39.Memo Digitaal Stelsel Omgevingswet
Tekst van het document
Memo aan
van
De gemeenteraad
College van B&W
datum
pagina
12 december 2023
1 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO) Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet inwerking. In de media en landelijke politiek is veel te doen geweest omtrent de inwerkingtreding. Vooral de kwaliteit en stabiliteit van het Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO) is onderwerp van voortdurende discussie. Het afgelopen jaar hebben we zelf ook veelvuldig de verschillende onderdelen van het DSO getest. Daarbij zijn een aantal beperkingen naar voren gekomen. In deze memo informeren we u over de belangrijkste beperkingen die het DSO op datum van inwerkintreding kent, wat de gevolgen zijn voor onze dienstverlening en welke stappen we gezet hebben om de gevolgen te beperken. Beperkingen DSO Het DSO vervangt op 1 januari de bestaande websites van de overheid voor het raadplegen van informatie, het aanvragen van vergunningen en doen van meldingen voor bouw, milieu en ruimtelijk ordeningszaken. Het afgelopen jaar hebben wij en vele andere gemeenten intensief geoefend met de verschillende onderdelen van het DSO. Uit deze oefeningen is naar voren gekomen dat het DSO op de datum van inwerkingtreding beperkingen zal kennen ten aanzien van de huidige situatie. De drie voornaamste beperkingen zijn: 1. Complexiteit van vergunningenchecks; 2. Raadpleegbaarheid van informatie; 3. Stabiliteit planketen software.
De bovenstaande beperkingen gelden niet alleen voor Nissewaard, maar zijn beperkingen waar iedere gemeente mee te maken zal krijgen. 1. Vergunningcheck Vergunningschecks bestaan ook onder het huidige stelsel. Ze zijn bedoeld om antwoord te geven op de vraag of voor een eenvoudige activiteit, bijvoorbeeld het plaatsen van een schutting of dakkapel, een vergunning nodig is. Ook in het DSO blijven deze vergunningenchecks bestaan. Door het samenvoegen van wetgeving onder de Omgevingswet zien we echter wel dat de checks in het DSO complexer en uitgebreider zijn dan onder het huidige stelsel. Onder het huidige stelsel vragen sommige checks al enige kennis van de invuller. Onder het DSO zal het vereiste kennisniveau om de vergunningscheck correct in te kunnen vullen alleen maar toenemen.
Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Spijkenisse Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl
datum
pagina
betreft
12 december 2023
2 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
Een voorbeeld hiervan is de vergunningscheck voor het plaatsen van een schutting. In de huidige situatie moeten inwoners maximaal zes vragen invullen om te weten te komen of zij hiervoor wel of geen vergunning nodig hebben. De uitkomst is in de huidige situatie in de meeste gevallen duidelijk wel of geen vergunning nodig. Daarnaast is de voormalige bouwvergunning opgedeeld (‘de knip') in een ruimtelijke deel en een bouwtechnisch deel. Deze opdeling leidt tot een dubbele vergunningscheck voor een bouwwerk, waar tot 1 januari 2024 een enkele check afdoende was. De bundeling van de regels van het rijk, waterschap, provincie, gemeente in het DSO, brengt met zich mee dat voor een klein bouwplan, veel vragen nodig zijn in de vergunningscheck. De uitgebreidere vraagstelling is bij de start nog onvoldoende afgestemd en gesynchroniseerd. In het DSO neemt als gevolg hiervan voor een zelfde activiteit het aantal vragen toe, ten opzichte van de huidige situatie. Waarbij de complexiteit van de vragen toeneemt en de uitkomst van de checks niet duidelijk is. Ook al worden dezelfde gegevens ingevuld dan nog krijgen mensen vaak het advies contact op te nemen met de gemeente, in plaats van de melding dat de activiteit kan worden uitgevoerd zonder vergunning. In bijlage 1 is een voorbeeld van een vergunningencheck voor het plaatsen van een schutting opgenomen.
Hierin is te zien wat mensen nu te zien krijgen en hoe dit straks in het DSO werkt. Hierbij is te zien dat voor een dergelijke eenvoudige activiteit het aantal vragen al toeneemt van zes naar tien en de uitkomst bovendien onduidelijker is dan in de huidige situatie. Het toenemen van de complexiteit van de vergunningenchecks kan de volgende gevolgen hebben: - Afhankelijkheid van contact met de gemeente voor het krijgen van informatie neemt toe; - Verzoeken om informatie stappelen op waardoor de wachttijd (onaanvaardbaar) oploopt; - Klanttevredenheid neemt af; - Groter risico op overtredingen, mensen wagen het erop. 2. Raadpleegbaarheid van informatie Het DSO vervangt op 1 januari 2024 de bestaande landelijke websites voor het raadplegen van informatie over regelgeving op het gebied van bouwen, ruimtelijke ordening, erfgoed, welstand en milieu. Het regels op de kaart deel van het DSO vervangt daarbij het huidige ruimtelijkeplannen.nl. Via regels op de kaart kan een ieder het omgevingsplan van de gemeente raadplegen. Ook de regels van andere overheden zijn op regels op de kaart te raadplegen.
