CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Toldam - bijlagen

Gemeenteraad 9 november 2022, gemeente NissewaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Toldam 5, Heenvliet8.585 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TOLDAM 5, HEENVLIET Bestemmingsplan 09-09-2022

1/2

DATUM KENMERK

09-09-2022 20210466

PROJECT PROJECTLEIDER

ing. W.IJ. Groenen

OPDRACHTGEVER Gebroeders Blokland PROJECTNUMMER 20210466 STATUS

2/2

Ter vaststelling

© RHO ADVISEURS BV Niets uit dit drukwerk mag door anderen dan de opdrachtgever worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Rho Adviseurs bv, behoudens voorzover dit drukwerk wettelijk een openbaar karakter heeft gekregen. Dit drukwerk mag zonder genoemde toestemming niet worden gebruikt voor enig ander doel dan waarvoor het is vervaardigd.

Inhoudsopgave

Toelichting Hoofdstuk 1

5 Inleiding

6

1.1

Aanleiding en doel

6

1.2

Ligging plangebied

6

1.3

Geldende bestemmingsplannen

7

1.4

Leeswijzer

8

Ruimtelijke analyse

9

2.1

Beschrijving huidige situatie

9

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

10

Ruimtelijk beleidskader

12

3.1

Rijksbeleid

12

3.2

Provinciaal‐ en regionaal beleid

14

3.3

Gemeentelijk beleid

20

Hoofdstuk 4

Omgevingsaspecten

23

4.1

Vormvrije mer‐beoordeling

23

4.2

Archeologie en cultuurhistorie

24

4.3

Bodem

25

4.4

Ecologie

26

4.5

Externe veiligheid

29

4.6

Luchtkwaliteit

33

4.7

Bedrijven en milieuhinder

34

4.8

Water

35

4.9

Wegverkeerslawaai

40

4.10

Industrielawaai

41

4.11

Verkeer en parkeren

45

4.12

Kabels en leidingen

48

Hoofdstuk 5

Uitvoerbaarheid

49

5.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

49

5.2

Economische uitvoerbaarheid

49

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

2/107

Hoofdstuk 6

Juridische planbeschrijving

51

6.1

Welke bestemmingen komen voor in dit plan?

51

6.2

Hoe ziet een bestemmingsplan er uit?

51

6.3

Wat regelt een bestemmingsplan?

52

6.4

Opzet van de planregels

52

6.5

Toelichting op de inleidende regels

53

6.6

Toelichting op de bestemmingsregels

53

Bijlagen toelichting Bijlage 1

Verkennend bodemonderzoek

Bijlage 2

Quickscan flora en fauna

Bijlage 3

Nader ecologisch onderzoek vleermuizen

Bijlage 4

Nader ecologisch onderzoek Noordse woelmuis

Bijlage 5

Aerius memo Heenvliet

Bijlage 6

Stikstofberekening gebruiksfase

Bijlage 7

Toetsresultaat watertoets

Bijlage 8

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Bijlage 9

Akoestisch onderzoek industrielawaai

Bijlage 10

Melding Stap 3‐besluit

Bijlage 11

Ontwerp Stap 3‐besluit met onderbouwing

Bijlage 12

Antwoordnota voorontwerpbestemmingsplan

3/107

Regels Hoofdstuk 1

Inleidende regels

81

Artikel 1

Begrippen

81

Artikel 2

Wijze van meten

87

Bestemmingsregels

89

Artikel 3

Tuin

89

Artikel 4

Verkeer ‐ Verblijfsgebied

90

Artikel 5

Wonen

91

Artikel 6

Waarde ‐ Archeologie ‐ 2

93

Artikel 7

Waarde ‐ Archeologie ‐ 3

95

Artikel 8

Waterstaat ‐ Waterkering

97

Hoofdstuk 3

Algemene regels

99

Artikel 9

Anti‐dubbeltelregel

99

Artikel 10

Algemene bouwregels

100

Artikel 11

Algemene gebruiksregels

101

Artikel 12

Algemene aanduidingsregel

102

Artikel 13

Algemene afwijkingsregels

103

Artikel 14

Algemene wijzigingsregels

104

Artikel 15

Overige regels

105

Overgangs‐ en slotregels

106

Artikel 16

Overgangsrecht

106

Artikel 17

Slotregel

107

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 4

4/107

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

Bijlage 1 Verkennend bodemonderzoek

57/107

Toldam 5 te Heenvliet Milieuhygiënisch vooronderzoek Verkennend milieukundig bodemonderzoek

Kenmerk Datum

A0868-06/SWI/rap2 15-08-2022

Opdrachtgever

Rho Adviseurs t.a.v. Mevr. E. Louwers Weena 505 3013 AL Rotterdam

Goedkeuring

Functie

Datum

Mevrouw S. Wielemaker (Adviseur milieu)

Opsteller, auteur

15-08-2022

Mevrouw P. Mulder (Projectleider)

2e lezerschap en vrijgave

15-08-2022

Handtekening

BRL SIKB 2000 protocol 2001, 2002

INHOUDSOPGAVE

INLEIDING ........................................................................................................................................... 4 MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK ......................................................................................... 6 2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK ................................................................................................. 6

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED .......................................................................................... 7

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING ........................................................ 8

2.4

BODEMKWALITEIT EN ASBEST .................................................................................................... 9

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................................... 10

2.6

BEÏNVLOEDING ............................................................................................................................ 10

2.7

BODEMVERONTREINIGING ........................................................................................................ 11

2.8

TERREINVERKENNING ............................................................................................................... 12

2.9

BEOORDELING ............................................................................................................................ 12

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING ................................................................................... 13 VERKENNEND BODEMONDERZOEK ............................................................................................. 14 3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE ......................................................................................................... 14

3.2

UITVOERING VELDONDERZOEK................................................................................................ 14

3.3

UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK ............................................................................ 16

3.4

BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN .............................................................................. 17

3.5

INTERPRETATIE .......................................................................................................................... 18

3.6

TOETSING HYPOTHESE ............................................................................................................. 19

3.7

CONCLUSIES ............................................................................................................................... 20

3.8

AANBEVELINGEN ........................................................................................................................ 21

BETROUWBAARHEID ...................................................................................................................... 22

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 2 van 22

BIJLAGEN

1. 1.1 1.2

Kaarten en tekeningen Topografische kaart Situatietekening

2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Vooronderzoek Rapportage Bodemloket DCMR Milieudienst Rijnmond omgeving in kaart Verkennend bodemonderzoek Arnicon 2006 Mailwisseling DCMR Milieudienst Rijnmond Fotoreportage

3. 3.1 3.2

Veldonderzoek Formulieren veldonderzoek Boorstaten en legenda

4. 4.1 4.2 4.3

Laboratoriumonderzoek Certificaten grond Certificaat grond asbest Certificaat grondwater

5. 5.1 5.2

Toetsingstabellen Toetsingstabellen grond Toetsingstabellen grondwater

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 3 van 22

INLEIDING In opdracht van Rho Adviseurs is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Toldam 5 te Heenvliet (afbeelding 1).

