39.Zorgcontinuïteit deel II; collegeadvies
Tekst van het document
College-advies onderwerp
eenheid
team
Zorgcontinuïteit deel II
Directie
GN-DIR
auteur 154034
toestelnr
I.M. Caerteling
6 548
stuknummer:
2de auteur
toestelnr
20CA00597
M. Jacobs
Besluit: Het college besluit: 1. Dat gecontracteerde aanbieders jeugdhulp lokaal en Wmo met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning, indien de coronacrisis hiertoe noodzaakt, die zich verantwoorden conform de landelijke vastgestelde aanpak, protocollen en definities "Verantwoording 2020 Jeugdwet en Wmo" (op basis van het 3sporenbeleid): a. Alternatieve ondersteuning/zorg mogen bieden t/m 31-12-2020 conform addendum (zie besluitpunt 3). b. Een aanvraag kunnen indienen voor omzetderving bij de gemeente Nissewaard voor de periode 1 maart 2020 tot 1 juli 2020, conform landelijke definitie en zoals opgenomen in het addendum. Dit is van toepassing op de aanbieders die op 13 maart 2020 een contract hadden (conform VNG). Gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. c. Een aanvraag kunnen indienen voor meerkosten, conform landelijke afspraken over meerkosten, bij de gemeente Nissewaard voor de periode 1 maart 2020 tot en met 31-12-2020. Gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 2.
Aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuningen te verplichten voor de aanvragen omzetderving en meerkosten en de verantwoording hiervan, almede de verantwoording van ingezette alternatieve ondersteuning en hulp, gebruik te maken van de landelijke formats op de website i-sociaaldomein.nl. Met in achtneming van de in deze stukken genoemde data. Belangrijke data die in deze worden genoemd bij de verantwoording van spoor 1 en spoor 2 zijn 31-03-2021. 3. Het bijgevoegde addendum bij “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020 vast te stellen en deze toe te sturen aan de desbetreffende gecontracteerde aanbieders, met het verzoek deze voor 31-12-2020 ondertekend te retourneren. 4. Met terugwerkende kracht per 1 januari 2020 tot uiterlijk 31 december 2021 i.h.k.v.
zorgcontinuïteit Open House het overgangsrecht te laten gelden, hetgeen inhoudt dat clienten met een geldige beschikking die voor 1 januari 2020 is afgegeven voor producten/diensten die nu vallen onder de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” en de “Basisovereenkomst Jeugdhulp & Wet Maatschappelijke Ondersteuning”, hun zorg en ondersteuning behouden conform hun beschikking en uitgevoerd onder de voorwaarden en tarieven van de oude contracten.
College-advies advies eenheid Directie
pagina 2 van 13
Hierbij worden voor 2020 de prijzen van 2019 gehanteerd geïndexeerd met 2,7%, en per 1 januari 2021 voor de dan nog lopende ‘oude beschikkingen’ worden de prijzen 2020 met nog eens een index van 1,72% verhoogd. 5. Besluitpunten 1 tot en met 3 ook van toepassing te verklaren voor hulp en ondersteuning op basis van ‘oude contracten’ in het kader van overgangsrecht als bedoeld in besluitpunt 4, die door de aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning wordt geleverd in het kader van zorgcontinuiteit Open House. 6. In aanvulling op besluitpunt 4 van collegebesluit 20CA00187 kan de gecontracteerde uitvoerder van het doelgroepenvervoer de daadwerkelijk geleverde diensten declareren en kan in aanvulling daarop een beroep doen op omzetderving tot 80% van het gemiddelde van de omzet over de maand januari/februari 2020: a. voor de periode 1 mei 2020 tot 1 juli 2020, voor wat betreft het gehele doelgroepenvervoer; b. voor de periode 1 juli 2020 tot 1 september 2020 voor alleen het Wmo collectief vraagafhankelijk vervoer; c. voor de periode 1 september tot uiterlijk 31 december 2020 voor alleen het Wmo collectief vraagafhankelijk vervoer, mits en voor zolang de rijksoverheid en/of de VNG gemeenten hiertoe adviseert; d.
waarbij voor verantwoording de landelijke werkwijze en eventuele formats worden gehanteerd die in overleg tussen de VNG en de Koepelorganisatie van Vervoersbedrijven momenteel worden ontwikkeld. 7. De gecontracteerde uitvoerder van het doelgroepenvervoer kan eveneens een beroep doen op meerkosten, conform artikel 1 aanhef en onder c en artikel 2 van dit besluit. 8. Dat gesubsidieerde aanbieders jeugdhulp lokaal en Wmo voor de periode 1 maart 2020 t/m 31-12-2020 conform de landelijke definitie meerkosten en indiening via het landelijke format meerkosten, t/m 31-3-2021, een aanvraag kunnen indienen voor meerkosten bij de gemeente Nissewaard. De gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 9. Dat PGB-houders, wanneer er sprake is van meerkosten conform de EKC-regeling (extra kosten corona) hiervoor, via het landelijke format “aanvraagformulier extra kosten corona”, voor de periode 1 maart 2020 t/m 31-12-2020 een aanvraag bij de gemeente Nissewaard kunnen indienen. De landelijke definitie van meerkosten is leidend en de gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 10. Dat PGB-houders wanneer er sprake is van niet-geleverde zorg, en de zorgverlener en budgethouder kunnen geen vervangende zorg organiseren, zorgverleners de niet-geleverde zorg mogen declareren voor de periode 1 maart 2020 tot 1 juli 2020.
