7. Bijlage Actieplan Geluid 2024-2028 technische uitwerking Nissewaard bij Raadsinformatiebrief programma geluid Nissewaard
Tekst van het document
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard
ONTWERPACTIEPLAN GELUID 2024-2028 NISSEWAARD
Werknummer
624.104.70
Opdrachtgever Contactpersoon
Gemeente Nissewaard de heer J.O. Smit
Datum
24 juni 2024
Projectverantwoordelijke: Behandeld door:
de heer ing. A.T. de Hek de heer ing. A.T. de hek
Telefoonnummer
010 - 433 00 99
File: c:\users\adehek\onedrive - kuipercompagnons b.v\laptop\cschijf\62410470 actieplan geluid 2024 nissewaard\06 rapportage\actieplan geluid 2024-2028 gemeente nissewaard dd 24 juni 2024.docm
Bestuurlijke samenvatting Met dit ontwerp-actieplan geeft de gemeente Nissewaard invulling aan haar vijfjaarlijkse wettelijke verplichting die met ingang van 2006 voortvloeit uit de Europese Richtlijn 2002/49/EG (de zogenaamde Richtlijn omgevingslawaai). De Europese richtlijn omgevingslawaai richt zich op de evaluatie en beheersing van geluid waaraan mensen worden blootgesteld. Vooral de gezondheidsaspecten zijn hierbij van belang. Het toepassingsgebied beperkt zich tot een aantal gedefinieerde brontypen, te weten schadelijke en hinderlijke effecten door weg- en railverkeer en luchtvaart van een zekere omvang, alsmede specifieke vastgelegde industriële activiteiten. De Europese richtlijn is in 2004 ingevoerd in de Nederlandse wetgeving. De Europese richtlijn omgevingslawaai is ook geïmplementeerd in de Omgevingswet. Elke vijf jaar moeten de aangewezen partijen in Nederland de geluidhinder bijhouden van de geluidbronnen. Hierbij worden de gemiddelde geluidniveaus van wegen, spoorwegen, industrie en de luchtvaart op de kaart gezet middels het vervaardigen van geluidsbelastingkaarten. De partijen (Gemeenten, provincies en het Rijk) stellen ook een Actieplan geluid op. De geluidsbelastingkaarten 2021 zijn op 28 september 2022 gepubliceerd en beschikbaar via https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2022-433787.html.
Het actieplan borduurt hierop verder met een beschrijving van de voorgenomen maatregelen en het beleid ter beperking van de geluidsbelasting. Daarnaast worden de maatregelen uit de voorgaande planperiode geëvalueerd. De uitvoeringsperiode voor het plan loopt van 2024 tot 2028. Na deze periode wordt een nieuw actieplan opgesteld. Geluidsbronnen in Nissewaard In Nissewaard zijn de volgende geluidsbronnen te onderscheiden waarvoor geluidsbelastingkaarten zijn opgesteld, namelijk: - Het wegverkeer (Rijks-, provinciale-, waterschaps- en gemeentewegen); - Het spoorwegverkeer (Hoofdspoorwegen en lokale spoorweg/metrolijn); - De industrie (industrieterrein Botlek-Pernis). Dit actieplan richt zich volledig op de belangrijkste geluidsbron, het lokale wegverkeer. Over de overige geluidsbronnen (rijks-, provinciale- en waterschapswegen, hoofdspoorwegen, metrolijn en het industrieterrein) heeft de gemeente geen wettelijke bevoegdheid. Met de beheerders van deze bronnen treedt de gemeente in overleg over de mogelijkheden om het geluid te beperken. Uit de opgestelde geluidsbelastingkaarten 2021 en de aanvullend onderzoek dat is uitgevoerd voor dit actieplan blijkt dat een behoorlijk aantal woningen in Nissewaard een verhoogde geluidsbelasting ondervinden, ten gevolge van het verkeer op wegen in beheer van de gemeente.
De hoogst belaste woningen liggen aan de dorps- en wijkontsluitingswegen en in het centrum van Spijkenisse. Naast de wegen in beheer van de gemeente zijn er lokaal ook verhoogde geluidsbelasting langs de provinciale- en waterschapswegen alsmede de metrolijn en het industrieterrein Botlek-Pernis.
Rapportage aan de Europese Unie Op basis van de uitkomsten van de geluidsbelastingkaarten 2021 dienen door Nederland aan de Europese Unie de volgende zaken te worden gerapporteerd: - Ruimtelijke gegevens van actieplan geluid-gebieden. Dit betreft: o Informatie over het proces, zoals de inspraak, de vaststelling en de algemene inhoud; o Informatie over het bevoegd gezag; o Informatie over de grenswaarden; - Samenvattende informatie van het actieplan geluid. Dit betreft: o Informatie over aantal blootgestelden/gehinderden en gezondheidseffecten; o Informatie over maatregelen die zijn getroffen of die zijn opgenomen in het actieplan; o Hoe het effect van maatregelen op de gezondheid is bepaald en wat de effecten zijn; o Effect van actieplan op aantallen gehinderden/slaapverstoorden en op Incidentie van Ischemische hartziekten; o Kosten/baten van de maatregelen. De informatie dient in een voorgeschreven formaat (hiervoor is een sjabloon beschikbaar) te worden aangeleverd aan de EU via indiening in de Centrale voorziening geluidgegevens (Cvgg). Bepaling aantal blootgestelden/gehinderden en gezondheidseffecten Het aantal blootgestelden/gehinderden en gezondheidseffecten is gebaseerd op de woningaantallen per geluidsbelastingklasse zoals opgenomen in de vastgestelde geluidsbelastingkaarten 2021.
Nieuwe plandrempels Er is geen aanleiding om de hoogte van de huidige plandrempels1 bij te stellen voor het gemeentelijke wegverkeer. Omdat de gemeente alleen bevoegdheid heeft tot het treffen van maatregelen op het gemeentelijk wegennet gelden de plandrempels in de komende planperiode (2024-2028) alleen voor de gemeentelijke wegen. De plandrempels gelden derhalve niet voor wegen in beheer bij het waterschap, de provincie en het rijk. Op grond van de Omgevingswet zijn het waterschap, de provincie en het rijk verantwoordelijk worden voor het geluid op en rond de wegen in haar beheer. Voor de hoofdspoorwegen zijn in de 2e tranche geen plandrempels meer vastgesteld. Voor de hoofdspoorwegen (gelegen buiten de gemeentegrens) worden ook nu geen plandrempels vastgesteld. Dit geldt eveneens voor de lokale spoorwegen (metrolijn). Onder de Omgevingswet zijn de beheerders (ProRail en RET) verantwoordelijk voor de beheersing van het geluid van deze spoorwegen. Ook voor de industrie zijn in de 2e tranche geen plandrempels meer vastgesteld. Omdat de huidige zonebewakingssystematiek voldoende waarborgen biedt is het er geen noodzaak om plandrempels voor de industrie vast te stellen. Onder de Omgevingswet is de beheerder (DCMR Milieudienst Rijnmond) verantwoordelijk voor de beheersing van het geluid van dit industrieterrein.
In tabel 1.2 zijn de nieuwe plandrempels voor de gemeente Nissewaard opgenomen.
1 De plandrempel is de waarde van de geluidsbelasting die als drempel geldt waarboven de gemeente actie overweegt.
Tabel 1.2
Nieuwe plandrempels Geluidsbron Gemeentewegen
Plandrempel etmaal 62 dB Lden
Plandrempel nacht 53 dB Lnight
Naast de gemeente stellen ook de andere gemeenten in agglomeraties en het rijk (rijkswegen en hoofdspoorwegen) en de provincie (provinciale wegen) actieplannen op. Andere bronbeheerders zoals de waterschappen en het lokale spoorwegbeheerders hebben geen verplichting vanuit de wetgeving. Met andere bronbeheerders treedt de gemeente in overleg over de mogelijkheden om het geluid van hun bronnen te beperken. Locaties met overschrijding plandrempel 62 dB Lden en 53 dB Lnight Op basis van de plandrempels zijn de woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen in kaart gebracht waar de plandrempels worden overschreden. Uit deze kaarten volgt dat: Ten aanzien van het wegverkeer zijn de locaties in beeld benoemd waar de plandrempel wordt overschreden. Het gaat hierbij met name om een aantal hoofd- en wijkontsluitingswegen en wegen in het centrum. De meest effectieve methode om de geluidsbelasting op wegen te verlagen is het toepassen van stiller wegdek. Om deze reden is de volgende beleidsregel geformuleerd: - Indien er grootschalig onderhoud plaatsvindt bij de prioritaire wegen geldt als uitgangspunt dat zoveel mogelijk een stiller wegdek wordt toegepast. - In zijn algemeenheid geldt daarnaast dat bij grootschalig onderhoud aan wegen (buiten de prioritaire wegen) altijd afgewogen dient te worden of toepassing van een stiller wegdek mogelijk/wenselijk is.
