100.Voorontwerpbestemmingsplan Bliekstraat Spijkenisse; Bijlagen bij toelichting Bijlage 4 Aerius memo
Tekst van het document
- MEMO Memo
DATUM KENMERK VAN AAN CC
08 juli 2022 20220357 S. Lie
PROJECT OPDRACHTGEVER ONDERWERP
Woningbouwontwikkeling Metro Busstation Spijkenisse Gemeente Nissewaard Berekening stikstofdepositie
MEMO STIKSTOFBEREKENING WONINGBOUWONTWIKKELING METRO BUSSTATION SPIJKENISSE 1. INLEIDING Het voornemen bestaat om op de locatie naast metrostation Spijkenisse Centrum haaks op de Centrumlaan te Spijkenisse 223 woningen, 1.230 m2 bvo commerciële dienstverlening, 200 m2 bvo aan horeca en 600 m2 bvo aan een gemakswinkel te realiseren. De toename van verkeer zou kunnen leiden tot een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden in de omgeving. De locatie is gelegen op circa 16 kilometer van het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied ‘Krammer-Volkerak’(zie figuur 1). Met het programma AERIUS Calculator (2021) is een berekening uitgevoerd om de gevolgen voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen en te toetsen of de eventuele toename past binnen de eisen die gelden op grond van de Wet natuurbescherming. De berekening is opgenomen in een aparte bijlage.
Figuur 1 Ligging plangebied (rood omcirkeld) ten opzichte van Natura 2000-gebied
2. TOETSINGSKADER Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming: - verankert de Europese gebiedsbescherming van Natura 2000, bestaande uit Speciale Beschermingszones (SBZ's) op grond van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, in de Nederlandse wetgeving; - vormt de wettelijke basis voor de aanwijzingsbesluiten met instandhoudingsdoelstellingen; - legt de rol van bevoegd gezag voor verlening van vergunningen meestal bij de provincies. Voor Natura 2000-gebieden gelden onder meer de volgende verplichtingen: - De overheid dient ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in de speciale beschermingszones niet verslechtert. Tevens mag er geen verstoring optreden voor de soorten waarvoor de zones zijn aangewezen. - Voor elk plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor zo'n gebied, wordt een passende beoordeling gemaakt van de gevolgen voor het gebied. Bevoegde nationale instanties geven slechts toestemming voor het plan of project nadat zij de zekerheid hebben verkregen dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast.
- Als een plan of project om dwingende reden van groot openbaar belang toch moet worden gerealiseerd, terwijl significant negatieve effecten niet kunnen worden uitgesloten, moeten alle nodige compenserende maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Europees ecologisch netwerk (Natura 2000) bewaard blijft. Bij de beoordeling van de gevolgen van plannen, projecten en handelingen voor de instandhoudingsdoelstellingen spelen onder andere de ecologische effecten van verzuring en vermesting door een eventuele toename van stikstofdepositie een rol. Uit jurisprudentie volgt dat in een overbelaste situatie al bij een kleine toename van stikstofdepositie sprake kan zijn van significante negatieve effecten. In dat geval is een passende beoordeling noodzakelijk. Wet stikstofreductie en natuurverbetering De Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) is per 1 juli 2021 van kracht en regelt een vrijstelling van de vergunningplicht in artikel 2.7 lid 2 Wnb voor de aanlegfase van bouwwerkzaamheden. De vrijstelling is verder uitgewerkt in het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Bsn). Eventuele stikstofeffecten van de aanlegfase behoeven daarom niet meer te worden berekend en beoordeeld.
Deze vrijstelling geldt alleen voor de effecten als gevolg van stikstofdepositie en niet voor eventuele andere effecten als gevolg van aanlegwerkzaamheden op Natura-2000 gebieden, zoals verdroging, verstoring etc. Vanwege de afstand van de locatie tot het Natura 2000-gebied van circa 16 kilometer en de tussenliggende intensieve bebouwing kunnen dergelijke andersoortige effecten echter op voorhand worden uitgesloten.