Hierbij dienen de PGBhouders, via het landelijk ontwikkelde formulier “registratieformulier declaratie nietgeleverde zorg Wlz, Wmo 2015 en Jeugdwet i.v.m. corona”, bij te houden welke zorg niet is geleverd. Dit is van toepassing op de aanbieders die op 13 maart 2020 een contract hadden (conform VNG). 11. De besluitpunten 2, 3, 5 en 7 van het college-besluit 20CA00187 in te trekken. 12. Dat indien bepalingen van dit college-besluit en het bijgevoegde addendum strijdig zijn met bepalingen van het college-besluit 20CA00187, de bepalingen van dit college-besluit en het addendum prevaleren. 13. Aan de teamleiders van de eenheden Maatschappelijke Ontwikkeling en Werk, Inkomen en Identiteit wordt mandaat verleend om de termijn van behandeling van aanvragen tot verlening of vaststelling van subsidie te verlengen, conform artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Nissewaard.
College-advies advies eenheid Directie
pagina 3 van 13
Openbare samenvatting: Met collegebesluit 20CA00187 is vastgesteld hoe Nissewaard omgaat met het bieden van zorgcontinuïteit aan zorgaanbieders die niet in staat zijn de zorg (op de afgesproken manier) te leveren vanwege Covid-19. De manier waarop invulling hieraan moest worden gegeven, zou nog nader worden ingevuld. De VNG en het Ministerie van BZK, het Ministerie van VWS, de Zorgbranches, de Beroepsorganisatie van Accountants en het Ketenbureau i-Sociaal Domein hebben een aanpak opgesteld voor de financiële afwikkeling van de corona-compensatie 2020. Dit maakt dat er een aanvulling nodig is op het college-besluit 20CA00187, te weten: - Dat contractpartijen en gesubsidieerde partijen op grond van de Wmo of de Jeugdwet moeten voldoen aan de landelijke vastgestelde aanpak “Verantwoording 2020 Jeugdwet en Wmo”. Dit houdt mede in dat de landelijk vastgestelde formats moeten worden gebruikt. - Voor zorgaanbieders binnen de Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning wordt een addendum opgesteld over 2020. - Ook houders van een persoonsgebonden budget zijn gehouden aan de landelijke verantwoordingsvoorschriften en formats over 2020, wanneer sprake is van niet geleverde zorg of meerkosten in verband met corona. - Enkele eerder genomen besluiten worden ingetrokken, omdat deze worden vervangen door besluiten in dit advies.
Bij onduidelijkheid tussen de twee besluiten omtrent zorgcontinuïteit, prevaleert het nieuwe besluit. Tevens wordt in dit besluit geregeld dat zorgcontinuiteit wordt gewaarbrogd voor zover clienten nog geen nieuwe beschikking hebben ontvangen op basis van de nieuwe contracten per 2020 en er wordt mandaat verleend voor het uitstellen van behandeling van subsidieaanvragen.
College-advies advies eenheid Directie
pagina 4 van 13
Inleiding: Aanleiding Om een rechtmatige uitvoering van zorgcontinuïteit te waarborgen, zijn nog diverse (technische) besluiten nodig voor eind 2020. Het betreft een drietal onderwerpen: 1. Zorgcontinuiteit m.b.t. Covid 19: Met collegebesluit 20CA00187 is vastgesteld hoe Nissewaard omgaat met het bieden van zorgcontinuïteit aan zorgaanbieders die niet in staat zijn de zorg (op de afgesproken manier) te leveren vanwege Covid-19. Dit naar aanleiding van landelijke afspraken tussen VNG en de rijksoverheid dat gemeenten zorgdragen voor de zorgcontinuïteit van aanbieders waar de gemeente een contract of subsidierelatie mee heeft. De manier waarop invulling hieraan moest worden gegeven, zou nog nader worden ingevuld, mede om de rechtmatigheid te borgen. De VNG en het Ministerie van BZK, het Ministerie van VWS, de Zorgbranches, de NBA (beroepsorganisatie van accountants) en het Ketenbureau iSociaal Domein hebben gezamenlijk een aanpak opgesteld voor de financiële afwikkeling van de corona-compensatie 2020. Deze aanpak is op 9 november 2020 vastgesteld door de Stuurgroep i-Sociaal Domein. Dit maakt dat er een aanvulling nodig is op het college-besluit 20CA00187. 2. Zorgcontinuïteit in het kader van de Open House: per 1 januari 2020 zijn nieuwe contracten ingegaan voor diverse Wmo- en Jeugdwet-producten en diensten.
Omdat op 1 januari 2020 lopende hulpverlening nog niet allemaal was ‘omgezet’ naar producten binnen de nieuwe contracten, is overgangsrecht van toepassing. Dit was echter per abuis niet formeel besloten. Dat dient alsnog te gebeuren. 3. Rechtmatig verlenen van uitstel voor de afhandeling van subsidieaanvragen: Het is ieder jaar niet mogelijk om alle subsidies voor 31 december af te kunnen handelen. Dit heeft vaak diverse oorzaken, die soms bij de aanvrager liggen en soms bij de gemeentelijke organisatie. Om rechtmatig uitstel te kunnen verlenen voor de juiste subsidieaanvragen, is het noodzakelijk het verlenen van uitstel te mandateren. Omdat er nu tijdsdruk op zit en het nog niet opgenomen is in het reguliere mandaatbesluit, wordt dit besluit in dit advies gevraagd. Bestuurlijk belang Dit advies zorgt voor de noodzakelijke randvoorwaarden om rechtmatige afwikkeling van de geboden zorgcontinuïteit en uitvoering van subsidies te kunnen waarborgen. Centrale vraag 1. Welke (aanvullende) besluiten zijn nodig om de afwikkeling inzake zorgcontinuïteit vanwege Covid-19 en op een rechtmatige manier te kunnen uitvoeren en verantwoorden? 2. Wel overgangsrecht is van toepassing voor cliënten wiens beschikking over producten en diensten nog niet is omgezet naar producten en diensten binnen de nieuwe contracten per 1 januari 2020? 3.