Mogelijke maatregelen Bij het treffen van maatregelen ter reductie van het geluidsniveau wordt ingezet op het toepassen van stillere wegdekken. Hierbij wordt aangesloten op de bestaande onderhoudsplanning voor en herinrichting van het wegennet in Nissewaard. De meerkosten voor het aanleggen van een stiller wegdek betreft daarom alleen de extra kosten voor het aanleggen en onderhouden van het duurdere stille wegdek. Voor de relevante projecten die in de periode 2018 t/m juni 2024 worden uitgevoerd/opgeleverd zijn de effecten inzichtelijk gemaakt. Evaluatie maatregelen actieplan vorige periode (2018 t/m juni 2024) In de periode 2018 tot en met juni 2024 zijn de volgende maatregelen uitgevoerd: - Eikenlaan: vervanging klinkerverharding door reguliere asfaltverharding (2019); - Heemraadlaan: vervanging reguliere asfaltverharding door SMA-NL8G+ (2023); - Sportlaan: vervanging reguliere asfalt- en klinkerverharding door SMA-NL8G+ (2023-2024). Deze maatregelen hebben er toe geleid dat: - Het aantal in hoge mate gehinderde inwoners met 67 is afgenomen;
-
Het aantal in hoge mate slaapverstoorde inwoners met 55 is afgenomen.
Voorgenomen maatregelen actieplan komende periode (juli 2024 t/m 2028) In de periode na juni 2024 zijn de volgende (mogelijke) maatregelen voorzien: - Heemraadlaan: realiseren geluidsschermen met hoogte 2,0 meter; - Groene Kruisweg: verlagen maximumsnelheid van 80 naar 50 km/uur. Deze maatregelen zullen er naar verwachting toe leiden dat: - Het aantal in hoge mate gehinderde inwoners met 89 zal afnemen; - Het aantal in hoge mate slaapverstoorde inwoners met 42 zal afnemen. Kosten en dekking Maatregelen in de vorm van een geluidsreducerend wegdek zullen in alle gevallen worden gecombineerd met geplande onderhouds- en herinrichtingswerkzaamheden, waardoor deze kosten een zeer beperkte omvang hebben. De meerkosten voor de aanleg- en de beheer- en onderhoudskosten worden inzichtelijk gemaakt bij de voorbereiding van de werkzaamheden/projecten, zodat deze kunnen worden meegenomen in de besluitvorming rond deze projecten.
Inhoudsopgave
blz
1
Inleiding ........................................................................................................................................1
2
Actieplan ......................................................................................................................................4 2.1 Proces..........................................................................................................................................4 2.2 Inhoud .........................................................................................................................................5 2.2.1 Plandrempels ..............................................................................................................5 2.2.2 Verplichte onderdelen ................................................................................................7 2.2.3 Bepalingsmethoden ....................................................................................................8 2.2.4 Dosis-effectrelaties gezondheidseffecten .................................................................10
3
Lokale beschrijving ......................................................................................................................12 3.1 Algemeen ..................................................................................................................................12 3.2 Omgevingsbeleid thema geluid.................................................................................................13 3.3 Bestaande saneringssituaties ....................................................................................................13 3.4 Stiltegebieden ...........................................................................................................................14 3.5 Afweging geluidsreducerende en-beperkende maatregelen ...................................................15
4
Resultaten 2021 en vergelijking met 2016 ...................................................................................17 4.1 Schadelijke effecten 2021 gebaseerd op CNOSSOS ..................................................................17 4.1.1 Wegverkeerslawaai ...................................................................................................18 4.1.2 Railverkeerslawaai ....................................................................................................19 4.1.3 Industrielawaai ..........................................................................................................19 4.2 Schadelijke effecten 2021 en 2016 gebaseerd op RMG2012 en HMRI.....................................20 4.2.1 Wegverkeerslawaai ...................................................................................................20 4.2.2 Railverkeerslawaai ....................................................................................................22 4.2.3 Industrielawaai ..........................................................................................................24 4.3 Schadelijke effecten 2021 gebaseerd op Rekenmethoden Ow ................................................25 4.3.1 Wegverkeerslawaai ...................................................................................................25 4.3.2 Railverkeerslawaai
....................................................................................................26 4.3.3 Industrielawaai ..........................................................................................................27
5
Maatregelen ...............................................................................................................................28 5.1 Geluidsbelasting 2021 per bronsoort met bestaande maatregelen .........................................28 5.1.1 Gemeentewegen .......................................................................................................29 5.1.2 Waterschapswegen ...................................................................................................30 5.1.3 Provinciale wegen .....................................................................................................30 5.1.4 Rijkswegen ................................................................................................................31 5.1.5 Lokale spoorwegen (metrolijn) .................................................................................31 5.1.6 Hoofdspoorwegen .....................................................................................................32 5.1.7 Industrieterrein Botlek-Pernis ...................................................................................32 5.2 Gerealiseerde maatregelen gemeentewegen in de periode 2018 - 2024 ................................33 5.2.1 Eikenlaan: vervanging klinkers door asfalt ................................................................33 5.2.2 Heemraadlaan: vervanging asfalt door
SMA-NL8G+ .................................................33 5.2.3 Sportlaan: vervanging klinkers en asfalt door SMA-NL8G+.......................................34 5.3 Voorgenomen maatregelen gemeentewegen in de periode 2024 - 2028 ................................34 5.3.1 Heemraadlaan: realiseren absorberende geluidsschermen met hoogte 2 meter ....34
5.3.2
Groene Kruisweg: mogelijk verlagen maximumsnelheid van 80 naar 50 km/uur ....35
6
Planning en kosten ......................................................................................................................36
7
Gevolgde inspraakprocedure ......................................................................................................37
Bijlagen Bijlage 1 Kaart met wegen per bronsoort (gemeente, waterschap en provincie) binnen gemeentegrens Bijlage 2 Samenvatting resultaten 2021 (CNOSSOS/RMG2012) en 2016 (RMG2012) Bijlage 3 Samenvatting resultaten Rekenmethoden Omgevingswet (tabellen) Bijlage 4 Resultaten Omgevingswet (pandenkaarten) Bijlage 5 Effecten uitgevoerde maatregelen t/m juni 2024 - gemeentewegen Bijlage 6 Effecten geplande maatregelen juni 2024 en later - gemeentewegen
1
Inleiding Wettelijke verplichting Met dit actieplan geeft de gemeente Nissewaard invulling aan haar vijfjaarlijkse wettelijke verplichting die voortvloeit uit de Europese Richtlijn 2002/49/EG (de zogenaamde Europese richtlijn omgevingslawaai). De richtlijn is in 2004 ingevoerd in de Nederlandse wetgeving. Eerst in de Wet geluidhinder, vanaf 2012 in de Wet milieubeheer en per 1 januari 2024 in de Omgevingswet. Sinds de implementatie in 2004 zijn er diverse wijzingen in de regelgeving (bepalingsmethoden) doorgevoerd. De richtlijn omgevingslawaai is gericht op het vermijden, voorkomen of verminderen van schadelijke gevolgen van omgevingslawaai waaraan mensen worden blootgesteld. Vooral de gezondheidsaspecten zijn hierbij van belang. Het toepassingsgebied beperkt zich tot een aantal gedefinieerde brontypen, te weten schadelijke en hinderlijke effecten door weg- en railverkeer en de luchtvaart van een zekere omvang, alsmede specifieke vastgelegde industriële activiteiten. Geluid en gezondheid We hebben allemaal te maken met geluiden in onze leefomgeving; op het werk, onderweg, maar ook in en om ons huis. Sommige geluiden vinden we prettig, andere geluiden ervaren we als storend of ongewenst. Wanneer geluid te hard is of langdurig op ons inwerkt kan dat invloed hebben op onze gezondheid en ons welzijn.
