Bijlagen 3 Samenwerkingskader-LEA-Nissewaard 21-26
Tekst van het document
SAMENWERKINGSKADER Lokaal educatieve agenda Gemeente Nissewaard 2021-2026
<
<
<
Inhoud
<
1
Inleiding
4
2
Gezamenlijke visie en ambities LEA Nissewaard
8
3
Inhoudelijke ambities en doelen
12
4
Overlegstructuur bij de LEA
20
5
Financiële middelen
24
Bijlagen
26
<
Juli 2021 © Copyright 2021 Gemeente Nissewaard
1 <
<
4
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Inleiding Voor u ligt het samenwerkingskader voor de Lokaal Educatieve Agenda (LEA) periode 2021 – 2026. Een kansrijke toekomst begint hier! Een stevige uitspraak die wij bestuurlijk willen waarmaken. In dit stuk beschrijven we hoe we dat samen willen doen. De LEA vindt al sinds 2010 plaats in de gemeente Nissewaard (toen gemeente Spijkenisse en Bernisse). In de LEA worden gemeente, schoolbesturen, kinderopvanginstellingen en aanverwante organisaties geacht als partners samen aan lokale educatieve doelen te werken. In het voorliggende document zijn de gezamenlijke ambities, doelstellingen en beoogde resultaten weergegeven. Het geeft aan wat voor een educatieve en kansrijke gemeente de partners willen zijn voor onze kinderen en jongeren. De LEA is de kapstok –de bundeling op hoofdlijnen- van de bestuurlijke koers op het gebied van kinderopvang en onderwijs. Het biedt inzicht in de thema’s die de betrokken partners belangrijk vinden voor de komende beleidsperiode en biedt kansen om verbindingen te leggen tussen de betrokken partners, de thema’s, lopende programma’s en beleid.
Totstandkoming Voorliggende LEA is een co-creatie tussen kinderopvangorganisaties, schoolbesturen en gemeente Nissewaard. Het is tot stand gekomen met input van de betrokken partners. Zo is er een vragenlijst uitgezet onder de deelnemers. De resultaten van de vragenlijst zijn vervolgens besproken in de LEA van 21 april 2021. Hieruit bleek dat de volgende drie hoofdthema’s voor de
<
partners belangrijke onderwerpen zijn: VVE/onderwijsachterstanden, samenhang passend onderwijs met jeugdzorg en als derde brede ontwikkelingskansen. Daarna is door de beleidsmedewerker van de gemeente een eerste concept ontwikkeld. Dit concept is voorgelegd aan alle LEA-partners. Diverse partners hebben hun feedback gedeeld door middel van een gesprek en/ of via de mail. Deze gesprekken, input en feedback is verwerkt tot dit eind stuk. Het integrale stuk is in de LEA van 14 juli 2021 besproken. De opmerkingen van de LEA-partners zijn in dit stuk verwerkt.
Wettelijk kader LEA Wet Primair Onderwijs In de wet (WPO 167/167a) is vastgelegd wat er behandeld moet worden in de LEA. Hierin staat aangegeven dat er ten minste afspraken gemaakt moeten worden over:
• Bevorderen deelname voorschoolse educatie • Resultaten vroegschoolse educatie • Overdracht naar het basisonderwijs Daarnaast geeft de wet aan dat er minimaal overleg gevoerd moet worden en met de voorkeur om concrete afspraken met meetbare doelen te maken over:
• • • •
Voorkomen segregatie en bevorderen integratie Spreiding achterstandsleerlingen over de scholen Bestrijden van onderwijsachterstanden De afstemming over inschrijvings- en toelatingsprocedures
Tot slot geeft de wet aan dat erin elke gemeente voor onderwijshuisvesting een op overeenstemming gericht overleg (OOGO) moet plaats vinden. Het OOGO is specifiek voor de schoolbesturen bedoeld. Tot op heden stond het OOGO huisvesting volledig los van de LEA. We willen zorgen voor kruisbestuiving tussen onderwijshuisvesting en onderwijsinhoudelijke uitdagingen. Het OOGO en de LEA blijven aparte bestuurlijke overleggen, via een werkgroep onderwijshuisvesting gaan we de kruisbestuiving bewerkstelligen.
5
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Gezamenlijke LEA Om aan de wettelijke verplichting voor de LEA te kunnen voldoen is het belangrijk dat de partners van de LEA willen samenwerken en betrokken zijn om te werken aan de gezamenlijke doelen en beoogde resultaten. Naast het wettelijk kader voor de LEA zijn er ook andere wetgevingen die verbinding hebben met de thema’s die worden besproken op de LEA. Te denken valt aan de Jeugdwet, Wet Publieke Gezondheidszorg en de Wet Passend Onderwijs. Figuur 1 Bestuurlijke verantwoordelijkheden binnen en buiten de LEA. In de 2 linker kolommen staan de onderwerpen waar de kinderopvang en het onderwijs verantwoordelijk voor zijn, rechts de onderwerpen waar de gemeente verantwoordelijk voor is en in de middelste kolom de thema’s waar we gezamenlijke aan kunnen werken.
<
Kinderopvang
Schoolbesturen
LEA samenwerkings agenda de gezamenlijke verantwoordelijkheid
Gemeente
• • • • • • •
• Inrichting en prestaties
• Samenhang passend
• Voorschoolse en
•
• Openbaar onderwijs • Leerplicht/schoolverzuim • RMC (regionaal
Kinderopvang Peuteropvang Voorschoolse educatie Buitenschoolse opvang Ouderbeleid Veiligheid Kwaliteit en inhoud
• • • • • • • • • •
onderwijs, waaronder vroegschoolse educatie Opbrengstgericht werken Taalbeleid Passend onderwijs Kwaliteitsimpuls (zeer) zwakke scholen Ouderbeleid Veiligheid in de school Burgerschap Cultuureducatie in school Toegankelijkheid Doorstroom PO-VOMBO-HBO
• • • • • •
onderwijs en jeugdhulp Voor- en vroegschoolse educatie Doorgaande leerlijnen Onderwijsachterstanden, gelijke kansen, extra leertijd Voorkomen segregatie en bevorderen integratie Sport, bewegen en gezonde leefstijl Onderwijs statushouders Preventie en voorkomen uitval
vroegschoolse educatie
voorkomen VSV)
• Leerlingenvervoer • Onderwijshuisvesting PO, VO en SO
• Uitvoering Jeugdwet • Wet publieke gezondheidszorg
In de twee linker kolommen staan de onderwerpen waar de kinderopvang en het onderwijs verantwoordelijk voor zijn, rechts de onderwerpen waar de gemeente verantwoordelijk voor is en in de middelste kolom de thema’s waar we gezamenlijk aan kunnen werken. Het schema maakt dus duidelijk waar de gezamenlijke verantwoordelijkheden liggen. In dit stuk beschrijven we welke thema’s we in Nissewaard de komende jaren gaan uitwerken. Voor de volledigheid geven wij hieronder een overzicht welke partijen, naast de gemeente Nissewaard, zich verbonden hebben aan deze LEA.
6
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Betrokken partijen
Zorg en andere partijen
Kinderopvang
Onderwijs (Primair en Voortgezet)
Samenwerkingsverband passend onderwijs
CJG
Mundo Kinderopvang
VCPO
Onderwijscollectief VPR
Kwadraad
Klein maar Dapper
Pro-Kind scholengroep
Stichting kinderopvang Nissewaard
RVKO
Kinderkoepel
Edumare
RDV-Kids
LEV-WN
Partou
Montessori Spijkenisse/STOAG
De Bonte Vlinder
Horizon Jeugdhulp en Onderwijs
Het Paleisje
Yulius Galilei onderwijsgroep Penta CVO
Leeswijzer
<
In hoofdstuk 1 treft u onze visie en ambities aan als basis voor onze samenwerking, in hoofdstuk 2 zijn de ambities verder uitgeschreven en in hoofdstuk 3 komen de organisatie en structuur van de LEA aan de orde. Het slothoofdstuk 4 betreft de financiën. In de bijlage is extra achtergrond informatie opgenomen over de context van Nissewaard. Als aparte bijlage is een uitvoeringsagenda LEA 2021-2026 opgesteld.
