CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

35. Raadsinformatiebrief Gebiedsplan Voorne-Putten; bijlage 4 - Gebiedsplan Voorne Putten

Gemeenteraad 25 februari 2026, gemeente NissewaardBij agendapunt: Lijst ingekomen stukken (1 t/m 47)6.453 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAPPORT

Gebiedsplan VoornePutten REPORT REPORT REPORT

Versie 1.0

RAPPORT REPORT

Titel:

Gebiedsplan Voorne-Putten

Auteurs:

Petrus Postma, Mona Zum Felde en Thea Timmermans, &flux

Datum:

1 december 2025

Versie

1.0

REPORT REPORT

Opdrachtgever Provincie Zuid-Holland Deelnemers aan het Gebiedsproces: Provincie Zuid-Holland, Gemeente Voorne aan Zee, Gemeente Nissewaard, Waterschap Hollandse Delta, vertegenwoordigers vanuit landbouw, natuur en recreatie.

Gebiedsplan Voorne-Putten 2

Inhoud Gebiedsplan Voorne-Putten ........................................................................................................................................................... 1 1

Inleiding ................................................................................................................................................................................ 4

2

Waarden van het landelijk gebied ........................................................................................................................................ 5

3

Uitdagingen voor het landelijk gebied .................................................................................................................................. 7

4

Eigenaarschap ..................................................................................................................................................................... 10

5

Maatregelen ....................................................................................................................................................................... 13

6

Samenwerking tussen de gebiedspartners ......................................................................................................................... 16

7

Financiën ............................................................................................................................................................................. 17

Bijlage 1 – Doelbereik en beleidsachtergrond van de opgaves .................................................................................................... 18 Bijlage 2 – Projecten ..................................................................................................................................................................... 19 Bijlage 3 - Aandachtspunten LTO Gebiedsplan Voorne-Putten ................................................................................................... 20

Gebiedsplan Voorne-Putten 3

1

Inleiding

Samen zoeken naar een werkende aanpak voor de toekomst van het landelijk gebied op Voorne-Putten Dit Gebiedsplan beschrijft hoe de gebiedspartners op Voorne-Putten samen werken aan het versterken en behouden van een toekomstbestendig landelijk gebied. Het plan is opgesteld in samenwerking met gemeente Voorne aan Zee, Nissewaard, provincie Zuid-Holland, Waterschap Hollandse Delta (WSHD), agrariërs, de recreatiesector en natuurpartijen en is een samenvatting van de visie op het landelijk gebied op Voorne-Putten en hoe de gebiedspartners het landelijk gebied willen versterken. De oorsprong van dit plan ligt in het beëindigde Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Toen het Rijk het NPLG stop zette, inclusief de middelen die bij het programma hoorden, hebben de partners op Voorne-Putten besloten door te gaan met het gebiedsproces omdat de toekomst van het landelijk gebied hen aan het hart gaat. Met elkaar hebben we in beeld gebracht welke waarden het landelijk gebied kent, welke uitdagingen we zien voor het gebied, welke maatregelen we daarvoor kunnen treffen en aan welke projecten we nu al werken. Dit plan is een basis van waaruit de gebiedspartners verder werken aan projecten en het verkrijgen van middelen voor die projecten.

We beschrijven wie voor de verschillende uitdagingen en de projecten die daaruit komen de leiding hebben en hoe we met elkaar samenwerken om het hele gebied sterker te maken. In dit plan komen de oorspronkelijke uitdagingen uit het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) aan de orde. We vertalen de uitdagingen op het gebied van landbouw, water, natuur en klimaat naar maatregelen en projecten. Daarbij nemen we ook andere thema’s als recreatie en klimaatverandering mee omdat zij – positief of negatief – een grote impact hebben op de toekomst van ons landelijk gebied. Dit Gebiedsplan heeft geen formele juridische status. Het is wel een basis voor verdere uitwerking van Omgevingsbeleid, sectoraal beleid en specifieke projecten. Vanuit dit Gebiedsplan wordt geen aanvullende ruimteclaim op het landelijk gebied gelegd, bovenop bestaande beleidskaders. Parallel aan dit Gebiedsplan lopen er programma’s zoals het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA), Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW), De Natuurherstelverordening, de nieuwe KRW periode en anderen. Het Gebiedsplan is een basis voor integratie van deze programma’s op Voorne-Putten. Dat moet ook omdat voor concrete projecten misschien wel middelen uit deze programma’s nodig zullen zijn. Het proces om tot dit plan te komen heeft zijn uitdagingen gekend.

Door een veranderende politiek-bestuurlijke context en het beëindigen van het NPLG zijn de spelregels voor het proces verschillende keren veranderd. Ondanks deze onrust hebben de partners een inhoudelijk gefundeerd plan opgesteld wat recht doet aan de waarden van het gebied en de mensen die er werken en wonen. In dit plan beschrijven we eerst de waarden die het landelijk gebied op Voorne-Putten zo uniek maken. Daarna beschrijven we de uitdagingen die op het landelijk gebied af komen en die impact hebben op die waarden. Nadat we in hoofdstuk drie beschrijven wie er allemaal aan de lat staan voor de uitdagingen beschrijven we in hoofdstuk vier de maatregelen die we kunnen en/of willen uitvoeren om het landelijk gebied sterker te maken voor de toekomst. Vervolgens beschrijven we in hoofdstuk vijf en zes hoe we samen werken en hoe we aan middelen komen om projecten te kunnen realiseren. In de bijlagen beschrijven we 1) hoe de maatregelen en projecten bijdragen aan de oorspronkelijke doelen van het ZH-PLG en 2) welke projecten we ontwikkelen en willen ontwikkelen. Deze bijlagen maken integraal onderdeel uit van het Gebiedsplan maar omdat de doelen veranderen in de tijd zijn deze in de bijlage opgenomen, zodat we niet steeds het hele plan hoeven bij te werken.

Gebiedsplan Voorne-Putten 4

2

Waarden van het landelijk gebied

In het onderstaande schema staat een overzicht van de afzonderlijke waarden die we met elkaar hebben vastgesteld. Deze maken samen de waarde van het landelijk gebied die we met elkaar hebben te beschermen en versterken. Ze hangen ontzettend sterk met elkaar samen, er is dus ook geen volgorde in prioriteit of belangrijkheid. We hebben ze allemaal en samen te versterken.