Geluid kan leiden tot hinder, slaapverstoring, verstoring van de dagelijkse activiteiten en stress. Deze effecten kunnen op hun beurt weer aanleiding geven tot een hogere bloeddruk en verhoogde niveaus van het stresshormoon cortisol, waardoor het risico op hart- en vaatziekten en psychische aandoeningen wordt verhoogd. Geluid kan echter ook direct resulteren in fysiologische reacties zoals een verhoogde bloeddruk. Ook kan geluid een negatieve invloed hebben op de leerprestaties van kinderen. In afbeelding 1 is een schematische weergave opgenomen van de relatie tussen geluid en gezondheid (bron: https://www.vzinfo.nl/leefomgeving/geluid).
Afbeelding 1
Schematische weergave van de relatie tussen geluid en gezondheid
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
1
In 2018 heeft de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) geactualiseerde gezondheidskundige richtlijnen voor omgevingsgeluid gepubliceerd (Environmental Noise Guidelines for the European Region). Dit is een document met gezondheidskundige advieswaarden en aanbevelingen gericht op de bescherming van de gezondheid, tegen de negatieve effecten van omgevingsgeluid. De richtlijnen zijn ontwikkeld door het Regional Office for Europe van de WHO, en zijn geldig voor de Europese regio. Ze zijn onder andere bedoeld om (lokale) beleidsmakers te ondersteunen bij het maken van regels, beleid of advies op het gebied van geluid en gezondheid. In de gezondheidskundige richtlijnen van de WHO wordt geadviseerd de geluidsblootstelling te reduceren tot: - Wegverkeer: 53 dB Lden en 45 dB Lnight; - Railverkeer: 54 dB Lden en 44 dB Lnight; - Luchtvaart: 45 dB Lden en 40 dB Lnight. Voor industrielawaai worden geen richtwaarden gegeven. De mate waarin hinder wordt ondervonden en ischemische hartziekten optreden wordt gebaseerd op de geluidsbelasting Lden2 en mate van slaapverstoring op de geluidsbelasting Lnight3, in combinatie met zogenaamde dosiseffect-factoren voor de verschillende soorten geluid (wegverkeer, spoorwegverkeer en luchtvaart). Actieplan Het voorliggende Actieplan Geluid 2024-2028 is gebaseerd op de geluidsbelastingkaarten 2021.
De geluidsbelastingkaarten 2021 zijn op 28 september 2022 gepubliceerd en beschikbaar via https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2022-433787.html. Het actieplan is afgestemd op de actuele regelgeving onder de Omgevingswet. De uitvoeringsperiode voor het actieplan loopt van 2024 tot 2028. Na deze periode wordt een nieuw actieplan opgesteld. Naast de gemeente stellen ook de andere gemeenten in agglomeraties en het rijk (rijkswegen en hoofdspoorwegen) en de provincie (provinciale wegen) actieplannen op. Andere bronbeheerders zoals de waterschappen en het lokale spoorwegbeheerders hebben geen verplichting vanuit de wetgeving. Met andere bronbeheerders treedt de gemeente in overleg over de mogelijkheden om het geluid van hun bronnen te beperken. Het actieplan bevat naast de vast te stellen plandrempels, voor de geluidsbelasting Lden en Lnight ten gevolge van de wegen in beheer bij de gemeente, eveneens een evaluatie van de uitgevoerde geluidmaatregelen in de afgelopen planperiode, een beschrijving van de voorgenomen maatregelen in de komende periode en het beleid ter beperking van de geluidsbelasting. De gemeente heeft beleidsvrijheid bij het vaststellen van de hoogte van de plandrempels.
2 Lden (dag-avond-nacht-geluidsbelastingsindicator): geluidsbelastingsindicator voor de hinder tijdens de etmaalperiode. 3 Lnight (nacht-geluidsbelastingsindicator): geluidsbelastingsindicator voor slaapverstoringen.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
2
Leeswijzer In hoofdstuk 2 is het proces en de inhoud van het actieplan omschreven. In hoofdstuk 3 is een beschrijving van de lokale situatie in de gemeente Nissewaard opgenomen, inclusief het te voeren omgevingsbeleid voor het thema ‘Geluid’. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de resultaten voor het jaar 2021 behandeld, met de verschillende beoordelingsmethoden, en wordt een vergelijking gemaakt met de uitkomsten in 2016. In hoofdstuk 5 worden de effecten van de in de afgelopen planperiode behandeld en wordt vooruitgekeken naar de effecten van voorgenomen maatregelen. In hoofdstuk 6 wordt in gegaan op de planning van de uit te voeren maatregelen en de hieraan verbonden kosten. Hoofdstuk 7 sluit af met de gevolgde inspraakprocedure voor vaststelling van het actieplan. In dit hoofdstuk worden eveneens de ingekomen inspraakreacties behandeld.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
3
2
Actieplan Het actieplan geluid is een verplicht programma dat volgt uit artikel 3.6 (verplichte programma’s gemeente) van de Omgevingswet (Ow). Deze verplichting volgt op zijn beurt uit de Europese richtlijn omgevingslawaai. Hierbij wordt gekeken naar de bestaande, huidige, situatie. In afdeling 4.3 ‘Actieplannen geluid’ van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan de instructieregels voor het actieplan geluid. Het Actieplan geluid 2024-2028 betreft drie geluidsoorten die binnen de gemeente Nissewaard (verplicht) opgenomen moeten worden, namelijk wegverkeerslawaai, railverkeerslawaai en industrielawaai en een beschrijving van de instanties bij wie de geluidbronnen in beheer zijn. Geluidbronnen in beheer van de gemeente De gemeente Nissewaard is alleen beheerder van de gemeentelijke wegen binnen de gemeentegrens en gaat over het wegverkeerslawaai van deze geluidsbron. In de gemeente liggen geen gezoneerde industrieterreinen meer. De geluidszones van de industrieterreinen ‘Halfweg’ en ‘Havens en Hongerland’ zijn in het verleden opgeheven. Geluidbronnen van andere beheerders Binnen de gemeentegrens liggen naast wegen in beheer van de gemeente eveneens wegen in beheer van het waterschap Hollandse Delta en de provincie Zuid-Holland. Daarnaast is sprake van een lokale spoorweg (metrolijn) in beheer van de RET.
Rijkswegen (beheerder: Rijkswaterstaat), hoofspoorwegen (beheerder: ProRail) en het industrieterrein Botlek-Pernis (beheerder: DCMR Milieudienst Rijnmond) zijn gelegen buiten de gemeentegrens.
2.1
Proces Het actieplan 2024-2028 is in vergelijking met eerdere actieplannen gewijzigd. Met de komst van de Omgevingswet (Ow) is de rekenmethode gewijzigd en zijn de eisen aan het actieplan aangescherpt. In Europa gebeurt dit nu op dezelfde wijze. Hierdoor is een vergelijking van de woningaantallen en gezondheidseffecten met voorgaande rapportages niet direct mogelijk. Om een vergelijking mogelijk te maken zijn daarom aanvullende berekeningen uitgevoerd met de in 2016 gebruikte rekenmethode (Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 - RMG2012) en de vigerende rekenmethode onder de Omgevingswet. Voorafgaand aan het actieplan zijn geluidsbelastingkaarten opgesteld (rekenmethode CNOSSOS) en vastgesteld. De geluidsbelastingkaarten beschrijven de situatie in 2021. Het actieplan borduurt hierop verder met een beschrijving van de voorgenomen relevante maatregelen, het beleid ter beperking van de geluidsbelasting en de voorgenomen te treffen maatregelen in de nabije toekomst. Inspraak en publicatie Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is van toepassing op de voorbereiding van het actieplan geluid (artikel 16.27, Omgevingswet). Het bestuursorgaan betrekt burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding (artikel 10.8, Omgevingsbesluit).
De termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen en het uitbrengen van adviezen bedraagt zes weken.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
4
Publicatie van het actieplan gebeurt via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB). Iedereen, ongeacht of men belanghebbende is, kan zienswijzen naar voren brengen. Dit kan schriftelijk of mondeling. Vaststelling actieplan, publicatie en indiening Centrale voorziening geluidgegevens (CVGG) Binnen 1 maand na de vaststelling van het actieplan geven de minister, Gedeputeerde Staten en de burgemeester en wethouders kennis van deze vaststelling (artikel 16.78, lid 5, Omgevingswet). Deze moet voldoen aan artikel 5/6 van de Bekendmakingswet en die schrijft plaatsing in het elektronisch publicatieblad voor. Hierbij wordt aangegeven hoe het publiek kennis kan krijgen van de inhoud van het actieplan. Het actieplan wordt voor iedereen langs elektronische weg beschikbaar gesteld. Het vastgestelde actieplan geluid wordt aangeboden via LVBB voor publicatie in het elektronisch publicatieblad en daarna staat het ook in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het actieplan geluid wordt verstrekt aan de Centrale voorziening geluidgegevens (Cvgg).
2.2
Inhoud De verplichting tot het vaststellen van een actieplan is geregeld in § 3.2.2 ‘Verplichte programma’s’ van de Omgevingswet (Ow) en is nader uitgewerkt in afdeling 4.3 ‘Actieplannen geluid’ van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). In artikel 4.22 Bkl is geregeld dat het actieplan een plandrempel bevat. In artikel 4.23 Bkl is geregeld welke verplichte onderdelen in het actieplan aan de orde dienen te komen.
2.2.1 Plandrempels Een actieplan geluid bevat een plandrempel in Lden en in Lnight voor de geluidbelasting op geluidgevoelige gebouwen. De plandrempel is een geluidniveau waarboven het bestuursorgaan maatregelen overweegt om de geluidbelasting te beperken. Dit om overschrijdingen van de plandrempel te voorkomen of ongedaan te maken. Het bestuursorgaan dat het actieplan vaststelt, bepaalt zelf wat de plandrempel is. De plandrempel kan verschillen voor verschillende situaties. Zo kan een andere plandrempel worden vastgesteld voor saneringssituaties en nieuwe situaties of voor verschillende categorieën van geluidsbronnen. Het omgevingstype (de aard van de woonomgeving) kan een rol spelen bij het bepalen van de waarde. Op grond van de Europese richtlijn omgevingslawaai moeten de maatregelen in een actieplan in het bijzonder zijn gericht op prioritaire problemen. Een probleem is prioritair als een plandrempel wordt overschreden. Alle prioritaire problemen, dus situaties waarbij de plandrempel wordt overschreden, moeten in het actieplan worden benoemd. Als een overschrijding van de plandrempel aan de orde is, moet in het actieplan worden aangegeven hoe de overschrijding wordt voorkomen of, als deze al heeft plaatsgevonden, met welke maatregelen deze ongedaan wordt gemaakt.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
5
De gemeente heeft alleen invloed op wegen waarvoor de gemeente Nissewaard wegbeheerder is, de gemeentelijke wegen. Daar is dit actieplan geluid dan ook met name op gericht. Huidige plandrempels In 2018 is geen nieuw actieplan vastgesteld, maar is het Actieplan Tweede Tranche Gemeente Spijkenisse, Uitvoeringsperiode 2014-2017 gecontinueerd. In dit actieplan zijn de in tabel 1.1 opgenomen plandrempels vastgesteld. Tabel 1.1
Huidige plandrempels (sinds 2014) Geluidsbron Plandrempel etmaal Plandrempel nacht Wegverkeer 62 dB Lden 53 dB Lnight Spoorverkeer (metro) 62 dB Lden 56 dB Lnight Voor de hoofdspoorwegen en industrielawaai zijn geen plandrempels vastgesteld. Nieuwe plandrempels Er is geen aanleiding om de hoogte van deze plandrempels bij te stellen voor het gemeentelijke wegverkeer. Omdat de gemeente alleen bevoegdheid heeft tot het treffen van maatregelen op het gemeentelijk wegennet gelden de plandrempels in de komende planperiode (2024-2028) alleen voor de gemeentelijke wegen. De plandrempels gelden derhalve niet voor wegen in beheer bij het waterschap, de provincie en het rijk. Op grond van de Omgevingswet zijn het waterschap, de provincie en het rijk verantwoordelijk worden voor het geluid op en rond de wegen in haar beheer. Voor de hoofdspoorwegen zijn in de 2e tranche geen plandrempels meer vastgesteld. Voor de hoofdspoorwegen (gelegen buiten de gemeentegrens) worden ook nu geen plandrempels vastgesteld. Dit geldt eveneens voor de lokale spoorwegen (metrolijn). Onder de Omgevingswet zijn de beheerders (ProRail en RET) verantwoordelijk voor de beheersing van het geluid van deze spoorwegen. Ook voor de industrie zijn in de 2e tranche geen plandrempels meer vastgesteld.
Omdat de huidige zonebewakingssystematiek voldoende waarborgen biedt is het er geen noodzaak om plandrempels voor de industrie vast te stellen. Onder de Omgevingswet is de beheerder (DCMR Milieudienst Rijnmond) verantwoordelijk voor de beheersing van het geluid van dit industrieterrein. In tabel 1.2 zijn de nieuwe plandrempels voor de gemeente Nissewaard opgenomen. Tabel 1.2
Nieuwe plandrempels Geluidsbron Gemeentewegen
Plandrempel etmaal 62 dB Lden
Plandrempel nacht 53 dB Lnight
Naast de gemeente stellen ook de andere gemeenten in agglomeraties en het rijk (rijkswegen en hoofdspoorwegen) en de provincie (provinciale wegen) actieplannen op. Andere bronbeheerders zoals de waterschappen en het lokale spoorwegbeheerders hebben geen verplichting vanuit de wetgeving. Met andere bronbeheerders treedt de gemeente in overleg over de mogelijkheden om het geluid van hun bronnen te beperken.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
6
2.2.2 Verplichte onderdelen Op grond van het besluit kwaliteit leefomgeving bevat het actieplan in ieder geval: 1. Een beschrijving van de geluidbronnen. 2. Een vermelding van de instanties bij wie de geluidbronnen in beheer zijn. 3. Een beschrijving van het wettelijk kader voor geluidbelasting door die geluidbronnen. 4. Een samenvatting van de gegevens die zijn opgenomen in de geluidbelastingkaart of geluidbelastingkaarten waarop het actieplan berust. 5. Een beschrijving van het beleid voor de eerstkomende 5 jaar en, voor zover redelijkerwijs mogelijk, voor de 5 jaar daarna, om de geluidbelasting in Lden en de geluidbelasting in Lnight die wordt veroorzaakt door de betrokken geluidbron of geluidbronnen te beperken. Hierbij wordt in ieder geval de bescherming van stille gebieden betrokken. 6. Een overzicht van belangrijke infrastructurele werken die in de komende 5 jaar zijn voorgenomen en andere belangrijke ruimtelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op de geluidhindersituatie. 7. Een overzicht van bestaande en in voorbereiding of uitvoering zijnde bron- en overdrachtsmaatregelen voor de betrokken geluidbron of geluidbronnen. 8.
Een overzicht en een beoordeling van het aantal bewoners van woningen dat door geluid als gevolg van de betrokken geluidbron of geluidbronnen lijdt aan ischemische hartziekten, een hoge mate van hinder of een hoge mate van slaapverstoring ondervindt. 9. Een planning van de voorgenomen maatregelen om de geluidbelasting in Lden en de geluidbelasting in Lnight in de komende 5 jaar te verminderen, waarbij een relatie wordt gelegd met de plandrempel en een schatting wordt gegeven van het effect van de maatregelen op het aantal bewoners van woningen, bedoeld onder 8. 10. Financiële informatie over de voorgenomen maatregelen, voor zover deze beschikbaar en openbaar is. 11. De situaties waarin de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op grond van de Wet luchtvaart of de standaardwaarde, bedoeld in de tabellen 3.34 en 5.78t Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), wordt overschreden. 12. De situaties waarin de grenswaarde, bedoeld in de tabellen 3.35 en 5.78u Bkl, wordt overschreden. 13. Een overzicht van voorgenomen maatregelen om te voldoen aan in het omgevingsplan vastgestelde geluidproductieplafonds als omgevingswaarden (gpp). 14. Een evaluatie van de uitvoering en de resultaten van het vorige actieplan. 15. Een beknopte samenvatting van de bovenstaande elementen. 16. Een verslag van het geluid door bronnen met een geluidproductieplafond als omgevingswaarde.
