CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Initiatiefvoorstel Windmolenpark Brielse Maasdijk, Normenkader; raadsvoorstel

Gemeenteraad 9 oktober 2024, gemeente NissewaardBij agendapunt: Initiatiefvoorstel Windmolens Brielse Maasdijk: Normenkader2.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Griffie

Aan de Raad Aan de Raad datum 3 oktober 2024

casenummer 4293713

bijlagen 10

eenheid Griffie

betreft

Initiatiefvoorstel Windmolenpark Brielse Maasdijk: Normenkader

Samenvatting: Momenteel gelden er geen landelijke milieunormen waarmee rekening gehouden moet worden bij de plaatsing van nieuwe windturbineparken van ten minste drie windturbines (‘windparken’). Het Rijk werkt aan nieuwe landelijke milieunormen voor windturbines op land. Het gaat om nieuwe regels voor geluid, veiligheid, slagschaduw, lichtschittering en afstandsnormen. Tot de inwerkingtreding van deze nieuwe regels is het aan decentrale overheden om voor de toelaatbaarheid van windturbineparken lokale milieunormen vast te stellen. Ook bij de beoordeling van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor Windpark Brielse Maasdijk geldt dat uitgegaan moet worden van lokale milieunormen. Voor de aanvaardbaarheid van de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ voor het Windpark Brielse Maasdijk zijn “eigen normen” opgesteld (door het college, DCMR en M+P). Uw raad wordt voorgesteld om voor de aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk deze normen vast te stellen en daarnaast uit te gaan van een aanvullende afstandsnorm van ‘twee keer de tiphoogte’. De afstandsnorm is bedoeld om visuele impact van windturbineparken te reguleren. Ook bij het hanteren van deze afstandsnorm is een windpark met een vermogen van minimaal 18 MW mogelijk.

Gevraagd raadsbesluit: Het Collectief stelt de raad voor te besluiten: dat voor de ruimtelijke aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk voor de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ wordt uitgegaan van de milieunormen zoals deze in bijlage 3 bij dit raadsvoorstel zijn weergegeven als “lokale normen”. dat voor de ruimtelijke aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk aanvullend wordt uitgegaan van een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte tot windturbinegevoelige gebouwen. dat de volgende definitie moet worden aangehouden voor “windturbinegevoelige objecten”: Een windturbinegevoelig gebouw is een gebouw of een gedeelte van een gebouw met een: a. woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; b. onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; c. gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; of d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan.

datum

3 oktober 2024

casenummer

4293713

pagina

2 van 6

dat de afstand tussen windturbinepark en windturbinegevoelige objecten als volgt moet worden bepaald: a. voor gebouwen, anders dan woonschepen of woonwagens: tot de gevel; b. voor nieuw te bouwen gebouwen: tot de locatie waar een gevel mag komen; en c. voor woonschepen en woonwagens: tot de begrenzing van de locatie voor het plaatsen van dat woonschip of die woonwagen.

1. Inleiding Op 16 december 2022 heeft HVC Landwind B.V. (‘HVC’) een omgevingsvergunning aangevraagd voor de realisering van vijf windturbines op de Brielse Maasdijk en op de landtong van de Plaatweg ten noorden van de kern (‘Windpark Brielse Maasdijk’). Het gaat om een omgevingsvergunning om af te wijken van het planologisch regime met toepassing van de ‘buitenplanse afwijkingsmogelijkheid’. Het college mag alleen besluiten een omgevingsvergunning te verlenen als het buitenplans afwijken in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Een aanzienlijke meerderheid van de gemeenteraad heeft zich diverse malen uitgesproken tegen de aanvraag zoals deze is ingediend, meer specifiek tegen de overlast die door directe omwonenden van twee te realiseren windmolens zal worden ervaren. Deze meerderheid, vertegenwoordigd door de Leden Van der Waal en Verhoog, maakt gebruik initiatiefrecht van de raad met het indienen van dit raadsvoorstel om aan te geven binnen welke normen/kader realisatie van de windmolens ter plaatse wél mogelijk zal zijn. 2. Beoogd maatschappelijk resultaat Het vaststellen van het normenkader waarbinnen de realisatie van windmolens aan de Brielse Maasdijk vormgegeven kan worden. 3.

