25. Lbr. 26006 - Proactieve dienstverlening
Tekst van het document
From: VNG <info@vng.nl> Sent: woensdag 11 maart 2026 17:29:46 To: "gemeente@nissewaard.nl" <gemeente@nissewaard.nl> Cc: Subject: Lbr. 26/006 - Proactieve dienstverlening
Lees online | Gegevens wijzigen
Lbr. 26/006 - Proactieve dienstverlening 11 maart 2026 Geachte leden van het college en de gemeenteraad, Een substantieel deel van de inwoners dat recht heeft op dienstverlening en regelingen wordt niet bereikt door de overheid. Sommigen mijden de overheid bewust uit angst en wantrouwen. Anderen hebben onvoldoende doenvermogen om toegang te krijgen tot de dienstverlening en missen overzicht over de veelheid aan complexe regels. Deze inwoners doen uit eigen beweging geen aanvraag voor dienstverlening. Door deze inwoners proactief te benaderen kan niet-gebruik van uitkeringen en voorzieningen worden tegengegaan. In deze ledenbrief lichten we toe wat dit betekent voor de gemeentelijke praktijk. We gaan in op het VNG-position paper over proactieve dienstverlening en geven een overzicht van het wetsvoorstel proactieve dienstverlening van SZW. Volledige ledenbrief
Contact
Afmelden Gegevens wijzigen
Dit bericht is verzonden door de VNG. Lees onze proclaimer.
vng.nl
Aan de leden
Datum
11 maart 2026 Ons kenmerk
U202600127 Lbr. 26/006 Telefoon
070-373 83 93 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Proactieve dienstverlening
Geachte leden van het college en de gemeenteraad, Een substantieel deel van de inwoners dat recht heeft op dienstverlening en regelingen wordt niet bereikt door de overheid. Sommigen mijden de overheid bewust uit angst en wantrouwen. Anderen hebben onvoldoende doenvermogen om toegang te krijgen tot de dienstverlening en missen overzicht over de veelheid aan complexe regels. Deze inwoners doen uit eigen beweging geen aanvraag voor dienstverlening. Door deze inwoners proactief te benaderen kan niet-gebruik van uitkeringen en voorzieningen worden tegengegaan. In deze ledenbrief lichten we toe wat dit betekent voor de gemeentelijke praktijk. We gaan in op het VNG-position paper over proactieve dienstverlening en geven een overzicht van het wetsvoorstel proactieve dienstverlening van SZW. Position paper In dit position paper (pdf, 976 kB) wordt, aansluitend op de Verklaring Bestaanszekerheid (pdf, 90 kB), proactieve dienstverlening als maatregel bepleit, zodat iedereen die inkomensondersteuning krijgt waar hij of zij recht op heeft. Gemeenten willen een stap zetten in de richting van proactieve dienstverlening door de beweging te maken van aanvragen naar aanreiken en verder, naar ambtshalve verstrekken. Daarbij is er geen sprake meer van een aanvraag, maar van geautomatiseerde toekenning van voorzieningen en uitkeringen of kwijtschelding van belasting.
Een laatste stap is het verbreden: van bestaanszekerheid naar terreinen als arbeid en zorg. Proactieve dienstverlening is waardevol voor inwoners. Het helpt om armoede tegen te gaan en draagt bij aan meer participatie, gezondheid en kansen op de arbeidsmarkt. Tegelijk voorkomt het dat situaties onnodig verergeren of complexer worden. Problemen blijven daardoor beter beheersbaar en hulpverlening is minder nodig. Dit levert niet alleen voordelen op voor inwoners, maar ook voor gemeenten. Het bespaart kosten en creëert meer ruimte voor maatwerk en persoonlijk contact. Een actief en duidelijk contact tussen inwoners en overheid zorgt daarnaast voor overzicht en rust. Mensen krijgen sneller inzicht in hun rechten en mogelijkheden, terwijl gemeenten gerichter kunnen ondersteunen. Zo ontstaat een wederzijds voordeel. De grootste winst is dat het vertrouwen van inwoners in de overheid toeneemt wanneer zij ervaren dat de overheid meedenkt, tijdig handelt en belemmeringen wegneemt.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl
1/3
Randvoorwaardelijk voor proactieve dienstverlening is dat gegevensdeling zowel wettelijk als technisch mogelijk wordt gemaakt. Tegelijk zijn privacy en regie op gegevens belangrijke aandachtspunten. Het is van belang dat inwoners zelf een keuze houden. Zij moeten het recht hebben om af te zien van proactieve dienstverlening, bijvoorbeeld via een opt-out. Proactieve dienstverlening is niet alleen een zaak van gemeenten, er ligt hier een overheidsbrede opgave. Gemeenten, het rijk en uitvoeringsorganisaties werken de komende periode hieraan samen, onder meer in het kader van de Nederlandse digitaliseringstrategie. Wetsvoorstel proactieve dienstverlening SZW SZW heeft een wetvoorstel opgesteld dat de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (SUWI) wijzigt om proactieve dienstverlening mogelijk te maken. Het wetsvoorstel is in 2025 aangeboden aan het parlement en moet medio 2026 ingaan. Het geeft het UWV, de SVB en gemeenten de bevoegdheid om inwoners actief te wijzen op hun rechten en mogelijkheden voor steun. Zij mogen hiervoor persoonsgegevens gebruiken en informatie uitwisselen, zodat duidelijk wordt wie recht heeft op een regeling maar daarvan geen gebruik maakt. Deze inwoners kunnen vervolgens worden benaderd en geholpen met vooringevulde formulieren, bijvoorbeeld voor een aanvraag of bij het oplossen van schulden.
