31. Herijking RES 1.0 naar RES 2.0; Uitvoeringsagenda RES 1.0 2021 – 2025 Rotterdam – Den Haag
Tekst van het document
1
Uitvoeringsagenda 2021-2025
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Regionale Energiestrategie Rotterdam Den Haag
Inhoudsopgave
2
16
4
E1
Participatie
16
Opzet
4
E2
Lokaal eigendom
17
Vervolg
5
E3
Communicatie
17
E4
Kennisdeling
17
4
Scope, tijdlijn en budget
A
B
C
D
E
Warmte
6
E5
Monitoring
18
A1
Besparen (Sleutelprogramma 1)
6
E6
RES 2.0 en 3.0
18
A2
Geografische Sleutelprogramma’s
6
E7
Organisatie
18
A3
Afstemming TVW en RES
7
A4
Governance en sturingsscenario’s
7
Financiën
20
A5
Producten, informatie, lobby en samenwerking
8
Elektriciteit
9
B1
Zon in stedelijk gebied (daken en parkeerplaatsen)
9
B2
Glastuinbouw (zon op waterbassins)
10
B3
Energieopwekking langs infrastructuur
10
B4
Resterende zoekgebieden zon en wind
12
B5
Doorontwikkelen afwegingskader
13
Brandstoffen
14
C1
14
Handelingsperspectief gemeenten
Energiesysteem
15
D1 Samenhang binnen het energiesysteem
15
Juli 2021 www.resrotterdamdenhaag.nl
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Algemeen
Aanleiding
3
besparen: 20% in gebouwde omgeving 30% in glastuinbouw
B
A
elektriciteit
warmte
1 besparen 2 sleutelprogramma’s 3 afstemmen Transitievisie Warmte en RES 4 governance en sturing 5 informatie en (kennis)producten
350 waterbassins
2,8 - 3,2 TWh duurzame elektriciteit door zon en wind in 2030
D
energiesysteem
1 zon in stedelijk gebied 2 glastuinbouw, zon op bassins 3 energieopwekking langs infrastructuur 4 zon en wind zoekgebieden 5 afwegingskader gebiedsprocessen 550 GWh zon op dak 188 GWh langs infra 830 GWh grootschalig zon
systeemintegratie
E
C
algemeen
duurzame brandstoffen handelingsperspectief opslag
Uitvoeringsagenda RES 1.0 Rotterdam Den Haag. Getallen zijn inschattingen op basis van berekeningen zoals beschreven in de RES 1.0.
1 participatie 2 lokaal eigendom 3 kennis delen 4 monitoring 5 proces RES 2.0 en verder 6 communicatie 7 organisatie
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Uitvoeringsagenda RES 1.0
4
Scope, tijdlijn en budget
De regionale energiestrategie (RES) 1.0 van de regio Rotterdam Den Haag is
De scope van de uitvoeringsagenda is de RES 1.0 en de daarin benoemde
vastgesteld door de deelnemende overheden (verder: partijen). Dat betekent
uitvoeringslijnen en acties. Daarmee geeft deze uitvoeringsagenda tevens
dat vervolgstappen gezet kunnen worden om de ambities en acties zoals deze
invulling aan wat het Nationaal Programma RES vraagt, voor zover dat
in de RES 1.0 zijn opgenomen, te realiseren. Dit vraagt om:
passend is voor deze regio. Bij de uitwerking van vervolgacties uit deze uitvoeringsagenda wordt tevens de besluitvorming van de RES 1.0 betrokken
– Inzicht in de acties die partijen voornemens zijn te zetten, om te kunnen bepalen hoe de vorderingen zijn t.a.v. de ambitie van de regio. – Afstemming van deze acties met elkaar om de kansen die in de RES zijn benoemd ook te kunnen verzilveren. – Benoemen waarop gezamenlijk wordt ingezet en waar de regionale
en daaruit voortvloeiende aanscherpingen (zoals moties), voor zover deze door het Bestuurlijk Netwerk Energie in scope worden gebracht. De uitvoeringsagenda ziet op de periode t/m 30 juni 2025. Hiermee zijn zowel de RES 2.0 als 3.0 in scope en dit sluit naar verwachting aan op de tijdshorizon van uitspraken van het rijk over procesfinanciering vanaf 2022.
organisatie voor wordt ingezet. – Duiding van middelen en instrumenten die nodig zijn om tot een succesvol procesverloop te komen. – Gezamenlijke actie om tot een passend proces te komen voor de RES 2.0 (en 3.0).
Binnen dat tijdsbestek wordt t.a.v. middelen een knip gemaakt tussen enerzijds het resterende deel van 2021 en anderzijds de periode vanaf 1 januari 2022. De aanleiding hiervoor is dat nu geen inzicht bestaat in de omvang en aard van de financiering vanuit rijkswege per 1 januari 2022. Een herziening van de uitvoeringsagenda is dan ook voorzien richting het einde van 2021.