Welk besluit is nodig om rechtmatig te kunnen voorzien in uitstel van behandeling van subsidieaanvragen? Beoogd maatschappelijk resultaat: Dit advies ziet toe op rechtmatige afwikkeling van zorgcontinuïteit en subsidieverlening, hetgeen bijdraagt aan het vertrouwen in het handelen van de (gemeentelijke) overheid. Kader: Zorgcontinuïteit in het kader van Covid-19: Op landelijk niveau zijn tussen de VNG en het rijk, i.h.k.v. de corona-crisis, afspraken gemaakt om de zorgcontinuïteit bij aanbieders te waarborgen. Uitgangspunt is dat de afspraken gericht zijn op het voorkomen van acute liquiditeitsproblemen en het neutraliseren van de effecten van de coronacrisis voor de financiële positie van zorgaanbieders. De VNG heeft naar aanleiding hiervan
College-advies advies eenheid Directie
pagina 5 van 13
in haar brief van 18 maart (COS/U202000229) gemeenten opgeroepen om de aanbieders met wie ze een contract hebben in het kader van Wmo-ondersteuning of Jeugdhulp, te blijven betalen, ook als er geen of minder prestatie kan worden geleverd. Kern van de landelijke afspraak is dat financiering van de omzet wordt doorgezet op het niveau van voor de corona-crisis. Hierbij is van toepassing dat het bieden van omzetderving tijdens de coronacrisis uitsluitend houdbaar is wanneer dit ultimo 2020 geen van de betrokken partijen financieel voordeel oplevert. Met collegebesluit 20CA00187 heeft de gemeente Nissewaard aan deze oproep gehoor gegeven, op basis van de toen beschikbare informatie. Dit collegebesluit is in de stuurgroepvergadering Sociaal Domein door wethouders Soeterboek en Struijk verlengd tot 1 juli 2020, conform het aan hen gegeven mandaat in eerdergenoemd collegebesluit. De landelijke afspraken tussen de VNG en het Rijk waren in eerste instantie gericht op het bieden van zorgcontinuïteit. Later heeft een landelijke uitwerking plaatsgevonden i.h.k.v. rechtmatige zorgverlening en het zo laag mogelijk houden van de administratieve lasten voor alle betrokken partijen, in relatie tot de corona-crisis. Rechtmatigheid betekent het handelen in overeenstemming met wet- en regelgeving.
Door de corona-crisis verloopt de zorgverlening (deels) anders, dan waarvan werd uitgegaan in de regelgeving en overeenkomsten met zorgaanbieders. Dit kan formeel tot onrechtmatigheden leiden. Hiermee wordt niet in de eerste plaats gedoeld op fraude, maar op een uitvoeringspraktijk in crisistijd, die niet overeenkomt met de juridische uitgangspunten die gelden in een normale situatie. Bijvoorbeeld doordat contractafspraken niet letterlijk kunnen worden nagekomen. De VNG, het Ministerie van BZK, het Ministerie van VWS, de Zorgbranches, de NBA (beroepsorganisatie van accountants) en het Ketenbureau i-Sociaal Domein hebben gezamenlijk een aanpak opgesteld voor de financiële afwikkeling van de corona-compensatie 2020. Deze aanpak is op 9 november 2020 vastgesteld door de Stuurgroep i-Sociaal Domein. Er is sprake van één verantwoording op basis van een 'drie-sporen beleid'. De drie sporen zijn altijd en voor iedere zorgaanbieder van toepassing wanneer productie is geleverd en aanspraak bestaat op corona-compensatie.
De sporen verhouden zich als volgt tot elkaar: o Spoor één: verantwoording door de zorgaanbieder over de geleverde zorg (regulier of in aangepaste vorm) met behulp van de landelijke formats productieverantwoording en het landelijk accountantsprotocol; o Spoor twee: overeenstemming over de niet-geleverde zorg (continuïteitsbijdrage) en meerkosten, ondersteund door de landelijke formats voor Omzetgarantie en Meerkosten; o Spoor drie: toelichting door de zorgaanbieder op de ontvangen coronacompensatie en meerkosten, in een bijlage bij de jaarrekening. Bij deze landelijke afspraken tussen VNG en het Rijk, i.h.k.v. de corona-crisis, over de waarborging van zorgcontinuïteit bij aanbieders gaat het voornamelijk om: o Het bieden van alternatieve zorg door aanbieders. o Het vergoeden van omzetderving van gecontracteerde aanbieders door de gemeente in de periode maart 2020 tot 1 juli 2020. o Het vergoeden van omzetderving i.h.k.v. PGB. o Het vergoeden van meerkosten bij aanbieders en i.h.k.v. PGB. Uitgangspunt bij de landelijk vastgestelde aanpak is de balans tussen behoeften van zorgfinanciers (gemeenten) aan informatie en de mogelijkheden van zorgaanbieders om daar redelijkerwijs aan te voldoen. Daarmee wordt de verantwoording over het coronajaar 2020 uitvoerbaar gehouden en worden onnodige administratieve lasten voorkomen.