Het omgevingsplan bestaat op de datum van inwerkingtreding uit een samenvoeging van alle bestaande bestemmingsplannen, overgangsregels van het Rijk op het gebied van milieu, de zogeheten bruidsschat en nog enkele lokale verordeningen zoals delen van de Erfgoedverordening, welstandsnota en bodemkwaliteitskaarten. De bruidsschat, de welstandsnota en oude bestemmingsplannen zijn via het DSO te raadplegen, alle overige zaken niet. Daarnaast is informatie in het DSO nu versplinterd opgenomen. Voor het krijgen van een totaal overzicht blijft het noodzakelijk om verschillende bronnen te raadplegen. Zowel voor de interne organisatie als voor externen zal het, verwachten wij, daarom moeilijker worden om een compleet beeld te krijgen van welke regels nu van toepassing zijn. De bundeling van regels van overige overheden op het DSO dragen bij aan deze complexiteit. Een andere oorzaak
datum
pagina
betreft
12 december 2023
3 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
hiervan is dat gemeente per 1-1-2024 ook nieuwe bevoegdheden op het gebied van milieu krijgt en ook voor informatie omtrent deze regels in eerste instantie bij de gemeente moet worden aangeklopt. Daarnaast helpen keuzes uit het verleden om voor bestaande gebieden beheersverordeningen te maken in plaats van bestemmingsplan niet. Beheersverordeningen zullen onder het nieuwe stelsel nog lastiger te raadplegen zijn dan in de huidige situatie al het geval is. Gevolgen van de verminderde raadpleegbaarheid kan zijn: - Informatie omtrent de eigen rechten en plichten is moeilijk te vinden; - Onbewuste overtredingen van wet- en regelgeving; - Kosten voor initiatiefnemers lopen op door moeten inhuren specialistische kennis; - Kans op interne fouten door complex systeem neemt toe. 3. Planketenkant De grootste beperkingen in het DSO doen zich voor aan wat ook wel ‘de planketen kant’ wordt genoemd. Dit deel van het DSO is de software die er voor moet zorgen dat wijzigingen aan het omgevingsplan kunnen worden doorgevoerd en zichtbaar zijn voor een ieder. Het omgevingsplan is de opvolger van het bestemmingsplan, in de zin van dat het omgevingsplan net als het bestemmingsplan regels bevat over bouwen en het gebruiken van gronden en bouwwerken. Het omgevingsplan is zowel juridisch als technisch echter een veel complexer instrument als het bestemmingsplan.
De juridische complexiteit wordt voornamelijk veroorzaakt door het feit dat er maar één omgevingsplan voor heel de gemeente mag gelden en het feit dat er een veel groter scala aan onderwerpen ondergebracht moet worden in het omgevingsplan. Vanuit het begrip ‘veilige en gezonde fysieke leefomgeving’ heeft het omgevingsplan een extra dimensie ten opzichte van het bestemmingsplan. Naast een bouwopgave, kan ook een beleid voor veiligheid, groen, duurzaamheid, of gezondheid aanleiding vormen op het omgevingsplan te wijzigen. De technische complexiteit wordt voornamelijk veroorzaakt door de keus om met open software standaarden te werken en de vergunningenchecks te koppelen aan het omgevingsplan. Lokale software die nodig is om aan te sluiten op het DSO en om vergunningschecks te maken, kan dus naar eigen inzicht worden ingericht door de software leverancier, zolang maar aan een aantal basisvereisten wordt voldaan. Uit testen die zowel intern, als in den landen zijn uitgevoerd, is gebleken dat de koppeling tussen het DSO en de lokale software (van iedere leverancier) nog verre van stabiel is. Publicaties om het omgevingsplan te wijzigen mislukken in ruim de helft van gevallen. Dit betekent dat in de software dus een wijziging is voorbereid, maar dat het niet lukt deze wijzigingen ook te plaatsen op de landelijke voorziening.