De uitvoeringsagenda is bedoeld als (bestuurlijke) basis voor het voortzetten van het regionale samenwerkingproces in het kader van de RES. Tevens geeft dit richting aan de benodigde ambtelijke inzet en organisatie, waarbij nadere
Opzet
uitwerking denkbaar is. De uitvoeringsagenda van de RES 1.0 is inzichtelijk gemaakt via de inhoudelijke De partijen hebben bij vaststelling van de RES 1.0 ook besloten te inventari-
uitvoeringslijnen. Dit is gelijk aan de ordening van de RES 1.0 en van het eer-
seren welke acties zij ondernemen om de ambities in de RES te realiseren.
der opgestelde uitvoeringprogramma van eind 2019. Elk van deze uitvoerings-
Tevens inventariseert elke overheid of en waar dat aanpassing van (omge-
lijnen benoemt de meest relevante tussendoelen voor medio 2025 als basis
vings-)beleid en plannen vraagt. Deze inventarisaties lopen tot 1 januari 2022.
voor activiteiten in de komende periode. Daarnaast is er voldoende ruimte
Deze uitvoeringsagenda sluit daarop aan en bouwt daarop voort.
om diverse zaken op te pakken die in de RES staan maar bescheidener zijn, minder impact hebben of later pas concreet kunnen worden.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Aanleiding
5
op communicatie, het faciliteren van participatie en de bredere regioondersteuning (kennisuitwisseling en -deling, lobby, monitoring) en aansturing (projectmanagement/secretariaat). Dit is nader belicht onder het onderdeel ‘Algemeen’. De uitvoeringsagenda omvat de vervolgstappen op hoofdlijnen. De nadere invulling gebeurt in lijn met de vaak gedetailleerde omschrijvingen in het document RES 1.0. Op onderdelen zal de uitvoeringsagenda verdere uitwerking vragen in het komende proces.
Vervolg Deze uitvoeringsagenda brengt focus aan in de stappen die gezet moeten worden op basis van de RES 1.0. De stappen, per opgenomen doel/actie, monden uit in concrete projecten, convenanten of andere intentie-uitspraken tussen partijen, om de energiedoelen te behalen. Het gaat daarbij om maatwerk met alleen de direct betrokken partijen. Op basis van deze uitvoeringsagenda is een werktabel gemaakt met daarin per doel/actie de onderliggende activiteiten in een tijdslijn. De werktabel wordt door de tijd heen geactualiseerd om aan te sluiten bij de ontwikkelingen.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
In aanvulling op de inhoudelijke uitvoeringslijnen wordt nadrukkelijk ingezet
6
doelstellingen. Hierbij kan worden gedacht aan b.v. een doelgroepenaanpak of gezamenlijke monitoring/dashboard om ook in communicatie eenduidig
De uitvoeringslijn Warmte in de RES geeft invulling aan het regionale deel van
te kunnen werken en informatie te genereren die op regionaal niveau
de CO2-besparingsopgave voor de verwarming van de gebouwde omgeving.
optelbaar is.
Dit wordt Regionale Structuur Warmte (RSW) genoemd, die zowel richting geeft aan het toekomstbeeld op warmte in 2030 en 2050, als de aanpak om
Inzet door partijen en regio: Breng eigen (primair gemeentelijk) beleid
daar te komen. De RSW bouwt voort op de lokale aanpak via de Transitievisie
minimaal in lijn met de gezamenlijke ambitie per 2030. De RES-organisatie
Warmte (TVW).
organiseert verbinding, kennisdeling, regionale producten, communicatie en monitoring.
Vanuit de RES 1.0 richten we ons op de vijf belangrijkste tussendoelen waar in de periode tot medio 2025 de aandacht naar uit zal gaan. Deze worden hieronder toegelicht, waarbij per doel de aanpak en inzet van de partijen
A2 Geografische Sleutelprogramma’s
wordt geschetst. De zes gedefinieerde sleutelprogramma’s spelen een significante rol bij het kunnen verzilveren van de regionale warmteambities (benutten rest- en
A1 Besparen (Sleutelprogramma 1)
aardwarmte voor de gebouwde omgeving en de glastuinbouwsector). De sleutelprogramma’s kennen een eigen aansturing en verkeren in verschillende
Het doel per 2030 is om in de gebouwde omgeving het warmtegebruik terug
ontwikkelstadia. Ze vragen derhalve ook om maatwerk in afspraken. De rode
te dringen met 20% of meer in de gebouwde omgeving en 30% of meer in de
draad is dat al deze programma’s cruciaal zijn voor de regionale ambities,
glastuinbouw. Als doel is gesteld dat alle gebouwen zo veel mogelijk geïsoleerd
waarbij ook onderlinge afstemming over vorderingen en keuzes van groot
worden en, tenzij dat niet mogelijk is (b.v. monumenten), ten minste label C
belang is voor de regio als geheel. Dit betekent dat vanuit al deze program-
hebben. Gemeenten kunnen deze doelstelling zelf verhogen en hun aanpak
ma’s informatie over de voortgang op regionaal niveau geborgd moet zijn om
daarop afstemmen. Dit vraagt per 2025 om een stevige verdere basis voor
andere delen van de RES te kunnen voortzetten. Daarom wordt in 2021 op
uitvoering waaraan de komende jaren gewerkt wordt. In 2021 werken we
regionaal niveau gewerkt aan passende informatie-uitwisseling tussen de
toe naar een kwantitatief tussendoel voor medio 2025 (RES 3.0) en maken
sleutelprogramma’s onderling en binnen de regio als geheel. In 2021 wordt
regio-brede afspraken over het volgen van de ontwikkelingen per gemeente.
per sleutelprogramma inzicht verkregen in de organisatie, aanpak en waar
Daarnaast werken we, in geval van een verzoek daartoe van twee of meer
de RES organisatie een rol kan spelen. Dat laatste is maatwerk.
regiopartijen, op regionaal niveau aan producten die bijdragen aan de
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
A Warmte
7
Inzet door partijen en regio: Gemeenten blijven onder eigen regie werken
onder het eigen sleutelprogramma werken aan een goed procesverloop
aan de ontwikkeling van de TVW en de uitvoeringsplannen. In samenspraak
en verdere ontwikkeling. De regio initieert de opzet van gestructureerde
met gemeenten ontwikkelt de regio de basisset aan informatie en, op basis
informatieuitwisseling tussen de programma’s. De regio kan als kennis-
daarvan, relevante bovenlokale inzichten. De provincie kan o.a. via de
makelaar optreden, kan lobby en escalatie faciliteren, voorziet in informatie
procesadviseurs Warmte een belangrijke verbindende rol spelen in het
vanuit (boven)regionale kanalen en voert onderzoek uit dat bijdraagt aan
uitwisselen van inzichten en inbreng van expertise.
de realisatie van een of meer sleutelprogramma’s.