Afbeelding 1: Onderzoeksgebied (bron: OpenTopo)

Aanleiding en doelstelling Het onderzoek is uitgevoerd in verband met een bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). In dit kader wenst de opdrachtgever inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De doelstelling van het onderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de landbodem (grond en grondwater) ter plaatse van de onderzoekslocatie. Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 4 van 22

Verklaring onafhankelijkheid Uit oogpunt van onafhankelijkheid verklaart IDDS geen eigenaar te zijn, of in de nabije toekomst te worden, van het terrein waarop het bodemonderzoek en de advisering betrekking heeft. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door Dennis Rietveld Milieutechniek. De werkzaamheden zijn uitgevoerd conform BRL SIKB 2000 onder procescertificaat NC-SIK20338 Milieuhygiënisch vooronderzoek Voorafgaand aan een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740+A1;2016 dient een milieuhygiënisch vooronderzoek te worden uitgevoerd conform de NEN 5725;2017. Op basis van de informatie uit het vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Het doel van het vooronderzoek is inzicht te verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd.

De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de locatie waar het vooronderzoek betrekking op heeft. Verkennend bodemonderzoek Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit binnen de begrenzing van de onderzoekslocatie, is de norm NEN 5740+A1;2016 gehanteerd. Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek naar de (mogelijke) aanwezigheid van bodemverontreiniging en de werkwijze voor het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en eventueel vrijkomende grond. Op basis van de informatie uit het milieuhygiënisch vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Elke uit het milieuhygiënisch vooronderzoek resulterende onderzoekshypothese over de aan- of afwezigheid van bepaalde verontreinigende stoffen en de wijze van verspreiding wordt getoetst met een locatiespecifieke onderzoeksstrategie. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het milieuhygiënisch vooronderzoek stapsgewijs besproken. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bestaat achtereenvolgens uit het vaststellen van de aanleiding en de afbakening van het onderzoeksgebied.

Vervolgens wordt informatie verzameld van de voorgeschreven onderzoekaspecten en worden de onderzoeksvragen beantwoord. Op basis hiervan worden conclusies getrokken en wordt de hypothese voor de onderzoekslocatie vastgesteld. In hoofdstuk 3 wordt het verkennend bodemonderzoek stapsgewijs besproken. Als eerste stap wordt, op basis van de bij het milieuhygiënisch vooronderzoek voor de locatie vastgestelde hypothese, de onderzoeksstrategie vastgesteld. Vervolgens worden de uitvoering en resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek apart besproken. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de vastgestelde hypothese getoetst en worden indien van toepassing, aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen. In hoofdstuk 4 wordt de betrouwbaarheid van het uitgevoerde onderzoek toegelicht.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 5 van 22

MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK 2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK

Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. Als eerste stap in het vooronderzoek dient derhalve de aanleiding te worden vastgesteld. In de NEN 5725 zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Opgemerkt wordt dat er sprake kan zijn van een combinatie van meerdere aanleidingen. In dat geval dienen de onderzoeksvragen voor elke afzonderlijke aanleiding te worden beantwoord. Voor onderhavig onderzoek is de volgende aanleiding vastgesteld: A. opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De onderzoeksvragen, behorende bij de vastgestelde aanleiding, zijn in de navolgende paragrafen in tabelvorm aangegeven. Per onderzoeksvraag is, direct onder de betreffende vraag, het antwoord opgenomen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 6 van 22

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED

TABEL 2.2.1: Afbakening onderzoeksgebied Onderzoeksvraag Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? Uitwerking

Bronnen

Situering

Globale ligging: zie overzichtskaart 1.1 in bijlage 1. Begrenzing onderzoekslocatie: zie situatietekening 1.2 in bijlage 1.

Adres

Toldam 5

Postcode / Plaats

3218 AW Heenvliet

Gemeente

Nissewaard

Provincie

Zuid-Holland

RD-coördinaten

Omschrijving

Globaal middelpunt onderzoekslocatie

X

76.381

Y

431.093

Hoogte maaiveld

Z

Ca 1,2 m +NAP

Kadastraal

Gemeente

Heenvliet

Gemeentecode

HVT04

Sectie

B

Nummers

4887, 4903, 4904, 5000, 5001, 5002 en 5004

Totaal

8.280 m2

Bebouwd

Ca. 3.000 m2

Verharding

Inpandig is een betonvloer aanwezig. Rondom de bebouwing is plaatselijk sprake van asfaltverharding

Belendingen

Alle richtingen

De onderzoekslocatie ligt aan de rand van een woonwijk en is aan de oostkant begrenst door het oppervlaktewater ‘Bernisse’.

Afbakening VO

25 meter buiten kadastrale grenzen.

Oppervlaktes (m²)

#1 / #2 / #3 / #4 / #5

-

Conclusie Afbakening voldoende. #1: Perceelloep.nl #2: IDDS Projectenkaart #3: AHN.nl #4: Bagviewer.kadaster.nl #5: Google Earth

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 7 van 22

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.3.1: Potentiële bronnen van bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? Uitwerking

Bronnen

Voormalig gebruik

Uit historisch onderzoek blijkt dat de onderzoekslocatie tot de jaren ’90 onbebouwd is geweest een agrarisch doel diende. Vanaf de jaren ’40 vond glastuinbouw op het terrein plaats. De eerste en tevens huidige bebouwing dateert uit 1999 en 2009 en bestaat uit een supermarkt met bijgebouw. Tot de jaren ’50 bevond zich een sloot op het terrein. Verwacht wordt dat deze met gebiedseigen grond gedempt is. Opgemerkt wordt dat de exacte locatie van deze sloot onbekend is.

Potentiële bronnen

Gezien langdurige agrarisch functie van het terrein, waarbij eveneens teelt heeft plaatsgevonden, worden verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (OCB’s) verwacht.

#1 / #2 / #3 / #4 / #5

Gezien de lange gebruikshistorie van de onderzoeklocatie worden ophooglagen verwacht. In dergelijke ophooglagen kunnen verhoogde gehalten zware metalen en PAK voorkomen. Huidig gebruik

Momenteel is de locatie in gebruik als supermarkt.

Potentiële bronnen

In de huidige situatie zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend.

Toekomstig gebruik

De toekomstige bestemming van de onderzoekslocatie is onbekend.

-

Conclusie Gezien langdurige agrarisch functie van het terrein, waarbij eveneens teelt heeft plaatsgevonden, worden verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (OCB’s) verwacht. Gezien de lange gebruikshistorie kan in het verleden grond zijn aangebracht waarin verhoogde gehalten met zware metalen en PAK kunnen voorkomen. #1: Topotijdreis.nl #2: Bodemloket.nl; Rapport (opgenomen in bijlage 2.1) #3: Bagviewer.kadaster.nl #4: DCMR Milieudienst Rijnmond; Omgeving in kaart (opgenomen in bijlage 2.2)

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 8 van 22

2.4

BODEMKWALITEIT EN ASBEST

TABEL 2.4.1: Bodemkwaliteit en asbest Onderzoeksvraag Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? Uitwerking Asbest

Bronnen Op basis van Bodemloket en DCMR Milieudienst Rijnmond is er geen informatie beschikbaar omtrent een eventuele verdenking op de aanwezigheid van asbest in de bodem.

