53.Voorontwerp-bestemmingsplan trafostation Simonshaven; antwoordnota
Tekst van het document
Antwoordnota vooroverleg en inspraak voorontwerp-bestemmingsplan Trafostation Simonshaven Het voorontwerp-bestemmingsplan Trafostation Simonshaven heeft van 8 september t/m 19 oktober 2023 ter inzage gelegen voor de inspraak. Tevens is het plan in vooroverleg gezonden. Tijdens deze termijn zijn 2 vooroverlegreacties en 2 inspraakreacties ingediend. Hieronder wordt ingegaan op de inhoud van de reacties. 1. Vooroverlegreactie Veiligheidsregio Rotterdam De Veiligheidsregio geeft aan dat er met betrekking tot dit plan geen relevante fysieke veiligheidsaspecten geconstateerd zijn. Antwoord Van deze reactie wordt met instemming kennis genomen. Waterschap Hollandse Delta 1. Voor het dempen en graven van watergang(en), het verplaatsen van hoogspanningsmast 068 en de toename van verhard oppervlak is het noodzakelijk dat Tennet ruim op tijd in overleg treedt met waterschap Hollandse Delta voor toelichting op en/of uitwerking van de definitieve plannen. Antwoord Er heeft inmiddels overleg plaatsgevonden met het waterschap over de nadere uitwerking van de definitieve plannen voor het dempen en graven van de watergang. De aanvraag voor het dempen en graven is reeds ingediend. 2. Verwezen wordt naar het Waterbeheerprogramma 2022-2027 en het Wegenbeheerprogramma 2022-2027, waarin het meerjarige beleid en de doelen van waterschap Hollandse Delta worden beschreven.
Antwoord In de watertoets (Bijlage 6 van de Toelichting) is nog het voorheen geldende waterbeheerprogramma opgenomen. De watertoets is hierop aangepast. In hoofdstuk 2 van de watertoets zijn nu het Waterbeheerprogramma en Wegenbeheerprogramma 2022-2027 opgenomen. 3. Onder 4.4.5 van de toelichting, “Gevolgen toekomstige ontwikkeling”, wordt gesteld dat: ‘Ook geldt voor waterkering Oud Hoenderhoeksedijk een beschermingszone van 5 meter (vanaf de insteek aan de bovenzijde). Het gaat hier om de beschermingszone van de Boezemwatergang, aangeduid met nummer B04458, waarvan de beschermingszone vanaf de insteek van de watergang 5 meter bedraagt. De zonering van de regionale waterkering (compartimenteringskering met boezemkade Oude Hoenderhoeksedijk) waaraan het boezemwater grenst bedraagt aanzienlijk meer. Verzocht wordt om hier rekening mee te houden. Antwoord De beschermingszone van de regionale waterkering is inderdaad groter. De uitbreiding van het hoogspanningsstation valt buiten deze beschermingszone. Wellicht dat een deel van de landschappelijke inpassing (aanleggen van natuurvriendelijke oevers) binnen de beschermingszone van deze waterkering valt. Indien bij de nadere uitwerking hiervan blijkt dat dit het geval is dan wordt in overleg met waterschap hiervoor een vergunning aangevraagd. De tekst in het bestemmingsplan onder 4.4.5 is hierop aangepast. 4.
Verder moet er rekening worden gehouden met de steeds meer toenemende piekbuien. 1
Antwoord Het graven van oppervlaktewater maakt onderdeel uit van het ontwerp, dit dient als berging voor het afstromende hemelwater. In de nadere projectuitwerking wordt een klimaatrobuust ontwerp van de infrastructuur (weg op één oor, verhang in gootconstructies, riolering, dim etc.) uitgelegd, opdat hemelwater bij hevige neerslag kan worden afgevoerd naar oppervlaktewater. 5. Er moet goed getoetst worden of de toegangsweg Oud Hoenderhoekseweg wel toereikend is voor alle toekomstige transporten naar het station. Antwoord Voor het aanleveren van zwaar materieel (waaronder de transformatoren) wordt een plan opgesteld door de betreffende transporteur. Onderdeel van dit plan is het onderzoeken of de wegen waarover dit transport plaatsvindt daarvoor geschikt zijn. Indien noodzakelijk worden maatregelen genomen om die wegen te versterken. In dit onderzoek worden ook de mogelijke effecten op waterkeringen onderzocht en worden, indien noodzakelijk, in overleg met het waterschap hiervoor de benodigde vergunningen aangevraagd. 6. Voorafgaand aan de uitvoering van een dergelijk plan is het aan de initiatiefnemer om te controleren of de werken voldoen aan 'De Keur van waterschap Hollandse Delta, de nota toetsingskaders en beleidsregels voor het watersysteem en/of de algemene regels voor het watersysteem en de wegen 2014’.