De financiële verantwoording in het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo) ziet er door de coronamaatregelen
College-advies advies eenheid Directie
pagina 6 van 13
zoals de continuïteitsbijdrage- en de meerkostenregeling immers anders uit dan in voorgaande jaren. Aan de vastgestelde landelijke aanpak hangen landelijke formats. Zowel gemeenten als aanbieders worden geacht met de landelijke formats te werken (zie website i-sociaaldomein.nl). Op deze wijze wordt voldaan aan de behoeften van zorgfinanciers (gemeenten) aan informatie en de mogelijkheden van zorgaanbieders om daaraan te voldoen.
Doelgroepenvervoer: De ‘overeenkomst Europese Aanbesteding Doelgroepenvervoer Voorne Putten – gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne en Metropoolregio Rotterdam Den Haag’ biedt ruimte voor een regeling voor omzetderving van 1 mei 2020 tot 1 juli 2020 voor doelgroepenvervoer, en aanvullend van 1 juli 2020 tot 1 september 2020 voor Wmo collectief vraagafhankelijk vervoer, alsmede de meerkostenregeling. De situatie van Covid-19 wordt geacht als overmacht zoals bedoeld in artikel 7 van de eerdergenoemde overeenkomst. Volgens de relevante passage (17.5) genoemd in de Algemene Inkoopvoorwaarden 2017 moet schriftelijk en met overlegging van bewijsstukken een beroep worden gedaan op overmacht door de aanbieder. Voor alle partijen is het echter evident dat de situatie van Covid-19 een overmacht situatie betreft. Het zou dan ook niet opportuun zijn om dit juridisch te verlangen van de aanbieder. Vanaf 20 maart 2020 heeft de aanbieder de gemeente geïnformeerd over de Covid-19 pandemie en onrust hierover binnen het zorgvervoer en taxibranche. Tussentijds zijn de landelijke ontwikkelingen binnen deze branches bijgehouden door zowel de aanbieder en de gemeente en de aanbieder heeft de gemeente hierover geïnformeerd. Dit maakt het redelijk en billijk dat hiermee voldaan is aan de passage (17.5) genoemd in Algemene Inkoopvoorwaarden 2017.
Uitstel van behandeling van subsidieaanvragen: In artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Nissewaard (ASV) is opgenomen dat uiterlijk op 31 december van een kalenderjaar wordt beschikt op subsidieaanvragen. Burgemeester en wethouders kunnen deze termijn verlengen. Artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geeft aan dat het bestuursorgaan aan wie de bevoegdheid is toegekend deze kan mandateren, bijvoorbeeld aan een ambtenaar. Er zijn geen redenen die zich verzetten tegen mandaat in deze situatie. Argumentatie: Besluitpunten m.b.t. gecontracteerde aanbieders (besluitpunt 1 t/m 5): Voor het grootste deel van de gecontracteerde partijen, namelijk via de Open House, is een addendum opgesteld bij de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020. In dit addendum staan de landelijke afspraken verwoord rondom alternatieve inzet van de ondersteuning en hulp, declaratie van omzetderving en vergoeding van meerkosten. Daarnaast is aangegeven welke contractafspraken in deze corona-tijd anders zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om wachttijden, digitale vormen van communicatie in plaats van persoonlijk contact en versoepeling van regels omtrent inzet van personeel, als er een tekort aan personeel is door corona.
Door deze afspraken als addendum bij de uitvoeringsovereenkomst te voegen, wordt duidelijkheid gegeven aan aanbieders en kan de rechtmatigheid van zorgverlening en betalingen aan zorgaanbieders beter worden aangetoond. In de VNG-memo ‘Rechtmatigheid en corona-maatregelen in de Jeugdzorg, Wmo en Pgb’ wordt aangegeven dat het addendum (wijzigen van de overeenkomst) een oplossing is om rechtmatigheidsproblemen bij gecontracteerde aanbieders op te lossen. Het addendum past in onze bedoeling om vanwege de coronacrisis de continuïteit van aanbieders te waarborgen door de financiële effecten
College-advies advies eenheid Directie
pagina 7 van 13
van corona te neutraliseren zodat onze inwoners tijdens en na de coronacrisis zorg kunnen blijven ontvangen. De beschikbaarheidsnuttigheid (de aanwezigheid en instandhouding van de voorziening als zodanig) wordt gezien als een prestatie die zijn grondslag vindt in de gewijzigde overeenkomst. Daarbij komt dat het addendum wederzijds is, het vraagt de instemming van de zorgaanbieder en de gemeente. Tevens is het addendum uitvoerbaar. Het addendum van de gemeente Nissewaard is afgeleid van het model-addendum van de VNG. Het addendum wordt verstuurd aan alle aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst “Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020 met het verzoek om deze voor 31-12-2020 ondertekend naar de gemeente te retourneren. De besluitpunten 1 en 2 van dit advies zijn vanwege het belang hiervan als expliciet besluitpunt opgenomen, ook al maken deze besluitpunten ook onderdeel uit van het addendum. Per 1 januari 2020 zijn de nieuwe contracten ingegaan voor Wmo en lokale jeugdhulp binnen de ‘Open House’. Het gaat om de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” die valt onder de “Basisovereenkomst Jeugdhulp & Wet Maatschappelijke Ondersteuning”. Er is gekozen om in 2020 alle cliënten geleidelijk over te laten gaan van de oude contracten naar de nieuwe contracten.