We hebben uitvoeringstoetsen laten opstellen over het wetsvoorstel en het bijbehorende besluit. Naar aanleiding daarvan bepleiten we dat de Belastingdienst, Dienst Toeslagen en DUO gegevens met gemeenten moeten kunnen delen. SZW heeft dit nog niet toegezegd, maar is wel gestart met een pilot van SVB en Belastingdienst, die het belang van de beschikbaarheid van vermogensgegevens moet aantonen. Een ander aandachtspunt is gegevensdeling tussen wetten en afdelingen van de gemeente, bijvoorbeeld tussen Participatiewet en Wmo en Jeugdwet. SZW heeft het wetsvoorstel aangepast, zodat gemeenten ook intern gegevens mogen delen. Middelen SZW heeft structureel middelen gereserveerd voor de extra uitvoeringslasten, oplopend van € 3,1 miljoen in 2026 tot € 26,7 miljoen in 2030, en voor uitvoeringskosten van de bijstand en schuldhulp, oplopend van € 5,7 miljoen in 2026 tot € 7,1 miljoen in 2030. Deze middelen worden bij aanname van de wet via de BUIG en het gemeentefonds respectievelijk beschikbaar gesteld. We zetten ons ervoor in dat in de voorjaarsbesluitvorming 2026 ook middelen voor de bijzondere bijstand beschikbaar worden gesteld. Met SZW is afgesproken dat extra lasten en kosten van lokale regelingen door gemeenten zelf worden bekostigd. Wat kunt u doen? Omarm proactieve dienstverlening als ambitie in uw lokale visie en beleidskaders voor werk en inkomen en dienstverlening.
De wet proactieve dienstverlening SZW maakt proactieve dienstverlening door gemeenten mogelijk, maar verplicht dit niet. Grijp de kans aan om met proactieve dienstverlening uw inwoners de hand te reiken en hen te helpen. Vraag de gemeentelijke organisatie voorbereidingen te treffen om de wet te implementeren zodra deze van kracht wordt. Uw gemeente kan zich aanmelden om varianten te beproeven tezamen met landelijke partijen. Overweeg daarbij ook gemeentelijke regelingen proactief aan te bieden. Pas uw lokale verordeningen aan om proactieve dienstverlening mogelijk te maken. Individuele inkomenstoeslag In het kader van de wet Participatiewet in balans wordt het vanaf 1 januari 2027 mogelijk om de individuele inkomenstoeslag ambtshalve te verstrekken. Geef actief invulling aan deze optie om inwoners met een laag inkomen en zonder uitzicht op werk te ontzorgen en proactief (meer) bestaanszekerheid te bieden. Cultuuromslag Proactieve dienstverlening vraagt dat de overheid niet langer uitgaat van controle, maar van vertrouwen in de inwoner. Dat vereist een andere werkcultuur en vernieuwing van het ambtelijk
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
vakmanschap. Besteed aandacht aan deze aspecten in uw organisatiebeleid. Maak gebruik van de mogelijkheden in het wetvoorstel handhaving sociale zekerheid, dat in 2027 van kracht moet worden, om af te zien van terugvorderen bij fouten van de gemeente zelf en geef inwoners ruimte om vergissingen recht te zetten. Wat betekent dit voor de ambtelijke organisatie? De SZW-agentschappen BIDN en BKWI onderzoeken momenteel de implementatie van proactieve dienstverlening. In de komende periode zullen er pilots plaatsvinden die zich richten op gegevensdeling binnen verschillende use-cases. Denk aan inwoners van wie de WW-uitkering afloopt, inwoners met een afgewezen Wajong-verzoek die naar de gemeente worden verwezen en inwoners met een AIO-toeslag die mogelijk recht hebben op kwijtschelding van lokale belastingen. Met steun van SZW begeleiden we vanuit de VNG de komende tijd pilots. Er zijn al veel gemeenten in Nederland en Vlaanderen die met vormen van proactieve dienstverlening aan de slag zijn. Als u kennis wilt nemen van de ervaringen van collega’s of ervaringen wilt delen, wordt dat binnenkort mogelijk via een VNG-forum. Voor meer informatie of vragen We houden u op de hoogte van de resultaten van de parlementaire behandeling en de ondersteuning die we aanbieden bij de implementatie via vng.nl.
