28. Memo Regionale lobby oplossen knelpunten warmtenetten; Bestuurdersbrief VRO - Vlottrekken warmte
Tekst van het document
Gedeputeerde Staten ir. B.K. (Berend) Potjer Contact 070 – 441 62 60 bk.potjer@pzh.nl Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 http://www.zuid-holland.nl Datum
21 oktober 2024 Minister Keijzer Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Postbus 20011 2500 EA Den Haag
Ons kenmerk PZH-2024-862503165 DOS-2015-0005387 Uw kenmerk Bijlagen -
Onderwerp Uitnodiging gezamenlijk overleg en aanbod om te komen tot clusterdeals warmte Geachte mevrouw Keijzer, Zuid-Holland is de provincie bij uitstek voor collectieve, duurzame warmte met warmtenetten als vervanging van aardgas. Concreet willen we in 2040/2050 tenminste zes regionale warmtenetten met geothermische bronnen en restwarmte uit de Rotterdamse haven aanleggen voor 1 miljoen huishoudens (50% van de woningen in de provincie), 3.000 hectare bedrijvenoppervlak en 4.000 hectare glastuinbouw. De grote versnelling die hiervoor nodig is blijft echter uit. Daarom hebben het ministerie van Klimaat en Groene Groei en de stuurgroep nMIEK opdracht gegeven aan de heer T.J.A. Wagenaar voor een advies om de warmtetransitie vlot te trekken in Zuid-Holland. Hier is in gezamenlijkheid met bestuurders van provincie Zuid-Holland en Zuid-Hollandse gemeenten aan gewerkt. Dit adviesrapport ‘Vlottrekken warmte in Zuid-Holland’ onderschrijft de enorme maatschappelijke winst die de ontwikkeling van warmtenetten in Zuid-Holland mogelijk maakt. De voordelen van warmtenetten zijn evident: ze kennen een minimaal grondgebruik, bieden energiezekerheid, zijn duurzaam en verminderen netcongestie. Voor woningen vraagt de uitrol van warmtenetten om minder arbeidskrachten en minder ingrijpen achter de voordeur dan alternatieven als een warmtepomp.
We voorzien dat zonder de uitrol van warmtenetten de woningbouwopgave stokt; woningen kunnen niet aangesloten worden op het elektriciteitsnet door netcongestie en er is geen ruimte voor de opwek van wind en zon op land. Daarbij zijn collectieve warmtesystemen voor 50% van de woningen en gebouwen in Zuid-Holland goedkoper dan oplossingen per individuele woning. Dat betekent dat er voor ons allen werk aan de winkel is om de realisatie van warmtenetten in ZuidHolland te versnellen. Voor provincie en gemeenten betekent dit het ontwikkelen van slagvaardigheid en een professionaliseringsslag in publieke regievoering. Aan het Rijk is de opgave om te komen tot een verbetering van de nationale randvoorwaarden voor betaalbaarheid, uitvoeringskracht bij publieke partijen en financiering van de onrendabele top. De betaalbaarheid en investeringszekerheid voor inwoners en bedrijven moeten aantrekkelijk zijn en leiden tot
Ons kenmerk PZH-2024-862503165
ontwikkeling. In dit kader is het van belang om op korte termijn de capaciteit van de bestaande initiatieven zoals WarmtelinQ en geothermiebronnen ten volle te benutten. Voor uw ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening zijn het waarborgen van de belangen van bewoners, het behalen van de nationale prestatieafspraken volkshuisvesting voor de woningcorporaties per 2030 en het opbouwen van kennis en financiering van verduurzaming van gebouwen van belang. Om daarvoor resultaten te boeken treffen gemeenten voorbereidingen ten behoeve van het optuigen van warmtebedrijven, warmteprogramma’s en een haalbaar financieringsplan. Hierbij werken we nauw samen met de corporaties. Uiteindelijk staan de inwoners centraal. Alleen als er voor hen een aantrekkelijk aanbod ligt, komt er politiek en maatschappelijk draagvlak voor de uitrol van warmtenetten. Uw ministerie zet zich volop in voor de warmtetransitie. Er is echter meer nodig om op schaal de voortgang te boeken. Hiervoor worden aanvullende oplossingen aangedragen in het adviesrapport ‘Vlottrekken warmte in Zuid-Holland’, die we graag met u willen bespreken. ‘Vlottrekken warmte in Zuid-Holland’ houdt ons een krachtig perspectief voor ogen: dat van duurzame woningen, bedrijven en glastuinbouw in Zuid-Holland, verwarmd met duurzame regionale bronnen.
