74.Gezamenlijke zienswijze op module energietransitie omgevingsbeleid provincie Zuid-Holland; Wijzigingen Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid module energietransitie
Tekst van het document
Wijzigingen Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid module energietransitie Naar aanleiding van de bespreking in de Integrale Commissie is een aantal toezeggingen gedaan om het Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid module energietransitie te wijzigen op een drietal onderwerpen: 1. Participatie 2. Draagvlak 3. Verdubbeling bestaande locaties voor wind In deze (informatieve) bijlage wordt toegelicht welke teksten zijn gewijzigd in het document Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid module energietransitie en de Ontwerp wijzigingsbesluiten van respectievelijk de (vigerende) Omgevingsverordening Zuid Holland en de Zuid Hollandse omgevingsverordening. Ad 1. Participatie Doel is om in de beleidskeuze Bevorderen energietransitie een passage toe te voegen over participatie. Daarmee wordt tot uitdrukking gebracht dat in de Omgevingsvisie, wat een bevoegdheid is van Provinciale Staten, het belang van participatie wordt benadrukt. In de beleidskeuze Bevorderen energietransitie is op pag 54 een tekst toegevoegd luidende: Participatie We vinden het belangrijk om onze besluitvorming op een open en transparante manier vorm te geven. We willen ons beleid en onze plannen verrijken door zoveel mogelijk verschillende perspectieven van ZuidHollandse gemeenten, bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners daarin mee te nemen.
Daarom hechten we waarde aan een goed participatieproces, voorafgaande aan een besluit over nieuw beleid of een project. Een goed en afgestemd participatieplan is de basis van een goed participatieproces. Wij hebben een aantal uitgangspunten geformuleerd (samengevat in de ‘4D’s’), die we graag terug zien komen in elk participatieplan en -proces. DOELEN In het participatieplan wordt vooraf beschreven welke doelen wordt nagestreefd en wat dat betekent voor de organisatie van participatie-momenten. DIALOOG Het gesprek is met een open houding aangegaan, waarbij ruimte is voor zowel argumenten als emoties. DIVERSITEIT Een zo breed mogelijke groep mensen en belangen wordt vertegenwoordigd in het participatieproces. DOORWERKING Aan het begin van het participatieproces wordt duidelijk gemaakt aan burgers wat de ruimte is voor invloed. Achteraf wordt gecommuniceerd wat voor invloed de inbreng in het participatieproces al dan niet heeft gehad op het besluit. In de toelichting op pag. 56 is een zin toegevoegd luidende: De provincie hecht bijzondere waarde aan een goed participatieproces en het meewegen van draagvlak bij de energietransitie. In het omgevingsprogramma RES-zoekgebieden zon en wind is op pag. 59 de inleidende tekst vervangen door een andere tekst.
Oude tekst: - Participatie: We vinden het belangrijk om onze besluitvorming op een open en transparante manier vorm te geven. We willen ons beleid en onze plannen verrijken door zoveel mogelijk verschillende perspectieven van Zuid-Hollandse gemeenten, bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners daarin mee te nemen. Daarom hechten we waarde aan een goed participatieproces, voorafgaande aan een besluit over nieuw beleid of een project. We vragen daarom de initiatiefnemer van het participatieproces de volgende uitgangspunten mee te nemen in een op te stellen participatieplan en hierover een terugkoppeling te verzorgen *: Nieuwe tekst: Participatie Voorafgaand aan het uitwerken van de zoekgebieden en zoeklocaties stemmen wij graag met onze RESpartners en/of de initiatiefnemers van een project een participatieplan af, waarin de 4D’s zijn opgenomen. Ten behoeve van de besluitvorming geven wij een terugkoppeling van het participatieproces en in hoeverre we erin zijn geslaagd de gestelde doelen te bereiken. Hieronder staan de 4D’s nader uitgewerkt.
Ad 2. Draagvlak
Doel is om in de beleidskeuze Bevorderen energietransitie een passage toe te voegen over draagvlak. Daarmee wordt tot uitdrukking gebracht dat in de Omgevingsvisie, wat een bevoegdheid is van Provinciale Staten, het belang van draagvlak wordt benadrukt. In de beleidskeuze Bevorderen energietransitie is op pag. 55 een tekst toegevoegd luidende: Draagvlak Ruimtelijke projecten, zoals energieprojecten, kunnen een aanzienlijke impact hebben op onze leefomgeving. We streven ernaar projecten te realiseren met zoveel mogelijk maatschappelijk draagvlak. We realiseren ons dat draagvlak dynamisch is en we daar beperkt invloed op hebben – hoewel we daar zoveel mogelijk aan werken door in te zetten op een goed participatieproces en het stimuleren van lokaal eigendom en andere vormen van financiële participatie. We willen bij besluitvorming over energieprojecten het (ingeschatte) draagvlak meewegen naast overwegingen als bijdrage aan de totale opgave, goede (landschappelijke) inpassing en de mogelijkheid om aan te sluiten op het elektriciteitsnetwerk.
