CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

76.Voorontwerp-bestemmingsplan Toldam 5 Heenvliet; Bestemmingsplan

Gemeenteraad 14 september 2022, gemeente NissewaardBij agendapunt: Lijst ingekomen stukken en mededelingen21.455 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 11 van 22

2.8

TERREINVERKENNING

De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is op 04-06-2021 uitgevoerd. Op basis van de terreinverkenning blijkt geen sprake te zijn van aanvullende bijzonderheden en hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens. Ter illustratie is in bijlage 2.5 een fotoreportage opgenomen. 2.9

BEOORDELING

Het vooronderzoek is beoordeeld op afwijkingen ten opzichte van de NEN 5725;2017. Indien er sprake is van afwijkingen zijn deze omschreven en is de reden van afwijking aangegeven. Beoordeeld is in hoeverre de afwijking gevolgen heeft op de betrouwbaarheid en in hoeverre er sprake is van beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen. Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, afdoende bekend is, of in hoeverre bodemonderzoek noodzakelijk is. In tabel 2.9.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.9.1: Beoordeling Onderzoeksvraag Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Beantwoording Omschrijving

Reden afwijking

Afwijking

Geen

-

Gevolgen betrouwbaarheid

-

-

Beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen

-

-

Conclusie De milieuhygiënische bodemkwaliteit is niet afdoende bekend. Er is geen (actuele) informatie beschikbaar omtrent de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 12 van 22

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn conclusies getrokken over de verwachting van de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de aanwezige verontreinigende stoffen. Op basis van de getrokken conclusie is een hypothese geformuleerd. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie, in zowel het horizontale als het verticale vlak, de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Bij eventueel bodemonderzoek dient de hypothesestelling als basis voor de onderzoeksstrategieën uit de desbetreffende normdocumenten. De hypothese en strategie zijn complementair aan elkaar. TABEL 2.10.1: Conclusie en hypothese Hypothese Algemeen Locatie

Gehele terrein

Conclusie

Gezien de lange gebruikshistorie van de onderzoeklocatie worden ophooglagen verwacht. In dergelijke ophooglagen kunnen verhoogde gehalten zware metalen en PAK voorkomen. Echter is ter plaatse van de onderzoekslocatie is in 2006 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd, waarbij slechts lichte verontreinigingen in de bovengrond zijn aangetroffen. Op basis van de bekende gegevens worden ter plaatse van de onderzoekslocatie hoogstens lichte verontreinigingen verwacht. Derhalve wordt de onderzoeksstrategie ‘onverdacht’, onzes inziens, afdoende geacht voor het vaststellen van eventuele verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Gezien langdurige agrarisch functie van het terrein, waarbij eveneens teelt heeft plaatsgevonden, worden verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (OCB’s) verwacht.

Hypothese

Onverdacht Als aandacht parameters worden aangemerkt: Grond: zware metalen, PAK, OCB’s

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 13 van 22

VERKENNEND BODEMONDERZOEK 3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE

De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. De onderzoeksstrategie is aangegeven in tabel 3.1.1. TABEL 3.1.1: Onderzoeksstrategie Locatie Onderzoeksstrategie Gehele terrein

NEN 5740+A1;2016; Onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie. In het verleden heeft op de locatie een voormalige sloot gelopen. De exacte locatie van de voormalige sloot is onbekend. Tijdens de veldwerkzaamheden is extra aandacht verricht om na te gaan in hoeverre de demping visueel nog terug te vinden is (afwijkend dempingsmateriaal, slib- en rietresten). Dit wordt gecombineerd met het onderzoek van het gehele terrein. Een tweetal diepere boringen zijn geplaatst ter plaatste van de vermoedelijke ligging van de sloot. In verband met de omvang van de locatie en de aanwezigheid van mogelijke ophooglagen is een aantal diepe boringen tot 1,0 m-mv doorgezet. Tevens is de bovengrond aanvullend geanalyseerd op bestrijdingsmiddelen OCB’s.