Er is echter niet formeel besloten dat er na 1 januari 2020 nog hulp en ondersteuning geleverd mag worden op basis van oude contracten. Dit wordt met het besluitpunt 4 gecorrigeerd. Zolang er nog geen herindicatie heeft plaatsgevonden en daarmee een nieuwe beschikking is afgegeven, blijft de oude beschikking van kracht zolang die loopt. In dat geval bieden aanbieders op grond van de voorwaarden uit de oude contracten hun producten en diensten. Overigens gaat dit alleen om aanbieders die ook een lopend contract hebben; beschikkingen over aanbieders die geen contract hebben per 1 januari 2020 zijn reeds omgezet en cliënten hebben een nieuwe aanbieder gekregen die wel een contract heeft per 1 januari 2020, op basis van de nieuwe producten en diensten. In besluitpunt 4 is ook de indexering geregeld; deze is gelijk aan de toegepaste indexering voor producten en diensten op grond van de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning”. Omdat niet precies bekend is wanneer alle omzettingen naar nieuwe producten en diensten zal hebben plaatsgevonden, is de ruime termijn van 31 december 2021 genoemd als einddatum waarbinnen alle omzettingen moeten hebben plaatsgevonden. Er zijn dus aanbieders die zorg leveren op grond van een oud contract, in de periode dat Covid-19 aan de orde is.
Ook voor deze hulp en ondersteuning moeten de bepalingen inzake de besluitpunten 1 t/m 3 gelden. Door het addendum toe te sturen aan de aanbieders met een “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020, wordt met besluitpunt 5 ook ondervangen dat deze van toepassing is op de zorg die nog geleverd wordt op basis van zorgcontinuïteit uit de oude contracten. Het breder trekken van deze besluitpunten naar andere contracten dan vanuit de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” is niet nodig, omdat de problematiek op die andere contracten, zoals voor hulpmiddelen en woningaanpassingen, voor zover nu bekend niet speelt. Voor doelgroepenvervoer wordt in besluitpunt 6 een aparte regeling getroffen. Besluitpunt m.b.t. het doelgroepenvervoer (besluitpunt 6 en 7): Voor het doelgroepenvervoer gelden andere voorwaarden dan voor aanbieders van andersoortige hulp en ondersteuning. De landelijke norm is omzetderving te vergoeden tot 80% van de ‘normale’ inkomsten. De periode wijkt eveneens af van de andere aanbieders. De VNG adviseert dringend aan gemeenten om in ieder geval bij het Wmo-vervoer tot 1 september 2020 omzetderving te vergoeden. We conformeren ons ook in deze aan de landelijke richtlijnen. In collegebesluit
College-advies advies eenheid Directie
pagina 8 van 13
20CA00187 is reeds omzetderving toegekend van 1 april tot 1 mei, tot 80% van de gemiddelde inkomsten over januari en februari 2020. Dit is via mandaat verlengd. Nu met besluitpunt 11 het mandaat wordt ingetrokken, ziet dit besluitpunt toe op verlenging vanaf 1 mei 2020 tot 1 juli voor het gehele doelgroepenvervoer en tot de nu door de VNG geadviseerde datum van 1 september 2020 voor het Wmo-vervoer. Nog onduidelijk is of er na 1 september 2020 ook omzetderving vergoed zou moeten worden. Dit is nog geen landelijke richtlijn, maar hierover wordt wel onderhandeld. Dat is de reden dat hier een besluitpunt is opgenomen dat indien de VNG en/of de rijksoverheid adviseert om de regeling voor omzetderving wederom te verlengen voor het Wmo vervoer, we hierbij al het besluit hebben genomen om dat advies op te volgen, tot uiterlijk 31 december 2020 (of eerder, indien het advies een eerdere datum geeft). Tussen o.a.de VNG en de koepelorganisatie van vervoersbedrijven (KNV) wordt er overlegd om te komen tot een verantwoordingsmodel. Deze kunnen gemeenten en vervoersbedrijven gebruiken bij het opstellen van de jaarrekening, met als doel het goed kunnen verantwoorden dat publiek geld doelmatig en rechtmatig is besteed.
Mocht hieruit of andere verantwoordingsstukken blijken dat vanuit andere bestaande of nieuwe regelingen compensatie worden ontvangen, dan wordt aanbieder geacht het teveel ontvangen bedrag terug te betalen. Kern van de afspraak is dat financiering van de omzet wordt doorgezet op het niveau van voor de corona-crisis. Hierbij is van toepassing dat het bieden van omzetderving tijdens de coronacrisis uitsluitend houdbaar is wanneer dit ultimo 2020 geen van de betrokken partijen financieel voordeel oplevert. Kosten van opdrachtnemers dienen toegerekend te worden aan specifieke gemeenten. Besluitpunt m.b.t. gesubsidieerde aanbieders (besluitpunt 8): In het collegebesluit 20CA00187 is aangegeven in besluitpunt 8, dat coulance wordt betracht bij de vaststelling van de subsidieverlening over 2020. Deze vaststelling vindt, zoals gebruikelijk, in de tweede helft van 2021 plaats. Dit besluitpunt blijft ongewijzigd. Wel is een nieuw besluitpunt in dit advies toegevoegd omtrent de aanvraag van meerkosten. Net als de gecontracteerde aanbieders, moeten ook gesubsidieerde aanbieders de meerkosten aanvragen via het landelijke format meerkosten (zie website i-sociaaldomein.nl). Besluitpunten m.b.t. persoonsgebonden budgetten (besluitpunt 9 en 10): VNG en het Rijk hebben eveneens voor het PGB aanvullende afspraken gemaakt met als doel de zorgcontinuïteit te waarborgen.