7
<
2 <
<
8
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Gezamenlijke visie en ambities LEA Nissewaard Voor de LEA Nissewaard 2021-2026 is er een gezamenlijk overkoepelende visie geformuleerd. Deze luidt: Alle kinderen in de gemeente Nissewaard krijgen volop kansen om zichzelf duurzaam, breed, gezond en veilig te ontwikkelen en hun talenten te benutten. Op deze manier kunnen kinderen en jongeren zich goed voorbereiden op een plek binnen de maatschappij die optimaal bij hen past. Alle partijen in de gemeente dragen samen de verantwoordelijkheid dat kinderen en jongeren zich duurzaam en breed kunnen ontwikkelen. De kans wordt hierdoor groot dat zij een goed en voor hen zo hoog mogelijk onderwijsniveau kunnen behalen, waar een startkwalificatie onderdeel van uitmaakt. Tot slot hebben de ouders/verzorgers van het kind, net als de professionals, een grote rol in de ontwikkeling en ondersteuning van het kind. Om deze visie te verwezenlijken wordt in dit samenwerkingskader voor de LEA aangegeven hoe we dit willen bereiken. De basis voor het bereiken van deze visie in de gemeente Nissewaard is gezamenlijke verantwoordelijkheid te ervaren om de volgende overkoepelende hoofdambitie en drie daaronder liggende ambities te realiseren, namelijk:
<
Hoofdambitie: het bieden van kansen aan alle kinderen en jongeren voor een optimale ontwikkeling. Dit doen we via:
• Bieden van mogelijkheden voor kinderen en jongeren zich optimaal, gezond en breed te ontwikkelen. • Voorkomen en wegwerken van onderwijsachterstanden. • 3Bieden van voldoende passend en nabij gelegen educatie, onderwijs en jeugdzorg. De uitwerking van de hoofdambitie pakken wij dus via drie actielijnen op:
• In de breedte: voorzieningen opzetten/acties oppakken die de juiste randvoorwaarden creëren voor alle kinderen om zich breed en optimaal te ontwikkelen (doelgroep is 100% van de kinderen).
• In de diepte: voorzieningen creëren specifiek voor kinderen met (een risico op) onderwijsachterstand (doelgroep is circa 15-20% van de kinderen).
• In de diepte: betere afstemming en samenwerking rond kinderen met een zorgbehoefte (doelgroep is circa 10% van de kinderen). Een groot deel van onze hoofdambitie kunnen we verwezenlijken door veel acties in de breedte op te zetten. In dit stuk ligt daarom hierop een grote focus. De twee actielijnen in de diepte concentreren zich op specifieke doelgroepen. Het aantal benodigde acties is lager, maar het is evident voor ons dat het van groot belang is om juist deze kinderen extra te ondersteunen, omdat hun kansen op een goede onderwijsloopbaan kleiner zijn dan voor veel andere kinderen. Het is hierbij wel van belang dat elke partij of genodigde deelneemt vanuit de grondhouding dat de LEA alleen effectief en efficiënt kan fungeren als er gezamenlijke verantwoordelijkheid wordt gevoeld en uitgedragen om te werken aan de doelen en resultaten. Dit betekent dat van elke partij of genodigde verwacht wordt open te staan om op een constructieve manier samen te werken, input te leveren en bij te dragen om tot een duurzaam educatieve structuur en klimaat te komen in de gemeente Nissewaard.
9
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Om de visie en ambities te realiseren is het belangrijk een viertal richtlijnen in het achterhoofd te houden. Ten eerste als richtlijn dat er op alle gebieden preventief gewerkt wordt en vroegtijdig wordt gesignaleerd. Kortom voorkomen is beter dan genezen en hoe eerder we erbij zijn, hoe beter het lukt de juiste ondersteuning voor meer kansen te bieden. Ten tweede gaan we goed optrekken met de ouders van kinderen en jongeren. Dit omdat we ervan overtuigd zijn dat kinderen een ondersteunende thuisomgeving nodig hebben om kansen te kunnen pakken, gezond en veilig op te groeien, zichzelf duurzaam en breed te ontwikkelen en hun talenten te benutten. Daarom is het betrekken van en rol geven aan ouders of verzorgers erg belangrijk (ouderperspectief, ouderbetrokkenheid, educatief partnerschap). Bij de ontwikkeling van nieuwe initiatieven en plannen zal dan ook waar mogelijk aandacht worden besteed aan het oudercomponent. Ten derde praten we niet alleen over kinderen en jongeren, maar ook met hen. De kinderen en jongeren in de gemeente Nissewaard krijgen een actieve rol om te zorgen dat we de visie kunnen realiseren namelijk door middel van de Kindergemeenteraad en het Jongerenpanel. Zij delen hier hun mening en advies om de ambities te kunnen bereiken in de gemeente.
Deze adviezen zullen waar mogelijk worden meegenomen in het bestuurlijk LEA-overleg en hieronder fungerende overleggen. Ten vierde en tot slot streven we naar doorlopende leer- en ontwikkellijnen en dus betrekken we bewust veel partners bij de LEA. De aansluiting van de kinderopvangorganisaties, het voortgezet onderwijs, zorg en andere relevante partners vanaf 2020 aan de LEA draagt bij aan de samenwerking en doorlopende leer- en ontwikkellijn die we in Nissewaard heel belangrijk vinden. Daarom zetten we de brede samenwerking voort. De gezamenlijke visie, de hoofdambitie met de drie onderliggende ambities en de vier richtlijnen zijn de basis voor onze nieuwe LEA Nissewaard in de periode 2021-2026. We kiezen bewust voor een lange periode, omdat de vraagstukken in Nissewaard een meerjarig commitment van ons allen vragen. De beleidsagenda is echter niet in beton gegoten. Onze LEA is een groeidocument dat de mogelijkheid biedt om gaandeweg bij te sturen door regelmatig met elkaar stil te staan bij
<
onze ambities, bij wat we doen en hoe we dat gezamenlijk doen. In de komende jaren zullen nieuwe ontwikkelingen zich aandienen die hun impact zullen hebben op de samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang, gemeente, zorgpartners en andere partners. Naar aanleiding daarvan zullen we – waar nodig – nieuwe vraagstukken binnen de drie ambities agenderen, vraagstukken afsluiten of de focus verleggen. Hierbij hebben en houden we oog voor wat mogelijk is, en ook wat onmogelijk is. De context van het onderwijsdomein anno 2021 geeft ook (bestuurlijke) vraagstukken die we mogelijk niet binnen Nissewaard kunnen oplossen. Vraagstukken zoals gevolgen van een wereldwijde pandemie, het lerarentekort/ pm’ers tekort, wettelijke beperkingen voor goede samenwerking en instroom van nieuwe groepen bewoners geven dat we ons vooraf realiseren dat we ambities met elkaar kunnen formuleren waarbij we mogelijk tegen grenzen oplopen van wat binnen onze eigen invloedsfeer haalbaar is. We zijn deels afhankelijk van landelijke en lokale politieke keuzes en hoe gemeenten in onze regio opereren rond deze vraagstukken. Wel nemen we onze bestuurlijke verantwoordelijkheid om in gezamenlijkheid ook deze vraagstukken de komende jaren op te pakken, waar deze Nissewaard en de ambities zoals geformuleerd in dit document raken.
10
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
<
<
11
3 <
<
12
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Inhoudelijke ambities en doelen In onze visie is een hoofdambitie met daaronder drie ambities geformuleerd. In dit hoofdstuk werken we deze drie ambities verder uit, zodat we kunnen gaan bijdragen aan onze hoofdambitie: bieden van kansen voor alle kinderen voor een optimale ontwikkeling. We beschrijven de bestuurlijke uitdagingen anno 2021 en onze inhoudelijke ambities en doelen voor de komende jaren. Nadat we de uitdagingen en ambities beschreven hebben, geven we inzicht welke aangrijpingspunten er zijn om de ambities te gaan halen. We benoemen daarom doelstellingen die we met elkaar willen gaan verwezenlijken en die sturing geven aan onze gezamenlijke ambities. Onder deze doelstellingen hangen tal van praktische acties, waarvan we een groot deel ook in dit traject al benoemd hebben. Deze concrete acties houden we omwille van de leesbaarheid uit dit stuk. Deze staan vermeld als aparte bijlage onder de noemer Uitvoeringsagenda LEA 2021-2026.