3.2

UITVOERING VELDONDERZOEK

Een samenvatting van de tijdens het veldonderzoek uitgevoerde werkzaamheden is opgenomen in de navolgende tabel. De posities van de genoemde meetpunten zijn weergegeven op situatietekening 1.2 die in bijlage 1 is opgenomen. TABEL 3.2.1: Samenvatting veldonderzoek Uitvoeringsperiode 4 en 16 juni 2021 Uitvoerende partij

D. Rietveld Milieutechniek

BRL SIKB / protocol

BRL SIKB 2000 Protocol 2001, 2002

Onderzoeksaspect

Meetpunten

Gehele terrein

Codering

Bijzonderheden

7

02, 04, 06, 09 t/m 11, 13

-

4

05, 071, 12, 16B2

-

Type

Diepte [m-mv]

Aantal

Boring

0,5 1,0 2,0 - 2,5

4

1

03, 08 , 14, 15

-

Peilbuis 3,0 1 01 #1: Boringen zijn geplaatst ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de gedempte sloot. #2: Boring 16 is vanwege het inpandig aanwezig zijn van een machinaal niet te doorboren laag naar buiten geplaatst.

Uitvoeringswijze Tijdens het veldonderzoek is niet afgeweken van de beoordelingsrichtlijn. Het veldverslag met daarin de gegevens van het veldwerkbureau en de namen van de veldwerkers is opgenomen in bijlage 3. Het procescertificaat en het hierbij behorende keurmerk zijn van toepassing op de activiteiten met betrekking tot het veldonderzoek en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of aan de opdrachtgever. Tijdens het verrichten van het veldonderzoek is de bodem zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen en is de bodemopbouw beschreven.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 14 van 22

Bodemopbouw Per meetpunt is de texturele, minerale en organische samenstelling van de bodem nauwkeurig beschreven. Op basis van deze beschrijving is per meetpunt een boorstaat vervaardigd. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 3. De globale opbouw van de bodem ter plaatse van de gehele onderzoekslocatie, gebaseerd op de boorstaten, wordt als volgt omschreven: -

De bovengrond bestaat afwisselend uit matig fijn zand en klei. De ondergrond bestaat tot de geboorde dieptes van maximaal 3,0 m-mv uit klei.

Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Het opgeboorde bodemmateriaal is visueel geïnspecteerd op afwijkingen en op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem. Het materiaal is met name beoordeeld op de aard, grootte en gradatie van voorkomen. Sommige verontreinigingen die in de bodem aanwezig zijn, kunnen aan de geur herkend worden. Benadrukt dient te worden dat, indien tijdens de veldwerkzaamheden passieve geurwaarnemingen worden gedaan, deze gekarakteriseerd worden en per boorpunt worden beschreven. Indien er sprake is van afwijkingen en/of bijmengingen zijn deze, per meetpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de boorstaten blijkt in hoofdlijnen het navolgende: -

-

In de bovengrond zijn plaatselijk bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De grond bevat hier sporen baksteen (boring 09 en 11), koolas (boring 03, 05, 06) en sporen / resten metselpuin (boring 01 en 12 ). Plaatselijk is de grond zwak metselpuin -en/of koolashoudend (boring 06 en 09). In de ondergrond zijn zeer plaatselijk bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De grond bevat hier sporen metselpuin (boring 03) of resten slib (boring 07). De resten slib duiden op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond.

Asbest Het veldonderzoek is uitgevoerd door veldwerkers welke zijn opgeleid voor het herkennen van asbestverdachte materialen. Tijdens de uitvoering van het bodemonderzoek is het maaiveld van de onderzoekslocatie, evenals het opgeboorde bodemmateriaal visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm). Indien asbestverdacht materiaal is aangetroffen is dit, per boorpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de visuele inspectie op asbest blijkt het navolgende: -

Op het maaiveld en in de opgeboorde grond is visueel geen asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm) aangetroffen. Ter plaatse van de onderzoekslocatie is in de boven -en ondergrond plaatselijk metselpuin aangetroffen. Dergelijke bijmengingen worden volgens bijlage A van de NEN 5725 als asbestverdacht beschouwd.