Deze afspraken zijn nagenoeg hetzelfde als de afspraken die zijn gemaakt bij zorg in natura. Het gaat om: de financiering van meerkosten het financieren van niet-geleverde zorg (omzetderving) Ook voor PGB-houders geldt dat zij de uitgebrachte landelijke formats dienen te gebruiken voor het indienen van meerkosten of de vastlegging inzake niet-geleverde zorg die wel vergoed wordt (zie website vng.nl). Op een later moment kan de gemeente Nissewaard de totalen van niet-geleverde zorg opvragen bij budgethouders. In het collegebesluit 20CA00187 is over PGB’s niets opgenomen. Met dit advies wordt helderheid verschaft aan PGB-houders en daarmee ook aan aanbieders die voor een PGB-houder werken. Ook zien deze besluitpunten toe op een rechtmatige afwikkeling van de zorgcontinuïteit en meerkosten bij PGB’s. Herziening eerder genomen besluiten (besluitpunt 11 en 12): Omdat een aantal besluitpunten in dit advies en afspraken in het addendum over dezelfde zaken gaan dan in het collegebesluit 20CA00187 opgenomen besluitpunten, is het juridisch nodig om
College-advies advies eenheid Directie
pagina 9 van 13
enkele eerder genomen besluiten in te trekken. Hierdoor kan er nooit verwarring ontstaan over welk besluitpunt rechtsgeldig is. De besluitpunten uit het collegebesluit 20CA00187 die worden ingetrokken zijn: 2. Alle gecontracteerde Wmo- en Jeugdhulp aanbieders (met uitzondering van de jeugdhulp GRJR) van 16 maart 2020 tot 1 april 2020 te bekostigen conform de afgesloten overeenkomsten en daarbij coulance te betrachten ten aanzien van zorg- en dienstverlening die als gevolg van de Coronamaatregelen niet, minder of met een andere invulling heeft plaatsgevonden. 3. Alle gecontracteerde aanbieders voor de Wmo en Jeugdhulp (met uitzondering van de jeugdhulp GRJR en het doelgroepenvervoer) declareren de daadwerkelijk geleverde zorg en dit bedrag wordt op verzoek van de aanbieder via een voorschot aangevuld tot 90% van het maximaal te declareren bedrag op basis van de afgegeven indicaties (periode 1 april – 1 mei). Bij de afrekening van het voorschot betaalt de zorgaanbieder de kosten terug die via andere (landelijke) regelingen gecompenseerd worden. Ook voor de periode 1 april-1 mei geldt coulance wanneer de zorgaanbieder noodzakelijkerwijs als gevolg van de Coronamaatregelen de zorg met een andere invulling heeft geleverd. 5.
Alle gecontracteerde aanbieders van Wmo en Jeugdhulp (met uitzondering van de jeugdhulp GRJR) kunnen de extra kosten die gemaakt worden als gevolg van de Coronamaatregelen declareren bij de gemeente. 7. Beslispunt drie kan zolang de situatie rondom Corona dit nodig maakt, telkens met een maand verlengd worden. De portefeuillehouder zorg en portefeuillehouder jeugd worden gemandateerd door het college om over deze verlenging te beslissen. Minimaal een week van te voren wordt de verlenging inclusief de financiën besproken in het college. Mocht er toch verwarring ontstaan over de eerder genomen besluiten in relatie tot het addendum of over in dit advies opgenomen besluiten, is conform besluitpunt 8 duidelijk dat dit advies (en het addendum) leidend is. Besluitpunt inzake mandaat subsidieaanvragen (besluitpunt 13): Rechtmatige verlening of vaststelling van subsidies vergt een besluit voor 31 december van het kalenderjaar. Vaak worden subsidieaanvragen pas in december daadwerkelijk besloten. Soms in het (laatste) college, soms in mandaat als het een subsidie betreft onder de € 50.000. Besluitvorming in mandaat kan ook na het laatste college plaatsvinden. Dit maakt het zeer ingewikkeld om in de laatste collegevergadering een besluit te laten nemen welke subsidies precies uitstel behoeven. Dit maakt de kans op onrechtmatige besluitvorming reëel.
Het verlenen van mandaat aan een of meerdere ambtenaren om uitstel te kunnen verlenen van het behandelen van een aanvraag, maakt het mogelijk onrechtmatigheid te vermijden. Uitstel van behandeling van een aanvraag is geen besluit dat zich op grond van de Awb verzet tegen mandaat. Omdat het reguliere mandaatbesluit hier momenteel niet in voorziet en uitstel van subsidiebehandeling zich in de komende weken voordoet, is het nodig dit besluit nu te nemen. Het mandaat wordt verleend aan alle teamleiders van de eenheden Maatschappelijke Ontwikkeling en Werk, Inkomen en Identiteit, omdat daar de meeste subsidies worden behandeld. Maatschappelijk draagvlak: De landelijke afspraken omtrent Covid-19 zijn met vertegenwoordiging van relevante partijen gemaakt, waaronder een vertegenwoordiging van aanbieders. Met betrekking tot de andere punten betreft het ‘technische’ aspecten die geen maatschappelijk draagvlak behoeven. Financiële consequenties: Om onrechtmatigheden zo veel mogelijk te beperken, conformeert de gemeente Nissewaard zich aan de landelijk vastgestelde aanpak voor de financiële afwikkeling van de corona-compensatie 2020, vastgesteld door de Stuurgroep i-Sociaal Domein op 9 november 2020, en de daarbij horende
College-advies advies eenheid Directie
pagina 10 van 13
landelijke formats en definities (zie website i.sociaaldomein.nl). Uitgangspunt bij de landelijk vastgestelde aanpak “Verantwoording 2020 Jeugdwet en Wmo” is de balans tussen behoeften van zorgfinanciers (gemeenten) aan informatie en de mogelijkheden van zorgaanbieders om daar redelijkerwijs aan te voldoen. Daarmee wordt de verantwoording over het coronajaar 2020 uitvoerbaar gehouden en worden onnodige administratieve lasten voorkomen. De financiële verantwoording in het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo) ziet er door de corona-maatregelen zoals de continuïteitsbijdrage- en de meerkostenregeling immers anders uit dan in voorgaande jaren. Ondanks dat we zo veel mogelijk trachten om de rechtmatigheid te waarborgen en te herstellen, kunnen er vanwege de bijzondere aard van de corona-crisis toch nog onrechtmatigheden van toepassing zijn. De financiële gevolgen als gevolg van de landelijke afspraken tussen de VNG en het Rijk over zorgcontinuïteit (omzetderving en meerkosten) voor zorg in natura en persoonsgebonden budgetten zijn op dit moment niet te overzien, dit geeft een financieel risico. Uiteraard wordt de raad in deze op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen, zoals in de recente themabijeenkomst over corona. Wel is expliciet in het addendum opgenomen dat het beroep op omzetderving niet zou moeten leiden tot winst (artikel 2).