A4 Governance en sturingsscenario’s A3 Afstemming TVW en RES Rondom de warmtetransitie in de regio spelen veel zaken en belangen een Alle gemeenten werken in 2021 aan een Transitievisie Warmte (TVW). Bij
rol. Ook zijn er op juridisch en financieel vlak veel onduidelijkheden. Dat
sommigen is deze al af en anderen staan aan de start. Voor een effectieve
betekent dat, om effectief aan de ambities te kunnen werken, er helderheid
realisatie van de in de RES gestelde ambities is afstemming nodig tussen lokaal
moet komen op welke wijze we in de regio vanuit publieke belangen willen
en regionaal niveau (TVW en uitvoeringsplannen van de gemeenten en RSW).
(laten) sturen op de regionale warmtetransitie. Deze vraag willen we in 2021
Voorop staat dat de RES niet sturend of afdwingbaar is voor wat er op lokaal
in gezamenlijkheid (publiek en privaat) beantwoorden. Daartoe wordt een
niveau wordt besloten. Tegelijkertijd is het van belang om inzicht te hebben in
verkennend onderzoek naar mogelijkheden uitgevoerd. Dit gebruiken we als
bovenlokale effecten en kansen van lokale keuzes en hierover onderling af te
basis voor een goed afgewogen antwoord. In rust, vanuit de gedeelde publieke
kunnen stemmen. Ook om aan omliggende gebieden passende informatie te
waarden en op feiten gebaseerd. Dit proces loopt ook na 2021 door, al is
kunnen leveren. Daarmee voorkomen we het dubbel benutten van een bron
het om de stappen die voortvloeien uit het beantwoorden van de boven-
of het buiten beeld blijven van kansen. In afstemming met gemeenten wordt
genoemde vraag te gaan zetten.
bekeken welke informatie op regionaal niveau daarvoor nodig is. Door inzicht en samenhang aan te brengen op regionaal niveau op basis van onder meer
Inzet partijen en regio: De gemeenten, waterschappen, netbeheerders en
de informatie over lokale ontwikkelingen, kan ook periodiek bekeken worden
provincie worden via de (te vormen) meedenkgroep warmte betrokken, als-
of de regionale ambities in beeld blijven of dat er aanvullende actie nodig is.
ook periodiek via het Ambtelijk en Bestuurlijk Netwerk Energie. De provincie bekostigt een deel van het initiële onderzoek. De RES-organisatie is opdrachtgever, zorgt voor informatie-uitwisseling en doet een voorstel t.b.v. vervolgstappen.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Inzet door partijen en regio: de partijen per sleutelprogramma blijven
8
Voor het succesvol kunnen invullen van de ambities op warmte is goede informatie nodig uit betrouwbare bronnen. We werken op regionaal niveau samen met diverse partijen en zullen, startend in 2021, de basis leggen voor een objectieve kennis- en informatiedatabase voor alle partijen in de regio. Daarvoor benutten we bestaande structuren en onderzoeken en reeds betrokken partners zoals EBN, Gasunie en InvestNL. Op termijn en als opportuun kunnen er ook andere producten worden uitgewerkt en nieuwe samenwerkingsverbanden worden gevormd. De regio kan in gevallen ook namens regiopartijen contacten onderhouden en lobby inzetten om gezamenlijke belangen onder de aandacht te brengen bij b.v. het rijk. Tevens zetten we in op het verkrijgen van bruikbare sturingsinformatie waar deze er nog niet is. Het kan dan gaan om (nieuw) onderzoek of om informatie vanuit de reguliere afstemming met Cluster Energiestrategie (CES) over de beschikbaarheid van restwarmte over tijd, de duurzaamheid en de kwaliteit. Inzet partijen en regio: De partijen worden via de (te vormen) meedenkgroep warmte betrokken bij productontwikkeling alsook periodiek via het Ambtelijk en Bestuurlijk Netwerk Energie.
Inzet door gemeenten in 2021 (naast lokale acties die niet sec volgen uit de RES): deelname klankbordgroep (optioneel), ateliers, advisering bestuurder, inventarisatie RES uitvoeren, verdiepend onderzoek, deelname kennisuitwisseling (brengen en halen).