#1 / #2 #3

Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in 2006 door Arnicon een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (C06-141-0; verkregen via de opdrachtgever). Opgemerkt wordt dat het een kleiner perceel betreft dan de huidige onderzoekslocatie. Hierin zijn in de bovengrond geen asbestverdachte bijmengingen aangetroffen (kolengruis). Vermeld moet worden dat analytisch geen asbest is onderzocht. Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van bijmengingen met puin de locatie, ongeacht de gradatie van het puin, dient te worden aangemerkt als asbestverdacht. Bodemkwaliteit

Bodemfunctieklasse

Wonen

Bodemkwaliteitszone

B3 Recente bebouwing (vanaf 1945)

Ontgravingskaart boven- en ondergrond

Bovengrond (0 - 1,0 m-mv): Landbouw Ondergrond (1,0 - 2,0 m-mv): Landbouw

#4 / #5 / #6

Conclusie Informatie omtrent het voorkomen van asbest in de bodem is onbekend. Vooralsnog wordt de locatie als niet asbestverdacht beschouwd. Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van bijmengingen met puin, de locatie als asbestverdacht wordt aangemerkt. Op basis van de beschikbare gegevens is de verwachte milieuhygiënische kwaliteit klasse ‘Wonen’. #1: Bodemloket.nl; Rapport (opgenomen in bijlage 2.1) #2: DCMR Milieudienst Rijnmond; Omgeving in kaart (opgenomen in bijlage 2.2) #3: Arnicon; Verkennend bodemonderzoek (C06-141-0), d.d. 05-05-2006 (opgenomen in bijlage 2.3) #4: Gemeente Nissewaard; Bodemfunctieklassenkaart #5: Gemeente Nissewaard; Bodemkwaliteitskaart #6: Gemeente Nissewaard; Ontgravingskaart

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 9 van 22

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

TABEL 2.5.1: Bodemopbouw en geohydrologie Onderzoeksvraag Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Uitwerking

Bronnen

Bodemopbouw (lokaal) Grondwater (lokaal)

0,0 - 0,5 m-mv

Zand en klei

0,5 - 3,0 m-mv

Klei

Grondwaterstand freatisch

Circa 1,0 m-mv

#1 / #2

Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. De stromingsrichting zal lokaal worden beïnvloed door objecten in de ondergrond. Voor zover bekend wordt het grondwater op en in de nabijheid van de onderzoekslocatie niet beïnvloed door menselijk handelen (drainage, bemalingen, etc.). Geohydrologie

0,0 - 17,0 m-mv

Deklaag 1e watervoerende pakket

17,0 - 31,0 m-mv e

Stromingsrichting 1 WVP Bodemvreemde lagen

Noordoost

Ter plaatse van de onderzoekslocatie worden ophooglagen verwacht.

Conclusie Ter plaatse van de onderzoekslocatie worden bodemvreemde lagen verwacht ten gevolge van ophooglagen. #1: DINOloket.nl #2: Archief IDDS

2.6

BEÏNVLOEDING

TABEL 2.6.1: Beïnvloeding Onderzoeksvraag Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Uitwerking Beïnvloeding

Bronnen Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.

#1 / #2

Conclusie Er is voor zover bekend geen sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit en/of de kwaliteit van het grondwater. #1: Bodemloket.nl; Rapport (opgenomen in bijlage 2.1) #2: DCMR Milieudienst Rijnmond; Omgeving in kaart (opgenomen in bijlage 2.2)

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 10 van 22

2.7

BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.7.1: Bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Uitwerking

Bronnen

Onderzoek ter plaatse van de locatie Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in 1997 en 2006 twee bodemonderzoeken uitgevoerd, waarvan het onderzoek uit 1997 noch bij DCMR Milieudienst Rijnmond, noch bij Gemeente Nissewaard beschikbaar was. Het rapport uit 2006 is verkregen via de opdrachtgever. Opgemerkt wordt dat het onderzoek was uitgevoerd op een kleiner dan de huidige onderzoekslocatie. Hieruit blijkt het volgende: -

#1 / #2 / #3

Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in 2006 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (C06-141-0). De aanleiding hiervan was de aanvraag van een bouwvergunning. In de bovengrond is een lichte verontreiniging met kwik, zink en PAK aangetroffen. Tevens is de grond matig verontreinigd met koper en lood. Na uitsplitsing bleek de grond slechts licht verontreinigd met lood. Het grondwater is niet verontreinigd.

Onderzoek nabij de locatie Verwachting o.b.v. eerder bodemonderzoek

Bij DCMR Milieudienst zijn een tweetal onderzoeken opgevraagd. De rapporten kunnen worden ingezien via de website van DCMR Milieudienst Rijnmond. Hieruit blijkt het volgende: -

-

#1 / #5

Nabij de onderzoekslocatie (Toldam 1/1a) is in 2010 door de Bodem OnderZoeker B.V een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (BOZ-9480). De aanleiding hiervoor was de voorgenomen eigendomsoverdracht van het terrein. Hierin is in de bovengrond een lichte verontreiniging met enkele zware metalen en minerale olie aangetroffen. Tevens overschrijdt het gehalte PAK de interventiewaarde. De ondergrond is licht verontreinigd met lood en kwik. Het grondwater is licht verontreinigd met barium, molybdeen en dichlooretheen. Nabij de onderzoekslocatie (Toldam 1/1a) is in 2012 door DETA Milieu een nader bodemonderzoek uitgevoerd (120609D). De aanleiding hiervoor was de hierboven beschreven sterke verontreiniging met PAK op het terrein. De verontreiniging is ingekaderd. Plaatselijk is sprake van een lichte verontreiniging met PAK; zeer plaatselijk is sprake van een matige verontreiniging met PAK. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Conclusie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in 2006 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd, waarbij lichte verontreinigingen in de bovengrond zijn aangetroffen. Nabij de onderzoekslocatie zijn in het verleden een tweetal bodemonderzoeken uitgevoerd waarbij in de grond en het grondwater lichte tot zeer plaatselijk matige verontreinigingen zijn aangetroffen. Op basis van bovenstaande bevindingen worden ter plaatse van de onderzoekslocatie hoogstens lichte verontreinigingen verwacht. #1: Bodemloket.nl; Rapport (opgenomen in bijlage 2.1) #2: DCMR Milieudienst Rijnmond; Omgeving in kaart (opgenomen in bijlage 2.2) #3: Arnicon; Verkennend bodemonderzoek (C06-141-0), d.d. 05-05-2006 (opgenomen in bijlage 2.3) #4: Mailwisseling DCMR Milieudienst Rijnmond (opgenomen in bijlage 2.4) #5: Website DCMR Milieudienst Rijnmond

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 11 van 22

2.8

TERREINVERKENNING

De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is op 04-06-2021 uitgevoerd. Op basis van de terreinverkenning blijkt geen sprake te zijn van aanvullende bijzonderheden en hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens. Ter illustratie is in bijlage 2.5 een fotoreportage opgenomen.

