CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

44. Aangepaste ontwerp programmabegroting 2026 Recreatieschap Voorne-Putten; bijlage 1

Gemeenteraad 21 mei 2025, gemeente NissewaardBij agendapunt: Aanvullende lijst van ingekomen stukken (36 t/m 56)10.908 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programmabegroting 2026 Recreatieschap Voorne-Putten

Ontwerpbegroting 2026

Programmabegroting 2026 | Inhoudsopgave

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 3.1. 3.1.1. 3.1.2. 3.1.3. 3.1.4. 3.1.5. 3.1.6. 3.1.7. 3.1.8. 3.2. 3.2.1. 3.3. 3.3.1. 3.3.2. 3.4. 3.4.1. 3.4.1.1. 3.4.1.2. 3.4.2. 3.4.2.1. 3.4.2.2. 3.4.3. 3.4.3.1. 3.4.3.2. 3.4.3.3. 3.4.3.4. 3.5. 3.6. 3.7. 4. 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5. 4.6. 5.

Bestuurlijke samenvatting _____________________________________________________ 1 Uitgangspunten _____________________________________________________________ 4 Programma instandhouding en ontwikkeling gebieden ______________________________ 5 Gebiedsbeheer _____________________________________________________________ 5 Beheerinformatie ___________________________________________________________ 5 Uitvoeren terreininspecties____________________________________________________ 5 Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer _____________________________ 6 Uitvoeren terreinbeheer ______________________________________________________ 6 Omgevingsmanagement ______________________________________________________ 6 Beheer vastgoed en gronden __________________________________________________ 7 Toezicht en handhaving ______________________________________________________ 7 Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen ___________________________________ 7 Maatschappelijke betrokkenheid _______________________________________________ 8 Vrijwilligers en actief burgerschap ______________________________________________ 8 Plannen maken _____________________________________________________________ 8 Plan- en projectvoorbereiding__________________________________________________ 8 Beheerkostenberekening en analyses____________________________________________ 9 Overhead

__________________________________________________________________ 9 Bestuursproducten __________________________________________________________ 9 Accountmanagement ________________________________________________________ 9 Bestuurssecretaris/secretariaat _______________________________________________ 10 Financiële diensten _________________________________________________________ 10 Financieel beleid ___________________________________________________________ 10 Planning en control (inclusief project control en rechtmatigheidscontrole) _____________ 10 Juridische diensten _________________________________________________________ 11 Aansprakelijkheid __________________________________________________________ 11 Juridische ondersteuning ____________________________________________________ 11 Procederen _______________________________________________________________ 11 Woo-procedures ___________________________________________________________ 12 Projecten/kredieten ________________________________________________________ 12 Mutaties reserves __________________________________________________________ 12 Wat gaat het kosten? _______________________________________________________ 13 Paragrafen ________________________________________________________________ 14 Weerstandsvermogen en risicobeheersing_______________________________________ 14 Onderhoud kapitaalgoederen

_________________________________________________ 17 Financiering _______________________________________________________________ 18 Grondbeleid_______________________________________________________________ 19 Bedrijfsvoering ____________________________________________________________ 20 Deelnemersbijdrage ________________________________________________________ 21 Financiële begroting en bijlagen _______________________________________________ 22

Programmabegroting 2026 | Bestuurlijke samenvatting

1. Bestuurlijke samenvatting In de Gemeenschappelijke Regeling Recreatieschap Voorne-Putten werken de gemeenten Nissewaard en Voorne aan Zee samen aan beheer en ontwikkeling van de recreatiegebieden op Voorne-Putten. Om verschillende redenen, waaronder het feit dat het recreatieschap sinds de fusie van gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne nog slechts twee deelnemers kent, voeren de gemeenten in 2025 een heroriëntatie uit op de Gemeenschappelijke Regeling. Het recreatieschap organiseert de uitvoering van het beheer en de ontwikkeling van de gebieden op basis van een vijfjarige samenwerkingsovereenkomst met Staatsbosbeheer. Deze overeenkomst eindigt per 31 december 2025. De samenwerking is in 2024 geëvalueerd. Belangrijke conclusie van de evaluatie is dat zowel bij de deelnemers van het recreatieschap als bij Staatsbosbeheer een gevoel van tevredenheid overheerst. Er is brede overeenstemming dat het voor de hand ligt om de samenwerking met Staatsbosbeheer voort te zetten. De uitkomst van de heroriëntatie op de GR is daarbij uiteraard van belang. Afgesproken is dat het recreatieschap en Staatsbosbeheer uiterlijk 30 juni 2025 aan elkaar kenbaar maken of de samenwerking vanaf 2026 zal worden voortgezet. In de afgelopen jaren zien we dat veel inwoners en bezoekers de weg weten te vinden naar de verschillende gebieden op Voorne-Putten.

De gebieden van het recreatieschap maken onderdeel uit van deze toeristisch en recreatieve omgeving binnen Zuid-Holland. Daarmee is het bij uitstek een plek waar niet alleen de eigen inwoners maar ook de bezoekers uit de sterk verstedelijkte omgeving ontspanning en rust weten te vinden. “De motor voor de mentale veerkracht van onze inwoners”. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan het regionaal product en de (brede) welvaart. De eerder uitgevoerde verkenning, vormt de basis voor initiatieven binnen het gebied zodat de inwoners en de bezoekers ook in de toekomst hiervan kunnen genieten. Deze doelstellingen leveren voor de directe omgeving een forse bijdrage op in de zin van versterking van de brede welvaart. Het recreatieschap is vanuit dit perspectief onderdeel van de Regio Deal Zuid-Hollandse Delta, een Rijksprogramma om te komen tot een evenwichtige groei en samenwerking binnen de regio. In de afgelopen jaren is met financiële steun vanuit de Regio Deal fors geïnvesteerd in de gebieden ter verbetering van de brede welvaart. De samenwerking vanuit de Regio Deal heeft geleid tot mooie resultaten, niet alleen gericht op het gebruik door onze bezoekers, maar ook met een sterk duurzaam karakter.

Door onder andere kwaliteitsimpulsen (in drie fasen) in de Bernisse en rond het Brielse Meer is samen met de gemeenten en vanuit de Regio Deal met het Rijk voor ongeveer 2,4 miljoen geïnvesteerd. Het gaat hier om verschillende aanlegsteigers, kwaliteitsimpulsen bij waterspeelplaatsen en het aanbrengen van duurzame oeverbeschoeiingen. In 2023 is, mede door het recreatieschap, een aanvraag gedaan voor deelname aan de vijfde tranche van de Regio Deal. Deze is in februari 2024 door het Rijk toegekend. De Regiodeal Next Step is van kracht in de periode 1 januari 2025 tot 1 januari 2028. Het totale beschikbare budget ad. €10 miljoen is verdeeld over vier programma’s en in jaarschijven. Op het moment van schrijven is er nog geen definitieve beoordeling over ingediende aanvragen bekend. Een belangrijke pijler als dekking voor de uitgaven is de bijdrage van de provincie, echter de nieuwe Subsidieregeling beheer recreatiegebieden zet de duurzame effectiviteit van de investeringen onder druk. De regeling, die per 1 januari 2026 zal ingaan, kent geen voorspelbare uitkomst en zorgt voor een beleidsmatige onzekere uitkomst van de begroting. Hierdoor zijn de structurele uitgaven per definitie 1

