66. Memo beantwoording vragen LOB, Nissewaard Lokaal en CDA nav effecten uitspraak Hoge Raad
Tekst van het document
Memo aan
van
Gemeenteraad
wethouder Jan Willem Mijnans
datum
pagina
20 januari 2022
1 van 2
Beantwoording vragen n.a.v. uitspraak Hoge Raad Tijdens de bespreking van het bestemmingsplan Kreken van Nibbeland fase 7 en de ABW over de grondverkoop aan Synchroon zijn vragen gesteld over de effecten van de uitspraak van de Hoge Raad voor de beide raadsvoorstellen. Op 17 januari jl. zijn enkele resterende vragen gesteld door de fracties van Nissewaard Lokaal, CDA en LOB de volgende vragen geformuleerd. Voorafgaand aan de beantwoording kan ik melden dat bij de beantwoording gebruik is gemaakt van de deskundigheid van de door ons ingeschakelde externe jurist en dat de werkwijze zoals hieronder opgenomen ook door andere gemeenten, zoals de gemeente Rotterdam, wordt toegepast. 1. Het College heeft als voorzorgsmaatregel gekozen voor de publicatie van het voornemen tot verkoop; partijen hebben dan een beperkte periode om kenbaar te maken dat zij ook belangstelling hebben voor het aankopen van de gronden - past die beperkte termijn binnen de kaders van de algemene wet bestuursrecht? Antwoord: De termijnen uit de Algemene wet bestuursrecht zijn niet van toepassing op de publicatie. Het betreft een (privaatrechtelijke) publicatie van een voornemen tot (ver)koop. Voor wat betreft de termijn voor het aanhangig maken van een kort geding is aansluiting gezocht bij de termijn zoals die wordt gehanteerd op grond van de Aanbestedingswet. -
Wat kunnen de effecten voor planvorming zijn, als zo’n derde partij wil aankopen? Antwoord: Een derde kan een kort geding aanhangig maken tegen de publicatie. Als de derde dat kort geding verliest, dan kan de voorgenomen (ver)koop worden doorgezet en zou het kort geding hooguit voor enige vertraging kunnen zorgen. Als de derde het kort geding tegen de gemeente zou winnen, dan heeft dat – los van de vertraging die dat zo veroorzaken - effect op de planvorming. De gemeente zal dan vermoedelijk alsnog door middel van een verkoopprocedure meerdere partijen de kans moeten geven om mee te dingen naar de aankoop van de grond. De uitkomst van een dergelijke verkoopprocedure zou tot gevolg kunnen hebben dat er uiteindelijk een ander plan wordt gerealiseerd. Uiteraard kan de gemeente in een verkoopprocedure wel randvoorwaarden stellen voor de aankoop van de grond en de planvorming.
-
In het concrete geval van het bestemmingsplan Kreken van Nibbeland fase 7 is voorgesteld om geen exploitatie plan op te stellen, omdat er een anterieure overeenkomst is gesloten;
Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Spijkenisse Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl
datum
pagina
betreft
20 januari 2022
2 van 2
Beantwoording vragen n.a.v. uitspraak Hoge Raad
bindt die overeenkomst ook een derde partij, of moet er dan een nieuwe overeenkomst worden opgesteld? Antwoord: Er is voor Kreken van Nibbeland reeds een sluitende grondexploitatie door de gemeenteraad vastgesteld, waarmee de economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan is geborgd. Alle geraamde kosten die de gemeente maakt zijn onderdeel van de grondexploitatie en worden goedgemaakt door de geraamde opbrengsten uit gronduitgifte. Om deze reden hoeft er geen exploitatieplan te worden vastgesteld. De publicatie naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad betreft het voornemen tot verkoop van de gronden uit de grondexploitatie. Wanneer gronduitgifte aan een andere partij plaats moet vinden, dan moet er een nieuwe overeenkomst opgesteld worden, binnen de ruimtelijke en financiële kaders van het bestemmingsplan en de grondexploitatie. -
Kan dit eventueel leiden tot het moeten betalen van een schadevergoeding aan Haagsebaan Vastgoed? Antwoord: Een schadevergoeding aan Haagsebaan Vastgoed zou eventueel aan de orde kunnen zijn indien de gemeente een door een bezwaarmaker aangespannen civielrechtelijke procedure verliest en wordt gedwongen om de gronduitgifteovereenkomst met Haagsebaan Vastgoed te ontbinden. Er zijn geen aanwijzingen dat een dergelijke procedure aan de orde is. Voorts is de uitkomst van een dergelijke procedure ongewis en is bovendien ongewis of de gemeente in een dergelijke situatie schadeplichtig is. De rechtssituatie naar aanleiding van het Didamarrest is daarvoor te onzeker. Overigens is de gronduitgifteovereenkomst met Haagsebaan Vastgoed een voortvloeisel uit de eerder door de gemeente met Haagsebaan Vastgoed gesloten grondreserveringsovereenkomst, waarvoor in beginsel geldt dat de gemeente schadeplichtig is indien zij haar verplichtingen uit hoofde van de grondreserveringsovereenkomst jegens Haagsebaan Vastgoed niet nakomt.
2. De HR gaat vooral in op de algemene beginsel van behoorlijk bestuur: is het College voornemens om het aanbestedingsbeleid aan te passen aan deze uitspraak? Antwoord: Het college zal de uitwerking van deze uitspraak verwerken in de Nota Grondbeleid, die de kaders bevat waarbinnen het college mag overgaan tot verkoop van onroerende zaken. 3. Wat kunnen de gevolgen zijn voor de gemeenteraad: De raad stelt bestemmingsplannen vast, besluit over wel/niet exploitatieplannen, stelt ABW’s vast; kan de raad worden aangesproken op haar besluiten? Antwoord Het sluiten van een privaatrechtelijke overeenkomst is een bevoegdheid van het college van B&W. Het college moet hierbij voldoen aan wet- en regelgeving. Het college is van mening dat het met de voorgestelde werkwijze voldoet aan de wet- en regelgeving die hiervoor is gesteld, met inbegrip van de uitspraak van de Hoge Raad. Hierdoor vindt het college dat er voldoende waarborgen voor de uitvoerbaarheid van de projecten zijn, om aan de raad – vanuit haar publiekrechtelijke rol – te vragen om de planologische kaders voor deze ontwikkelingen te stellen en voor de realisatie budget beschikbaar te stellen.