Antwoord Dit wordt gecontroleerd en, indien nodig, worden de benodigde vergunningen aangevraagd. 7. Werken in- en nabij waterstaatswerken en wegen van het waterschap zijn o.g.v. de Keur van waterschap Hollandse Delta 2014 vergunningplichtig. Antwoord Zie het antwoord onder 6. Indien nodig worden de benodigde vergunningen aangevraagd. 2. Inspraakreacties Reactie 1 1. Het bouwvlak van het station dient op het gehele perceel gemeente Bernisse, sectie A, nummers 992 en 993 te worden bestemd en ingetekend te worden. In de planregels is nu opgenomen dat buiten het bouwvlak een bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, maximaal 15 meter bedraagt. En voor de afspanportalen, bliksempieken, transformatorcellen en spoelcellen bedraagt de maximale hoogte 30 meter. Dat houdt in dat buiten het bouwvlak bouwwerken van een veel grotere hoogte kunnen worden gerealiseerd dan binnen het bouwvlak, waar een bouwhoogte tot 5 meter geldt. Dat is vreemd, temeer omdat de transformatorcellen met hun omkleding de uitstraling van een gebouw hebben. Waarom wordt er dan voor de vele hogere bouwwerken geen bouwvlak opgenomen? Antwoord Het bouwvlak is geprojecteerd ter plaatse van het nieuwe hekwerk rondom het station. De transformatoren en spoelcellen zijn binnen dit terrein voorzien.
Om onduidelijkheid weg te nemen is het bouwvlak aangepast naar de begrenzing van het 'nieuwe' (zie volgende punt) plangebied voor zover dit de enkelbestemming Bedrijf - Nutsbedrijf betreft. Over de gedeeltelijke aankoop van het perceel Bernisse A 992 is TenneT in overleg met de grondeigenaar. 2
2. De bestemming Nutsbedrijf dient te worden uitgebreid met de bestemming Energiegerelateerd bedrijf. Door de bestemming energie-gerelateerd bedrijf toe te voegen aan de locatie kan het ‘industriële complex’ zo mogelijk worden benut voor het op- en overslaan van energie nabij het station. Op die manier wil cliënt een bijdrage leveren aan de netcongestie op het elektriciteitsnet. Antwoord Uitgangspunt is dat enkel de grond wordt aangekocht en bestemd die daadwerkelijk benodigd is voor de ontwikkeling en bereikbaarheid van het trafostation. De begrenzing van het plangebied is n.a.v. de beantwoording van de reactie hiervoor hiermee in lijn gebracht. Voor perceel Bernisse A 992 betekent dit dat grofweg de helft van het perceel in eigendom blijft van de grondeigenaar en de bestemming 'Agrarisch met waarden - Waardevolle openheid' behoudt zoals die nu is opgenomen in het vigerende bestemmingsplan Buitengebied West. 3. In de bijlage is een landelijke inpassing opgenomen. Hierin is een conceptschets opgenomen waarbij op eigendom van cliënt uitbreiding van het waterlichaam is opgenomen. Ondanks dat het een concept betreft, stelt cliënt zich op het standpunt dat de compensatie van waterberging niet op zijn percelen dient plaats te vinden.
Cliënt wordt door uitbreiding van het station behoorlijk geraakt in zijn exploitatie van het melkveebedrijf en verdere krimp van het grondareaal is niet acceptabel. Ook zullen vanuit het station kabels en leidingen moeten worden aangelegd door de landerijen en op die manier wordt cliënt sowieso benadeeld. Reden dat cliënt voorstelt dat de conceptschets met uitbreiding waterlichaam niet wordt gehanteerd in verdere planontwikkeling. Antwoord Het landschappelijk inpassingplan kent een tweeledigheid welke duidelijker is aangeduid in het plan. a) landschappelijke inpassing direct rondom het stationsgebied op grondeigendom van TenneT (voorwaardelijke verplichting c.q. minimale eindsituatie); b) mogelijk aanvullende landschappelijke maatregelen in de omgeving als versterking van bestaande landschapsstructuren en verzachting van het beeld naar het station. Voor deze versterking is medewerking van grondeigenaren nodig, deze kan daarom op dit moment nog niet volledig worden gegarandeerd. Natuurcompensatie en waterberging vinden plaats op perceeleigendom van initiatiefnemer. De conceptschets (fig. 2.7) is een scenario met mogelijkheden waar aanvullende landschappelijke versterking wordt gezien. Deze is enkel mogelijk en uitvoerbaar indien grondeigenaren hieraan mee wensen te werken. Dit is geen voorwaarde en wordt als zodanig opgenomen in het plan.