Programmabegroting 2026 | Bestuurlijke samenvatting

niet met zekerheid in balans. Daardoor ontstaat strijd met de geldende voorschriften. Hierover wordt al geruime tijd overleg gevoerd met de provincie. Op het moment van opstellen van deze begroting is de omvang van de provinciale subsidie in 2026 nog niet bekend. Een mogelijk effect van wijziging van de bijdrage van de provincie wordt daarom in deze begroting buiten beschouwing gelaten. Andere effecten op de inkomsten en uitgaven van het recreatieschap leiden in 2026 tot een begrotingstekort van circa € 400.000. Dit tekort is vanwege de volgende redenen ontstaan: -

reeds in de begroting 2025 aanwezige taakstellende bezuiniging door verlaging van de provinciale bijdrage in 2022 en het wegvallen van de bijdrage van gemeente Rotterdam in 2023 - extra taakstelling om het effect van de in 2024 uitgevoerde herijking van het Terrein Beheer Model op te vangen - hogere lasten voor bestuursondersteuning en financiële diensten - lagere rentebaten uit inkomsten uit economische beheer - lagere deelnemersbijdrage door aanpassing indexering - diverse kleinere mutaties Totale taakstelling

€ 102.000

€ 94.000 € 73.000 € 52.000 € 43.000 € 36.000 € 400.000

Vanwege de zorg voor een evenwichtig financieel beleid en effectieve en doelmatige bedrijfsvoering is reeds in 2022 besloten een optimaliseringsprogramma te starten dat gericht is op verlaging van de uitgaven en verhoging van de inkomsten van het schap. Dit besluit kan niet los gezien worden van de sinds 2011 doorgevoerde maatregelen ter invulling van de bezuinigingsopgave van 15% die in het toenmalige Koepelschap Buitenstedelijk Groen is afgesproken. Sindsdien is het voorzieningenniveau teruggebracht en is het beheer fors geëxtensiveerd. Niettemin is ruimte gevonden voor verdergaande extensiveringen. Hiertoe is in 2024 een pakket aan optimalisatiemaatregelen vastgesteld waarmee een potentiële besparing van € 190.000 behaald kan worden. Het is niet zeker dat de geïdentificeerde maatregelen gerealiseerd kunnen worden. Ook is nog niet volledig inzichtelijk of de maatregelen direct tot kostenbesparing kunnen leiden, o.a. vanwege contractuele afspraken met aannemers. Daarom wordt gerekend met circa 75% = € 150.000 besparing in 2026. Voor het resterende tekort van € 250.000 verkent het recreatieschap maatregelen om inkomsten te verhogen. De haalbaarheid daarvan is echter nog onvoldoende ingeschat en bovendien is doorlooptijd gemoeid met de realisatie. Gelet hierop is in 2026 nog geen resultaat van deze maatregelen te verwachten.

Om het resterende tekort toch in 2026 in te kunnen lossen zal het recreatieschap in 2025 besluiten nemen over meer ingrijpende maatregelen, zoals bijvoorbeeld het afstoten van delen van het beheerareaal. De voorbereidingen hiervoor zijn in het 2e kwartaal van 2025 gestart. In 2026 zal een verdere invulling worden gegeven aan verschillende projecten met als doel bos te compenseren en waar mogelijk extra bos aan te leggen. Deze opgave komt voort uit de gevolgen van de essentaksterfte en de ambitie vanuit het Rijk om extra hectaren bomen te planten. De uitwerking wordt in nauwe samenwerking met de gemeenten en de inwoners uitgevoerd. Onderwerpen van blijvende aandacht zijn de kwaliteit van het open water binnen de beheersgebieden en het gebruik van de gebieden. Hiervoor is inmiddels een vast overleg met het waterschap gestart om deze samenwerking verder te intensiveren. Wat betreft het gebruik van de gebieden vraagt het houden van toezicht en het handhaven veel aandacht hetgeen in de toekomst mogelijk een opwaartse druk geeft op de capaciteit en de kosten. 2

Programmabegroting 2026 | Bestuurlijke samenvatting

Tenslotte zal in de komende tijd ook het onderwerp van de bereikbaarheid een punt van aandacht zijn. Op meerdere tafels, zoals de MRDH, komt dit onderwerp op de agenda ter bevordering van de recreatie en het toerisme. Financiële samenvatting Voor 2026 ligt er een sluitende begroting met een deelnemersbijdrage van € 1.580.460 en een subsidie van de Provincie Zuid-Holland van € 960.716. De deelnemersbijdrage wordt gespecificeerd weergegeven in paragraaf 3.7. Voor een nadere specificatie van de lasten en baten wordt verwezen naar de diverse paragrafen. In hoofdstuk 5 wordt verder ingegaan op de meerjarenraming en de vermogenspositie.

3

Programmabegroting 2026 | Uitgangspunten

2. Uitgangspunten Het uitgangspunt voor de programmabegroting 2026 is bestaand en aanvaard beleid, zoals dat vastgelegd in de door het Algemeen Bestuur op 11 december 2024 vastgestelde Uitgangspunten Programmabegroting 2026. Voor de prijsstijging op de ramingen voor 2026 is een indexatie van 5,2% toegepast, overeenkomstig het indexeringspercentage van de Kring van gemeentesecretarissen. Deze indexering wordt toegepast op alle lasten, met uitzondering van belastingen, verzekeringen, rentelasten en afschrijvingen. De indexering wordt in principe niet toegepast op de baten (voorzichtigheidsbeginsel). Voor de meerjarenraming 2027 tot en met 2030 is geen indexering toegepast. De deelnemersbijdragen zijn conform de Gemeenschappelijke Regeling verwerkt, maar zijn voor 2026 met een afwijkend percentage van 2,8% geïndexeerd.

4

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

3. Programma instandhouding en ontwikkeling gebieden Het programma is opgebouwd uit de volgende onderdelen: -

Gebiedsbeheer Maatschappelijke betrokkenheid Plannen maken Overhead Algemene dekkingsmiddelen Kredieten en Mutatie reserves

3.1. Gebiedsbeheer Aantrekkelijke en gevarieerde gebieden, die onderling samenhangen en verbonden zijn, en waarin recreatie en ecologie elkaar versterken. Dat vraagt om professioneel beheer. Met het Terrein Beheer Model (TBM) bijvoorbeeld, waarmee we gefundeerde inrichtings- en beheerkeuzes kunnen maken, met inzicht in de beheerkosten. Voor het aantrekkelijk houden van de gebieden is het belangrijk dat bezoekers zich er welkom en veilig voelen. Het recreatieve aanbod is divers en sluit aan bij de vraag van de gebruikers. En we zorgen voor de afhandeling van vragen, klachten en verzoeken voor gebruik van het gebied en voor handhaving. 3.1.1. Beheerinformatie Wat willen we bereiken Beheerinformatie levert inzicht in de beheerwerkzaamheden en kosten voor de komende jaren. Deze informatie is onmisbaar voor een goede beheervoorbereiding en -uitvoering in de terreinen. Wat gaan we er voor doen Meten is weten. Daarom is het van belang dat de beheerinformatie inzichtelijk en op orde is. De koppeling aan een Geografisch Informatie Systeem (GIS) aan het Terrein Beheer Model maakt data en kosten inzichtelijk, goed te beheren en te vergelijken.