Grondwater Voorafgaand aan de bemonstering van het grondwater is de actuele grondwaterstand opgenomen ten opzichte van het maaiveld. Van het bemonsterde grondwater is in het veld de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de mate van troebelheid (NTU) gemeten. Het bemonsterde grondwater is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen die kunnen duiden op een bodemverontreiniging.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 15 van 22

In de navolgende tabel zijn de resultaten opgenomen van de uitgevoerde metingen en verrichtte waarnemingen. TABEL 3.2.2: Metingen uitgevoerd aan het grondwater Peilbuis

01

Filterstelling

Grondwaterstand

pH

EC

Troebelheid

Monstername

[m-mv]

[m-mv]

[–]

[S/cm]

[NTU]

d.d.

2,00 - 3,00

1,40

7,3

700

14,8

16-06-2021

Zintuiglijke afwijkingen / overige bijzonderheden Geen bijzonderheden

Op basis van de veldwaarnemingen en metingen blijkt het navolgende: -

3.3

Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen duiden niet op een eventuele verontreiniging van het grondwater. Opgemerkt wordt dat de gemeten waarde voor de troebelheid licht verhoogd is. Echter, een verklaring hiervoor is op basis van de voor de omgeving bekende gegevens niet bekend. UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK

Voor de verrichting van het chemisch onderzoek zijn de monsters overgebracht naar een (RvA) geaccrediteerd en AS3000 erkend laboratorium. De naam en contactgegevens van het betreffende laboratorium, alsmede de data waarop de monstervoorbehandeling en het analytisch onderzoek is uitgevoerd, zijn aangegeven op de analysecertificaten die in bijlage 4 zijn opgenomen. Analysestrategie Bij de selectie van de grond(meng)monsters is, voor het verkrijgen van een representatief beeld van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden met de bodemopbouw en eventuele zintuiglijk waargenomen afwijkingen. Voor het verkrijgen van een ruimtedekkend beeld is eveneens rekening gehouden met de situering van de boringen. In tabel 3.4.1 is een overzicht gegeven van de monsters, waar van toepassing de monstersamenstelling, de monstertrajecten en de uitgevoerde analyses. Samenstelling analysepakketten In het standaard pakket voor grond zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen). Minerale olie (GC). PCB (PolyChloorBifenylen).

Ten behoeve van de toetsing van de analyseresultaten zijn van alle grondmonsters de percentages lutum en/of organische stof bepaald. De bovengrond is aanvullend geanalyseerd op bestrijdingsmiddelen (OCB’s). In het standaard pakket voor grondwater zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). BTEXNS (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen en styreen). VOCl (vluchtige organochloorverbindingen). Minerale olie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 16 van 22

Analysestrategie asbest De grondmonsters zijn geanalyseerd op asbest conform de NEN 5898 strategie. 3.4

BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN

De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven op de analysecertificaten, die in bijlage 4 zijn opgenomen. De analyseresultaten zijn, waar van toepassing, getoetst middels de Bodem Toets en Validatieservice (BoToVa). De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. Wet bodembescherming (Wbb) Voor de interpretatie van de resultaten van de chemische analyses van de grondmonsters zijn de meetwaarden, conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit, gecorrigeerd voor de gemeten percentages lutum en/of organische stof. De gecorrigeerde meetwaarden zijn vergeleken met het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Dit toetsingskader bestaat uit de achtergrondwaarden, zoals opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, en de interventiewaarden, zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Staatscourant nr. 16675, 27 juni 2013). Naast het wettelijk kader zijn de gecorrigeerde meetwaarden getoetst aan de tussenwaarden, zijnde het rekenkundig gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarden voor de betreffende stof. Indien de gecorrigeerde meetwaarde voor één of meerdere stoffen de tussenwaarde overschrijdt kan in potentie sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging (Handhavingsuitvoeringsmethode Wbb, versie 7.5 van het SIKB) en is het uitvoeren van nader bodemonderzoek in veel gevallen noodzakelijk.