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
A5 Producten, informatie, lobby en samenwerking
9
Vanuit de RES 1.0 richten we ons op de belangrijkste tussendoelen waar in de periode tot medio 2025 de aandacht naar uit zal gaan. Deze worden
Binnen de uitvoeringslijn Elektriciteit geven we nadere invulling en richting aan
hieronder toegelicht, waarbij per doel de aanpak en inzet van de partijen
de doelen die aan de tafel Elektriciteit van het Klimaatakkoord zijn overeen-
wordt geschetst. Daarbij is het uitgangspunt dat lopende processen en
gekomen. De RES 1.0 beschrijft de ambitie van de regio uitgebreid. Als regio
ontwikkelingen onverminderd doorgezet worden en tot de afgesproken
dragen we per 2030 tussen de 2,8 en 3,2 TWh bij aan de nationale doelstelling
resultaten leiden (o.a. windconvenanten Stadsregio en Haven). Indien er
met grootschalige projecten. Kleinschalige productie (< 15 KWp) is echter net
op technieken (opslag, smart-grids, opwekking) ontwikkelingen zijn die
zo belangrijk. Op daken van woningen, instellingen en bedrijven willen we
een significante (kwantitatieve) bijdrage kunnen leveren aan de energie-
nog eens ca. 550 GWh realiseren.
huishouding, dan zullen die in herijking van de RES meegenomen worden.
Om daar te komen zetten we de ingezette lijn door: we verwachten dat projecten die al lopen worden voortgezet en dat de lessen die daar worden
B1 Zon in stedelijk gebied (daken en parkeerplaatsen)
geleerd zorgen voor versnelling in de komende fases. Bekend is dat de periode vanaf de start van een project tot realisatie lang is. Dit vraagt om
Voor de ambitie van de regio is de productie van zonne-energie in stedelijk
voorinvestering van tijd en energie in de voorbereiding en voorwaarden,
gebied een belangrijke factor. De in de RES 1.0 verwoorde ambitie corres-
als basis voor daadwerkelijke investeringen en realisatie. Daarom ligt in de
pondeert met het realiseren van zonnepanelen op 40% van de geschikte
periode tot 2025 de nadruk op beleidsmatige verankering, vergunnings-
daken per 2030. Dit komt overeen met een productie van ca. 830 GWh groot-
processen en passende integrale afwegingen. Dat vertaalt zich naar een hierbij
schalig en ca. 550 GWh kleinschalig. De aanpak om dit te realiseren zal vooral
passend tussendoel voor grootschalige elektriciteitsproductie: per 1 januari
lokaal worden georganiseerd. Op verzoek en in samenwerking met twee of
2025 moeten de vergunningen voor grootschalige projecten zijn afgegeven.
meer gemeenten kunnen producten of onderzoeken worden gedaan die
Dan is realisatie per 2030 mogelijk. De regionale monitoring van de voort-
relevant zijn voor een groot deel van de regio (schaalbare, breder toepasbare
gang en doelbereik wordt dan ook op zowel kwalitatieve als kwantitatieve
concepten). Gedacht kan worden aan doelgroepenaanpak, specifieke data
aspecten ingestoken. Voor kleinschalige projecten kan deze datum ook later
voor bepaalde sectoren of een lobbyaanpak m.b.t. (financierings)instrumenten.
liggen om realisatie voor 2030 mogelijk te laten zijn. Om het tussendoel per
De inventarisatie die partijen uitvoeren n.a.v. besluitvorming over de RES 1.0
2025 te halen zal uiterlijk eind 2022 helder moeten zijn welke zoeklocaties in
zal per einde 2021 leiden tot meer inzicht over hoe gemeenten er voor staan
het proces naar realisatie worden opgenomen. Dat inzicht kan dan ook
en welke acties er ondernomen worden om de beoogde doelstelling te berei-
dienen voor de inhoud van de RES 2.0.
ken. Op regionaal niveau brengen we in beeld welke aanpakken waar gevolgd
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
B Elektriciteit
10
Inzet partijen en regio: De gemeenten zetten zich in voor een spoedige
afstemming en kennisuitwisseling. Via o.a. de informatie van organisaties
inpassing en aanpassing van beleid, vergunningen en instrumenten om
zoals het Kadaster monitoren we jaarlijks de actuele productie (kwantitatief).
realisatie te bespoedigen. De provincie legt zich toe op kennisontwikkeling, faciliteert afstemming met andere dossiers en zet (financierings)instru-
Inzet partijen en regio: De partijen geven in eigen beheer invulling aan de
menten passend in. De RES-organisatie faciliteert in deze samenwerking,
ambitie via inzet van eigen daken. Gemeenten maken afspraken met doel-
legt verbindingen en voorziet in procescapaciteit. Ook monitoring van de
groepen en ontwikkelen beleid, stimuleringsinstrumentarium en campagnes.
voortgang hoort daar bij om op tijd te kunnen bijsturen.
M.b.t. de regionale acties en productontwikkeling wordt afstemming georganiseerd via de (te vormen) meedenkgroep elektriciteit en periodiek via het Ambtelijk en Bestuurlijk Netwerk Energie. De RES-organisatie voorziet
B3 Energieopwekking langs infrastructuur
in monitoring/data en overeengekomen producten en faciliteert het ambtelijk en bestuurlijk gesprek over kansrijke routes en de voortgang. De provincie
De RES 1.0 verwoordt voorkeuren voor bepaalde vormen van energieopwek-
beschikt anno 2021 over een stimuleringsregeling voor zonne-energie.