Heeft u nog vragen dan kunt u contact opnemen met het Klantcontactcentrum van de VNG, via info@vng.nl of 070-373 83 93. Afsluiting De wet proactieve dienstverlening SZW is een eerste aanzet om te komen tot een meer proactieve overheid die meedenkt met en naast inwoners staat die steun nodig hebben. De wet kan worden gezien als een groeiwet waarin we samen met de SUWI-partners ervaring opdoen met proactieve dienstverlening en stappen vooruit kunnen zetten. We wensen u veel succes toe met de omslag van een reactieve naar een meer proactieve organisatie. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr. dr. L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3
Proactieve dienstverlening voor bestaanszekerheid
Position paper
Met de Verklaring bestaanszekerheid hebben de gemeenten een stap naar voren gezet om te komen tot een strategische agenda met maatregelen voor het borgen van bestaanszekerheid de komende 10 jaar. Zodat iedereen weer rond kan komen en mee kan doen. De eerste pijler van bestaanszekerheid is inkomenszekerheid. Inwoners maken niet altijd gebruik van regelingen en voorzieningen waar ze recht op hebben. Proactieve dienstverlening is één van de middelen om inwoners en ondernemers bestaanszekerheid te bieden, als overheid effectiever op te treden en het vertrouwen in de overheid te herstellen.
Wat is het probleem? Inwoners die dat nodig hebben worden in Nederland door sociale zekerheidsregelingen en voorzieningen ondersteund om bestaanszekerheid te bieden. Maar lang niet iedereen, die volgens de wet recht heeft op die inkomensregelingen, maakt daar ook gebruik van. Uit onderzoek van de inspectie SZW uit 2021 blijkt het percentage niet-gebruik van de algemene bijstand te liggen op circa 35%. Bij gemeentelijke minimaregelingen is dat vergelijkbaar. Niet alle niet-gebruikers leven onder het sociaal minimum. Inwoners met een baan (werkende armen) en gepensioneerden maken relatief weinig gebruik van regelingen waar ze recht op hebben. Een belangrijke drempel voor inwoners is dat ze voor alle uitkeringen, toeslagen en voorzieningen een aanvraag moeten doen. Er zijn verschillende redenen waarom ze geen aanvraag doen: onbekendheid met regelingen, de onbegrijpelijkheid en de onoverzichtelijkheid van de
ondersteuningsmogelijkheden en administratieve belastende procedures vormen drempels. Sommige inwoners wantrouwen de overheid als gevolg van de kinderopvangtoeslagaffaire. Zij vrezen terugvorderingen en controles. Anderen hebben angst voor stigmatisering en schamen zich voor het doen van een beroep op inkomensregelingen. Kortom: het beleid gericht op het voorkomen van armoede en dichten van de kloof in inkomens is onvoldoende doelmatig en doeltreffend. Door niet-gebruik leven deze inwoners nodeloos in armoede en soms met schulden. Daardoor hebben deze mensen relatief veel problemen en meer hulp nodig op gebied van welzijn en gezondheid.
Ambitie Gemeenten willen de komende jaren met kracht in proactieve dienstverlening investeren, in navolging van koplopergemeenten waaronder Gent. We willen niet langer aanvragen afwachten, maar dienstverlening proactief aanreiken aan inwoners
die er recht op hebben. Zo veel als mogelijk maken we de beweging naar ambtshalve verstrekken. Hierbij is er geen sprake meer van een aanvraag, maar van geautomatiseerde toekenning van lokale minimaregelingen zodat mensen kunnen meedoen en kwijtschelding van lokale belastingen. Zoals dit ook mogelijk gaat worden voor de verstrekking van individuele inkomenstoeslag in het kader van het wetsvoorstel voor de Participatiewet in balans. Aansluitend willen we proactieve dienstverlening verbreden: van inkomensregelingen naar zorgregelingen (organisaties betrokken bij de uitvoering van de Wmo, Zvw en Wlz). Inwoners en ondernemers ontzorgen we bij ingrijpende levensgebeurtenissen zoals meerderjarig worden, een scheiding, overlijden van een partner of kind en faillissement waarbij steun van meerdere organisaties nodig is. We werken (overheids)breed aan dienstverlening en bieden integrale ondersteuning (digitaal en aan de balie). Op termijn verkennen wij de mogelijkheden voor proactieve dienstverlening voor toeleiding naar werk. Bijvoorbeeld het door middel van AI proactief attenderen van werkzoekende inwoners op passende vacatures.