In tabel 3.4.1a zijn de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek opgenomen alsmede de resultaten van de uitgevoerde toetsingen. <AW / <S niet verontreinigd: het gehalte / de concentratie is lager dan of gelijk aan de achtergrond-waarde (grond) of streefwaarde (grondwater), dan wel de rapportagegrens; >AW / >S licht verontreinigd: het gehalte overschrijdt de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) en is lager dan of gelijk aan de tussenwaarde, zijnde licht verontreinigd; >T matig verontreinigd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde en is lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; >I sterk verontreinigd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Asbest Ter indicatie zijn twee indicatieve mengmonsters samengesteld ten behoeve van asbest. De mengmonsters betreffen boringen waarin baksteen en / of metselpuin is aangetroffen. De resultaten van het laboratoriumonderzoek zijn weergegeven op de analysecertificaat in bijlage 4.1. De resultaten zijn beknopt weergegeven in tabel 3.4.1b. De volgende mengmonsters zijn samengeteld: -

ASB-01: boring 01 (0-50), 06 (0-50), 09 (0-50), 11 (0-50), 12 (0-50) ASB-02: boring 03 (50-150)

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 17 van 22

TABEL 3.4.1a: Overzicht monsters, monstersamenstelling, analyses en toetsingsresultaten “Algemene bodemkwaliteit” Monstercodes, deelmonsters en bodemlagen (bodemlagen in cm-mv)

Matrix en eventuele bijzonderheden

Analyse

Toetsingsresultaten Wbb (index) > AW / > S (licht verhoogd)

>T (matig verhoogd)

>I (sterk verhoogd)

Bovengrond MM01 03 (0-50) 05 (0-50) 06 (0-50) 07 (0-50)

Zand, zwak metselpuinhoudend, sporen koolas

#1

Kobalt (0,05); Kwik (-); Lood (0,07); Nikkel (0,49); Zink (0,11)

-

-

MM02 01 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 12 (0-50)

Zand, sporen metselpuin, sporen baksteen, zwak koolashoudend, resten metselpuin

#1

Cadmium (0,03); Kobalt (0,01); Kwik (0,01); Lood (0,12); Nikkel (0,18); Zink (0,3); PCB (0,01)

-

-

MM03 03 (100-150)

Klei, sporen metselpuin

#2

Cadmium (0,06); Kobalt (0,02); Koper (0,02); Kwik (0,01); Lood (0,3); Nikkel (0,27); Zink (0,5); PCB (0,04)

-

-

MM04 01 (150-200) 08 (50-100) 14 (100-150)

Klei, geen bijzonderheden

#2

Nikkel (0,15)

-

-

#3

-

-

-

Ondergrond

Grondwater 01-1-1 (200-300) Blanco #1 #2 #3 > AW >I Index

Grondwater, geen bijzonderheden : Niet geanalyseerd / onderzocht / getoetst : Standaardpakket grond + OCB’s : Standaardpakket grond : Standaard pakket grondwater : > Achtergrondwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW)

TABEL 3.4.1b: Overzicht monster en toetsingsresultaten “Asbest onderzoek” Monstercodes Resultaat ASB-01 01 (0-50) 06 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 12 (0-50)

<2,0 mg/kg.ds.

ASB-02 03 (50-150)

1,4 mg/kg.ds.

3.5

INTERPRETATIE

Algemene bodemkwaliteit Bovengrond De bovengrond bestaat afwisselend uit klei en zand. Plaatselijk zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De bovengrond bevat hier bijmenging met baksteen, koolas en metselpuin. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten (MM01 en MM02) blijkt de bovengrond licht verontreinigd te zijn met enkele zware metalen en PCB. Ondergrond De ondergrond afwisselend uit klei. Plaatselijk zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. De ondergrond bevat hier sporen metselpuin of resten slib. De resten slib duiden op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. Hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten (MM03 en MM04) blijkt de ondergrond licht verontreinigd te zijn met enkele zware metalen en PCB.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 18 van 22

Grondwater Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten zuurgraad (pH) en het elektrisch geleidingsvermogen EC) van het grondwater vertonen geen afwijkende waarde ten opzichte van een natuurlijk situatie. Opgemerkt wordt dat de gemeten waarde voor de troebelheid (NTU) licht verhoogd is. Echter, een verklaring hiervoor is op basis van de voor de omgeving bekende gegevens niet bekend. Op basis van de analyse -en toetsingsresultaten blijkt het grondwater (peilbuis 01) niet verontreinigd te zijn. Middels onderhavig onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en grondwater Onzes inziens afdoende mate vastgelegd. De grond is hoogstens licht verontreinigd. Het grondwater is niet verontreinigd. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek. Asbest (indicatief) In de op asbest geïnspecteerde grond is geen asbestverdacht materiaal (grove fractie) aangetroffen. Voor mengmonster ASB-01 is het gehalte asbest lager dan de betreffende detectiegrens; voor mengmonster ASB-02 is een gehalte asbest aangetroffen van 1,4 mg/kg.ds.