Zie meer informatie hierover Geluidproductieplafond als omgevingswaarde in actieplan geluid. De onderdelen 13 en 16 zijn op dit moment niet van toepassing voor de gemeente Nissewaard.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
7
2.2.3 Bepalingsmethoden Voor 2021 is door de Europese Unie een nieuw rekenmodel verplicht gesteld (CNOSSOS). Dit model is ingevoerd om de verschillende geluidsbelastingkaarten die gemaakt worden in Europa beter met elkaar te kunnen vergelijken. Voorheen was dit lastiger, omdat er verschillende rekenmodellen werden gebruikt in verschillende landen. De geluidsbelastingen voor wegen, spoorwegen en industrie zijn in 2006, 2011 en 2016 bepaald met de Nederlandse rekenmethoden Reken- en meetvoorschrift geluid (RMG2006 en RMG2012) en de Handleiding meten en rekenen industrielawaai 1999 (HMRI). CNOSSOS verschilt echter van de Nederlandse rekenmodellen die in het verleden zijn gebruikt en de nieuwe rekenmodellen die vanaf 1 januari 2024 onder de Omgevingswet moeten worden gebruikt. Ook binnen de Nederlandse rekenmethoden voor wegen en spoorwegen zijn er verschillen in uitkomsten tussen 2006 en 2011 (conform Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2006 - RMG2006) en 2016 (conform Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 - RMG2012) door wijzigingen in de rekenmethoden. Voor het opstellen van dit actieplan zijn, in verband met de in § 2.2.2.
‘Verplichte elementen’ opgenomen onderdelen 11 en 12, de geluidsbelastingen eveneens bepaald met de op 1 januari 2024 van kracht geworden rekenmethoden onder de Omgevingswet (Ow), die opgenomen zijn als bijlagen (IVe, IVf en IVh) bij de Omgevingsregeling (Rekenmethoden Ow). De verschillende rekenmethoden geven verschillen in uitkomsten, waardoor het niet mogelijk is resultaten uit de verschillende jaren met elkaar te vergelijken. Om een vergelijking te kunnen maken tussen de resultaten, zoals opgenomen in de geluidsbelastingkaarten 2016 (RMG2012/HMRI), 2021 (CNOSSOS) en de rapportageverplichting (Rekenmethoden Ow) zijn de geluidsbelastingen 2021 eveneens bepaald volgens het RMG2012/HMRI en Rekenmethoden Ow, op basis van dezelfde datasets4 als gehanteerd bij CNOSSOS. Een toelichting op de verschillen in uitkomsten tussen de RMG2012 en CNOSSOS zijn te vinden op de website van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO)5. Informatie over de verschillen tussen het RMG2012 en de Rekenmethoden Ow zijn te vinden op de website van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)6.
De verschillen tussen de met CNOSSOS en RMG2012 bepaalde geluidsbelastingen zijn afhankelijk van de specifieke uitgangspunten (verkeersintensiteiten, verkeerssamenstelling, snelheid, wegdekverharding, afstand weg tot woningen, aanwezige afscherming, aanwezige harde of zachte bodem) en kunnen hierdoor per locatie sterk variëren. In alle gevallen leiden de resultaten met CNOSSOS tot hogere geluidsbelastingen dan het RMG2012. Bij het wegverkeer varieert dit van +1 tot +5 dB. Bij de metrolijn treden groter verschillen op en varieert dit van +4 tot +14 dB.
Voor de bepaling van het geluid van de metrolijn volgens de Rekenmethode Ow is de modellering van het metroviaduct aangepast aan de uitgangspunten zoals opgenomen in de rapportage ‘Akoestisch onderzoek Metro Spijkenisse’ d.d. 22 maart 2006 van Gemeentewerken Gemeente Rotterdam. De aangepaste modellering leidt tot extra verschillen in uitkomsten ten opzichte van de rekenmethode CNOSSOS. 5 https://iplo.nl/thema/geluid/regels-geluid-handig-toepassen/uitvoering-actieplan-geluid/onderzoek-rekenmethode-cnossos/ 6 https://www.rivm.nl/geluid/publicaties-en-rapporten 4
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
8
De verschillen tussen RMG20127 en Rekenmethoden Ow zijn voor het geluid van wegen in belangrijke mate toe te schrijven aan de geactualiseerde geluidsemissie van het personen- en vrachtverkeer (gebaseerd op metingen in 2020) en het vervallen van de zogenaamde ‘stille’ bandenaftrek (voor snelheden ≥ 70 km/uur). De verschillen zijn in belangrijke mate afhankelijk van de snelheid en verkeerssamenstelling en in mindere mate van het aanwezige wegdek. Bij een snelheid van 30 km/uur is de geluidemissie in de Rekenmethode Ow ca. 4 tot 5 dB lager geworden, terwijl deze bij 80 km/uur ca. 2 tot 3 dB hoger ligt. Een afname van de geluidemissie treedt op bij snelheden tot 60 km/uur. Daar boven is sprake van een toename die grotendeels is toe te schrijven aan het vervallen van de stille banden aftrek (geïntroduceerd in het RMG2012). In afbeelding 2 is een weergave opgenomen van de snelheidsafhankelijke geluidemissies, bepaald volgens het RMG2012 en de Rekenmethode Ow, voor lichte motorvoertuigen (LV)op regulier asfalt zonder geluidreductie (zogenaamd referentiewegdek). Het effect van de zogenaamde ‘stille’ bandenaftrek (2 dB), geregeld in artikel 3.5 van de RMG2012, voor snelheden ≥ 70 km/uur is afzonderlijk weergegeven.
Afbeelding 2
Geluidemissie lichte motorvoertuigen volgens RMG2012 en Rekenmethode Ow (MRGW OW 2024)
Voor het middelzware en zware vrachtverkeer zijn de verschillen in geluidemissie groter dan voor de lichte motorvoertuigen. Ook voor deze motorvoertuigen ligt het omslagpunt tussen een afname en een toename bij ca. 60 km/uur. Daarnaast wordt in de Rekenmethode Ow rekening gehouden met de invloed van de windroos op de geluidsbelastingen en wordt bij de bepaling van het effect (afscherming en reflectie) van geluidsschermen rekening gehouden met een verbeterde bepalingsmethode.
Bij de aanpassing van het RMG2012 is besloten de emissiegegevens uit 2002 te handhaven terwijl op dat moment (metingen 2010) bekend was dat deze waren gewijzigd in lijn met de ontwikkelingen die nu zijn verwerkt in Rekenmethode Ow. De grote verschillen in geluidemissie tussen het RMG2012 en Rekenmethode Ow deden zich dus voor een deel ook al voor in 2012. 7
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
9
Omdat de uitkomsten van CNOSSOS en RMG2012 voor wegverkeerslawaai (mede) zijn gebaseerd op verouderde emissiegegevens voor het verkeer worden de resultaten bepaald met de Rekenmethode Ow beoordeeld als representatief voor de werkelijk aanwezige geluidsbelasting. Ook voor het geluid van de metrolijn wordt er vanuit gegaan dat de geluidsbelasting bepaald met Rekenmethode Ow het beste aansluit voor bij de werkelijk aanwezige geluidsbelasting. Voor de metrolijn is verder van belang dat deze grotendeels een verhoogde ligging (ca. +6,0 tot 6,5 meter boven maaiveld) heeft, waardoor de geluidsbelastingen op de beoordelingshoogte van +4,0 meter boven maaiveld in sterke mate worden bepaald door de afschermende werking van aanwezige verhoogde randen van het metroviaduct. Op grotere beoordelingshoogten zal de afschermende werking aanzienlijk minder zijn en treden er veel hogere geluidsbelastingen op dan bepaald op 4,0 meter hoogte. Voor situaties met vrij zicht op het metrospoor kunnen de geluidsbelastingen tot +10 dB hoger uitvallen. Om een vergelijking met de resultaten uit 2016 mogelijk te maken worden in deze rapportage de resultaten voor 2021 gepresenteerd voor alle drie de rekenmethoden (CNOSSOS, RMG2012 en Rekenmethode Ow).