Argumentatie Waarom een eigen normenkader voor Windpark Brielse Maasdijk? In de tussenuitspraak over Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat de algemene landelijke milieunormen uit het voormalige Activiteitenbesluit milieubeheer (‘Activiteitenbesluit’) en de voormalige Activiteitenregeling milieubeheer (‘Activiteitenregeling’) voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ buiten toepassing moeten worden gelaten bij de beoordeling van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van windturbineparken van ten minste drie windturbines (‘windpark’)1. Zolang er geen nieuwe normen zijn, dient de raad bij het bepalen van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een windturbinepark van ten minste drie windturbines (in ieder geval) uit te gaan van eigen normen. Een “eigen norm” is een norm die uitsluitend geldt voor een specifiek windpark. Dit raadsvoorstel heeft betrekking op eigen normen voor het Windpark Brielse Maasdijk. Uw raad wordt voorgesteld om een normenkader vast te stellen voor de beoordeling van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor Windpark Brielse Maasdijk.

Waarom kan de raad voor het bepalen van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk aansluiten bij de voorgestelde eigen normen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’? Voor het Windpark Brielse Maasdijk is een normenkader opgesteld voor de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ door het college, de De tussenuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding dateert van 30 juni 2021, is bekend onder het ECLI-nummer ECLI:NL:RVS:2021:1395. 1

datum

3 oktober 2024

casenummer

4293713

pagina

3 van 6

DCMR en M+P2. Arcadis heeft geadviseerd dat deze locatiespecifieke milieunormen voldoende gemotiveerd zijn toegelicht en dat daarbij deugdelijk is onderbouwd dat Windpark Brielse Maasdijk aan de normen kan en zal voldoen3. De Commissie voor de milieueffectrapportage (‘commissie m.e.r.’) heeft vervolgens positief geadviseerd over de mogelijkheid van het nemen van een besluit waarin de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ voldoende zijn meegewogen4. Op basis hiervan wordt uw raad voorgesteld om het advies van Arcadis over te nemen en de (door het college, de DCMR en M+P) voorgestelde milieunormen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ aan te houden bij het bepalen van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk (voor zover het deze aspecten betreft). Deze milieunormen zijn in bijlage 3 (vanaf pagina 7) bij dit raadsvoorstel weergegeven als “lokale normen”.

Waarom een aanvullende afstandsnorm? Vanuit het oogpunt om een onaanvaardbare mate van visuele hinder te voorkomen wordt uw raad voorgesteld om aanvullend – en dus naast de milieunormen voor de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ – te bepalen dat bij het beoordelen van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk een afstandsnorm moet worden aangehouden. Een afstandsnorm is duidelijk, eenduidig en goed handhaafbaar. Bovendien is een afstandsnorm een goede manier om de visuele impact van windturbineparken te reguleren. Hier komt bij dat de overige milieunormen (voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’) geen rekening houden met de visuele hinder die omwonenden van een windturbinepark ervaren. Ook het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving gaat uit van een afstandsnorm. De keuze voor een aanvullende afstandsnorm (in combinatie met andere milieunormen) is in overeenstemming met het concept voor de nieuwe landelijke windturbinebepalingen. Naar verwachting zal in de toekomst in heel Nederland een generieke afstandsnorm gaan gelden.

In het ontwerpbesluit van de nationale wetgever tot wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving, het Besluit kwaliteit leefomgeving en het Omgevingsbesluit (hierna: “het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving”) heeft de nationale wetgever aangekondigd dat hij het voornemen heeft om (naast andere normen) een landelijke afstandsnorm te introduceren van twee keer de tiphoogte (tot windturbinegevoelige objecten) voor nieuwe windturbines5. De keuze voor een aanvullende afstandsnorm is in overeenstemming met de bevindingen van Arcadis over de normstelling voor de gevolgen van windturbines. Bij het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving is uitgegaan van het plan-m.e.r. van Arcadis6 en het onderzoek dat Arcadis eerder heeft verricht naar het voornemen van de landelijke wetgever om heldere afstandsnormen voor de bouw van windmolens vast te stellen7. Uw raad wordt voorgesteld om de onderzoeksresultaten van Arcadis te betrekken in uw besluitvorming. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat het niet verstandig is om de hinder van windturbines alleen door middel van een afstandsnorm te reguleren. Volgens het onderzoek van Arcadis kan een afstandsnorm wel