Landschap Voorne-Putten is een prachtig eiland waar de landbouw, de natuur en de dorpen de identiteit van het landschap hebben gevormd. Het gebruik is herleidbaar aan de diverse bodemtypen op het eiland en de ontginningsgeschiedenis is nog leesbaar in het landschap. Een eiland in contrast met de omringende drukte van de industrie, de haven en de stad. Een eiland waar de natuur en de rust enorm gewaardeerd worden, niet alleen door de eilandbewoners, maar ook door de grote hoeveelheden toeristen vanuit nabijgelegen steden en verder, die het eiland jaarlijks bezoeken.

Biodiversiteit Voorne-Putten, inclusief Voornes Duin en omringd door 3 Natura 2000-gebieden, kent een hoge biodiversiteit op delen van het eiland. Het Voornes Duin is zelfs één van de meest soortenrijke natuurgebieden in heel Europa. Ook op de rest van het eiland is een gezonde biodiversiteit van onmisbare waarde, om de lucht en het water te kunnen zuiveren, voor natuurlijke processen zoals bestuiving en om veerkrachtig te zijn tegen ziekten en plagen. Zonder gezonde bodem en een gezonde biodiversiteit geen toekomstbestendige landbouw. Met andere woorden, alles in het landelijk gebied draait uiteindelijk op een gezonde biodiversiteit.

Genoeg en schoon water Voorne-Putten ligt in de Delta, een gebied waar veel waterstromen samenkomen. Daarnaast dienen de Bernisse en het Brielse Meer regionale belangen door de haven, het Westland, en de agrarische sector van zoetwater te voorzien. Er is dus voldoende zoet water beschikbaar voor de vele functies op en om het eiland: landbouw, natuur, recreatie, scheepvaart, en natuurlijk wonen. Tegelijkertijd is deze beschikbaarheid niet vanzelfsprekend. Toenemende droogte in zomers zorgt voor watertekorten, terwijl natte periodes soms juist voor veel wateroverlast zorgen. Daarnaast is de kwaliteit van het water onderhevig aan verschillende gevaren: verziltingsdruk vanuit de zee en brak kwelwater uit de bodem, een overschot aan meststoffen (nitraat, fosfaat), chemische stoffen vanuit gewasbeschermingsmiddelen, industrie en stedelijk gebied, maar ook achteruitgang van diversiteit in planten en diersoorten in het water versus een toename in invasieve exoten als de Amerikaanse rivierkreeft en Watercrassula. Het verbeteren en beschermen van een gezond watersysteem, de levensader voor het eiland, is dus van levensbelang.

Recreatie Vanwege de nabije ligging van stedelijke gebieden, de afwisselende natuur in de natuurgebieden en de weidsheid in het landbouwgebied, rijke cultuurhistorische dorpen en de vele recreatiemogelijkheden is Voorne-Putten een aantrekkelijk recreatiegebied, zowel voor dagtoerisme als voor mensen die langer willen verblijven. De recreatiesector heeft zich ontwikkeld tot een hoogwaardig cluster en een mede-drager van de economie op het eiland. Met inzet op betere mobiliteit via bijvoorbeeld de Blankenburgverbinding zal dit naar verwachting alleen maar toenemen.

Landbouw Voorne-Putten kent een hoogwaardige landbouw. De sector kent zo’n 240 ondernemers die ongeveer 10.000 hectare in beheer hebben, waarvan ongeveer 1/3 veeteelt en 2/3 akkerbouw. Daarnaast is er ca. 300 hectare glastuinbouw op het eiland. De ondernemers weten elkaar al te vinden als het gaat om uitruil van gronden, verwaarding van elkaars reststromen, bijvoorbeeld door onderlinge uitwisseling van diervoeding (e.g. luzerne, veldbonen) en mest (al kan dit laatste nog meer en daarom is er Gebiedsplan Voorne-Putten 5

een project voor in de maak). Het maken van korte kringlopen wordt al volop toegepast op het eiland (ook te zien in de ruim 40 landwinkels). De landbouw is de meest kenmerkende economische drager in het landelijk gebied en dat moet ook zo blijven, op een toekomstbestendige manier. De productie draagt dankzij een overwegend goede bodem bij aan onze voedselzekerheid, een steeds belangrijker thema in een onrustige wereld.

Het landelijk gebied Voorne-Putten Uit deze opsomming blijkt de enorme waarde van het landelijk gebied op het eiland. Het gebied heeft zijn eigen waarde en uniciteit met de landbouw en natuurgebieden zoals Voornes Duin, maar is ook van grote waarde voor de stedelijke omgeving voor recreatie en voedselvoorziening bijvoorbeeld. Het is een gebied om te koesteren en te beschermen, zeker zo dicht bij de grote stad Rotterdam. Maar dit gebied kent ook zijn uitdagingen, nu en voor de toekomst. Er is veel biodiversiteit verloren gegaan de laatste generaties en het huidige watersysteem is niet robuust genoeg om schokken en veranderingen in het systeem op te kunnen vangen. Duurzame voedselproductie wordt belangrijker in een wereld met steeds meer inwoners, minder agrarische grond, meer oogst falen door weersextremen en toenemende geopolitieke spanningen. De recreatieve waarde van het eiland voor de omgeving wordt ook steeds belangrijker. Dat betekent dat we de uitdagingen scherp in beeld moeten hebben, willen we deze waarden kunnen borgen. De uitdagingen worden in het volgende hoofdstuk beschreven.

