierdoor niet voor 50

dezelfde prijs haalbaar. We hadden verwacht maximaal € 20.000 hoger uit te komen dan het beschikbare budget. Bij het aanbesteden van het bedrijfsrestaurant is het schoonmaken en distribueren van de koffiebekers meegenomen. Dit paste binnen het beschikbare budget. Hiermee kan het budget voor het schoonmaken van de koffiebekers ad € 19.000 structureel vrijvallen. Dit kan gebruikt worden om de hogere kosten van de koffiebonen te kunnen dekken. Verder kan ca € 39.000 structureel worden doorbelast aan derden. Vrijvallende kapitaallasten Ten behoeve van herinvesteringen accommodaties waren kapitaallasten investeringsschema opgenomen. Het voorstel is om deze incidenteel te laten vrijvallen. Treasury Toetreding Voorne aan Zee tot Reinis / Dividend De gemeente Voorne aan Zee heeft aangegeven toe te willen treden tot Reinis. Dit zal de nodige voorbereidingen vergen waarbij ook externe expertise noodzakelijk is. Voorgesteld wordt om deze kosten te dekken uit de actualisatie van het verwachte dividend voor 2025. Meerjarig zal het dividend nog geactualiseerd worden voor de begroting 2026 – 2029. Algemene uitkering Verrekening mutaties sept.cir. 2022 en dec.cir. 2022 met begrotingssaldo Dit betreft een administratieve correctie. De 2 betreffende mutaties zijn conform besluitvorming verrekend met het budgetnummer van het begrotingssaldo.

Echter, ze zijn op een andere kostensoort gezet waardoor het leek alsof het aparte posten waren. Het gepresenteerde begrotingssaldo 2025 – 2029 dient hiermee gecorrigeerd te worden. Ingroei suppletie-uitkering herverdeling Het is de verwachting dat met ingang van 2027 de huidige suppletie-uitkering ad € 4,4 miljoen per jaar m.b.t. de laatste herziening van de verdeling van het Gemeentefonds geleidelijk zal wegvallen. Onroerende zaakbelasting Afdoen bezwaren - extra lasten a.g.v. NCNP-bureaus Het aantal bezwaren nemen landelijk niet af, No-Cure-No-Pay-bureau's zijn nog actiever met commercials dan voorheen met werving van mensen die bezwaar willen maken via hen. Dit wordt uiteindelijke wel meegenomen bij het bepalen van het OZB tarief waardoor opbrengst OZB met dit bedrag naar rato stijgt en dit bedrag compenseert. OZB Voor de begroting 2026 – 2029 zullen de OZB-baten nog geactualiseerd worden. Stelpost Areaalmutaties Met het opstellen van de begroting 2026 – 2029 zal nog nader bekeken worden in hoeverre de OZB mutaties verrekend moeten worden met de stelpost Areaalmutaties. Overige belastingen Perceptiekosten / Meer invordering We zien een stijging van het aantal dossiers dat via een incassobureau verloopt waardoor de perceptiekosten stijgen. Dit wordt grotendeels gecompenseerd door hogere invorderingsopbrengsten.

51

Toeristenbelasting Er worden extra baten verwacht door met name de oplevering Zuytland Buiten 2 van Belvilla.

5.7

Sociaal Domein

De stelpost Sociaal Domein vormt een belangrijke indicator voor de financiële stand van zaken op dit terrein. De stand van de stelpost Sociaal Domein2 zag er ten tijde van het opstellen van deze perspectiefnota als volgt uit. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2025 2026 2027 2028 2029 Stelpost Sociaal Domein na dec. circulaire 2024 -2 -94 -100 -2.747 -2.747 Knelpunten 2025-2029 PPN 2026: Algemeen 1.Geen indexering 0 317 287 280 280 2.Wmo Open House OVA 2026 0 -306 -306 -306 -306 3. Indexering Lokaal ingekochte Jeugdhulp 0 -229 -229 -229 -229 Onderwijs 4.Schoolzwemmen -23 -23 -23 -23 -23 5.Peuterspeelzaalwerk 47 0 0 0 0 6.Toezicht GGD kinderopvang 8 8 8 8 Thuis in Nissewaard 7.Eenzaamheidsbestrijding 19 0 0 0 0 Maatwerk Jeugd 8.A. Ontwerpbegroting GRJR 2026/meerjarenraming 0 0 0 0 -3.016 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) 8.B.

Ontwerp begrotingswijziging GRJR 2025 182 0 0 0 0 (+ GRJR-Begrotingsadvies) -182 9.Woonplaatsbeginsel Jeugdhulp -152 0 0 0 0 10.POH GGZ Jeugd 75 0 0 0 0 11.PGB Jeugd -183 -204 -204 -204 -204 12.Kinderdagcentrum 0 -927 -927 -927 -927 13.Lokaal ingekochte Jeugdhulp -822 -1.574 -1.590 -1.592 -1.592 14.Vervoer Jeugdwet -97 -97 -97 -97 -97 Maatwerk Volwassenen 15.Huishoudelijke hulp volumegroei 2026 0 -444 -444 -444 -444 16.Aanpassingen aan huis volumegroei 2026 0 -13 -13 -13 -13 17.Hulpmiddelen volumegroei 2026 0 -64 -64 -64 -64 18.Stelpost volumegroei Wmo 0 374 520 520 520 19.PGB Huishoudelijke hulp 13 13 13 13 13 20.Begeleiding Wmo 438 0 0 0 0 21.Eigen bijdrage Wmo 55 55 55 55 55 22.Collectief vervoer 250 0 0 0 0 23.Wmo voorzieningen -8 -7 -7 -7 -7 Werk, Inkomen, Inburgering en armoedebeleid 2

Betreft het Sociaal Domein exclusief de centrumtaken Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, Beschermd wonen en Brede aanpak dak- en thuislozen (middelen bestemd voor de ZHE-regiogemeenten).

52

24.BUIG – lasten 25.BUIG 26.Re-integratie Volksgezondheid 27.GGD basistaken 28.Lijkschouwingen Totaal mutaties PPN Subtotaal na knelpunten PPN 2026 29.Voorjaarsnota 2025 Rijk – Jeugdzorg 30.Stelpost hoeveelheidsverschillen Subtotaal stelpost sociaal domein Saldo loon- en prijscompensatie (*) Voorjaarsnota 2025 Rijk – algemene mutaties Totaal stelpost Sociaal Domein

-90 PM 0

5 PM -500

5 PM -500

5 PM -500

159 PM -500

0 25 -454 -456 2.070 380 1.994

13 29 -3.574 -3.668 4.860 1.180 2.372

13 29 -3.474 -3.573 4.605 1.577 2.609

13 29 -3.482 -6.229 -505 2.337 -4.397 43 2.334 -2.020

13 29 -6.343 -9.090 -505 2.337 -7.258

1.994

2.372

2.609

2.438 -4.820

Toelichting Knelpunten 2025-2029 Sociaal Domein PPN 2026

Algemeen 1. Geen indexering • Voor een aantal budgetten is het niet noodzakelijk om een indexering toe te passen. Dit betreft een aantal uitvoeringsbudgetten binnen het sociaal domein zoals bijvoorbeeld het budget benchmark & onderzoek en uitvoeringskosten Wmo. Het niet indexeren van deze budgetten levert een structureel voordeel op van circa € 4.000. • Het budget voor exploitatiebijdrage Voorne Putten Werkt welke is gekoppeld aan de Rijksmiddelen WSW is ten onrechte geïndexeerd. Bij de meicirculaire worden deze middelen namelijk vanuit het Rijk geïndexeerd. Dit levert een voordeel op van circa € 280.000. • Het incidentele budget voor lokale preventie MO is eveneens niet geïndexeerd. Dit levert in 2026 een voordeel op van € 17.000. 2. Wmo Open House OVA 2026 De tarieven voor de lokale inkoop Wmo (Open House) zijn gebaseerd op de OVA-index en contractueel vastgelegd. De voorlopige OVA-index voor 2026 bedraagt 4,24%. De toevoeging van de correctie van 1,0 % over 2025 (meegenomen 4,18% en werkelijk 5,18%) maakt dat de tarieven in 2025 met 5,24% dienen te worden verhoogd. Dit levert een structureel knelpunt op van circa € 306.000. 3. Indexering Lokaal ingekochte Jeugdhulp Bij de lokaal ingekochte Jeugdhulp zijn contractuele afspraken over indexering van toepassing. De indexering van de meeste budgetten voor de lokaal ingekochte Jeugdhulp voor 2026 bedraagt 5,24%.