Wat hebben we daarvoor nodig? • Gegevensdeling: De overheden beschikken over veel gegevens van inwoners en ondernemers die benut kunnen worden om rechthebbenden te identificeren en te ondersteunen. We willen geen gegevens meer opvragen bij inwoners als de overheid daar al over beschikt. Daardoor kunnen we de administratieve last voor de inwoner beperken. We willen ook gebruik maken van beschikbare data voor het voorinvullen van digitale formulieren om de dienstverlening gebruiksvriendelijk en makkelijk te maken. Om dit mogelijk te maken komt er idealiter een algemene wettelijke grondslag voor gegevensdeling met het oog op proactieve dienstverlening. Indien dit juridisch niet haalbaar blijkt, moeten er specifieke grondslagen voor gegevensdeling tussen overheden komen. Binnengemeentelijk moet gegevensdeling tussen wetten en afdelingen mogelijk zijn, bijvoorbeeld tussen de participatiewet, de Wmo en de Jeugdwet. Om proactieve dienstverlening te automatiseren en de interoperabiliteit van systemen te versterken moeten begrippen die in gerelateerde wetten voorkomen, maar steeds verschillend worden gedefinieerd, worden geharmoniseerd.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2
• Doelgroep bereiken: we bereiken meer mensen door hen te benaderen door brugfunctionarissen, vrijwilligers en informele netwerken. Deze stemmen de communicatie af op doelgroepen zoals wijkbewoners, ouderen en statushouders. We informeren en adviseren inwoners over hun rechten door de inzet van persoonlijke regeloverzichten. Een stevig lokaal netwerk van laagdrempelige financiële inlooppunten ondersteunt inwoners daarbij. • Vertrouwen in de inwoner stellen als uitgangspunt: We voorkómen handhaving door inwoners de ruimte te geven om te vergissen en gegevens te corrigeren. Bij vergissingen van de overheid zelf wordt afgezien van terugvordering. Gegevens gebruikt voor proactieve dienstverlening mogen niet worden ingezet voor handhaving. We investeren in het veranderen van de werkcultuur van de overheid en vernieuwen het ambtelijk vakmanschap van de medewerkers om de transitie naar proactieve dienstverlening succesvol te maken. Door het voeren van campagnes, de inzet van ervaringsdeskundigen en opleidingen kan dat worden aangejaagd. • Regie inwoner: Inwoners en ondernemers krijgen transparant inzicht in het gebruik en het delen van gegevens tussen organisaties. In ieder geval mogen er niet méér gegevens worden verwerkt dan noodzakelijk volgens de principes van privacy by design en dataminimalisatie.
Inwoners die geen interesse hebben voor overheidsdienstverlening kunnen dat aangeven: zij worden dan niet meer benaderd (opt-out). • Automatisch met ICT-voorzieningen: Waar mogelijk verstrekken we inkomensregelingen ambtshalve, zodat de inwoner geen last van de complexiteit van ons stelsel heeft. Regelingen waarvoor duidelijke criteria bestaan én gegevens binnen of buiten de gemeente beschikbaar zijn, lenen zich daarvoor. We zorgen zoveel als mogelijk voor verrekening achter de schermen om administratieve lasten en terugvorderingen te beperken. Om de uitwisseling technisch te ondersteunen willen gemeenten gebruik maken van de zogenoemde SUWI-keten, die door het Inlichtingenbureau en BKWI wordt ondersteund. Dit werkend op basis van de principes van de informatiekundige visie Common Ground (data aan de bron) en het Federatieve Datastelsel (afspraken over en standaarden voor gegevensuitwisseling). Inwoners kunnen met ons op verschillende manieren contact zoeken. We zetten in op een omnichannel aanpak, waarbij kanalen naadloos bij elkaar komen aan de
achterkant. MijnServices maken de digitale interactie gebruiksvriendelijk, inclusief en transparant. • Integrale dienstverlening door brede loketten: Om inwoners niet met de complexiteit van het stelsel te belasten en bij levensgebeurtenissen te ondersteunen, werken we als gemeenten integraal op de domeinen: dus zowel werk& inkomen als zorg. Met onze medeoverheden werken we als één overheid samen. We wijzen inwoners op aanspraken bij uitvoeringsorganisaties en hanteren gecombineerde aanvraagformulieren. Om de samenhang tussen met name inkomensregelingen en toeslagen te bevorderen is vereenvoudiging van het sociale zekerheidsstelsel nodig.
Goed voorbeeld stad Gent • De stad Gent (België) is een koploper op proactieve dienstverlening. In Gent krijgen inwoners bepaalde rechten automatisch toegekend en worden daarvan geen gegevens gevraagd waar de overheid al inzicht in heeft. De inwoner hoeft hierdoor niet vaker gegevens en bewijsstukken aan te leveren dan nodig is. • Gezinnen die van de bijstand leven krijgen automatisch korting in het onderwijs en de kinderopvang. Verrekening vindt achter de schermen plaats, met veel minder gegevensuitwisseling dan voorheen (ja/ nee signalen). Hierdoor bereikt Gent vier keer meer rechthebbende gezinnen dan voorheen. • Ruim 25.000 inwoners met minimuminkomen burgers krijgen gratis huisvuilzakken zonder het zelf te moeten aanvragen. Het aantal ingediende aanvragen daalde van 1350 in 2019 naar 28 in 2022. • Inwoners hoeven geen aanvraag meer te doen voor de Uitpas voor korting op kunst en cultuur. Als een inwoner zijn legitimatie laat zien, kan de gemeente direct zien of die er recht op heeft en de pas verstrekken. De doelgroepen van de regelingen worden in kaart gebracht door gegevensuitwisseling en bestandsvergelijken via het centraal dataplatform MAGDA. Daar worden gegevens uit authentieke bronnen conform AVG-wetgeving beschikbaar
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3
gesteld aan overheden. Door de inzet van de applicatie Automatisch advies van Digitaal Vlaanderen hoeven inwoners slechts ontbrekende gegevens door te geven bij een aanvraag voor een dienstverlening. De applicatie vult het dossier automatisch aan met gegevens die nodig zijn om te bepalen of iemand recht heeft op bijvoorbeeld een subsidie. Op basis van de data geeft de toepassing direct ook een advies. Dit advies wordt doorgestuurd naar de desbetreffende overheden. Zij beslissen dan zelf hoe ze het dossier verder afhandelen. Door dit beleid maken in Gent meer inwoners gebruik van voorzieningen. Voor de kostenefficiëntie van overheid heeft proactieve dienstverlening positieve gevolgen omdat er minder documenten moeten worden gecontroleerd en minder correcties doorgevoerd. Ook geven medewerkers van Gent aan dat ze door proactieve dienstverlening een gelijkwaardiger gesprek voeren met inwoners.