Samenvattend is vastgesteld dat ter plaatse van de boringen waar asbestverdachte bijmengingen aangetroffen zijn (boring 01, 06, 09, 11, 12), geen, dan wel een gehalte asbest is aangetroffen dat lager is dan de helft van de interventiewaarde (50 mg/kg.ds.). Het resultaat van de asbestanalyses wordt dan ook representatief voor het gehele terrein beschouwd. Het is aannemelijk dat in een officieel verkennend asbestonderzoek de interventiewaarde voor asbest niet zal worden overschreden. Een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 wordt, onzes inziens, niet noodzakelijk geacht. 3.6

TOETSING HYPOTHESE

De op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek vastgestelde onderzoekshypothese is getoetst aan de resultaten van het verkennend bodemonderzoek. De toetsing van de hypothese is in onderstaande tabel opgenomen. Indien van toepassing is, bij een (gedeeltelijk) onjuiste hypothese de invloed op representativiteit van het onderzoek in relatie met de gevolgde onderzoeksstrategie aangegeven. TABEL 3.6.1: Hypothese en onderzoeksstrategie Algemeen Hypothese

Onverdacht

Toetsing

Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese: Verworpen (formeel)

Representativiteit

Reden: in de grond komen lichte verontreinigingen voor. Naar verwachting heeft de onderzoeksstrategie geen invloed gehad op de representativiteit van het onderzoek.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 19 van 22

3.7

CONCLUSIES

In opdracht van Rho Adviseurs is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Toldam 5 te Heenvliet. Het onderzoek is uitgevoerd in verband met een bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). In dit kader wenst de opdrachtgever inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Door middel van een verkennend milieukundig bodemonderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie vastgesteld. Op basis van de onderzoeksresultaten worden de volgende conclusies vastgesteld: -

-

De grond bevat plaatselijk bijmenging met baksteen, koolas en metselpuin. In de ondergrond zijn zeer plaatselijk resten slib aangetroffen, wat duidt op een voormalige sloot. Er is geen dempingsmateriaal aangetroffen. Hoogstwaarschijnlijk is de demping gerealiseerd met gebiedseigen grond; Visueel is geen asbestverdacht materiaal waargenomen; De bovengrond is licht verontreinigd met zware metalen en PCB; De ondergrond is licht verontreinigd met zware metalen en PCB; Analytisch is een lichte concentratie (1,4 mg/kg ds.) asbest aangetoond; Het grondwater is niet verontreinigd.

Gelet op de onderzoeksresultaten, te weten de aangetoonde overschrijding van de betreffende achtergrondwaarden (grond) dient de hypothese ‘onverdacht’ voor de onderzoekslocatie formeel te worden verworpen. Daarnaast is analytisch een lichte concentratie asbest aangetoond. De gemeten waarden zijn dermate gering dat aanvullend onderzoek naar het voorkomen van deze stoffen in de bodem op het perceel, onzes inziens, niet noodzakelijk is. Op basis van de huidige onderzoeksgegevens is in afdoende mate een beeld verkregen van de chemische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. Belemmeringen inzake de aanvraag van een omgevingsvergunning worden vanuit milieuhygiënisch oogpunt niet voorzien.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 20 van 22

3.8

AANBEVELINGEN

Wij adviseren om de onderzoeksresultaten voor te leggen aan het bevoegd gezag, zijnde DCMR Milieudienst Rijnmond, om na te gaan of zij kunnen instemmen met de onderzoeksresultaten en bovengenoemde conclusies. Indien op de onderzoekslocatie ten gevolge van graafwerkzaamheden grond vrijkomt en buiten de locatie wordt hergebruikt, vindt hergebruik veelal plaats binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit. In dat geval dient de chemische kwaliteit van de grond te worden getoetst aan de kwaliteitsnormen die door het Besluit bodemkwaliteit aan de betreffende toepassing worden verbonden. Het bodemonderzoek is steekproefsgewijs uitgevoerd. Hierdoor is het niet uit te sluiten dat plaatselijk sprake kan zijn van een afwijkende bodemopbouw. Ook is het niet uit te sluiten dat plaatselijk nog restanten van voormalige watergangen in de bodem aanwezig zijn. Indien op de locatie graafwerkzaamheden worden uitgevoerd wordt derhalve aanbevolen om alert te blijven op plaatselijke afwijkingen in de bodem die kunnen wijzen op een eventuele bodemverontreiniging.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 21 van 22