In de technische begroting is een gemeentelijk indexpercentage meegenomen van 3,42%. Gezien de contractuele afspraken over indexering leidt dit tot een knelpunt op de indexering voor de lokaal ingekochte Jeugdhulp van € 229.087.

53

Onderwijs 4. Schoolzwemmen De kosten voor schoolzwemmen zijn in 2024 t.o.v. 2023 gestegen. De begroting wordt hierop vanaf 2025 voor een bedrag ad € 23.383 structureel bijgesteld. 5. Peuterspeelzaalwerk Op het budget Peuterspeelzaalwerk is een incidenteel voordeel in 2025 van € 46.771. Dit hangt samen met de middelen voor onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Gezien de behoeften van onze jeugdpopulatie en het daarmee gepaard gaande grote belang op inzet op onderwijsachterstandenbeleid, vindt op deze manier uitnutting van het OAB-budget plaats. 6. Toezicht GGD kinderopvang De nieuwe begroting van de GR GGD-RR laat vanaf 2026 een structureel voordeel zien op toezicht GGD Kinderopvang van € 8.000. Thuis in Nissewaard 7. Eenzaamheidsbestrijding Op het budget eenzaamheidsbestrijding is een onderbesteding. Met deze onderbesteding wordt de taakstelling van € 19.513 op eenzaamheid ingevuld. Aangezien de bezuinigingstaakstelling is ingeboekt vanaf 2026 valt de onderbesteding in 2025 incidenteel vrij. Maatwerk Jeugd 8. A. Ontwerpbegroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ bijlage Begrotingsadvies) - Het knelpunt GRJR 2029 ad € 3.015.866 heeft betrekking de totale lasten van de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde regionale specialistische jeugdhulp (en lasten uitvoeringsorganisatie GRJR) opgenomen.

Hiervan is een deel in de GRJR-begroting opgenomen en een deel in de begroting van Nissewaard. - De GRJR geeft een begrotingsadvies voor de specialistische jeugdhulp die is opgenomen in de gemeentelijke begrotingen. Dit begrotingsadvies betreft het benodigde budget voor zorg vanuit de regionale en landelijke contracten voor specialistische jeugdhulp. In dit kader betalen de deelnemende gemeenten een voorschot aan de GRJR. Het GRJR-begrotingsadvies is geen onderdeel van de Begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 - 2029 maar opgenomen in de bijlage van de Begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 - 2029. Zowel de Begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 als de bijlage GRJR-Begrotingsadvies worden door het AB GRJR op 12 september 2025 vastgesteld. - Het geheel overziend maken de ontwikkelingen die plaatsvinden incl. deel invulling bezuinigingstaakstelling RBOK dat inzake de Ontwerpbegroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies): • Voor de jaren 2026, 2027, 2028 voor Nissewaard geen ophoging nodig is. • Voor het jaar 2029 een ophoging benodigd is ad € 3.015.866.

- Wijzigingen naar aanleiding van de door de raden van de deelnemende gemeenten ingediende zienswijzen op de ontwerpbegroting GRJR 2026, de definitieve jaarrekeningcijfers GRJR 2024 en eventueel structurele effecten vanuit de eerste bestuursrapportage GRJR 2025 worden in de definitieve begroting GRJR 2026/meerjarenraming verwerkt als deze meer dan 5% (op GRJRniveau) afwijken. - Zoals eerder aangegeven in onze zienswijze blijft gemeente Nissewaard voorstander van realistisch begroten. Realistisch begroten is ons inziens het opnemen van de begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) en tegelijkertijd de resterende taakstelling RBOK voor Nissewaard. Deze begroting laat immers enerzijds de impact van de begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) zien en anderzijds het dempend effect van de maatregelen RBOK. 54

-

-

-

-

In dit kader wordt aan de toezichthouder, de provincie Zuid-Holland, voorgelegd om de begroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) op te nemen en tegelijkertijd de resterende bezuinigingstaakstelling RBOK voor Nissewaard. Zie de tabel hieronder voor wat de Ontwerpbegroting GRJR 2026/meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) en de RBOK voor Nissewaard betekenen en het voorstel aan de raad voor de verwerking in de Perspectiefnota 2026 hiervan. Het risico is aanwezig dat de werkelijkheid zich anders ontwikkelt. Dit geldt mede voor de opbrengsten van kostenbeheersingsmaatregelen RBOK. De GRJR-ramingen gaan aldus gepaard met onzekerheden over de trendmatige ontwikkeling/groei en de effectiviteit van kostenbeheersingsmaatregelen RBOK. In dit advies zijn als indexering voor de ontwerpbegroting GRJR 2026/meerjarenraming (+ GRJRBegrotingsadvies) ‘de correctie op de indexering 2024 + voorlopige indexering 2025’ meegenomen. In de definitieve begroting GRJR 2026/meerjarenraming zal qua indexering ‘de correctie op de indexering 2025 + voorlopige indexering 2026’ worden meegenomen (= VNG werkwijze).

Tabel: Verwerking in Perspectiefnota Nissewaard 2026 voor GRJR3

GRJR-niveau Ontwerpbegroting GRJR 2026 en meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJRBegrotingsadvies)* Niet in de begroting GRJR 2026/ meerjarenraming 2027-2029 verwerkte RBOK (cumulatief; afgerond) GRJR voor Nissewaard Ontwerpbegroting GRJR 2026 en meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJRBegrotingsadvies) Beschikbare middelen in de begroting Nissewaard voor GRJR 2026-2029 Verschil tussen Ontwerpbegroting GRJR 2026 /meerjarenraming (+ GRJRBegrotingsadvies) en beschikbare middelen in begroting Nissewaard Invulling deel bezuinigingstaakstelling RBOK voor Nissewaard Knelpunt o.b.v. Ontwerpbegroting GRJR 2026 /meerjarenraming (+ GRJRBegrotingsadvies) incl. invulling deel bezuinigingstaakstelling RBOK 2029 (= 2.432.097 + 583.769)

Bedragen in € “-” = nadelig Begroting Raming Raming 2026 2027 2028 441.083.004 467.052.221 496.699.473

Raming 2029 530.657.669

-18.300.000

-45.800.000

-78.400.000

-78.400.000

Begroting 2026 37.031.227**

Raming 2027 39.324.116

Raming 2028 41.949.164

Raming 2029 44.965.030

37.068.890

39.616.924

42.532.933

42.532.933

37.663 Voordeel

292.808 Voordeel

583.769 Voordeel

2.432.097 Nadeel

37.663

292.808

583.769

583.769 3.015.866

3 De bedragen hebben betrekking op de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde

regionale specialistische jeugdhulp (en lasten uitvoeringsorganisatie GRJR). Dit betreft enerzijds de specialistische jeugdhulp opgenomen in de GRJR-begroting (= bijdrage) en anderzijds de specialistische jeugdhulp in onze eigen begroting (= als voorschot opgenomen in de bijlage van de GRJR-begroting).