Het gaat hierbij om bijvoorbeeld kaartmateriaal van de huidige en toekomstige inrichting, planningen, geografische gebiedsanalyses en beschrijvingen van kapitaalgoederen zoals wegen en paden, maar ook ‘kunstwerkpaspoorten’ voor bijvoorbeeld bruggen en steigers. 3.1.2. Uitvoeren terreininspecties Wat willen we bereiken Het uitvoeren van inspecties leidt tot actuele, heldere beheerdata. Daarmee kan op de korte termijn de kwaliteit en veiligheid in de gebieden gewaarborgd worden en is op de langere termijn inzicht in de noodzakelijke investeringen.

5

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

Wat gaan we er voor doen Door systematische visuele en technische inspecties te doen blijft er zicht op de onderhoudsstaat van de natuur- en recreatieterreinen. Zo kan er tijdig bijgestuurd worden. Inspecties stellen in staat dat: - de kwaliteit van het terrein te geborgd wordt; - de meerjarenplanningen groot onderhoud actueel gehouden wordt; - de veiligheid in het gebied (beter) gewaarborgd blijven; - er invulling gegeven wordt aan aantoonbaarheid (juridische aansprakelijkheid). 3.1.3. Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer Wat willen we bereiken Beoogd wordt een natuurlijke en eigentijdse inrichting van de terreinen, met naast recreatieve mogelijkheden ook aandacht voor landschappelijke kwaliteit en vergroting van de biodiversiteit. Wat gaan we er voor doen Terreinbeheer is continu inspelen op nieuwe wettelijke kaders en op vragen en veranderend gebruik van stakeholders in en om de terreinen. Het is dan ook belangrijk om deze vraagstukken goed te volgen en aanpassingen te onderbouwen en te implementeren in het beheer. Recreatieadviseurs, ecologen en landschapsarchitecten zetten hierbij hun kennis van zowel het recreatiegebruik en de natuur- en landschapswaarden van de gebieden als hun landelijke expertise in, zodat het beheer wordt ingericht vanuit een integraal perspectief. 3.1.4.

Uitvoeren terreinbeheer Wat willen we bereiken Efficiënt en hoogwaardig terreinbeheer levert een duurzaam onderhouden recreatie- en natuurgebied op dat aansluit op de wensen van bezoekers, met faciliteiten die schoon, heel en veilig zijn. Daarnaast draagt het beheer bij aan natuurwaarden en biodiversiteit. Wat gaan we er voor doen Binnen de kaders van wet- en regelgeving en met behoud van de landschappelijke kwaliteit wordt integraal en duurzaam terreinbeheer uitgevoerd. Verder wordt er op basis van Social Return gewerkt; en wordt ervaring in beheer, recreatie en biodiversiteit gedeeld. Uitvoering van het werk gebeurt op basis van het Terrein Beheer Model. Deze systematiek garandeert de kwaliteit van het beheer en maakt vervangingsinvesteringen voor dagelijks en groot onderhoud per jaar inzichtelijk. De meerjarige onderhoudsplanning geeft ook inzicht voor de lange termijn. 3.1.5. Omgevingsmanagement Wat willen we bereiken Beoogd wordt een brede waardering voor de gebieden, heldere communicatie en samenwerking met belanghebbenden, gezamenlijke verantwoordelijkheid en begrip voor beheermaatregelen. Wat gaan we er voor doen Veel mensen voelen zich betrokken bij de gebieden en willen graag meedenken en bijdragen aan het beheer van terreinen. Goed terreinbeheer betekent dus ook: communicatie en samenwerking met de omgeving en belanghebbenden.

Er wordt gebruik gemaakt van diverse vormen van gebieds- en

6

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

stakeholdercommunicatie, zoals participatie- en informatiebijeenkomsten, woordvoering, en (landelijke) online en offline communicatiekanalen. De boswachters zijn hierbij lokaal aanspreekpunt en monitoren wat er in de omgeving leeft. Uiteraard worden ook landelijke expertise en netwerken ingezet. 3.1.6. Beheer vastgoed en gronden Wat willen we bereiken Professioneel vastgoed- en grondbeheer houdt de (vermogens)positie op orde. Bovendien wordt voldaan aan de rechten en plichten die het eigendom met zich meebrengt. Zorgvuldig en passend medegebruik draagt bij aan het recreatieaanbod én aan structurele inkomsten. Wat gaan we er voor doen De grondpositie (de gronden en vastgoed binnen het werkingsgebied) vormt de basis van elk natuuren recreatiegebied. Duurzame borging van dit bezit vraagt om zorgvuldig beheer (goed rentmeesterschap). Daarmee wordt invulling gegeven aan verzoeken om medegebruik, bijvoorbeeld door erfpacht- of andere gebruiksovereenkomsten aan te gaan, inclusief de administratieve, financiële en juridische afwikkeling daarvan. Professioneel grond- en vastgoedbeheer is ook financieel van belang: de grond en gebouwen vormen immers uw kapitaal.

Bij het sluiten van de SOK en bijbehorende uitvoeringsagenda is de inzet voor contractverlengingen en -herzieningen uitgezonderd van het operationeel beheer (operationeel beheer omvat slechts een deel van de werkzaamheden die in de PDC tot de werkzaamheden van beheer vastgoed en gronden behoort). 3.1.7. Toezicht en handhaving Wat willen we bereiken Beoogd wordt een gebied te leveren waar mensen zich veilig en welkom voelen en waar de natuur wordt beschermd. Door naleving van de wet- en regelgeving blijft de kwaliteit van het gebied op orde en de recreatie- en belevingswaarde hoog. Wat gaan we er voor doen Toezicht en handhaving bestaat uit vier onderdelen: - Gastheerschap voor de gebruikersgroepen; - Handhaving op geldende bepalingen en wetgeving; - Samenwerking met andere bevoegde toezichthouders (politie, gemeentelijke handhavers); - Vaartoezicht in waterrijke gebieden. De uitvoering van deze onderdelen door boswachters met boa-bevoegdheden, gebeurt in overleg met o.a. gemeenten en andere toezichthouders. Hierbij wordt ingespeeld op de aard van het gebied en mogelijke probleemsituaties in de terreinen en/of op het water. 3.1.8. Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen Wat willen we bereiken De gebieden bieden ruimte voor initiatieven van derden, zorgvuldig getoetst aan de andere belangen voor het terrein. Afspraken met partijen worden vastgelegd en gecommuniceerd.

7

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

Wat gaan we er voor doen De gebieden worden regelmatig gebruikt door organisaties en particulieren voor het organiseren van activiteiten en evenementen. Dat is een maatschappelijke meerwaarde. Want naast het beschermen van natuur, zijn ook het beleven en benutten van terreinen belangrijke waarden. Maar niet alles kan en mag overal. Daarom is het nodig om heldere afspraken te maken over het gebruik van het gebied en de faciliteiten, zeker bij grote bezoekersaantallen. Dit wordt vastgelegd in de vorm van een vergunning (wordt bij grotere evenementen verstrekt door gemeenten), ontheffing of toestemming. Vanzelfsprekend op basis van de afspraken en doelstellingen die voor een terrein gelden.