2.1 Optimale, gezonde en brede ontwikkeling van alle kinderen Bestuurlijke vraagstukken Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat kinderen met dezelfde talenten in de kinderopvang en het onderwijs
<
zich niet altijd in gelijke mate ontwikkelingen. In plaats van kleiner, worden de verschillen in ontwikkeling soms groter als de kinderen naar de kinderopvang of naar school gaan. Er zijn veel oorzaken van verschil in ontwikkelingen waaronder: migratieachtergrond leerlingen; thuissituatie; schulden en armoede; taalachterstand; vroeg selectie; onderadvisering/onderschatting van leerlingen; moeilijke doorstroom naar een ander niveau; lerarentekort. Volgens de VO Raad leek er in 2019 landelijk een einde te zijn gekomen aan in elk geval de verdere groei van de kansenongelijkheid . Echter is door de coronacrisis gebleken dat het probleem nog steeds aanwezig is en zelfs gegroeid is. De periodes van thuisonderwijs hebben dit extra zichtbaar gemaakt. Het ministerie van OCW heeft dan ook het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) ontwikkeld om bij alle leerlingen leervertraging en ook op sociaalemotioneel gebied extra ondersteuning in te kunnen zetten. Deze landelijke analyse herkennen wij ook voor de situatie in Nissewaard. Gezamenlijk willen wij hier trachten de trend te keren en dus meer gelijke ontwikkelingsmogelijkheden te bieden aan onze kinderen en jongeren.
Het is en blijft onze gezamenlijke wens om alle kinderen en jongeren kansen te bieden op een brede (talent)ontwikkeling en ervoor te zorgen dat zij in aanraking kunnen (blijven) komen met aanbod en activiteiten op bijvoorbeeld het gebied van kunst- en cultuureducatie, sport en natuur- en techniekeducatie. Dit doen we omdat we ervan overtuigd zijn dat via een brede (talent)ontwikkeling kinderen meer kansen krijgen om zich optimaal te ontwikkelen en dat daarnaast brede (talent) ontwikkeling een bijdrage levert aan de cognitieve ontwikkeling van kinderen2. Voor een optimale ontwikkeling van kinderen en jongeren is een veilige omgeving een randvoorwaarde. Alleen als een kind zich veilig voelt, kan het zich optimaal ontwikkelen, beter presteren en zichzelf zijn. Het gaat hierbij om fysieke, sociale en psychische veiligheid in de breedste zin van het woord, zoals een veilig gebouw, veiligheid rondom de kinderopvang/ school, de sfeer op de locatie/school, omgangsvormen, omgaan met diversiteit, criminaliteit, leerlingenzorg en signaleren van problemen in het gezin. De kinderopvang en school is verantwoordelijk voor een veilig schoolklimaat, maar het is ook
2
Zie o.a. https://slo.nl/thema/meer/jonge-kind/lexicon/brede-ontwikkeling/ en Jong geleerd, jong gedaan! Onderzoek naar cultuureducatie en – participatie van de allerkleinsten (0-6 jaar) van KU Leuven.
13
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
belangrijk oog te hebben voor het signaleren van onveilige situaties en risico’s buiten de locatie/school, bijvoorbeeld in het gezin of binnen peergroepen. Hierbij is een actieve deelname van kinderen, jongeren en ouders, maar ook politie, gemeente en andere voor de opvang/school belangrijke partners als leerplicht, het Ondersteuningsteam en de jeugdgezondheidzorg onontbeerlijk bij het realiseren van een veilige (school)omgeving. We moeten dus bestuurlijk zorgen voor goede afstemming en samenwerking om een veiligere omgeving voor kinderen te kunnen creëren. Net als veiligheid is een gezonde leefstijl belangrijk voor onze kinderen en leerlingen ter bevordering van de ontwikkeling, participatie en gezondheid om tot leren te komen. In de gemeente Nissewaard is een daling in bewegen onder kinderen (89% in 2014 naar 85% in 2018) waarbij ook een toename in overgewicht te zien is (19% in 2013 naar 26% in 2016). Het onderwijsveld speelt een belangrijke rol bij het sporten en bewegen. Sport en bewegen hebben een preventieve functie en stimuleren naast de sociale ook de emotionele, fysieke en motorische ontwikkeling van in het bijzonder jeugd en jongeren. Ook heeft het een positieve invloed op de leerprestaties. Dit begint al in de eerste levensfase van 0-4 jaar met als belangrijke partners de kinderopvangorganisaties.
Een gezonde leefstijl wordt ook ondersteund door het programma High Five. Met High Five wordt aan nog meer gewerkt zoals ontwikkeling, maatschappelijke, duurzaamheid, bewegen en sociale aspecten. Het is onze bestuurlijke taak dit soort initiatieven voor alle kinderen te signaleren en in te gaan zetten de komende jaren.
Ambities 1. In 2026 hebben kinderen en jongeren in Nissewaard meer gelijke kansen bij een gelijk ontwikkelpotentieel dan medio 2021. 2. We zorgen ervoor dat eind 2023 de leervertragingen vanwege de verschillende lock-downs in 2020 en 2021 zijn weggewerkt. 3. In 2026 hebben alle kinderen en jongeren de mogelijkheid om via school/kinderopvang zich breed te ontwikkelen.
<
4. We willen dat in 2026 elk kind en elke leerling in Nissewaard zich veilig voelt op zijn/haar eigen kinderopvang, (basis en middelbare) school en in de omgeving. 5. In 2026 beweegt minimaal 90% van de kinderen en maximaal 20% heeft overgewicht in Nissewaard.
Doelstellingen In de gemeente Nissewaard realiseren we een doorlopende leer- en ontwikkellijn voor elk kind. Opvang en (basis en voortgezet) onderwijs voorkomen, samen met (jeugd)zorg, breuklijnen in de ontwikkeling van kinderen en organiseren een ononderbroken leerlijn voor alle kinderen. Op die manier kan de kennis die in een eerdere fase is opgedaan over de ontwikkeling van een kind meegenomen worden naar een nieuwe leer- en ontwikkelfase (en hoeft dat niet opnieuw ‘ontdekt’ te worden). Vroegtijdig signaleren van problemen en inzetten op preventie zorgt daarnaast voor een blijvend goede ontwikkeling van een kind. Een doorlopende leer- en ontwikkellijn is een voorwaarde om dit te realiseren. Kinderen leren en ontwikkelen zich al vanaf de 9 maanden voor de geboorte, waarbij ook de eerste levensjaren van groot belangzijn voor de latere loopbaan. We gaan leervertragingen als gevolg van Corona inhalen. Veel kinderen hebben leervertraging opgelopen, vooral kinderen uit gezinnen van lage sociale economische status. Via het NP Onderwijsprogramma heeft het Rijk veel geld aan schoolbesturen en de gemeente beschikbaar gesteld om acties te ondernemen om deze vertragingen in te lopen. We pakken dit in gezamenlijkheid op, voortbouwend op de OAB-koers binnen Nissewaard. Voorkomen van onderadvisering en onderschatting van leerlingen en moeilijke doorstroom naar een ander niveau.
Ondergeadviseerde leerlingen krijgen een lager advies zowel in het basisonderwijs als voortgezet onderwijs dan op grond van hun schoolprestaties passend zou zijn. Onderadvisering zorgt hierdoor voor een blijvende achterstand binnen het voortgezet onderwijs. Deze leerlingen presteren ondermaats in het voortgezet onderwijs en hun talenten en competenties blijven onderbenut. Het is belangrijk dat ieder kind een passend schooladvies krijgt en gemakkelijk kan doorstromen naar een hoger niveau in het voortgezet onderwijs.
