Informatiebrief gemeenteraden financiën VRR 2023
Tekst van het document
Postadres Postbus 9154 3007 AD Rotterdam
Bezoekadres
Wilhelminakade 947 Rotterdam
E-Mail Ons kenmerk
SecretariaatKCA@vr-rr.nl 103716
Betreft
Financiële situatie VRR 2023
Datum
3 februari 2023
Behandeld door
Aan de colleges van Burgemeester en Wethouders
A. Littooij
Geacht college van Burgemeester en Wethouders, Het Algemeen Bestuur van de VRR heeft in december 2022 gesproken over de financiële situatie voor het jaar 2023. Voor het jaar 2023 is gestart, voorziet de VRR al een tekort op haar begroting in verband met de financiële ontwikkelingen, de hoge inflatie en stijging van de lonen. De VRR begroting over het jaar 2023 is eind 2021 opgesteld. Bij de opstelling van de programmabegroting 2023 is rekening gehouden met het indexpercentage dat eind 2021 is vastgesteld door de deelnemende gemeenten. Dit betekent dat de VRR in haar begroting 2023 rekening heeft gehouden met een loonstijging van 1,9% en een inflatiecorrectie van 1,9%. Op het moment van vaststelling was er nog geen sprake van bijzonderheden die van invloed waren op de begroting. Als gevolg van de mondiale spanningen, zoals de oorlog in Oekraïne en de verstoring van logistieke ketens door de Covid-19 maatregelen, is krapte ontstaan in de energie- en grondstoffenmarkt. Dit heeft geleid tot forse prijsstijgingen. Inkoop wordt duurder, aanbestedingstrajecten komen ver boven de beschikbare budgetten uit en de indexering op contracten ligt boven de aanname in 2021. De inflatie is enorm en werkt niet alleen door op ons inkoopvolume, maar naar verwachting ook in de loonkosten.
De cao-onderhandelingen voor de CAO Veiligheidsregio’s lopen op dit moment nog, maar ook hier is een substantiële verhoging te verwachten. Het indexpercentage is bedoeld voor de budgetten van het bestaande beleid of de bestaande activiteiten en is een schatting van de te verwachten indexering voor het begrotingsjaar. Binnen de systematiek die door de gemeenten is opgesteld, wordt het indexpercentage in de daarop volgende drie jaar geactualiseerd, totdat het definitieve percentage beschikbaar is. Op deze wijze is voor de nieuwe begroting sprake van een eerlijke compensatie voor verschillen die vanaf de afgifte van de indexering optreden. Bovendien werken met deze systematiek de verschillen niet door op lange termijn en gaat het bij een tekort om een incidenteel tekort. De aanpassingen op de afgegeven verwachte percentages voorzien niet in een tussentijdse compensatie of in een correctie met terugwerkende kracht voor 2021 tot en met 2023, maar gaan pas in vanaf het nieuwe begrotingsjaar. Hoewel de systematiek voor de lange termijn structureel voor voldoende compensatie zorgt, betekent dit dat er bij een afwijkende inflatie een incidenteel tekort of overschot ontstaat. In stabiele tijden met lage inflatie en tevens voldoende eigen vermogen wordt dit door de VRR zelf opgevangen.
In het licht van de uitzonderlijke economische situatie van dit moment heeft het Algemeen Bestuur nog voor de start van het begrotingsjaar gekeken naar de financiële situatie van de VRR. De VRR heeft een prognose gemaakt voor het jaar 2023. Voor deze prognose hebben wij een inschatting gemaakt van de uitkomst van de cao-onderhandelingen en zijn uitgegaan van een loonstijging van 7% (5,1% boven de begroting). Rekening houdend met deze loonstijging verwacht de VRR voor 2023 uit te komen op een tekort over het jaar 2023 van € 7,1 miljoen. Iedere procent die hier bovenop komt betekent een extra voorzienbaar tekort van € 900k. Na een zorgvuldige bespreking van de mogelijke oplossingen is het Algemeen Bestuur tot het volgende besluit gekomen. Binnen de exploitatie wordt er op een aantal afgesproken ontwikkelpunten getemporiseerd. Dit betekent o.a. dat de ontwikkelingen ten aanzien van omgevingsveiligheid, informatiebeveiliging, het MIC en de hoogbouw op een lager tempo uitgerold gaan worden. Ook is er naar het investeringsbeleid en het personeelsverloop gekeken. De VRR verwacht hiermee het tekort met 2,6 miljoen terug te kunnen brengen naar 4,5 miljoen euro rekening houdend met een loonstijging van 7%. Deze temporisering brengt wel risico’s met zich mee o.a. op het gebied van hoogbouwbrandbestrijding en informatiebeveiliging.
Het Algemeen Bestuur is zich bewust van deze risico’s, maar vindt het desondanks uitlegbaar dat deze ontwikkelingen worden getemporiseerd. Daarbij heeft het Algemeen Bestuur de directie de inspanningsverplichting gegeven om het tekort indien mogelijk nog verder te reduceren. Op dit moment is nog niet exact aan te geven wat het tekort over 2023 zal worden. Dit is afhankelijk van een aantal factoren zoals de definitieve CAO afspraken en de resultaten van de inspanningsverplichting. De VRR heeft een lage algemene reserve van € 188k (stand jaarverslag 2021). Deze biedt dus geen mogelijkheid het tekort over 2023 op te vangen. Ervan uitgaande dat over de bovengenoemde onzekerheden in de komende maanden duidelijkheid ontstaat, gaat het Algemeen Bestuur dit verwerken in de 1e Begrotingswijziging 2023. Over het tekort 2023 zal een hercalculatie van de gemeentelijke basiszorgbijdrage plaatsvinden. Daarmee komt het tekort ten laste van de regiogemeenten. Wij hopen u met deze brief vroegtijdig te informeren over de financiële situatie van het komende jaar. U zult over het verloop 2023 op de hoogte gehouden worden via de bestuurlijke rapportages. U kunt deze brief delen met uw gemeenteraad. Hoogachtend,
ing. A. Aboutaleb Voorzitter
mr. drs. A. Littooij Secretaris
-2-