3.2. Maatschappelijke betrokkenheid Duurzaam, hoogwaardig beheer vraagt om afstemmen en samenwerken. Met omwonenden, ondernemers en diverse gebruikersgroepen. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vinden er zinvol werk en hun inzet verhoogt de kwaliteit van gebieden. Ook zorgen we dat de terreinen toegankelijk zijn voor mensen met een beperking en bieden we lesprogramma’s en voorzieningen aan voor jeugd. Zo verbinden we duurzaam beheer met maatschappelijk beheer en werken we samen aan terreinen waar mens en natuur elkaar vinden. 3.2.1. Vrijwilligers en actief burgerschap Wat willen we bereiken Een zorgvuldige aanpak van vrijwilligerswerk en actief burgerschap leidt tot betrokkenheid, betekenis en plezier bij gebruikers en de omgeving van het gebied. De vrijwilligers werken mee aan excursies, jeugdactiviteiten en terreinbeheer, maar ook helpen zij bij monitoring, toezicht en handhaving en bij vragen, meldingen en klachten van bezoekers. Wat gaan we er voor doen Veel mensen voelen zich betrokken bij de gebieden en zetten zich er graag voor in. ‘Vrijwilligers en actief burgerschap’ is een essentieel product om hen hiervoor op een zorgvuldige, professionele manier ruimte te bieden en terreinen op eigentijdse wijze te beheren. Dat levert kwalitatief hoogstaand gebiedsbeheer op en bovendien draagvlak in de omgeving.

Het bestaat uit o.a.: - professionele begeleiding inzet van vrijwilligers; - faciliteren en onderhouden van participatiegroepen; - samenwerken met bewonersplatforms, stichtingen en verenigingen.

3.3. Plannen maken Gebiedsbeheer gaat verder dan de bestaande inrichting zorgvuldig en efficiënt in stand houden. Het gaat ook om flexibel kunnen reageren op veranderende maatschappelijke en ecologische vraagstukken. Maar ook om aanpassing van beheer naar de nieuwste inzichten op het gebied van recreatie, kwaliteit van de leefomgeving, klimaatadaptatie en ecosystemen. Dat vraagt om strategische en onderbouwde doorontwikkeling van terreinen. 3.3.1. Plan- en projectvoorbereiding Gedurende het jaar kunnen zich knelpunten of kansen aandienen, die vragen om een eerste beoordeling en standpuntbepaling door het bestuur. Ten laste van dit budget wordt alleen de inzet

8

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

van capaciteit benodigd voor het opstellen van een bestuursvoorstel gebracht. Dit voorstel heeft als doel een besluit te nemen of het schap het gesignaleerde probleem wil oplossen of de kans wil benutten en bereid is daarvoor middelen beschikbaar te stellen. Zo’n voorstel geeft daarom inzicht in welke kosten en opbrengsten aan een vervolg zijn verbonden. 3.3.2. Beheerkostenberekening en analyses Wat willen we bereiken De beheerkostenberekening geeft inzicht in de beheerkosten voordat de herinrichting start zodat vooraf bestuurlijke, beheersmatige en financiële keuzes gemaakt kunnen worden en daarmee grip geeft op de begroting (geprognotiseerde en werkelijke kosten). Wat gaan we er voor doen Bij de grote of kleinere herinrichting van een gebied, of bij het inrichten van nieuw terrein, is het wenselijk vooraf inzicht in de te verwachten beheerkosten te hebben. Dit wordt verzorgd door beheerkostenberekeningen en -analyses uit te voeren. In deze berekeningen worden de beheerkosten van de huidige situatie afgezet tegen die van de toekomstige inrichting van een gebied. Ook wordt een analyse gemaakt van de kostenbepalende elementen, zodat er gefundeerd keuzes gemaakt kunnen worden.

3.4. Overhead Efficiënt beheer staat of valt met kwalitatief hoogwaardige bestuurlijke en juridische advisering aan het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur, over ten minste de volgende aandachtsgebieden: - lopende zaken, beleid, ontwikkelingen en toekomst van het schap - nieuwe of gewijzigde wet- en regelgeving die van invloed zijn op het schap Daarbij wordt rekening gehouden met wat er speelt op de betreffende beleidsvelden en met het netwerk binnen en buiten het schap. Dit netwerk bestaat o.a. uit schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat, natuur- en milieuorganisaties en stakeholders in het schapsgebied. Tevens wordt het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter bijgestaan in alles wat de hen opgedragen taken aangaat, o.a. met een goed financieel en administratief management en met een solide juridische onderbouwing en afhandeling. 3.4.1. Bestuursproducten 3.4.1.1. Accountmanagement Wat willen we bereiken De accountmanager is een deskundig aanspreekpunt vanuit Staatsbosbeheer voor het recreatieschap en een opdrachtnemer voor de bestuurlijke opdrachten. Wat gaan we er voor doen Met de bestuurlijk-juridische achtergrond en kennis organisatie fungeert de accountmanager als sparringpartner voor het schap.

Hij is opdrachtnemer voor bestuurlijke opdrachten, bewaakt de voortgang van de projecten en werkzaamheden die daaruit voortkomen en informeert het schap over de voortgang en de eindresultaten. Verder draagt hij zorg voor de archivering van de bestuursstukken.

9

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

3.4.1.2. Bestuurssecretaris Wat willen we bereiken De bestuurssecretaris levert een effectieve ondersteuning en advisering van het bestuur. Daarnaast zorgt hij ervoor dat de vergaderingen goed voorbereid en professioneel verlopen en dat de daarbij behorende vergaderstukken tijdig beschikbaar zijn. Wat gaan we er voor doen De bestuurssecretaris is de expert-sparringpartner. Hij adviseert en begeleidt het bestuur en andere samenwerkingspartners. Met zijn bestuurlijk-juridische achtergrond heeft hij veel kennis van onder meer gemeenschappelijke regelingen. Hij ondersteunt de uitvoering van bestuurlijke taken en besluitvormingsprocessen en denkt mee over bestuurlijke vraagstukken. Als rechterhand van het bestuur vertaalt de bestuurssecretaris besluiten naar concrete afspraken voor Staatsbosbeheer. Hij verzorgt ook de planning, organisatie, voorbereiding en verslaglegging van de bestuursvergaderingen. 3.4.2. Financiële diensten 3.4.2.1. Financieel beleid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een solide financieel beleid dat voldoet aan juridische en financiële vereisten, verordeningen, notities en kaders. Wat gaan we er voor doen Zorgvuldig terreinbeheer en -ontwikkeling vraagt om zorgvuldig budgetbeheer. De beschikbare middelen zijn immers bedoeld om de doelen en visie te realiseren voor uw gebieden. Door kennis, ervaring en netwerk worden de terreinen zo efficiënt mogelijk beheerd.

Er wordt een intern inkoopen beleidskader opgesteld, (Europese) aanbestedingen worden begeleid, contracten worden opgesteld, rapportages voor verantwoording en accountantscontrole worden verzorgd, en de verzekeringsportefeuille wordt gecoördineerd. Uiteraard volgens de wettelijke vereisten. En op onderwerpen wordt financieel advies gegeven. 3.4.2.2. Planning en control (inclusief project control en rechtmatigheidscontrole) Wat willen we bereiken Een Planning & Control-cyclus (P&C) is een wettelijke vereiste. En het geeft daarnaast kader en sturing aan het bestuur en biedt ondersteuning om de doelstellingen te bereiken. Wat gaan we er voor doen Deze P&C begint met het plannen van de jaarlijkse activiteiten (begroting) en eindigt met het vaststellen van het jaarresultaat en het samenstellen van de jaarrekening. Administratie (de vastlegging van financiële handelingen) en projectcontrolling maken vanzelfsprekend onderdeel uit van P&C. Met de najaarsrapportage wordt de uitvoering van activiteiten bewaakt en wordt er voor gezorgd dat de bedrijfsvoering ‘in control’ blijft. Indien nodig wordt het voorgenomen beleid of de activiteiten en processen bijgesteld. Uiteraard binnen het extern kader van Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), fiscale wetgeving en andere wet- en regelgeving.