55

Resterende bezuinigingstaakstelling RBOK Nissewaard

-1.434.235

-3.390.958

-5.722.067

-5.722.067

Verwerking in de Perspectiefnota 2026: 2026 2027 2028 2029 A. Invulling (deel) bezuinigingstaakstelling 37.663 292.808 583.769 583.769 RBOK B. Knelpunt GRJR o.b.v. ontwerpbegroting 3.015.866 GRJR 2026/meerjarenraming 2027 - 2029 (+ GRJR-Begrotingsadvies) incl. invulling deel bezuinigingstaakstelling RBOK 2029 * De meerjarenraming is inclusief trendmatige groei en exclusief indexering ** Waarvan € 7.518.821 in GRJR-begroting (GRJR-besluiten) en € 29.512.406 in de gemeentelijke begroting (besluiten gemeente Nissewaard) 8. B. Ontwerp begrotingswijziging GRJR 2025 (+ GRJR-Begrotingsadvies) - Hierbij gaat het om de totale lasten van de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde regionale specialistische jeugdhulp (en lasten uitvoeringsorganisatie GRJR). Hiervan is een deel in de GRJR-begroting opgenomen en een deel in de begroting van Nissewaard. - De GRJR geeft een begrotingsadvies voor de specialistische jeugdhulp die is opgenomen in de gemeentelijke begrotingen. Dit begrotingsadvies betreft het benodigde budget voor zorg vanuit de regionale en landelijke contracten voor specialistische jeugdhulp. In dit kader betalen de deelnemende gemeenten een voorschot aan de GRJR. Het GRJR-begrotingsadvies is geen onderdeel van de Begrotingswijziging GRJR 2025 maar opgenomen in de bijlage van de begrotingswijziging GRJR 2025.

Zowel de begrotingswijziging GRJR 2025 als de bijlage GRJRBegrotingsadvies worden door het AB GRJR op 12 september 2025 vastgesteld. - Het geheel overziend maken de ontwikkelingen die plaatsvinden dat voor de ontwerp begrotingswijziging GRJR 2025 (+ GRJR-Begrotingsadvies) voor Nissewaard geen ophoging nodig is. We hebben € 33.562.736 begroot en vanuit de ontwerp begrotingswijziging GRJR 2025 (+ GRJR-Begrotingsadvies) is € 33.380.664 benodigd. Dit maakt dat we een voordeel hebben ad € 182.072. Gezien de dynamiek in de realisatie, wordt in deze Perspectiefnota 2026 aan de raad van Nissewaard voorgesteld om dit voordeel op een GRJR-stelpost te plaatsen. Zie onderstaande tabel. - Het risico is aanwezig dat de werkelijkheid zich anders ontwikkelt. De GRJR-begroting gaat gepaard met onzekerheden over de ontwikkeling/groei. Tabel: Ontwerp begrotingswijziging GRJR 2025 (+ GRJR-Begrotingsadvies) in Euro’s4 GRJR-niveau Gemeente Nissewaard Huidige begroting GRJR 2025 413.267.866 33.562.736 (incl. structurele ophoging tweede tussenrapportage Nissewaard 2024) Begroting GRJR 2025 na ontwerp begrotingswijziging 398.664.642* 33.380.664** 2025 Financieel voordeel 14.603.224 182.072 4

De bedragen hebben betrekking op de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde regionale specialistische jeugdhulp (en lasten uitvoeringsorganisatie GRJR). Dit betreft enerzijds de specialistische jeugdhulp opgenomen in de GRJR-begroting (= bijdrage) en anderzijds de specialistische jeugdhulp in onze eigen begroting (= als voorschot opgenomen in de bijlage van de GRJR-begroting).

56

Verwerking in de Perspectiefnota 2026: Financieel voordeel op GRJR-stelpost plaatsen 182.072 * waarvan € 94.777.654 in GRJR-begroting (GRJR-besluiten) en € 303.886.988 in de gemeentelijke begrotingen (Gemeentelijke besluiten) ** waarvan € 7.099.503 in GRJR-begroting (GRJR-besluiten) en € 26.281.161 in onze eigen begroting (Besluiten gemeente Nissewaard) 9. Woonplaatsbeginsel Jeugdhulp - Het knelpunt op het Woonplaatsbeginsel Jeugdhulp is, op basis van de reeds ontvangen facturen in 2025 € 151.734. Voor het woonplaatsbeginsel Jeugdhulp gelden landelijke criteria zodat helder is welke gemeente per situatie verantwoordelijk is voor de jeugdhulplasten. Het woonplaatsbeginsel is van toepassing op de gehele jeugdhulp. Binnen de regio RotterdamRijnmond zijn de volgende afspraken gemaakt: 1) Na 15 december 2023 worden er geen jeugdigen met terugwerkende kracht meer overgedragen. (Financiële) overdracht vindt dan plaats op het moment dat de jeugdige wordt gemeld bij de desbetreffende gemeente. 2) Vanaf 2023 worden de lasten van het woonplaatsbeginsel binnen de regionaal ingekochte jeugdhulp vereffend. - Het knelpunt 2025 heeft betrekking op jeugdhulplasten woonplaatsbeginsel vanuit gemeenten buiten de regio Rotterdam-Rijnmond. - De jeugdhulplasten woonplaatsbeginsel zijn niet vooraf te prognosticeren.

Het gaat immers om jeugdhulp die door andere gemeenten is geleverd en betaald waarna deze gemeenten de lasten bij ons in rekening brengen omdat wij deze conform de criteria van het woonplaatsbeginsel dienen te voldoen. Gezien deze kosten niet te prognosticeren zijn betreft het een incidentele last en is dit als risico meegenomen in de risicoparagraaf. 10. POH GGZ Jeugd (praktijkondersteuner GGZ-Jeugd) Het beschikbare budget voor POH Jeugd-GGZ hoeft niet volledig te worden ingezet. Op basis van de verleende subsidie kan een bedrag van € 75.620 vrijvallen. 11. PGB Jeugdhulp - Het structurele knelpunt op PGB Jeugdhulp is in 2025 € 183.298 en vanaf 2026 € 203.619. In de Perspectiefnota 2025 is, vanwege een afname van het aantal PGB’s Jeugd, het budget PGB Jeugdhulp structureel verlaagd. In de praktijk zagen we hierbij een kostenverschuiving van PGB Jeugdhulp naar Maatwerk Jeugd. - Het huidige structurele knelpunt kan worden verklaard door de druk op de wachtlijst voor een plek in het Kinderdagcentrum. Vanwege deze druk worden PGB’s verleend als alternatief. Gedurende 2024 zijn vier PGB’s voor het Kinderdagcentrum toegekend. Hierbij gaat het om gemiddeld hoge lasten. De praktijkervaring leert dat jeugdigen in een Kinderdagcentrum een complexe zorgvraag hebben (ook vanwege fysieke beperkingen) en niet snel uitstromen. 12.

