150_25 kV-Transformatorstation Geervliet_Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
Bijlagen Toelichting Bestemmingsplan 150/25 kV - Transformatorstation Geervliet Bijlage 1 Inrichtingsplan Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan Bijlage 3 Akoestisch onderzoek Bijlage 4 Watertoets Bijlage 5 Archeologisch onderzoek Bijlage 6 Natuurtoets Bijlage 7 Stikstofberekening Bijlage 8 Historisch bodemonderzoek Bijlage 9 Beïnvloedingsberekening
TENNET-STEDIN HOOGSPANNINGSSTATION GEERVLIET L A N D S C H A P P E L I J K I N PAS S I N G S P L A N | N OV E M B E R 2 0 2 4
COLOFON
TenneT-STEDIN hoogspanningsstation Geervliet | Landschappelijk inpassingsplan Oosterhout IND-492455-01E-Schetsontwerp Geervliet
Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 Postbus 959 6200 AZ Maastricht +31 (0) 43 325 32 23
TenneT TSO BV. Utrechtseweg 310 Postbus 718 Postbus 718 6800 AS Arnhem
STEDIN Blaak 8 Postbus 49 30000 AA Rotterdam +31(0)88 896 3963
info@cb5.nl
www.cb5.nl
www.tennet.eu
www.stedin.net
VRIJGAVE Opsteller(s):
Goedkeuring:
Vrijgave:
V. Smeets, P. van Hout
E. van Tilborg
M. van der Poll
Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 500
2
INHOUDSOPGAVE
1. INLEIDING
4
1.1
AANLEIDING EN DOEL
5
1.2
PLANGEBIED
5
1.3
LEESWIJZER
5
2. ANALYSE LOCATIE EN OMGEVING 2.1
2.2
LANDSCHAPSANALYSE
7
2.1.1 LOCATIE IN BEELD
7
2.1.2 HISTORIE
11
2.1.3 GEOMORFOLOGIE
12
2.1.4 BODEM
12
2.1.5 HOOGTE
12
BELEIDSANALYSE
13
2.2.1 ONTWIKKELRAAMWERK NISSEWAARD
13
2.2.2 BELEIDSPLAN GROEN EN BOMEN 2023-2026
14
2.2.3 PLAN VAN AANPAK ECOLOGIE 2024
14
2.2.4 BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED WEST
15
INRICHTINGSPLAN VOLLMER & PARTNERS
16
2.3
6
17
3. RANDVOORWAARDEN RANDVOORWAARDEN
3.2
SPEELRUIMTE
18 24
3.1
25
4. LANDSCHAPPELIJKE INPASSING
4.1 LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN
3
27
1. INLEIDING
4
invulling te geven aan deze doelstelling door middel van het
gemaakt van het gebied met daarin o.a. locatiefoto’s, historie,
Door de toename van duurzame initiatieven en de grotere
opstellen van een landschappelijk inpassingsplan ten behoeve
geomorfologie, bodem en hoogtes. Daarnaast wordt er een
vraag naar energie vergroten TenneT en Stedin de capaciteit
van de wijziging huidig bestemmingsplan.
beleidsanalyse gemaakt met daarin o.a. het omgevingsplan
1.1
AAN LEIDING EN DOEL
van het netwerk. Om dit te realiseren is een uitbreiding van het
en het bestemmingsplan. In het derde hoofdstuk worden de
hoogspanningsstation Geervliet in de gemeente Nissewaard
1.2
technische randvoorwaarden voor een dergelijke uitbreiding,
nodig. TenneT plaatst een nieuw GIS gebouw binnen de
Het plangebied is gelegen aan de rand van gemeente
samengesteld door TenneT benoemd.
bestaande locatie. Stedin plaatst een nieuwe transformatorcel
Nissewaard. Het Scheepsvaart- en Voedingskanaal aan
Op basis van de opgehaalde informatie wordt een schetsontwerp
aan de westzijde van het station waardoor het buitenhekwerk
de noordzijde scheidt het plangebied van industriegebied
voor de landschappelijke inpassing gemaakt. Dit is te vinden in
moet worden verplaatst. Daarnaast wordt aan de westzijde
Botlek. Aan de oost- en westzijde zijn Geervliet en Spijkenisse
hoofdstuk vier. Dit landschappelijk inpassingsplan bestaat uit:
van het gebouw 2 huidige smoorspoelen stations vervangen
gelegen. Watersportvereniging Hairt-Hille is gelegen aan de
•
door een extra schakelinstallatie in een gesloten gebouw
oostzijde aan het water. Het plangebied ligt vrij in het open
met kabelkelder. Daarom is het van belang het station
polderlandschap.
P LA NGEB IED
een plankaart met landschapselementen, bestaande én nieuwe gebouwen en toegangswegen;
•
landschappelijk in te passen en daarmee de ruimtelijke
een locatieaanduiding voor te leggen tracé van elektriciteitskabels;
kwaliteit van het gebied te vergroten.
1.3
TenneT en Stedin hebben aan Antea Group/CB5 gevraagd om
In het tweede hoofdstuk wordt een landschappelijke analyse
L EESW I JZE R
•
plantoelichting;
•
soortenindicatie van toekomstige flora en fauna.
HARTELKANAAL
INGSKANAAL SCHEEPSVAART- EN VOED WATERSPORTVERENIGING HAIR-HILLE
5
2 . A N A LY S E L O C AT I E E N O M G E V I N G
6
2 .1
LA ND S C H AP SANA LYS E
De analyse van de locatie en haar omgeving is opgesplitst in twee delen. Het eerste deel is een landschappelijke analyse, waarin o.a. historie, geomorfologie, bodem en hoogtes worden geanalyseerd aan de hand van kaartmateriaal en foto’s. Het tweede deel bestaat uit een beleidsanalyse. 2 .1.1 LOCATI E IN B EE L D Ruimtelijk beeld vanaf provinciale weg N218 Groene Kruisweg: Het ruimtelijk beeld vanaf de provinciale weg N218 -Groene Kruisweg is een doorsnijding Zicht op hoogspanningsstation vanaf provinciale weg N218 (Groene Kruisweg), kijkend in noordoostelijke richting
van het open poldergebied. Kijkend in de richting van het hoogspanningsstation wordt het beeld van de populierbeplanting tussen Hartelkanaal/A15 boven de regionale waterkering bepaald. De singelbeplanting aan de oostzijde is de randbeplanting van de polder aan de zijde van Spijkenisse. de beplanting aan de zuidzijde van het hoogspanningsstation is te laag om het station te camoufleren. De groene gevelbekleding van het TenneT gebouw is goed zichtbaar. In het beeld in westelijke richting vanaf de kruising N211-Groene Dijk / Hogelandseweg is goed zichtbaar dat de beplanting aan de westzijde van het station weinig afschermende werking heeft.
Zicht op hoogspanningsstation vanaf provinciale weg N218 (Groene Kruisweg), na kruising Hogelandseweg, kijkend in noordwestelijke richting met rechts bebouwing Hogelandseweg
7
Ruimtelijk beeld vanaf Noorddijk , kijkend in oostelijke richting: Het ruimtelijk beeld vanaf de Noorddijk, kijkend in oostelijke richting naar het hoogspanningsstation is vanaf twee posities bekeken. Positie begin begeleidende haag Noorddijk: Het ruimtelijk beeld wordt bepaald door de regionale waterkering en de 300 meter begeleidende haag naar het hoogspanningsstation en het grote open poldergebied zuidelijk hiervan. Op de achtergrond is de groene afschermende singel van de stadsrand Spijkenisse zichtbaar. Noorddijk Geervliet, kijkend in oostelijke richting vanaf begin begeleidende haag langs regionale kering
Positie nabij hoogspanningsstation, kijkend in oostelijke richting: De Noorddijk wordt begeleid door de haag, die rechts om het groengebied voor het hoogspanningsstation de waterschapssloot volgt. De beplanting binnen deze zone bestaat uit struiken en bomen. De bestaande boombeplanting bestaat uit bomen van de 3e grootte (hoogte tot 6 meter), aangeplant in 2012. Deze bomen hebben een zeer beperkte afschermende functie voor het hoogspanningsstation.
