37.Bestemmingsplan Witteveenlaan; Bijlage 1 Bodemonderzoek C20-412-O
Tekst van het document
RAPPORT C20-412-O
Actualiserend bodemonderzoek J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse.
Capelle aan den IJssel, 20 november 2020
Opdrachtnemer:
Arnicon B.V.
Opdrachtgever:
Gemeente Nissewaard Postbus 25 3200 AA Spijkenisse dhr. L. Prins
Contactpersoon: Boormeesters: Protocol: Rapportage: Controle:
F.E. Fierens, R.F. Engelse, A.J. van der Mark (Arnicon) / J. Streef (Marvin) BRL SIKB 2000-2001/2002/2018 E. Schoen A. Timmers
CAPELLE A/D IJSSEL Molenbaan 7 2908 LL Capelle a/d IJssel T. 010 2582 300
APPINGEDAM Kanaalweg 1 9902 AX Appingedam T. 059 6693 600
www.arnicon.nl
INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK................................................................ 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding Doel van het onderzoek Kwaliteitswaarborg en onafhankelijkheid Rapportage
1 1 1 1
2. RESULTATEN VOORONDERZOEK ................................................................................ 2 2.1 2.2 2.3 2.4
Inleiding Resultaten Hypothese Onderzoeksstrategie
2 2 12 12
3. RESULTATEN BODEMONDERZOEK .............................................................................15 3.1 3.2 3.3 3.4
Veldwerk Chemisch-analytisch onderzoek Analyseresultaten Interpretatie
15 20 24 27
4. SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...............................................30 4.1 Samenvatting 4.2 Conclusies 4.3 Aanbevelingen
BIJLAGEN 1. Regionale overzichtskaart 2. Detailtekening 3. Boorstaten 4. Analysecertificaten grond 5. Analysecertificaten grondwater 6. Toetsing conform BoToVa en Toetsingswaarden 7. Asbestanalyses 8. Foto’s asbestinspectiegaten 9. Berekening asbestconcentraties 10. Relevante gegevens voorgaand bodemonderzoek 11. Arnicon groep, kwaliteitswaarborg en onafhankelijkheid
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
30 31 32
1. INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK 1.1
Inleiding
Door de gemeente Nissewaard is aan Arnicon B.V. de opdracht verstrekt tot uitvoering van een actualiserend bodemonderzoek conform NEN 5740 en verkennend asbestonderzoek in bodem conform NEN 5707 in het plangebied J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse. Voor de situering van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar de bijlagen 1 en 2. De locatie, met een totale oppervlakte van ruim 6 ha, bestaat momenteel uit groenstroken, schoolgebouwen met omliggend terrein en een sportveld. Op de locatie is sprake geweest van een trambaan, een benzinestation en een huisvuilstort. Binnen het plangebied zijn in het verleden al meerdere bodemonderzoeken en enkele saneringen uitgevoerd. De aanleiding tot het actualiserend onderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van het gebied met o.a. woningbouw. 1.2
Doel van het onderzoek
Het doel van het actualiserend bodemonderzoek is het verifiëren, actualiseren en aanvullen van de beschikbare bodemkwaliteitsgegevens. Het onderzoek wordt zodanig uitgevoerd, dat een milieuhygiënische beoordeling kan worden gegeven ten aanzien van het (toekomstige) gebruik van de locatie. Het doel van het verkennend asbestonderzoek in bodem is vast te stellen of de verdenking van bodemverontreiniging met asbest terecht is. Het bepalen van de omvang van een eventueel aan te treffen verontreiniging valt buiten het kader van het verkennend onderzoek. 1.3
Kwaliteitswaarborg en onafhankelijkheid
Kwaliteitswaarborg De Arnicon Groep en haar medewerkers zijn sinds 2007 door Rijkswaterstaat Leefomgeving/ Bodem+ (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat) erkend voor het verrichten van diensten vallend onder diverse BRL SIKB protocollen waarmee wordt voldaan aan de wet en regelgeving KWALIBO. De Arnicon Groep is eveneens gecertificeerd voor de kwaliteits- en veiligheidsnormen zoals gesteld in de NEN-EN-ISO 9001:2015 en VCA**. Onafhankelijkheid De Arnicon Groep en haar medewerkers zijn op geen enkele wijze gelieerd aan de opdrachtgever en/of eigenaar van de onderzoekslocatie. De Arnicon Groep heeft geen enkel (financieel) belang bij het weergeven van de resultaten van het onderzoek. Voor meer informatie over de kwaliteitswaarborg en onafhankelijkheid wordt verwezen naar bijlage 11. 1.4
Rapportage
In dit rapport worden achtereenvolgens de resultaten van het vooronderzoek met hypothese en onderzoeksopzet (hoofdstuk 2) en de resultaten van het bodemonderzoek (hoofdstuk 3) beschreven. Het rapport wordt afgesloten met de conclusies van het onderzoek en de (eventuele) aanbevelingen, die daaruit voortvloeien (hoofdstuk 4).
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
1
2. RESULTATEN VOORONDERZOEK 2.1
Inleiding
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is informatie verzameld over het vroegere en huidige gebruik van de locatie en de directe omgeving. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse norm NEN 5725, "Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek", oktober 2017. Hierbij is gebruik gemaakt van de volgende informatiebronnen: 2.2
voorgaand(e) bodemonderzoek(en) bodeminformatie op www.bodemloket.nl website van de DCMR (www.dcmr.nl) recente en oude topografische kaarten op www.topotijdreis.nl Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) op www.bagviewer.kadaster.nl luchtfoto’s via google earth ruimingskaart NGE: Niet Gesprongen Explosieven (www.beobom.nl) kabels- en leidingeninformatie (KLIC) grondwaterkaarten van TNO / www.dinoloket.nl informatie verstrekt door de opdrachtgever interviews met betrokkenen en eventuele omwonenden terreininspectie het Kadaster Kamer van Koophandel Resultaten
Locatiebeschrijving De locatie wordt kadastraal aangeduid als gemeente Spijkenisse, sectie E, nrs. 6642 (ged), 6641 (ged), 3931, 6726 (ged), 6889 (ged), 6935 (ged), 5272 (ged), 5273, 6477(ged), 6478 (ged), 4377, 6891 (ged) en 6803. De onderzoekslocatie, met een oppervlakte van ruim 6 ha ligt ten westen van het centrum van Spijkenisse, aan weerszijden van de Hekelingseweg. Ten westen van de Hekelingseweg liggen rondom de locatie de volgende wegen: C. Villeriuslaan en Groene Kruisweg (noord), J.A. Heijwegenlaan (zuid) en Baljuwlaan (west). Ten oosten van de Hekelingseweg grenst de locatie aan de Groene Kruisweg (noord), een verzekeringskantoor aan de Groene Kruisweg 50 (oost) en de achtertuinen van een rij woningen aan de Oranjelaan (zuid). De locatie bestaat uit de volgende deelgebieden of fasen, waarvan er enkele aaneengesloten liggen (zie bijlage 2.0 voor de ligging): Fase A en B: ca. 0,7 ha volledig begroeid met bomen en struiken Fase 1 t/m 4: ca. 1,4 ha deels begroeid met bomen en struiken Fase C, E, F, G en H: ca. 3,3 ha schoolterreinen, ongeveer de helft bebouwd Fase D1, D2 en D3: ca. 0,6 ha sportvelden omzoomd met bomen en struiken Evenwijdig aan de Groene Kruisweg lag in het verleden een trambaan, deels ter plaatse van het huidige fietspad op fase A en B, deels op de grasstrook van fase 1 t/m 4.