Jeugdhulp Kinderdagcentrum - Het structurele knelpunt op de Jeugdhulp Kinderdagcentrum (KDC) is vanaf 2026 € 927.026. In 2022 heeft samen met de gemeenten Nissewaard en Voorne aan Zee een inkoop plaatsgevonden waarbinnen een deel van de overheveling van de daghulp vanuit de GRJR en overige producten binnen de Open House die raakvlakken hebben met onderwijs zijn ingekocht. - Een belangrijk deel van deze inkoop betreft KDC-plekken. Met deze inkoop wordt een transformatie beoogd zodat kinderen meer passend en nabij, zoveel mogelijk in de nabije leefomgeving ondersteuning krijgen waar nodig. Er is vanuit gegaan dat meer kinderen konden starten binnen het (speciaal) onderwijs en minder kinderen bij het KDC werden aangemeld. Er

57

-

zijn fors minder KDC-plekken ingekocht (+/- 40 binnen de regio). Binnen het contract is daar bovenop een afbouw van 16 KDC-plekken voor Nissewaard opgenomen. Doordat deze aanname te ambitieus was, zijn er lange wachtlijsten voor plaatsing op een KDCplek ontstaan. Voorstel is de afbouw van de KDC-plekken per 2026 ongedaan te maken en deze 16 KDC-plekken te continueren.

13. Lokaal ingekochte Jeugdhulp - Voor de lokaal ingekochte Jeugdhulp is per saldo een structureel knelpunt van € 821.704 vanaf 2025 en € 1.573.762 vanaf 2026. - De lokaal ingekochte Jeugdhulp bestaat uit: o Begeleiding Jeugdhulp o Behandeling Jeugdhulp o Dyslexie zorg o Dagbesteding Jeugdwet o Kortdurend verblijf Jeugdhulp o Vervoer Daginvulling Jeugdhulp o Persoonlijke verzorging - De lasten van de lokaal ingekochte Jeugdhulp voor 2025 en verder zijn op de realisatie 2024 bijgesteld. In het kader van realistisch begroten is op basis van de afgelopen drie jaar de trendmatige groei van de kosten meegenomen (= kostenintensiteit). De kostenintensiteit is toegenomen doordat de zorgvraag complexer wordt en hierdoor meer zorg nodig is en/of zorgtrajecten langer duren. De grootste structurele stijging bij de lokaal ingekochte Jeugdhulp zit bij Begeleiding en Behandeling: - Begeleiding Jeugdhulp: o Begeleiding Jeugdhulp stijgt vanaf 2025 met € 589.144 en vanaf 2026 met € 813.030. Na de bijstelling in de tweede tussenrapportage 2024 is het gemiddeld aantal cliënten met Begeleiding verder gestegen en is de trendmatige groei van de kosten toegenomen (kostenintensiteit). Uit de gegevens blijkt dat de gecertificeerde instellingen gemiddeld meer cliënten doorverwijzen naar Begeleiding. Hierdoor zijn de lasten verder toegenomen.

In deze perspectiefnota is zowel de trendmatige groei van de kosten vanaf 2025 als vanaf 2026 meegenomen. - Behandeling Jeugdhulp: o Behandeling Jeugdhulp stijgt vanaf 2025 met € 451.617 en vanaf 2026 met € 969.281. Behandeling is de zwaarste vorm binnen de lokale jeugdhulp en bestaat uit Laagcomplexe specialistische GGZ, Medicatiecontrole, Basis-GGZ en LVB-Behandeling individueel. In de tweede tussenrapportage 2024 is een structureel nadeel op Behandeling Jeugdhulp verwerkt. Dit kwam enerzijds omdat vanaf 2024 Laagcomplexe specialistische GGZ vanuit lokaal werd ingezet. Dit conform de bedoeling van de overheveling 2023 waarbij regionaal ingekochte jeugdhulp (vanuit perceel E) naar lokaal is gegaan. Anderzijds kwam dit omdat het gemiddeld aantal cliënten voor medicatiecontrole was gestegen. Uit de jaarstukken 2024 bleek een aanvullend structureel nadeel. o Over 2024 zien we een stijging van het aantal cliënten op Laagcomplexe specialistische GGZ en Medicatiecontrole; het aantal cliënten Basis-GGZ is stabiel gebleven en bij LVBBehandeling individueel is het gedaald. De dynamiek die we bij Behandeling Jeugdhulp zien, komt mede voort uit de overheveling 2023 van regionaal naar lokaal. Dit maakt het prognosticeren lastig.

Het geheel overziend is op totaalniveau het aantal cliënten Behandeling Jeugdhulp over 2024 gedaald maar zien we een trendmatige groei van de kosten (kostenintensiteit). In deze perspectiefnota is zowel de trendmatige groei van de kosten (kostenintensiteit) vanaf 2025 als vanaf 2026 meegenomen. o Bij de regionaal ingekochte jeugdhulp door de GRJR zien we op perceel E, van waaruit in 2023 is overgeheveld naar lokaal, geen voordeel. Vanwege het inlopen van de wachtlijst 58

ontvangen cliënten nu eerder door de GRJR ingekochte specialistische jeugdhulp op dit perceel. Dit maakt dat we geen financieel voordeel bij de GRJR zien. 14. Vervoer Jeugdwet Het structurele knelpunt op het budget Vervoer Jeugdwet is vanaf 2025 € 97.200. Dit komt voort uit een verschuiving van lasten vanuit het budget vervoer daginvulling naar het budget Vervoer Jeugdwet. Maatwerk Wmo 15. Huishoudelijke hulp volumegroei 2026 Op basis van het Wmo voorspelmodel wordt uitgegaan van een 4% volumegroei van het aantal cliënten huishoudelijke hulp in 2026. Dit levert een structureel nadeel op van circa € 444.000. 16. Aanpassingen aan huis volumegroei 2026 Voor de uitgaven aan aanpassingen aan huis wordt op basis van het Wmo voorspelmodel uitgegaan van een 2% volumegroei. Dit resulteert in een nadeel van circa € 13.000. 17. Hulpmiddelen volumegroei 2026 Voor de uitgaven aan hulpmiddelen wordt op basis van het Wmo voorspelmodel uitgegaan van een 2% volumegroei. Dit resulteert in een nadeel van circa € 64.000. 18. Stelpost volumegroei Wmo In de septembercirculaire 2024 zijn structurele middelen toegevoegd voor indexatie Wmo demografie. Met de VNG is afgesproken dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het Gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering.

Afhankelijk van de gekozen bekostigingsvorm wordt een passende geobjectiveerde indexering onderzocht die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Vooruitlopend op de uitwerking is bij Voorjaarsnota 2024 op de Aanvullende Post een jaarlijkse tranche van € 75 miljoen vanaf 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029 gereserveerd voor een aanvullende indexering voor demografie. Voor Nissewaard is dit effect (inclusief indexering) € 374.184 in 2026 oplopend tot €1.190.319 in 2028. Deze middelen uit de septembercirculaire 2024 zijn als een stelpost volumegroei Wmo opgenomen op het budget “Uitvoeringskosten Wmo”. Op basis van een 4% groei voor HH, een 2% groei voor aanpassingen aan huis en een 2% groei voor hulpmiddelen in 2026 betekent dit een bedrag van € 521.250 aan volumegroei. Voor 2026 is maar een bedrag van € 374.184 beschikbaar op de stelpost en kan derhalve de volumegroei niet volledig gedekt worden. Voorgesteld wordt om vanaf 2027 de volumegroei volledig te deken uit stelpost volumegroei Wmo. 19. PGB Huishoudelijke hulp Op basis van de realisatie 2024 en de verwachting dat het aantal PGB's gelijk zal blijven kan dit budget met circa € 13.000 structureel worden verlaagd. 20. Begeleiding Wmo Per 1 april 2024 is de P*Q bekostiging ingevoerd. Dit heeft geleid tot een sterke toename van het maandbedrag.

