25. SV ONS inzake nieuwbouw De Marckenburgh
Tekst van het document
Schriftelijke vragen art. 35 Reglement van Orde 17-04-2025
Geacht college, Onder verwijzing naar artikel 35 van het Reglement van Orde van de gemeenteraad van Nissewaard, wil de fractie van ONS Nissewaard u de volgende schriftelijke vragen met inleiding voorleggen. De fractie van ONS Nissewaard ziet geen vooruitgang m.b.t. de nieuwbouw van de Marckenburgh. Het gebouw staat al jaren in de hekken en dat geeft een slecht aanzicht en vormt een bedreiging voor de veiligheid in de buurt. De fractie merkt op dat er een enorm tekort aan betaalbare woningen is en dat de plannen voor de nieuwbouw op de plek van de Marckenburgh hier een vermindering in kan brengen. Het blijkt echter dat bescherming van vleermuizen deze voor de gemeente belangrijke ontwikkeling nog steeds frustreert. Dit geeft de fractie van ONS Nissewaard aanleiding om de volgende schriftelijke vragen te stellen. 1. Is het college met ons van mening dat een gebouw wat zo lang in de bouwhekken staat zeer ongewenst is, gelet op bijvoorbeeld de druk op de woningmarkt en het beeld in de wijk? 2. Klopt het dat de noodzakelijke nieuwbouw nog niet is gestart door de aanwezigheid van de volgens de Natuurwet beschermde diersoort vleermuizen? Welke maatregelen zijn genomen om de vleermuizen uit het pand te krijgen en waarom is dit niet voldoende geweest? 3. Welk contact is er met de provincie Zuid-Holland dan wel de Omgevingsdienst Haaglanden geweest over deze ongewenste vertraging? 4.
De Marckenburgh staat al sinds 2020 leeg en zover wij weten zijn er meldingen van overlast geweest. Kan het college aangeven of er nog steeds sprake is van overlast en/of vernielingen en zo ja in welke mate? 5. Klopt het dat het gebouw asbesthoudend is? Zo ja, zijn er mogelijke veiligheidsrisico’s nu het gebouw langdurig leeg staat? 6. Is het college met ons van mening dat het voorkomen van overlast dan wel mogelijke veiligheidsrisico’s belangrijker is dan de bescherming van de
vleermuizen, als er voldoende maatregelen zijn genomen voor alternatief verblijf voor de vleermuizen? 7. Welke stappen kunnen, zo mogelijk met de ontwikkelaar, gezet worden richting de provincie Zuid-Holland dan wel de Omgevingsdienst Haaglanden om met prioriteit deze woningbouwontwikkeling mogelijk te maken? 8. Welke stappen kunnen gezet worden om te voorkomen dat het probleem van de vertraging van een woningbouwontwikkeling door de aanwezigheid van vleermuizen in de toekomst blijft spelen? Wij kijken uit naar uw antwoorden. Met vriendelijke groeten, Rob van der Waal ONS Nissewaard