Noorddijk Geervliet, kijkend in oostelijke richting vanaf begin begeleidende haag lang regionale kering, nabij hoogspanningsstation
8
Ruimtelijk beeld groenzone voor hoogspanningsstation. Komende uit westelijke richting kom je nabij het hoogspanningsstation in een groene ruimte bestaande uit heesters, bomen 3e grootte, hagen en grasvegetatie. De haag begeleidt het beheerpad de regionale waterkering op. De beplanting rechts op de foto schermt het zicht op de open polder af. Komende uit oostelijke richting kom je nabij het hoogspanningsstation in een groene open ruimte die aansluit op het open poldergebied. De groene ruimte Noorddijk Geervliet, kijkend in oostelijke richting. Zicht op westelijke zijde hoogspanningsstation en groene binnenruimte met bomen , struiken en natuurlijk grasland
wordt afgeschermd door de haag langs de waterschapssloot. Het gebouw van TenneT is aangekleed met groene gevels bestaande uit blauwe regen. Daarnaast is er ruim zicht op de vakwerkmasten en installaties van het hoogspanningsstation. De grasvegetaties binnen het hekwerk worden kort gemaaid waardoor weinig biodiversiteit en verschil in maaihoogtes aanwezig is. De groenzone op het einde van de weg heeft bijna geen afschermend ruimtelijk effect. De beplanting aan de zuidzijde van de Noorddijk is door de aanleg van ondergrondse kabels en leidingen verwijderd.
Noorddijk Geervliet, kijkend in westelijke richting ter hoogte van vakwerkmast en gebouw TenneT . Zicht op open poldergebied.
9
Ruimtelijk beeld vanaf Markenburgweg, kijkend in westelijke richting: Komende uit westelijke richting start de 200 meter lange haag naar het hoogspanningsstation ter hoogte van de westelijke groenzone. De openheid van de polder is vanuit dit punt beleefbaar. De agrarische bedrijven hebben aan de zijde van de Hogelandseweg hoog opgaande boombeplanting die de schuren en een deel van het hoogspanningsstation camoufleren. Aan de noordzijde wordt de dijk begeleid door de hoge beplanting van de haven.
Noorddijk Geervliet, kijkend in westelijke richting vanaf wegbegeleidende haag op hoogspanningsstation. Links zicht op boombeplanting en gebouwen Hogelandseweg 18. Vooraan links randbeplanting polder.
Komende uit zuidelijke richting vanaf de provinciale weg N218 / Groene Kruisweg nemen de schuren van Hogelandseweg nr. 18 een deel van het beeld op het hoogspanningsstation weg. Het gebouw van Stedin is nog goed zichtbaar.
Hogelandseweg 20, kijkend in noordwestelijke richting. Zicht op gebouwen en vakwerkmasten hoogspanningsstation en gebouwen en boombeplanting Hogelandseweg 18.
10
2 .1.2 HI STOR IE Geervliet is een middeleeuwse vestingstad in de gemeente Nissewaard. De stad had in die tijd een belangrijke rol in de handel en de scheepsvaart van Nederland. Het vroegere landschap van polders, oude dijken en boerderijen maakte na ca. 1970 plaats voor de uitbreiding van havengebied de Botlek. Als onderdeel hiervan werd Scheepsvaart – en Voedingskanaal als verbinding tussen de Oude Maas en het Hartelkanaal aangelegd. Ten zuiden van de regionale waterkering langs het Scheepvaarten Voedingskanaal bevindt zich het 1900
1950
trafostation van TenneT. Bron: Topotijdreis 2022
1970
11
2020
2.1. 3 GEOM O RFOLOGIE
2.1.4 B ODEM
2 .1.5 HOO GT E
Het plangebied is gelegen op een landschap van getijde
Poldervaaggronden zijn de overheersende grondsoort in de
De dijk langs het voedingskanaal Brielse Meer ligt hoger dan
afzettingen met inversieruggen. De gronden zijn gemoerd.
omgeving met afwisselend variaties op kalkrijke en knippige
het overige landschap, namelijk op ongeveer 4 meter boven
Ten oosten en westen van het plangebied liggen oude getijde
poldervaaggronden.
NAP. Het open polderlandschap heeft variërend een hoogte
inversieruggen.
tussen -1,25 m en -0,50 m onder NAP. Het plangebied is gelegen op en een hoger plateau met een hoogte van c.a. +4,00 meter.
+4,00
+4,40
+4,00
-1,20 GETIJINVERSIERUG
+4,40
KALKRIJKE POLDERVAAGGRONDEN
WELVINGEN IN PLAATSELIJK GEMOERDE GETIJ-AFZETTINGEN
KNIPPIGE POLDERVAAG-0,90
GRONDEN KNIPPIGE DRECHTVAAGGRONDEN Geomorfologie; bron: PDOK 2024
12
Bodemtypen; bron: PDOK 2024
KNIPPIGE POLDERVAAGGRONDEN Hoogtekaart: bron: AHN Nederland, 2022
-0,60
2 .2 BE L E ID SAN A LYS E Binnen het plangebied spelen nog een aantal beleidsmatige zaken die van invloed zijn op het proces en ontwerp. 2 .2 .1 ON TW I KKE LR AAMWE R K N ISS E WA ARD De gemeente Nissewaard heeft in 2020 Ontwikkelraamwerk Nissewaard vastgesteld. In dit document staan bouwstenen benoemd die als basis dienen voor de ontwikkeling naar een ‘schokbestendig Nissewaard. Daarbij wordt uitgegaan van vier sturende principes: •
Zet in op de ontwikkeling van werkgelegenheid, onderwijs en ruimte voor ondernemerschap.
•
Differentieer de woningvoorraad van monotone wijken uit de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw.
Ontwikkelraamwerk
•
Verbeter de mobiliteit en bereikbaarheid.
•
Benut en versterk de groene kwaliteiten in en om de gemeente.
Als onderdeel van het laatste principe is een van de doelen om een kwalitatief energielandschap te creëren. Daarmee: •
worden de ambities voor de opwek van duurzame energie behaald;
•
levert het een kwalitatief landschap dat bijdraagt aan het vestigingsklimaat en een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving;
•
wordt werkgelegenheid in de installatietechniek gegenereerd.
Enkele relevante aandachtspunten voor deze opgave zijn: •
Inpassing van energietransitie gaat samen met investeringen in het landschap;
Planlocatie in de gemeente
•
Betrek de lokale gemeenschap bij de plannen;
•
Meervoudig ruimtegebruik: combineren van opgaven met betrekking tot landbouw, ecologie en recreatie met de energieopgave om zo tot een win-win situatie te komen.
13
2 .2.2 B E LE I DS P LAN G R OEN EN B O MEN 2 0 2 3- 2 0 2 6 In beleidsplan Groen en Bomen 2023-2026 staan de visie en uitgangspunten met betrekking tot groen in de gemeente Nissewaard vastgesteld. Deze visie is: ‘In 2050 is de groenstructuur van Nissewaard robuust, aantrekkelijk, biodivers en klimaatbestendig ingericht. Als onderdeel hiervan zijn een aantal pijlers opgesteld: •
De groenstructuur is herkenbaar, robuust en toekomstbestendig ingericht;
•
De groenstructuur vormt een zo goed als aaneengesloten netwerk;
•
De groenstructuur zorgt voor een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving;
•
De groenstructuur is klimaatbestendig ingericht en draagt daarmee actief bij aan het verlagen van hittestress en wateroverlast;
•
De groenstructuur is biodivers ingericht, zodat een robuust ecologisch netwerk ontstaat;
•
Het groen heeft een herkenbare identiteit en is kwalitatief hoogwaardig ingericht;
•
In het document staan de beleidsregels genoemd die van toepassing zijn in de gemeente Nissewaard.
Beleidsplan Groen en Bomen 2023-2026
2 .2.3 P LA N VAN AA N PAK EC O LOGI E 2 0 2 4 Het belangrijkste doel in dit plan is het versterken van de biodiversiteit voor plant- en diersoorten in Nissewaard. De regionale waterkering vormt de verbindende ecologische substructuur tussen Geervliet en Spijkenisse. Enkele doelstellingen uit het plan: •
Vergroten biodiversiteit;
•
Toepassing inheemse soorten in buitengebied;
•
Flexibel beheer zodat onderhoud aangepast kan worden aan toekomstige ontwikkelingen (bijvoorbeeld sinus-beheer);
•
Ecologische structuur gemeente Nissewaard
14
Stem beheer af met Waterschap Hollandse Delta en met TenneT en Stedin.
2 .2 .4 B E ST EM MIN GS P LAN B U ITE NG E B IE D W E ST Op het plangebied is bestemmingsplan buitengebied West van toepassing. Daarin heeft het plangebied de enkelbestemming bedrijf met rondom de bestemming groen en infrastructuur. Er zijn meerdere dubbelbestemmingen aanwezig waaronder: •
Waterstaat – Waterkering;
•
Waarde – Archeologie 2;
•
Leiding – Hoogspanningsverbinding;
•
Leiding – Olie;
•
Veiligheidszone - Leiding.
Deze bestemmingen hebben tot zekere hoogte invloed op de mogelijkheden van de landschappelijke inpassing.
Bestemmingsplan buitengebied west
Het bestemmingsplan wordt aangepast voor de uitbreiding van het hoogspanningsstation.