Hierdoor kan het budget structureel met ruim € 450.000 worden verlaagd. Uit dit voordeel worden de taakstellingen voor begeleiding (€ 400.000) en ontwikkelbudget (€ 28.316) ingevuld. Voor 2025 ontstaat hier een incidenteel voordeel. 21. Eigen bijdrage Wmo Voor eigen bijdrage Wmo is € 745.000 structureel begroot. De realisatie in 2024 bedroeg € 793.000. Op basis van een verdere stijging van het aantal Wmo cliënten kunnen de eigen bijdrage structureel verhoogd worden naar € 800.000. Een voordeel van € 55.000. 59

22. Collectief vervoer Op basis van de realisatie 2024 en de extra besparing vanwege invoering van het product routegebonden vervoer kan de begroting voor Collectief vervoer structureel met € 250.000 worden verlaagd. Vanaf 2026 wordt deze verlaging ingezet voor het invullen van de bezuiniging taakstelling. Voor 2025 ontstaat hier een incidenteel voordeel. 23. Wmo voorzieningen Op basis van de realisatie in 2025 en voorgaande jaren kan het budget Individuele vervoersvoorziening structureel worden verlaagd naar een bedrag van € 7.500. Dit levert structureel een voordeel op van circa € 6.500. Daarnaast wordt voorgesteld om, vanwege een toenemend aantal medische keuringen, het budget inhuur deskundigheid derden structureel worden opgehoogd naar € 50.000. Dit levert een structureel nadeel op van € 13.400. Werk, Inkomen, Inburgering en armoedebeleid 24. BUIG – lasten Op basis van de gerealiseerde aantallen zijn de uitgaven voor de individuele studietoeslag omhoog bijgesteld. Bij IOAW en IOAZ zijn er juist minder uitkeringen en kunnen de uitgaven worden verlaagd. Bij de Pwet uitkeringen was de beginstand dit jaar 6 hoger en dit is doorverwerkt, waarbij nog steeds uitgegaan wordt van de begrote daling naar 1.978 P-wet uitkeringen. Het voordeel in 2029 ontstaat doordat 2029 een kopie van de begroting 2028 is, maar het aantal IOAW uitkeringen jaarlijks blijft dalen.

BUIG lasten (bedragen x € 1.000 “-” = nadelig)

2025

2026

2027

2028

2029

P-wet uitkeringen

-91

0

0

0

0

IOAW

36

36

36

36

191

IAOZ

40

40

40

40

40

BBZ

-10

-10

-10

-10

-10

Studietoeslag

-65

-62

-62

-62

-62

Totaal BUIG lasten

-90

5

5

5

159

25. BUIG In april is het nadere voorlopige budget BUIG 2025 bekendgemaakt. Het nadere voorlopige budget voor Nissewaard bedraagt € 40.969.261 en dat is een afname van € 847.682 ten opzichte van het voorlopige BUIG budget 2025 en het begrote bedrag ad. € 41.816.943. De reden voor de afname is dat het macrobudget verlaagd is vanwege een lager aantal realisaties 2024 (minder bijstandsuitkeringen landelijk) en een bijstelling van de conjunctuurverwachting (lagere werkloosheid verwacht). De compensatie voor prijzen- en lonen is voor 2025 nog niet meegenomen. Dit gaat gebeuren bij de definitieve vaststelling van het BUIG budget 2025 in september en de verwachting is dat het definitieve budget BUIG 2025 voor Nissewaard ongeveer € 1,5 tot € 2,5 miljoen meer zal zijn ten opzichte van de huidige begroting. Om deze reden wordt het lagere nadere voorlopige budget BUIG niet verwerkt in de begroting 2025. Eind september wordt het definitieve BUIG budget 2025 bekend gemaakt en zal de bijstelling van het BUIG budget in de begroting worden meegenomen in de 2e tussenrapportage. Gezien de onzekerheid over het te ontvangen bedrag voor BUIG wordt dit nu meegenomen als een PM post.

60

26. Re-integratie Mensen die nu nog in de bijstand zitten of deze aanvragen hebben vaak veel meer zorgen aan hun hoofd dan alleen werkloosheid. Deze problematiek moet worden verminderd, voordat er aan doelen als (arbeids)participatie kan worden gedacht. Investeringen zoals een opleiding, begeleiding naar deeltijdwerk, en passend werk zijn nodig om mensen perspectief te bieden. Ook wanneer er niet direct sprake is van uitstroom kan deze investering leiden tot directe reductie van uitgaven voor de gemeente. Bijvoorbeeld door inkomstenkortingen van deeltijdwerk. Wij zien een stijging van ruim 10% van uitkeringsgerechtigden die een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Deze doelgroep vraag echter om extra inzet om te participeren en uiteindelijk mogelijk werk te vinden. Het huidige re-integratiebudget is niet toereikend om deze toename op te vangen. Voorgesteld wordt om het budget structureel te verhogen met € 500.000. Volksgezondheid 27. GGD basistaken De nieuwe begroting van de GGD voor de basistaken laat een voordeel zien van € 32.000. Hiermee wordt de taakstelling van € 19.000 volledig ingevuld en resteert een aanvullend voordeel van € 13.000. 28. Lijkschouwingen Bij de 2e tussenrapportage 2024 is het budget voor lijkschouwingen opgehoogd op basis van de verwachte tariefstijging en een toename van het aantal lijkschouwingen.

Echter de toename is lager dan verwacht en ook de tarieven zijn minder sterk gestegen, waardoor het budget verlaagd kan worden naar € 50.000. Dit levert een structureel voordeel op van € 29.000 Aanvullende posten 29. Voorjaarsnota 2025 Rijk Op basis van de voorjaarsnota 2025 is een doorrekening gemaakt voor de mutaties Jeugd die worden verwacht in de meicirculaire 2025. In de perspectiefnota 2026 wordt rekening gehouden met de volgende mutaties uit de voorjaarsnota 2025. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig VJN 2025 Mutaties Jeugd Tekort voor rekening rijk, vanaf 2025 (50%) Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Eigen bijdrage Jeugdzorg Opnemen taakstelling Eigen bijdrage Jeugdzorg Sturen op trajectduur Jeugdzorg Indexeren opbrengst Hervormingsagenda Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende Post Totaal

2025 2.070

2.070

2026 2.070 2.490

300 4.860

2027 2.070 2.235

300 4.605

2028 2.070

2029 2.070

2030 2.070

-1.300 1.300 -340 -2.535 300 -505

-1.300 1.300 -340 -2.535 300 -505

-1.300 1.300 -340 -2.535 300 -505

Tekorten voor rekening rijk De deskundigencommissie Van Ark adviseert om het tekort in het budget voor jeugdzorg in gelijke delen te verdelen over Rijk en gemeente. De structurele kosten voor het Rijk zijn 414 miljoen euro. Voor Nissewaard gaat het om circa € 2.070.000 structureel. Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Het ingroeipad van de maatregelen van de Hervormingsagenda wordt verzacht. De volledige besparing van de Hervormingsagenda wordt in 2028 gerealiseerd. Voor Nissewaard gaat het om circa € 2.490.000 in 2026 en € 2.235.000 in 2027.