14
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Afstemming inschrijvingsprocedure in het primair onderwijs. Het komt niet altijd voor dat ouders hun kind tijdig inschrijven op de basisschool passend bij de ontwikkelingsvragen van het kind. In het kader van gelijke kansen is dit een onwenselijke ontwikkeling. Het is belangrijk dat ouders de inschrijfprocedure kennen en zich bewust zijn van het belang om hun kind op tijd in te schrijven. We hebben voortdurend aandacht voor het lerarentekort in de gemeente Nissewaard en de regio. In de gemeente Nissewaard is er sprake van een lerarentekort, waarbij jaarlijks enkele lerarenplekken niet vervuld worden. Om de continuïteit en de kwaliteit van het onderwijs te borgen is het belangrijk om hier met de diverse LEA partijen lokaal in samen te werken in het verlengde van het regionale plan van aanpak lerarentekort. We zetten in op rookvrije kind omgevingen in de gemeente Nissewaard. Sinds 2021 is het wettelijk verplicht dat de schoolpleinen rookvrij zijn. Daarnaast streven we ernaar om alle kindomgevingen rook-vrij te maken zodat kinderen gezond kunnen spelen en opgroeien. We versterken de aansluiting met de wijk en de wijkagent. De verbinding met de partners in de wijk – waaronder de wijkagent – kunnen we mede vanuit preventief oogpunt nog verbeteren.
De komende periode gaan onderwijspartners – daar waar dit gesprek met de contacten in de wijk nog niet loopt- in gesprek (of continueren hun gesprek) over waar de kansen liggen om dit te versterken en onderwijs en opvang als belangrijke partner in de wijkgerichte aanpak een plek te geven. We hebben inzicht in de ervaren problematiek rondom radicalisering en werken aan deskundigheidsbevordering van onze professionals in signaleren van risico’s en hoe te handelen. Op school en de BSO komen leerlingen met allerlei verschillende achtergronden bij elkaar. Preventie, vroegsignalering
<
en betrokkenheid van alle partners (ook zorg, welzijn, gemeente en wijkagenten) is daarbij belangrijk. We werken aan deskundigheidsbevordering van de betrokkenprofessionals. We hebben inzicht in de ervaren problematiek rondom (sociale, fysieke en psychische) veiligheid, werken preventief en met vroeg signalering. Elk kind – met welke achtergrond of geaardheid dan ook - moet zich veilig voelen op de kinderopvang en op school. Naast het veilig voelen op school moeten kinderen zicht ook in de (thuis)omgeving veilig voelen om tot ontwikkeling te kunnen komen. Het tijdig signaleren van huiselijk geweld en kindermishandeling door professionals en het aanbieden van de juiste hulpverlening is nodig om dit geweld duurzaam te stoppen. Voorkomen segregatie en bevorderen integratie. De afgelopen jaren neemt de onderwijssegregatie in Nederland toe. Het gaat hierbij om segregatie op basis van sociaaleconomische status van de ouders. Het risico van segregatie is dat verschillende groepen kinderen in de samenleving elkaar minder tegenkomen. Daarnaast ontstaan op kinderopvanglocaties en scholen, waar voornamelijk kinderen van ouders met een lage sociaaleconomische status zitten, regelmatig een opstapeling van problemen bij kinderen/leerlingen op het gebied van leren, armoede, gezondheid en sociaal kapitaal.
Ook hebben we hierbij oog voor een evenwichtige verdeling van achterstands- en niet-achterstandsleerlingen wat belangrijk is voor het onderwijs zodat leerlingen met diverse achtergronden elkaar tegen komen en de kwaliteit van het onderwijs behouden blijft. We zetten combinatiefunctionarissen in voor cultuur, natuur, sport en gezonde voeding. We zetten combinatiefunctionarissen in binnen de gemeente Nissewaard om sportieve activiteiten, een rijk cultureel aanbod, natuur en sterke sociale netwerken te ontwikkelen. We hebben aandacht voor de wijze van inrichten van het bewegingsonderwijs. We streven naar minimaal 2 uur bewegingsonderwijs per week waarbij gymles in het water of op het (groene) schoolplein ook tot de mogelijkheden behoort naast de gymzaal. We streven naar gekwalificeerde (vak)leerkrachten die bewegingsonderwijs geven.
15
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
We nemen ouders/verzorgers mee in visie/belang van bewegen en gezonde leefstijl. In het contact met de ouders/verzorgers benadrukken kinderopvang en scholen het belang van bewegen en een gezonde leefstijl. In het bijzonder is er aandacht voor het gebruik en verslaving van: gamen, alcohol, drugs en andere middelen door kinderen en jongeren. Zo is in Nissewaard 14,9% van de jongeren game verslaafd t.o.v. 11% in de regio RotterdamRijnmond. Er kan gebruikt worden gemaakt van samenwerkingspartners die hier (wijkgerichte) voorlichting over geven. We zorgen voor uitdagende speelpleinen. De scholen zorgen voor uitdagende (groene) speelpleinen waar kinderen en jongeren uitgedaagd en geprikkeld worden om te bewegen. De gemeente werkt mee aan het vergroenen van de schoolpleinen. Bij het vergroenen staat het bewegen, spelen en kunnen geven van buitenactiviteiten op het plein centraal. Bewegen, naar buiten gaan, buitenspelen, een groene omgeving, leren van en over de natuur zijn middelen waarmee dit bereikt kan worden. In ‘Nissewaard Naar Buiten’ wordt dit op buurtniveau georganiseerd. Om de hoek. Kinderen spelen en bewegen een groot deel van hun dag in eigen buurt.
2.2 Voorkomen en wegwerken onderwijsachterstanden Bestuurlijke uitdagingen In Nissewaard heeft 20,5 % een risico op onderwijsachterstanden (2019), t.o.v. gemiddelde van 14,9 % in Nederland. Dit percentage geeft het aantal kinderen aan dat risico’s loopt op onderwijsachterstanden (gewichten) op grond van de sociaaleconomische status van ouders. Daarnaast is zichtbaar dat 94,3% van de kinderen het basisniveau taal en rekenen bereikt t.o.v. 96,3% in Nederland. Onze inspanning is – rekening houdend met de relatief beperkte invloed die we daarop hebben – gericht op het voorkomen en verminderen van achterstand bij deze groep kinderen. Bestuurlijke uitdagingen anno 2021 zijn dat we (dreigende) leerachterstanden onder 2-18 jarigen ten gevolge van sociale, economische of culturele
<
oorzaken willen voorkomen en eenmaal opgelopen achterstanden te verminderen.
Ambities 1. We zorgen ervoor dat alle kinderen die in 2026 naar de basisschool gaan voldoende taalvaardig zijn om direct goed aan het onderwijs mee te doen. 2. We zorgen ervoor dat alle kinderen die in 2026 naar het voortgezet onderwijs gaan voldoende taal- en rekenvaardig zijn om direct goed aan het voorgezet onderwijs te kunnen meedoen. 3. We zorgen ervoor dat vanaf minimaal 2026 of zoveel eerder als mogelijk opgelopen onderwijsachterstanden bij jongeren (12+) zoveel mogelijk worden weggewerkt, zodat zij een goede start kunnen maken in het vervolgonderwijs.
Doelstellingen We voeren gezamenlijk een kwalitatief hoogwaardig voor- en vroegschoolse educatie (VVE) uit en bereiken zo veel mogelijk kinderen met een risico op of met een taal/spraakachterstanden. De jeugdgezondheidszorg (JGZ) is één van de eerste organisaties waar een kind als eerste in beeld komt. De JGZ is dan ook een belangrijke spil in het vroeg signaleren en toeleiden naar de bestaande preventieve interventies en programma’s die vrij toegankelijk zijn voor gezinnen en kinderen die dit nodig hebben. De kinderopvangorganisaties en het primair onderwijs voeren voor- en vroegschoolse educatie uit waarbij onderlinge samenwerking belangrijk is. Ook hierbij speelt preventief werken, vroeg signaleren en door verwijzen naar VVE een grote rol evenals de samenwerking met het samenwerkingsverband voor Passend onderwijs. Naast de professionals hebben ouders/verzorgers ook een belangrijke rol in de ontwikkeling van hun kind en dus ook bij de (taal)ontwikkeling. We hebben voortdurend aandacht voor de taalklas (PO), de ISK (VO) en de verbinding met het regulier onderwijs. Voor nieuwkomers in de basisschoolleeftijd is er de taalschool De Kameleon waar ze intensief taalonderwijs volgen. Daarnaast is er voor de nieuwkomers in de middelbare schoolleeftijd de Internationale Schakel Klas (ISK).