Detail planlocatie buitengebied west
15
2 .3 IN R IC HT IN GS P LAN VOLLME R & PA RTNE R S Rond 2010 heeft bureau Vollmer&Partners de Visie landschappelijk inpassingsplan 150KV-station Geervliet nader uitgewerkt. Dit plan is in 2012 uitgevoerd. Een korte toelichting van het plan: ‘Rode klaprozen zetten in de zomer de toon rond transformatorstation Geervliet. Het 150kV-station is door onze landschappelijke inpassing deel gaan uitmaken van de landschapservaring vanaf de achterliggende dijk en de toegangswegen, die deel uitmaken van het ontwerp. Door de vele kabels en leidingen was het niet mogelijk om de trafo achter een stevige groenstructuur te verstoppen. Wij vonden dit ook niet de beste aanpak. Het ontwerpen van een groene omgeving waarbinnen de trafo als object een rol blijft spelen doet meer recht aan het grote belang van een dergelijke voorziening. Wij hebben het transformatorstation opgenomen in een landschappelijke decor, waarbij het zichtbaar blijft, maar wel minder afsteekt tegen zijn omgeving. Visie landschappelijke inpassing station Geervliet
Principe profielen dijk en voorterrein ter hoogte TenneT met ontsluitingsweg Noorddijk
Een doorgaande fietsroute langs de dijk speelt in de beleving een belangrijke rol. Bij betreding van het decor van ‘landschap Geervliet’ merkt de bezoeker dat een geleidelijke verandering intreedt. Gebiedseigen beplantingen komen steeds nadrukkelijker in beeld, zoals hagen, ruige grasvegetaties en verschillende boomsoorten. De bestaande gebouwen krijgen een facelift en worden waar mogelijk voorzien van klimbeplanting. Ze worden hierdoor minder storend, komen meer in harmonie met het omliggende groen, maar behouden hun herkenbaarheid.’
Conclusie huidig eindbeeld: Het uiteindelijke groenbeeld uit de visie verschilt van de huidige situatie doordat de grote bomen voor het station en op de dijk niet meer aanwezig zijn. Daarnaast heeft het gebruik van bomen van de 3e grootte in de westelijke groenzone een zeer beperkte afschermende functie in het landschapsbeeld.
16
3. RANDVOORWAARDEN
17
3.1
RAN DVOORWAARDEN
Waterkering Waterschap Hollandse Delta
Leidingen en hoogspanning
KLIC
Op de gronden mogen alleen bouwwerken (geen gebouwen)
In het gebied zijn diverse leidingen en hoogspanningen
Het gebied ligt vol met verschillende kabels en leidingen. Over
worden opgericht met een maximale bouwhoogte van 10
aanwezig met een eigen beschermingszone. Zo is er een
het algemeen gesproken is het niet wenselijk om opgaande
meter. Dit betekent dat er geen volledige gebouwen mogen
olieleiding aanwezig (oranje) en een hogedruk gasleiding
beplanting te gebruiken op deze plekken. Bij sommige
worden gebouwd, maar wel andere constructies tot een
(geel). Deze gronden moeten vrij zijn van beplanting. Langs
leidingen is de eis een vrije zone aan te houden ca. 5 meter.
hoogte van 10 meter.
de olieleiding is een belemmeringsstrook van 5 meter
De waterkering nabij het hoogspanningsstation heeft de status
aan weerszijden aanwezig. Deze zone moet vrij zijn van
regionale waterkering.
beplanting (bomen of struiken), constructies (lichtmasten en
Aan de zuidzijde van het hoogspanningsstation ligt een
straatmeubilair) en oppervlakteverhardingen (wegen of paden).
dijksloot met een beschermingszone van 5.00 meter.
De zone van de hoogspanningsmasten moet vrij zijn van bouwwerken en beplanting vanaf 2 meter hoogte. Voor de volledige regeling lees: hoofdstuk 2, artikel 30.2 Bouwregels in Bestemmingsplan Buitengebied West, Gemeente Nissewaard).
18
Nieuwe bebouwing
Nieuwe weg
Beplanting
Ten behoeve van de uitbreiding van het trafostation wordt aan
Ten behoeve van de uitbreiding van het trafostation wordt de
De bestaande beplanting dient waar mogelijk behouden
de westzijde een trafostation van Stedin geplaatst. Aan de
weg aan de zuidzijde deels verlegd. Dit betekent dat een deel
te blijven en daar waar nodig aan te vullen met nieuwe
oostzijde wordt een nieuw GIS gebouw voor TenneT geplaatst.
van de bestaande haag en enkele bomen moeten wijken om
beplanting ten behoeve van de landschappelijke inpassing.
De groene gevelbekleding van het bestaande GIS gebouw
dit te realiseren.
Op bovenstaande kaart zijn in rood bomen en hagen
wordt verwijderd en de gevelbekleding wordt vernieuwd
aangeduid die moeten worden verwijderd voor de aanpassing
conform het nieuwe GIS gebouw.
van het hoogspanningsstation en de weg.
Op het huidige station staan twee vakwerkmasten. De
De haag aan de noordoostzijde tot aan de toegangspoort ter
westelijke mast tussen de gebouwen van Stedin en TenneT
hoogte van de Hogelandseweg is van zeer slechte kwaliteit.
blijft gehandhaafd. De oostelijke vakwerkmast komt
Deze haag moet opnieuw worden aangeplant.
te vervallen voor het nieuwe GIS gebouw van TenneT. De bovengrondse leiding wordt vervangen door een ondergrondse leiding.
19
Zichten bewoners omgeving Hogelandseweg 18 De beleving van de boerderij Hogelandseweg 18 op het hoogspanningsstation wordt weggenomen door de opslagloodsen/werkschuren op het terrein. De oriëntatie vanuit de woning is meer oost-west gericht. Ook op het erf is het hoogspanningsstation niet zichtbaar. Na passeren van de schuur aan de zijde van de Noorddijk is het hoogspanningsstation vanaf het erf beleefbaar. Vanuit de woning in westelijke richting is de bestaande hoogspanningsleiding wel beleefbaar. Hogelandseweg 20 Ook bij deze boerderijwoning is door de ligging van de schuur aan de noordzijde van het perceel zicht op het hoogspanningsstation weggenomen. De ligging van de hoogspanningsleiding en de hoge vakwerkmast is wel aan de westzijde waarneembaar. Watersportvereniging Hairt-Hille Het zicht vanuit,de watersportvereniging op het hoogspanningsstation wordt door de randbeplanting rondom de haven voor een groot gedeelte weggenomen. Het weghalen van de oostelijke vakwerkmast heeft een positieve bijdrage hieraan.
20
Kabelstructuur TenneT (concept)
Reserveringsruimte kabels en leidingen TenneT
Reserveringsruimte kabels en leidingen STEDIN
Ten behoeve van de uitbreiding van het station is een aantal nieuwe hoogspanningskabels
Ten behoeve van de uitbreiding met een nieuwe transformator aan de westzijde is een nieuw
voorzien. Deze zijn nodig om het bestaande en het nieuwe GIS- gebouw met elkaar te
tracé nodig voor aantakking op bestaande en nieuwe voorzieningen. De nieuwe kabel is in
verbinden en om de 3e transformator van Stedin aan te sluiten. Deze verbindingen zijn op
groen aangegeven (zie figuur PD003006 Sectieuitbreiding Geervliet STEDIN).
bovenstaand kaartje indicatief in het zwart aangegeven. Om ruimte te maken voor het nieuwe GIS-gebouw wordt de oostelijke hoogspanningsmast verwijderd en wordt de bestaande bovengrondse lijnverbinding gedeeltelijk verkabeld. Hiervoor is een nieuw kabeltrace naar het hoogspanningsstation Geervliet Noorddijk noodzakelijk. De uitbreiding van het trafostation is daarnaast onderdeel van een projectencluster Loadpocket Simonshaven waarvoor diverse extra 150 kV ondergrondse verbindingen (kabels) nodig zijn. Het betreffen nieuwe kabelverbindingen van hoogspanningsstation Simonshaven naar Geervliet- Noorddijk en tussen Geervliet Noorddijk en hoogspanningsstation Botlek. Bovenstaand plaatje (Figuur Kabelstructuur TenneT (Concept)) geeft een indruk van de beoogde kabelliggingen maar is nog niet definitief. Voor de nieuwe verbindingen wordt momenteel een tracestudie uitgevoerd. Zodra de ligging van de kabeltraces definitief is, zal hiervoor een aparte ruimtelijke procedure worden gevoerd.