61

Eigen bijdrage jeugdzorg + opnemen taakstelling eigen bijdrage jeugdzorg In de Voorjaarsnota van het Rijk is opgenomen dat er een eigen bijdrage wordt ingevoerd voor jeugdzorg per 1 januari 2028. De maatregel moet 260 miljoen euro opleveren. Voor Nissewaard gaat het hier om een korting vanuit het gemeentefonds van circa € 1.300.000 vanaf 2028. De jeugdwet kent op dit moment geen eigen bijdrage. Het Rijk zal maatregelen moeten nemen om de invoering van de eigen bijdrage jeugdhulp vanaf 2028 mogelijk te maken. Momenteel is er beperkte informatie beschikbaar; het hoe en wat is nog niet uitgewerkt door het rijk. Vooralsnog is de aanname dat als het Rijk de invoering van een eigen bijdrage mogelijk maakt dat wij als gemeente deze dan ook kunnen innen en dat dit budgetneutraal kan worden ingevoerd. Tegelijkertijd plaatsen we hierbij een duidelijke kanttekening immers ‘het hoe en wat is nog niet bekend’, daarnaast zal de inregeling, uitvoering en inning van de eigen bijdrage gevolgen hebben voor de personele formatie. In afwachting van de analyse van de meicirculaire 2025 wordt deze post vooralsnog budgetneutraal meegenomen. Dit wordt conform de korting eigen bijdrage op de Wmo als een taakstelling opgenomen. Sturen op trajectduur jeugdzorg Rijk en gemeenten gaan met de sector afspraken maken over hoe we beter kunnen sturen op trajectduur.

Deze maatregel moet 68 miljoen euro opleveren vanaf 2028. Voor Nissewaard gaat het hier om circa € 340.000 vanaf 2028. Momenteel is onduidelijk hoe deze maatregel uitpakt voor Nissewaard. Puur sec zou je beredeneren dat als de trajectduur wordt verkort dat dit dan minder kost en dat deze maatregel daarmee in principe budgetneutraal zou moeten kunnen worden ingevoerd. Echter bij jeugdhulp zijn wachtlijsten en veel wettelijke verwijzers. Dit maakt dat als trajecten verkort worden dat dan eerder cliënten van de wachtlijst kunnen worden geholpen waardoor het in de praktijk niet budgetneutraal is. Op basis van de huidige informatie is de aanname dat als alleen de trajectduur wordt verkort de kosten niet afnemen doordat de cliënten van de wachtlijst eerder worden geholpen. In afwachting van de analyse van de meicirculaire 2025 wordt vooralsnog een korting ingeboekt van € 340.000 vanaf 2028. Indexeren opbrengst hervormingsagenda De besparingsopgave van de Hervormingsagenda is in prijs- en volumepeil 2019 ingeboekt. Er is een hogere besparing te veronderstellen aangezien prijs en volume sinds 2019 zijn gestegen. Voor Nissewaard gaat het hier om circa € 2.535.000 vanaf 2028. Aangezien hier een ‘inhaalslag’ wordt gemaakt op prijs en volume vanaf het jaar 2019 geeft dit een korting op het gemeentefonds.

In afwachting van de analyse van de meicirculaire 2025 wordt vooralsnog een korting ingeboekt van € 2.535.000 vanaf 2028. Hervormingsagenda Jeugd, aanvullende post Deze post betreft het overboeken van op de Aanvullende Post gereserveerde middelen voor de Hervormingsagenda Jeugd. Het gaat om een bedrag van 356 miljoen euro in 2026 variërend tot 342 miljoen euro in 2030. Deze middelen zijn voor een groot deel al geraamd als een stelpost bij het gemeentefonds. Van deze middelen is dus al circa € 1,2 miljoen geraamd in de begroting. Voorgesteld wordt de resterende middelen ad € 300.000 vanaf 2026 aanvullend in de perspectiefnota 2026 mee te nemen. 30. Stelpost Hoeveelheidsverschillen De stelpost Hoeveelheidsverschillen heeft voor het merendeel betrekking heeft op de maatstaf Inwoners 75+ (lees Wmo). Van de € 3,5 miljoen betreft dit ca € 1,8 miljoen. M.b.t. de Wmo is n.a.v. de septembercirculaire 2024 ook al een oplopende stelpost (zie onderstaande tabel, 2b) ad € 1,2 miljoen structureel in de begroting verwerkt. Deze post is als volgt omschreven.

62

Indexatie Wmo demografie Met de VNG is afgesproken dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het Gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Afhankelijk van de gekozen bekostigingsvorm wordt een passende geobjectiveerde indexering onderzocht die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Vooruitlopend op de uitwerking is bij Voorjaarsnota 2024 op de Aanvullende Post een jaarlijkse tranche van € 75 miljoen vanaf 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029 gereserveerd voor een aanvullende indexering voor demografie. Voor Nissewaard is dit effect € 364.347 in 2026 oplopend tot € 1.159.025 in 2028. Hier is sprake van een overlap met de stelpost Hoeveelheidsverschillen. Met andere woorden, de stelpost Hoeveelheidsverschillen zal waarschijnlijk verlaagd moeten worden met € 1,2 miljoen, waarmee nog € 3,5 miljoen - € 1,2 miljoen = € 2,3 miljoen resteert om in te zetten als dekkingsmiddel. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Stelpost Hoeveelheidsverschillen 2025 2026 2027 2028 1a. Stelpost Hoeveelheidsverschillen – met 380 1.544 2.327 3.496 name maatstaf Inwoners 75+ 1b. Stelpost Wmo – waarschijnlijk overlap met stelpost Hoeveelheidsverschillen i.r.t. 364 750 1.159 maatstaf Inwoners 75+ Saldo stelpost hoeveelheidsverschillen (1a 380 1.180 1.577 2.337 - 1b)

63

2029 3.496 1.159 2.337

6.

Bijlage III Bezuinigingen 2025 – 2029

In deze bijlage wordt een nadere uiteenzetting gegeven van de stand van zaken van de bezuinigingen zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028. Met het opnemen van deze bezuinigingen is ook een reserve Frictiekosten ingesteld ad € 1 miljoen om eventuele implementatiekosten te kunnen dekken. Ten aanzien van een tweetal bezuinigingen wordt een beroep gedaan op deze reserve. Het gaat om € 50.000 voor het ordenen en borgen van GEO-data (zie onderstaande bezuiniging 16. GEO /data op orde en € 500.000 voor het optimaliseren van het team Informatievoorziening (zie onderstaande bezuiniging 56. Korting GR Syntrophos). Daarmee resteert er in de reserve Frictiekosten nog een bedrag van € 450.000 Onderstaand wordt een overzicht inclusief bijbehorende toelichting weergegeven van de bezuinigingen voor 2025 – 2028. Hierbij betreft het eerste deel de invullingsvoorstellen van bezuinigingen en het tweede deel een overzicht van de nog openstaande bezuinigingen.

6.1

Invulling bezuinigingen Algemene Dienst Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig

Nr. Omschrijving

8.