In de komende periode willen we inzetten op het terugdringen van taalachterstanden door te onderzoeken hoe de overgang naar in het primair onderwijs en voortgezet onderwijs voor leerlingen die vanuit de Taalschool Kameleon en de ISK instromen in
16
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
het reguliere onderwijs zo goed mogelijk georganiseerd en ingericht kan worden. De samenwerkingsverbanden passend onderwijs kunnen hierin een belangrijke rol spelen die nader bepaald kan worden. We gaan onderwijsachterstanden in het voortgezet (speciaal) onderwijs verminderen. Het GOAB vanuit het Rijk stopt vanaf het voortgezet onderwijs. Toch realiseren we ons dat er ook in het voortgezet onderwijs onderwijsachterstanden voorkomen en dus bestreden dienen te worden. De rijke ervaring van kinderopvang en het basisonderwijs kunnen hierbij als inspiratie gelden. Ervaringen elders van de inzet van de Leerplusarrangementen VO nemen we hierbij ook mee.
2.3 Afstemming en samenwerking educatie, passend onderwijs en jeugdzorg Bestuurlijke uitdagingen Het is belangrijk om vroegtijdig zorgproblematiek bij kinderen en jongeren te signaleren, zodat mogelijk zwaardere zorg kan worden voorkomen. Vaak is de bron van de problematiek te vinden in de context ofwel omgeving van het kind waar het opgroeit. Jeugdgezondheidzorg, kinderopvangorganisaties en scholen zijn voor het signaleren van problematiek – of het voorkomen ervan- een belangrijke ingang en de vindplaats van kinderen, jongeren en ouders. Sinds 2020 is het programma Kinderogen van start gegaan op Voorne Putten en Goeree Overflakkee. Gemeenten en samenwerkingsverbanden hebben vastgesteld dat zij allen voor grote uitdagingen staan, onder meer vanwege een toename van complexe problematiek rondom gezinnen en kinderen en een groter gebruik (groter dan het landelijk gemiddeld) van (specialistische) voorzieningen. Dat wordt zichtbaar in de uitdagingen waarvoor de kinderopvang staat,
<
in de cijfers van het gebruik van jeugdhulp en in het hoge aantal doorverwijzingen richting s(b)o onderwijs. De ambitie van Kinderogen is dat kinderen, vooral kwetsbare kinderen, gewoon gebruik kunnen blijven maken van voor hun veilige en bekende voorzieningen: de school of de opvang in de buurt. Dat betekent dat scholen en opvangvoorzieningen zich richten op inclusie: het aanbieden van passende opvang en onderwijs voor alle kinderen. Deze regionale analyse en gekozen koers pakken we op lokaal niveau ook op in de komende jaren. In Nissewaard verlaten 2,4% (2018) van de jongeren het onderwijs zonder startkwalificatie t.o.v. 2% in Nederland. Verder is gebleken dat veel jongeren in onze gemeente veelvuldig verzuimen naar school te gaan (8,5%). Alle kinderen hebben recht op onderwijs. Bestuurlijk zien we het als onze opdracht dat er zo min mogelijk kinderen thuis zitten zonder onderwijs te volgen en dat er zo min mogelijk uitval is in het onderwijs voordat er een startkwalificatie is gehaald. We willen daarom inzetten op de best mogelijke opleidingskansen voor alle leerlingen waar een startkwalificatie onderdeel vanuit maakt.
Ambities 1. We zetten in op een optimale aansluiting op wijkniveau tussen kinderopvang, onderwijs en jeugdzorg, zodat in 2026 alle kinderen die zorg nodig hebben dit thuisnabij en adequaat aangeboden krijgen. 2. We streven ernaar dat in 2026 geen enkel kind thuis hoeft te zitten of uit hoeft te vallen in de kinderopvang, het basis-, voortgezet of vervolgonderwijs. 3. We willen in 2026 een aanzienlijke vermindering van het aantal voortijdig schoolverlaters (minimaal conform landelijke normen).
Doelstellingen We continueren de samenwerking tussen het JGZ, (V)SMW, kinderopvang en scholen en werken zo op een integrale en laagdrempelige manier. We benutten goede voorbeelden van samenwerking door ze met elkaar te delen en evalueren jaarlijks de samenwerking om in te spelen op eventuele knelpunten of aspecten waarop we de samenwerking kunnen versterken. Wanneer kinderen te maken hebben met problematiek waarvoor zij (jeugd)hulp ontvangen, is het essentieel dat zorg, kinderopvang en
17
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
onderwijs goed op elkaar zijn afgestemd. Ouders met vragen zijn in beeld en worden begeleid naar de juiste plek. Ouders ervaren hierbij een gelijkwaardig partnerschap ten behoeve van de ontwikkeling van hun kind wat maakt dat zij over hun schaamte heen kunnen stappen en eerder hun situatie durven te delen. We volgen de ontwikkelingen op wijkniveau rondom de samenwerking en afstemming met voorliggende voorzieningen in de wijk. Sinds 2019 wordt jaarlijks per wijk een wijkanalyse gemaakt van de wijkproblematiek, waarna een wijkaanpak wordt ontwikkeld afgestemd met de partners en betrokkenorganisaties in de wijk. Ook voor de kinderopvang en het onderwijs is het belangrijk om op de hoogte te zijn van de ontwikkelingen, problematiek en knelpunten in de wijk om kinderen en leerlingen zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen. We werken aan passende kinderopvang en basisonderwijs: integraal werken in de basisjeugdhulp en onderwijszorg. Kinderen ontwikkelen zich verschillend en ieder kind kent eigen leersprongen. Soms is er meer nodig en dan is het goed dat er snel goede steun en hulp is. We leveren dus maatwerk en helpen elkaar door lastige fases heen. We willen voorkomen dat er extra complicaties ontstaan. We organiseren, samen met ouders, de steun en hulp zoveel als mogelijk op school of in de opvang.
Aan deze doelstelling wordt gewerkt door onder andere het programma Kinderogen in lijn 1, lijn 2, lijn 4 en lijn 5. Jeugdhulp in het speciaal (basis)onderwijs: specialistische jeugdhulp werkt op het speciaal (basis) onderwijs samen als één team. We hebben de juiste expertise tijdig beschikbaar op de juiste plek in het speciaal (basis)onderwijs. Leerkrachten, pedagogen en jeugdhulpverleners vormen samen (multidiciplinaire) teams, brengen hun kennis in, versterken elkaar en bouwen zo samen aan een sterk pedagogisch klimaat. Hulp wordt zo veel mogelijk op school geboden en is gericht op het
<
versterken van ouders en kinderen. Samen zorgen we ervoor dat kinderen en ouders tijdig de juiste steun krijgen. Respect en waardering voor de verschillen in expertise vormen de basis voor de gewenste transformatie. Aan deze doelstelling wordt gewerkt door het programma Kinderogen in lijn 3. Kinderopvang, onderwijs, zorg en eventuele andere voorzieningen zijn actief betrokken bij en onderdeel van de integraal maatschappelijke pleinvorming. De ambitie is dat we in Nissewaard in iedere wijk minimaal één integraal maatschappelijk plein ontwikkelen, passend binnen de kaders van het Integraal Huisvestingsplan. Een integraal maatschappelijk plein kenmerkt zich door samenwerking tussen verschillende functies in de wijk. Het gaat in ieder geval altijd om voorschoolse voorzieningen en basisonderwijs, met daarnaast mogelijke zorgfuncties voor 0 tot 100. De samenwerking is gestoeld op één gemeenschappelijk pedagogisch beleid & doorlopende leer- en ontwikkelingslijnen. De samenwerking vindt plaats op inhoud en organisatie op basis van één gedeelde visie, één plan, één uitstraling en één aansturing. De omvang en samenstelling van een maatschappelijk plein moet passend zijn bij de wensen van de wijk en de behoeften van kinderen, ouders en betrokken instellingen. Dit kan leiden tot verschillende accenten op onderwijs- en opvoedkundig, welzijn en zorg gebied.
Per wijk kan de maatschappelijke pleinvorming dus verschillen, maar de ambitie blijft gelijk: elk kind heeft het recht op maximale ontwikkeling, waarbij de betrokken partijen zich met elkaar moeten verbinden. We zetten in op een goede samenwerking tussen (basis en voortgezet) onderwijs, het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs, leerplicht en gemeente om schooluitval te voorkomen waarbij leerplicht preventief werkt. Met behulp van leerplicht en VSV-coaches wordt via maatwerktrajecten toegewerkt naar een succesvolle terugkeer naar de eigen school. Wanneer terugkeer naar de eigen school niet haalbaar blijkt, gaat leerplicht en het samenwerkingsverband samen met ouders, hulpverlening en eigen school opzoek naar een andere vorm van passend onderwijs. Met de inzet van VSV-coaches wordt voorkomen dat jongeren de school verlaten zonder startkwalificatie.