21
PD003006 Sectieuitbreiding Geervliet STEDIN
Beeldkwaliteit GIS schakelstation Voor het nieuwe GIS schakelstation Geervliet heeft TenneT een gebouw ontworpen met horizontale gevelbeplating van Trespa Meteon Wood. Bij het bestaande gebouw worden de groene gevels omgevormd naar verticale gevelbeplating van Trespa Meteon Wood. De stroken tussen de elementen zijn uitgevoerd in Meteon Metallics in de kleur Aluminium als referentie aan geleiders in de hoogspanningslocatie. de betonnen plint in de nieuwbouw is uitgevoerd met prefab betonnen gevelelementen in de structuur NOE-plast 563400 Brüssel.
nieuw GIS gebouw
eenduidige Beplating bestaand gebouw als nieuw GiS gebouw
22
zicht op hoogspanningsstation vanaf provinciale weg N218 met behoud westelijhke vakwerkmast
zicht op nieuw gis gebouw vanaf Noorddijk in oostelijke kijkrichting met behoud westelijke vakwerkmast
zicht op nieuw gis gebouw /bestaand gebouw vanaf kruising Noorddijk/hogelandseweg in westelijke kijkrichting met behoud westelijke vakwerkmast 23
3 .2 S PE E LR U IM TE Alle randvoorwaarden bij elkaar optellend (zie kaart hieronder) is er weinig ruimte voor de landschappelijke inpassing van een uitbreiding van het trafostation. Op de kaart hiernaast is een schatting gemaakt van de mogelijke ruimtes waar landschappelijke inpassing plaats kan vinden. De twee meest westelijke plekken bevatten bestaande beplanting. Het opgetelde oppervlak van deze plekken is c.a. 490 m². Op deze locatie staat al bestaande struikbeplanting gecombineerd met bomen van de derde grootte. De andere twee locaties zijn 90 m² (westzijde) en 150m². MOGELIJKE LANDSCHAPPELIJKE
Het effect van de nieuwe trafo van Stedin aan de westzijde en
INPASSING MOGELIJK
de nodige ruimte voor toekomstige kabels is nog niet bekend. Aan de oostzijde maakt de beschikbare ruimte onderdeel uit
MOGELIJKE LANDSCHAPPELIJKE INPASSING MOGELIJK
90 M2
160 M2 330 M2
MOGELIJKE LANDSCHAPPELIJKE INPASSING I.C.M. BESTAANDE BEPLANTING
24
150 M2
van de schapenweide.
4. LANDSCHAPPELIJKE INPASSING
25
NIEUW GIS GEBOUW HERPLANTEN HAAG TE BEHOUDEN VAKWERKMAST NIEUW HEKWERK BLOEMRIJK GRASLAND UITBREIDING INSTALLATIEGEBOUW NIEUWE TRAFO NIEUWE WEG AANPLANT NIEUWE BOMEN, BESTAANDE BEPLANTING BEHOUDEN
LANDSCHAPPELIJKE INPASSING
26
4.1 LAN DS CH APPE LIJ K INPASSIN GSP LAN
(Hogelandseweg 18) en het Waterschap Hollandse Delta
Op basis van de randvoorwaarden is binnen het plangebied
(eigenaar dijk en haag).
zeer weinig ruimte beschikbaar voor een goede landschappelijke inpassing van de uitbreiding met één
Behoud haagstructuur langs waterschapssloot
trafostation (Stedin) en één GIS gebouw (TenneT). De veelheid
De bestaande haag langs de waterschapssloot aan de
aan ondergrondse kabels en leidingen rondom het station en
zuidzijde wordt doorsneden voor de verlegging van de weg
toekomstige nieuwe tracé’s bieden te weinig ruimte voor een
als gevolg van de aanleg nieuw trafostation. de berm van de
goede landschappelijke inpassing en voldoende groeiruimte
weg grenst aan de insteek watergang. ten behoeve van de
voor nieuwe bomen. Bovengronds blijft de westelijke
verkeersveiligheid wordt voorgesteld een houten geleiderail
hoogspanningsleiding met vakwerkmasten gehandhaafd.
aan te brengen op de insteek van de watergang
Het oostelijk hoogspanningstracé wordt vervangen door een ondergrondse kabeltracé. De vakwerkmast achter het nieuwe
Versterken groenstructuur op het hoogspanningsstation
GIS gebouw wordt afgebroken.
De gevelbekleding met klimplanting van het bestaande TenneT gebouw wordt in de nieuwe situatie verwijderd. Er
Aanplant bomen
wordt een nieuwe gevelbeplating gebruikt in de kleur Trespa
Aan de westzijde wordt voorgesteld in de beplantingsstroken
Meteon Greyed Cedar NW24. Deze is afgestemd op de
een boomcompensatie op te nemen voor de 6 te rooien
gevelbekleding van het nieuwe GIS gebouw, zodat beide
bomen voor uitbreiding trafostation en aanpassing weg met
gebouwen een eenheid vormen.
gebiedseigen bomen van de eerste grootte toe te passen.
Natuurlijk graslandbeheer door middel van gevarieerd
Hierbij wordt gedacht aan aanplant van meer gebiedseigen
maaibeheer van de grasvegetaties voor ontwikkeling van
bomen van de eerste grootte: populier (Populus nigra) tussen
bloemrijk grasland en versterking biodiversiteit op het station;
de bestaande bomen van de derde grootte (sierappel - Malus).
Gesloten verharding bij renovatie en/of uitbreiding van het
Na 5 jaar dienen de bomen van de derde grootte te worden
binnenterrein omvormen naar een meer open verharding ten
gerooid.
behoeve van waterinfiltratie en een meer natuurlijke uitstraling. Hiervoor kan de huidige verharding worden gebruikt;
Versterken haagstructuur
Geen gebruik van chemische onkruidbestrijdingsmiddelen.
Voorgesteld wordt de haagstructuur aan de zuidoostzijde van het hoogspanningsstation, ter hoogte van het PRB gebouw
Grasvegetaties ten zuiden hoogspanningsstation
(Hogedrukpijpleiding voor vloeibare koolwaterstoffen) aan de
Het terrein voor het hoogspanningsstation zal tijdens de
achterzijde tot de eerste poort tegenover de Hogelandseweg
bouw ingericht worden als bouwplaats voor materialen en
opnieuw aan te planten.
containerverblijven. Na de bouw dient het terrein te worden
Het bestaande schapenraster aan de dijkzijde vernieuwen
geegaliseerd en ingezaaid en beheerd als bloemrijk grasland.
Aan de west- (300 meter) en oostzijde (405 meter) van het
Dit moet nader afgestemd worden met het Waterschap
hoogspanningsstation in overleg met de schapen eigenaar
Hollandse Delta.
27
Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 500
Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 Postbus 959 6200 AZ Maastricht +31 (0) 43 325 32 23
info@cb5.nl
www.cb5.nl
Beeldkwaliteit
GIS schakelstation Geervliet
PROJECTNUMMER ARCHITECT
Ir. Jos van Tuijn
VERSIEDATUM VERSIE STATUS REFERENTIE
11 Oktober 2024 1.1 VO
PU-AMN 24-267 C2 - Internal Information
GIS Schakelstation Geervliet Het hoogspanningsstation Geervliet is een gedeeld station met regionale netbeheerder Stedin. De bestaande compacte 150kV GIS schakelstation (Gas Insulated Switchgear) is in 2008 bij de overdracht van het 150 kV-net in beheer gekomen bij netbeheerder TenneT. Het TenneT GIS station Geervliet wordt nu uitgebreid met een nieuwe GIS-installatie. Het schakelstation ligt in een agrarische omgeving met opslagloodsen/werkschuren.
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 2 van 10
C2 - Internal Information
Ruimtelijk concept van GIS Schakelstation Geervliet De vorm en grootte van de gebouwdelen en de betreffende ruimtebehoefte worden bepaald door de verschillende technische functies van het schakelstation: - Primaire installatie (de hoogspanningsinstallatie); - Secundaire installatie (de bedienings- en beveiligingsinstallatie); - Tertiaire installatie (de netvoeding en noodstroomvoorzieningen). Het ruimtelijk concept van een GIS gebouw bestaat uit een hoog bouwdeel met de primaire GIS schakelinstallatie en een laag bouwdeel met op de beneden verdieping de tertiaire installatie en op de verdieping de secundaire installatie. Aangevuld op de beneden verdieping met een opslagruimte en de entree-ruimte en op de verdieping met ondersteunende voorzieningen als sanitair-ruimte en verblijfsruimte. Het hele GIS-gebouw is onderkelderd ten behoeve van de primaire verbindingen met hoogspanningskabels. Het bestaande GIS-gebouw is meegenomen in het gevelontwerp voor de nieuwbouw.