Ten westen van fase B en deels op fase B was sprake van een huisvuilstort.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
2
Onderstaande foto’s geven een indruk van het gebied:
Foto 1: locatie voormalige trambaan (gedeelte op fase 1 t/m 3)
Foto 2: bosschages op fase A
Foto 3: locatie voormalige huisvuilstort (gedeelte op fase B)
Foto 4: schoolgebouw met -tuin op fase C
Foto 5: sportveld op fase D
Foto 6: schoolterrein en -gebouw op fase E (zuidzijde)
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
3
Foto 7: schoolgebouwen op fasen F en G
Foto 8: schoolplein op fase H
Historische ontwikkeling / voormalig gebruik Op topografische kaarten uit de periode 1850-1950 (www.topotijdreis.nl) is te zien dat de locatie is gelegen in een voormalig landbouwgebied (Polder Spijkenisse en Schiekamp). Op de kaart van 1908 is te zien dat ten westen van Spijkenisse is begonnen met de aanleg van een trambaan. In 1910 is deze gereed. Ter plaatse van de actuele “fase B” ligt een splitsing van waaruit de trambanen afbuigen in noordwestelijke en zuidwestelijke richting. In 1940 wordt, evenwijdig aan de trambaan, de Groene Kruisweg zichtbaar (zie afbeelding 1). Omsloten door de twee trambanen en de Zinkseweg bevindt zich dan een drassig gebiedje. In een bodemonderzoek van Q-consult uit 1992 wordt vermeld dat hieruit eerst klei is gewonnen, waarna de ontstane put door de gemeente is gebruikt als huisvuilstort. Op de kaart van 1958 is ter plaatse van de stort een wit vlak te zien, vermoedelijk was de stort toen afgedekt. Ter oriëntatie is in de volgende figuur globaal de ligging van de verschillende fasen weergegeven:
Afbeelding 1: topografie 1940, met Zinkscheweg (links), Groene Kruisweg (boven) en Kerkweg (rechts: heden Karel Doormanstraat); de pijl wijst naar het drassige gebiedje tussen de trambanen
Afbeelding 2: topografie 1974, met gebouwencomplex ter plaatse van de huidige sporthal en -velden; de pijl geeft de ligging aan van het benzinestation
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
4
In 1968 is de trambaan verdwenen en is de bebouwing van Spijkenisse uitgebreid tot nabij het onderhavige plangebied. Aan de Groene Kruisweg 2 wordt benzinestation Diek van de Berg zichtbaar. De woning aan de Zinkseweg 5 (bouwjaar 1957 volgens BAG) welke omsloten wordt door het plangebied, is vanaf 1968 op de kaarten zichtbaar. De J.A. Heijwegenlaan, toen nog Nijverheidsstraat genoemd, is dan eveneens voor het eerst te zien, met ten zuiden ervan het gedeeltelijk gerealiseerde bedrijventerrein Vierambachten. Tegenover de huidige sporthal bevond zich een transportbedrijf aan de Nijverheidstraat 3-5. Verder in zuidelijke richting bevond zich onder meer een rioolwaterzuivering. Van 1974 tot 1990 is op en bij fase D een gebouwencomplex te zien, waar nu sporthal (met veld) De Oert staat. In 1980 is het benzinestation aan de Groene Kruisweg verdwenen. Uit het DCMR archief blijkt dat hier in 1990 de bodem is gesaneerd (zie tabel 1, rapporten nrs. 2 en 3). De schoolgebouwen ten westen van de Zinkseweg zijn volgens de BAG gebouwd in 1979 en die ten oosten van de Zinkseweg in 1983. Op de topografische kaarten worden de scholen weergegeven vanaf 1990 (zie afbeelding 3). Het gebouwencomplex ter plaatse van de sporthal is dan niet meer zichtbaar. Vanaf 1993 is het parkeerterrein aan de Groene Kruisweg / oostzijde Zinkseweg te zien.
In 1997 heeft ten zuiden van de Nijverheidstraat in het kader van bestemmingswijziging een sanering plaatsgevonden op het bedrijventerrein Vierambachten (locatienaam DCMR: Ambachtstraat 1-9). Vervolgens is hier in 1998-1999 de huidige woonwijk aangelegd. In 1999 heeft een sanering plaatsgevonden ter plaatse van het voormalige tramstation, gelegen op enige afstand ten oosten van fase 1. In 2006 is het kantoorpand gebouwd ten oosten van fase 1 en in 2007 is sporthal De Oert gebouwd tussen fase H en fase D. In 2012 is de kerk gebouwd ten noorden van fase C en E. Bij de aanleg van een toegangsweg t.b.v. de kerk heeft tevens een sanering plaatsgevonden ter plaatse van de stort (zie tabel 1, rapporten 23 t/m 25). De actuele topografie is weergegeven op afbeelding 4 en in bijlage 2.
Afbeelding 3: topografie 1990, schoolgebouwen aan weerszijden van de Zinkseweg
Afbeelding 4: actuele topografie
Behalve de trambaan, het benzinestation en de stortplaats hebben zich in het verleden op de locatie, voor zover valt na te gaan, geen bodembedreigende activiteiten voorgedaan. Brandstoftanks Op www.dcmr.gisinternet.nl worden particuliere ondergrondse tanks vermeld bij woningen aan de Oranjelaan 8, 10, 12, 20 en 22 en Karel Doormanstraat 37, alle gelegen ten zuiden van fase 1 t/m 4. Van één van deze locaties (Karel Doormanstraat 37) is een bodemonderzoek bekend (zie tabel 1, rapport 9). Volgens de DCMR site is op deze locatie een niet ernstige verontreiniging aangetroffen. Het rapport is momenteel niet beschikbaar.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
5
De ondergrondse tanks van het voormalige benzinestation aan de Groene Kruisweg 2 worden op de DCMR-site niet meer vermeld. Deze zijn verwijderd in het kader van de bodemsanering die in 1990 heeft plaatsgevonden (zie tabel 1, rapport 3). In een onderzoeksrapport van Nijverheidstraat 7, gelegen ten zuiden van fase D (zie tabel 1, rapport 37), wordt een ondergrondse hbo-tank vermeld. Deze is verwijderd in het kader van de bestemmingswijziging en bouw van de nieuwe woonwijk ten zuiden van de J.A. Heijwegenlaan. Voor het overige zijn er geen gegevens gevonden over onder- of bovengrondse brandstoftanks binnen of nabij het plangebied. Kabels en leidingen Volgens de KLIC-melding liggen voornamelijk langs de wegen en fietspaden diverse kabels en leidingen met aansluitingen naar de gebouwen. Er bevinden zich geen bijzondere buisleidingen in het gebied. Ophogingen/slootdempingen Uit de kaarten van topotijdreis (zie afbeeldingen 1 t/m 4) blijkt dat er in het gebied enkele sloten zijn gedempt ter plaatse van de scholen en sportvelden. Gezien de bouwactiviteiten en bodemonderzoeken die er al hebben plaatsgevonden wordt verondersteld dat hier geen sprake is geweest van verdacht dempingsmateriaal. De driehoek tussen de trambanen is in de jaren ’50 van de 20e eeuw gebruikt als huisvuilstort en daarna gedeeltelijk afgedekt.
Bij de aanleg van de groenstrook op fase A en B is een deel van het stortmateriaal vergraven, zo blijkt uit bodemonderzoeken. Op topografische kaarten uit de periode 1940-1960 is te zien dat de maaiveldhoogte op nabijgelegen landbouwpercelen in die tijd 1,2 à 1,4 m – NAP bedroeg. Op www.ahn.nl is te zien dat de huidige maaiveldhoogte 1,2 à 1,3 m - NAP is. Deze gegevens duiden niet op significante ophoging van het gebied. Wel zal zand zijn toegepast in wegcunetten en onder bestrating. Maaiveldverhardingen Grote delen van de locatie zijn onverhard. De schoolterreinen zijn deels verhard met tegels, klinkers en plaatselijk met betonplaten. Asbest Ter plaatse van de huisvuilstort is bij voorgaand onderzoek bouw- en sloopafval waargenomen. Tijdens de sanering van een deel van de stort zijn enkele plaatjes asbest aangetroffen (zie tabel 1, rapport 25). Derhalve dient ook in het resterende deel van de stort rekening te worden gehouden met asbest. Verder is alle eventueel aan te treffen puinhoudende grond in beginsel asbestverdacht. Explosieven Op de ruimingskaart op www.beobom.nl zijn in Spijkenisse enkele ruimingen van WO-II munitie weergegeven. Voor zover bekend is er van Spijkenisse nog geen CE-risicokaart beschikbaar. Actief bodembeheer De gemeente Nissewaard heeft in 2019 door Lievense een bodemkwaliteitsnota met -kaart laten opstellen.
De locatie is gelegen in zone B3/O3 “recente bebouwing (vanaf 1945)”. De ontgravingskaart voor de bovengrond tot 1 m-mv geeft voor deze zone de verwachte ontgravingsklasse Landbouw aan. Van de ondergrond is geen ontgravingskaart beschikbaar. Op de grondstromenkaart van de DCMR wordt vermeld dat PFAS-gehalten in Spijkenisse in het algemeen boven de landelijke achtergrondwaarden liggen.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
6
PFAS PFAS is in het Nederlandse milieubeleid opgenomen in de lijst met Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Vooralsnog wordt er van uitgegaan dat alle bovengrond en geroerde grond diffuus belast kan zijn met PFAS. Met ingang van 8 juli 2019 dient bij elk grondverzet en alle partijkeuringen in Nederland rekening te worden gehouden met PFAS. Hiertoe is een advieslijst opgesteld met 30 verbindingen waarop onderzocht dient te worden. Gen-X maakt geen deel uit van de advieslijst, maar dient eveneens onderzocht te worden wanneer bekend is dat deze stof aanwezig kan zijn. De grond op de locatie is, voor zover bekend, nog niet onderzocht op PFAS. Bij afvoer van grond is onderzoek op PFAS noodzakelijk. Voor het beoordelen van de geschiktheid voor nieuwbouw is dit niet nodig. Bodemonderzoek Uit informatie op www.dcmr.gisinternet.nl blijkt dat op en in de omgeving van de locatie meerdere bodemonderzoeken en -saneringen zijn verricht. In enkele rapporten wordt verwezen naar andere, niet op de DCMR-site vermelde onderzoeken. Slechts een deel van de onderzoeken is beschikbaar via de DCMR-site dan wel via de gemeente Nissewaard. Vaak ontbreekt een tekening of is alleen een samenvatting beschikbaar. Gedurende de uitvoering van onderhavig onderzoek waren de archieven niet toegankelijk.