18
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
We houden de situatie van leerlingen uit het (voortgezet) speciaal onderwijs in de gaten. Waar mogelijk gaan leerlingen naar een gewone reguliere school. Voor leerlingen die daar (nog) niet goed terecht kunnen en/of zwaardere zorg nodig hebben om het onderwijs te kunnen volgen, bieden we de mogelijkheid van speciaal onderwijs. We houden de situatie van leerlingen uit het (voortgezet)speciaal onderwijs goed in de gaten door vroegtijdig te signaleren, preventief te werken en terugstroom naar regulier onderwijs te bevorderen. We houden de situatie in de gaten van kinderen in de voorschoolse leeftijd die op een wachtlijsten staan voor een andere voorziening. Wanneer kinderen in de voorschoolse leeftijd worden doorverwezen naar een beter passende voorziening houden we goed in de gaten of het kind bij de voorziening direct kan beginnen of dat er sprake is van een wachtperiode. We zetten in op een goede samenwerking in de regio Voorne-Putten en Goeree Overflakkee bij schoolverzuim. De gemeenten op Voorne Putten willen intensiever gaan samenwerken bij de aanpak van schoolverzuim. We zetten in op de afstemming tussen de lokale leerplicht en het RMC verbeteren (bijvoorbeeld via de reeds gerealiseerde gezamenlijke administratie), het voortzetten van de samenwerking met ROC’s in de regio en het anticiperen op de aanpassing van de RMC-wetgeving.
We ondersteunen jongeren bij het regelen van school of werk die dit nog heel lastig vinden. Gemeente en onderwijs werken samen om jongeren te ondersteunen die het heel lastig vinden om geheelzelfstandig school of werk te regelen. Overstapcoaches bekijken onder welke voorwaarden een stageplaats omgezet kan worden in een werkplek. We bereiken hiermee een lager percentage voortijdig schoolverlaters.
<
<
19
4 <
<
20
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Overlegstructuur bij de LEA In dit hoofdstuk gaan we in op het ‘hoe’: we beschrijven hoe we willen samenwerken en hoe we denken onze ambities te kunnen realiseren.
Overlegstructuur Vanaf medio 2021 kiezen we voor de volgende LEA-overlegstructuur in Nissewaard.
Bestuurlijk LEA
Regiegroep
<
< Werkgroep Onderwijsachterstanden
Werkgroep aansl. educatie, passend onderwijs en jegudzorg
Werkgroep optimale, gezonde en brede ontwikkeling
We lichten de verschillende lagen van de structuur hieronder verder toe.
Bestuurlijk LEA In het bestuurlijk overleg LEA bespreken we strategisch en bestuurlijke vraagstukken. We gaan op bestuurlijk niveau het gesprek met elkaar aan over de thema’s die lokaal spelen bij educatie en onderwijs. Het is een moment waarop we kinderopvang/school- en domein overstijgend verbindingen leggen en knelpunten of hiaten in beleid van kinderopvang, onderwijs en gemeente worden besproken. We formuleren oplossingen en kansen en handelen daarnaar. De leidraad voor dit bestuurlijke gesprek is onze gezamenlijke visie en onze uitgewerkte ambities (zie hoofdstukken 1 en 2). Alle stukken/voorstellen van deze regiegroep worden in het bestuurlijk LEA besproken en vastgesteld. Alle partners hebben een eigen verantwoordelijkheid en we bundelen de krachten waar nodig. We spreken eventuele verschillende belangen naar elkaar uit. De afstemming voor de agenda van de LEA-bijeenkomsten vindt plaats met behulp van de regiegroep ongeveer 3 weken voordat het LEA-overleg gepland staat. Het CJG en (V)SMW sluiten aan bij de agendacommissie van de regiegroep bij relevante onderwerpen zoals VVE, aansluiting kinderopvang, onderwijs en zorg en schoolverzuim. Voor het opstellen van de agenda van de LEA-bijeenkomst geldt dat de desbetreffende die zitting heeft in de agendacommissie eventuele agendapunten heeft afgestemd met de sector die wordt vertegenwoordigd.
21
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Regiegroep Het bestuurlijke LEA-overleg vraagt om follow-up vanuit alle partijen en niet dus enkel bij de gemeente zoals bij veel andere gemeenten het geval is. We hebben afgesproken te gaan werken met een regiegroep. De regiegroep heeft geen beslissingsbevoegdheid, die ligt bij de bestuurlijke LEA. De regiegroep is verantwoordelijk voor:
• • • •
Het opstellen van de agenda voor de LEA samenkomst (agendacommissie). Het opstellen van een concept jaarplan LEA op basis van de in dit stuk vastgestelde ambities en doelen. Het opstellen van voorstellen voor de (inrichting van) benodigde werkgroepen en opdrachtformulering. Monitoren, bewaken en sturen van de voortgang van de uitvoering van de LEA. Concreet betreft dit voorstellen neerleggen voor het bestuurlijke LEA en het aansturen in tijd en inhoud van de aangestelde werkgroepen (opdrachtformulering, voortgangsrapportages en voorstellen werkgroepen bespreken).
• Het bevorderen van de communicatie tussen en met alle LEA- betrokkenen. • De afstemming met de REA • Het organiseren van een evaluatie elke 2 jaar. In de regiegroep hebben zitting: twee leden van het onderwijs (primair onderwijs en voortgezet onderwijs), twee van de kinderopvangorganisaties en twee leden van de gemeente. Elke twee jaar nemen andere leden zitting in de regiegroep met uitzondering van de gemeente.
Thematische werkgroepen We gaan werken met thematische werkgroepen, die vallen onder de verantwoordelijkheid van de regiegroep. We starten met ten minste drie vaste werkgroepen vanuit de drie ambities, dus:
<
• Werkgroep onderwijsachterstanden • Werkgroep aansluiting educatie, passend onderwijs met jeugdzorg • Werkgroep optimale, gezonde en brede ontwikkeling. Daarnaast zullen er in deze LEA-periode wanneer wenselijk tijdelijke werkgroepen worden opgezet naar gelang nieuwe ontwikkelingen en/of de gewenste resultaten. Bijvoorbeeld het thema leervertraging kan in de werkgroep optimale, gezonde en brede ontwikkeling opgepakt worden, maar er kan ook gekozen worden om een tijdelijke werkgroep NP Onderwijs in te richten. De deelnemers van een werkgroep worden gekozen passend bij het onderwerp. Gedacht kan worden aan mensen vanuit diverse organisaties met verschillenden functies en/of regio’s (pedagogisch medewerker, leerkracht, IB’er, manager, directie of beleidsmedewerker, zorg, Kinderraad of Jongerenpanel). Besturen en gemeente leveren menskracht voor de werkgroepen en regiegroep. De werkgroepen worden aangestuurd en gemonitord door de regiegroep. Het kan zo zijn dat een partij of genodigde die niet in de regiegroep zit aanbevelingen of opmerkingen heeft die dienend zijn aan het proces of de kwaliteit van de opdracht die de werkgroep uitvoert. De desbetreffende kan dit delen met de regiegroep. Onder het OOGO huisvesting valt een werkgroep onderwijshuisvesting. Deze werkgroep bereidt de stukken voor voor dit OOGO.
Zoals eerder benoemd willen we trachten meer kruisbestuiving tussen de ‘harde’ kant van onderwijshuisvesting en de inhoud van deze LEA te bewerkstelligen. De werkgroep onderwijshuisvesting en het OOGO onderwijshuisvesting zijn voornemens te gaan werken met twee delen van hun agenda. Het eerste deel is: welke onderwijsinhoudelijke, actuele zaken raken onderwijshuisvesting. Bij dit deel sluit onder meer ook kinderopvang aan bij de werkgroep. Bij dit deel is het goed als zowel van de gemeente als vanuit het onderwijs een regiegroeplid aansluit bij het overleg van de werkgroep onderwijshuisvesting. Het tweede deel van de agenda is het bespreken van alle onderwijshuisvesting-benodigde aanpassingen/verbouwingen etcetera. Op deze wijze trachten we de beoogde kruisbestuiving te realiseren. We evalueren dit na twee jaar.