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 3 van 10
C2 - Internal Information
Lay-out GIS Schakelstation Geervliet Voor de lay-out van het station is het aantal velden van de GIS installatie bepalend voor de grootte van het schakelstation. De ruimtebehoefte wordt bepaald door de verschillende installatie inclusief de benodigde ruimte voor veillige bedrijfsvoering en onderhoud. Het schakelstation is opgebouwd in meerdere verdiepingen waardoor er in de lay-out aan beide zijde een veilige vluchtroute met een trap is opgenomen.
LAAG 0 Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 4 van 10
C2 - Internal Information
DOORSNEDE
LAAG 1 Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 5 van 10
C2 - Internal Information
LAAG -1 Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 6 van 10
C2 - Internal Information
Gevelontwerp GIS schakelstation Geervliet TenneT vindt het belangrijk dat een schakelstation goed is ingepast in de omgeving. In het ontwerp wordt rekening gehouden met de lokale karakteristiek. De verschillende gebouwdelen zijn voorzien van een afwerking die past in de karakteristiek van deze omgeving. Het ontwerp is niet beperkt tot de nieuwbouw van de uitbreiding maar ook het bestaande GIS-gebouw is hierin opgenomen zodat dit deel een eenheid vormt. De bouwdelen met de primaire installaties zijn met hetzelfde gevelconcept uitgewerkt. Onderscheidend van het bouwdeel met de secundaire en tertiaire installaties. Zowel het bestaande als het nieuwe bouwdeel hebben een betonnen plint. Achter deze plint bevindt zich een kabelkelder waarvan een deel boven het maaiveld uit steekt. De hoogte van de kabelkelder wordt functioneel bepaald door de hoogspanningskabels in deze beloopbare kabelkelder met een buigstraal > 3meter.
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 7 van 10
C2 - Internal Information
Kleur en Materiaal GIS schakelstation Geervliet De gevels zijn uitgevoerd met een afwerking van Trespa Meteon Wood met een niet zichtbare mechanische bevestiging in het TS200 systeem. Voor de gevels is gevelbeplating gebruikt in de kleur ‘Greyed Cedar’ die past in de karakteristiek en uitstraling van deze omgeving. Voor de primaire bouwdelen is deze afwerking verticaal toegepast en horizontaal voor het secundaire/tertiaire bouwdeel. De stroken tussen de elementen zijn uitgevoerd in Meteon Metallics in de kleur Aluminium als referentie aan geleiders in de hoogspanningsinstallatie. De betonnen plint in de nieuwbouw is uitgevoerd met prefab betonnen gevelelementen in de structuur NOE-plast 563400 Brüssel.
Trespa Meteon Greyed Cedar NW24
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
Trespa Meteon Aluminium grey M51.0.1
1.1 PU-AMN 24-267 8 van 10
C2 - Internal Information
NOE-plast Brüssel 563400
Gevelontwerp GIS schakelstation Geervliet
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.0 PU-AMN 24-267 9 van 10
C2 - Internal Information
Gevelontwerp GIS schakelstation Geervliet
Projectnummer Architect
Ir. Jos van Tuijn
Versie Referentie pagina
1.1 PU-AMN 24-267 10 van 10
C2 - Internal Information
Onderzoek naar de geluidniveaus in de omgeving ten gevolge van transformatorstation Geervliet van Stedin
Geprojecteerde situatie
Rapportnummer F 22963-2-RA-001 d.d. 16 november 2023
Onderzoek naar de geluidniveaus in de omgeving ten gevolge van transformatorstation Geervliet van Stedin
Geprojecteerde situatie
Opdrachtgever: Antea Group Rapportnummer: F 22963-2-RA-001 Datum: 16 november 2023 Referentie: GL/KKr/AvdS/F 22963-2-RA-001 Verantwoordelijke: ir. G.W. Lassche Opsteller: ing. K.J. Kramer +31 85 82 28 508 k.kramer@peutz.nl
Peutz bv, postbus 7, 9700 aa groningen, +31 85 822 85 00, info@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid Nlingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015 mook - zoetermeer - groningen - eindhoven - haps - düsseldorf - dortmund - berlijn - nürnberg - leuven - parijs - lyon
F 22963-2-RA-001 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding en samenvatting
4
2
Uitgangspunten
5
2.1
Situering van transformatorstation Geervliet
5
2.2
Beschrijving van de inrichting en voorgenomen wijzigingen
6
2.3
Representatieve bedrijfsvoering
8
2.4
Toetsingscriteria
8
Berekeningen
11
3.1
Rekenmodel
11
3.2
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
11
3.3
Maximale geluidniveaus
14
3.4
Beoordeling
14
4
Voorstel zonegrens
15
5
Conclusie
17
3
F 22963-2-RA-001 3
1
Inleiding en samenvatting In opdracht van Antea Group is een onderzoek verricht naar de verwachte geluidniveaus in de omgeving ten gevolge van de voorgenomen wijzigingen van het transformatorstation van Stedin te Geervliet. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de ruimtelijke onderbouwing ten behoeve van de wijziging van het bestemmingsplan en een aanvraag omgevingsvergunning. Op basis van de door de opdrachtgever verstrekte informatie is een rekenmodel opgesteld waarmee de geluidniveaus in de omgeving ten gevolge van het station kunnen worden berekend. Uit het onderzoek blijkt dat ter plaatse van de dichtstbij gelegen woningen in alle gevallen voldaan kan worden aan de redelijkerwijs te stellen criteria op grond van de Wet milieubeheer. Hiermee is sprake van een toelaatbare en inpasbare situatie. Daar het buiten opgestelde gelijktijdig in te schakelen elektrische vermogen meer dan 200 MVA zal bedragen geldt voor het transformatorstation een vergunningplicht in het kader van de Wet milieubeheer en zal het terrein voorzien moeten worden van een geluidzone in het kader van de Wet geluidhinder. In dit rapport wordt een voorstel voor een geluidzone gedaan.
F 22963-2-RA-001 4
2
Uitgangspunten
2 .1 S itu er ing van tr ansfor mat ors ta t ion G e er vl i et
Het transformatorstation Geervliet van Stedin is gelegen aan de Noorddijk nr. 5 te Geervliet. Het transformatorstation ligt voor een deel op de dijk (heuvel). Ten noorden bevindt zich het Hartelkanaal en daarboven de snelweg A15 en parallel daarboven de havenspoorlijn van Rotterdam. De dichtstbij gelegen woningen bevinden zich circa 115 m ten zuiden van de inrichting. In onderstaande afbeelding f 2.1 wordt de ligging van het station ten opzichte van de omgeving aangeduid. f 2.1 Ligging transformatorstation Geervliet ten opzichte van de nabije omgeving
Stedin
001
002
De meest nabijgelegen woningen bevinden zich aan de Hogelandseweg nrs. 18 en 20, aangeduid met respectievelijk rekenposities 001 en 002 in figuur 2.1. De woningen hebben een industriefunctie (dubbelfunctie) volgens de BAG-viewer van het kadaster. Dit komt omdat deze woningen in het bestemmingsplan zijn aangeduid als bedrijfswoning bij een agrarische bestemming. Voor het toetsingskader over geluid maakt dat overigens geen verschil. In onderhavig onderzoek zullen de woningen beschouwd worden als reguliere
F 22963-2-RA-001 5
woningen (geluidgevoelige bestemming). Overige woningen bevinden zich op grotere afstand van de inrichting. 2 .2 B es c hri j ving v an d e inr i c hti ng en v oorg eno men wi j zigi ngen
In de huidige situatie staan er twee 120 MVA-transformatoren (Tr1 en Tr2) opgesteld op het transformatorstation Geervliet. Beide transformatoren bevinden zich ten noorden van het centraal dienstengebouw in een driezijdige cel (bovenzijde en noordzijde open). De transformatoren en dienstgebouw bevinden zich op de maaiveldhoogte van de nabijgelegen weg die onderaan de dijk loopt (maaiveld laag). In onderstaande afbeelding 2.2 wordt de globale lay-out van het transformatorstation geschetst. f 2.2 Globale lay-out van transformatorstation Geervliet
Tr2 Tr1
Aan de oostelijke en westelijke zijde van het centraaldienstengebouw bevinden zich enkele spaartrafo’s tussen scherfmuren. De spaartrafo’s zijn niet meer in gebruik en hebben derhalve geen relevante geluidemissie naar de omgeving. Direct ten noorden van de transformatoren bevindt zich een schakelveld van TenneT. Het schakelveld bevindt zich op de dijk en daarmee op een hoger maaiveld (aanduiding ‘maaiveld hoog’). Tussen het schakelveld en de transformatoren bevindt zich een keerwand. F 22963-2-RA-001 6