king. Zonne- en windenergie langs infrastructuur biedt kansen, ook om de opgave zodanig in te vullen dat de leefwereld van inwoners niet te zeer nadelig wordt beïnvloed. Dit vertaalt zich naar stevige inzet op het realiseren van
B2 Glastuinbouw (zon op waterbassins)
zonne- en windenergie langs snelwegen, waterwegen en spoor. De ambitie langs de snelwegen is ca. 188 GWh per 2030. De ingezette nauwe samen-
Binnen het glastuinbouwcluster in de regio liggen veel kansen voor duurzame
werking met de relevante rijkspartijen zetten we voort en bouwen we verder
energie. Niet alleen voor warmte, maar ook voor de productie van hernieuw-
uit om de regionale ambities maximaal te laten landen in het programma
bare elektriciteit. In 2030 is het de bedoeling om 89 GWh binnen de grenzen
‘Opwekking energie op rijksgronden’ (OER). In de periode tot 2025 is de inzet
van het tuinbouwcluster in te vullen, waarbij in eerste instantie ingezet wordt
om alle rijkswegen via dat programma te analyseren en om tot vergunning-
op zonne-energie op waterbassins (ambitie daarvoor is minimaal 53 GWh).
verlening te komen per 2025. Dat gebeurt in goede afstemming met alle
Deze route heeft prioriteit en zal vanaf 2021 verder worden uitgewerkt. Dat
partijen, waarbij gemeenten hun mandaat behouden en gelijkwaardig partici-
gebeurt in samenwerking met tuinders, LTO Glaskracht, Greenport West
peren. Naast snelwegen wordt in het najaar van 2021 ook verbinding gelegd
Holland, Energie Samen, gemeenten en provincie. In 2021 is de start van
met andere rijkspartijen (ProRail, Staatsbosbeheer, Rijksvastgoedbedrijf).
kleinschalige pilots voorzien, als basis voor mogelijke opschaling naar een beoogt aantal van ca. 350 bassins per 2030.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
worden, welke instrumenten gebruikt worden en organiseren daarover
11
contact met de rijkspartijen, organiseert afstemming en voert procesregie tot
wegtracé participeren in een samenwerkingsproces om tot realisatie te
partijen rond een tracé een samenwerkingsovereenkomst hebben gesloten.
komen. Dat vraagt maatwerk per tracé en bijbehorende inspanning per
In het vervolg daarop beperkt de RES-organisatie zich tot monitoren en het
gemeente. Dit betreft onder andere het participatieproces en beleidsmatige
faciliteren van het overall proces, waaronder het opwerken van de samen-
verankering. De provincie participeert vanuit haar belangen rond ruimte-
werking rond nieuwe wegtracés die we ook in het OER-programma op willen
lijke kwaliteit en bovenregionale gevolgen. De RES-organisatie faciliteert het
nemen.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Inzet partijen en regio: Partijen die een rol (willen) hebben langs een bepaald
12
Aantal ha zon***
Aantal turbines
1398
X
117
32
35-88
X
830 (142 gerealiseerd)
542
0
Water(wegen)
298
230
9
Infrastructuur
188
96-240
10
Figuur 4.5 Potentiële opbrengst per verhaal-
Recreatief landschap
116
44-110
8
lijn). Deze zijn divers van aard en vaker
Glastuinbouw
89
99
0
binnen de werkingssfeer van één of een
Open landschap
20
22-55
0
beperkt aantal gemeenten.
Stadsrand
23
26-65
0
Bedrijventerrein
19
22-54
0
Overig
3
4-8
0
Natuur
0
0
0
1120-1491 ha
144 turbines
Gerealiseerd wind en in pijplijn* Gerealiseerd zonneveld Stedelijk gebied
Totaal *
B4 Resterende zoekgebieden zon en wind
Eindtotaal in GWh**
Uitgaande van bestaande aantallen geplande molens, gerekend met 3,6 MW-molens (150 m tiphoogte)
** Deze techniekverdeling is een inschatting; dit kan wijzigen *** Zie overzichtskaart voor het bijbehorende ruimtebeslag
Naast bovengenoemde tussendoelen zijn er in de RES 1.0 ook andere zoekgebieden opgenomen (op pagina 51 in de RES 1.0
Gemeenten gaan in beginsel zelf met deze zoekgebieden een gebiedsgericht proces in om na te gaan op welke manier daarbinnen elektriciteitsopwekking kan plaatsvinden. Ook dit vormt onderdeel van de inventarisatie die in het najaar van 2021 plaatsvindt. De RES-organisatie kan daarbij ondersteunende acties uitvoeren, sturingsinformatie leveren en verzorgt monitoring op de voortgang.
Figuur 4.5 Potentiële opbrengst per verhaallijn
Inzet partijen en regio: Door gemeenten worden de zoekgebieden die betrekking hebben op de verhaallijnen betrokken in de inventarisatie. Daarbij kan gesteund worden op de RES-organisatie waar het gaat om sturingsinformatie, kaarten en kennisuitwisseling.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Verhaallijn of categorie
13
er een nadere zoektocht plaats dient te vinden naar andere locaties of zelfs uitbreiding van de zoekgebieden (RES 2.0 en 3.0). Dit moet tijdig gebeuren
De onder B1, B2, B3 en B4 behandelde zoekgebieden leveren een belangrijke
om de afgesproken vergunningverlening per 2025 te kunnen halen.