Gebiedsplan Voorne-Putten 6

3

Uitdagingen voor het landelijk gebied

In het gebiedsproces hebben we samen met de partners nagedacht over welke uitdagingen we zien die de waarden van het landelijk gebied bedreigen. Deze uitdagingen kennen we allereerst uit de dagelijkse praktijk van de landbouw en de natuurorganisaties, provincie en Ecologische Autoriteit. Zij zien welke uitdagingen er zijn om de gezondheid van de bodem en het watersysteem te versterken en om soorten planten en dieren een goede staat van instandhouding te geven. Het afwegingskader Bodem en Water Sturend van de provincie en de waterschappen geeft daarover een schat aan informatie. Een andere bron voor het ophalen van de uitdagingen zijn de analyses die bijvoorbeeld het waterschap doet. Daaruit weten we wat we moeten doen om de ecologische kwaliteit van het watersysteem te versterken. Ten slotte hebben we onze uitdagingen getoetst en verrijkt door middel van een scenario analyse die we eind 2024 organiseerden. Met name het thema verzilting als uitdaging voor de toekomst is daar met prioriteit aan onze lijst van uitdagingen toegevoegd. We destilleren tien uitdagingen. Ook hier merken we weer dat deze tien uitdagingen enorm met elkaar samenhangen. Een gezond watersysteem is onmisbaar voor de toekomst van de landbouw en natuur en goede recreatie (zonering en gedrag van de recreant) voorkomt biodiversiteitsverlies bijvoorbeeld.

Deze uitdagingen relateren direct aan de wettelijke normen die we in het gebied moeten gaan halen voor natuur, water en klimaat (zie bijlage 1).

1)Ruimtelijke claims Zonder expliciet ruimtelijk beleid verliest het landelijk gebied het langzaam van economisch grotere sectoren zoals woningbouw, industrie en logistiek. Een verdere verkleining van het landbouwareaal op Voorne-Putten zou betekenen dat ondersteunende diensten (veeartsen, loonwerkers, etc.) ook verdwijnen omdat deze niet meer rendabel zijn. Dat is bijzonder schadelijk voor de agrarische sector. De natuur heeft met de huidige schaal al te weinig regeneratief vermogen om zichzelf in stand te houden op het eiland, een verkleining van het natuurareaal zou de doodsteek kunnen zijn. Zowel de gemeenten als de provincie zien de enorme waarde van het landelijk gebied op het eiland. Om het landschap te beschermen en te versterken, hanteren provincie en gemeente lokaal maatwerk t.a.v. ruimtelijke claims in het landelijk gebied. Met respect voor de bredere maatschappelijke opgave die de gemeente draagt en de ruimtelijke consequenties die dat vraagt (bijvoorbeeld het mogelijk maken van de energietransitie en waterveiligheid). Gemeenten zijn in gesprek met de agrarische sector en natuurorganisaties over noodzakelijke keuzes en zoeken daarbij samen naar werkbare oplossingen.

Hierbij maken zij zorgvuldige afwegingen tussen wat nodig is voor het landelijk gebied en wat nodig is voor de leefbaarheid van de stad en de dorpen, waarbij ze de agrarische sector en de biodiversiteit zo min mogelijk raken.

2)Natura 2000 Natura 2000-gebieden en de NNN zijn onmisbaar voor een landelijk netwerk van natuurgebieden en vormen de basis voor onze biodiversiteit. Omdat de kwaliteit en kwantiteit (NNN verbindingszones) van de natuurgebieden onvoldoende is, werken de natuurorganisaties samen met de provincie aan natuurherstel en versterking van natuurgebieden. De agrarische sector, de gemeente via haar recreatiebeleid en omgevingsbeleid en de recreatie sector zelf, werken aan het wegnemen van drukfactoren (onvoldoende grondwaterkwantiteit, onvoldoende dynamiek, recreatiedruk, diversiteit, versnippering, verzuring en vermesting (stikstof) en invasieve exoten) op de Natura 2000-gebieden waar zij dat kunnen. Gemeentes kunnen via hun omgevingsbeleid regelen welke activiteiten in en bij beschermde natuur zijn toegestaan. Naast de Natura 2000 opgaven werkt de provincie met grondeigenaren en andere organisaties aan het afronden van het Natuur Netwerk Nederland (NNN).

Gebiedsplan Voorne-Putten 7

3)Biodiversiteit landschap Het landschap heeft in de afgelopen generaties veel aan variatie en biodiversiteit verloren. We zullen dus met elkaar aan het herstel hiervan moeten werken. De provincie en waterschap werken aan het versterken van de biodiversiteit in het landschap en de bodem (bv. NNN-realisatie, subsidies voor boerenlandvogels, bos en bomen en akkerranden, ruimte voor icoonsoorten en GBDA). Het waterschap en de agrarische sector werken aan natuurvriendelijke elementen zoals akkerranden, boerenlandvogelgebieden, natuurvriendelijke oevers, en aan koolstof vastlegging in de bodem en het vermijden van uitspoeling. Dit is nodig, want een gezonde biodiversiteit is essentieel voor de toekomst van de bodem, het watersysteem en de ecologie op het eiland. Dat is de basis onder alle functies in het landelijk gebied. Ten slotte moeten we leren denken vanuit de draagkracht van de bodem. Dat zorgt ervoor dat het hele ecologische systeem in evenwicht is.

4)Biodiversiteit watersysteem Een gezond aquatisch ecosysteem is een randvoorwaarde voor een gezonde bodem, landbouw en natuur. De ecologie in het watersysteem kan nog veel beter en dat moet ook om onze doelen te halen. Om de aquatische ecologie en waterkwaliteit in het watersysteem te versterken, werkt het waterschap aan een breed scala aan maatregelen, waaronder robuuste watergangen met die ruimte bieden voor waterplanten en voldoende bergingscapaciteit en vispasseerbare gemalen en stuwen.

De landbouw werkt aan het vermijden van emissies (gewasbeschermingsmiddelen, nutriënten) naar het

watersysteem. Ook hier geldt: de gebruiksfunctie in het landelijk gebied moet in overeenstemming zijn met wat het watersysteem kan ondersteunen. Ten slotte werken gemeenten en waterschappen aan het voorkomen van afspoeling van verontreinigingen uit het stedelijk gebied naar het landelijk gebied.