2.2.4 Dosis-effectrelaties gezondheidseffecten In bijlage XIX van de Omgevingsregeling (Or) is in bijlage 2 een rekenmethode opgenomen voor het berekenen van schadelijke effecten met betrekking tot dit Actieplan. In deze bijlage zijn voor geluidactieplannen die moeten worden opgesteld in het kader van de richtlijn omgevingslawaai de dosis-effectrelaties vastgelegd tussen de hoeveelheid geluid en de statistische kans op gezondheidseffecten bij mensen die daar aan worden blootgesteld. De dosis-effectrelaties in bijlage XIX van de Or zijn herzien ten opzichte van de tot en met 2016 gebruikte dosis-effectrelaties, zoals opgenomen in bijlage 2 van de Regeling geluid milieubeheer (Rgm) tot 1 maart 2022. Op grond van bijlage XIX van de Or dienen de volgende schadelijke effecten te worden bepaald en gerapporteerd aan de EU: 1. ischemische hartziekten (IHD) voor wegverkeer 2. hoge mate van hinder (HA) voor wegverkeer, railverkeer en luchtvaart 3. hoge mate van slaapverstoring (HSD) voor wegverkeer, railverkeer en luchtvaart In onderstaande tabellen 2.1 en 2.2 is voor weg- en railverkeerslawaai een overzicht opgenomen van de dosis-effectrelaties zoals deze nu gelden conform de Omgevingsregeling (Or) en tot en met 2016 golden conform de Regeling geluid milieubeheer (Rgm). Tabel 2.1 Vergelijking dosis-effectrelaties hoge mate van hinder en slaapverstoring wegverkeerslawaai Lden
hoge mate van hinder (HA)
Lnight
hoge mate van slaapverstoring (HSD
Klasse
Or
Rgm (2016)
Klasse
Or
Rgm (2016)
55 - 60 dB
13%
8%
50 - 55 dB
5%
7%
60 - 65 dB
18%
13%
55 - 60 dB
7%
10%
65 - 70 dB
24%
20%
60 - 65 dB
10%
13%
70 - 75 dB
33%
30%
65 - 70 dB
14%
18%
≥ 75 dB
43%
37%
≥ 70 dB
18%
20%
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
10
Tabel 2.2 Vergelijking dosis-effectrelaties hoge mate van hinder en slaapverstoring railverkeerslawaai Lden
hoge mate van hinder (HA)
Lnight
hoge mate van slaapverstoring (HSD
Klasse
Or
Rgm (2016)
Klasse
Or
Rgm (2016)
55 - 60 dB
14%
3%
50 - 55 dB
8%
3%
60 - 65 dB
21%
6%
55 - 60 dB
14%
5%
65 - 70 dB
29%
11%
60 - 65 dB
21%
6%
70 - 75 dB
39%
18%
65 - 70 dB
31%
8%
≥ 75 dB
50%
23%
≥ 70 dB
42%
10%
Uit de in tabel 1 en 2 opgenomen vergelijkingen volgt dat er (aanzienlijke) verschillen zijn tussen de Europese dosis-effectrelaties die nu dienen te worden gehanteerd voor de rapportage aan de EU en de in het verleden gehanteerde Nederlandse dosis-effectrelaties. Met name voor railverkeerslawaai leiden de aangepaste dosis-effectrelaties tot aanzienlijk hogere aantallen mensen die een hoge mate van hinder en slaapverstoring ondervinden. De dosis-effectrelaties zijn voor weg- en railverkeerslawaai voor de huidige rapportage aan de EU anders gedefinieerd. Hierdoor kunnen de huidige resultaten niet een-op-een worden vergeleken met de resultaten in 2016. In 2016 is gebruikgemaakt van afwijkende blootstellingsklassen voor Lden / Lnight, namelijk: - 55 - 59 dB / 50 - 54 dB - 60 - 64 dB / 55 - 59 dB - 65 - 69 dB / 60 - 64 dB - 70 - 74 dB / 65 - 69 dB ≥ 75 dB / ≥70 dB Om een correcte vergelijking te kunnen maken zijn daarom voor 2016 de woningaantallen opnieuw bepaald conform de klasseindeling die geldt voor 2021 en de huidige dosis-effectrelaties.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
11
3
Lokale beschrijving
3.1
Algemeen Nissewaard (afbeelding 3) is op 1 januari 2015 ontstaan door samenvoeging van de voormalige gemeenten Spijkenisse en Bernisse. Op 1 januari 2018 is er een grenscorrectie doorgevoerd met de gemeente Hellevoetsluis. Sindsdien hoort de kern Oudenhoorn bij de gemeente Hellevoetsluis en niet meer bij Nissewaard.
Afbeelding 3
Gemeente Nissewaard
De gemeente Nissewaard maakt onderdeel uit van het omvangrijke verstedelijkte gebied rondom Rotterdam. De gemeente Nissewaard had per 1 januari 2021 ca. 85.400 inwoners. Spijkenisse Spijkenisse is als groeikern in de omgeving van Rotterdam in de tweede helft van de vorige eeuw van een klein plattelandsdorp uitgegroeid tot een middelgrote stad met ca. 72.000 inwoners. De stad ligt ingesloten tussen het Hartelkanaal, de Oude Maas en het Spui. Er zijn twee hoofdontsluitingen voor verkeer van/naar Rotterdam, namelijk de Spijkenisserbrug en de Hartelbrug. Beide ontsluitingen worden via de Groene Kruisweg aangesloten op het hoofdwegennet van Spijkenisse. Gelet op de beperkte ontsluitingsmogelijkheden heeft de gemeente Nissewaard te maken met intensief gebruik van de bestaande infrastructuur. Met name in de spitsuren is er regelmatig sprake van het stagneren van het verkeer bij de ontsluitingsknooppunten. Naast de wegverkeersontsluitingen loopt er ook een metrolijn vanaf de wijk “De Akkers” door Spijkenisse naar Rotterdam en omgeving. Deze metrolijn neemt een belangrijke plaats in bij het verwerken van de intensieve stroom reizigers van en naar Rotterdam.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
12
In het noordwesten van Spijkenisse bevindt zich een bedrijventerrein (Halfweg-Molenwatering) zonder grote industrie. In 2013 is een nieuw bestemmingsplan vastgesteld voor het bedrijventerrein, waarbij zogenaamde grote lawaaimakers zijn uitgesloten. Bij de locatie waar zich van oudsher de meeste bedrijvigheid bevond, het gebied aan de Haven aan de oostkant van Spijkenisse, vinden momenteel nog maar op zeer beperkte schaal bedrijfsmatige activiteiten plaats. In de toekomst zal dit terrein verder ontwikkeld worden als woongebied. Op 25 april 2018 heeft de gemeenteraad daarom besloten de geluidszone op te heffen. Overige kernen De gemeente Nissewaard bestaat naast Spijkenisse uit de dorpskernen Abbenbroek (ca. 1.200 inwoners), Hekelingen (ca. 1.600 inwoners), Geervliet (ca. 1.600 inwoners), Heenvliet (ca. 2.500 inwoners), Simonshaven (ca. 600 inwoners), Zuidland (ca. 6.000 inwoners). De grootste groeikern is Zuidland met de wijk ‘Kreken van Nibbeland’. De kernen bevinden zich veelal verspreid in het buitengebied, met uitzondering van Hekelingen dat vrijwel tegen Spijkenisse aanligt. Hierbij liggen de kernen Geervliet en Heenvliet binnen de invloedsfeer van de provincialeweg N218 (Groene Kruisweg) en het industrieterrein Botlek-Pernis. Binnen de kernen Abbenbroek, Zuidland en Simonshaven vormt met name het verkeer op de ontsluitingswegen de bepalende geluidsbron.