2.9

BEOORDELING

Het vooronderzoek is beoordeeld op afwijkingen ten opzichte van de NEN 5725;2017. Indien er sprake is van afwijkingen zijn deze omschreven en is de reden van afwijking aangegeven. Beoordeeld is in hoeverre de afwijking gevolgen heeft op de betrouwbaarheid en in hoeverre er sprake is van beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen. Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, afdoende bekend is, of in hoeverre bodemonderzoek noodzakelijk is. In tabel 2.9.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.9.1: Beoordeling Onderzoeksvraag Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Beantwoording Omschrijving

Reden afwijking

Afwijking

Geen

-

Gevolgen betrouwbaarheid

-

-

Beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen

-

-

Conclusie De milieuhygiënische bodemkwaliteit is niet afdoende bekend. Er is geen (actuele) informatie beschikbaar omtrent de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 12 van 22

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn conclusies getrokken over de verwachting van de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de aanwezige verontreinigende stoffen. Op basis van de getrokken conclusie is een hypothese geformuleerd. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie, in zowel het horizontale als het verticale vlak, de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Bij eventueel bodemonderzoek dient de hypothesestelling als basis voor de onderzoeksstrategieën uit de desbetreffende normdocumenten. De hypothese en strategie zijn complementair aan elkaar. TABEL 2.10.1: Conclusie en hypothese Hypothese Algemeen Locatie

Gehele terrein

Conclusie

Gezien de lange gebruikshistorie van de onderzoeklocatie worden ophooglagen verwacht. In dergelijke ophooglagen kunnen verhoogde gehalten zware metalen en PAK voorkomen. Echter is ter plaatse van de onderzoekslocatie is in 2006 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd, waarbij slechts lichte verontreinigingen in de bovengrond zijn aangetroffen. Op basis van de bekende gegevens worden ter plaatse van de onderzoekslocatie hoogstens lichte verontreinigingen verwacht. Derhalve wordt de onderzoeksstrategie ‘onverdacht’, onzes inziens, afdoende geacht voor het vaststellen van eventuele verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Gezien langdurige agrarisch functie van het terrein, waarbij eveneens teelt heeft plaatsgevonden, worden verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (OCB’s) verwacht.

Hypothese

Onverdacht Als aandacht parameters worden aangemerkt: Grond: zware metalen, PAK, OCB’s

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 13 van 22

VERKENNEND BODEMONDERZOEK 3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE

De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. De onderzoeksstrategie is aangegeven in tabel 3.1.1. TABEL 3.1.1: Onderzoeksstrategie Locatie Onderzoeksstrategie Gehele terrein

NEN 5740+A1;2016; Onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie. In het verleden heeft op de locatie een voormalige sloot gelopen. De exacte locatie van de voormalige sloot is onbekend. Tijdens de veldwerkzaamheden is extra aandacht verricht om na te gaan in hoeverre de demping visueel nog terug te vinden is (afwijkend dempingsmateriaal, slib- en rietresten). Dit wordt gecombineerd met het onderzoek van het gehele terrein. Een tweetal diepere boringen zijn geplaatst ter plaatste van de vermoedelijke ligging van de sloot. In verband met de omvang van de locatie en de aanwezigheid van mogelijke ophooglagen is een aantal diepe boringen tot 1,0 m-mv doorgezet. Tevens is de bovengrond aanvullend geanalyseerd op bestrijdingsmiddelen OCB’s.

Opmerking

3.2

In 2021 is het oostelijk deel van de onderzoekslocatie onderzocht. In 2022 is op verzoek van de opdrachtgever perceel 4887 ook onderzocht. Deze onderzoeken zijn gezamenlijk gerapporteerd als zijnde één onderzoeksgebied. Gezamenlijk voldoet het aantal boringen en analyses aan de NEN 5740.

UITVOERING VELDONDERZOEK

Een samenvatting van de tijdens het veldonderzoek uitgevoerde werkzaamheden is opgenomen in de navolgende tabel. De posities van de genoemde meetpunten zijn weergegeven op situatietekening 1.2 die in bijlage 1 is opgenomen. TABEL 3.2.1: Samenvatting veldonderzoek Uitvoeringsperiode Grondmonstername: 04-06-2021 en 18-07-2022 Watermonstername: 16-06-2021 en 01-08-2022 Uitvoerende partij

D. Rietveld Milieutechniek, IDDS Milieu en Bodem Expert

BRL SIKB / protocol

BRL SIKB 2000 Protocol 2001, 2002

Onderzoeksaspect

Meetpunten

Gehele terrein

Codering

Bijzonderheden

7

02, 04, 06, 09 t/m 11, 13

-

4

05, 071, 12, 16B2, 19 t/m 21

-

Type

Diepte [m-mv]

Aantal

Boring

0,5 1,0

2,0 - 2,5 4 03, 081, 14, 15, 18 Peilbuis 3,0 1 01, 17 #1: Boringen zijn geplaatst ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de gedempte sloot. #2: Boring 16 is vanwege het inpandig aanwezig zijn van een machinaal niet te doorboren laag naar buiten geplaatst.

Uitvoeringswijze Tijdens het veldonderzoek is niet afgeweken van de beoordelingsrichtlijn. Het veldverslag met daarin de gegevens van het veldwerkbureau en de namen van de veldwerkers is opgenomen in bijlage 3. Het procescertificaat en het hierbij behorende keurmerk zijn van toepassing op de activiteiten met betrekking tot het veldonderzoek en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of aan de opdrachtgever.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 14 van 22

Tijdens het verrichten van het veldonderzoek is de bodem zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen en is de bodemopbouw beschreven. Bodemopbouw Per meetpunt is de texturele, minerale en organische samenstelling van de bodem nauwkeurig beschreven. Op basis van deze beschrijving is per meetpunt een boorstaat vervaardigd. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 3. De globale opbouw van de bodem ter plaatse van de gehele onderzoekslocatie, gebaseerd op de boorstaten, wordt als volgt omschreven: -

De bovengrond bestaat afwisselend uit matig fijn zand en klei. De ondergrond bestaat tot de geboorde dieptes van maximaal 3,0 m-mv uit klei. Plaatselijk komt een laagje zand voor.

Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Het opgeboorde bodemmateriaal is visueel geïnspecteerd op afwijkingen en op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem. Het materiaal is met name beoordeeld op de aard, grootte en gradatie van voorkomen. Sommige verontreinigingen die in de bodem aanwezig zijn, kunnen aan de geur herkend worden. Benadrukt dient te worden dat, indien tijdens de veldwerkzaamheden passieve geurwaarnemingen worden gedaan, deze gekarakteriseerd worden en per boorpunt worden beschreven. Indien er sprake is van afwijkingen en/of bijmengingen zijn deze, per meetpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de boorstaten blijkt in hoofdlijnen het navolgende: -

-

In de bovengrond zijn plaatselijk bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De grond bevat hier sporen baksteen (boring 09, 11, 18, 19 en 21), koolas (boring 03, 05, 06) en sporen / resten metselpuin (boring 01 en 12 ). Plaatselijk is de grond zwak metselpuin en/of koolashoudend (boring 06 en 09). In de ondergrond zijn zeer plaatselijk bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De grond bevat hier sporen metselpuin (boring 03) of resten slib (boring 07). De resten slib duiden op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond.

Asbest Het veldonderzoek is uitgevoerd door veldwerkers welke zijn opgeleid voor het herkennen van asbestverdachte materialen. Tijdens de uitvoering van het bodemonderzoek is het maaiveld van de onderzoekslocatie, evenals het opgeboorde bodemmateriaal visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm). Indien asbestverdacht materiaal is aangetroffen is dit, per boorpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de visuele inspectie op asbest blijkt het navolgende: -

Op het maaiveld en in de opgeboorde grond is visueel geen asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm) aangetroffen. Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in de boven -en ondergrond plaatselijk metselpuin aangetroffen. Dergelijke bijmengingen worden volgens bijlage A van de NEN 5725 als asbestverdacht beschouwd.

Grondwater Voorafgaand aan de bemonstering van het grondwater is de actuele grondwaterstand opgenomen ten opzichte van het maaiveld. Van het bemonsterde grondwater is in het veld de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de mate van troebelheid (NTU) gemeten. Het bemonsterde grondwater is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 15 van 22

In de navolgende tabel zijn de resultaten opgenomen van de uitgevoerde metingen en verrichtte waarnemingen. TABEL 3.2.2: Metingen uitgevoerd aan het grondwater Peilbuis

Filterstelling

Grondwaterstand

pH

EC

Troebelheid

Monstername

Zintuiglijke afwijkingen / overige bijzonderheden

[m-mv]

[m-mv]

[–]

[S/cm]

[NTU]

d.d.

01

2,00 - 3,00

1,40

7,3

700

14,8

16-06-2021

Geen bijzonderheden

17

2,00 - 3,00

1,73

6,7

1250

52

01-08-2022

Geen bijzonderheden

Op basis van de veldwaarnemingen en metingen blijkt het navolgende: -

3.3

Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen duiden niet op een eventuele verontreiniging van het grondwater. Opgemerkt wordt dat de gemeten waarde voor de troebelheid enigszins verhoogd is. Echter, een verklaring hiervoor is op basis van de voor de omgeving bekende gegevens niet bekend. UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK

Voor de verrichting van het chemisch onderzoek zijn de monsters overgebracht naar een (RvA) geaccrediteerd en AS3000 erkend laboratorium. De naam en contactgegevens van het betreffende laboratorium, alsmede de data waarop de monstervoorbehandeling en het analytisch onderzoek is uitgevoerd, zijn aangegeven op de analysecertificaten die in bijlage 4 zijn opgenomen. Analysestrategie Bij de selectie van de grond(meng)monsters is, voor het verkrijgen van een representatief beeld van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden met de bodemopbouw en eventuele zintuiglijk waargenomen afwijkingen. Voor het verkrijgen van een ruimtedekkend beeld is eveneens rekening gehouden met de situering van de boringen. In tabel 3.4.1 is een overzicht gegeven van de monsters, waar van toepassing de monstersamenstelling, de monstertrajecten en de uitgevoerde analyses. Samenstelling analysepakketten In het standaard pakket voor grond zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen). Minerale olie (GC). PCB (PolyChloorBifenylen).

Ten behoeve van de toetsing van de analyseresultaten zijn van alle grondmonsters de percentages lutum en/of organische stof bepaald. De bovengrond is aanvullend geanalyseerd op bestrijdingsmiddelen (OCB’s). In het standaard pakket voor grondwater zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). BTEXNS (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen en styreen). VOCl (vluchtige organochloorverbindingen). Minerale olie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 16 van 22

Analysestrategie asbest De grondmonsters zijn geanalyseerd op asbest conform de NEN 5898 strategie. 3.4

BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN

De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven op de analysecertificaten, die in bijlage 4 zijn opgenomen. De analyseresultaten zijn, waar van toepassing, getoetst middels de Bodem Toets en Validatieservice (BoToVa). De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. Wet bodembescherming (Wbb) Voor de interpretatie van de resultaten van de chemische analyses van de grondmonsters zijn de meetwaarden, conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit, gecorrigeerd voor de gemeten percentages lutum en/of organische stof. De gecorrigeerde meetwaarden zijn vergeleken met het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Dit toetsingskader bestaat uit de achtergrondwaarden, zoals opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, en de interventiewaarden, zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Staatscourant nr. 16675, 27 juni 2013). Naast het wettelijk kader zijn de gecorrigeerde meetwaarden getoetst aan de tussenwaarden, zijnde het rekenkundig gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarden voor de betreffende stof. Indien de gecorrigeerde meetwaarde voor één of meerdere stoffen de tussenwaarde overschrijdt kan in potentie sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging (Handhavingsuitvoeringsmethode Wbb, versie 7.5 van het SIKB) en is het uitvoeren van nader bodemonderzoek in veel gevallen noodzakelijk.

In tabel 3.4.1a zijn de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek opgenomen alsmede de resultaten van de uitgevoerde toetsingen. <AW / <S niet verontreinigd: het gehalte / de concentratie is lager dan of gelijk aan de achtergrond-waarde (grond) of streefwaarde (grondwater), dan wel de rapportagegrens; >AW / >S licht verontreinigd: het gehalte overschrijdt de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) en is lager dan of gelijk aan de tussenwaarde, zijnde licht verontreinigd; >T matig verontreinigd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde en is lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; >I sterk verontreinigd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde.