De volgende tabel geeft een overzicht van de uitgevoerde onderzoeken, voor zover bekend, gesorteerd naar deelgebied: TABEL 1: VOORGAANDE BODEMONDERZOEKEN EN -SANERINGEN nr
Locatiecode
Titel
Bureau
Kenmerk
Datum
Beschikbaar J/N
FASE 1 t/m 4 1
AA061201127 Orienterend onderzoek vml benzinestation
De Ruiter
EKL/10/880803
1-08-88
N
2
AA061201127 Nader- en saneringsonderzoek/Saneringsplan
De Ruiter
EMK/10/881201
eind 1988
N
3
AA061201127 Evaluatierapport Bodemsaneringswerkzaamheden Diek v.d. Berg B.V. Groene Kruisweg 2 te Spijkenisse AA061201127 Milieutechnisch bodemonderzoek aan de Groene Kruisweg, gedeelte voormalig benzinestation te Spijkenisse AA061200118 Initieel onderzoek locatie voormalige tramlijn langs de Groene Kruisweg te Spijkenisse AA061200118 Volledig NEN 5740 bodemonderzoek Groene Kruisweg "Trambaan" te Spijkenisse AA061200118 Milieutechnisch bodemonderzoeken Groene Kruisweg "Trambaan" te Spijkenisse buiten het plangebied: TEN ZUIDEN VAN FASE 2/3
De Ruiter
FvE/ES/U900106 1-01-90
J
Mos
024697R.1
9-07-97
J
Mos
R087599-RH_2
1-11-99
J
Mos
R124700-RH_1
22-01-01
J
Mos
R124700-RH_2
9-04-01
J
AA061200398 Verkennend onderzoek NVN 5740 Oranjelaan 16 Spijkenisse AA061200082 Nader onderzoek Karel Doormanstraat 37 Spijkenisse
Lexmond
?
1-01-96
N
?
?
1-12-97
N
042596r.001/e.b.
13-12-96
(J)
041596
9-07-96
(J)
?
11-05-98
N
13 AA061200134 Nader onderzoek
Oranjewoud ?
1-01-00
N
14 AA061200134 Milieutechnisch verkennend (water)bodemonderzoek aan de Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse
Mos
13-11-07
J
4
5 6 7
8 9
FASE A, B, D 10 AA061200134 Inventarisatie van de milieutechnische Mos bodemonderzoeken in het plan Vierambachten te Spijkenisse 11 AA061200134 Milieutechnisch bodemonderzoek a/d Groene Kruisweg Mos plan Vierambachten te Spijkenisse 12 AA061200134 Indicatief onderzoek Mos
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
R113407-RH_1
7
nr
Locatiecode
Titel
Bureau
Kenmerk
Datum
Beschikbaar J/N
15 AA061200005 Historisch ondezoek stort Groene Kruisweg Spijkenisse 16 AA061200005 Saneringsevaluatie
DCMR
?
12-12-89
N
De Ruiter
?
1-02-90
N
17 AA061200005 Nader onderzoek stort Groene Kruisweg Spijkenisse
DCMR
?
1-09-90
N
18 AA061200005 Nader onderzoek stort Groene Kruisweg Spijkenisse
Q-consult
?
1-06-92
N
19 AA061200134 Indicatief grond- en asfaltonderzoek project Groene Kruisweg Zuid West te Spijkenisse 20 AA061200134 Aanvullend bodemonderzoek aan de Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse 21 AA061200005 Nader onderzoek n.a.v. minerale olie verontreiniging aan de Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse 22 AA061200005 BUS melding Groene Kruisweg ZW
Mos
B061506-RH_1
16-6-06
(J)
Mos
R092408-HE_3
19-11-08
(J)
Mos
RF118608-RH_2
25-03-09
(J)
Mos
-
20-04-10
(J)
23 AA061200005 Melding bodemsanering Besluit Uniforme Saneringen Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse 24 AA061200005 BUS-Evaluatie bodemsanering Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse (ontsluitingsweg De Levende Steen) 25 AA061200005 BUS-Evaluatie bodemsanering Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse (ontsluitingsweg De Levende Steen) 26 AA061200981 indicatief onderzoek sloottracé sporthal den Oert, J.A. Heijwegenlaan Spijkenisse buiten het plangebied: TEN NOORDEN VAN FASE C/E (kerk)
DETA
111203D
21-03-12
J
DETA
111203D
16-10-12
J
DETA
111203D
5-12-12
J
Verhoeve
?
25-10-07
N
27 AA061200626 Indicatief onderzoek Zinkseweg Spijkenisse
Mos
?
13-05-92
N
28 AA061200005 Nader bodemonderzoek op het westelijk perceel aan de Groene Kruisweg ZW te Spijkenisse 29 AA061201134 Sanering spot Groene Kruisweg te Spijkenisse
Mos
R012908-RH_1
26-03-08
J
Mos
B0019511-RH_1
16-05-11
J
30 AA061200379 Verkennend onderzoek NVN 5740 Nijverheidstraat, school, Zinkseweg Spijkenisse buiten het plangebied: TUSSEN FASE E - F
Mos
?
3-04-96
N
31 AA061200622 Verkennend onderzoek NVN 5740 Zinkseweg 1 Spijkenisse buiten het plangebied: TEN OOSTEN VAN FASE F
Mos
081596R
28-11-96
J
32 AA061200947 Verkennend onderzoek NEN 5740 J.A. Heijwegenlaan 2-4 Spijkenisse buiten het plangebied: TEN WESTEN VAN FASE G
Mos
?
22-05-06
N
33 AA061200619 Verkennend onderzoek NVN 5740 Zinkseweg Mos R033898_1 5-05-98 Spijkenisse buiten het plangebied: TEN ZUIDEN VAN DE J.A. HEIJWEGENLAAN - VOORHEEN NIJVERHEIDSTRAAT
J
34 AA061201134 Voormalig bedrijfsterrein De Rijke te Spijkenisse
Mos
060491
1991
N
35 AA061201134 Voormalig bedrijfsterrein De Rijke te Spijkenisse
Mos
083291
30-01-92
N
36 AA061201134 Resultaten van milieutechnische onderzoeken p yhet voormalig bedrijfsterrein van het transportbedrijf de Rijke aan de Nijverheidsstraat, hoek Ambachtstraat te Spijkenisse 37 AA061201134 Milieutechnisch bodemonderzoek volgens NVN 5740 aan de Nijverheidstraat 7 (oppervlakte 1800 m2) te Spijkenisse 38 AA061201134 Evaluatieverslag van de met minerale olie verontreinigde grond op de locatie Ambachtstraat 1-9 te Spijkenisse
Mos
022792
28-07-92
J
Mos
019595
12-05-95
J
Mos
108497EV.1
3-12-97
N
buiten het plangebied: TUSSEN FASE D - H
buiten het plangebied: TEN ZUIDEN VAN FASE G - H
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
8
nr
Locatiecode
Titel
39 AA061200165 Indicatief onderzoek J.A. Heijwegenlaan, singel Spijkenisse 40 AA061200928 Verkennend onderzoek NEN 5740 J.A. Heijwegenlaan 2 Spijkenisse
Bureau
Kenmerk
Datum
Beschikbaar J/N
Mos
?
22-07-99
N
Mos
?
21-12-05
N
(J): de tekening ontbreekt of slechts delen van het rapport zijn beschikbaar, bijvoorbeeld als bijlage bij een ander rapport
FASE 1 t/m 4 Uit rapport (3) blijkt dat de sanering van het voormalige benzinestation in 1990 onder begeleiding van De Ruiter is uitgevoerd in opdracht van Esso Nederland. Voor minerale olie in grond is als terugsaneerwaarde de toenmalige A-waarde aangehouden en voor olie en aromaten in grondwater de B-waarde. Uit de bijlagen valt niet op te maken waar de controlemonsters zijn genomen. De ontgravingstekening is opgenomen in bijlage 10. In 1997 is door Mos tussen het fietspad en de sloot een sterke minerale olieverontreiniging aangetoond (4). Aanleiding tot het onderzoek was een waargenomen oliefilm op de sloot. Pas in het “volledig NEN 5740 bodemonderzoek” naar de trambaan van 2001 (6) wordt deze verontreiniging ook in de conclusies vermeld, met een aanbeveling voor nader onderzoek. Er zijn door Mos meerdere onderzoeken uitgevoerd op en rond de trambaan waarvan geen volledige rapporten beschikbaar zijn, waaronder rapport (5) en nog 5 rapporten zonder nadere omschrijving:
Vervolgens zijn de resultaten aangevuld en verwerkt in een rapport (6), dat evenmin volledig is, hetgeen de interpretatie van de gegevens compliceert. Er zijn diverse boringen ter plaatse van de trambaan gestaakt op een harde puinlaag. De boorpunten waarin puin is aangetroffen en die binnen de onderhavige locatie liggen (103, 105 106) zijn overgenomen op bijlage 2.1. Er zijn door Mos enkele sleuven gegraven door het trambaanbed. Daarbij zijn plaatselijk sterk verhoogde gehalten koper, lood, zink en/of PAK aangetoond in de laag van 0,2-0,4 m-mv. Op de grens van fase 3 en 4 zijn rondom een niet nader verklaarde peilbuis 8 vier karteerboringen met peilbuizen gezet (M1 t/m M4). In de meest oostelijke karteerboring M3 (zie bijlage 2.1 voor de situering) is een sterke oliegeur waargenomen. De meetwaarden geven licht verhoogde minerale oliegehalten. Echter de sterke oliegeur ter plaatse van M3 en het feit dat er geen bron bekend is geeft o.i. aanleiding tot verdere uitkartering.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
9
FASE A, B en D Ter plaatse van de stortlocatie (locatienummer AA061200005), die gedeeltelijk op fase B ligt, zijn vanaf 1989 meerdere onderzoeken (15, 17, 18, 20 en 21) en twee saneringen uitgevoerd (16 en 22 t/m 25). Uit het onderzoek van 1992 door Q-consult blijkt dat het stortmateriaal matig tot sterk verontreinigd is met zware metalen en PAK. Ook is gebleken dat in de groenstrook (o.a. op fase B) de afdeklaag grotendeels ontbreekt en dat het stortmateriaal vergraven is. Van de eerste saneringsevaluatie uit 1990 (16) zijn geen gegevens beschikbaar. Vermoedelijk betrof dit de aanleg van het parkeerterrein ter plaatse van de stortlocatie. Bij een sleuvenonderzoek door Mos ter plaatse van het parkeerterrein en de groenstrook in 2008 (20) is gebleken dat het huisvuil aanwezig is in de laag vanaf 1,0 m-mv tot 2,2 à 3,3 mmv. Lokaal werd minerale olie aangetroffen, wat in 2009 in een nader onderzoek is uitgekarteerd (21). Na de BUS-melding van 2009 (22) is geen sanering uitgevoerd. In 2012 is een nieuwe BUS-melding gedaan (23). De minerale olieverontreiniging is in 2012 onder begeleiding van DETA gesaneerd in verband met de aanleg van een nieuwe toegangsweg direct ten oosten van de parkeerplaats. De DCMR heeft op 24 januari 2013 ingestemd met het evaluatierapport van DETA (25).