Er wordt geen compensatie of waterberging toegepast op percelen in particulier eigendom. 4. Door de uitbreiding van het station zal cliënt mogelijk een deel van zijn exploitatie gedurende vele jaren verliezen. De landbouwgrond zal worden aangewend als werkterrein/bouwterrein. Voor het verlies van het gebruik van de landbouwgrond wenst cliënt gecompenseerd te worden via een kavelruil. Het Rijksvastgoedbedrijf heeft percelen landbouwgrond in de omgeving in bezit. Het is bekend dat dit punt geen planologische grondslag betreft, maar we stellen het zeer op prijs dat uw college dit zo mogelijk bij het ministerie van Economische Zaken onder de aandacht brengt zodat cliënt aanspraak kan maken op de eigendommen van het Rijksvastgoedbedrijf nabij zijn boerderij. Antwoord Voor het gebruik van percelen als werk- en bouwterrein ontvangt perceeleigenaar een vergoeding. De wens om aanspraak te maken op eigendommen van het Rijksvastgoedbedrijf nabij de boerderij wordt meegenomen in overleggen voor de grondverwerving en zakelijk recht overeenkomst. Dit punt staat buiten de bestemmingsplanprocedure. Reactie 2 3
1. Vanuit TenneT is aangegeven dat zij van plan waren om een bestemmingswijziging aan te vragen voor hun locatie, zodat zij kunnen uitbreiden richting de Oud Hoenderhoekseweg. Mijn reactie is geen bezwaar naar de bestemmingswijziging die dit mogelijk (paarse kleur), maar als eigenaar en gebruiker van het naast gelegen agrarische perceel maak ik wel bezwaar dat er zonder overleg een bestemmingswijzing is aangevraagd voor het hoogspanning tracé zonder dat dit vanuit TenneT of de gemeente Nissewaard aan mij kenbaar is gemaakt. Antwoord In mei 2022 is een eerste gesprek gevoerd met indiener. Hierbij is de verplaatsing van de mast besproken (initieel voorzien op perceel Bernisse A 279) en een afbeelding gedeeld waar de verplaatsing van de ZRO-strook is opgenomen. Op verzoek van, en met oog op hinder en overlast voor de grondeigenaar, is de nieuwe mast geprojecteerd naar eigen terrein van TenneT. In latere gesprekken is dit gecommuniceerd. Mogelijk dat hiermee de perceptie is ontstaan dat de bestaande ZRO-strook gehandhaafd kan blijven. TenneT stemt uiteraard de (impact van de) werkzaamheden op het perceel Bernisse A 279 nader met de grondeigenaar af. 2. Er zijn mogelijkheden om vanuit de bestaande mast op het terrein van TenneT een aftakking te maken naar de nieuw aan te leggen stroomverdeling.
Het betreft immers geen uitbreiding van de hoogspanningskabels maar uitsluitend een verplaatsing. Door alleen een uitbreiding van het terrein van TenneT toe te staan geeft dit geen extra beperking aan het huidige en toekomstige gebruik van het ernaast gelegen perceel. Antwoord Het handhaven van de bestaande mast en het aansluiten op een andere tak is gezien de spanningsafstanden en netzekerheid die geboden moet worden richting de Botlek niet mogelijk. Om deze reden is het noodzakelijk dat de mast (op eigen terrein) wordt verplaatst. Het verplaatsen van één mast resulteert in een verschuiving van de dubbelbestemming Leiding ‐ Hoogspanningsverbinding welke thans over het perceel ligt. Mogelijkheden binnen de dubbelbestemming zijn gelijk aan huidige situatie en zijn opgenomen in de planregels. 3. Conclusie Het bestemmingsplan wordt op de volgende punten aangepast: 1. het Waterbeheerprogramma en Wegenbeheerprogramma 2022-2027 worden in hoofdstuk 2 van de watertoets opgenomen; 2. de tekst onder 4.4.5 van de toelichting is aangepast m.b.t. de beschermingszone van de Oud Hoenderhoeksedijk; 3. het bouwvlak van de bestemming Bedrijf-nutsbedrijf wordt aangepast; 4.
de begrenzing van de bestemming Bedrijf-nutsbedrijf wordt aangepast, het resterende deel van het perceel A992 behoudt de vigerende bestemming 'Agrarisch met waarden - Waardevolle openheid' zoals die nu in het vigerende bestemmingsplan Buitengebied West is opgenomen; 5. het plan voor de landschappelijke inpassing wordt aangepast aan de eigendomssituatie rondom het trafostation. De tweeledigheid zal hierin duidelijker worden aangegeven.
4