10

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

3.4.3. Juridische diensten 3.4.3.1. Aansprakelijkheid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een beperking van aansprakelijkheidsprocedures, - risico’s en -kosten. Efficiënte afhandeling van klachten voorkomt bovendien eventuele beroepsprocedures bij de Nationale Ombudsman. Wat gaan we er voor doen Terreineigendom en -beheer brengen juridische verantwoordelijkheden met zich mee. Gezorgd wordt voor een onderbouwde afwijzing of toewijzing van claims, voor de (financiële) afhandeling ervan, of claims worden doorgestuurd naar de verantwoordelijke partij. Omgekeerd wordt gezorgd voor aansprakelijkheidstelling van derden bij schade aan de terreinen. Bij klachten op grond van de Algemene wet bestuursrecht wordt gezorgd voor correspondentie met de directe toezichthouder (Politie en OM), worden hoorzittingen voorbereid en worden beslissingen opgesteld. Verder worden beroepen van klagers bij de Nationale Ombudsman afgehandeld. In bezwaarprocedures wordt gezorgd voor de hoorzittingen en worden beslissingen op bezwaar opgesteld. 3.4.3.2. Juridische ondersteuning Wat willen we bereiken Beoogd wordt een goede en snelle juridische ondersteuning ter voorkoming en beperking van imagoschade en allerhande risico’s. Wat gaan we er voor doen Voor effectief beheer en ontwikkeling van terreinen is een solide juridische basis onmisbaar.

Daarom wordt vorm gegeven aan tal van overeenkomsten in het kader van beleid en uitvoering van beheer, waaronder de samenwerking met derden (private en publieke partijen). Dat gebeurd onder andere door adviseren, beoordelen en/of opstellen van overeenkomsten. 3.4.3.3. Procederen Wat willen we bereiken Het voorkomen van een onnodige gerechtelijke procedure spaart tijd en geld. In die gevallen waarin geprocedeerd moet worden, wordt een vlotte en correcte afhandeling van de procedure beoogd en draagt zodoende bij aan een besparing van kosten en komt uw imago ten goede. Wat gaan we er voor doen Mochten conflicten met derden tot juridische procedures leiden, dan wordt er geprocedeerd als verweerder, eisende partij, gedaagde of belanghebbende en zijn de juristen het aanspreekpunt voor de advocaat. Ook worden collega’s bijgestaan in juridische procedures, bijvoorbeeld als zij slachtoffer zijn van een delict of een ongeval. Als het nodig is, wordt er opgetreden als gemachtigde in een gerechtelijke procedure.

11

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

3.4.3.4. Woo-procedures Wat willen we bereiken Gestreefd wordt naar een snelle en correcte afhandeling van Woo-procedures. Wat gaan we er voor doen Woo-verzoeken worden in behandeling genomen. Ook kan een zienswijze opgesteld worden op een Woo-verzoek dat door derden wordt behandeld en waarin het recreatieschap derde-belanghebbende bent. Cruciaal hierbij is dat over de gevraagde informatie (documenten) beschikt kan worden.

3.5. Projecten/kredieten Bij het opstellen van deze begroting is geen rekening gehouden met projecten die doorlopen tot in 2026. Indien dit het geval blijkt te zijn wordt dit in de Najaarsrapportage 2025 verwerkt.

3.6. Mutaties reserves Toevoegingen

Algemene Reserve

Saldo Resultaat 1-1-2025 bestemming 336.144 63.498-

Onttrekkingen 104.008

Saldo 1-1-2026 168.638

BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Reserve kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve

1.438.249 1.100 334.886 399.730 1.967.808

783.127

2.159.444 1.100 33.823 399.730 91.284

61.932 343.063 1.876.524

53.040

Subtotaal bestemmingsreserves

4.141.773

825.127

2.685.381

2.281.519

Totaal

4.477.917

63.498-

825.127

2.789.389

2.450.157

Kwaliteitsimpuls Steigers VP GO Kwaliteitsimpuls Kunstwerken VP Bosuitbreiding Uitwaaijer - onderzoek wateroverlast Wolvenstee Upgrade MTB De Uitwaayer Uitbreiding en beheerplan Bos Brielse Meer en Bernisse

758.829 1.289.967 31.085 69.000 10.563

Staat van reserves

42.000

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31-12-2026 168.638

126.567

61.932 345.677 1.749.957

53.040

176.993

2.157.566

53.040

176.993

2.326.204

50.426

Investeringsreserve

Totaal

2.159.444

Algemene Reserve

Uitwerken gebiedsgerichte opgave Uitwaayer (planvorming) Optimalisatie Voorne Putten Vervangen achterpui Oude Veerdam Haalbaarheidsonderzoek ophogen fietsbrug naar Simonshaven Subsidie Coordinatie Totaal

2.610 16.610 45.000 12.289 27.500 104.008

Toevoeging aan investeringsreserve in 2025 is inclusief overboeking van 382K extra vanuit GO en overboeking van reserve vervangingsinvesteringen.

12

Programmabegroting 2026 | Programmaplan

3.7. Wat gaat het kosten? Lasten Deelproduct/product

Lasten

Rekening 2024

Personeel Taakstellende bezuiniging Materieel

Begroting 2025 Begroting 2026

Baten

Rekening 2024

1.022.100 (101.757) 2.454.946 3.375.289 49.000

1.120.300 (402.840) 2.557.228 3.274.688 51.500

24.558 (1.242) 59 (1.183)

49.000 30.900

51.500 32.500

-

30.900

32.500

Juridische diensten

53.277 104.912 158.189 174.699 56.057 230.756 9.214 9.214

28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900

60.600 118.500 179.100 190.700 23.400 214.100 31.800 31.800

Totaal overhead

398.159

384.350

Gebiedsbeheer Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken

994.411

Baten

2.487.580 3.481.991 24.558

-

Saldo

Begroting 2025 Begroting 2026

Begroting 2025 Begroting 2026

982.200 982.200 -

1.022.100 (101.757) 1.326.594 2.246.937 49.000

1.120.300 (402.840) 1.575.028 2.292.488 51.500

-

-

-

-

-

-

49.000 30.900 30.900

51.500 32.500 32.500

760 -

-

-

-

28.100 114.700 142.800 140.900 22.450 163.350 30.200 7.700 37.900

60.600 118.500 179.100 190.700 23.400 214.100 31.800 31.800

425.000

760

-

-

-

344.050

425.000

26.681 -

122.850 1.445.837 1.040.788 2.609.575

(130.000) (1.537.364) (960.716) (2.628.080)

(83.319) (1.580.460) (960.716) (2.624.495)