Deze normen zijn terug te vinden als ‘lokale normen’ in bijlage 3 bij dit raadsvoorstel. Zie hiervoor de oplegnotitie die is gevoegd als bijlage 4 bij dit raadsvoorstel. 4 Dit volgt uit het eindadvies van de commissie m.e.r. is gevoegd als bijlage 5 bij dit raadsvoorstel. 5 Een kennisgeving van het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving is op 11 oktober 2023 in de Staatscourant gepubliceerd (2023, 27607). 6 Het plan-m.e.r. van Arcadis over de landelijke windturbinebepalingen d.d. 2 december 2022 is als bijlage 6 bij dit raadsvoorstel gevoegd. 7 Het rapport van Arcadis over de afstandsnormen voor windturbines d.d. 19 april 2022 is als bijlage 7 bij dit raadsvoorstel gevoegd. 2 3

datum

3 oktober 2024

casenummer

4293713

pagina

4 van 6

worden gebruikt als een “basisbescherming”, die aanvullend is op de normen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’8. Deze conclusie is ook in overeenstemming met het advies dat Arcadis heeft uitgebracht in het kader van de totstandkoming van het normkader voor Windpark Brielse Maasdijk9. Op pagina 11 van dit advies heeft Arcadis het volgende aangegeven: “Er is niet gekozen voor een afstandsnorm, omdat een afstandsnorm een papieren zekerheid biedt, terwijl met concrete strengere geluidsnormen en bijbehorende voorschriften het woon- en leefklimaat wordt gewaarborgd.” Hieruit volgt dat een afstandsnorm op zichzelf onvoldoende bescherming biedt om een onaanvaardbare mate van geluidhinder te voorkomen. Daarom is het volgens Arcadis niet wenselijk om uitsluitend een afstandsnorm voor te schrijven (zonder geluidnorm). Dit laat onverlet dat een afstandsnorm in combinatie met een eigen geluidnorm – die locatiespecifiek is voor een windturbinepark – voldoende bescherming kan bieden aan omwonenden10. Hierbij geldt dat het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving eveneens uitgaat van een combinatie van een geluidnorm en een afstandsnorm. Bovendien zorgt – zoals al eerder aangegeven – een afstandsnorm voor een specifieke beperking van zichthinder.

De milieunormen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ waarborgen op zichzelf nog niet dat een onaanvaardbare mate van visuele hinder wordt voorkomen. Met een afstandsnorm kan worden voorkomen dat windturbines zodanig dicht bij windturbinegevoelige gebouwen worden geplaatst, dat daardoor sprake kan zijn van een onaanvaardbare mate van visuele hinder. Betrokken belangen rechtvaardigen dat alleen een aanvullende afstandsnorm kan worden gehanteerd. Op basis van het plan-m.e.r. van Arcadis over de landelijke windturbinebepalingen11 kan geconcludeerd worden dat het hanteren van alleen een zelfstandige afstandsnorm (zonder ook specifieke milieunormen te stellen) slechts voldoende milieubescherming biedt aan omwonenden als er een zeer grote afstand wordt gehanteerd (zoals bijvoorbeeld viermaal de tiphoogte). Een dergelijke afstandsnorm zou er echter toe leiden dat de plaatsingsruimte in de gemeente voor windturbines op land onaanvaardbaar afneemt of zelfs geheel komt te vervallen. Volgens het planm.e.r. is een zeer grote afstandsnorm zeer negatief voor de plaatsingsruimte. Omdat er ook een klimaatopgave ligt, is voldoende milieubescherming bieden door middel van een losse, generieke afstandsnorm niet goed mogelijk. Daarom is hier niet voor gekozen.