Wat levert het op? Inwoners en overheid zullen profiteren van proactieve dienstverlening, waarbij de meeste baten bij de inwoner terecht zullen komen. Proactieve dienstverlening draagt bij aan de bestaanszekerheid van inwoners, en vermindert armoede. Baten zijn te verwachten in termen van participatie, gezondheidswinst en op de arbeidsmarkt. Door proactieve dienstverlening voorkómen we ook dat problemen groter en complexer worden en moeilijker om op te lossen, omdat inwoners zijn vastgelopen. Preventie maakt besparingen op zorg en welzijn mogelijk. De overheid wint verder aan efficiëntie door proactieve dienstverlening. Gemeenten hebben door het arbeidsmarkttekort, de vergrijzing en schaarse middelen onvoldoende capaciteit om de dienstverlening te leveren zoals we gewend zijn. Voor de uitvoering en handhaving van complexe wetten en regels moet een andere manier van werken worden gevonden. Door proactieve dienstverlening, met name ambtshalve uitkeren, in te zetten kan de gemeente ruimte creëren voor maatwerk. Gemeenschappelijke baten voor zowel inwoners als overheid zijn te verwachten door betere communicatie en contact met elkaar. Als
gemeenten reiken we mensen de hand, die cynisch en wantrouwend zijn geworden over de bedoelingen van de overheid en zich daarvan hebben afgekeerd. Gemeente en inwoner kunnen een beter gesprek met elkaar voeren omdat de randvoorwaarden voor bestaanszekerheid zoveel als mogelijk achter de schermen worden geregeld. Inwoners ervaren rust in plaats van stress en zijn daardoor beter in staat vooruit te denken en te werken aan verbeteringen. Er ontstaat ruimte om het gesprek te voeren over de participatie van de inwoner op levensgebieden, in arbeid en/of de maatschappij. Wat wil en kan de inwoner en hoe kan de gemeente hen daarbij ondersteunen en faciliteren? De kwaliteit van de relatie wordt verbeterd. Daardoor groeit ook het vertrouwen in de overheid.
Groeien naar proactieve dienstverlening Het actuele wetsvoorstel proactieve dienstverlening SZW regelt dat UWV, de SVB en gemeenten in de Wet SUWI de bevoegdheid tot proactieve dienstverlening krijgen. Daarmee kunnen zij onderzoeken of inwoners een mogelijke aanspraak op een regeling niet benutten, hen hierover informeren en een aanvraag faciliteren. Dit wetsvoorstel is een goede ontwikkeling, maar gemeenten willen verder gaan en de stap zetten naar ambtshalve verstrekken. De scope van gegevensdeling in het wetsvoorstel moet worden uitgebreid met partijen buiten de SUWI-keten zoals de Belastingdienst, Toeslagen en DUO. Positief is dat het wetsvoorstel voorziet in een experimenteerregeling. Wij zien de wet proactieve dienstverlening nadrukkelijk als een “groei-wet”, waarin we gezamenlijk met onze partners steeds meer ervaring opdoen met proactieve dienstverlening en stappen vooruit zetten. Gemeenten besluiten volgens het wetsvoorstel zelf of ze gebruik willen maken van de verruimde mogelijkheden om sociale zekerheid proactief aan te bieden. Dat zal tot verschillen leiden tussen gemeenten in rechten en verwachtingen van inwoners. Bij positieve evaluatie van de opbrengsten van de wet kan daarom overwogen worden om proactieve dienstverlening verplicht te stellen.