Bestuur en dienstverlening Burgerzaken Wet Basisregistratie Personen - geen huisbezoeken meer

Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 13. VRR Beheer openbare ruimte 15. Assetmanagement 24. Groen Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 23. DCMR Ondernemen en ontspannen Recreatie en toerisme Op Voorne-Putten - nader te 41. onderzoeken Afbouw leader en marketingorganisatie 42. en formatie m.i.v. 2028 Overzichten 52. Vakliteratuur - minder abonnementen 56. Korting GR Syntrophos Taakstelling formatie - strategische 57. personeelsplanning

Lasten/ Baten

2025

2026

2027

2028

2029

Lasten

45

45

45

45

45

435

435

435

435

Lasten Lasten Lasten

30

514 30

514 30

514 30

514 30

Lasten

55

55

55

55

55

32

32

32

70

70

Lasten Lasten

Lasten Lasten Lasten

74

74 234

74 234

74 234

74 234

100

100

100

100

64

Totaal ingevulde bezuinigingen AD 204 1.487 1.519 1.589 In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen. Toelichting invulling bezuinigingen Algemene Dienst

Bestuur en Dienstverlening Burgerzaken 8. Wet Basisregistratie Personen - geen huisbezoeken meer Het oorspronkelijke idee van het stoppen met de huisbezoeken bleek (mede) vanwege de wettelijke verplichting niet haalbaar. Om deze taakstelling toch in te vullen, is gekeken naar andere budgetten binnen Burgerzaken. Hierbij gaat het om zaken als schoonmaak, representatie en automatisering.

Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 13. VRR In de vergadering d.d. 19 februari 2025 van het algemeen bestuur van de VRR is besloten dat er 4% bezuinigd moet worden. Na toepassing van de vastgestelde indexatie stijgt de bijdrage aan de VRR nog wel maar veel minder dan in de technische begroting is opgenomen. Hierdoor kan de ingeboekte bezuiniging van € 161.000 worden ingeboekt en resteert er nog een positief saldo van € 274.000. Beheer openbare ruimte 15. Assetmanagement Door integraal (combinatie met stedelijk programmeren) en ketengericht te werken, wordt efficiënter en effectiever gewerkt. Meer werken met betrekking tot groot onderhoud zullen integraal worden opgepakt. Ook worden onderhoudsprojecten beter aangesloten op projecten en initiatieven van ruimtelijke ontwikkeling. Dit houdt wel in dat herstraatwerken meer gefaseerd (uitstel) worden uitgevoerd. Vanaf 2026 zal er bezuinigd gaan worden op het budget herstraten, het budget zal dus structureel verlaagd gaan worden samen met wegmarkeringen voor de taakstelling op assetmanagement van € 514.000. 24. Groen De invulling van de bezuiniging op het groenonderhoud vindt deels plaats op het onderhoud van groen in de uitrenvelden en uitlaatstroken. Over het restant zal nog nader worden geadviseerd.

Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 23. DCMR Het algemeen bestuur van de DCMR heeft besloten tot een besparing op de kosten van 3%. Na toepassing van de vastgestelde indexatie stijgt de bijdrage aan de DCMR nog wel maar veel minder dan de technische begroting is opgenomen. Hierdoor kan de ingeboekte bezuiniging van € 33.000 worden ingeboekt en resteert er nog een positief saldo van € 21.589.

65

1.589

Ondernemen en ontspannen Recreatie en toerisme 41. Op Voorne-Putten - nader te onderzoeken In samenwerking met gemeente Voorne aan Zee is afgesproken om geen bijdrage meer te doen in het gezamenlijke stimuleringsfonds recreatieve voorzieningen Voorne-Putten. 42. Afbouw leader en marketingorganisatie en formatie m.i.v. 2028 Het Leaderprogramma loopt tot en met 2027. In verband met natuurlijk verloop zal de formatie van de vakgroep Recreatie en Toerisme in 2028 zoals begroot aangepast worden.

Overzichten Ondersteuning organisatie 52. Vakliteratuur - minder abonnementen Voorgesteld wordt om de vakliteratuur met 25% te verminderen. 56. Korting GR Syntrophos Syntrophos heeft in de begroting 2026 een besparing ingeboekt van € 234.000 op de bedrijfsvoering en op de gezamenlijke contracten. Dit betekent echter dat volgens de verdeelsleutel bijna 40% van deze besparing naar Voorne aan Zee gaat. Daarnaast is in de begroting van Syntrophos ook een bezuiniging doorgevoerd op de kapitaallasten door een realistische opstelling van het meerjareninvesteringsschema en op de uitbesteding van taken door Syntrophos. Daarmee is de openstaande taakstelling van € 234.000 structureel ingevuld. 57. Taakstelling formatie - strategische personeelsplanning Dit betreft een taakstelling op de formatie van de organisatie met ingang van 2025 welke in relatie tot de strategische personeelsplanning en natuurlijk verloop zal worden ingevuld. Hiervan is reeds € 100.000 structureel ingevuld via een besparing op formatiekosten bij het team DBA en Directie.

6.2

Invulling bezuinigingen Sociaal Domein

Leren, participeren en ondersteunen Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Nr. Omschrijving Thuis in Nissewaard 1.Ontwikkelbudget 2.Eenzaamheid 3.Subsidies 2025 Maatwerk Jeugd 11. 4.Invulling deel RBOK GRJR 17. 3.Subsidies 2025 15. 5.Vervoer daginvulling jeugd Maatwerk Volwassenen 19. 6.Huishoudelijke hulp 20. 7.Begeleiding Wmo 27. 8.Collectief vervoer Wmo 23. 9.Complexe trajecten/ Wmo maatwerk 2. 5. 6.

Lasten/ Baten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten

2025

2026

2027

2028

2029

29 19

29 19

29 19

29 19

38

293

584

584

18

18

18

18

300 414 250 26

300 414 250 26

300 414 250 26

300 414 250 26

50

42

300

66

Werk, inkomen, inburgering & armoedebeleid 34. 10.Adviesraad SD Lasten 28. 11.Subsidies preventie armoede Lasten 30. 12.Collectieve ziektekostenverzekering Lasten 31. 13.Persoonlijk minimabudget Lasten 27. 3.Subsidies 2025 Lasten Volksgezondheid 36. 14.Korting GR GGD Rotterdam Rijnmond Lasten

10 172 342 295

10 172 342 295

10 172 342 295

10 172 342 295

19

19

19

19

8

Totaal ingevulde bezuinigingen 400 1.932 2.187 2.478 2.478 In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen. Toelichting ingevulde bezuinigingstaakstellingen Sociaal Domein 1. Ontwikkelbudget Het ontwikkelbudget is in zijn geheel bezuinigd. De opgenomen taakstelling was hoger dan het ontwikkelbudget. Hierdoor resteert nog een taakstelling van € 29.000. De taakinstelling kan worden ingevuld doordat op het budget begeleiding een groter voordeel is behaald dan de opgenomen taakstelling. Dit voordeel wordt ingezet om het restant van de taakstelling ontwikkelbudget af te boeken. 2. Eenzaamheid Op het budget eenzaamheidsbestrijding is een onderbesteding. Met deze onderbesteding wordt de taakstelling van € 19.513 op eenzaamheid ingevuld. 3. Subsidies 2025 Vooruitlopend op de bezuinigingstaakstelling subsidies vanaf 2026 is in de PPN2025 besloten tot een bezuiniging van in totaal € 100.000 aan subsidies in 2025. Deze taakstelling is verdeeld over de thema’s Thuis in Nissewaard (€ 50.000 algemene voorzieningen Wmo), Maatwerk Jeugd ( € 42.000) en Werk,inkomen, inburgering en armoede ( € 8.000 preventie armoede). Op basis van de subsidieverlening 2025 kan de taakstelling in 2025 volledig worden ingevuld. Over de invulling van de taakstelling subsidies vanaf 2026 wordt nader geadviseerd. 4.