Ten oosten van het centraal dienstengebouw bevindt zich een GIS-installatie van TenneT. De GIS-installatie staat volledig inpandig en heeft geen relevante geluidemissie naar de omgeving. Direct ten noorden van de GIS-installatie neemt het maaiveld geleidelijk toe van maaiveld laag tot maaiveld hoog. Het maximale vermogen van Tr1 en Tr2 bedraagt 120 MVA bij ONAN-bedrijf (bedrijf zonder koelventilatoren).De transformatoren zijn niet voorzien van koelventilatoren en derhalve is alleen ONAN-bedrijf (Oil Natural, Air Natural) mogelijk. Naar opgaaf van FATrapportages (afnametesten in fabriek) blijkt dat de geluidbronsterkte van de transformatoren maximaal 85 dB(A) bedraagt. Stedin is voornemens een derde 120 MVA-transformator bij te plaatsen. De transformator is geprojecteerd ten westen van het centraal dienstengebouw buiten de bestaande inrichtingsgrenzen. De transformator wordt geplaatst in een driezijdige cel (bovenzijde en oostzijde open). TenneT is voornemens het schakelveld te amoveren en een nieuwe GIS-installatie (binnenopstelling) bij de bouwen. Hierdoor onstaat ruimte om de transformatorcellen Tr1 en Tr2 te vergroten. In afbeelding 2.3 wordt de globale lay-out van de toekomstige situatie geschetst. f 2.3 Globale lay-out toekomstige situatie
Tr2 Tr1
Tr3
F 22963-2-RA-001 7
De nieuwe 120 MVA-transformatoren wordt niet voorzien van koelventilatoren waardoor uitsluitend ONAN-bedrijf (Oil Natural Air Natural) mogelijk is. Naar opgave van de opdrachtgever moet rekening gehouden worden met een geluidbronsterkte van 83 dB(A) bij vollast. Deze geluidbronsterkten zullen als geluideis worden opgenomen bij de aanbesteding van de nieuwe transformatoren. De fabrikant zal deze waarden moeten garanderen onder de door Stedin opgelegde bedrijfscondities. Het station functioneert normaliter onbemand. Ten behoeve van controle en onderhoud kunnen evenwel enkele voertuigen de inrichting bezoeken. De geluidemissie vanwege deze voertuigen is over het algemeen verwaarloosbaar ten opzichte van de overige geluidbronnen en zal gelet daarop in dit onderzoek buiten beschouwing worden gelaten. 2 .3 R epr es ent at i e ve b edr ij fsv oe r ing
Onder de representatieve bedrijfssituatie wordt verstaan de toestand waarbij de voor de geluidproductie relevante omstandigheden kenmerkend zijn voor een bedrijfsvoering bij volledige capaciteit (in de te beschouwen etmaalperiode). In de huidige situatie worden alle opgestelde transformatoren belast. Voor de toekomstige situatie wordt eveneens uitgegaan van bedrijf met alle transformatoren gedurende het gehele etmaal. Hierbij wordt opgemerkt dat weliswaar sprake is van continu bedrijf doch dat sprake kan zijn van een (sterk) wisselende belasting afhankelijk van de vraag. Bij de berekeningen zal 'worst-case' worden uitgegaan van de maximale belasting van de transformatoren. 2 .4 T o e tsings cr it er ia
Met het oog op een goede ruimtelijke ordening is een ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende activiteiten en milieugevoelige gebieden wenselijk om enerzijds hinder te voorkomen en anderzijds ongestoorde bedrijfsvoering mogelijk te maken. Het aanbrengen van een ruimtelijke scheiding kan bijvoorbeeld door middel het creëren van voldoende afstand. Een eerste indicatie voor de potentiële milieuhinderlijkheid van bedrijven wordt gegeven door de richtafstanden die zijn opgenomen in de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering'. Voor het geprojecteerde transformatorstation worden richtafstanden gegeven afhankelijk van het opgestelde elektrische vermogen. Voorzien wordt de opstelling van transformatoren met een totaal buiten opgesteld, gelijktijdig in te schakelen elektrisch vermogen meer dan 200 MVA zal bedragen. Voor deze inrichting geldt een richtafstand van 300 m bepaald door het milieuaspect geluid. De dichtstbij het transformatorstation gelegen woningen zijn gelegen op een afstand van circa 115 m van de rand van het geprojecteerde station. Gelet daarop is een nader onderzoek naar het milieuaspect geluid noodzakelijk. F 22963-2-RA-001 8
Gelet op het buiten opgestelde vermogen geldt dat de inrichting vergunningplichtig is in het kader van de Wet milieubeheer. Richtwaarden voor de geluidniveaus in de omgeving worden gegeven door de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening. Hierin speelt de gebiedstypering en het referentieniveau van het omgevingsgeluid een belangrijke rol. Zonder rekening te houden met de aanwezigheid van de snelweg A15, de provinciale weg N218, de havenspoorlijn en het industrieterrein ten noorden van het station zou de omgeving ook gekarakteriseerd kunnen worden als 'rustige woonwijk' met een streefwaarde van 45 dB(A) etmaalwaarde ter plaatse geluidgevoelige bestemmingen. Met name door de aanwezigheid van de snelweg A15 en de havenspoorlijn is evenwel een richtwaarde van 50 dB(A) eerder van toepassing. Verder wordt de inrichting vanwege het opgestelde elektrische vermogen aangemerkt als een inrichting die in belangrijke mate geluidhinder kan veroorzaken. Het terrein van het transformatorstation zal hierom voorzien moeten worden van een geluidzone in het kader van de Wet geluidhinder. Ter plaatse van de zonegrens mag de totale geluidbelasting ten gevolge van het gehele industrieterrein (in casu alleen het transformatorstation) niet meer bedragen dan 50 dB(A).
Een geluidbelasting van 50 dB(A) komt overeen met ten hoogste 50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avondperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode. Voor woningen binnen de zone geldt een voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). Het geluid afkomstig van transformatoren is tonaal van karakter. Gelet hierop zal over het algemeen bij beoordeling van de toelaatbare geluidniveaus in het kader van de Wet milieubeheer een toeslag voor tonaal geluid (K1 = 5 dB) moeten worden toegepast. Eén en ander is evenwel afhankelijk van het geluidniveau van het transformatorgeluid in relatie tot het achtergrondgeluidniveau. In principe zal derhalve per beoordelingspunt moeten worden nagegaan in hoeverre sprake is van tonaal geluid en derhalve van de toeslag van 5 dB. Dit is overigens alleen van toepassing voor de beoordelingspunten bij geluidgevoelige bestemmingen. De Wet geluidhinder (Wgh) gaat uit van toetsing exclusief toepassing van een toeslag voor het karakter van het geluid. Derhalve wordt in dit rapport een zone voorgesteld exclusief toeslag van 5 dB voor het tonale karakter van het geluid. Hierbij wordt nog opgemerkt dat het transformatorstation valt binnen de geluidzones van geluidgezoneerde industrieterreinen.
Het transformatorstation maakt geen onderdeel uit van deze industrieterreinen en zal derhalve ook niet worden getoetst aan de totaal beschikbare geluidruimte op de zonegrens en de voor de woningen binnen de zone vastgelegde hogere grenswaarden of maximaal toelaatbare geluidbelastingen. Bovenstaande heeft betrekking op de gemiddelde geluidniveaus. De ten gevolge van het transformatorstation mogelijk optredende maximale geluidniveaus zullen niet worden F 22963-2-RA-001 9
beschouwd daar de relevante installaties aangaande de piekgeluiden inpandig staan opgesteld in de toekomstige situatie (schakelveld wordt geamoveerd). De laatste jaren is er meer aandacht voor laagfrequent geluid. Laagfrequent geluid is geluid met een frequentie beneden de 125 Hz. Geluid met frequenties onder 20 Hz wordt infrageluid genoemd; de waarneming is dan niet als geluid te herkennen maar meer als ‘druk op de oren’ of als trilling. Hoogspanningsstations (transformatoren) produceren laagfrequent geluid. De genoemde installaties bezitten relatief veel geluidenergie bij 100 Hz en hogere harmonischen daarvan (200 Hz en volgende veelvouden van 100 Hz). Dit houdt direct verband met de netfrequentie van 50 Hz. De bijdrage van 50 Hz aan het totale geluidniveau in dB(A) is over het algemeen niet relevant. Dit geldt ook voor de frequenties buiten de 100 Hz en hogere harmonischen. In het kader van laagfrequent geluid zijn voor hoogspanningsstations derhalve alleen de geluidniveaus bij 100 Hz van belang. Deze frequentie vormt het overgangsgebied tussen laagfrequent geluid en 'normaal geluid'. Daardoor worden de laagfrequente geluidniveaus bij hoogspanningsstations al beperkt door de normstelling in dB(A) (hoge geluidniveaus bij 100 Hz zullen al snel leiden tot een overschrijding van de norm in dB(A)).