Veelal gaat het hierbij van oudsher om dijklinten waarbij de bebouwing zich op korte afstand van de weg bevindt. De wegen buiten de kernen zijn in het beheer van het waterschap Hollandse Delta.
3.2
Omgevingsbeleid thema geluid In 2015 is door de gemeente de ‘Duurzaamheidsagenda Nissewaard - Visie op duurzaamheid in Nissewaard 2015-2020’ vastgesteld. Binnen het compartiment ‘Fysieke leefomgeving’ is aangegeven dat de gemeente een geluidsarme wegverharding zal toepassen bij groot onderhoud aan een weg gelegen in een hoog geluidsbelast gebied (zoals aangegeven in het Actieplan Geluid Spijkenisse 2012). In 2016 is het ‘Hogere grenswaardenbeleid Wet geluidhinder gemeente Nissewaard’ vastgesteld. In deze beleidsnota zijn beleidsregels gegeven voor het vaststellen van hogere waarden op grond van de Wet geluidhinder. Het beleid heeft tot doel het voorkomen en verminderen van (nieuwe) geluidhindersituaties in de gemeente. Hier het nieuwe beleid opnemen?
3.3
Bestaande saneringssituaties Op grond van de Wet geluidhinder dienen woningen die door wegverkeerslawaai in het jaar 1986 een hogere geluidsbelasting dan 55 dB(A) respectievelijk 60 dB(A) op de gevel ondervonden beschouwd te worden als saneringsgevallen, indien de situatie is gemeld voor respectievelijk na 1 januari 2007. Binnen de gemeente Nissewaard zijn in totaal 39 adressen gemeld. Van de gemelde adressen is een groot deel inmiddels gelegen binnen een 30 km/uur-zone of gesloopt. Voor de adressen in een 30 km-zone kan geen subsidie meer worden aangevraagd. Voor de overige adressen is inmiddels een saneringsprogramma vastgesteld. Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
13
3.4
Stiltegebieden In het zuiden van de gemeente Nissewaard is een gedeelte van het stiltegebied Haringvliet - Overflakkee gelegen. Dit stiltegebied is aangewezen binnen de Provinciale milieuverordening Zuid-Holland.
Afbeelding 4
Ligging stiltegebied Haringvliet-Overflakkee ten opzichte van gemeentegrens Nissewaard
Het stiltegebied is alleen gelegen binnen de geluidscontouren van de lokale wegen (gemeente- en waterschapswegen). Onderstaande uitsnede uit geluidsbelastingkaart 2021 voor de wegen geeft de ligging van de Lden-contouren.
Afbeelding 5
Geluidscontouren wegverkeerslawaai Lden ter plaatse van stiltegebied
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
14
3.5
Afweging geluidsreducerende en-beperkende maatregelen Voor gemeentelijke wegen zijn diverse technische maatregelen mogelijk voor het reduceren van de geluidsbelastingen Hierbij kan gedacht worden aan de volgende maatregelen: - Het verlagen van de snelheid van het verkeer; - Het aanleggen van stiller wegdek; - Het plaatsen van geluidsschermen; - Het treffen van gevelmaatregelen (geluidsisolatie). In de gemeente Nissewaard zijn veel wegen binnen woonwijken al aangewezen als 30 km/uur zones met uitzondering van de wijkontsluitingswegen. Bij deze wijkontsluitingswegen blijken zich op basis van de geluidsbelastingkaart 2021 op meerdere plaatsen hoge geluidsbelastingen voor te doen. De reden dat de omliggende wijkontsluitingswegen niet aangewezen zijn als 30 km/uur zone is gelegen in het feit dat deze wegen zowel een verkeersfunctie als een erffunctie vervullen. Vanuit de functie van deze wegen voor het doorgaande verkeer is snelheidsverlaging niet wenselijk. Daarnaast zijn deze wegen vaak fysiek ook niet geschikt om ingericht te worden als 30 km/uur zone. Het verlagen van snelheden op deze wegen is daarom in het algemeen niet mogelijk. Bij het zoeken naar geluidsreducerende maatregelen wordt de voorkeur gegeven aan bron- of overdrachtsgerichte maatregelen. Zowel geluidsschermen als stiller asfalt kunnen hierbij gebruikt worden.
Hierbij dient opgemerkt te worden dat het toepassen van geluidsschermen vaak op stedenbouwkundige bezwaren stuit en zeer zorgvuldig moet worden toegepast. Vaak is er ook sprake van beperkte of geen ruimte om dergelijke schermen te plaatsen. Het treffen van gevelmaatregelen (het isoleren van woningen) is over het algemeen veel minder kosteneffectief dan brongerichte maatregelen. Toepassen stiller wegdek De meest doelmatige manier om geluidsreductie langs wegen te bereiken is in principe het toepassen van stiller wegdek. De geluidreducerende werking van wegdekken kan toegeschreven worden aan een tweetal eigenschappen van het wegdek: - De ruwheid van het oppervlak, aangeduid met textuur. - De mate waarin het wegdek geluid kan absorberen, aangeduid met akoestische absorptie of akoestische impedantie. Het is bekend dat de geluidreducerende werking van een geluidreducerend wegdek in de tijd minder wordt. Voor een standaard wegdek van dichtasfaltbeton geldt echter ook dat deze in de tijd luidruchtiger worden.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
15
De wegdekken met een hogere geluidsreductie, zoals dunne deklagen type A en B, hebben als nadeel dat de civieltechnische levensduur korter is dan bij regulier wegdek van dichtasfaltbeton. Voor dichtasfaltbeton (DAB) bedraagt de levensduur van de toplaag ca. 18 jaar, voor steenmastiekasfalt (SMA-NL5 of NL8) ca. 12-15 jaar en voor een dunne geluidreducerende deklaag (DGD type A en B) ca. 810 jaar. Naast genoemde wegdekken is er ook een groep wegdekken waarvan de geluidreductie tussen SMA en een DGDA in ligt (hierna aangeduid als akoestisch geoptimaliseerd SMA). De levensduur van deze wegdekken worden geschat op ca. 12 jaar. Naast de kortere levensduur hebben DGD eveneens als nadeel dat ze in verband met vroegtijdige schade niet kunnen worden toegepast op plaatsen waar sprake is van wringend verkeer, zoals op en nabij kruisingen en rotondes. Op deze plaatsen is het echter wel mogelijk om bijvoorbeeld SMA of akoestisch geoptimaliseerd SMA (zoals SMA-NL8G+) toe te passen. In de situaties waar klinkers (elementenverharding in keperverband) aanwezig is leidt het toepassen van een asfaltverharding tot hogere kosten, omdat ook de fundering van de weg dient te worden aangepast. In deze situatie ligt het daarom meer voor de hand om het wegdek te vervangen door ‘stille’ klinkers.