Het eerste evaluatierapport (24) was afgewezen omdat categorie mobiel werd aangegeven terwijl er geen sprake was van grondwaterverontreiniging. De ontgravingscontour is overgenomen op bijlage 2.3. In het kader van planontwikkeling zijn meerdere onderzoeken verricht op fase A, B en D onder locatienummer AA061200134. Van de inventarisatie uit 1996 (10) is alleen een tabel met voorgaande onderzoeken aangevuld met enkele pagina’s beschrijvingen beschikbaar. Uit de tabel met teksten valt op te maken dat dit rapport voornamelijk gaat over het voormalige industrieterrein ten zuiden van de J.A. Heijwegenlaan, voorheen Nijverheidstraat. Er worden 9 rapporten vermeld van onderzoeken en saneringen aan de Zinkseweg (geen huisnr) uit de periode 1992 - 1996. Een verdere beschrijving ontbreekt:
Van rapport (11) is alleen een in twee delen gefaxte tekening met samenvatting beschikbaar. Hieruit blijkt dat ter plaatse van enkele boringen op en bij de stortlocatie sterke verontreinigingen met koper, lood en zink zijn aangetroffen (zie bijlage 10). De rapporten (12) en (13) zijn niet beschikbaar.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
10
Rapport (14) heeft betrekking op fase A, B en D alsmede het parkeerterrein en het terrein van de kerk. Een puinhoudend ondergrondmonster (boring 9) is gemengd met een grondmonster uit de stort (boring 12). Het mengmonster was sterk verontreinigd met koper en matig verontreinigd met lood en PAK. Een uitsplitsing heeft niet plaatsgevonden. In de tekening bij het rapport is een cirkel om boring 9 gezet als deel van de stort (zie bijlage 10). Op het terrein van de nog te bouwen kerk werd ter plaatse van boring 1 een sterke PAKverontreiniging aangetoond (boring 1). Verder was de grond niet tot licht verontreinigd. Rapport (19) betreft een indicatief onderzoek van asfalt en bodemopbouw ter plaatse van het fietspad op fase A. Het asfalt bleek deels teerhoudend en in langs het fietspad is koolas waargenomen in de bodem, wat in verband is gebracht met de trambaan. Er zijn geen analyses van grond of grondwater uitgevoerd. Rapport (26) is niet beschikbaar en betreft de watergang op fase D. Buiten het plangebied Ten zuiden van de J.A. Heijwegenlaan is in 1991 en 1992 een verontreiniging met onder meer minerale olie en vluchtige verbindingen aangetoond bij het voormalige transportbedrijf aan de Nijverheidstraat 5 / Ambachtstraat 1, 2 en 6 (34, 35). Het naastgelegen perceel op de hoek met de Hekelingsweg is in 1995 onderzocht (36). Hier lag een ondergrondse tank.
De verontreinigingen zijn in 1997 gesaneerd (38) en de provincie Zuid Holland heeft op 27 januari ingestemd met het resultaat van de sanering. Op het terrein ten noorden van fase C en E is een kleinschalige sterke PAK-verontreiniging aangetoond, uitgekarteerd en gesaneerd in het kader van de bouw van de kerk (14, 27, 28, 29). Op het schoolterrein grenzend aan fase C (zuid) en G (west) zijn in 1998 enkele lichte verontreinigingen aangetoond met minerale olie, PAK en zware metalen (33). Bij de woning aan de Zinkseweg (huisnr 5 volgens het kadaster, huisnr 1 volgens het rapport) zijn in 1996 marginale overschrijdingen van de streefwaarde aangetoond voor zink, PAK, minerale olie, en enkele zware metalen in de bovengrond (31). Het grondwater bevatte een (zeer) licht verhoogd arseengehalte. Van de niet beschikbare rapporten nabij de schoolterreinen (30, 32, 39, 40) wordt op de DCMR-site vermeld dat de locaties niet of licht verontreinigd zijn. Dit geldt ook voor rapport (8) van een locatie aan de Oranjelaan 16, nabij fase 1-4. Bij rapport (9) m.b.t. de Karel Doormanstraat 37 wordt vermeld dat de aangetroffen verontreiniging niet ernstig is. Op dit adres is of was sprake van een ondergrondse hbo-tank. Terreininspectie Het hieraan voorafgaande is mede gebleken bij de visuele inspectie van de locatie d.d. 13 oktober 2020.
Hierbij is tevens gebleken dat de toegang tot een groot deel van fase 2 t/m 4 wordt belemmerd door dichte begroeiing met onder meer bramen. Het verder uit te karteren deel van de minerale olieverontreiniging (deellocatie C, zie hypothese) ligt geheel onder de bramen. Aan de zuidkant van fase 1 staat een schuurtje met aansluitend enkele zeecontainers. De eigenaar was aanwezig en verklaarde in de containers brandhout op te slaan. Ter plaatse van boring B7 van Mos, waar in 1997 een sterke minerale olieverontreiniging is aangetoond, ligt nu een sloot (zie bijlage 2.1). De voormalige boring kan op enkele meters worden genaderd vanaf drie kanten. Hetzelfde is van toepassing op boring 106, waar in 1997 puin in de bovengrond was aangetroffen (zie bijlage 2.1). Voor het overige zijn geen bijzonderheden naar voren gekomen.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
11
Bodemopbouw De holocene deklaag heeft een dikte van 10 à 20 m en is opgebouwd uit slecht doorlatende klei- en veenlagen. Met name onder in het pakket komen meer zandige lagen voor. De freatische grondwaterspiegel kan worden aangetroffen vanaf een diepte van circa 1,5 m-mv. Het freatische grondwater is zoetwater. De stromingsrichting van het freatische grondwater wordt beïnvloed door lokale factoren, zoals oppervlaktewateren, de ligging van rioleringen, de aanwezigheid van zandlichamen (bijvoorbeeld kabel- en leidingtracés, funderingen) en drainage. Bovenstaande informatie is afkomstig uit TNO-grondwaterkaarten en www.dinoloket.nl. Toekomstig gebruik Op de locatie is de bouw van onder andere woningen gepland. 2.3
Hypothese
Op basis van de beschikbare informatie worden de volgende deellocaties vanuit het oogpunt van bodemverontreiniging beschouwd als verdacht: A) De voormalige trambaan (zware metalen, PAK, minerale olie en asbest i.v.m. puin) B) De restverontreiniging van het voormalige benzinestation (minerale olie en vluchtige aromaten) C) De minerale olieverontreiniging op de grens van fase 3 en 4 (minerale olie en vluchtige aromaten) D) De voormalige huisvuilstort (zware metalen, PAK en asbest) E) Puinbijmenging op fase D1(zware metalen, PAK en asbest) Voor het overige is de locatie naar verwachting niet verontreinigd. Afgezien van deellocaties A en D wordt de locatie als niet-asbestverdacht aangemerkt. Eventueel aan te treffen puin van onbekende herkomst in de bodem is in beginsel asbestverdacht. 2.4
Onderzoeksstrategie
Veldwerk voor asbestonderzoek en overig verkennend onderzoek is zoveel mogelijk gecombineerd uitgevoerd. Ter plaatse van alle inspectiegaten voor asbestonderzoek (conform BRL 2000-2018) zijn tevens grondmonsters genomen conform BRL 2000-2001. De mate en/of omvang van de verontreinigingen op deellocaties A t/m E is geverifieerd met behulp van een beperkt aantal boringen en analyses. Op en rond de stortlocatie (deellocatie D) ter plaatse van fase B (300 à 500 m2) is een verkennend asbestonderzoek conform tabel 7 van de NEN 5707 uitgevoerd, waarbij inspectiegaten zijn gegraven tot 0,5 m in de verdachte laag. Naast enkele inspectiegaten zijn machinale boringen verricht tot onder het stortmateriaal ter verificatie van de dikte van het stortmateriaal (op basis van visuele waarnemingen). Bij het aantreffen van puinbijmengingen op onverdachte locatiedelen is de bodem lokaal als asbestverdacht aangemerkt. Op één na zijn alle boringen waarin sprake is van toevallige puinbijmengingen in de bovengrond uitgegraven tot inspectiegaten, waarna mengmonsters zijn samengesteld voor analyse op asbest. Inspectiegaten zijn gegraven tot circa 0,5 m-mv en een gedeelte is verder geboord met Ø 12 cm. Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
12
Op basis van de beschikbare informatie wordt het resterende deel van de locatie vanuit het oogpunt van bodemverontreiniging beschouwd als onverdacht. Het onderzoek op de resterende locatiedelen is uitgevoerd op basis van de strategie ONV-NL (onverdacht niet lijnvormig), zoals omschreven in de NEN 5740:2009 en NEN 5740/A1:2016. Boor- en analyseprogramma In tabel 2 is het boor- en analyseprogramma gegeven in de vorm van aantallen uitgevoerde boringen en analyses. TABEL 2: BOOR- EN ANALYSEPROGRAMMA Plaats
Aantal Diepte boringen (m-mv) (b.)/ inspectiegaten (i.g.)