Een genomen besluit kan dus niet op de juiste manier bekend worden gemaakt en daarmee niet rechtsgeldig inwerkingtreden. In de eerste kamer zijn onlangs ook vragen gesteld over deze constateringen en is een motie ingediend over deze zaken1. De minister en de VNG hebben hierop gereageerd en aangegeven dat het
1
https://www.eerstekamer.nl/motiedossier/33118_34986_fr_motie_kluit
datum
pagina
betreft
12 december 2023
4 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
alsnog niet invoeren van de Omgevingswet geen optie is, los van de vraag of het überhaupt nog mogelijk is de invoering niet door te laten gaan. Als organisatie gaan we ervanuit dat de Omgevingswet op 1-1-2024 gewoon inwerking treedt, maar dat dat het wijzigen van het omgevingsplan in 2024 maar zeer beperkt mogelijk zal zijn. Dit heeft een aantal gevolgen: - Gebiedsontwikkelingen kunnen maar zeer beperkt of via een noodverband gefaciliteerd worden door het omgevingsplan te wijzigen; - Beleid met betrekking tot de fysieke leefomgeving kan evenzo beperkt of via noodverband een plaats krijgen in het omgevingsplan. - Het toegankelijker maken van informatie en vereenvoudigen van regelgeving is niet mogelijk, aangezien dit via het omgevingsplan wordt ontsloten; - Het doorvoeren van politiek wensen, ten aanzien ruimere vergunningsvrije activiteiten en ruimere geluidsnormen voor horeca kunnen niet op korte termijn worden doorgevoerd. Hoe gaan we hiermee om We hebben als organisatie geen invloed op het verbeteren van de stabiliteit van het DSO, anders dan problemen omtrent stabiliteit aan te kaarten bij de VNG. We hebben ons daarom voornamelijk gefocust op wat we intern kunnen doen om de bovenstaande gevolgen zoveel mogelijk op te vangen en er voor te zorgen dat onze inwoners en ondernemers zo weinig mogelijk merken van deze problemen.
Ook hebben we de website aangepast, waarmee de informatie verstrekking is geactualiseerd. 1. Afhandelen vragen KCC – frontoffice en backoffice We hebben de afgelopen periode met het KCC en de vakafdeling (VTH) de serviceketen na de datum inwerkingtreding tegen het licht gehouden. Er is een FAQ gemaakt met vragen die door het KCC afgehandeld worden. Vervolgens zijn binnen het team VTH afspraken gemaakt over de vragen die vanuit het KCC worden doorgeleid. In de eerste periode zal monitoring plaatsvinden van de binnengekomen vragen, zodat de FAQ maar ook de vragenbomen in het DSO verder aangepast kunnen worden. 2. Werkproces VBI We hebben het werkproces voor het beoordelen en afhandelen van vragen en initiatieven aangescherpt via het werkproces verkennen en begeleiden initiatief (VBI). Het VBI-proces is erop gericht om alle vragen over initiatieven op een plek binnen te laten komen en deze snel, duidelijk en correct af te handelen. Dit kunnen eenvoudige en complexe initiatieven zijn. Het VBI-proces draagt er aan bij dat vragen en initiatieven die binnenkomen snel en op de juiste manier uitgezet kunnen worden in de organisatie. Ook kunnen met dit werkproces, via de eenvoudige route, vragen over vergunningsckeck worden beantwoord als deze per telefoon niet zijn te beantwoorden.
Met dit werkproces verwachten we ook een eventuele toename van het aantal vragen snel en correct af te kunnen handelen. We werken intern inmiddels al een ongeveer een jaar via dit werkproces. We merken dat dit er aan bijdraagt initiatieven te stroomlijnen en vragen snel te kunnen afhandelen.
datum
pagina
betreft
12 december 2023
5 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
Continue aandachtspunt is wel het blijven volgen van dit proces, waarbij vooral het laten binnenkomen van vragen en initiatieven op één centraalpunt van belang is. Met het VBI-proces verwachten we een eventuele toename van het aantal vragen snel af te kunnen handelen en de klanttevredenheid op peil te houden. Mocht het aantal vragen echter exponentieel toenemen dan bestaat er een risico dat we binnen de capaciteit die we hebben niet alle vragen snel en correct kunnen afhandelen. De wachttijd zal dan oplopen. Mocht dit zich voordoen, dan zijn er ook weinig acties die we kunnen ondernemen, aangezien er in de markt ook niet snel extra mensen kunnen worden aantrokken die direct het juiste kennisniveau hebben. Voordeel van het VBI-proces is dat we dan wel alle vragen inzichtelijk hebben en de schaarse capaciteit voor (bestuurlijk) geprioriteerde initiatieven en projecten kunnen inzetten. 3. Opleiden medewerkers Alle (interne) medewerkers binnen Nissewaard, die werkzaam zijn in het ruimtelijk domein of daarmee in aanraking komen hebben een opleiding via opleidingsinstituut Bender kunnen volgen om zo de nodige kennis over de Omgevingswet bij te brengen. Daarnaast hebben we enkele interne sessie georganiseerd om kennis over nieuwe werkprocessen, de werking van het DSO en de vindplaats van wet- en regelgeving te vergroten.