5)Watertekort en verzilting Zonder voldoende zoet water geen gezonde landbouw en natuur. Het eiland heeft inlaatpunten op plekken die de komende tijd steeds meer risico op verzilting met zich meebrengen. Bij langere periodes van droogte is een robuuste waterstructuur ook noodzakelijk om de natuur in stand te houden. Om zoetwatertekort en verzilting en de economische schade daardoor het hoofd te bieden, werkt het waterschap aan een robuuster watersysteem. Alle gebiedspartners onderzoeken wat de mogelijke schade en beheersmaatregelen op de lange termijn zijn. Want hoe het ook gaat lopen, we moeten leren leven met het risico van verzilting en de gevolgen van langdurige droogte.

6)Wateroverlast Tekort aan water is een probleem, overlast is dat ook. Om wateroverlast tegen te gaan, werkt het waterschap aan een robuuster watersysteem met bredere watergangen en kunstwerken zoals duikers en gemalen met een grotere capaciteit, om zo meer bergend vermogen te creëren. Ook zet zij in op het behouden en vergroten van de bestaande waterbergingen. Zij doet dit door middel van de uitvoering van Watergebiedsplannen. We combineren deze oplossingen natuurlijk met versterking van de ecologie in het watersysteem en het landschap in het algemeen. Een gezond watersysteem is niet alleen nodig voor landbouw, maar ook voor natuur.

7)Recreatie in balans Recreatie en toerisme zijn economische dragers onder de toekomst van het landelijk gebied. De verwachting is dat door vergrijzing en toenemende verstedelijking in de zuidelijke Randstad de behoefte aan meer ruimte voor recreatie zal groeien. Dat gaat echter soms gepaard met overlast voor landbouw en natuur. Samen met de gebiedspartners onderzoekt de gemeente en de recreatie sector hoe zij kan bijdragen aan een bloeiende recreatiesector die met respect omgaat met landbouw en natuur maar daar juist ook een bijdrage aan levert als dat kan. Door het ontwikkelen van nieuwe routes en destinaties en educatie kan hier veel bereikt worden.

Gebiedsplan Voorne-Putten 8

8)Landbouwemissies Een gezonde landbouw gaat efficiënt met haar grondstoffen om en voorkomt waardevermindering van de bodem en het watersysteem. Daarin zijn nog behoorlijke stappen te zetten. Om emissies zo veel mogelijk te vermijden, werkt de agrarische sector (met ondersteuning van de provincie) aan projecten die uit- en afspoeling en emissies van gewasbeschermingsmiddelen, nutriënten (waaronder stikstof) en broeikasgassen vermijden. Daarin zoeken zij ook naar oplossingen die kringlopen sluiten (zodat er minder ingekocht hoeft te worden) en zorgen voor veel minder behoefte door precisielandbouw (bijvoorbeeld aan gewasbescherming).

9)Toekomst landbouw Om de landbouw op Voorne-Putten meer toekomstbestendig te maken, zijn ruimtegebrek, gebrek aan financieel investeringsvermogen en gebrek aan terugverdienen van niet productieve investeringen lastige uitdagingen om te overwinnen. Daarnaast heeft de sector weinig grip op risico’s zoals prijsvorming in de markt en calamiteiten. Parallel aan deze uitdagingen werkt de provincie daarom aan een voedselvisie en aan landbouwbeleid, inclusief uitvoeringsprogramma en werken de individuele agrariërs aan plannen voor hun bedrijf. In dit gebied faciliteren we graag pilots die daaraan bijdragen.

10) Energietransitie De energietransitie vraagt ruimte. Voor kabels, leidingen en onderstations, voor opwekvermogen en opslag van energie en soms ook voor conversie van energie (waterstof productie bijvoorbeeld). Deze transitie is nodig en kan de economische activiteit op het eiland ook dienen. De maatschappelijke noodzaak daarvan mag echter niet ten koste gaan van landbouw- en natuurgrond als oplossingen ook elders gevonden kunnen worden met minder schade. Daarnaast is de landschappelijke waarde van het eiland zo hoog dat het beschadigen daarvan met enorme installaties niet passend is als ook elders (in meer industriële gebieden) oplossingen gevonden kunnen worden. NB we werken deze uitdaging nu niet uit in het Gebiedsplan. Daar hebben we nog geen afspraken over gemaakt.

Samenvatting Met deze uitdagingen leggen we met elkaar vast wat er moet gaan gebeuren in het gebied: deze tien uitdagingen oplossen. Alles wat we in het kader van dit Gebiedsplan gaan doen moet dus bijdragen aan een oplossing van één – of lieve meerdere – uitdagingen uit deze lijst. Aan de uitdagingen in dit overzicht hebben we meteen verbonden welke partners welke inspanningen doen om de uitdagingen op te pakken. Daarmee blijven we niet hangen in het probleem maar kijken we meteen naar de oplossingen. In bijlage 1 gaan we dieper in op de kwantitatieve kant van deze uitdagingen en de mate waarin ze bijdragen aan doelen op het gebied van landbouw, natuur, water en klimaat.

Gebiedsplan Voorne-Putten 9

4

Eigenaarschap

Zoals gezegd hangen de uitdagingen voor Voorne-Putten enorm met elkaar samen. Dat betekent dat oplossingen vaak ook meerdere belangen dienen en het project van de ene partner invloed heeft op de andere partner. Dit hoofdstuk probeert te beschrijven wie primair verantwoordelijk zijn voor de uitdagingen en ook hoe zij met andere partners en uitdagingen samen werken. Ruimtelijk beleid – beschermen Ruimtelijke ordening is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de provincie en de gemeenten. Provincie Zuid-Holland draagt de primaire verantwoordelijkheid voor het landelijk gebied en maakt in de Ruimtelijke Koers (2024) een duidelijke keuze voor het open houden hiervan. De gemeenten geven hun visie op het landelijk gebied in de Omgevingsvisie. De gemeente Voorne aan Zee stelde haar Omgevingsvisie op 17 april 2025 vast, de gemeente Nissewaard doet dat in 2026. Naar verwachting zijn hierin de waarden zoals beschreven in het Gebiedsplan herkenbaar. Daarnaast hebben gemeenten een bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid die kan leiden tot meer ruimteclaims, ook in het landelijk gebied. Daarover voeren de gemeenten separaat overleg met de 1) provincie, waar bij het provinciale standpunt uit de Ruimtelijke Koers de basis is en 2) de agrarische sector, om ruimtelijke consequenties de landbouw en natuur zo min mogelijk te laten schaden.