Kwaliteitsnorm en standaarden Ons streven is proactieve dienstverlening als stip op de horizon en als nieuwe kwaliteitsnorm voor de dienstverlening vast te leggen en samen als overheden toe te groeien naar wat maximaal haalbaar is. In zoverre wettelijk niet geregeld maken de gemeenten daartoe onderling afspraken. We leggen standaarden voor proactieve dienstverlening vast via het college van dienstverleningszaken.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4
Middelen Gemeenten hebben voldoende middelen nodig om proactieve dienstverlening uit te voeren. Wanneer er meer gebruik van regelingen wordt gemaakt daarvan, stijgen de kosten van de uitvoering. Daarnaast vraagt proactieve dienstverlening om investeringen in de ICT voorzieningen en – zolang en waar automatisch uitkeren niet haalbaar is – in het bereiken en persoonlijk benaderen van inwoners, de bemensing van de balie en in de beoordeling van aanvragen. De kosten van de uitvoering mogen hierbij niet alleen op decentraal niveau worden gelegd: er is financiering nodig van het Rijk. Door automatisch verstrekken van inkomensregelingen worden uitvoeringslasten substantieel beperkt.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
5
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 2514 JS Den Haag +31 70 373 83 93 info@vng.nl oktober 2025
Bestaanszekerheid binnen 10 jaar
wetenschap
gemeenten politiek
maatschappelijke organisaties
publieke dienstverleners
inwoners
Verklaring bestaanszekerheid
Meer bestaanszekerheid door vereenvoudiging en hervorming
Een zeker en toereikend inkomen zorgt ervoor dat mensen optimaal mee kunnen doen aan de samenleving, werkend of via andere vormen van participatie. Ons stelsel van inkomensondersteuning (waaronder ook toeslagen en fiscale regelingen) is voor veel mensen een onmisbaar element om bestaanszekerheid te bieden. Tegelijk is dit stelsel zo complex geworden dat het soms onzekerheid aanwakkert, in plaats van dat het die wegneemt. Dit kan mensen ervan weerhouden om te gaan werken, terwijl op de arbeidsmarkt iedereen nodig is. Serieuze vereenvoudiging, vanuit scherpe keuzes, met voldoende mensen en middelen om echte verandering te realiseren is daarom hard nodig. De Nationale Ombudsman, de Commissie Sociaal Minimum, Staatscommissie Rechtsstaat, de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen, OCTAS, Ritme in Vereenvoudiging van de IBTD en de interdepartementale beleidsonderzoeken (IBO’s) toeslagen en vereenvoudiging sociale zekerheid onderbouwen dit treffend. Het stelsel van inkomensondersteuning creëert in te veel situaties onduidelijkheid en onzekerheid bij mensen. Dat kan zorgen voor stress en zelfs gezondheidsproblemen. Dit tast het vertrouwen in de overheid aan. Het stelsel zal meer zekerheid moeten bieden aan de mensen die erop aangewezen zijn en moet bovendien inspelen op de demografische ontwikkelingen.
De grenzen van uitvoerbaarheid van het stelsel zijn bereikt voor publieke dienstverleners en gemeenten. Stevige hervormingen – ook in Caribisch Nederland – zijn nodig voor een toereikend, zeker en toegankelijk inkomen voor mensen. Zodat iedereen mee kan doen aan de samenleving via werk of andere vormen van participatie. Daarvoor zijn middelen, capaciteit en denkkracht nodig. Er is sturing nodig via een lange termijnprogramma met concrete tussenresultaten op korte termijn en het voorkomen van nieuwe complexiteit. Hierbij zijn de volgende ambities in samenhang het uitgangspunt: a) Toereikend en zeker inkomen zonder (hoge) terugvorderingen Mensen hebben een zeker en toereikend inkomen nodig waarvan zij basisvoorzieningen kunnen betalen: boodschappen, wonen, gezondheidszorg, kinderopvang, vervoer en onderwijs. Daarvoor is een toereikend sociaal minimum nodig, dat periodiek wordt herijkt. Als mensen (meer) gaan werken gaan ze er op vooruit. Als mensen onbedoeld te veel inkomen krijgen van de overheid, worden terugvorderingen zoveel mogelijk beperkt. Daarnaast moeten mensen weten waar ze aan toe
zijn als er iets in hun leefsituatie wijzigt. Dit om te voorkomen dat mensen in de schulden komen of de stap naar werk of een andere vorm van participatie niet durven te maken. Dit gebeurt met oog voor mensen en met maatwerk wanneer dat aanvullend en nodig is. Het stelsel van inkomensondersteuning (sociale zekerheid, toeslagen en fiscaliteit) wordt hervormd, zodat mensen zoveel mogelijk een zeker en toereikend inkomen hebben. Daarnaast zijn er diverse innende publieke dienstverleners waardoor mensen onverhoopt in schulden terecht kunnen komen. We streven naar samenwerking bij de inning en incasso, juist om schulden te voorkomen. Wij werken hierbij zoveel mogelijk als één overheid. b) Investeren in werk(zekerheid) en participatie Iedereen kan meedoen op een manier die past bij zijn of haar mogelijkheden, levensfase en talenten. Naast werken in loondienst of als ondernemer leveren ook vrijwilligerswerk en mantelzorg een waardevolle bijdrage. Om te benutten wat mensen zelf kunnen, is passende ondersteuning naar (begeleid) werk of andere vormen van participatie noodzakelijk. En ook aandacht en ruimte voor (om) scholing en/of ondersteuning bij duurzaam participeren in de maatschappij en/of de arbeidsmarkt. Het is van belang om mensen die kunnen werken op de weg daarnaartoe te ondersteunen waar nodig, en meer zekerheid te creëren voor werkenden.