Waarvan Analyses met peilbuis grond
A) vml. trambaan 3.575 m2
6 i.g. 3 i.g. 4 i.g.
0,5 1,0 2,0
1 (n)
6 x STAP-1 1 x STAP-W 2 x asbest-G
B) vml. benzinestation - B7 3 b. voorgaand onderzoek
2,5
1 (s)
1 x MO,H
1 x MO,BTEXN deellocatie blijkt heringericht (sloot), boren rondom vml. boring B7
C) olieverontreiniging groenstrook - M3 voorgaand onderzoek
4 b.
2,5
1 (s)
2 x MO,H
1 x MO,BTEXN peilbuis t.p.v. vml. boring M3, + karteerboringen noord, oost en zuid
D) vml. Stort (fase B, 200 à 500 m2)
7 i.g. 2 b.
0,5 à 1,0 2,0
-
4 x STAP-1 2 x asbest-G 1 x asbestAV
inspectiegaten graven tot 0,5 m in de verdachte laag, daarna machinaal verder geboord
,, (fase A: 1 boorpunt)
1 i.g.
2,5
1 (n)
1 x STAP-1 1 x STAP-W 1 x asbest-G
t.p.v. vml. boring 12 (bij voorgaand onderzoek geïnterpreteerd als lokale verontreiniging, maar behorende bij de stort)
,, (fase F: raakpunt)
1 b.
2,5
1 (s)
1 x STAP-1
1 x STAP-W
t.p.v. raakpunt met stort
E) Aangetroffen puinbijmenging boring 48 voorgaand onderzoek
1 i.g.
0,5
-
-
-
geen puin waargenomen
Verspreid over de locatie (ca. 6 ha)
53 b. 2 i.g.
0,5
-
8 x STAP-1
-
2 inspectiegaten n.a.v. puinhoudende bovengrond op fase A en B; mengmonster samen met vml. boring 12
21 b.
1,0*
6 (n)
7 x STAP-1
4 x STAP-W
108
-
10
27 x STAP-1 7 x STAP-W 3 x MO,H 2 x MO,BTEXN 5 x asbest-G 1 x AsbestAV
TOTAAL
Analyses grondwater
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
Opmerkingen
o.a. bij vml. boring 17, 103, 105 en 106; i.g. zuidkant fietspad fase A (koolas aangetroffen, niet geanalyseerd bij voorgaand onderzoek)
13
*boring tot 0,5 m beneden de grondwaterstand, tenminste tot 1,0 m-mv en maximaal tot 2,0 m-mv (s) = peilbuisfilter snijdend met de grondwaterstand (n) = bovenzijde filter tenminste 0,5 m-gws STAP-1= standaardpakket grond inclusief organische stof en lutum: 9 zware metalen, PAK (10 VROM), PCB’s (som 7) en minerale olie (C10-C40) STAP-W= standaardpakket grondwater: 9 zware metalen, vluchtige aromaten (BTEXN+styreen), vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl; 16 st. inclusief vinylchloride), chloorbenzenen, bromoform en minerale olie MO= minerale olie (C10-C40) H= organische stof asbest-G= asbest in grond (monstergrootte ca. 12 kg) asbestAV= asbest in asbestverdacht materiaal
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
14
3. RESULTATEN BODEMONDERZOEK 3.1
Veldwerk
Het veldwerk is uitgevoerd in de periode van 20 oktober t/m 6 november 2020 uitgevoerd door de volgende erkende veldwerkers:
R.F. Engelse (SIKB 2000 – 2001) - Arnicon B.V.
F.E. Fierens (SIKB 2000 – 2001 en 2018) - Arnicon B.V.
A.J. van der Mark (SIKB 2000 – 2001 en 2018 en SIKB 2100 - 2101) - Arnicon B.V.
J. Streef (SIKB 2000 - 2001) - Marvin B.V.
Daarbij zijn verspreid over de locatie in totaal 105 handboringen verricht, waarvan een aantal is afgewerkt met een peilbuis en/of uitgegraven tot inspectiegat conform NEN 5707: Deellocatie
boringen nrs.
inspectiegaten
peilbuizen
A
trambaan
A01 t/m A13
A01 t/m A13
A07
B
vml benzinestation
B01 t/m B03
-
B02
C
minerale olieverontreiniging
C01 t/m C04
-
C01
D
stortlocatie
D01 t/m D11
D01 t/m D05 D08 t/m D10
D10, D11
E
toevallig puinbijmenging
E01
E01
-
-
Verspreid over de locatie
01 t/m 73
19 en 22
31, 38, 47, 59, 71
De handboringen zijn uitgevoerd met een Edelmanboor. Inspectiegat E01 is gegraven met een schep. Voor het graven van de overige inspectiegaten is een kleine graafmachine gebruikt. Vervolgens is verder handmatig geboord met een Edelmanboor Ø 12 cm. Ter plaatse van de vuilstort is gebruik gemaakt van een machinale boorstelling om door de puinhoudende bodemlagen te boren. De situering van de boringen en inspectiegaten is weergegeven op de detailtekeningen in bijlage 2. Tijdens het veldwerk is gebleken dat het bodemprofiel tot de geboorde diepte van ca. 3 mmv grotendeels bestaat uit siltige - en zandige klei. Op de delen ten westen van de Hekelingseweg is met name in de bovengrond, maar ter plaatse van de voormalige stort en nabij de schoolgebouwen ook in de ondergrond, dikwijls zand aangetroffen. Vanaf een diepte van 1,2 m-mv komen veenlagen voor in de ondergrond. De dikte hiervan is zeer variabel. De puinhoudende bodemlagen ter plaatse van de stortplaats (D) zijn waargenomen tot een diepte van ongeveer 1,3 à 1,7 m-mv. De grondwaterstand is aangetroffen op een diepte van 1,2 à 1,5 m-mv. Voor een meer nauwkeurige weergave van het bodemprofiel wordt verwezen naar bijlage 3.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
15
De beschikbare software biedt niet de mogelijkheid om in de boorstaten per boring weer te geven of sprake is van een boring, inspectiegat of combinatie van beide. Wanneer de boring en het inspectiegat door verschillende personen en/of op verschillende dagen zijn uitgevoerd zijn er twee boorstaten van. Een achtervoegsel -G duidt op een inspectiegat in tweede instantie. Een achtervoegsel A duidt op een (diepere) boring in tweede instantie, een boring die opnieuw is gezet wegens verstrijken van de conserveringstermijn van de grondmonsters of een gestaakte boring, waarna in de nabijheid een nieuwe boring is gezet. Zintuiglijke waarnemingen grond De tijdens het veldwerk waargenomen afwijkingen en bijzonderheden zijn weergegeven in tabel 3. TABEL 3: ZINTUIGLIJK WAARGENOMEN BIJZONDERHEDEN Boring
Diepte boring (m -mv) A - VML TRAMBAAN A01 2,10 A04 0,50
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Klei Zand
A05 A07 A08 A09 A10 A11
0,60 2,70 0,60 0,50 0,50 1,00
A11-G A12
0,50 1,00
0,10 - 0,60 0,00 - 0,70 0,00 - 0,30 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,60 0,60 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Klei Klei Klei Zand Klei
A12-G A13
0,50 1,00
0,00 - 0,50 0,00 - 0,40 0,40 - 0,60
Zand Klei Klei
A13-G
0,50
0,00 - 0,50
Klei
zwak grindhoudend zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend zwak baksteenhoudend, sporen beton sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen, sporen plastic zwak baksteenhoudend, sporen metaal matig grindhoudend, zwak puinhoudend zwak roesthoudend sporen metaal matig grindhoudend, matig puinhoudend, zwak kolengruishoudend sporen baksteen zwak kolengruishoudend zwak grindhoudend, zwak kolengruishoudend matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, sporen glas
B - RESTVERONTREINIGING VML BENZINESTATION B01 2,00 0,00 - 0,50 D - VML HUISVUILSTORT D01 0,80 0,20 - 0,80
Zand
zwak puinhoudend
Zand
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, sporen aardewerk, AV plaat matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend, sporen metaal zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak grindhoudend matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak aardewerkhoudend matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend, zwak aardewerkhoudend zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak betonhoudend, sporen glas zwak betonhoudend, sporen glas, AV plaat matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, sporen glas, sporen metaal, AV plaat
D02
0,50
0,00 - 0,50
Zand
D02A
2,90
0,00 - 0,30
Klei
0,30 - 1,70
Zand
D03
0,50
0,00 - 0,50
Zand
D03A
3,10
0,25 - 1,30
Zand
D04 D05
0,80 0,50
0,35 - 0,80 0,00 - 0,50
Klei Zand
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
16
Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
D06 D07
2,00 2,00
0,00 - 0,90 0,00 - 1,00
Klei Klei
D08-G
0,50
0,00 - 0,50
Zand
D08
1,21
0,00 - 0,20 0,20 - 0,70 0,70 - 1,20