22
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Jaaragenda LEA Dit samenwerkingskader is een richting gevend document: het geeft sturing aan de maatschappelijke effecten die wij willen bereiken. De uitwerking van het samenwerkingskader staat uitgewerkt in een uitvoeringsagenda. In deze agenda staat beschreven hoe wij de beschreven maatschappelijke effecten gaan bereiken met concrete acties per ambitie. In de loop van de jaren komen er naar verwachting weer nieuwe acties bij die vanuit het bestuurlijke LEA geagendeerd worden. Om sturing te geven aan de uitvoering stelt de regiegroep jaarlijks een jaarplan LEA op. Hierin doen ze een voorstel welke twee-drie concrete acties per ambitie opgepakt dienen te worden door een werkgroep (urgentie-afweging) en wat deze acties moeten opleveren (opdrachtformulering en planning op hoofdlijnen). Dit jaarplan wordt voorgelegd en vastgesteld in het bestuurlijk LEA. Na afloop van het jaar rapporteert de regiegroep aan het bestuurlijk LEA-overleg de voortgang op de twee-drie acties per ambities en besluit het bestuurlijk LEA om de actie een volgend jaar wederom te agenderen of dat men de actie als afgerond beschouwd.
Rollen en verantwoordelijkheden kinderopvang, (voortgezet) onderwijs en gemeente De rollen van gemeente, onderwijs en kinderopvang kunnen per ambitie binnen de LEA verschillend zijn. De kracht en de meerwaarde bij de LEA ligt in de gezamenlijkheid, gelijkwaardige samenwerking en de kans om elkaar aan te vullen en te versterken in die rollen. De LEA biedt de kans om school- en domein overstijgend verbindingen te leggen en knelpunten of hiaten in beleid in beeld te krijgen. De LEA biedt ook de kans om oplossingen en kansen te formuleren en daarnaar te (kunnen) handelen. Hierbij kan het voorkomen dat uit de evaluatie en monitoring blijkt dat de gestelde doelen of gewenste resultaten niet bereikt worden zoals beschreven zijn in dit samenwerkingskader. In de basis geldt hier dat alle genodigden en partijen van
<
de LEA gezamenlijk verantwoordelijk zijn om de doelen en resultaten te bereiken. De voorzitter kan de genodigden van de LEA hier gezamenlijk op aanspreken. Mocht het blijken dat het om een specifieke partij gaat dan zal de gemeente hier het gesprek over voeren met de desbetreffende. Hieronder schetsen we in hoofdlijnen welke rollen en verantwoordelijkheden kinderopvang en onderwijs enerzijds en de gemeente anderzijds hebben.
Kinderopvang en (voortgezet) onderwijs Kinderopvangorganisaties en schoolbesturen zijn autonoom en zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit en de inhoud van de kinderopvang en het onderwijs. Ook zijn zij aanjager van (educatieve en onderwijskundige) vernieuwingen. Zij zijn zelf verantwoordelijk om verbindingen te leggen met partners ter versterking van die kwaliteit en om hun maatschappelijke verantwoordelijkheid daarbinnen te pakken.
Gemeente De gemeente heeft een verbindende rol in het samenbrengen van organisaties die een rol spelen bij de ontwikkeling van kinderen en jongeren in Nissewaard. De gemeente kan de dialoog op gang brengen over specifieke thema’s en kan bij LEA-genodigden input halen voor gemeentelijk beleid in de fase van beleidsvorming, toetsing van beleidsvoornemens en monitoring/evalueren van beleid. Daarnaast kan de gemeente op de onderdelen waar zij zelf verantwoordelijk voor is optreden als aanjager van gewenste vernieuwingen. Verder heeft de gemeente een regisserende rol bij de onderwerpen VVE en Jeugdzorg. De gemeente is verantwoordelijk voor het faciliteren van de LEA en het organiseren dat partijen met elkaar in gesprek gaan om tot afstemmen en afspraken te komen. De gemeente kan dan ook partijen of genodigden aanspreken op de samenwerking, input en bijdrage die noodzakelijk wordt bevonden.
23
<
5 <
<
24
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Financiële middelen In de voorgaande hoofdstukken is de inhoudelijke koers voor 2021-2026 beschreven en bij de geselecteerde thema’s de beoogde doelstellingen benoemd. Al deze zaken gaan we de komende jaren evalueren en monitoren. Het monitoren laat zien of we onze doelen realiseren. Bovendien kunnen we aan de hand van de monitor bepalen of inzet op een andere wijze moet worden vormgegeven. Niet alle resultaten die genoemd worden in het samenwerkingskader kosten geld. In de basis wordt uitgegaan van de inzet van mensuren. Als blijkt dat er financiële middelen nodig zijn om resultaten te behalen dan zoeken we hier gezamenlijk naar, daarbij kan ook gedacht worden aan cofinanciering. Aan veel doelen wordt op dit moment al gewerkt. Enkele doelen vragen om de (continuering van) inzet van middelen. Er zijn verscheidende middelen die voor de diverse doelen worden ingezet. Zo zet de gemeente onder andere middelen in vanuit welzijn (combinatiefunctionarissen) en vanuit preventie (o.a. Food4Life, JEF, JOZ). Tevens ontvangen de gemeente, het onderwijs en het samenwerkingsverband middelen vanuit het rijk die ingezet kunnen worden om doelen en resultaten te behalen die in dit samenwerkingskader worden benoemd. Zo zet de gemeente en het onderwijs in op het bestrijden van onderwijsachterstanden door middel van de onderwijsachterstandsgelden.
De gemeente, onderwijs en het samenwerkingsverband kunnen samenwerken bij de inzet van middelen om gezamenlijke doelen en resultaten te behalen. Zo is er op dit moment sprake van cofinanciering bij bijvoorbeeld de taalklas Kameleon, vaktalent en SMW VO. Hieronder is inzichtelijk gemaakt welke onderwijsachterstandsmiddelen de gemeente en de schoolbesturen ontvangen.
<
<
Overzicht onderwijsachterstandsmiddelen
Organisatie
Middelen
Toelichting
Gemeente
€ 3,5M
Organisatie VVE, toeleiding en bereik VVE+PDO, voorschoolse educatie, peuterdagopvang, zorgstructuur VVE, kwaliteit VVE, ouderbetrokkenheid VVE, (V)SMW, Taalschool, Zomerschool, bibliotheek (boekstart) , Instapje/Opstapje (PUSH), inzet preventie op scholen via Kindkracht in het ROK (o.a Vaktalent, amigo’s, rots en water etc).
Prokind
€ 914.000
Jan Campert, De Piramide, De Veenvlinder, De Vuurvogel, De Toermalijn en De Vogelenzang
RVKO
€ 513.700
De Klinker, De Wegwijzer, Paus Johannes, Mgr Bekkers school en De Akkers
VCPO
€ 416.000
De Rank, De Duif, De Bron, Het Baken en Marimba
LEV-WN
€ 16.000
Morgenster
Edumare
€ 10.000
Vliegerdt
Er zijn 16 scholen die een substantieel deel aan OAB middelen krijgen (€ 29.000 of meer), een 17e school krijgt ruim € 16.000 en een 18e school ontvangt een gering deel, te weten net onder de € 10.000 per jaar. De overige scholen hebben te weinig achterstandsleerlingen om middelen te ontvangen. De schoolbesturen ontvangen deze middelen. De gemeente krijgt in de periode aug 2021-juli 2023 verder ruim 1,5M vanuit Nationaal Programma Onderwijs. De basis- en voortgezet onderwijsscholen krijgen per leerling gemiddeld € 700, het speciaal basisonderwijs € 1.050 per leerling en het voorgezet speciaal onderwijs € 1.400 per leerling. Daarnaast zijn er nog extra middelen voor scholen met veel achterstandsleerlingen. Als voorbeeld: Prokind ontvangt voor basisschool De Piramide € 225.000 voor schooljaar 2021/2022. Dit is € 153.500 voor de 219 leerlingen en aanvullend € 71.500 voor de achterstandsleerlingen.