We nemen drempels weg waardoor (meer) werken loont. Hiervoor zijn samenhangende hervormingen tussen sociale zekerheid, toeslagen en fiscaliteit noodzakelijk. En een verschuiving in de belastingdruk van arbeid naar consumptie en vermogen. c) Vereenvoudigen voor inwoner én mensen in de uitvoering Regels zijn voor mensen, publieke dienstverleners en gemeenten eenduidig, begrijpelijk en uitvoerbaar. Het aanvragen en gebruikmaken van regelingen is duidelijk en laagdrempelig. Er komt een beperkter aantal voorwaarden, regelingen en begrippen. Waar mogelijk willen we een automatische uitkering en een directe financiering van voorzieningen mogelijk maken. We werken toe naar gemeenschappelijke loketten en regelen aan de achterkant dat mensen de juiste inkomensondersteuning krijgen. Om te bereiken dat mensen hun regelingen echt gebruiken, komt er, binnen de AVG, meer gegevensdeling tussen publieke dienstverleners en gemeenten. Mensen leveren de benodigde gegevens zo mogelijk maar één keer aan. Gemeenten en publieke dienstverleners hebben middelen, wettelijke ruimte en implementatiecapaciteit nodig om deze vormen van proactieve dienstverlening mogelijk te maken. Om blijvend te werken aan het herstellen van
2
vertrouwen in de overheid, is gezamenlijkheid belangrijk. Het is ook een voorwaarde om de doelen te bereiken en het stelsel daadwerkelijk te verbeteren. De overheid leert samen van fouten uit het verleden. Hierbij wordt vooringenomenheid en discriminatie voorkomen. We werken daarbij samen als één overheid. Waarbij de inkomensbasis van mensen goed geregeld is en de balans tussen rijk en gemeenten op orde is. Bouwstenen voor een nieuw kabinet Om bestaanszekerheid te borgen en concrete invulling te geven aan de uitgangspunten zijn politieke besluiten en investeringen in het hervormen van het stelsel noodzakelijk. Vereenvoudiging vraagt om keuzes. Lastige keuzes. Want als er dingen moeten veranderen, zijn er ook onherroepelijk mensen die daar nadeel van ondervinden. Het rapport ‘De toekomst begint nu’ van de 18e Studiegroep Begrotingsruimte geeft kaders en overwegingen voor grote keuzes die noodzakelijk zijn en die door het komende kabinet genomen moeten worden om het stelsel houdbaar te maken. Onderzoekt toont brede maatschappelijke baten bij het kiezen voor eenvoudigere regelingen: het voorkomen van armoede, meer vertrouwen in de overheid, meer bestaanszekerheid en meer ruimte voor de menselijke maat. De voorstellen vragen om concrete politieke besluiten.
Het doorpakken op het hervormen en vereenvoudigen van het stelsel van inkomensondersteuning vraagt om nauwe samenwerking tussen politiek, publieke dienstverleners, gemeenten en partners. Maak middelen, capaciteit en denkkracht over de domeinen heen vrij. Breng ritme in vereenvoudiging door een jaarlijkse vereenvoudigingswet en werk volgens één meerjarige agenda structureel aan het verminderen en vereenvoudigen van regelingen vanuit het perspectief van mensen. Hervormingen op basis van deze ambities kosten tijd. Betere dienstverlening en vereenvoudiging van regelgeving kosten ook middelen, zeker als de wens is groepen die er door vereenvoudiging op achteruit gaan te compenseren. Maar niet hervormen of niet kiezen, heeft ook een prijs voor mensen, de uitvoering en de samenleving.
10 concrete gewenste verbeteringen We gaan door met de hervormingsagenda vereenvoudiging (inkomensondersteuning, toeslagen en fiscaliteit) en vereenvoudigen het stelsel met behulp van een jaarlijkse vereenvoudigingswet en concrete vereenvoudigingsvoorstellen per voorjaarsbesluitvorming. Daarbij zien we 10 concrete gewenste verbeteringen: 1. Door de aanhoudende arbeidsmarktkrapte moeten we investeren in werk(zekerheid) en participatie; iedereen is nodig. Als uitgangspunt geldt dat iedereen naar zijn of haar vermogen werkt en dat dienstverlening daar ook op gericht is. Het succes van Regionale Werkcentra kenmerkt zich door integrale en passende dienstverlening, ongeacht vanuit welke situatie de inwoner aanklopt. De benodigde aanvullende middelen passen bij de brede maatschappelijke baten die nagestreefd worden. 2. Iedereen met ondersteuningsbehoefte is in beeld en krijgen passende ondersteuning. We weten (op basis van skills) wat mensen willen, kunnen en wat er nodig en beschikbaar is om de stap naar een duurzame positie op de arbeidsmarkt te maken. Samen met sociale partners investeren we gerichter en structureel in scholing en ontwikkeling, met name voor werk in vitale sectoren. Verschillen tussen mbo-, hbo- en wo-studenten binnen het studiefinancieringsstelsel worden weggenomen voor gelijkwaardige behandeling, waardering en gelijke kansen op de arbeidsmarkt. 3.