Klei Zand Zand
D09-G
0,50
1,20 - 1,21 0,00 - 0,50
Zand
D09
2,50
0,00 - 0,40 0,40 - 0,90
Klei Zand
0,90 - 1,40
Zand
D10G
0,50
0,00 - 0,50
Klei
D10
5,00
0,00 - 0,30 0,30 - 0,70
Klei Klei
0,70 - 1,50
Klei
0,00 - 0,50 0,50 - 0,70
Klei Klei
sporen beton matig grindhoudend, zwak roesthoudend, brokken klei zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend, sporen glas brokken baksteen, zwak grindhoudend zwak puinhoudend matig aardewerkhoudend, matig puinhoudend, sterk grindhoudend, zwak plastichoudend 3 boorpogingen gestuit zwak baksteenhoudend, sporen glas, zwak betonhoudend sporen kolengruis zwak aardewerkhoudend, sporen baksteen, zwak grindhoudend zwak kolengruishoudend, zwak plastichoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, sporen glas, zwak betonhoudend matig puinhoudend zwak puinhoudend, zwak kolengruishoudend sterk puinhoudend, sterk baksteenhoudend sterk grindhoudend, sporen baksteen zwak grindhoudend
0,20 - 0,60 0,40 - 0,90 0,00 - 0,20 0,20 - 0,40 0,40 - 0,60 0,00 - 0,50
Klei Klei Klei Klei Klei Zand
matig kolengruishoudend zwak puinhoudend, zwak sintelhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend matig baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, sporen beton
0,00 - 0,20
Klei
0,20 - 0,40 0,40 - 0,60
Klei Klei
0,00 - 0,50
Klei
0,60 - 0,90
Klei
0,90 - 1,40
Zand
zwak baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend zwak roesthoudend zwak puinhoudend, matig roesthoudend, zwak kolengruishoudend zwak baksteenhoudend, sporen glas, zwak betonhoudend zwak kolengruishoudend, zwak grindhoudend, sporen glas, matig baksteenhoudend zwak glashoudend, sporen beton
0,50 - 1,30 0,40 - 0,50 0,80 - 1,10 0,80 - 1,30 0,00 - 0,20 0,30 - 0,60
Klei
0,50 - 0,80 0,80 - 1,20
Zand Zand
D11
3,00
ONVERDACHT - FASE A 18 0,60 18A 1,90 19 0,60
19-G 0,50 ONVERDACHT - FASE B 22 0,60
22-G
0,50
ONVERDACHT - FASE C 28 2,00 29 0,50 31 3,50 31a 1,40 32 0,50 33 2,00 ONVERDACHT - FASE D 38 3,00 39 2,00
Klei Klei Klei Klei
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
resten baksteen gestaakt op puin resten baksteen resten beton, matig baksteenhoudend zwak grindhoudend zwak grindhoudend resten kalk zwak grindhoudend, laagjes klei, laagjes slib
17
Boring
Diepte boring (m -mv)
41 0,35 ONVERDACHT - FASE E 51 2,00 ONVERDACHT - FASE F 54 2,00 56 2,00 68 0,60 71 3,20
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
0,30 - 0,35
gestaakt op puin
0,50 - 1,00
Zand
zwak schelphoudend, sporen grind
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,05 - 0,30 0,30 - 1,00
Zand Klei Zand Zand
zwak grindhoudend zwak grindhoudend, sporen baksteen zwak grindhoudend zwak plastichoudend
Maaiveldinspectie Een maaiveldinspectie was noch op deellocatie A noch op deellocatie D goed uitvoerbaar. Deellocatie A is dicht begroeid met gras, dat tijdens de inspectie kuithoog stond. De onbegroeide delen (enkele tientallen m2) zijn geïnspecteerd. Dit betreft voornamelijk de puinverharding op de ingang van het terrein en nabij de schuurtjes. Hierop is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Op deellocatie D bestaat de begroeiing voornamelijk uit bomen en struiken met daartussen een strooisellaag. Waar het maaiveld zichtbaar was is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De inspectie-efficiëntie is laag, naar schatting minder dan 10%. Asbestinspectiegaten Op deellocatie A (trambaan) op fase 1 t/m 4 is in 6 van de 10 inspectiegaten wel grof grind maar geen puin aangetroffen. Er is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De geschatte percentages puin in de inspectiegaten variëren van <1 tot 20%, zodat het materiaal conform de NEN 5707 als grond kan worden onderzocht (<50% puin). Van de uitgezeefde fractie van de puinhoudende inspectiegaten A04, A05, A07 en A10 is een mengmonster samengesteld. Langs het fietspad (trambaan) op fase A is evenmin asbestverdacht materiaal aangetroffen, alleen baksteen, wat plastic en metaalresten. Van de uitgekomen grond uit de inspectiegaten A11 t/m A13 is eveneens een mengmonster samengesteld.
Op deellocatie D (stort) op fase B is relatief veel stortmateriaal aangetroffen in de inspectiegaten D01 t/m D05, D08 en D09. Asbestverdacht plaatmateriaal is aangetroffen ter plaatse van D01, D04 en D05. In de overige inspectiegaten is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De geschatte percentages puin in de inspectiegaten variëren van <1 tot 30%, zodat het materiaal conform de NEN 5707 als grond kan worden onderzocht (<50% puin). Op deellocatie E (puinwaarneming 2007) is zintuiglijk schoon zand aangetroffen (inspectiegat E01). Voor foto’s van het opgegraven en uitgezeefde materiaal van de inspectiegaten wordt verwezen naar bijlage 8. Tabel 4 geeft een overzicht van de waargenomen asbestverdachte materialen. TABEL 4: ASBESTWAARNEMINGEN INSPECTIEGATEN Inspectiegat
Afmetingen in cm
Laag van – tot (in cm)
Bodemmateriaal
Aangetroffen asbestverdacht materiaal
Gewicht
D01
30 x 50
0 - 50
zand
gele plaat
163 gram
D04
25 x 65
35 - 80
klei
grijze plaat
27 gram
D05
30 x 60
0 - 50
zand
grijze plaat
27 gram
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
18
Van de aangetroffen fragmenten plaatmateriaal is een verzamelmonster samengesteld en op asbest geanalyseerd. Aan de hand van de veldwaarnemingen en wegingen zijn naderhand de asbestgehalten van de grove fractie teruggerekend naar de individuele inspectiegaten (zie tabel 8 en bijlage 9). Gedurende het veldwerk is het vochtgehalte van de grond geschat. Dit lag naar schatting tussen 10 en 20 %. Grondwater De bemonstering van het grondwater is uitgevoerd op 20 en 21 november 2020 door L.N. Freeke van Arnicon B.V. (erkend veldwerker SIKB 2000 - 2002). In tabel 5 is een overzicht gegeven van de peilbuisgegevens en zintuiglijke waarnemingen en metingen aan het grondwater. TABEL 5: METINGEN GRONDWATER Peilbuis 31 38 47 59 71 A07 B02 C01 D10 D11
Filterdiepte (m -mv) 2,50 - 3,50 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,20 - 3,20 2,20 - 3,20 1,70 - 2,70 2,00 - 3,00 1,00 - 2,00 4,00 - 5,00 1,00 - 2,00
Grondwaterstand (m -mv) 0,90 0,89 0,89 1,08 1,20 0,87 0,72 1,10 1,14
pH (-) 7,1 7,1 7,2 7,0 7,1 7,1 7,1 7,0 7,1
EC (µS/cm) 792 964 912 943 972 973 827 932 967
Troebelheid (NTU) 15 39 89 19 34 5 9 16 24
Peilbuis 31, op het schoolterrein van fase C, bleek bij bemonstering niet meer bruikbaar. De peilbuis was tot de helft opgevuld, onbekend is waarmee. De bemonsteringsslang kon niet tot op de bodem komen. Tijdens het bemonsteren zijn hogere grondwaterstanden gemeten dan was waargenomen tijdens het plaatsen van de peilbuizen. Het verschil is te verklaren door de relatief slechte doorlatendheid van de overwegend uit klei en veen bestaande ondergrond. Met name tijdens het boren van D10 (filter van 4,0 - 5,0 m-mv) bleef het boorgat droog. Afwijkingen van de protocollen Het veldwerk is uitgevoerd onder procescertificaat van de BRL SIKB 2000. De gemeten waarde voor de troebelheid (NTU) in alle peilbuizen, behalve B02 en C01 is groter dan 10 en is daarmee een afwijking van de geldende norm. De afwijking valt te relateren aan de grondslag ter plaatse van de onderzochte locatie (klei/veen). De monsterhoeveelheid van MMA 22/D10/19-1-1 en MMA A11/A12/A13-1-1 voldoen (net) niet aan de eis in de NEN5898. Ingeschat wordt dat deze afwijkingen niet significant van invloed zijn op de onderzoeksresultaten. Voor het overige zijn er geen afwijkingen.