Omtrent de meerkosten is niet duidelijk in hoeverre de rijksbijdrage voldoende is om de daadwerkelijke kosten te dekken. Dit omdat de termijn waarbinnen de meerkosten kunnen worden gedeclareerd, nog niet is verstreken. Daarnaast kan een financieel risico zijn dat door corona de hulp en ondersteuning minder of minder effectief is geweest, hetgeen mogelijk op langere termijn kan leiden tot een hogere zorgvraag. De besluitvorming omtrent zorgcontinuïteit Open House (overgangsrecht) en het bieden van mandaat ten behoeve van het verlenen van uitstel voor behandeling van subsidieaanvragen hebben (voor zover nu bekend) geen financiële consequenties. Communicatie van het besluit: De raad wordt geïnformeerd over dit besluit via de corona-krant, voor zover het Covid-19 gerelateerd is. De gecontracteerde aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst “Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020 ontvangen een addendum met het verzoek deze te ondertekenen. Hierin staat alle informatie opgenomen. De gesubsidieerde aanbieders ontvangen een brief inzake de subsidieverantwoording 2020. De PGB-houders ontvangen een brief. De doelgroepenvervoerder wordt eveneens per brief geïnformeerd.
Realisatie van het besluit: Met het addendum en het vaststellen van de te gebruiken landelijke definities en formulieren , is helder hoe de aanbieders en PGB-houders gebruik kunnen maken van de regeling voor omzetderving en meerkosten. Ook is helder op welke wijze de verantwoording plaatsvindt. Gesubsidieerde partijen krijgen een brief die meer helderheid moet bieden over de vaststelling van de subsidie over 2020, die voor 1 juli 2021 ingediend moet worden. Voor PGB geldt nog het volgende: Wanneer sprake is van meerkosten in 2020, conform de extra kosten corona (EKC)-regeling, kunnen budgethouders een aanvraag indienen bij de gemeente Nissewaard. Als de gemeente akkoord gaat met deze meerkosten dient de budgethouder de zorgovereenkomst te wijzigen of stelt de budgethouder een nieuwe overeenkomst op (regulier proces Sociale Verzekeringsbank) en verhoogt de gemeente conform het reguliere proces het PGB. De extra zorg (en bijbehorende kosten) worden vervolgens via het reguliere proces uitbetaald. De meerkosten dienen bij de gemeente Nissewaard
College-advies advies eenheid Directie
pagina 11 van 13
ingediend te worden conform het hiervoor ontwikkelde landelijke format en dienen te voldoen aan de landelijke definitie van meerkosten. Wanneer sprake is van niet-geleverde zorg en de zorgverlener en budgethouder kunnen geen vervangende zorg organiseren, mogen zorgverleners de niet-geleverde zorg declareren via de reguliere wijze. De budgethouder dient, via het hiervoor ontwikkelde landelijke format “registratieformulier declaratie niet-geleverde zorg Wlz, Wmo 2015 en Jeugdwet i.v.m. corona”, bij te houden welke zorg niet is geleverd. Bijlagen: Addendum bij “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020. Collegeadvies: Het college wordt het volgende geadviseerd: 1. Dat gecontracteerde aanbieders jeugdhulp lokaal en Wmo met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning, indien de coronacrisis hiertoe noodzaakt, die zich verantwoorden conform de landelijke vastgestelde aanpak, protocollen en definities "Verantwoording 2020 Jeugdwet en Wmo" (op basis van het 3sporenbeleid): a. Alternatieve ondersteuning/zorg mogen bieden t/m 31-12-2020 conform addendum (zie besluitpunt 3). b. Een aanvraag kunnen indienen voor omzetderving bij de gemeente Nissewaard voor de periode 1 maart 2020 tot 1 juli 2020, conform landelijke definitie en zoals opgenomen in het addendum.