Het stelt dat als we het willen, we dit gezamenlijk, zakelijk, slagvaardig en snel kunnen oppakken. Wij zijn hiertoe van harte bereid. Een van de aanbevelingen van het adviesrapport is om onder coördinatie van het Rijk en samen met de provincie Zuid-Holland te komen tot minimaal 6 clusterdeals, voor de clusters Drechtsteden, Haaglanden, Holland Rijnland, Oostland, Rotterdam, Westland. En daarnaast ook afspraken te maken voor de gemeenten van het landelijk gebied waar kleinere netten worden ontwikkeld. Wij omarmen deze aanbeveling en willen ons inzetten om deze clusterdeals van de grond te krijgen. Daartoe doen we graag het aanbod om met u deze clusterdeals vorm te geven. Wanneer we in het najaar van 2025 starten met de clusterdeals dan verzilveren we de inzet van deze gemeentelijke bestuursperiode. Anders zal de huidige stilstand meerdere jaren voortduren. Daarmee dreigt het momentum te passeren om collectieve warmtesystemen kansrijk te ontwikkelen. De samenwerking met het Rijk is essentieel om de warmtetransitie te versnellen en tot deze clusterdeals te komen. Zo werken we samen toe naar een integraal en optimaal energiesysteem. Bovendien zijn wij ervan overtuigd dat deze aanpak ook voor vele andere regio’s en samenwerkingen in Nederland een oplossing biedt.
We gaan daarom graag met u in gesprek over zowel de inzet van provincie, gemeenten, regio’s als de nationale randvoorwaarden. Daarbij willen wij graag met u bespreken in welke organisatievorm we deze clusterdeals gaan sluiten. Wij stellen voor om hierover een gezamenlijk overleg te organiseren met een afvaardiging van uw ministeries van KGG, VRO en LVVN, onze gemeenten, RES-regio’s en de provincie Zuid-Holland. Met vriendelijke groet, Namens de volgende partijen ir. B.K. (Berend) Potjer 2/3
Ons kenmerk PZH-2024-862503165
(Gedeputeerde Provincie Zuid-Holland) Jacqueline van Dongen Wethouder Zwijndrecht en voorzitter Energieregio Drechtsteden Tanja de Jonge (Wethouder Dordrecht en vice voorzitter Energieregio Drechtsteden) Yvonne van Delft (Wethouder Leiden en voorzitter RES-regio Holland Rijnland) Koen Kegel en Marcel Belt (Wethouder Vlaardingen en wethouder Leidschendam-Voorburg, voorzitters Bestuurlijk Netwerk Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag) Maaike Zwart (Wethouder Delft, bestuurlijk thematrekker warmte Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag) Jaap Willem Eijkenduijn (Wethouder Goeree-Overflakkee, voorzitter RES-regio Goeree-Overflakkee) Jan Lock (Wethouder Molenlanden, namens de RES en NPLW regio Alblasserwaard) Harry van Waveren (Wethouder Hoeksche Waard, namens de Stuurgroep RES van RES-regio Hoeksche Waard) Brigitte Leferink (Wethouder Waddinxveen, bestuurlijk trekker RES Midden-Holland)
Afschrift aan Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur Ministerie van Klimaat en Groene Groei
3/3