In het omgevingsprogramma RES-zoekgebieden zon en wind is op pag. 60 een tekst toegevoegd luidende: Draagvlak Vanuit de ervaring die we nu opdoen met het (onafhankelijke) draagvlakonderzoek rondom de uitwerking van de zoeklocatie Avelingen, komen we tot een voorgestelde methodiek om in de toekomst draagvlakonderzoeken vorm te geven.
Ad 3: Verdubbeling bestaande locaties voor wind
Doel is om in de toelichting op de artikelen in de beide verordeningen tot uitdrukking te brengen dat de begrenzing van het bestemmingsplan (in de toekomst omgevingsplan) kan worden aangepast
waarbij rekening wordt gehouden met de lokale omstandigheden, ten behoeve van de uitbreiding van de windenergielocatie. Met deze regel wordt ruimte geboden tot een maximale verdubbeling van de bestaande locatie en tegelijk aangegeven dat in de zienswijzeperiode gevraagd wordt om input voor de precieze formulering van deze uitbreidingsmogelijkheid in de definitieve vaststelling van de verordening. In de toelichting op de Aanpassing Zuid Hollandse Omgevingsverordening Windenergie op land wordt op pag. 17 een tekstblok ingevoegd dat luidt: In het kader van deze herziening is in dit ontwerp een voorstel voor de aanpassing van artikel 7.76 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (bij inwerkingtreding van de Omgevingswet) voorgesteld. Met de aanpassing van dit lid wil de provincie duidelijker zijn over de omvang van de mogelijke uitbreiding van bestaande locaties voor windenergie. Met deze regel in de verordening wordt ruimte geboden om uitbreiding van bestaande locaties mogelijk te maken en daarmee ruimte te bieden om het aandeel opwek van windenergie te kunnen vergroten. In de huidige voorstellen is opgenomen dat de uitbreiding niet meer kan zijn dan een verdubbeling van de huidige vastgestelde windlocaties op kaart 16 behalve windpark Spui.
De provinciale criteria en uitgangspunten, voor onder meer landschappelijke inpassing, ruimtelijke kwaliteit, participatie en draagvlak, blijven van kracht. We willen de zienswijze periode gebruiken om input te krijgen op de precieze formulering en omvang van deze uitbreidingsmogelijkheid en vragen daarom nadrukkelijk input hierop. Bijlage 2 Ontwerp Wijzigingsbesluit Zuid-Hollandse Omgevingsverordening module energietransitie def in de toelichting het bovenstaande tekstblok eveneens toegevoegd aan de Artikelsgewijze toelichting.
In de toelichting op de Aanpassing Omgevingsverordening Windenergie op land wordt op pag. 18 een tekstblok ingevoegd dat luidt: In het kader van deze herziening is in dit ontwerp een voorstel voor de aanpassing van artikel 7.76 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (bij inwerkingtreding van de Omgevingswet) voorgesteld. Met de aanpassing van dit lid wil de provincie duidelijker zijn over de omvang van de mogelijke uitbreiding van bestaande locaties voor windenergie. Met deze regel in de verordening wordt ruimte geboden om uitbreiding van bestaande locaties mogelijk te maken en daarmee ruimte te bieden om het aandeel opwek van windenergie te kunnen vergroten. In de huidige voorstellen is opgenomen dat de uitbreiding niet meer kan zijn dan een verdubbeling van de huidige vastgestelde windlocaties op kaart 16 behalve windpark Spui. De provinciale criteria en uitgangspunten, voor onder meer landschappelijke inpassing, ruimtelijke kwaliteit, participatie en draagvlak, blijven van kracht. We willen de zienswijze periode gebruiken om input te krijgen op de precieze formulering en omvang van deze uitbreidingsmogelijkheid en vragen daarom nadrukkelijk input hierop.
Bijlage 1. Ontwerp Wijzigingsbesluit Omgevingsverordening module energietransitie def worden in de toelichting het bovenstaande tekstblok eveneens toegevoegd aan de Artikelsgewijze toelichting.