Natuur versterken (Natura 2000, NNN) De TBO’s en de Natuurvereniging Hollandse Delta (Zuid-Hollands Landschap, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer) zijn de beheerders van de Natura 2000-gebieden en voeren (deels in opdracht van de provincie) natuurbeheerplannen uit. Door de toenemende druk op de natuur moet het beheer geïntensiveerd worden om de natuurkwaliteit op peil te houden en waar mogelijk te verbeteren. Dit brengt extra beheerkosten met zich mee, die slechts deels worden vergoed. Investeringen in de natuur en te behalen resultaten lopen daardoor steeds verder uiteen. Daarnaast willen TBO’s en de partners uit de recreatiesector onderzoeken hoe zij bij kunnen dragen aan het verminderen van recreatiedruk op de Natura 2000-gebieden, omdat dit aantoonbaar negatief effect heeft op de biodiversiteit. Het waterschap kan in haar Watergebiedsplan maatregelen uitvoeren die bijdragen aan de uitdagingen op het gebied van water in natuurgebieden. Agrariërs ten slotte kunnen in hun bedrijfsvoering aanpassingen doen om de schadelijke effecten van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen op natuurgebieden tegen te gaan. De overheden kunnen via hun omgevingsverordeningen activiteiten in en bij natuurgebieden reguleren.

Biodiversiteit in het landschap verbeteren Alle gebiedspartners hebben een rol te spelen in het verbeteren van de biodiversiteit van het landschap, de basiskwaliteit van de natuur. Het zijn in de eerste plaats de agrariërs die aan de lat staan om de biodiversiteit in het landschap te verbeteren. Met allerlei maatregelen kunnen zij schadelijke emissies naar het systeem vermijden. Door slim beheer van akkerranden en beheer voor boerenlandvogels kunnen zij een enorme impact hebben. In samenwerking met en gesubsidieerd door het waterschap en provincie kunnen zij (mee) werken aan de realisatie van natuurvriendelijke oevers en Natuur Netwerk Nederland (NNN). Hierin kunnen zowel de agrariërs als de overheden de trekker zijn. Gemeenten en TBO’s beheren naast het waterschap ook gronden in het buitengebied die zij natuurvriendelijk kunnen inrichten en beheren, voor zover dat nog niet gebeurt. Voor de realisatie van nieuw bos kunnen alle eigenaren en beheerders een rol spelen. Recreatie organisaties ten slotte kunnen op eigen terrein ook bijdragen aan biodiversiteit met allerlei inrichtingsmaatregelen. De uitdaging is om met behulp van allerlei maatregelen 10% van het landschap groen/blauw te dooraderen vanuit de gedachte met deze maatregelen in het hele gebied een structurele verbetering van de biodiversiteit te realiseren.

Gebiedsplan Voorne-Putten 10

Aquatische ecologie watersysteem verbeteren Het waterschap staat aan de lat voor het verbeteren van de ecologie in het watersysteem. Daarvoor heeft zij vaak verbreding van watergangen en de aanleg van natuurvriendelijke oevers nodig. Daarvoor is wel altijd samenwerking met de aanliggende grondeigenaar, meestal een agrariër, nodig. Omdat het watersysteem zelf robuuster wordt met dit soort maatregelen en de agrarische sector daar belang bij heeft, zal dit naar verwachting op basis van goede samenwerking mogelijk zijn. Waar mogelijk combineren we natuurlijk deze uitdaging met het versterken van biodiversiteit in het landschap. Voor emissies uit de landbouw, zie hier onder. Zoetwatertekort en verzilting onderzoeken In het kader van het Watergebiedsplan doet het waterschap er alles aan om tot een zo robuust mogelijk watersysteem te komen. Ondanks deze inspanningen kunnen door lange periodes van droogte of door gebrek aan aanvoer van zoet water problemen ontstaan. Daar kan het waterschap dus niks aan doen. Het is daarom de verantwoordelijkheid van alle gebiedspartners om in te schatten welke gevolgen dit kan hebben, welke maatregelen zij kunnen treffen en welke aanvullende inspanningen nodig zijn. Hiervoor is een gezamenlijk onderzoeksproces opgestart. Water overlast verminderen Het waterschap werkt met de Watergebiedsplannen primair aan het vermijden van wateroverlast.

Stapsgewijs worden deze plannen voor Putten, Voorne West en Voorne Oost opgesteld en uitgevoerd. De daarvoor benodigde grondverwerving en uitvoering gaat normaal gesproken in goede harmonie met de grondeigenaren. Het is aan de grondeigenaren zoals agrariërs en recreatie ondernemers om te onderzoeken of zij synergie kunnen maken met de uitdagingen rond zoetwatertekort. Door bodemverdichting te voorkomen en ruimte te creëren voor wateropslag in geval van overmatige neerslag kunnen zij bijvoorbeeld buffers aanleggen voor periodes van water tekorten. Recreatie in balans Recreatie is ontzettend belangrijk voor de economie van het landelijk gebied op Voorne-Putten. Die recreatie leidt soms en op sommige plaatsen echter wel tot overlast op de natuur. Vanuit het natuurbeleid wil de provincie, samen met de gemeenten, TBO’s en de recreatiesector, analyseren waar deze overlast optreedt en wat er gedaan kan worden om dat te voorkomen. De recreatiesector heeft een verantwoordelijkheid om de recreant goed voor te lichten, provincie en gemeenten kunnen ruimtelijke maatregelen (wandel- en fietsroutes, nieuwe destinaties bijvoorbeeld) uitvoeren die helpen bij de oplossing. Landbouwemissies vermijden De landbouwpraktijk zoals die de afgelopen drie generaties is ontwikkeld, is vooral gericht op specialisatie, product maximalisatie en schaalvergroting.