Asbest Ter indicatie zijn twee indicatieve mengmonsters samengesteld ten behoeve van asbest. De mengmonsters betreffen boringen waarin baksteen en / of metselpuin is aangetroffen. De resultaten van het laboratoriumonderzoek zijn weergegeven op de analysecertificaat in bijlage 4.1. De resultaten zijn beknopt weergegeven in tabel 3.4.1b. De volgende mengmonsters zijn samengeteld: -

ASB-01: boring 01 (0-50), 06 (0-50), 09 (0-50), 11 (0-50), 12 (0-50) ASB-02: boring 03 (50-150)

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 17 van 22

TABEL 3.4.1a: Overzicht monsters, monstersamenstelling, analyses en toetsingsresultaten “Algemene bodemkwaliteit” Monstercodes, deelmonsters en bodemlagen (bodemlagen in cm-mv)

Matrix en eventuele bijzonderheden

Analyse

Toetsingsresultaten Wbb (index) > AW / > S (licht verhoogd)

>T (matig verhoogd)

>I (sterk verhoogd)

Bovengrond MM01 03 (0-50) 05 (0-50) 06 (0-50) 07 (0-50)

Zand, zwak metselpuinhoudend, sporen koolas

#1

Kobalt (0,05); Kwik (-); Lood (0,07); Nikkel (0,49); Zink (0,11)

-

-

MM02 01 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 12 (0-50)

Zand, sporen metselpuin, sporen baksteen, zwak koolashoudend, resten metselpuin

#1

Cadmium (0,03); Kobalt (0,01); Kwik (0,01); Lood (0,12); Nikkel (0,18); Zink (0,3); PCB (0,01)

-

-

MM05 18 (0-50) 19(0-50) 21(0-50)

Klei, sporen baksteen

#1

Nikkel (-) Kwik (-) Lood (0,02) PAK (0,11)

-

-

MM03 03 (100-150)

Klei, sporen metselpuin

#2

Cadmium (0,06); Kobalt (0,02); Koper (0,02); Kwik (0,01); Lood (0,3); Nikkel (0,27); Zink (0,5); PCB (0,04)

-

-

MM04 01 (150-200) 08 (50-100) 14 (100-150)

Klei, geen bijzonderheden

#2

Nikkel (0,15)

-

-

MM06 17(50-80) 18(100-150) 20(50-100) 21(50-100)

Klei, geen bijzonderheden

#2

PCB (0,01)

-

-

Grondwater, geen bijzonderheden

#3

-

-

-

Grondwater, geen bijzonderheden : Niet geanalyseerd / onderzocht / getoetst : Standaardpakket grond + OCB’s : Standaardpakket grond : Standaard pakket grondwater : > Achtergrondwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW)

#3

Barium (0,07) Xylenen (0,05)

-

-

Ondergrond

Grondwater 01-1-1 (200-300) 17-1-1 (200-300) Blanco #1 #2 #3 > AW >I Index

TABEL 3.4.1b: Overzicht monster en toetsingsresultaten “Asbest onderzoek” Monstercodes Resultaat ASB-01 01 (0-50) 06 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 12 (0-50)

<2,0 mg/kg.ds.

ASB-02 03 (50-150)

1,4 mg/kg.ds.

3.5

INTERPRETATIE

Algemene bodemkwaliteit Bovengrond De bovengrond bestaat afwisselend uit klei en zand. Plaatselijk zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De bovengrond bevat hier bijmenging met baksteen, koolas en metselpuin. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten (MM01, MM02 en MM05) blijkt de bovengrond licht verontreinigd te zijn met enkele zware metalen, PAK en PCB.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 18 van 22

Ondergrond De ondergrond uit klei. Plaatselijk komt een laagje zand voor. Plaatselijk zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De ondergrond bevat hier sporen metselpuin of resten slib. De resten slib duiden op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. Hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten (MM03, MM04 en MM06) blijkt de ondergrond licht verontreinigd te zijn met enkele zware metalen en PCB. Grondwater Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten zuurgraad (pH) en het elektrisch geleidingsvermogen EC) van het grondwater vertonen geen afwijkende waarde ten opzichte van een natuurlijk situatie. Opgemerkt wordt dat de gemeten waarde voor de troebelheid (NTU) enigszins verhoogd is. Echter, een verklaring hiervoor is op basis van de voor de omgeving bekende gegevens niet bekend. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten blijkt het grondwater ter plaatse van peilbuis 01 niet verontreinigd te zijn met de onderzochte parameters. Het grondwater ter plaatse van peilbuis 17 is hooguit licht verontreinigd met barium en xylenen. Middels onderhavig onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en grondwater Onzes inziens afdoende mate vastgelegd.

De grond en het grondwater zijn hoogstens licht verontreinigd. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek. Asbest (indicatief) In de op asbest geïnspecteerde grond is geen asbestverdacht materiaal (grove fractie) aangetroffen. Voor mengmonster ASB-01 is het gehalte asbest lager dan de betreffende detectiegrens; voor mengmonster ASB-02 is een gehalte asbest aangetroffen van 1,4 mg/kg.ds. Samenvattend is vastgesteld dat ter plaatse van de boringen waar asbestverdachte bijmengingen aangetroffen zijn (boring 01, 06, 09, 11, 12), geen, dan wel een gehalte asbest is aangetroffen dat lager is dan de helft van de interventiewaarde (50 mg/kg.ds.). Het resultaat van de asbestanalyses wordt dan ook representatief voor het gehele terrein beschouwd. Het is aannemelijk dat in een officieel verkennend asbestonderzoek de interventiewaarde voor asbest niet zal worden overschreden. Een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 wordt, onzes inziens, niet noodzakelijk geacht.

3.6

TOETSING HYPOTHESE

De op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek vastgestelde onderzoekshypothese is getoetst aan de resultaten van het verkennend bodemonderzoek. De toetsing van de hypothese is in onderstaande tabel opgenomen. Indien van toepassing is, bij een (gedeeltelijk) onjuiste hypothese de invloed op representativiteit van het onderzoek in relatie met de gevolgde onderzoeksstrategie aangegeven. TABEL 3.6.1: Hypothese en onderzoeksstrategie Algemeen Hypothese

Onverdacht

Toetsing

Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese: Verworpen (formeel)

Representativiteit

Reden: in de grond en het grondwater komen lichte verontreinigingen voor. Naar verwachting heeft de onderzoeksstrategie geen invloed gehad op de representativiteit van het onderzoek.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 19 van 22

3.7

CONCLUSIES

In opdracht van Rho Adviseurs is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Toldam 5 te Heenvliet. Het onderzoek is uitgevoerd in verband met een bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). In dit kader wenst de opdrachtgever inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Door middel van een verkennend milieukundig bodemonderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie vastgesteld. Op basis van de onderzoeksresultaten worden de volgende conclusies vastgesteld: -

-

De grond bevat plaatselijk bijmenging met baksteen, koolas en metselpuin. In de ondergrond zijn zeer plaatselijk resten slib aangetroffen, wat duidt op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. Hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond; Visueel is geen asbestverdacht materiaal waargenomen; De bovengrond is licht verontreinigd met zware metalen, PAK en PCB; De ondergrond is licht verontreinigd met zware metalen en PCB; Analytisch is een lichte concentratie (1,4 mg/kg ds.) asbest aangetoond; Het grondwater is plaatselijk licht verontreinigd met barium en xylenen.