BETROUWBAARHEID Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een bodemonderzoek is gebaseerd op het nemen van een beperkt aantal monsters en chemische analyses. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) zou plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek door, bijvoorbeeld het bouwrijp maken van de locatie, het aanvoeren van grond van elders, toevoeging van bodemvreemde materialen of het naar de onderzoekslocatie verspreiden van verontreinigingen van verder gelegen terreinen via het grondwater. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden.

In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen. Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Toldam 5 te Heenvliet Kenmerk rapportage: A0868-06/ADR/rap1

Pagina 22 van 22

BIJLAGE 1.1 Topografische kaart

1.1 Topografische kaart

Schaal 1:25.000

Legenda Locatie-aanduiding

BIJLAGE 1.2 Situatietekening

Legenda Plangebied Boorpunten Boring Boring met peilbuis

Opdrachtgever Rho Adviseurs Projectnummer A0868-06 Locatie Toldam 5 te Heenvliet Getekend: Formaat: Schaal: Schaal situatie: Datum:

ADR A3

21-6-2021

Omschrijving Verkennend bodemonderzoek Bijlagenummer 1.2

BIJLAGE 2.1 Rapportage Bodemloket

Rapport Bodemloket Datum: 20-5-2021

Legenda Locatie Voortgang onderzoek

Mijnsteengebieden

Pagina 1 van 2

Bodemloket Rapport

Rapport Inhoud 1

Algemeen

2

Disclaimer

1 Algemeen Bij het Bodemloket is geen informatie voor deze locatie beschikbaar over bodemonderzoek en/of sanering. Mogelijk is informatie beschikbaar bij gemeente, omgevingsdienst of provincie.

2 Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.

Pagina 2 van 2

BIJLAGE 2.2 Rapportage Omgevingsdienst

Datum afdruk: 20-05-2021

Waarschuwing: Dit rapport geeft de resultaten weer van uw zoekopdracht. Alleen de door u gekozen thema's worden getoond. De zoekopdracht is gebaseerd op een punt en niet op een vlak. Dit kan betekenen dat er (meer) relevante resultaten zijn voor het door u gezochte adres die niet automatisch zijn geselecteerd. Selecteer in dat geval op de kaart de items handmatig en maak een nieuw of extra rapport. http://www.dcmr.nl/proclaimer

Bodeminformatie (Ondergrondse) tanks Onderzoekslocaties

Vergunningen / Meldingen Vergunningen (definitief) Meldingen

(Ondergrondse) tanks

Geen data gevonden voor (ondergrondse) tanks

Onderzoekslocaties

Toldam ong. parkeerterrein AH (AA056800212) Adres

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Toldam ong. parkeerterrein AH Toldam 0 Heenvliet (Nissewaard) Potentieel Ernstig uitvoeren NO

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau

1 03-05-2002

Bouwstoffenbesluit

Milieuservices Hellevoetsluis b.v.

2 05-11-1997

Verkennend onderzoek NVN 5740 Grontmij

3 01-09-1984

Orienterend bodemonderzoek

DCMR Milieudienst Rijnmond

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval onbekend

heden

Rapportnummer

Molenweg 14-14a (AA056801811) Adres

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Molenweg 14-14a Molenweg 14 3227AR Oudenhoorn (Hellevoetsluis) Potentieel Ernstig Uitvoeren historisch onderzoek

Rapporten Datum 1 01-09-1984

Soort onderzoek

Adviesbureau

Orienterend bodemonderzoek DCMR Milieudienst Rijnmond

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

demping (niet gespecificeerd) onbekend

onbekend

Rapportnummer

Vergunningen (definitief)

Geen data gevonden voor vergunningen (definitief)

Meldingen

Geen data gevonden voor meldingen

BIJLAGE 2.3 Verkennend bodemonderzoek Arnicon 2006

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11785808/2