Er is gekozen voor een aanvullende norm op de milieunormen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’. Waarom de keuze voor twee keer de tiphoogte als afstandsnorm? In het plan-m.e.r. van Arcadis zijn drie varianten onderzocht voor afstandsnormen, namelijk twee keer de tiphoogte, drie keer de tiphoogte en vier keer de tiphoogte. De afbakening van varianten is toegelicht in paragraaf 5.7 van het rapport. De beoordeling van deze varianten is weergegeven in hoofdstuk 12 van het rapport. Uiteindelijk heeft de nationale wetgever (onder verwijzing naar het plan-m.e.r.) het voornemen om een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte aan te houden. Dit is terug te lezen in artikel 5.162d van het ontwerpbesluit windturbines leefomgeving.

Zie hierover ook pagina’s 155 en 162 van het plan-m.e.r. van Arcadis over de landelijke windturbinebepalingen d.d. 2 december 2022 (bijlage 6 bij dit raadsvoorstel). 9 Dit advies is als bijlage 3 bij het raadsvoorstel gevoegd. 10 Zie hierover ook pagina’s 19 en 78 van het rapport van Arcadis over de afstandsnormen voor windturbines d.d. 19 april 2022 (bijlage 7 bij dit raadsvoorstel). 11 Het plan-m.e.r. is als bijlage 6 bij dit raadsvoorstel gevoegd. 8

datum

3 oktober 2024

casenummer

4293713

pagina

5 van 6

Uw raad wordt voorgesteld om ook te kiezen voor een aanvullende afstandsnorm van twee keer de tiphoogte tot aan windturbinegevoelige gebouwen. De redenen daarvoor zijn de volgende: •

De nabijheid van een windturbine heeft visueel beklemmende effecten voor de omgeving. Een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte leidt tot een aanzienlijke beperking van de visuele hinder voor omwonenden. Dat is belangrijk, omdat de eigen milieunormen voor de aspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ op zichzelf geen rekening houden met visuele hinder. Deze milieunormen voorkomen slechts een onaanvaardbare hinder door andere, deels ook visuele effecten, waaronder lichtschittering en slagschaduw. Het voorkomen van een onaanvaardbare mate van zichthinder vraagt daarom om een aanvullende afstandsnorm.

•

Bij een aanvullende afstandsnorm geldt enerzijds dat een norm die kleiner is dan voor milieuhinder in een specifiek geval nodig is, aan omwonenden geen aanvullende bescherming biedt. Anderzijds, als de norm groter is dan nodig voor het beschermen tegen milieuhinder moet er wel een negatief effect op de plaatsingsruimte voor windturbines worden geaccepteerd terwijl de mate van hinder ook bij een kortere afstand geoorloofd zou zijn.

•

Met een norm van twee keer de tiphoogte is een evenwicht gevonden tussen het belang van het beperken van visuele hinder enerzijds en het belang van plaatsing van windturbines anderzijds. De norm leidt – zoals aangegeven – tot een aanzienlijke beperking van de visuele hinder voor omwonenden. Tegelijkertijd is de norm niet zodanig streng, dat er helemaal geen plaatsingsruimte meer is voor windturbines.

•

De keuze van de “strenge norm” van twee keer de tiphoogte (in plaats van 3 keer of vier keer de tiphoogte) is dus ingegeven door de omstandigheid dat de afstandsnorm aanvullend is op de milieunormen die zijn voorgesteld voor de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’. Daarbij is ook van belang dat er geen mitigerende maatregelen mogelijk zijn in een projectgebied zelf om zichthinder als gevolg van windturbines te voorkomen.

•

Windpark Brielse Maasdijk is gelegen in de nabijheid van woningen. De bewoners van deze woningen zullen visuele hinder ondervinden als gevolg van de realisering van windturbines. Zij hebben op dit moment een nagenoeg vrij uitzicht op het projectgebied vanuit hun woningen. Dat zal veranderen met de komst van Windpark Brielse Maasdijk. De norm van twee keer de tiphoogte is nodig om een onaanvaardbare mate van zichthinder voor de bewoners van deze woningen te voorkomen.