bijdrage aan de ambitie in de regio. Het vraagt inspanning van de betrokken partijen om tot realisatie te komen. Verdere afweging zal plaatsvinden in lijn
Na gereedkomen van de inventarisaties, begin 2022, starten we regionaal
met het in de RES 1.0 verwoorde afwegingsmodel. Hierbij is het van belang
het proces om nadere duiding van het afwegingskader te geven. Belangrijk
om op regionaal niveau duiding te geven aan wat van partijen gevraagd
onderdeel hiervan is de netcapaciteit en een efficiënte inpassing in het
kan worden als inspanning, inclusief wanneer het gelegitimeerd is om
energiesysteem. Vanuit de regio zetten we in om de juiste kennis en infor-
inspanningen rond een locatie te stoppen. Dat zal namelijk betekenen dat
matie ter beschikking te hebben waarop partijen zelf tot afwegingen kunnen komen (dat betreft ook sturingsinformatie vanuit andere beleidsterreinen). Daarnaast monitoren we het procesverloop voor de verschillende zoekgebieden om afwijkingen tijdig bespreekbaar te kunnen maken. Inzet partijen en regio: Voor deze aanpak is de inventarisatie van groot belang. Deze is bedoeld om inzicht te geven in hoe wordt omgegaan met de binnen de gemeentegrenzen liggende zoekgebieden en hoe het proces naar beleidsmatige verankering eruit ziet. Vanuit de RES-organisatie wordt de inventarisatie begeleid en gestructureerd. De RES-organisatie voorziet in beeld- en kaartmateriaal als ook technische ondersteuning. Vervolgstappen richting realisatie vragen om passende participatie. Daarbij kan de RESorganisatie voorzien in producten en zorgen voor actieve informatieuitwisseling tussen gemeenten, provincie en landelijke actoren.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
B5 Doorontwikkelen afwegingskader
14
Inzet partijen en regio: In gerichte interactie tussen de partijen wordt het handelingsperspectief onder regionale coördinatie tot stand gebracht. Dat
De uitvoeringslijn Brandstoffen geeft vanuit regionale schaal invulling aan de
gebeurt over de breedte in afstemming met regionale sleutelspelers en de
kansen en mogelijkheden rondom de inzet van duurzame brandstoffen in
bijbehorende lopende initiatieven en overleggen (bijvoorbeeld Havenbedrijf,
het energiesysteem. Ambitie van de regio is om het gebruik van groengas en
Economic Board Zuid-Holland, Stedin).
waterstof richting 2030 en daarna flink te verhogen. Aangezien de vraag naar duurzame brandstoffen het regionale productiepotentieel fors overstijgt, dient de ontwikkelende ‘ladder’ voor inzet van duurzame brandstoffen (op pagina 58 in de RES 1.0, Figuur 5.2 In de regio verwachte inzet van groengas en waterstof in het energiesysteem) als leidraad voor vervolgstappen (zie tevens: Duurzame brandstoffen in de regio Rotterdam Den Haag; Achtergrondnotitie voor het uitvoeringsprogramma RES). De komende periode ligt de nadruk binnen deze uitvoeringslijn hoofdzakelijk op het verder in beeld brengen en uitwerken van de gemeentelijke ambities en plannen.
C1 Handelingsperspectief gemeenten Op basis van de (deels buiten de RES aangestuurde) ontwikkelingen rondom duurzame brandstoffen wordt in kaart gebracht wat dit betekent voor de regio(partijen). Dit wordt uitgewerkt in de mogelijkheden voor regiopartijen om invulling te geven aan de transitie naar duurzame brandstoffen: wat zijn de opties en welke acties vraagt dit, mogelijk ook op regionale schaal. Dit betreft zowel beleidsmatige mogelijkheden (rolopvatting, beleidskeuzes, instrumenten) als mogelijkheden op projectniveau (vergunningen, procedures, financiering). Dit handelingsperspectief vormt tevens de basis voor de RES 2.0.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
C Brandstoffen
15
Inzet partijen en regio: In gerichte interactie tussen de partijen wordt periodiek een analyse gedaan van de impact van de uitvoeringslijnen op het totale
De uitvoeringslijn Systeem borgt de samenhang van de individuele uitvoe-
energiesysteem. Richting derden (VNG, NP RES, Rijk) kan de RES-organisatie
ringslijnen, bezien vanuit het toekomstige energiesysteem als geheel. Hierbij
optreden als vertegenwoordiger, bijvoorbeeld als het gaat om kennis-
ligt de nadruk van de activiteiten op kennisdeling en onderzoek, onder meer
ontwikkeling, -behoefte en randvoorwaarden of lobby.
bedoeld als basis voor de plannen van Elektriciteit, Warmte en Brandstoffen. De vertrekpunten hierbij zijn de in de RES 1.0 benoemde principes: 1. energieefficiëntie en -besparing, 2. hoogwaardige energie hoogwaardig inzetten, 3. balans in vraag en productie, 4. rekening houden met eigenschappen van nieuwe bronnen en 5. belang van opslag en omzetting.
D1 Samenhang binnen het energiesysteem Op basis van de RES 1.0 wordt ingezet op doorontwikkeling van kennis van het energiesysteem en toepassing daarvan in de RES vanuit de genoemde principes. In aanloop naar het opstellen van de RES 2.0 richt dit zich op het analyseren van de verschillende uitvoeringslijnen met het oog op de onderlinge samenhang en consistentie. Op kortere termijn zal inzet gericht worden op het operationaliseren van de genoemde principes voor toepassing in de andere uitvoeringslijnen: wat betekent integraal werken vanuit ruimte, systeem en belangen voor de RES?
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
D Energiesysteem
16
het komen tot afspraken hierover, als ondersteuning van specifieke activiteiten. Daarnaast kan zij op verzoek van twee of meer partijen producten, kennis en
Binnen het RES-proces is de inhoud leidend aan de organisatie en sturing.
processen vormgeven die batig zijn voor de gehele regio. Ook voor de RES 3.0
Ook communicatie volgt de inhoud en zal met name rond bovengenoemde
zal participatie expliciet onderdeel uitmaken van het proces.
tussendoelen worden opgepakt. Samen met enkele andere overkoepelende aspecten zal dat ook in de periode tot medio 2025 georganiseerd moeten
Inzet partijen en regio: Gemeenten, waterschappen en provincie geven via
worden om tot succesvolle acties te komen in de regio.
de inventarisatie aan op welke manier participatie in de eigen processen (omgevingsbeleid) vorm krijgt. De RES-organisatie kan voorzien in producten, kennisuitwisseling en faciliteert afstemming.