In de afgelopen 10 tot 15 jaar groeit het besef dat de emissies van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen naar het watersysteem en ammoniak, CO2 en methaan emissies naar de atmosfeer drastisch moeten verminderen om de landbouwbodems, het watersysteem en het milieu in het algemeen gezond te houden. De complexiteit is daarbij mede dat er een internationale markt is waarbij producenten uit verschillende landen te maken hebben met verschillende wetgeving en marktomstandigheden. Dat maakt het moeilijk aanpassingen te doen die leiden tot een hogere kostprijs van het product zonder compensatie daarvoor. De agrariër is uiteindelijk de eerst verantwoordelijke voor een zo emissievrij mogelijke landbouw. De ondernemer kan zelf ook sturen op de voordelen van de nodige aanpassingen: minder inkoop van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen en credits voor koolstof vastlegging bijvoorbeeld. Zij kunnen dat vaak nog niet op eigen kracht omdat de benodigde maatregelen nog niet beproefd, kostenefficiënt of voorgeschreven (level playing field) zijn. Daarom staat de provincie aan de lat om – naast andere overheden – de ondernemers te ondersteunen met subsidieregelingen en informatie om nieuwe maatregelen toe te kunnen passen. Het waterschap speelt daar ook een belangrijke rol bij, maar zeker ook de keten die allerlei vormen van verduurzaming kan ondersteunen (en dat deels al doet).

Maar het blijven de agrariërs die moeten besluiten om hun bedrijfsvoering aan te passen.

Gebiedsplan Voorne-Putten 11

Toekomstbestendige landbouw versterken De verhouding tussen gefinancierd vermogen, omzet en resultaat in de landbouw is scheef en wordt steeds schever. Daarnaast nemen in de landbouw de risico’s waar de ondernemer zelf deels of niet op kan sturen toe (zoetwater beschikbaarheid, ziektedruk, prijsvorming landbouwproducten). Maar de waarde van ons voedsel wordt in de toekomst wel steeds belangrijker bij een groeiende wereldbevolking die haar voedsel van een wereldwijd afnemend areaal landbouwgrond moet halen in een systeem dat gevoeliger wordt voor disrupties zoals geopolitiek en rampen. Specifiek voor Voorne-Putten is dat het eiland al heel lang kampt met een afnemend landbouwareaal waardoor kritieke functies voor de landbouw zoals de veearts of de levering van gewasbeschermingsmiddelen verder onder druk komt te staan. Met het aanpakken van de eerste uitdaging (ruimtelijk beleid) spelen de overheden hierop in. De provincie werkt verder aan het opstellen van landbouwbeleid , inclusief uitvoeringsagenda, waarin ruimte voor landbouw, toekomstperspectief en kennis en innovatie als beleidsmaatregelen aan bod komen. Zij zoekt naar manieren om de sector hierin te ondersteunen. De provincie agendeert dit probleem ook bij andere overheden en partners zoals financiële instellingen.

De agrariërs op Voorne-Putten staan klaar om mee te werken aan pilots die helpen om deze uitdagingen op te lossen.

Gebiedsplan Voorne-Putten 12

5

Maatregelen

In dit hoofdstuk beschrijven we de groslijst van mogelijke maatregelen die we als gebiedspartners uit kunnen en willen voeren om de negen (exclusief energietransitie) uitdagingen op te lossen. Het is daarmee de lijst van maatregelen waarvan alle partners begrijpen dat deze nodig zijn. Vanuit deze lijst formuleren we concrete projecten. Alle gebiedspartners worden uitgedaagd om projecten voor te bereiden uit de groslijst zodat we ook samen op zoek kunnen gaan naar dekking voor de middelen die nodig zijn om de projecten uit te voeren. In het volgende hoofdstuk beschrijven we hoe we dat doen. De maatregelen per uitdaging geven we vorm in een tabel. In bijlage 1 worden – voor zover bekend – de kwantitatieve opgaven op de verschillende uitdagingen beschreven. Daarbij maken we ook steeds duidelijk hoe doelen en maatregelen bijdragen aan meerdere uitdagingen voor het gebied. De projecten die hieruit voortkomen zijn opgenomen in bijlage 2 en worden op doelbereik getoetst door de provincie. Maatregel

Toelichting

Ruimtelijk beleid Ruimtelijke Koers en Omgevingsbeleid

Provincie borgt bescherming natuur, openheid en kwaliteit landschap (deels erfgoed) + begrenzing in het Omgevingsbeleid

Omgevingsvisie

In de omgevingsvisie zijn de waarden en uitdagingen zoals verwoord in dit gebiedsplan verwerkt en vice versa

Natuur (N2000, NNN) Recreatie in balans

TBO’s adviseren over slimme recreatieve zonering

Stikstof reduceren

Doelsturing op provinciaal niveau door alle agrariërs + landelijk emissiebeleid landbouw, verkeer, industrie, etc.

Zoetwatervoorziening

WSHD via Watergebiedsplan

Beheerplan N2000-gebieden

TBO’s adviseren over en voeren beheerplan uit, grotendeels in opdracht van de provincie

Drukfactoren wegnemen

Grondwaterkwantiteit; onvoldoende dynamiek en diversiteit, verstoring door recreatie; versnippering deelgebieden N2000 gebied Oude maas, verzuring en vermesting (stikstof), invasieve exoten

Beheerplan Natura 2000 gebied Oude Maas

Beheer van de Oude Maas loopt via het beheerplan wat op dit moment herzien wordt, in 2028 vastgesteld wordt en 6 jaar geldig zal zijn. Belangrijke opgave is het verbinden van versnipperde gebieden.

Biodiversiteit landschap Robuuster maken van de natuur o.a. door het realiseren van verbindingen

Uitvoering NNN beleid door provincie samen met grondeigenaren en organisaties, inzetten op basiskwaliteit natuur

GBDA

Optelsom van de maatregelen hier onder en daarnaast ook houtopstanden, agroforestry, solitaire bomen, etc. Uitdaging: 10% van het landelijk gebied.