25
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Bijlagen Extra achtergrondinformatie context Nissewaard De onderstaande achtergrondinformatie zijn diverse onderdelen uit het bestuursverslag van 2020. In het bestuursverslag staat nog meer informatie over de context van Nissewaard.
Voor- en vroegschoolse educatie Voor- en vroegschoolse educatie (vve) is onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid en sinds 2020 onderdeel van het sociaal domein. Het doel is om peuters met een mogelijke (taal)achterstand, ook wel ‘doelgroepkinderen’ genoemd, beter voor te bereiden op de basisschool en er voor te zorgen dat kleuters zonder achterstand naar groep 3 kunnen Vanaf 1 januari 2019 verdeelt het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) op een nieuwe manier de middelen die scholen en gemeenten gebruiken voor vve. Hiervoor gebruikt OCW een indicator die is ontwikkeld door het CBS. De omgevingskenmerken die hierin meegenomen worden zijn opleidingsniveau van de ouders, herkomst, verblijfsduur van de moeder in Nederland, wel of niet in de schuldsanering en het gemiddelde opleidingsniveau van de moeders op
<
school. Het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid van het ministerie hanteert landelijk een doelgroep van 15%, die niet groter wordt. Dit betekent dat bij de toekenning van middelen aan scholen en gemeenten gekeken wordt naar de kinderen die landelijk tot de 15% behoren met het grootste risico op een onderwijsachterstand. In het dashboard wordt die 15% de ‘landelijke doelgroep’ genoemd. Van de 8040 kinderen uit Nissewaard, valt 20% binnen deze landelijke doelgroep. Door het CBS wordt een onderverdeling per wijk gemaakt. In onderstaande tabel zijn de percentages van de wijken aangegeven die boven het Nissewaardse gemiddelde scoren, inclusief de absolute aantallen.
Tabel 16. Percentage doelgroepkinderen vve per wijk boven Nissewaards gemiddelde in 2019 Wijk
totaal kinderen
doelgroepkinderen
percentage
Gildenwijk
160
65
41%
De Hoek
325
110
34%
Sterrenkwartier
450
150
33%
De Akkers
1200
385
32%
Vriesland
285
80
28%
Groenewoud
315
85
27%
Hoogwerf
365
90
25%
Centrum
415
100
24%
Schiekamp
295
70
24%
Totaal
8040
1630
20%
De wijken die het laagste percentage doelgroepkinderen hebben, zijn De Elementen, Zuidland, Geervliet en Heenvliet. Deze wijken hebben een percentage doelgroepkinderen onder de 10%.
26
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Onderwijs Relatief verzuim is wanneer een jeugdige wel staat ingeschreven op school, maar gedurende bepaalde tijd lessen of praktijkonderwijs verzuimt. Ook veelvuldig laatkomen kan hieronder worden geschaard. Uit onderstaande grafiek is te zien dat vanaf 2018 het relatief verzuim in Nissewaard sterk is gestegen en beduidend hoger is komen te liggen dan het landelijk gemiddelde. In samenwerking met scholen en samenwerkingsverband zal bekeken worden welke verklaring(en) hiervoor zijn en wat hieraan kan worden gedaan.
<
Grafiek 3. Relatief verzuim in aantal per 1000 leerlingen Het absoluut verzuim, als een leer- of kwalificatieplichtige jeugdige niet op een school staat ingeschreven, geeft juist een positief beeld. In Nissewaard zitten in 2019 minder kinderen zonder (passend) onderwijs thuis dan in de 50% meest gemiddelde gemeenten van Nederland. Na 2016 is de prestatie binnen Nissewaard op dit onderdeel structureel beter dan het landelijk gemiddelde.
Grafiek 4. Absoluut verzuim in aantal per 1000 leerlingen
27
<
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
Kinderen en jeugdigen De indicatoren over kinderen en jeugdigen, valt in een aantal delen uiteen. Zo wordt gesproken over gezond, kansrijk en veilig opgroeien. Daarom worden hier ook effectindicatoren benoemd die over deze onderdelen iets zeggen. Over gezond opgroeien zijn geen betrouwbare cijfers beschikbaar die eens per jaar of per twee jaar worden geactualiseerd. De GGDmonitor levert betrouwbare cijfers over bijvoorbeeld overgewicht bij jeugdigen, echter deze zijn slechts eens per vier jaar beschikbaar en daarom niet relevant voor een jaarlijkse effectmonitor. Voor kansrijk en veilig opgroeien zijn wel indicatoren beschikbaar.
Kansrijk opgroeien De eerste indicator is het percentage ‘kinderen in bijstandsgezinnen’. Uit onderzoek3 blijkt dat kinderen waarvan de ouder(s) een bijstandsuitkering hebben/heeft, grotere kans hebben op sociale uitsluiting, jeugdhulp en verminderde kansen voor de toekomst dan kinderen uit andere gezinnen. Dit geldt zelfs als in die andere gezinnen weinig financiële middelen beschikbaar zijn. Kortom, daar waar armoede al een negatief effect heeft op de kansen voor kinderen, wordt dit nog versterkt als er sprake is van een bijstandsuitkering.
<
<
Grafiek 7. Percentage kinderen in bijstandsgezin Belangrijke indicatoren omtrent kansrijk opgroeien hebben te maken met opleidingsniveau van de ouders. Uit landelijke onderzoeken is het algemene beeld naar voren gekomen dat hoger opgeleiden zelfredzamer zijn, gezonder zijn en veelal meer kunnen terugvallen op hun netwerk, dan lager opgeleiden. Vandaar dat met onderstaande effectindicatoren wordt gekeken naar het succesvol doorlopen van de schoolloopbaan. De eerste die we bespreken is het percentage resultaten dat het fundamenteel niveau in het basisonderwijs bereikt. De ‘referentieniveaus’ beschrijven welke basiskennis en -vaardigheden leerlingen moeten beheersen voor taal en rekenen. Het fundamentele niveau (F-niveau) is de basis die zo veel mogelijk leerlingen moeten beheersen. Bij taal op niveau 1F moet je denken aan teksten met een eenvoudige structuur en met vaak gebruikte woorden. Bij rekenen wordt op niveau 1F met eenvoudige getallen gerekend. In onderstaande grafiek is te zien dat Nissewaard duidelijk meer kinderen heeft die
3
https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2015/04/wie-opgroeit-in-een-uitkeringssituatie-heeft-later-bovengemiddeld-vaak-een-uitkering
28
SAMENWERKINGSKADER LOKAAL EDUCATIEVE AGENDA – GEMEENTE NISSEWAARD 2021-2026
onder het fundamentele niveau presteren dan andere gemeenten. Gemiddeld in Nederland is een grote daling te zien in 2019 ten opzichte van 2018 en ook zijn de verschillen tussen gemeenten kleiner geworden. In Nissewaard daarentegen is nauwelijks een daling te zien, waardoor het verschil met de 50% meest gemiddelde gemeenten van Nederland toeneemt. De onderstaande cijfers zijn over 2020 niet geactualiseerd, omdat deze gebaseerd worden op de CITO-toets. Aangezien deze niet is afgenomen in 2020 wegens de coronapandemie, zijn over 2020 geen gegevens beschikbaar.
Grafiek 8. Percentage resultaten onder fundamentele niveau leerlingen basisonderwijs
<
Zoals aangekondigd is dit jaar voor het eerst het schooladvies opgenomen dat aan basisschoolleerlingen wordt gegeven ten behoeve van doorstroming naar voortgezet onderwijs. Zoals uit onderstaande grafiek blijkt, wordt in Nissewaard door het basisonderwijs meer schooladvies gegeven voor niveaus tot en met VMBO Kaderberoepsgerichte leerweg en minder adviezen voor HAVO en VWO.
Grafiek 9. Percentage met een bepaald schooladvies t.b.v. voortgezet onderwijs Bij voortijdig schoolverlaten, jeugdigen die zonder startkwalificatie het onderwijs verlaten (grafiek 10), heeft zich tot en met 2017 in Nissewaard een sterke daling voorgedaan, die ertoe heeft geleid dat Nissewaard binnen de range van 50% meest gemiddelde gemeenten van Nederland zit. De ontwikkeling over 2018 en 2019 is grillig, maar in Nissewaard wel overeenkomstig het landelijk gemiddelde.