Invulling deel RBOK GRJR (Specialistische Jeugdhulp) - Sinds jaren zien we grote kostenstijgingen in de specialistische jeugdhulp. Dit is de reden dat eind 2023 in GRJR-verband is gestart met de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing GRJR (RBOK). Op 16 februari 2024 heeft het AB GRJR de RBOK vastgesteld. Deze bestaat uit een pakket met maatregelen die op verschillende fronten tot meer grip moeten leiden. - De maatregelen van de RBOK richten zich met name op verscherpte toepassing van bestaande kaders en contractafspraken met de zorgaanbieders. De RBOK moet samen met lokale maatregelen en de Hervormingsagenda Jeugd leiden tot het remmen van de groei van specialistische jeugdhulp. - De financiële ambitie van de RBOK is een cumulatieve besparing over de jaren 2024 t/m 2028. Vanaf 2028 moeten de maatregelen van de RBOK leiden tot een cumulatieve besparing op GRJRniveau van ruim € 78 miljoen. Zie tabel hieronder. Aangezien de maatregelen verder uitgewerkt en ingevoerd moeten worden, is de aanname dat de remmende werking van de RBOK gaandeweg steeds meer invloed heeft op toekomstige besluiten over toewijzing over (verlenging van) jeugdhulp.

67

-

De RBOK sluit ook aan op het door de deskundigencommissie (commissie van Ark) gepresenteerde rapport op 30 januari 2025. Hierin geeft de commissie een zwaarwegend advies aan gemeenten, het rijk, zorgaanbieders, zorgprofessionals en jeugdigen. Lijn is dat er geen verdere groei in de specialistische jeugdzorg wordt nagestreefd.

Zie onderstaande tabel voor de verheldering en het resterende deel van de bezuinigingstaakstelling RBOK GRJR. De raad wordt in deze perspectiefnota voorgesteld om de bezuinigingstaakstelling RBOK GRJR als volgt voor een deel in te vullen: - € 37.663 in 2026 - € 292.808 in 2027 - € 583.769 vanaf 2028 Tabel: Invulling deel RBOK5 en resterende bezuinigingstaakstelling RBOK (bedragen in €) Begroting Raming Raming Specialistische Jeugdhulp voor Nissewaard 2026 2027 2028 Ontwerpbegroting GRJR 2026 en meerjarenraming 2027 – 2029 (+ GRJR37.031.227 39.324.116 41.949.164 Begrotingsadvies) Beschikbare middelen in de begroting 37.068.890 39.616.924 42.532.933 Nissewaard voor GRJR 2026-2029 Verschil tussen Ontwerpbegroting GRJR 2026 /meerjarenraming (+ GRJR37.663 292.808 583.769 Begrotingsadvies) en beschikbare middelen Voordeel Voordeel Voordeel in begroting Nissewaard Invulling deel bezuinigingstaakstelling 37.663 292.808 583.769 RBOK voor Nissewaard Knelpunt o.b.v. Ontwerpbegroting GRJR 2026 /meerjarenraming (+ GRJRBegrotingsadvies) incl. invulling deel bezuinigingstaakstelling RBOK 2029 (= 2.432.097 + 583.769) Resterende bezuinigingstaakstelling RBOK -1.434.235 -3.390.958 -5.722.067 Nissewaard

Raming 2029 44.965.030 42.532.933 2.432.097 Nadeel 583.769

3.015.866

-5.722.067

5. Vervoer daginvulling jeugdhulp Op basis van de inspanningen van de Taskforce Jeugd kan de structurele bezuinigingstaakstelling op vervoer daginvulling jeugdhulp vanaf 2026 volledig worden ingevuld ad € 18.616. 6. Huishoudelijke hulp Op basis van de inspanningen die vanaf 1 juli 2024 plaatsvinden vanuit de projectgroep HH, is een berekening gemaakt om inzichtelijk te maken wat de besparing is van de daling van het gemiddelde aantal geïndiceerd minuten. Het gaat hier om kosten die, zonder maatregelen, tot (extra) uitgaven in de HH zouden leiden. In de 2e tussenrapportage was de berekening van de besparing gebaseerd op nieuwe cliënten in de periode 1 juli-16 september 2024. In deze periode zijn 171 cliënten geïndiceerd met een verschil van gemiddeld 27 minuten per week. Het gaat hier alleen om de cliënten waarbij de einddatum van de

5 De bedragen hebben betrekking op de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde

regionale specialistische jeugdhulp (en lasten uitvoeringsorganisatie GRJR). Dit betreft enerzijds de specialistische jeugdhulp opgenomen in de GRJR-begroting (= bijdrage) en anderzijds de specialistische jeugdhulp in onze eigen begroting (= als voorschot opgenomen in de bijlage van de GRJR-begroting).

68

indicatie meer dan 10 jaar in de toekomst ligt. Dit leidt tot een besparing van 171 X € 730 is afgerond € 125.000 op jaarbasis. Deze besparing is structureel bij de 2e tussenrapportage 2024 ingeboekt. In de periode 16 september – 31 december 2024 zijn 293 cliënten geïndiceerd met een verschil van gemiddeld 32 minuten per week. Dit leidt tot een besparing van 293 x € 875 is afgerond € 260.000. De herziene prognose voor de huishoudelijke hulp laat dit ook zien, daar komt een lagere prognose van € 300.000 uit. Dit voordeel kan worden ingeboekt als structurele besparing. 7. Begeleiding Wmo Per 1 april 2024 is de P*Q bekostiging ingevoerd. Dit heeft geleid tot een sterke toename van het maandbedrag. Hierdoor kan het budget structureel met € 469.000 worden verlaagd. Uit dit voordeel worden de taakstellingen voor begeleiding (€ 414.000) ontwikkelbudget (€ 29.000) en Wmo maatwerk (€ 26.000) ingevuld. 8. Collectief vervoer Wmo Op basis van de realisatie 2024 en de extra besparing vanwege invoering van het product routegebonden vervoer kan de begroting voor Collectief vervoer structureel met € 250.000 worden verlaagd. Hiermee kan de taakstelling volledig worden ingevuld. 9. Complexe trajecten / Wmo maatwerk Voorgesteld wordt om de taakstelling op complexe trajecte/wmo maatwerk ad € 26.000 in te vullen door het voordeel op Begeleiding Wmo. 10.

Adviesraad SD Op het budget Adviesraad SD is een structurele onderbesteding van € 10.000. Deze onderbesteding wordt ingezet tbv de taakstelling Adviesraad SD ad € 15.000. Hierdoor resteert nog een taakstelling ad € 5.000. 11. Subsidies preventie armoede Uit het budget Preventie armoede en schuldbemiddeling worden verschillende initiatieven gesubsidieerd: a. Vrijwilligersorganisaties, zoals The Papershop, Humanitas Thuisadministratie, De Voedselbank en Budgetmaatjes. b. Jeugdfonds Sport & Cultuur en Stichting Leergeld die kinderen toegang bieden tot sport, cultuur en educatie. Om de bezuinigingstaakstelling te kunnen realiseren moeten de subsidies aan de betreffende organisaties worden gehalveerd. Het gevolg hiervan is dat veel minima niet langer toegang zullen hebben tot deze voorzieningen. a. Uit onderzoek blijkt dat de kleinere organisaties hun activiteiten bij halvering van de subsidie niet kunnen voortzetten, waardoor dit aanbod volledig verdwijnt. Hierdoor zal het voorveld wegvallen. Zij zijn belangrijk om de gevolgen van financiële problemen op te vangen. Jaarlijks hebben deze organisaties meer dan 1.500 contactmomenten met inwoners. b. Jeugdfonds Sport & Cultuur en Stichting Leergeld spelen een belangrijke rol in de visie van de gemeente: deelname aan sport, cultuur en educatie bevordert gelijke kansen en draagt bij aan een kansrijke jeugd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15691874/2