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
19
3.2
Chemisch-analytisch onderzoek
Meng- en analyseprogramma Het meng- en analyseprogramma voor de onderzochte grond- en grondwatermonsters is weergegeven in tabel 6. In deze tabel corresponderen de monsternummers met de boringnummers en zijn de dieptetrajecten aangegeven, waaruit de monsters afkomstig zijn. Tevens is in deze tabel de samenstelling van de monsters vermeld. TABEL 6: MONSTERSELECTIE Analysemonster A - TRAMBAAN MMA1
Deelmonsters
Grondsoort
Visuele waarneming
Analysepakket
A02 (0,00 - 0,50) A03 (0,00 - 0,45) A04 (0,00 - 0,50) A05 (0,10 - 0,60) A06 (0,00 - 0,50) A07 (0,00 - 0,50) A08 (0,00 - 0,30) A09 (0,00 - 0,50) A01 (0,50 - 1,00) A03 (0,70 - 1,20) A06 (0,55 - 1,00) A11 (0,00 - 0,30) A12 (0,00 - 0,50) A13 (0,00 - 0,40)
Zand
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
STAP-1
Zand
zwak baksteenhoudend, sporen beton sporen baksteen, sporen plastic
STAP-1
Klei
-
STAP-1
Klei
STAP-1
A10-1
A10 (0,00 - 0,50)
Klei
MMA-A4-5-7-10-1
A04 (0,00 - 0,50) A05 (0,00 - 0,60) A07 (0,00 - 0,50) A10 (0,00 - 0,50) A11 (0,00 - 0,50) A12 (0,00 - 0,50) A13 (0,00 - 0,50) A07 (1,70 - 2,70)
Zand
zwak kolengruishoudend, matig grindhoudend, matig puinhoudend, zwak puinhoudend zwak baksteenhoudend, sporen metaal grind, baksteen, beton
Zand
baksteen, beton, plastic, metaal, glas
Asbest-G
Grondwater
-
STAP-W
MMA2 MMA3
MMA4
MMA5
MMA A11/A12/A13-1-1 A07-1-1
Zand
B - RESTVERONTREINIGING VML BENZINESTATION MMB01 B01 (1,00 - 1,40) Klei B02 (1,00 - 1,50) B03 (1,00 - 1,50)
STAP-1
STAP-1 Asbest-G
MO+H
B02-1-1 B02 (2,00 - 3,00 ) Grondwater C - MINERALE OLIEVERONTREINIGING C01-3,4 C01 (0,80 - 1,10) Klei C01 (1,10 - 1,50)
-
MO+BTEXN
-
MO+H
MMC
Klei
-
MO+H
Grondwater
-
MO+BTEXN
Zand
matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, sporen glas, sporen metaal, zwak baksteenhoudend, sporen aardewerk, zwak puinhoudend
STAP-1
C02 (1,00 - 1,50) C03 (1,00 - 1,50) C04 (1,00 - 1,50) C01-1-1 C01 (1,00 - 2,00) D - VML HUISVUILSTORT MMD1 D01 (0,20 - 0,70) D05 (0,00 - 0,50) D08 (0,20 - 0,70)
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
20
Analysemonster
Deelmonsters
Grondsoort
Visuele waarneming
Analysepakket
MMD2
D02 (0,00 - 0,50) D03 (0,00 - 0,50) D08-G (0,00 - 0,50)
Zand
STAP-1
MMD3
D06 (0,00 - 0,50) D07 (0,00 - 0,50)
Klei
MMD4
18 (0,20 - 0,60) 22 (0,00 - 0,20) 22 (0,40 - 0,60) D10 (0,30 - 0,70)
Klei
D10-3
D10 (0,70 - 1,20)
Klei
D11-1
D11 (0,00 - 0,50)
Klei
MMD-D01-04-05
D01 (0,20 - 0,70) D04 (0,35 - 0,80) D05 (0,00 - 0,50)
Zand
MMDAV1
D01 (0,20 - 0,80) D04 (0,35 - 0,80) D05 (0,00 - 0,50)
Zand
MMA 22/D10/19-1-1
22 (0,00 - 0,50) D10 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,50)
Klei / zand
matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend, zwak aardewerkhoudend, sporen metaal, sporen glas matig grindhoudend, zwak roesthoudend, brokken klei, sporen beton matig roesthoudend, matig kolengruishoudend, zwak puinhoudend, zwak kolengruishoudend, zwak baksteenhoudend sterk puinhoudend, sterk baksteenhoudend sterk grindhoudend, sporen baksteen matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, sporen glas, sporen metaal, zwak baksteenhoudend, sporen aardewerk matig baksteenhoudend, zwak betonhoudend, sporen glas, sporen metaal, zwak baksteenhoudend, sporen aardewerk grind, baksteen, sporen glas, platic, beton, bot, metaal
MMA D02/D03/ D08/D09-1-1
D02 (0,00 - 0,50) D03 (0,0 - 0,50) D08 (0,00 - 0,50) D09 (0,00 - 0,50)
Zand
beton, baksteen, grind, sporen metaal, glas, plastic
Asbest-G
D10-1-1
D10 (4,00 - 5,00)
Grondwater
-
STAP-W
D11-1-1
D11 (2,00 - 3,00)
Grondwater
-
STAP-W
Klei
-
STAP-1
Klei
-
STAP-1
OVERIG - ONVERDACHT MMBG01 03 (0,00 - 0,50) 05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) MMBG02
10 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 14A (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50)
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
STAP-1
STAP-1
STAP-1 STAP-1 Asbest-G
Asbest-AV
Asbest-G
21
Analysemonster
Deelmonsters
Grondsoort
Visuele waarneming
Analysepakket
MMBG03
20 (0,00 - 0,30) 20 (0,30 - 0,60) 21 (0,00 - 0,20) 21 (0,20 - 0,50) 23 (0,00 - 0,10) 23 (0,10 - 0,50) 24 (0,00 - 0,30) 24 (0,30 - 0,60) 25 (0,00 - 0,50) 26 (0,00 - 0,30) 26 (0,30 - 0,60)
Klei
-
STAP-1
MMBG04
35 (0,00 - 0,40) 36 (0,00 - 0,30) 36 (0,30 - 0,50) 37 (0,00 - 0,30) 37 (0,30 - 0,50) 38 (0,00 - 0,30) 38 (0,30 - 0,50) 39 (0,07 - 0,57) 40 (0,00 - 0,30) 41 (0,07 - 0,30) 42 (0,00 - 0,50)
Zand
-
STAP-1
MMBG05
28 (0,05 - 0,30) 28 (0,30 - 0,50) 29 (0,07 - 0,40) 30 (0,05 - 0,50) 43 (0,00 - 0,50) 44 (0,00 - 0,50) 48 (0,05 - 0,50) 50 (0,05 - 0,50) 51 (0,00 - 0,50)
Zand
-
STAP-1
MMBG06
31 (0,00 - 0,50) 32 (0,00 - 0,20) 32 (0,20 - 0,50) 34 (0,00 - 0,50) 45 (0,00 - 0,50) 46 (0,00 - 0,50) 49 (0,00 - 0,50) 52 (0,00 - 0,50)
Klei
zwak grindhoudend
STAP-1
MMBG07
54 (0,00 - 0,50) 57 (0,00 - 0,40) 60 (0,00 - 0,40) 67 (0,00 - 0,50) 69 (0,00 - 0,40) 70 (0,05 - 0,20) 70 (0,20 - 0,60) 71 (0,30 - 0,80) 72 (0,05 - 0,30) 72 (0,30 - 0,60)
Zand
zwak plastichoudend, zwak schelphoudend, zwak roesthoudend, matig roesthoudend, zwak wortelhoudend, sporen roest, brokken klei, zwak grindhoudend
STAP-1
MMBG08
55 (0,10 - 0,60) 56 (0,00 - 0,50) 59 (0,00 - 0,50) 62 (0,00 - 0,30) 63 (0,00 - 0,30) 65 (0,00 - 0,40) 66 (0,00 - 0,50)
Klei
zwak wortelhoudend, zwak roesthoudend, matig schelphoudend, zwak grindhoudend, sporen baksteen
STAP-1
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
22
Analysemonster
Deelmonsters
Grondsoort
Visuele waarneming
Analysepakket
MMOG1
06 (0,50 - 1,00) 07 (0,50 - 1,00) B01 (0,50 - 1,00)
Klei
-
STAP-1
MMOG2
15 (0,50 - 1,00) C04 (0,50 - 1,00)
Klei
-
STAP-1
MMOG03
35 (0,40 - 0,90) 38 (0,50 - 0,80) 39 (0,57 - 0,80) 39 (0,80 - 1,20)
Zand
zwak grindhoudend, laagjes klei, laagjes slib, resten kalk
STAP-1
MMOG04
28 (0,50 - 1,00) 31 (0,80 - 1,10) 31a (0,80 - 1,30)
Klei
resten baksteen, resten beton, matig baksteenhoudend
STAP-1
MMOG05
43 (0,50 - 0,80) 47 (0,50 - 1,00) 51 (0,50 - 1,00)
Zand
-
STAP-1
MMOG06
54 (0,50 - 0,90) 56 (0,50 - 1,00) 59 (0,50 - 1,00)
Klei
-
STAP-1
MMOG07
62 (0,70 - 1,20) 66 (0,50 - 0,70) 66 (0,70 - 1,10) 71 (1,00 - 1,50)
Klei
-
STAP-1
38-1-1 47-1-1 59-1-1 71-1-1
38 (2,00 - 3,00) 47 (2,00 - 3,00) 59 (2,20 - 3,20) 71 (2,20 - 3,20)
Grondwater Grondwater Grondwater Grondwater
-
STAP-W STAP-W STAP-W STAP-W
Het chemisch-analytisch en het asbestonderzoek is uitgevoerd door SYNLAB Analytics & Services B.V. te Rotterdam en de analysecertificaten zijn bijgevoegd als bijlage 4 (grond), 5 (grondwater) en 7 (asbest). SYNLAB is geaccrediteerd volgens de door de Raad van Accreditatie gestelde criteria voor testlaboratoria conform ISO/IEC 17025:2005 en erkend door Rijkswaterstaat Leefomgeving/ Bodem+ (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat) voor 'Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek' (AS3000). Toetsingskader De analyseresultaten zijn conform BoToVa voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Staatscourant 27 juni 2013, nr. 16675) en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit bodemkwaliteit (Staatscourant 20 december 2007, nr. 247). In bijlage 6 zijn de toetsingswaarden weergegeven voor standaardbodem (10% organische stof, 25% lutum).