1.128.352 1.128.352 -

-

Rekening 2024 -

1.656.104 1.656.104 -

-

Saldo

59 59

Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel

Rente Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Beheerregeling Provincie Zuid-Holland Algemene middelen Onvoorzien

Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal kredieten

42.602

42.602

-

-

-

3.946.127 471.636

3.839.539 -

26.681

-

3.810.369

4.266.439

129.841

388.574

130.000 1.537.364 960.716 2.628.080 -

3.756.432 -

110.000 1.580.460 960.716 2.651.176 -

(80.248) (1.445.837) (1.040.788) (2.566.973) -

-

-

3.633.376

(2.566.914)

42.807

176.993

182.881

83.062

-

(53.040)

Saldo van baten en lasten

4.417.763

3.839.539

3.940.210

4.655.013

3.756.432

3.816.257

(237.250)

83.107

123.953

Totaal mutatie reserves

682.598

42.000

53.040

381.850

125.107

176.993

300.748

(83.107)

(123.953)

5.100.361

3.881.539

3.993.250

5.036.863

3.881.539

3.993.250

63.498

-

-

Saldo

13

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

4. Paragrafen 4.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin het recreatieschap in staat is middelen vrij te maken om de risico's die zich in de praktijk voordoen op te vangen zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd of ingekrompen moet worden. Conform de nota weerstandsvermogen wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het recreatieschap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Voor de waardering van de toereikendheid van het weerstandsvermogen wordt de volgende tabel gehanteerd. Ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer A B C D E F

Risicoanalyse Risico

Bijdrage PZH Optimalisatie Voorne-Putten Niet kwantificeerbare risico’s

Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 < 0,6

Aard van het risico Structureel Structureel Structureel

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

Financiële impact risico

Kans van optreden H/M/L *) € 520.000 H € 190.000 L € 21.240

Impact (uitgaande van vier jaar) € 1.560.000 € 190.000 € 85.000

*) De financiële impact wordt berekend door bij een hoog risico 75%, bij een gemiddeld risico 50% en bij een laag risico 25% van het bedrag van de financiële omvang te nemen.

Bijdrage Provincie Zuid-Holland vanaf 2026 Bij de uittreding van de provincie Zuid-Holland zijn financieringsafspraken gemaakt die lopen tot en met 2025. In de destijds afgesloten financieringsovereenkomst is het uitgangspunt opgenomen dat de provincie ook na 2025 haar medeverantwoordelijkheid voor recreatiebeheer behoudt en daartoe middelen beschikbaar stelt. De provincie zal dit met ingang van 2026 vormgeven door toepassing van de Subsidieregeling beheer recreatiegebieden. Volgens de regeling kan subsidie echter uitsluitend worden aangevraagd door eigenaren of erfpachters van gebieden die door de provincie aangemerkt zijn als recreatiegebied met een minimumoppervlakte van 100 hectare. Toepassing van deze subsidievereisten leidt er mogelijk toe dat niet alle gebieden van het recreatieschap als subsidiabel zullen worden aangemerkt. Daarnaast hanteert de provincie een plafondbudget waardoor nog niet

14

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

duidelijk is of het in de regeling opgenomen maximale subsidiepercentage van 40% kan worden behaald. De verwachting is dat de provincie uiterlijk in oktober 2025 de hoogte van de bijdrage bekend maakt. Gevolg van bovenstaande is dat de bijdrage van de provincie, die in 2024 € 1.039.494 (inclusief indexering) bedroeg, mogelijk significant lager zal zijn. Voor de risicoanalyse is gerekend met een halvering. Optimalisatie Voorne-Putten Vanwege de vermindering van de bijdrage van provincie Zuid-Holland en het enkele jaren geleden wegvallen van de bijdrage van gemeente Rotterdam heeft het Algemeen Bestuur in 2022 het besluit “Oplossingsrichtingen ten behoeve van een toekomstbestendig Recreatieschap Voorne Putten” genomen. Hiermee heeft het bestuur opdracht gegeven voor het uitwerken van optimaliseringsvoorstellen. Als uitwerking hiervan is in 2024 een besluit genomen over een pakket aan beheermaatregelen waarmee een potentiële besparing van € 190.000 behaald kan worden. Omdat nog niet zeker is dat de geïdentificeerde maatregelen gerealiseerd kunnen worden en de beoogde besparing daadwerkelijk behaald wordt is een risico opgenomen ter hoogte van de totale potentiële besparing. Niet kwantificeerbare risico’s Hier wordt uitgegaan van 2% van de structurele inkomsten. Voor dit beleid volgt het schap het rijksbeleid voor gemeenten.

Het rijk stelt voor gemeenten, die vallen onder het artikel 12-regime, de minimale buffer van de algemene reserve op 2% van de som van de structurele inkomsten. Dit bedrag is daarmee het minimaal gewenste/benodigde weerstandsvermogen voor niet gekwantificeerde risico's. Voor de structurele inkomsten wordt uitgegaan van de huren & pachten en de verwachte rentebaten. Deze zijn in de begroting 2025 gesteld op 1.062K. Het risico is dan 21.240 x 4 = 85.000 euro.

Ratio Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Het totaal van de risico-inventarisatie komt uit op € 1.835.000. De geprognosticeerde stand van de Algemene Reserve is per eind 2026 € 168.638. De ratio komt uit op < 1 en is daarmee niet voldoende. Dit vraagt om ingrijpende maatregelen, zoals bijvoorbeeld het afstoten van delen van het beheerareaal. Het recreatieschap zal hierover in 2025 besluiten nemen, de voorbereidingen hiertoe zijn in het 2e kwartaal van 2025 gestart.

15

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

Kengetallen Voor het verhogen van de transparantie en om makkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie en de baten en de lasten worden met ingang van de begroting 2017 een aantal voorgeschreven kengetallen opgenomen. De kengetallen staan in onderstaande tabel. Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

47% n.b. 46%

43% n.b. 46%

35% n.b. 44%

27% n.b. 41%

21% n.b. 39%

Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie. De Provincie Zuid-Holland gebruikt de volgende signaleringswaarden: Kengetal gezond neutraal risicovol netto schuldquote <90% 90-130% >130% netto schuldquote gecorrigeerd <90% 90-130% >130% solvabiliteitsratio >50% 20-50% <20% structurele exploitatieruimte >0% 0% <0%

De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het recreatieschap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen De solvabiliteitsratio is ruim positief. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele baten en lasten. Het percentage is positief, wat betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van de leningen) te dekken.

16

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

4.2. Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het recreatieschap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande uitgaven voor meerjarig duurzaam onderhoud. Het Terrein Beheer Model wordt periodiek herijkt. Voorziening groot onderhoud De geplande uitgaven van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het recreatieschap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de voorziening groot onderhoud verantwoord. Programma groot onderhoud In onderstaande tabel is het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud te zien voor de komende jaren.