Door het instrumentarium van de Banenafspraak breed toegankelijk te maken, én de wet Banenafspraak te vereenvoudigen faciliteren we inclusief personeelsbeleid. 4. Een arbeidsongeschiktheidsstelsel waarin werk voorop staat. De voorgestelde vereenvoudiging richt zich op maatregelen op de korte termijn binnen het bestaande stelsel: passende beoordelingsmomenten met inzet van een lichte toets aan het begin en een integralere beoordeling op een later moment, betere taakverdeling tussen professionals, en een bredere blik op gezondheid en inzetbaarheid. Na de lichte toets starten we waar mogelijk direct met de terugkeer naar werk. Voor werkenden en werkgevers biedt dit meer bestaanszekerheid en duidelijkheid, waarbij de focus van het stelsel ligt op wat
3
iemand nog wel kan doen. Dit betekent een beter uitvoerbaar stelsel met de mogelijkheid om in de overgangsfase achterstanden terug te dringen. Voor de lange termijn is het noodzakelijk om verder te werken aan een duurzaam en toekomstbestendig stelsel. 5. Het sociaal minimum wordt periodiek herijkt. De Participatiewet wordt fundamenteel herzien. Er komt een oplossing voor de groep in de Participatiewet zonder arbeidsvermogen die recht doet aan hun situatie en bestaanszekerheid biedt. We maken het armoedebeleid gezamenlijk eenvoudig, effectief en toekomstbestendig, mede op basis van de Verkenning armoededienstverlening. 6. Het stelsel (schulden, incasso, MSNP/WSNP) rondom het voorkomen en aanpakken van schulden wordt vereenvoudigd. Focus zit ook op het voorkomen van schulden door de overheid. Er komt een daadkrachtige aanpak van risicovolle kansspelen en kopen op afbetaling. We investeren in een centraal schuldenregister en in structurele financiering én de kwaliteit van gegevens en gegevensuitwisseling voor vroegsignalering van schulden. Tegelijkertijd vereenvoudigen we het toeslagenstelsel zodat achteraf zo min mogelijk verrekeningen plaatsvinden met ontvangen inkomsten. We regelen dat keteneffecten bij nabetalingen niet meer voorkomen. 7. De Toeslagenwet van UWV wordt op de langere termijn overbodig gemaakt.
Op de korte termijn beginnen we met de Vereenvoudiging van de Toeslagenwet door het verhogen van de Wajong-uitkering van Wajonggerechtigden met arbeidsvermogen tot het sociaal minimum voor een alleenstaande. Ook schaffen we op korte termijn de kostendelersnorm af in de Toeslagenwet. 8. We vereenvoudigen de leefvormen in de AOW met bredere baten op het gebied van wonen en zorg door een objectief partnerbegrip in te voeren en te starten met het gesprek over een toekomstbestendige en uitvoerbare AOW op de lange termijn. 9. Vereenvoudiging verlofregelingen voor ouders. Door verschillende verlofregelingen voor ouders zoveel mogelijk samen te
voegen, worden regels eenvoudiger, weten ouders en werkgevers beter waar zij aan toe zijn, en verdwijnen administratieve drempels die ouders nu belemmeren om verlof op te nemen. De vereenvoudiging leidt tot structureel lagere uitvoeringskosten. Voor ouders betekent het meer toegankelijkheid, minder administratieve inspanning en een kleinere financiële drempel om verlof op te nemen. Dit draagt bij aan een betere balans tussen werk en privé en voorkomt gezondheidsproblemen en uitval. Daarnaast werken we toe naar een zekere tegemoetkoming voor ouders door de kinderbijslag en het kindgebonden budget samen te voegen tot één regeling. 10. Om te bereiken dat mensen hun regelingen gebruiken, krijgen gemeenten en publieke dienstverleners middelen, capaciteit en wettelijke ruimte voor gegevensdeling. We werken gezamenlijk aan het verbeteren van gegevensbronnen om proactieve dienstverlening mogelijk te maken. Daarnaast werken we aan vereenvoudiging voor mensen en de uitvoering door het domeinoverstijgend harmoniseren van de inkomens-, partner- en vermogensbegrippen, het definitief toekennen van regelingen in de actualiteit en de invoering van één betaaldatum voor inkomsten en uitgaven.
Voor de benodigde wendbaarheid en capaciteit voor bovenstaande bouwstenen op de lange termijn, is het ook noodzakelijk om bepaalde regelingen te heroverwegen om regeldruk op het terrein van bestaanszekerheid te voorkomen. Het PWC-rapport ‘Feiten en effecten wet- en regelgeving op uitvoeringsorganisaties’ laat de toename aan regeldruk treffend zien. Een brede enveloppe “vereenvoudiging en verminderen regeldruk” kan effecten van het moderniseren van langdurig overgangsrecht of het heroverwegen van landelijke regelingen met een zeer kleine doelgroep, mogelijk maken. Tot slot een opmerking over de wijze waarop we gezamenlijk kunnen toewerken naar meer bestaanszekerheid. Dat gaat over inhoud, maar ook over een stevige, gelijkwaardige en intensieve samenwerking tussen gemeenten, publieke dienstverleners, beleid en politiek. Interbestuurlijk, gericht op het verbeteren van bestaanszekerheid van mensen, nu en in de toekomst.
4