Wat is het gevolg van de vaststelling van een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte? Als uw raad het voorstel overneemt, dan besluit u om voortaan voor de toelaatbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk uit te gaan van een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte tot windturbinegevoelige gebouwen. De afstandsnorm van twee keer de tiphoogte geldt daarmee als (ruimtelijke) norm waarbij uw raad kan aansluiten bij de vraag of Windpark Brielse Maasdijk in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Verder besluit u dat voor de toelaatbaarheid van een specifiek windturbinepark van ten minste drie windturbines voor de milieuaspecten ‘(windturbine)geluid’, ‘slagschaduw’, ‘lichtschittering’ en ‘externe veiligheid’ wordt uitgegaan van de milieunormen, zoals deze in bijlage 3 bij dit raadsvoorstel zijn weergegeven als “lokale normen” (en die zijn opgesteld door het college, DCMR en M+P). De nadelige gevolgen van het aanhouden van een afstandsnorm bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van Windpark Brielse Maasdijk zijn evenredig in verhouding tot het doel om een basisbescherming te bieden aan omwonenden en om onaanvaardbare visuele hinder door Windpark Brielse Maasdijk te voorkomen. Hierbij geldt dat het aanhouden van een afstandsnorm een geschikte manier is om beklemmende effecten van visuele hinder te voorkomen. Er zijn geen andere normen

datum

3 oktober 2024

casenummer

pagina

4293713

6 van 6

beschikbaar die beklemmende effecten van visuele hinder voorkomen. Hierbij geldt dat de afstandsnorm van twee keer de tiphoogte niet betekent dat helemaal geen windturbines meer mogelijk zijn binnen het zoekgebied ‘Brielse Maasdijk’. Ook bij het hanteren van deze afstandsnorm is het mogelijk om in het zoekgebied een windturbinepark te realiseren met een opgeteld vermogen van tenminste 18 megawatt (MW). Hoewel een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte de plaatsingsruimte vermindert, betekent die omstandigheid op zichzelf nog niet dat deze afstandsnorm onevenredig nadelige gevolgen heeft voor de mogelijkheid om een windturbinepark te realiseren in het zoekgebied ‘Brielse Maasdijk’. 4. Maatschappelijk draagvlak Niet van toepassing. 5. Financiële consequenties Geen. 6. Communicatie van het besluit Het besluit wordt op de gebruikelijke wijze bekendgemaakt en toegezonden aan de gemachtigde van aanvrager HVC, Hekkelman Advocaten. 7. Realisatie van het besluit Het college van burgemeester en wethouders wordt verzocht dit besluit te betrekken bij de afweging in het kader van de besluitvorming ten aanzien van de aanvraag van HVC Landwind voor het realiseren van vijf windmolens op de locatie Brielse Maasdijk. 8. Bijlagen 1. Raadsbesluit; 2. Advies Arcadis over normstellingsvarianten Brielse Maasdijk d.d. 27 mei 2023; 3. Advies Arcadis over normenkader Brielse Maasdijk d.d.

27 mei 2023; 4. Oplegnotitie bij milieueffectrapportage Brielse Maasdijk d.d. 24 juni 2024; 5. Eindadvies Commissie m.e.r. d.d. 11 juli 2024; 6. Plan m.e.r. Arcadis over windturbinebepalingen d.d. 2 december 2022; 7. Rapport van Arcadis over de afstandsnormen voor windturbines d.d. 19 april 2022; 8. Voorlopig advies Commissie voor de m.e.r; 9. Notitie Arcadis over Reikwijdte en Detailniveau Windpark Brielse Maasdijk d.d. 15 januari 2021; 10. DCMR Advies Milieueffectrapportage (MER) Windpark Brielse Maasdijk analyse akoestische onderzoeken. 9. Advies Commissie Gezien het late moment van toezending en het belang van tijdige besluitvorming is besloten dit raadsvoorstel niet in de commissie Leefomgeving te bespreken, maar direct te agenderen voor de raadsvergadering van 9 oktober 2024. de griffier,

S. Mackaij

de voorzitter,

F. van Oosten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14617654/3