Stand voorziening Groot onderhoud per 01-01 Dotatie Extra dotatie cf. uitvoeringsagenda planning materiële uitgaven inclusief indexering planning personele uitgaven

2024 1.543.781 817.100 162.156 109.813

2025 1.448.314 817.100 1.081.001 324.300

Bos 2023 TBM Overig 2024 Bagger 2024 Solitairen 2024

75.000 6.800 119.750 62.500

Uren overloop

79.215

Overheveling naar IR Stand voorziening groot onderhoud per 31-12

640.598

382.297

1.448.314

134.551

2026 134.551 817.100 729.869 218.961

2027 2.821 817.100 606.386 181.916

2028 31.619 817.100 482.447 144.734

2029 221.539 817.100 488.917 146.675

2030 403.046 817.100 546.156 163.847

2.821

31.619

221.539

403.046

510.143

In 2026 is groot onderhoud en vervangingsonderhoud voorzien aan o.a.: - verhardingen: het uitvoeren van groot onderhoud en vervangingsonderhoud aan diverse elementen- en halfverhardingen, in hoofdzaak aan de noordzijde van recreatiegebied Brielse Meer; - het vervangen van een beschoeiing in het noordelijk deel van recreatiegebied De Bernisse; - speeltoestellen: het uitvoeren van groot onderhoud en vervangingsonderhoud aan alle speelvoorzieningen in het gehele gebied.

17

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

Onderstaand een volledig overzicht van de in 2026 geplande werkzaamheden (excl. P): Categorie

2026

Speeltoestellen Bos Solitairen en knotbomen Asfalt Bagger Elementenverharding Halfverharding Harde oevers Zwemwater Bruggen Vlonders en steigers

€ 161.243 € 14.250 € 10.704 € 2.048 € 26.513 € 114.176 € 194.867 € 89.704 € 27.443 € 4.608 € 89.411

Totaal GO

€ 734.967

4.3. Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden / schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is bij ministeriële regeling vastgesteld op 8,5 % van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. In 2026 is er geen zicht op dat er kasgeldleningen afgesloten worden. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. Er zijn op balansdatum 2026 drie uitstaande geldleningen zonder renteherziening gedurende de looptijd. Er is geen sprake van herfinanciering. Derhalve is er geen renterisico. Ten aanzien van het risicobeheer van de huidige leningen zijn er geen beleidsvoornemens. Het renteresultaat is gelijk aan de rentelasten en bedraagt 36.989 euro.

Tevens is er geen sprake van een financieringsbehoefte. Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. Het drempelbedrag voor 2026 is € 1.000.000.

18

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

EMU saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro. Omdat het begrotingstotaal van het Recreatieschap onder deze grens van €20 miljoen ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen.

Renteschema Renteschema: a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering b. De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente €

-/-

-/-

-

-/-

-

-/-

-

26.681 110.000 -83.319

-

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

+/+ +/+

-83.319

e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-/-

-

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

-83.319

4.4. Grondbeleid Algemeen Het dagelijks bestuur van het recreatieschap heeft begin 2016 de nota grondbeleid vastgesteld waarin de volgende uitgangspunten centraal staan: • Grond is een middel en geen doel. • Bij en met de inzet van grond en vastgoed wordt financiële optimalisatie nagestreefd. • Met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht. • Hoewel het schap zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen – actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie. • Het schap werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen. • Het schap neemt in beginsel niet risicodragend deel in gebieds- en vastgoed)ontwikkelingen en niet zelf grond- of opstalexploitaties voert. • Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform.

19

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting, zulks in relatie tot de met eigendom/erfpacht samenhangende kosten. Schapsspecifiek In programma 2 van de jaarrekening wordt ingegaan op de specifieke grond- en vastgoedontwikkelingen in het schap en de daarbij gerealiseerde resultaten. Daarnaar wordt verwezen. Grondpositie Grondpositie per 31 december 2024: Oppervlakte:

31-12-2023

Totaal

826 ha

31-12-2024*

Toelichting mutatie:

826 ha

*Afgerond op hele getallen

Deze tabel betreft de grondpositie. Hierin zijn niet meegenomen de gronden die het schap op basis van persoonlijke overeenkomsten (o.a. huur) in gebruik en onderhoud heeft. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2024.

4.5. Bedrijfsvoering

Productomschrijving

Beheerinformatie Uitvoeren Terreininspecties Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer uitvoeren Terreinbeheer RO 30% Omgevingscommunicatie Beheer vastgoed en gronden (rentmeesterschap) Toezicht en Handhaving Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen

Gebiedsbeheer

Maatschappelijke Plannen maken betrokkenheid

Overhead

53.800 72.300 24.500 396.200 73.600 135.900 314.500 49.500

Vrijwilligers en actief burgerschap

Totaal

53.800 72.300 24.500 396.200 73.600 135.900 314.500 49.500 51.500

Adviesdiensten o.m strategische vastgoedontwikkeling

51.500 32.500

32.500

Accountmanagement

60.600

60.600

Financieel beleid Planning en control Projectcontrol Rechtmatigheidscontrole

8.950 139.300 31.500 10.950

8.950 139.300 31.500 10.950

Aansprakelijkheid Juridische ondersteuning Procederen WOB-procedures

7.800 20.800 1.600 1.600

7.800 20.800 1.600 1.600

283.100

1.487.400

Subtotaal Dienstverlening in uitgaven voorziening Groot Onderhoud Totaal

1.120.300

220.500

51.500

32.500

220.500 1.707.900

20

Programmabegroting 2026 | Paragrafen

4.6. Deelnemersbijdrage Verdeling deelnemersbijdrage Verdeling overige gemeenten: Gemeente Nissewaard Gemeente Voorne aan Zee

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo 2025

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo 2026

833.967 703.397 1.537.364

855.301 725.159 1.580.460

Percentage

54,12% 45,88% 100%

Inwoners per 01-012024

87.639 74.304 161.943

De deelnemersbijdrage wordt ten laste gebracht naar rato van het aantal inwoners per gemeente. Het inwoneraantal wordt bepaald aan de hand van de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) per 1 januari van het jaar waarin de begroting wordt vastgesteld waaruit het te verrekenen exploitatiesaldo blijkt (t-1). Bij het opmaken van de begroting waren de CBS cijfers over 2024 nog niet beschikbaar, deze worden bij de rapportages over 2026 verwerkt. De deelnemersbijdrage voor 2026 bestaat uit een indexatie van 2,8% over de bijdrage van 2025. Bovenstaande inwonersaantallen zijn de meest recente gegevens. Aan de hand van de later bekende cijfers per 1 januari 2025 zullen de verhoudingen bij de voortgangsrapportage worden gecorrigeerd.

21

Programmabegroting 2026 | Financiële begroting

5. Financiële begroting en bijlagen Lasten Deelproduct/product

Lasten

Rekening 2024

Personeel Taakstellende bezuiniging Materieel

Baten

Rekening 2024

1.022.100 (101.757) 2.454.946 3.375.289 49.000

1.120.300 (402.840) 2.557.228 3.274.688 51.500

24.558 (1.242) 59 (1.183)

49.000 30.900

51.500 32.500

-

30.900

32.500

Juridische diensten

53.277 104.912 158.189 174.699 56.057 230.756 9.214 9.214

28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900

60.600 118.500 179.100 190.700 23.400 214.100 31.800 31.800

Totaal overhead

398.159

384.350

Gebiedsbeheer Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken

994.411

Baten

Begroting 2025 Begroting 2026

2.487.580 3.481.991 24.558

-

Saldo

Begroting 2025 Begroting 2026

982.200 982.200 -

1.022.100 (101.757) 1.326.594 2.246.937 49.000

1.120.300 (402.840) 1.575.028 2.292.488 51.500

-

-

-

-

-

-

49.000 30.900 30.900

51.500 32.500 32.500

760 -

-

-

-

28.100 114.700 142.800 140.900 22.450 163.350 30.200 7.700 37.900

60.600 118.500 179.100 190.700 23.400 214.100 31.800 31.800

425.000

760

-

-

-

344.050

425.000

26.681 -

122.850 1.445.837 1.040.788 2.609.575

(130.000) (1.537.364) (960.716) (2.628.080)