Om de mate van verontreiniging aan te geven, wordt de volgende terminologie gehanteerd: niet verhoogd: gehalte lager dan of gelijk aan de Achtergrondwaarde (AW) of de Streefwaarde (S) licht verhoogd: gehalte hoger dan de Achtergrondwaarde of de Streefwaarde, maar lager dan of gelijk aan de tussenwaarde (½{AW+I} of ½{S+I}) matig verhoogd: gehalte hoger dan de tussenwaarde, maar lager dan of gelijk aan de Interventiewaarde (I) sterk verhoogd: gehalte hoger dan de Interventiewaarde
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
23
Saneren Bodemverontreiniging veroorzaakt na 1987 dient volgens het zorgplichtartikel van de Wet bodembescherming zo spoedig mogelijk en zo volledig mogelijk ongedaan te worden gemaakt. De mate van verontreiniging is in deze gevallen niet zo zeer van belang. Het tijdstip van veroorzaken is bepalend voor de verplichting tot saneren. Bodemverontreiniging die geheel of grotendeels is veroorzaakt voor 1987 wordt in het kader van de Wet bodembescherming beschouwd als “historisch”. Voor een historisch geval wordt de saneringsnoodzaak beoordeeld aan de hand van het volumecriterium. Wanneer in een bodemvolume van meer dan 25 m3 of 100 m3 grondwater de interventiewaarde wordt overschreden voor één of meer stoffen is volgens de Wet bodembescherming sprake van een geval van ernstige verontreiniging. Indien er sprake is van onaanvaardbare risico’s dient de verontreiniging met spoed te worden gesaneerd. Ernstige verontreinigingen die niet met spoed hoeven te worden gesaneerd, dienen op enig moment te worden gesaneerd, meestal in het kader van herinrichting. Asbest De interventiewaarde voor asbest is een gewogen norm van 100 mg/kg (de serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). Er bestaat geen achtergrondwaarde voor asbest in grond. De restconcentratie- of hergebruiknorm is eveneens vastgesteld op 100 mg/kg d.s. (gewogen concentratie). 3.3
Analyseresultaten
Aan de hand van de analyseresultaten (zie bijlagen 4 en 5 voor de certificaten) en de voor grond omgerekende gehalten zijn overschrijdingstabellen samengesteld. In deze tabellen zijn per monster de overschrijdingen van de achtergrondwaarde (AW), de streefwaarde (S), de interventiewaarde (I) of de toetsingswaarde voor nader onderzoek aangegeven. Voor de toetsingstabellen conform BoToVa wordt verwezen naar bijlage 6. TABEL 7: OVERSCHRIJDINGSTABEL GROND Analysemonster A - TRAMBAAN MMA1
Traject (m -mv)
> AW (+index)
>T
> I (+index)
BBK monsterconclusie
0,00 - 0,50
-
-
Klasse industrie
MMA2
0,00 - 0,60
-
-
Klasse industrie
MMA3
0,00 - 0,50
-
-
Klasse industrie
MMA4
0,50 - 1,20
PCB (som 7) (0,01) Kobalt (0,01) Nikkel (0,06) Koper (0,1) Zink (0,17) Cadmium (-) Kwik (0,01) Lood (0,06) PAK 10 VROM (0,2) Minerale olie (totaal) (-) Kobalt (0,01) Nikkel (0,11) Koper (0,01) Zink (0,09) Kwik (0,04) Lood (0,04) PAK 10 VROM (0,13) Lood (0,01) PAK 10 VROM (0,15) -
-
-
Altijd toepasbaar
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
24
Analysemonster
Traject (m -mv)
MMA5
0,00 - 0,50
>T
> I (+index)
BBK monsterconclusie
Kobalt (0,02) Nikkel (0,49) Koper (0,37) Zink (0,23) Molybdeen (0,01) Cadmium (0,04) Kwik (-) Lood (0,26) PAK 10 VROM (0,32) A10-1 0,00 - 0,50 PCB (som 7) (-) Zink (0,01) Cadmium (-) Kwik (-) B - RESTVERONTREINIGING VML BENZINESTATION MMB01 1,00 - 1,50 C - MINERALE OLIEVERONTREINIGING C01-3,4 0,80 - 1,50 MMC 1,00 - 1,50 D - VML HUISVUILSTORT MMD1 0,00 - 0,70 PCB (som 7) (-) Kobalt (0,11) Molybdeen (0,04) Cadmium (0,23) Kwik (0,03) Minerale olie (totaal) (0,02) MMD2 0,00 - 0,50 PCB (som 7) (0,01) Kobalt (0,16) Molybdeen (0,03) Cadmium (0,15) Kwik (0,04) PAK 10 VROM (0,3) MMD3 0,00 - 0,50 Kobalt (0,01) Nikkel (0,15) PAK 10 VROM (0,04)
-
-
Klasse industrie
-
-
Klasse wonen
-
-
Altijd toepasbaar
-
-
Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar
-
Nikkel (1,57) Koper (2,52) Zink (2,33) Lood (2,07) PAK 10 VROM (4,3)
Niet Toepasbaar > Interventiewaarde
-
Nikkel (1,23) Koper (1,49) Zink (1,37) Lood (1,6)
Niet Toepasbaar > Interventiewaarde
-
-
Klasse industrie
MMD4
0,00 - 0,70
-
-
Klasse industrie
D10-3
0,70 - 1,20
Koper (0,81) Lood (0,74)
Zink (1,21)
Niet Toepasbaar > Interventiewaarde
D11-1
0,00 - 0,50
Nikkel (0,18) Koper (0,11) Zink (0,13) Molybdeen (-) Cadmium (-) Lood (0,08) PAK 10 VROM (0,09) PCB (som 7) (-) Kobalt (0,01) Nikkel (0,25) Molybdeen (0,01) Cadmium (0,06) Kwik (0,01) PAK 10 VROM (0,07) PCB (som 7) (0,24) PAK 10 VROM (0,03)
-
-
Klasse industrie
Lood (0,04) PAK 10 VROM (0,03) PCB (som 7) (-) Zink (0,02) Lood (0,05)
-
-
Altijd toepasbaar Klasse wonen
-
-
Altijd toepasbaar
OVERIG - ONVERDACHT MMBG01 0,00 - 0,50 MMBG02 0,00 - 0,50
MMBG03
0,00 - 0,60
> AW (+index)
Rapport C20-412-O / 20-11-20 / J.A. Heijwegenlaan en omgeving te Spijkenisse
25
Analysemonster
Traject (m -mv)
> AW (+index)
>T
> I (+index)
BBK monsterconclusie
MMBG04
0,00 - 0,57
-
-
Klasse industrie
MMBG05 MMBG06 MMBG07 MMBG08 MMOG01 MMOG02 MMOG03
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,80 0,00 - 0,60 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,40 - 1,20
-
-
Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse wonen Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse industrie
MMOG04 MMOG05 MMOG06 MMOG07
0,50 - 1,30 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,50 - 1,50
PCB (som 7) (0,02) Cadmium (0,02) Kwik (-) Molybdeen (0,03) Nikkel (0,03) PCB (som 7) (0,03) Kwik (-) PCB (som 7) (0,03) -
-
-
Klasse industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar
> AW >T >I index
: > Achtergrondwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW); GSSD = gestandaardiseerde meetwaarde (voor 10% o.s. en 25% lutum)
TABEL 8: PLAATVERZAMEL- EN GRONDMENGMONSTERS Inspectiegat(en)
A04/A05/A07/A10
Massa Gewogen inspectiegat asbestgehalte (meng) monster (in kg) (in mg/kg ds)