Natuurvriendelijke oevers

Flauwe taluds met vegetatie onder en boven het water (breedte ten minste 3 meter om tot GBDA te kunnen rekenen)

Exoten bestrijding

Bestrijden van diverse invasieve exoten als japanse duizendknoop, reuzenberenklauw en balsemienen voorkomen van aanplant ervan, zoals bamboe

Akkerranden

Natuurvriendelijke inrichting en beheer van akkerranden

Gebiedsplan Voorne-Putten 13

Dijk- en Wegtaluds

Onderzoek naar welke taluds nog niet ecologisch worden beheerd en onder welke voorwaarden dat wel kan

Boerenlandvogels

Agrariërs voeren beheermaatregelen uit Provincie stelt projectsubsidies en beheersubsidies beschikbaar Goed ingerichte waterbergingsgebieden kunnen dienen als leefgebied voor weidevogels

Bos en bomen

Aanleg van bos en bomen, in de praktijk meestal buiten het landbouwgebied en zonder negatieve gevolgen voor boerenlandvogels

Acquatische ecologie watersysteem Exotenbestrijding

Bestrijden diverse exoten

Natuurvriendelijke oevers

Flauwe taluds met vegetatie onder en boven het water, plasdraszones

Voorkomen emissies

Ingrepen door de landbouwsector; voorkomen afspoeling uit stedelijk gebied

Zoetwatertekort Hemelwateropslag

Bassins op akkers

Slimme beregening

Efficiënte beregeningstechnieken met minimale verdamping

Zoet water beschermen

Onderzoek naar noodzaak schutbeperking

Robuuster watersysteem

Vasthouden van water in het gebied en verruimen van het watersysteem. Misschien zelfs vergroten van Bernisse en Brielse Meer

Wateroverlast Uitvoeren watergebiedsplannen

Analyse van knelpunten en het oplossen daarvan

Bredere watergangen

vooral het verbreden van smalle hoofdwatergangen/kreken, graag icm NVO

Recreatie in balans Onderzoek recreatiedruk natuurgebieden

Door provincie, TBO’s en sector (?)

Educatie bezoekers

door recreatie sector, IVN, Natuurvereniging Hollandse Delta, bezoekerscentrum Tenellaplas en anderen

Nieuwe recreatieve routes en destinaties

Overheden leggen slimme nieuwe routes aan als dat nuttig en uitvoerbaar is. Agrariërs wellicht langs akkers (wandel- en struinpaden)

Landbouwemissies Erfcoaches

Lopend project gericht op gedrag agrariër

Doelsturing stikstof

Bedrijfsmaatregelen die leiden tot minder stikstof emissies

Slimme mestkringlopen

Voorkomen van uitspoeling naar het watersysteem door efficiënte benutting; Sluiten regionale mestkringlopen door meer uitwisseling van grondstoffen tussen akkerbouw en veeteelt

Gebiedsplan Voorne-Putten 14

Energiehub

Duurzame energie ter voorkoming van uitstoot door gebruik fossiele brandstoffen

Wasplaatsen

Lokale afvang en zuivering van machines te voorkoming van afspoeling gbm naar watersysteem

Spotbestrijding

Zeer zuinig gebruik van gbm ter voorkoming van afspoeling naar watersysteem, driftreductie en betere prestaties gehele gewas

Precisiebemesting

Zeer gerichte bemesting in inhoud, volume en plek ter voorkoming van uitspoeling en minder gebruik (minder kosten)

Koolstof vastlegging

Verhogen organische stofgehalte in de bodem voor bodemgezondheid, bodemstructuur, water vasthouden en netto koolstof vastlegging

Methaan onbekend

PM

Toekomstbestendige landbouw Landbouwbeleid PZH

Bieden van een gezond toekomstperspectief voor de landbouwsector

Pilots toekomst landbouw

Experimenteren met nieuwe oplossingen

In bijlage 2 beschrijven we alle projecten die er voor de versterking van het landelijk gebied op Voorne-Putten lopen. Dit doen wij als gebiedspartners zelf of in gezamenlijkheid in verschillende samenstellingen. We maken hierin onderscheid in wat we tot nu toe (afgelopen 2 jaar) gedaan hebben en wat op de planning staat om te gaan doen. Ook geven we per uitdaging aan wat we in de toekomst willen doen en wat we daarvoor nodig hebben. Let wel, zonder het benodigde geld of nodige beleidsruimte kunnen wij deze maatregelen niet uitvoeren.

Gebiedsplan Voorne-Putten 15

6

Samenwerking tussen de gebiedspartners

In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe het gebied de uitvoering van de in hoofdstuk 3 en 4 benoemde maatregelen en activiteiten voor zich ziet. Dat vraagt om het maken van afspraken over wie wat wanneer doet. Met andere woorden: wat mogen gebiedspartijen van elkaar verwachten en waar mogen zij elkaar op aanspreken. Ook is het de plek om de randvoorwaarden te benoemen waaronder de gebiedspartijen hun rol en verantwoordelijkheid voor de uitvoering kunnen nemen. Dit hoofdstuk gaat over de samenwerking tussen gebiedspartners binnen de ambtelijke én bestuurlijke gebiedstafel. In bijlage 2 wordt beschreven wat de rollen en verantwoordelijkheden van de gebiedspartijen zijn en op welke wijze zij gaan bijdragen aan de uitvoering van de maatregelen en projecten. Er lopen veel overlappende programma’s en projecten in het landelijk gebied. Daarom is het, meer dan ooit, belangrijk om beleid en projecten op elkaar af te stemmen, zodat we met minder euro’s en minder inspanning doelbereik realiseren op alle thema’s. Hier zijn ook bestuurlijke keuzes en/of afstemming voor nodig. Kernteam In het ambtelijk overleg informeren we elkaar over belangrijke ontwikkelingen en vraagstukken die spelen in het landelijk gebied. Waar we kunnen formuleren we daar projecten op. We gaan samen op zoek naar dekking voor projecten en stemmen in de uitvoering ervan via dit overleg af.