E1 Participatie In de periode naar de RES 1.0 toe heeft participatie, met uitzondering van verschillende bovenlokale aangelegenheden, invulling gekregen via en door gemeenten. Dat heeft soms plaatsgevonden rondom de RES als proces en product, maar vaak ook meer verbonden met (lopende) lokale processen, beleid en projecten. De komende periode zal de behoefte vanuit de RES concreter worden. Dat houdt in dat (proces)participatie nadrukkelijk een rol speelt en dat er afspraken over gemaakt moeten worden. In de periode na de inventarisatie wordt dit verder uitgewerkt en vormt het een onderdeel van de aanpak naar de RES 2.0. Rondom concrete ontwikkelingen/projecten, inclusief de uitwerking van zoekgebieden en -locaties, worden afspraken gemaakt aan de voorkant over de wijze van participeren. Bij het opstellen of aanpassen van omgevingsvisies, -plannen en -programma’s maakt participatie een inherent onderdeel van het proces uit. In het najaar van 2021 zal afstemming tussen partijen en de regio plaatsvinden om tot een passende aanpak te komen die recht doet aan wat er al is gedaan. De RESorganisatie kan een faciliterende rol spelen in de aanloop naar de aanpak naar de RES 2.0. Dat betreft zowel de regionale afstemming over participatie,
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
E Algemeen
17
op de RES 1.0 zullen er in de verschillende inhoudelijke sporen (uitvoeringslijnen) relevante communicatieactiviteiten plaatsvinden. Op initiatief van de
In lijn met het Klimaatakkoord kent de RES 1.0 het streven van 50% lokaal
RES-organisatie wordt hier qua timing en vorm afstemming in verzorgd.
eigenaarschap voor grootschalige energieopwekkingsprojecten (zonnevelden
Aanvullend kunnen RES-brede communicatieacties worden uitgevoerd, b.v.
en windmolens). Daartoe is nauw samengewerkt met Energie Samen om hun
rond nieuwswaardige mijlpalen als de start van het proces naar de RES 2.0.
aanbod mee te kunnen nemen in het vervolgproces. In de inventarisatie eind
We streven naar doelgroepgerichte, begrijpelijke en laagdrempelig commu-
2021 kan iedere partij de gekozen aanpak t.a.v. lokaal eigendom aandacht
nicatie. Daarmee blijft er eenheid, transparantie en continuïteit. Zo blijft de
geven. Per januari 2022 wordt deze informatie op regionaal niveau samen-
verbinding met het regionaal niveau geborgd, zowel tussen de samen-
gebracht. Daarop wordt in samenspraak met de partijen die dat willen geke-
werkende partijen als richting de vele andere betrokkenen: We doen het
ken of er een gezamenlijke aanpak mogelijk en wenselijk is. Het kan dan gaan
samen.
om het gelijkschakelen van beleid en instrumenten, maar ook om het ontwikkelen van kennis en inzichten. Daarbij kunnen de in 2021 beschikbare provin-
Inzet partijen en regio: Voor die partijen die betrokken zijn in een inhoudelijk
ciale subsidie (zonnig Zuid-Holland) en het ontwikkelfonds een rol spelen.
proces om tot een van bovengenoemde tussendoelen te komen geldt dat deze nadrukkelijk betrokken worden bij communicatie. De deelnemers staan in de
Inzet partijen en regio: Partijen geven via de inventarisatie weer op welke
picture, de RES-organisatie faciliteert. De RES-organisatie zorgt voor continuï-
wijze zij om willen gaan met 50% lokaal eigendom. In 2022 faciliteert de RES-
teit in aanpak, boodschap en vorm en is beschikbaar om regionaal relevante
organisatie op basis hiervan een nadere aanpak om de partijen die daarin
producten te maken of in te kopen.
gezamenlijk willen optrekken te ondersteunen. De RES-organisatie vormt daarbij een verbindende schakel tussen gemeenten en Energie Samen/ Participatiecoalitie.
E4 Kennisdeling Kennisdeling hangt altijd samen met (het verder brengen van) inhoudelijke
E3 Communicatie
processen. In de RES-regio krijgt dit meer en bredere aandacht vanaf de RES 1.0. Basis hiervoor ligt in de actualiteit en de lopende processen zodat rele-
In de ontwikkeling van de RES 1.0 was communicatie gericht op verschillende
vante kennis op een relevant moment wordt gedeeld. De RES-organisatie kan
doelgroepen en op producten die door partijen gebruikt konden worden in de
beperkt zelf kennis delen en legt daarom de nadruk op het faciliteren van
eigen communicatieactiviteiten (o.a. website, LinkedIn, pers, video’s). Volgend
kennisdeling. Onder meer door verbindingen te leggen tussen deelnemers in de RES en naar partijen buiten de regionale samenwerking. Kennisdeling is
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
E2 Lokaal eigendom
18
en vastgelegd. De intensiteit van monitoring zal zijn twee keer per jaar waarbij
het najaar van 2021 een aantal vormen testen om na te gaan wat het beste
een keer via een korte update (b.v. interviews) en een keer uitgebreid met een
werkt in de context van de RES. Hierbij kan worden gedacht aan een gezamen-
rapportage op kwaliteit en kwantiteit.
lijke en dynamische kennisagenda, met inbreng vanuit de verschillende uitvoeringslijnen. Daarmee kan voor 2022 en verder, een passende aanpak worden vormgegeven.