Gelet op de onderzoeksresultaten, te weten de aangetoonde overschrijding van de betreffende achtergrondwaarden (grond) en de betreffende streefwaarden (grondwater) dient de hypothese ‘onverdacht’ voor de onderzoekslocatie formeel te worden verworpen. Daarnaast is analytisch een lichte concentratie asbest aangetoond. De gemeten waarden zijn dermate gering dat aanvullend onderzoek naar het voorkomen van deze stoffen in de bodem op het perceel, onzes inziens, niet noodzakelijk is. Op basis van de huidige onderzoeksgegevens is in afdoende mate een beeld verkregen van de chemische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. Belemmeringen inzake de aanvraag van een omgevingsvergunning worden vanuit milieuhygiënisch oogpunt niet voorzien.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 20 van 22

3.8

AANBEVELINGEN

Wij adviseren om de onderzoeksresultaten voor te leggen aan het bevoegd gezag, zijnde DCMR Milieudienst Rijnmond, om na te gaan of zij kunnen instemmen met de onderzoeksresultaten en bovengenoemde conclusies. Indien op de onderzoekslocatie ten gevolge van graafwerkzaamheden grond vrijkomt en buiten de locatie wordt hergebruikt, vindt hergebruik veelal plaats binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit. In dat geval dient de chemische kwaliteit van de grond te worden getoetst aan de kwaliteitsnormen die door het Besluit bodemkwaliteit aan de betreffende toepassing worden verbonden. Het bodemonderzoek is steekproefsgewijs uitgevoerd. Hierdoor is het niet uit te sluiten dat plaatselijk sprake kan zijn van een afwijkende bodemopbouw. Ook is het niet uit te sluiten dat plaatselijk nog restanten van voormalige watergangen in de bodem aanwezig zijn. Indien op de locatie graafwerkzaamheden worden uitgevoerd wordt derhalve aanbevolen om alert te blijven op plaatselijke afwijkingen in de bodem die kunnen wijzen op een eventuele bodemverontreiniging.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 21 van 22

BETROUWBAARHEID Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een bodemonderzoek is gebaseerd op het nemen van een beperkt aantal monsters en chemische analyses. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) zou plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek door, bijvoorbeeld het bouwrijp maken van de locatie, het aanvoeren van grond van elders, toevoeging van bodemvreemde materialen of het naar de onderzoekslocatie verspreiden van verontreinigingen van verder gelegen terreinen via het grondwater. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden.

In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen. Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/SWI/rap2

Pagina 22 van 22

BIJLAGE 1 1.1 TOPOGRAFISCHE KAART 1.2 SITUATIETEKENING

1.1 Topografische kaart

Schaal 1:10.000

Legenda Onderzoekslocatie

Legenda Onderzoekslocatie Boorpunten Boring tot 0,5 m -mv Boring tot 1,0 m -mv Boring tot 2,0 m -mv Boring met peilbuis

Opdrachtgever Rho Adviseurs Projectnummer A0868-06 Locatie Toldam 5 te Heenvliet Getekend: Formaat: Schaal: Schaal situatie: Datum:

ASWI A3

28-6-2022

Omschrijving Verkennend bodemonderzoek Bijlagenummer 1.2

BIJLAGE 2 2.1 RAPPORTAGE BODEMLOKET 2.2 DCMR MILIEUDIENST RIJNMOND OMGEVING IN KAART 2.3 VERKENNEND BODEMONDERZOEK ARNICON 2006 2.4 MAILWISSELING DCMR MILIEUDIENST RIJNMOND 2.5 FOTOREPORTAGE

Rapport Bodemloket Datum: 20-5-2021

Legenda Locatie Voortgang onderzoek

Mijnsteengebieden

Pagina 1 van 2

Bodemloket Rapport

Rapport Inhoud 1

Algemeen

2

Disclaimer

1 Algemeen Bij het Bodemloket is geen informatie voor deze locatie beschikbaar over bodemonderzoek en/of sanering. Mogelijk is informatie beschikbaar bij gemeente, omgevingsdienst of provincie.

2 Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.

Pagina 2 van 2

Datum afdruk: 20-05-2021

Waarschuwing: Dit rapport geeft de resultaten weer van uw zoekopdracht. Alleen de door u gekozen thema's worden getoond. De zoekopdracht is gebaseerd op een punt en niet op een vlak. Dit kan betekenen dat er (meer) relevante resultaten zijn voor het door u gezochte adres die niet automatisch zijn geselecteerd. Selecteer in dat geval op de kaart de items handmatig en maak een nieuw of extra rapport. http://www.dcmr.nl/proclaimer

Bodeminformatie (Ondergrondse) tanks Onderzoekslocaties

Vergunningen / Meldingen Vergunningen (definitief) Meldingen

(Ondergrondse) tanks

Geen data gevonden voor (ondergrondse) tanks

Onderzoekslocaties

Toldam ong. parkeerterrein AH (AA056800212) Adres

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Toldam ong. parkeerterrein AH Toldam 0 Heenvliet (Nissewaard) Potentieel Ernstig uitvoeren NO

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau

1 03-05-2002

Bouwstoffenbesluit

Milieuservices Hellevoetsluis b.v.

2 05-11-1997

Verkennend onderzoek NVN 5740 Grontmij

3 01-09-1984

Orienterend bodemonderzoek

DCMR Milieudienst Rijnmond

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval onbekend

heden

Rapportnummer

Molenweg 14-14a (AA056801811) Adres

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Molenweg 14-14a Molenweg 14 3227AR Oudenhoorn (Hellevoetsluis) Potentieel Ernstig Uitvoeren historisch onderzoek

Rapporten Datum 1 01-09-1984

Soort onderzoek

Adviesbureau

Orienterend bodemonderzoek DCMR Milieudienst Rijnmond

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

demping (niet gespecificeerd) onbekend

onbekend

Rapportnummer

Vergunningen (definitief)

Geen data gevonden voor vergunningen (definitief)

Meldingen

Geen data gevonden voor meldingen

Alexander Dorgelo Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:

DCMR <info@dcmr.nl> vrijdag 21 mei 2021 12:00 Alexander Dorgelo RE: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart

Geachte heer/mevrouw, Onderstaand rapport is niet aanwezig bij de DCMR. Hiervoor mogen we u doorverwijzen naar de gemeente Nissewaard. Hopende u hiermee voldoende te hebben ingelicht.

Met vriendelijke groet, Tamara Visser Medewerker Team Datamanagement Afdeling Bedrijfsvoering DCMR Milieudienst Rijnmond uuuuuuuu www.dcmr.nl

-----Oorspronkelijk bericht----Van: dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl [mailto:dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl] Verzonden: donderdag 20 mei 2021 13:24 Aan: DCMR Onderwerp: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart Er is via de website Omgeving in kaart een verzoek van toezending van rapporten/besluiten binnen gekomen. De aanvrager verzoekt om toezending van onderstaande documenten naar het volgende emailadres: adorgelo@idds.nl Datum: 05-05-2006 Rapport: Verkennend onderzoek NEN 5740 Bureau: Arnicon Rapportnummer: Locatiecode: AA056800304 Adres: Toldam 5 aangrenzend grasland Toldam 53218AW Heenvliet Nissewaard Opmerking van de verzender: 1

Alexander Dorgelo Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:

DCMR <info@dcmr.nl> vrijdag 21 mei 2021 12:52 Alexander Dorgelo RE: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart

Geachte heer/mevrouw, Onderstaand rapport is niet aanwezig bij de DCMR.