We hebben er zo voor gezorgd dat onze medewerkers straks goed voorbereid met de nieuwe wet- en regelgeving aan de slag kunnen en weten wat er van hun verwacht wordt. 4. Alternatieve instrumenten voor faciliteren van gebiedsontwikkeling beschikbaar De Omgevingswet introduceert nieuwe wettelijke instrumenten, in de vorm van verkorte vergunningentrajecten om af te wijken van het omgevingsplan, de vergunning voor de buitenplanse omgevingsplan activiteit, afgekort BOPA. Met een BOPA kan via een regulier vergunningentraject, vergelijkbaar met het huidige traject van een omgevingsvergunning voor het bouwen, toestemming worden verleend voor het afwijken van het omgevingsplan, ongeacht de omvang en soort afwijking van het plan. De BOPA zal het in veel gevallen mogelijk maken concrete bouwprojecten die niet passen in het omgevingsplan te faciliteren en zo toch doorgang te laten vinden. Daarnaast wordt er in 2024 gestart met de transitie van het tijdelijke naar het definitieve omgevingsplan. Een van de eerste zaken die we daarin zullen meenemen is het maken van een standaardregeling voor het faciliteren van gebiedsontwikkeling. Voor projecten waar we van verwachten dat de planologische procedure op korte termijn gestart gaat worden is onze inschatting dat het project volledig of in ieder geval de eerste fase via een BOPA gefaciliteerd kunnen worden.
Voor projecten en gebiedsontwikkelingen die alleen gefaciliteerd kunnen worden een planwijziging geldt verder dat er zogeheten Tijdelijk Alternatieve Maatregelen (TAM) zijn gemaakt die het mogelijk maken om het omgevingsplan te wijzigen via de oude software standaarden.
datum
pagina
betreft
12 december 2023
6 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
In het uiterste geval kunnen deze TAM’s worden ingezet. Dit heeft echter niet de voorkeur omdat TAM’s (op termijn) verwerkt moeten worden in het definitieve Omgevingsplan, wat extra kosten voor de gemeente met zich meebrengt en er bovendien de mogelijkheid ontstaat om de betreffende ontwikkeling nog een keer aan te vechten bij de rechter. Verder zijn de TAM’s zeer lastig te raadplegen en niet doorzoekbaar, wat betekent dat de dienstverlening achteruit gaat. De TAM wordt vooralsnog dus alleen gebruikt in het geval een BOPA juridisch gezien echt geen uitkomst biedt. Gezien het bovenstaande kunnen gebiedsontwikkelingen, ondanks de beperkingen in de plansoftware voor het wijzigen van het omgevingsplan dus blijven faciliteren. Wel zien we dat er bij projectontwikkelaars behoefte is om langlopende ontwikkelingen blijvend op te nemen in het omgevingsplan. Dit kunnen we in 2024 gezien het bovenstaande maar beperkt faciliteren. Pas wanneer er een standaardregeling beschikbaar is kunnen we projecten en gebiedsontwikkelingen waarmee al van start is gegaan via een BOPA op gaan nemen in het Omgevingsplan. Er wordt in de transitieperiode dus niet alleen een andere manier van werken van de gemeente, maar ook van projectontwikkelaars, woningcorporaties en andere ontwikkelende partijen gevraagd. Voor de medewerkers van Nissewaard is een stappenplan opgesteld voor de (B)opa.
Het doel van dit stappenplan is om inzicht te geven in het instrument BOPA en de ‘reguliere’ omgevingsplanactiviteit (opa). Met dit stappenplan hebben de medewerkers een handelingsperspectief voor de aanvragen die vanaf 1 januari 2024 worden ingediend. Het werken met een BOPA brengt met zich mee dat de besluitvorming voor bouwprojecten anders verloopt. Waar voorheen een (voor)ontwerpbestemmingsplan in verschillende fasen langs de raad ging, waarna een omgevingsvergunning via het college volgde, staat de raad met een BOPA op grotere afstand. Wanneer sprake is van een BOPA, dan is het college bevoegd een beslissing te nemen (ongeacht of het de reguliere of de uitgebreide procedure is). De gemeenteraad heeft wel een lijst met gevallen vastgesteld, waarbij de raad een verplicht advies uitbrengt. Daarnaast heeft de raad een lijst met gevallen voor verplichte participatie vastgesteld. Voor kleine plannen, zoals een BOPA voor een dakopbouw, kan het college zonder advies van de raad een besluit op de aanvraag nemen. Het moment en wijze waarop waarop zekerheid ontstaat voor ontwikkelaars is hiermee gewijzigd.
datum
pagina
betreft
12 december 2023
7 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
Bijlage 1: voorbeelden vergunningscheck Vragen huidige vergunningscheck
datum
pagina
betreft
12 december 2023
8 van 8
Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO)
Vragen in het DSO