Voor de beoordeling van laagfrequent geluid bestaat nog geen wettelijke grondslag. Indien nodig worden maatregelen getroffen om aan de geldende geluidsnormen die voortvloeien uit de landelijke regelgeving te voldoen. In bijzondere gevallen kan bij klachten en bezorgdheid over laagfrequent geluid aansluiting worden gezocht bij de Vercammen-curve. De Vercammen-curve is een richtlijn voor laagfrequent geluid op basis van (geobjectiveerde) hinder. Dit is echter geen wettelijke norm. In dit onderzoek zal aandacht worden besteed aan het aspect laagfrequent geluid.
F 22963-2-RA-001 10
3
Berekeningen
3 .1 R e kenmode l
Op basis van de uitgangspunten zoals vermeld in hoofdstuk 2 is een rekenmodel opgesteld. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de methoden II van de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999. Met betrekking tot de afschermende en reflecterende objecten zijn alle relevante objecten op het terrein van de inrichting en in de directe omgeving betrokken in de berekeningen. Voor het transformatorstation, wateren en wegen is uitgegaan van een akoestisch volledig harde bodem (B = 0,0). Bebouwde gebieden (gemengd gebied) is uitgegaan van een akoestisch half-harde bodem (B = 0,5). Ten aanzien van de graslanden, akkerlanden en bebosde gebieden wordt uitgegaan van een grotendeels akoestisch zachte bodem (B = 0,8). De verzwakkingstermen Dveg, Dterrein en Dhuis vinden geen toepassing of zijn verwaarloosbaar en zijn derhalve buiten beschouwing gelaten. Ter plaatse van de rekenpunten is uitgegaan van een rekenhoogte van 5 m. Nader informatie aangaande het rekenmodel kan gevonden worden in bijlage 1. 3 .2 L ang ti jdg emidd eld e b eo ord el ingsni v e aus
Met behulp van de opgestelde rekenmodellen worden de in onderstaande tabel 3.1 weergegeven langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus berekend ten gevolge van het transformatorstation. De berekeningen zijn uitgevoerd voor de woningen in de directe omgeving zoals weergegeven in afbeelding 2.1 op pagina 5. De rekenhoogte bedraagt 5 meter ten opzichte van plaatselijk maaiveld. Bij de bepaling van de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus is een toeslag K1 à 5 dB voor tonaal geluid in rekening gebracht. Het betreft hier een 'worst case'-benadering daar in praktijk het geluid afkomstig van het transformatorstation mogelijk niet als tonaal waarneembaar zal zijn in verband met het heersende achtergrondgeluid en de lage geluidniveaus ten gevolge van het transformatorstation.
F 22963-2-RA-001 11
t 3.1 Rekenresultaten huidige situatie en toekomstige situatie
Rekenpunt (zie afb 2.1 op pagina 5) 001 Hogelandseweg 18 002 Hogelandseweg 20
Etmaalwaarde (Letmaal) in dB(A) inclusief K1 à 5 dB Huidige situatie
Toekomstige situatie
24 31
30 35
In aanvulling op de rekenresultaten zoals weergegeven in tabel 3.1 zijn tevens de globale geluidcontouren berekend. Deze zijn opgenomen in onderstaande afbeeldingen 4.1 (actuele situatie) en 4.2 (toekomstige situatie). De geluidcontouren worden bepaald door de nachtperiode (een etmaalwaarde van 50 dB(A) komt dan overeen met 40 dB(A) in de nachtperiode). f 3.1 Geluidcontouren actuele situatie – inclusief toeslag tonaal geluid Etmaalwaarde inclusief toeslag 5 dB
50 dB(A) Incl. toeslag
F 22963-2-RA-001 12
f 3.2 Geluidcontouren toekomstige situatie – inclusief toeslag tonaal geluid Etmaalwaarde inclusief toeslag 5 dB
50 dB(A) Incl. toeslag
In aanvulling op de rekenresultaten zoals hierboven gepresenteerd wordt opgemerkt dat ter plaatse van geluidgevoelige bestemmingen (de woningen) bij 100 Hz geluidniveaus worden verwacht van ten hoogste 39 dB (lineaire waarden). Dit geldt voor de op gevels invallende geluidniveaus. Op basis van literatuur (onder andere Deens onderzoek aan een groot aantal woningen1) wordt voor het verschil tussen het invallende geluidniveau en het binnen optredende geluidniveau een verschil aangehouden van 18,4 dB bij 100 Hz. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijke opslingering in de ruimte. Gelet daarop mag worden verwacht dat binnen de woningen bij 100 Hz de geluidniveaus niet meer dan circa 21 dB zullen bedragen. Deze waarde is ruimschoots lager dan Vercammencurve (te weten 39 dB bij 100 Hz). Op grond hiervan mag worden verwacht dat binnen woningen geen sprake zal zijn van onaanvaardbare hinder ten gevolge van laagfrequent geluid afkomstig van het transformatorstation.
1 Dan Hoffmeyer and Jørgen Jakobsen, "Sound insulation of dwellings at low frequencies" (Journal of low frequency
noise, vibration and active control, Vol. 29 No.1 2020) F 22963-2-RA-001 13
3 .3 M a xi ma l e g elu idni v eaus
Op het terrein van het transformatorstation vinden onder normale omstandigheden geen activiteiten plaats welke aanleiding kunnen geven tot het optreden van relevante piekgeluiden. De vermogensschakelaars zullen in de toekomst inpandig worden opgesteld waardoor ook geen sprake is van het optreden van relevante pieken als gevolg van het schakelen. Gelet hierop kunnen de maximale geluidniveaus in dit onderzoek verder buiten beschouwing worden gelaten. Gesteld kan worden dat ruimschoots wordt voldaan aan de normaliter te stellen grenswaarden ten aanzien van de maximale geluidniveaus. 3 .4 B e oord e ling
Uit het onderzoek blijkt dat ter plaatse van de dichtstbij gelegen woningen langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus kunnen optreden van ten hoogste 25 dB(A) in zowel de dag-, de avond- als de nachtperiode. Eén ander komt overeen met een etmaalwaarde van ten hoogste 35 dB(A). Hierbij is rekening gehouden met de toepassing van een toeslag van 5 dB voor het eventuele tonale karakter van het geluid. Het is zeker niet uit te sluiten dat, gelet op het lage geluidniveau en de omgeving, het geluid niet als tonaal kan worden waargenomen. Dit ten gevolge van de geluidemissie van de overige geluidbronnen in de omgeving (wegverkeerslawaai, railverkeerslawaai en industrielawaai). Indien het geluid niet als tonaal wordt waargenomen gelden 5 dB lagere langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus. Een etmaalwaarde van ten hoogste 35 dB(A) is ruimschoots lager dan de richtwaarde voor een ‘woonwijk in de stad’ (richtwaarde 50 dB(A), overeenkomend met de standaardgrenswaarde volgens het Activiteitenbesluit) en de richtwaarde voor een ‘rustige woonwijk, weinig verkeer’ (richtwaarde 45 dB(A)). Ook wordt ruim voldaan aan de richtwaarde voor een ‘landelijk gebied’ (richtwaarde 40 dB(A)). Gesteld kan worden dat zonder meer sprake is van een toelaatbare en inpasbare situatie.
F 22963-2-RA-001 14
4
Voorstel zonegrens Zoals eerder opgemerkt zal het terrein van het transformatorstation gezoneerd moeten worden in het kader van de Wet geluidhinder. Rondom het terrein wordt een contour gelegd waarbuiten de geluidbelasting van het industrieterrein (in casu het terrein van het transformatorstation) niet meer mag bedragen dan 50 dB(A). Het terrein tussen de contour (de zonegrens) en het industrieterrein geldt als de zone. De geluidzone beperkt de mogelijkheden voor een toekomstige uitbreiding van het industrieterrein (het transformatorstation) en geldt tevens als aandachtsgebied of beperking voor eventuele woningbouw. De Wet geluidhinder houdt geen rekening met het karakter van het geluid. Gelet hierop wordt voorgesteld de geluidzone vast te leggen op basis van de 50 dB(A)-contour (etmaalwaarde) exclusief toeslag voor tonaal karakter. De hierbij te hanteren rekenhoogte is 5 meter boven het plaatselijke maaiveld. De etmaalwaarde komt overeen met de hoogste waarde van: - het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dagperiode, - het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de avondperiode + 5 dB, - het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de nachtperiode + 10 dB. In dit geval wordt de etmaalwaarde bepaald door de nachtperiode omdat sprake is van continu bedrijf gedurende het gehele etmaal.