Hiervoor mogen we u doorverwijzen naar de gemeente Nissewaard. Hopende u hiermee voldoende te hebben ingelicht. Met vriendelijke groet, Tamara Visser Medewerker Team Datamanagement Afdeling Bedrijfsvoering DCMR Milieudienst Rijnmond uuuuuuuu www.dcmr.nl -----Oorspronkelijk bericht----Van: dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl [mailto:dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl] Verzonden: donderdag 20 mei 2021 13:25 Aan: DCMR Onderwerp: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart Er is via de website Omgeving in kaart een verzoek van toezending van rapporten/besluiten binnen gekomen. De aanvrager verzoekt om toezending van onderstaande documenten naar het volgende emailadres: adorgelo@idds.nl Datum: 05-11-1997 Rapport: Verkennend onderzoek NVN 5740 Bureau: Grontmij Rapportnummer: Locatiecode: AA056800212 Adres: Toldam ong. parkeerterrein AH Toldam 0Heenvliet Nissewaard Opmerking van de verzender:

1

Alexander Dorgelo Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:

DCMR <info@dcmr.nl> vrijdag 21 mei 2021 12:43 Alexander Dorgelo RE: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart

Geachte heer/mevrouw,

Onderstaand rapport is niet aanwezig bij de DCMR. Hiervoor mogen we u doorverwijzen naar de gemeente Nissewaard. Hopende u hiermee voldoende te hebben ingelicht.

Met vriendelijke groet, Tamara Visser Medewerker Team Datamanagement Afdeling Bedrijfsvoering DCMR Milieudienst Rijnmond uuuuuuuu www.dcmr.nl -----Oorspronkelijk bericht----Van: dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl [mailto:dcmr.gisinternet.nl@www06.nieuwland.nl] Verzonden: donderdag 20 mei 2021 13:25 Aan: DCMR Onderwerp: Bestelling document(en) vanaf Omgeving in Kaart Er is via de website Omgeving in kaart een verzoek van toezending van rapporten/besluiten binnen gekomen. De aanvrager verzoekt om toezending van onderstaande documenten naar het volgende emailadres: adorgelo@idds.nl Datum: 16-04-1997 Rapport: Verkennend onderzoek NVN 5740 Bureau: Tukkers Rapportnummer: Locatiecode: AA056800211 Adres: Toldam ong. nabij 1a Toldam 0Heenvliet Nissewaard Opmerking van de verzender:

1

2

BIJLAGE 3 3.1 FORMULIEREN VELDONDERZOEK 3.2 BOORSTATEN EN LEGENDA

Workorder veldwerk RMT Opdrachtgever: Opdrachtgever:

IDDS

Contactpersoon opdrachtgever: Telefoonnummer contactpersoon: Projectnummer RMT Projectnummer/naam: Voor onderzoek verricht Te verwachten verontreiniging Soort onderzoek:

Alexander / Pernille 2120 A0868-06 / Toldam 5 ja onbekend Verkennend

Locatiegegevens: Adres locatie: Contactpersoon locatie: Telefoonnummer contactpersoon:

Toldam 5 Te Heenvliet Personeel alberthein

Planning: Week nummer: Datum: Uur op locatie:

22 03-06-‘21 10 (van 04:00 – 14:00)

Certificering NC-SIK-20338: Toegepaste BRL 2000 – 2001 – 2002 – 2018:

BRL 2001

Veiligheid PBM’s: Standaard PBM’s: Klick aanwezig Aanvullende PBM’s:

Ja Ja nvt

Monstername: Lab: Grondmonster: Steekbussen: Watermonster: Benodigde flessen:

Omegam eurofyns ja nee ? 412 / 432

Omschrijving uit te voeren werkzaamheden:

7 x 0,5 5 x 1.0 3 x 2.0 1 peilbuis NEN De locatie is vrij toegankelijk. De inpandige boringen vinden plaats in een Albert Heijn. Om 0400 beginnen er al werkzaamheden. Als het kan ook om 0400 starten. Mogelijk is er inpandig een kruipruimte aanwezig en hoeft er niet mechanisch te worden geboord. De beheerder / manager zal dit ter plekke aangeven. Dit graag bespreken. Als de kruipruimte lastig wordt dan graag 2 boringen door de vloer. Je mag de boringen verplaatsen (graag wel ruimtelijk verdelen) waar het toegankelijk is + op een passene plaats (dus graag niet midden in de winkel). Graag netjes werken en de gaten afdichten met betonpotten. Mochten er bodemvreemde bijmengingen worden aangetroffen (met name metselpuin) kan hier van een indicatief mengmonster worden samengesteld. - Bij bijzonderheden / aandachtspunten graag even bellen Overdracht einde opdracht: Monsters afgeleverd: Veld-apps verzonden: Werk nabesproken: Tekening bijgewerkt/gecontroleerd:

Ja, Barendrech Eurofyns depot Pernille ja gps via veldapps

Veldwerkverslag: De vloer inpandig is 40 cm en bij boring 16 nog dikker. Helaas kon ik niet dieper boren dan 40cm kerndikte en heb hem in overleg met alexander verplaatst naar het buiten terrein. Mengmonster 0-50 indicatief asbest samen gesteld. Emmer bij betreffende boringen gevoegd. Mengmonster van boring 03 50-150.indicatief asbest. Eigenaresse van de alberthein gesproken en zei heeft geen relevante informatie. Het is ergens eind jaren 90 gebouwd geeft ze aan. Verbruikte materialen: 1x peilbuis. 1x straatpot. 2 betonboringen. (40cm rond 120) 1 x aggregaat.

Verklaring van Onafhankelijkheid BRL2001 Projectnummer: Datum uitvoering: Is er afgeweken van het protocol 2001?

2120 04-06-‘21 Nee

BRL2002 Datum uitvoering: Is er afgeweken van het protocol BRL2002?

16-06-‘21 Nee

Hierbij verklaart RMT dat de hierboven vermelde werkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever / eigenaar zijn uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 protocol BRL2001 en BRL2002

Naam veldwerker: Dennis Rietveld Handtekening:

FV11 Bodem veldwerkformulier uitvoer Projectnummer Projectlocatie Uitvoerend instantie

A0868 Toldam 5, 3218 AW Heenvliet, Nissewaard IDDS Milieu

Gecertificeerde veldmedewerker: Datum 18-7-2022

Veldmedewerker(s) Marco Voorbij

Protocol van toepassing 2001

Overige medewerkers: Assistenten Marco Voorbij Contact/voorinformatie/problemen: Vraag Contact gehad met adviseur of projectleider? Voorinformatie correct en volledig? Problemen opgetreden?

Ja / Nee Toelichting Nee — (toelichten) Nee Locatie niet vrij toegankelijk . (toelichten) Nee

Boorplan: Vraag Is afgeweken van het boorplan

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11914419/1