(83.319) (1.580.460) (960.716) (2.624.495)

1.128.352 1.128.352 -

-

Begroting 2025 Begroting 2026

-

1.656.104 1.656.104 -

-

Saldo

Rekening 2024

59 59

Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel

Rente Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Beheerregeling Provincie Zuid-Holland Algemene middelen Onvoorzien

Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal kredieten

42.602

42.602

-

-

-

3.946.127 471.636

3.839.539 -

26.681

-

3.810.369

4.266.439

129.841

388.574

130.000 1.537.364 960.716 2.628.080 -

3.756.432 -

110.000 1.580.460 960.716 2.651.176 -

(80.248) (1.445.837) (1.040.788) (2.566.973) -

-

-

3.633.376

(2.566.914)

42.807

176.993

182.881

83.062

-

(53.040)

Saldo van baten en lasten

4.417.763

3.839.539

3.940.210

4.655.013

3.756.432

3.816.257

(237.250)

83.107

123.953

Totaal mutatie reserves

682.598

42.000

53.040

381.850

125.107

176.993

300.748

(83.107)

(123.953)

5.100.361

3.881.539

3.993.250

5.036.863

3.881.539

3.993.250

63.498

-

-

Saldo

22

Programmabegroting 2026 | Financiële begroting

Toelichting op het overzicht van baten en lasten Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Diverse lasten en baten bedrijfsvoering In tegenstelling tot de reguliere lasten en baten komen deze exploitatielasten en – baten slechts incidenteel voor door de aard hiervan en/of de oorzaak. Het gaat hierbij om o.a. de effecten van periodieke herzieningen van voorzieningen, de financiële consequenties van uitspraken op beroeps- en bezwaarschriften die niet voorzien kunnen worden en terugontvangen bedragen. Deze zaken, welke niet zijn begroot, worden separaat gepresenteerd om de vergelijkbaarheid over de jaren heen eenvoudiger te maken. Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves.

Inhoudelijke toelichting De ramingen zijn gebaseerd op de uitgangspunten die in hoofdstuk 2 van deze begroting zijn vermeld.

Structureel evenwicht In verband met de aanscherping van het financieel toezicht is in de begroting en de meerjarenraming het structureel en reëel evenwicht geïntroduceerd. Het BBV is aangepast, zodat Algemeen Bestuur en financieel toezichthouder kunnen vaststellen of sprake is van een structureel en reëel evenwicht in de begroting en de meerjarenraming. Algemeen uitgangspunt is dat structurele lasten en baten die lasten en baten zijn die betrekking hebben op posten of beleid met een looptijd van meer dan drie jaar. Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves worden als incidenteel beschouwd, tenzij het gaat om reguliere onttrekkingen aan financieringsreserves c.q. dekkingsreserves (kapitaallasten) of om onttrekkingen uit een daartoe toereikende (bestemmings)reserve gedurende een periode van minimaal 3 jaar met als doel het dekken van structurele lasten. Het structureel en reëel begrotingsevenwicht wordt berekend door de totale lasten en baten te verminderen met de incidentele lasten en baten. Het saldo dat overblijft moet positief zijn (de structurele baten zijn dan groter dan de structurele lasten).

23

Programmabegroting 2026 | Financiële begroting

Uiteenzetting van de financiële positie (geprognosticeerde balans) De financiële positie in meerjarenperspectief blijkt uit de geprognosticeerde balanscijfers voor de jaren 2026 tot en met 2030. Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

ACTIVA Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa

4.121.862 882.498

3.885.934 888.866

3.650.006 1.113.512

3.414.078 1.365.203

3.178.150 1.540.832

Totaal activa

5.004.360

4.774.800

4.763.518

4.779.281

4.718.982

PASSIVA Reserves (Geraamd) resultaat Voorzieningen Langlopende schulden Vlottende passiva

2.326.204 4.380 469.186 2.204.590

2.202.251 37.771 330.188 2.204.590

2.078.298 231.344 249.286 2.204.590

1.954.345 416.554 203.792 2.204.590

1.830.392 527.787 156.213 2.204.590

Totaal passiva

5.004.360

4.774.800

4.763.518

4.779.281

4.718.982

Totaaloverzicht

Toelichting op de uiteenzetting van de financiële positie De uitgangspunten, die bij het samenstellen van deze begroting zijn gehanteerd, zijn vermeld in hoofdstuk 2 van deze begroting. De geprognosticeerde balanscijfers lichten we hierna op hoofdlijnen toe. Materiële vaste activa In het bovenstaande totaaloverzicht zijn de afschrijvingen van de komende jaren verwerkt. Financiële vaste activa N.v.t. Vlottende activa De vlottende activa zijn het saldo van de passiva en de materiele vaste activa.

24

Programmabegroting 2026 | Financiële begroting

Reserves Toevoegingen

Algemene Reserve

Saldo Resultaat 1-1-2025 bestemming 336.144 63.498-

Onttrekkingen 104.008

Saldo 1-1-2026 168.638

BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Reserve kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve

1.438.249 1.100 334.886 399.730 1.967.808

783.127

2.159.444 1.100 33.823 399.730 91.284

61.932 343.063 1.876.524

53.040

Subtotaal bestemmingsreserves

4.141.773

825.127

2.685.381

2.281.519

Totaal

4.477.917

63.498-

825.127

2.789.389

2.450.157

Kwaliteitsimpuls Steigers VP GO Kwaliteitsimpuls Kunstwerken VP Bosuitbreiding Uitwaaijer - onderzoek wateroverlast Wolvenstee Upgrade MTB De Uitwaayer Uitbreiding en beheerplan Bos Brielse Meer en Bernisse

758.829 1.289.967 31.085 69.000 10.563

Staat van reserves

42.000

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31-12-2026 168.638

126.567

61.932 345.677 1.749.957

53.040

176.993

2.157.566

53.040

176.993

2.326.204

50.426

Investeringsreserve

Totaal

2.159.444

Algemene Reserve 2.610 16.610 45.000 12.289 27.500

Uitwerken gebiedsgerichte opgave Uitwaayer (planvorming) Optimalisatie Voorne Putten Vervangen achterpui Oude Veerdam Haalbaarheidsonderzoek ophogen fietsbrug naar Simonshaven Subsidie Coordinatie Totaal

104.008

Toevoeging aan investeringsreserve in 2025 is inclusief overboeking van 382K extra vanuit GO en overboeking van reserve vervangingsinvesteringen.

Staat van reserves Algemene Reserve

Saldo 31-12-2026 168.638

Toevoegingen

Onttrekkingen

50.426

Saldo 31-12-2027 168.638

Toevoegingen

Onttrekkingen

53.040

50.426

126.567

61.932 348.291 1.623.390

Saldo 31-12-2028 168.638

Toevoegingen

Onttrekkingen

53.040

50.426

126.567

61.932 350.905 1.496.823

Saldo 31-12-2029 168.638

Toevoegingen

Onttrekkingen

53.040

50.426

126.567

61.932 353.519 1.370.256

BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Reserve kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15564801/1