De 50 dB(A) etmaalwaardecontour is dan gelijk aan de 40 dB(A)-contour voor de nachtperiode. In onderstaande afbeelding 4.1 wordt een voorstel voor de zonegrens aangegeven gebaseerd op de omhullende geluidcontouren (weergegeven in rood) voor de toekomstige situatie met alle mogelijke bedrijfsvoeringen. Hierbij is de berekende geluidcontour enigszins gestileerd. De geluidzone is gedefinieerd als het gebied tussen de grens van het gezoneerde terrein en de zonegrens.
F 22963-2-RA-001 15
f 4.1 Voorstel zonegrens (exclusief toeslag voor tonaal geluid)
Voorstel zonegrens
Binnen de voorgestelde zone zijn geen woningen of andere geluidgevoelige bestemmingen gelegen. Het vaststellen van de voorgestelde geluidzone ontmoet op grond hiervan geen overwegende bezwaren van geluidtechnische aard.
F 22963-2-RA-001 16
5
Conclusie Uit het onderzoek blijkt dat de ten gevolge van het transformatorstation Geervliet optredende geluidniveaus in de omgeving in de huidige en voorziene toekomstige situatie ruim voldoet aan de redelijkerwijs te stellen criteria op grond van de Wet milieubeheer en de Wet geluidhinder. Gelet hierop kan worden gesteld dat sprake is van een toelaatbare en inpasbare situatie, zowel nu als in de toekomst. Daar in de toekomst het opgestelde elektrische vermogen meer dan 200 MVA zal bedragen dient een geluidzone in het kader van de Wet geluidhinder vastgesteld te worden. In dit rapport is een voorstel uitgewerkt waarbij, in lijn met de normale systematiek van de Wet geluidhinder, geen rekening wordt gehouden met het tonale karakter van het geluid. Binnen de voorgestelde geluidzone zijn geen geluidgevoelige bestemmingen gelegen.
Dit rapport bevat 17 pagina’s, Bijlage 1, bestaande uit 11 pagina’s en 3 figuren, Bijlage 1, bestaande uit 7 pagina’s.
F 22963-2-RA-001 17
Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodel
Invoergegevens alle rekenmodellen: - toetspunten - gebouwen (incl. uitbreidingen) - puntbronnen (incl. uitbreidingen)
pagina 1.2 pagina 1.3 pagina 1.4 t/m 1.5
Huidige situatie: - bodemgebieden - schermen
pagina 1.6 pagina 1.7 t/m 1.8
Toekomstige situatie: - bodemgebieden - schermen
pagina 1.9 pagina 1.10 t/m 1.11 figuur 1.1 t/m 1.3
F 22963-2-RA-001 1.1
Bijlage 1 Invoergegevens Invoergegevens rekenmodellen Model: Groep:
Naam 001 002
F 22963 Toekomstige situatie (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Industrielawaai - HMRI, industrie Omschr. Hogelandseweg 18 woon/industrie Hogelandseweg 20 woon/industrie
X 79002,92 79010,36
Geomilieu V2021.1 Licentiehouder: Peutz bv
Y 430999,29 430876,89
Maaiveld -0,50 -0,50
Hoogte A 5,00 5,00
Hoogte B ---
Gevel Ja Ja
Groep ---
16-11-2023 09:09:41
F 22963-2-RA-001 1.2
Bijlage 1 Invoergegevens Invoergegevens rekenmodellen Model: Groep:
F 22963 Toekomstige situatie (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Industrielawaai - HMRI, industrie
Naam 001a 001b 002 003 101
Omschr. TenneT - Gis TenneT - Gis Stedin - CDG Stedin - CDG Hartelsedijk 2
Vorm Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
X-1 78924,52 78959,26 78866,98 78865,07 79309,39
Y-1 431080,61 431093,45 431086,09 431072,55 430875,06
Hoogte 9,21 9,21 9,19 4,48 4,55
Maaiveld 0,19 0,20 0,37 0,15 -0,50
Vormpunten 7 7 8 13 5
Oppervlak 290,47 290,47 325,87 154,86 108,50
Cp 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
Refl. 63 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
102 103 104 105 106
Borgtweg 2 Hogelandseweg 18 Hogelandseweg 20 Mosterweg 1 Schuur / Loods
Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
79617,39 79014,96 78998,44 79602,92 78976,44
430692,03 430992,86 430860,06 430760,20 430998,14
4,09 7,21 6,50 4,12 7,86
0,00 -0,50 -0,50 1,90 -0,50
22 4 12 4 12
482,38 108,35 613,91 89,80 1439,55
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
------
107 108
Mosterweg 1 Markenburgweg 2
Polygoon Polygoon
79588,82 79242,27
430762,67 431146,37
2,99 4,04
1,90 0,00
4 8
115,35 159,65
0 dB 0 dB
0,80 0,80
---
Geomilieu V2021.1 Licentiehouder: Peutz bv
Groep Transformatorstation Transformatorstation Transformatorstation Transformatorstation --
16-11-2023 09:11:07
F 22963-2-RA-001 1.3
Bijlage 1 Invoergegevens Invoergegevens rekenmodellen Model: Groep:
Naam 001 002 003
F 22963 Toekomstige situatie (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - HMRI, industrie Omschr. Tr1 120 MVA Tr2 120 MVA Tr3 120 MVA
X 78867,23 78841,65 78819,96
Y 431090,99 431081,33 431062,63
Maaiveld 0,45 0,39 0,14
Geomilieu V2021.1 Licentiehouder: Peutz bv
Hoogte 3,00 3,00 3,00
Type Normale puntbron Normale puntbron Normale puntbron
Richt. 0,00 0,00 0,00
Hoek 360,00 360,00 360,00
Cb(D) 0,00 0,00 0,00
Cb(A) 0,00 0,00 0,00
Cb(N) 0,00 0,00 0,00
Lwr 63 54,00 54,00 52,00
Lwr 125 81,00 81,00 79,00
Lwr 250 81,00 81,00 79,00
Lwr 500 77,00 77,00 75,00
Lwr 1k 70,00 70,00 68,00
Lwr 2k 65,00 65,00 63,00
16-11-2023 09:11:42
F 22963-2-RA-001 1.4
Bijlage 1 Invoergegevens Invoergegevens rekenmodellen Model: Groep:
Naam 001 002 003
F 22963 Toekomstige situatie (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - HMRI, industrie Lwr 4k 60,00 60,00 58,00
Lwr 8k 55,00 55,00 53,00
Lwr Totaal 85,01 85,01 83,01
Groep Transformatorstation Transformatorstation Transformatorstation
Geomilieu V2021.1 Licentiehouder: Peutz bv
16-11-2023 09:11:42
F 22963-2-RA-001 1.5
Bijlage 1 Invoergegevens Invoergegevens rekenmodellen Huidige situatie Model: Groep:
F 22963 Actualisatie (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Industrielawaai - HMRI, industrie
Naam 001 002 003 004 005
Omschr. Transformatorstation Stedin akkerland akkerland akkerland akkerland
Vorm Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
X-1 78881,52 78975,72 79223,48 78858,63 79565,80
Y-1 431128,68 430837,38 430708,95 431026,90 431032,37
Vormpunten 10 9 16 23 20
Omtrek 397,06 563,57 1014,62 2099,95 848,78
Oppervlak 9049,78 16939,71 46988,66 216016,45 36637,05
Bf 0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
Groep ------
006 007 008 009 010
bos: loofbos bos: loofbos bos: loofbos bos: loofbos Gemengd gebied
Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
79190,36 79065,87 79068,84 79368,17 79132,99
431043,49 431166,51 430760,44 431122,61 431166,35
31 27 4 13 59
1341,44 711,31 152,61 156,01 1049,96
12400,68 2270,93 886,27 384,66 9022,74
0,80 0,80 0,80 0,80 0,50
------
011 012 013 014 015
Gemengd gebied Gemengd gebied Gemengd gebied Gemengd gebied Gemengd gebied
Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
79632,94 79055,16 79655,94 79389,35 79649,97
430712,89 430879,91 430727,83 430913,56 430702,73
25 13 15 18 5
308,03 249,30 433,67 243,71 19,98
4439,51 3472,20 11673,13 1324,21 13,05
0,50 0,50 0,50 0,50 0,50
------
016 017 018 019 020
Gemengd gebied grasland grasland grasland grasland
Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
79028,13 78845,23 79747,60 79178,69 79197,98
430987,20 431045,43 431078,07 431064,94 431056,84
5 19 7 23 47
292,55 624,16 1258,49 962,88 1790,45
5121,17 7476,10 20263,19 6264,85 8094,85
0,50 0,80 0,80 0,80 0,80
------
021 022 023 024 025
grasland grasland grasland grasland grasland
Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon Polygoon
78393,41 78325,63 79917,37 79083,19 79071,17