Daarnaast zijn klinkers voornamelijk aanwezig in 30 km-gebieden en is het onwenselijk om hier een asfaltverharding toe te passen. Om de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten dient bij de toepassing van een stiller wegdek aangesloten te worden bij de programmering van het groot onderhoud aan de weg. Per weg wordt een afweging gemaakt op basis van drie criteria: - Doelmatigheid: waar leidt de inzet van onze middelen tot een substantiële verbetering van de woon- en leefomgeving van zoveel mogelijk omwonenden? - Financiële afweging: zijn er voldoende financiële middelen beschikbaar of is een verdere prioritering noodzakelijk? - Civieltechnische mogelijkheden: een dunne geluidsreducerende deklaag kan bijvoorbeeld niet op en nabij kruisingen en rotondes worden toegepast vanwege grote kans op vroegtijdige schade. Om ervoor te zorgen dat in de toekomst rekening wordt gehouden met de mogelijkheid om een stiller wegdek toe te passen wordt de volgende beleidslijn vastgesteld: - Indien er grootschalig onderhoud aan wegen plaatsvindt bij de wegvakken met een geluidsbelasting boven de plandrempel geldt als uitgangspunt dat een stiller wegdek wordt toegepast. - In zijn algemeenheid geldt dat bij grootschalig onderhoud aan wegen altijd afgewogen dient te worden of toepassing van een stiller wegdek mogelijk/wenselijk is.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
16
4
Resultaten 2021 en vergelijking met 2016 In § 2.2.3 ‘Bepalingsmethoden’ en § 2.2.4 ‘Dosis-effectrelaties’ is ingegaan op de verschillen tussen 2016 en 2021 voor de bepalingsmethoden en dosis-effectrelaties. Naast deze verschillen zijn er nog andere uitgangspunten die relevant zijn voor de uitkomsten. Dit betreft de uitgangspunten voor het aantal geluidsgevoelige gebouwen in beide jaren en het landelijk gemiddelde aantal bewoners van een woning. Gemiddeld aantal inwoners per woning Voor 2021 wordt landelijk uitgegaan van 2,14 inwoners per woning. Dit aantal is lager dan het gemiddelde aantal van 2,2 inwoners dat het uitgangspunt was bij het opstellen van de geluidsbelastingkaarten 2016. Het gebruik van deze aantallen is voorgeschreven en kan dus afwijken van de werkelijke gemiddelde woningbezetting in de gemeente. Aantal gebouwen en adressen In de geluidsbelastingkaarten 2016 en 2021 zijn alle gebouwen en adressen opgenomen die op het moment van opstellen (2017 en 2022) opgenomen/vergund waren in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). Hieronder bevinden zich ook woningen/adressen die op dat moment nog niet daadwerkelijk waren gerealiseerd/bewoond. In tabel 3 is een overzicht van het aantal adressen en berekend aantal inwoners in de gemeente, zoals gebruikt voor de jaren 2016 en 2021. Tabel 3 Adressen en inwoners Jaar
Woonfuncties
Andere geluidsgevoelige objecten**
Overige functies
Totaal aantal adressen
Totaal aantal inwoners***
2016* 2021
39.873 40.417
135 225
4.246 4.464
44.254 45.106
87.721 86.492
* Aantallen inclusief 531 woonadressen en 3 andere geluidsgevoelige objecten in de kern Oudenhoorn. De kern Oudenhoorn maakt sinds 1 januari 2018 onderdeel uit van de gemeente Hellevoetsluis. ** Andere geluidsgevoelige objecten zijn o.a. scholen, ziekenhuizen, gezondheidszorggebouwen en woonwagen standplaatsen en ligplaatsen voor woonschepen. *** Volgens gegevens van het CBS bedroeg het werkelijke aantal inwoners per 1 januari ca. 84.300 (2016) en ca. 85.400 (2021).
4.1
Schadelijke effecten 2021 gebaseerd op CNOSSOS Hierna wordt ingegaan op de schadelijke effecten voor weg- en railverkeer zover deze gerapporteerd dienen te worden aan de EU. De bepaling van de schadelijke effecten is gebaseerd op de resultaten van de geluidsbelastingkaarten 2021 (beschikbaar via https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2022433787.html). De schadelijke effecten die moeten worden gerapporteerd 1. ischemische hartziekten (IHD) voor wegverkeer 2. hoge mate van (ernstige) hinder (HA) voor wegverkeer en railverkeer 3. hoge mate van (ernstige) slaapverstoring (HSD) voor wegverkeer en railverkeer Een samenvatting van de aantallen woningen en inwoners per blootstellingsklasse (gebaseerd op de Europese rekenmethode CNOSSOS) alsmede de bepaalde schadelijke gezondheidseffecten voor weg- en railverkeerslawaai zijn opgenomen in bijlage 2.1.1.
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
17
De schadelijke gezondheidseffecten voor weg- en railverkeerslawaai zijn berekend met gebruikmaking van de Excel-tabel voor agglomeraties, gebaseerd op 5 dB klassen, zoals te vinden op https://iplo.nl/thema/geluid/regels-geluid-handig-toepassen/uitvoering-actieplan-geluid/handreikingberekenen-gezondheidseffecten/@291138/handreiking-berekenen-gezondheidseffecten/). Voor de industrie zijn geen dosis-effectrelaties voor de gezondheidseffecten beschikbaar, zodat wordt volstaan met de woningaantallen en inwoners per blootstellingsklasse.
4.1.1
Wegverkeerslawaai
In tabel 4.1.1 is het aantal inwoners opgenomen dat lijdt aan ischemische hartziekten als gevolg van blootstelling aan wegverkeerslawaai ≥ 55 dB. In tabel 4.1.2 en 4.1.3 is het aantal woningen, het aantal inwoners en het aantal inwoners dat in hoge mate wordt gehinderd of slaapverstoring ondervindt opgenomen. De aantallen woningen per blootstellingsklasse zijn gebaseerd op de geluidsbelastingen bepaald met de Europese rekenmethode CNOSSOS. Tabel 4.1.1 Aantal ischemische hartzieken (IHD) in 2021 ten gevolge van wegverkeerslawaai (CNOSSOS) Indicator Aantal Inwoners Nissewaard 86.492 Aantal inwoners blootgesteld aan ≥ 55 dB 22.316 Aantal ischematische hartziekten 4 Tabel 4.1.2 Aantal inwoners dat in hoge mate hinder ondervond in 2021 (CNOSSOS) 55-60 dB 60-65 dB 65-70 dB 70-75 dB ≥ 75 dB Blootstellingsklasse Lden 4.763 4.338 1.305 22 0 Aantal woningen Aantal inwoners 10.193 9.283 2.793 47 0 Aantal in hoge mate 1.060 1.338 553 12 0 gehinderde inwoners
Totaal 10.428 22.316 2.963
Tabel 4.1.3 Aantal inwoners dat in hoge mate slaapverstoring ondervond in 2021 (CNOSSOS) 50-55 dB 55-60 dB 60-65 dB 65-70 dB ≥ 70 dB Totaal Blootstellingsklasse Lnight 4.280 Aantal woningen 3.548 726 6 0 0 Aantal inwoners 7.593 1.554 13 0 0 9.159 Aantal in hoge mate slaapverstoorde inwoners
317
93
1
0
0
411
Uit bijlage 2.1.1 volgt dat met name de lokale wegen (gemeente- en waterschapswegen8) bepalend zijn voor de geluidhinder in Nissewaard. Het geluid van de provinciale wegen speelt maar een beperkte rol, terwijl het geluid van de rijkswegen (relatief) verwaarloosbaar is.
Bij het opstellen van de geluidsbelastingkaarten 2021 is het geluid van de gemeente- en waterschapswegen niet afzonderlijk bepaald. 8
Ontwerpactieplan Geluid 2024-2028 Nissewaard 624.104.70 / 24 juni 2024
18
4.1.2
Railverkeerslawaai
In tabel 4.1.4 en 4.1.5 is het aantal woningen, het aantal inwoners en het aantal inwoners dat in hoge mate wordt gehinderd of slaapverstoring ondervindt opgenomen. De aantallen woningen per blootstellingsklasse zijn gebaseerd op de geluidsbelastingen bepaald met de Europese rekenmethode CNOSSOS. Tabel 4.1.4 Aantal inwoners dat in hoge mate hinder ondervond in 2021 (CNOSSOS) 55-60 dB 60-65 dB 65-70 dB 70-75 dB ≥ 75 dB Blootstellingsklasse Lden 1.700 661 55 0 0 Aantal woningen Aantal inwoners 3.638 1.415 117 0 0 Aantal in hoge mate gehinderde inwoners
419
241
28
0
0
Totaal 2.416 5.170 688
Tabel 4.1.5 Aantal inwoners dat in hoge mate slaapverstoring ondervond in 2021 (CNOSSOS) 50-55 dB 55-60 dB 60-65 dB 65-70 dB ≥ 70 dB Totaal Blootstellingsklasse Lnight 899 87 3 0 0 989 Aantal woningen Aantal inwoners 1.924 186 6 0 0 2.116 Aantal in hoge mate slaapverstoorde inwoners
126
21
1
0
0
148
Het railverkeerslawaai binnen Nissewaard wordt (vrijwel) geheel bepaald door het geluid van de metrolijn (lokale spoorweg) in Spijkenisse. De hoofdspoorwegen zijn gelegen buiten de gemeentegrens en leveren geen relevante bijdrage aan de geluidsbelasting in Nissewaard.