Dit is van toepassing op de aanbieders die op 13 maart 2020 een contract hadden (conform VNG). Gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. c. Een aanvraag kunnen indienen voor meerkosten, conform landelijke afspraken over meerkosten, bij de gemeente Nissewaard voor de periode 1 maart 2020 tot en met 31-12-2020. Gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 2. Aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuningen te verplichten voor de aanvragen omzetderving en meerkosten en de verantwoording hiervan, almede de verantwoording van ingezette alternatieve ondersteuning en hulp, gebruik te maken van de landelijke formats op de website i-sociaaldomein.nl. Met in achtneming van de in deze stukken genoemde data. Belangrijke data die in deze worden genoemd bij de verantwoording van spoor 1 en spoor 2 zijn 31-03-2021. 3. Het bijgevoegde addendum bij “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” voor het jaar 2020 vast te stellen en deze toe te sturen aan de desbetreffende gecontracteerde aanbieders, met het verzoek deze voor 31-12-2020 ondertekend te retourneren. 4. Met terugwerkende kracht per 1 januari 2020 tot uiterlijk 31 december 2021 i.h.k.v.
zorgcontinuïteit Open House het overgangsrecht te laten gelden, hetgeen inhoudt dat clienten met een geldige beschikking die voor 1 januari 2020 is afgegeven voor producten/diensten die nu vallen onder de “Uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning” en de “Basisovereenkomst Jeugdhulp & Wet Maatschappelijke Ondersteuning”, hun zorg en ondersteuning behouden conform hun beschikking en uitgevoerd onder de voorwaarden en tarieven van de oude contracten. Hierbij worden voor 2020 de prijzen van 2019 gehanteerd geïndexeerd met 2,7%, en per 1 januari 2021 voor de dan nog lopende ‘oude beschikkingen’ worden de prijzen 2020 met nog eens een index van 1,72% verhoogd.
College-advies advies eenheid Directie
pagina 12 van 13
5. Besluitpunten 1 tot en met 3 ook van toepassing te verklaren voor hulp en ondersteuning op basis van ‘oude contracten’ in het kader van overgangsrecht als bedoeld in besluitpunt 4, die door de aanbieders met een uitvoeringsovereenkomst Open House Diensten Jeugdhulp & Wet maatschappelijke ondersteuning wordt geleverd in het kader van zorgcontinuiteit Open House. 6. In aanvulling op besluitpunt 4 van collegebesluit 20CA00187 kan de gecontracteerde uitvoerder van het doelgroepenvervoer de daadwerkelijk geleverde diensten declareren en kan in aanvulling daarop een beroep doen op omzetderving tot 80% van het gemiddelde van de omzet over de maand januari/februari 2020: a. voor de periode 1 mei 2020 tot 1 juli 2020, voor wat betreft het gehele doelgroepenvervoer; b. voor de periode 1 juli 2020 tot 1 september 2020 voor alleen het Wmo collectief vraagafhankelijk vervoer; c. voor de periode 1 september tot uiterlijk 31 december 2020 voor alleen het Wmo collectief vraagafhankelijk vervoer, mits en voor zolang de rijksoverheid en/of de VNG gemeenten hiertoe adviseert; d. waarbij voor verantwoording de landelijke werkwijze en eventuele formats worden gehanteerd die in overleg tussen de VNG en de Koepelorganisatie van Vervoersbedrijven momenteel worden ontwikkeld. 7.
De gecontracteerde uitvoerder van het doelgroepenvervoer kan eveneens een beroep doen op meerkosten, conform artikel 1 aanhef en onder c en artikel 2 van dit besluit. 8. Dat gesubsidieerde aanbieders jeugdhulp lokaal en Wmo voor de periode 1 maart 2020 t/m 31-12-2020 conform de landelijke definitie meerkosten en indiening via het landelijke format meerkosten, t/m 31-3-2021, een aanvraag kunnen indienen voor meerkosten bij de gemeente Nissewaard. De gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 9. Dat PGB-houders, wanneer er sprake is van meerkosten conform de EKC-regeling (extra kosten corona) hiervoor, via het landelijke format “aanvraagformulier extra kosten corona”, voor de periode 1 maart 2020 t/m 31-12-2020 een aanvraag bij de gemeente Nissewaard kunnen indienen. De landelijke definitie van meerkosten is leidend en de gemeente Nissewaard beoordeelt deze aanvragen. 10. Dat PGB-houders wanneer er sprake is van niet-geleverde zorg, en de zorgverlener en budgethouder kunnen geen vervangende zorg organiseren, zorgverleners de niet-geleverde zorg mogen declareren voor de periode 1 maart 2020 tot 1 juli 2020. Hierbij dienen de PGBhouders, via het landelijk ontwikkelde formulier “registratieformulier declaratie nietgeleverde zorg Wlz, Wmo 2015 en Jeugdwet i.v.m. corona”, bij te houden welke zorg niet is geleverd.
Dit is van toepassing op de aanbieders die op 13 maart 2020 een contract hadden (conform VNG). 11. De besluitpunten 2, 3, 5 en 7 van het college-besluit 20CA00187 in te trekken. 12. Dat indien bepalingen van dit college-besluit en het bijgevoegde addendum strijdig zijn met bepalingen van het college-besluit 20CA00187, de bepalingen van dit college-besluit en het addendum prevaleren.
College-advies advies eenheid Directie
pagina 13 van 13
13. Aan de teamleiders van de eenheden Maatschappelijke Ontwikkeling en Werk, Inkomen en Identiteit wordt mandaat verleend om de termijn van behandeling van aanvragen tot verlening of vaststelling van subsidie te verlengen, conform artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Nissewaard.
Wilt u zo vriendelijk zijn om de ruimte tussen de lijnen niet aan te passen dit ivm de digitale handtekening.
de secretaris,
M.L.M. Weerts Datum besluit B&W: 15/12/2020
___________________________________________________________________________