2/4
3. UITGANGSPUNTEN Realisatiefase Door de inwerkingtreding van de Wet stikstofreductie en natuurverbetering op 1 juli 2021 geldt er voor de realisatiefase een vrijstelling voor de bouwwerkzaamheden. Deze vrijstelling geldt voor de effecten als gevolg van stikstofdepositie. Onder de vrijstelling valt onder andere het bouwen en slopen van een bouwwerk en de vervoersbewegingen die samenhangen met de werkzaamheden. Dit zijn ook de bronnen waar emissies te verwachten te zijn in de realisatiefase van de beoogde ontwikkeling. Omdat voor deze werkzaamheden een vrijstelling geldt, is een berekening voor de realisatiefase niet nodig. Beoogde situatie Voor de gebruiksfase is het rekenjaar 2022 gehanteerd. De woningen worden gasloos gebouwd en kennen derhalve geen gebouwemissies. De bijbehorende verkeersbewegingen leiden wel tot extra stikstofemissie. Bij het bepalen van de verkeersgeneratie is gebruik gemaakt van CROW publicatie 381. De verkeersgeneratie van de ontwikkeling is in tabel 1 opgenomen en bedraagt 1.653 mvt/etmaal. Tevens is er worst-case ervoor gekozen dat er 20 zware mvt/etmaal zijn voor de bevoorra-ding van de buurtsuper. Tabel 1 Verkeersgeneratie beoogde ontwikkeling Synchroon in mvt/etmaal
Functie Appartementen, koop, goedkoop Appartementen, koop, midden Appartementen, koop, duur Commerciële dienstverlening Horeca, (café, bar) Gemakswinkel (buurtsuper) Totaal
Oppervlakte 50 m2 – 60 m2
Aantal 48
Kencijfer 4,3 per woning
Mvt/etmaal 206,4
61 m2 – 80 m2
147
5,1 per woning
749,7
87 m2
28
6,8 per woning
190,4
1.230 m2
Nvt
8,7 per 100 m2 bvo
107
200 m2 600 m2
Nvt nvt
5 per 100 m2 bvo 69,3 per per 200 m2 bvo
10 339,6 1.653,1
Het verkeer ontsluit via de D.C. Meesstraat op de Centrumlaan. Vanuit daar gaat 50% licht verkeer (816,5 mvt/etmaal, excl. zwaar verkeer) richting het oosten en wikkelt via de Ruwaard van Puttenweg af op de kruising met Schenkelweg. De overige 50% licht verkeer (816,5 mvt/etmaal) en zwaar verkeer (20 mvt/etmaal) wikkelt vanaf de Doctor J.M. Den Uyllaan en Schenkelweg af naar de Groene Kruisweg. Een indicatie van de verkeersintensiteiten voor deze wegen is te vinden op de NSL-monitoringstool 2021 (www.nsl-monitoring.nl/viewer/). Volgens de tool bedroegen de dagelijkse verkeersintensiteiten voor 2020 voor de kruising met de Schenkelweg 25.115 voor licht verkeer. Voor de Groene Kruisweg is dit 23.435 licht verkeer en 520 zwaar verkeer. Op deze wegen gaat het extra verkeer op in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer, conform de Instructieregels voor Aerius juli 2020, zich heeft verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Het onderhavige project voegt in de gebruiksfase maximaal 3,2% licht verkeer toe aan de kruising met Schenkelweg. Aan de Groene Kruisweg voegt de ontwikkeling 4,6% licht verkeer en 3,4% zwaar verkeer toe.
3/4
4. RESULTATEN EN CONCLUSIE Voor de realisatiefase geldt een vrijstelling vanuit de Wet stikstofreductie en natuurverbetering. Een berekening voor deze fase is niet nodig. Deze vrijstelling geldt niet voor de gebruiksfase. Uit een berekening met AERIUS Calculator (2021) voor de gebruiksfase blijkt dat er geen toename is van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Op basis van de berekening zijn significante negatieve effecten op Natura 2000-gebied in de gebruiksfase uitgesloten. De beoogde herontwikkeling is derhalve uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming.
4/4