E6 RES 2.0 en 3.0
Inzet partijen en regio: Alle partijen hebben baat bij passende kennis-
In de periode tot medio 2025 is twee keer een herijking van de RES voorzien
uitwisseling en kunnen onderwerpen aandragen en kennis halen.
(RES 2.0 medio 2023 en RES 3.0 medio 2025). Daartoe wordt aan de start van
De RES-organisatie faciliteert.
deze herijking een opdracht geformuleerd. De planning is dat dit ca. 1 jaar voor oplevering start (eind eerste kwartaal 2022 en 2024). Met de partijen samen bepalen we de scope en de aanpak waarbij in het bijzonder aandacht
E5 Monitoring
is voor het proces rond besluitvorming en betrokkenheid van volksvertegenwoordigingen en participatie door inwoners. Onder meer via een enquête over
In de RES 1.0 zijn ambities opgenomen voor 2030. Voor onderdeel Warmte zijn
het proces naar de RES 1.0 wordt beoogd input op te halen voor verbetering
deze nog niet kwantitatief gemaakt, voor elektriciteit wel. De bijdrage van de
van de aanpak voor de RES 2.0. De RES-organisatie neemt het voortouw in het
regio Rotterdam Den Haag aan de landelijke doelstelling van 35 TWh is 2,8 tot
bepalen van de opdracht en strategie, in nauwe samenspraak met de partijen.
3,2 TWh. Daarmee stelt de regio zich tot doel om 8 à 9 procent van de landelijke doelstelling in te vullen. Periodiek is het nodig om de voortgang te kunnen presenteren en bespreken,
E7 Organisatie
zodat ook tijdig eventuele bijsturing kan plaatsvinden. De monitoring bestaat uit een kwantitatief deel (doelbereik) en een kwalitatief deel (o.m. proces-
De RES-organisatie zoals deze is opgezet in aanloop naar de RES 1.0 functio-
voortgang). Vooral in de eerste periode zal het kwalitatieve deel belangrijk
neert. Er zijn daarom in het organisatiemodel geen aanpassingen nodig.
zijn om voeling te houden bij het tempo waarin b.v. inpassing van energie-
Het Bestuurlijk Netwerk Energie behoudt haar rol voor de RES, de Stuurgroep
opwekking in omgevingsbeleid wordt opgenomen en, of stimulerings-
blijft in stand en ook ambtelijke organisatieonderdelen zoals het Ambtelijk
instrumenten conform tijdpad worden vastgesteld. In 2021 wordt, parallel
Netwerk Energie, het Opdrachtgevers Team en de Programmamanager blijven
aan de inventarisatie, een dashboard en monitoringssystematiek opgesteld
in de aanloop naar 2025 aanwezig. De samenstelling van het team dat aan de
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
halen én brengen. De RES-organisatie faciliteert dit proces en zal daarvoor in
19
uitvoeringsagenda. Aanvullend ten opzichte van de afgelopen periode gaan we invulling geven aan een meer solide vorm van betrokkenheid van stakeholders. Er wordt daarom een brede klankbordgroep ingesteld waarin (vertegenwoordigers van) regionaal actieve partijen zitting hebben. Deze klankbordgroep kan periodiek (2x per jaar) bijeenkomen om: 1
gevraagd advies geven over voorgenomen processtappen en daarvoor suggesties doen aan het Bestuurlijk Netwerk Energie en
2
ongevraagd advies geven aan het bestuurlijk overleg.
Deelnemers van de klankbordgroep kunnen adviesvoorstellen agenderen, andere deelnemers kunnen het advies aanvullen. Er is geen stemming of meerderheid nodig. De samenstelling van de klankbordgroep wordt vastgesteld door het Bestuurlijk Netwerk Energie. Deelname is op uitnodiging van het Bestuurlijk Netwerk Energie. Een afvaardiging van de Stuurgroep is aanwezig om adviezen in ontvangst te nemen.
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
RES werkt, zal mee-ontwikkelen met de activiteiten die voortkomen uit deze
20
De financiering van de RES-organisatie bestaat uit een deel bijdrage van partijen en een deel rijksmiddelen. Ten aanzien van deze rijksmiddelen is er nog geen duidelijkheid voor 2022 en verder. Voor 1 juli tot 31 december 2021 wordt daarom uitgegaan van de beschikbare middelen, aangevuld met de middelen die door de staatssecretaris van EZK zijn toegezegd voor kalenderjaar 2021 (deze zijn nog niet bekend). Voor 2022 t/m medio 2025 wordt daarom eind 2022 opnieuw een voorstel voorgelegd met daarin een passende meerjarenbegroting. Periode 1 juli t/m 31 december 2021
Uitvoeringsprogramma RES 1.0 – 2021 Doel / Acties
Inzet proceskosten 2021 in € *
A. Warmte
150.000
B. Elektriciteit
95.000
C. Brandstoffen
25.000
D. Energiesysteem
15.000
E. Algemeen (incl. participatie)
195.000
Totaal
480.000
* O.b.v. prognose per 23 juni 2021
RES Rotterdam Den Haag – Uitvoeringsagenda 2021-2025
Financiën