De primaire agenda van het overleg gaat over landbouw, water, natuur en landschap, klimaat en recreatie, omdat deze onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn in de dynamiek in het landelijk gebied. Waar raakvlakken zijn met thema’s als energie, mobiliteit en ruimtelijke ordening worden deze in het overleg gemarkeerd en – waar mogelijk – inhoudelijk besproken of doorverwezen naar andere overlegstructuren. De ambtelijke vertegenwoordigers van de zeven gebiedspartners: 1) Agrariërs 2) Recreatie 3) TBO's 4) Provincie 5) Waterschap en 6) twee Gemeenten zijn vertegenwoordigd in een kernteam, dat plaatsvindt via een 4-wekelijks overleg aan de hand van een standaard agenda. De essentie van dit overleg is dat we met elkaar afstemmen over goede plannen die in het belang zijn van alle gebiedspartners. Naast dit reguliere overleg zal – bij bijzondere gebeurtenissen of als er een brede afstemming nodig is, een gebiedsbijeenkomst worden belegd met een bredere vertegenwoordiging van alle partners. Bestuurlijk overleg In het bestuurlijk overleg worden bestuurders geïnformeerd over lopende zaken uit het gebiedsplan, wordt synergie gezocht in de aanpak, vieren we successen, agenderen we problemen / discussies, en werken we samen aan acquisitie van middelen voor projecten die de kwaliteiten in het landelijk gebied versterken.

Hier zijn bestuurlijke vertegenwoordigers van de gebiedspartners aanwezig: 1) Agrariërs 2) Recreatie 3) TBO's 4) Provincie 5) Waterschap en 6) Gemeenten. Dit overleg vindt halfjaarlijks fysiek plaats en duurt 1,5 uur.

Gebiedsplan Voorne-Putten 16

7

Financiën

De provincie draagt in 2025 de kosten voor het gebiedsproces. Alle partners investeren hun tijd in het gebiedsproces vanuit hun rol als vertegenwoordiger. Daarnaast zullen eigenaren en beheerders altijd eigen middelen moeten investeren om maatregelen uit te kunnen voeren. Zij kunnen daarbij wel ondersteund worden uit allerlei financieringsbronnen; Voor Natura 2000 middelen kijken we eerst naar de natuurbudgetten van de provincie en de middelen die zij daarvoor van het Rijk ontvangt. Daarnaast zoeken we synergie met middelen uit programma’s zoals de PAGW. Voor de biodiversiteit in het landschap zoeken we middelen voor de boerenlandvogels bij het ANLb en projectsubsidies voor onder andere aanleg bij de provincie. Voor overige maatregelen leunen we op subsidieregelingen die via de provincie ZuidHolland en anderen (LEADER etc.) worden opengesteld. Incidentele subsidiekansen zoals de compensatie voor aanlanding Wind op Zee zijn ook kansrijk. Voor de verbetering van de aquatische ecologie in het watersysteem bouwen we op het KRW programma van het waterschap. Dit is een gereguleerd programma waar geen projecten of activiteiten aan toegevoegd kunnen worden. Wellicht zijn er bij de provincie nog aanvullende middelen binnen KRW doelstellingen te vinden. Er zijn geen middelen beschikbaar om uitdagingen die specifiek gaan over watertekort aan te pakken.

Gebiedspartners zullen keuzes hierin vooral uit eigen budget uit moeten voeren. Voor maatregelen met betrekking tot wateroverlast maakt het waterschap afwegingen in het Watergebiedsplan. Aan dat plan wordt een uitvoeringsbudget gekoppeld. Om de recreatie in balans te brengen kunnen gemeenten en provincie eigen middelen inzetten. TBO’s kunnen investeringen ramen in het N2000 beheerplan. Om emissies te kunnen vermijden zijn we met name afhankelijk van investeringen door agrariërs, ondersteund met subsidies van de provincie Zuid-Holland of bijvoorbeeld de Regiodeal. Datzelfde geldt voor pilots in het kader van toekomstbestendige landbouw. Willen we uitdagingen versneld oppakken, dan zal er meer geld bij moeten. Daarom gaan de gebiedspartners samen op zoek naar middelen, aanvullend aan het bovenstaande overzicht. Bijvoorbeeld door een begroting te maken van projecten die we het liefst nu uit zouden voeren en die in de lobby naar het Rijk te brengen.

Gebiedsplan Voorne-Putten 17

Bijlage 1 – Doelbereik en beleidsachtergrond van de opgaves De tabel in hoofdstuk 5 geeft per uitdaging een (niet uitputtende) groslijst van maatregelen. De mate waarin we die maatregelen toepassen bepaalt in hoeverre (wettelijke) doelen bereikt gaan worden. Dit noemen we Doelbereik. Het doel is daarmee de wettelijke norm (zoveel mogelijk kwantitatief), het bereiken doen we door uitvoering van de maatregelen. De provincie toetst de projecten hierop. Voor niet alle natuur, water en klimaat doelen is exact bekend hoeveel we kwantitatief moeten doen om de doelen te bereiken. Daarnaast geldt voor een aantal doelen dat we wel maatregelen kunnen nemen, maar dat de effectiviteit ervan niet volledig voorspelbaar is (denk aan ruimte voor vogels, of ze komen is niet helemaal te voorspellen). In het overzicht in bijlage 1 worden de doelen zo kwantitatief mogelijk beschreven en, waar dat kan, dus ook de maatregelen die we uit moeten voeren.

Gebiedsplan Voorne-Putten 18

Bijlage 2 – Projecten Deze bijlage bevat een opsomming van de projecten die we in de tweede helft van 2025 inventariseren. Het is daarmee de lijst van projecten waar de gebiedspartners samen mee aan de slag willen en waarvoor zij financiering zoeken. Daarnaast zijn er al een aantal projecten in uitvoering.

Gebiedsplan Voorne-Putten 19

Bijlage 3 - Aandachtspunten LTO Gebiedsplan Voorne-Putten Onder de achterban van LTO op Voorne-Putten heerst veel onrust over hoe de overheden met de toekomst van de landbouw om willen gaan. In het Gebiedsplan wordt daar veel over gezegd, toch hebben de LTO-bestuurders de behoefte op een aantal punten nog extra helderheid te krijgen over de uitgangspunten voor de landbouw. Deze punten worden in deze bijlage één voor één behandeld.

Gebiedsplan Voorne-Putten 20

&flux Het Industriegebouw Goudsesingel 128, Unit 2.01 3011 KD Rotterdam nflux.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16606820/1