Reactie op technische vragen Kadernota 2027
Tekst van het document
Technische vragen Kadernota 2027
1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................................................................................................................. 1 Programma 1 Ruimtelijke Ontwikkeling ........................................................................................................................................................................................... 5 Programma 2 Ruimtelijk Beheer .................................................................................................................................................................................................... 10 Programma 3 Sociaal Domein ....................................................................................................................................................................................................... 12 Programma 4 Bestuur en Dienstverlening .....................................................................................................................................................................................
16 Overzicht Overhead ....................................................................................................................................................................................................................... 18 Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen ........................................................................................................................................................................................ 19
2
Technische vragen
Nummer
1
Partij
D66
Paginanummer
4
Technische vragen
Antwoord
Uitgangspunten
Het klopt dat de raad het de financiële kaders en begroting vaststelt. Het is echter aan het college om een concreet ontwerp (kadernota/ concept begroting) op te stellen die voorgelegd kan worden aan de raad. Deze zin in de kadernota doelt op het opstellen dit ontwerp.
In de uitgangspunten staat: het college begroot realistisch en met enige terughoudendheid. Moet daar niet staat 'de raad begroot.'? Het is toch aan de raad om financiële kaders en begrotingen vast te stellen?
Financieel perspectief 2026-2030
2
SBN
5
U neemt in de kadernota de maatregelen uit uw brief “Financieel perspectief 2026-2030” als vertrekpunt in de financiële overzichten, en besteed daar verder nauwelijks aandacht aan (dat is wel gebeurd in de brief). Waarom heeft u er niet voor gekozen de maatregelen uit deze brief integraal onderdeel te laten uitmaken van de kadernota?
De Kadernota is ambtelijk opgesteld in de verkiezings- en formatieperiode. Vanwege deze timing is ervoor gekozen om de Kadernota op te stellen zonder beleid, waarbij enkel wel wordt aangegeven welke keuzes er te maken zijn. Het financieel perspectief 2026-2030 is opgesteld om wel de beleidskeuzes al mee te geven in de verkiezings- formatieperiode, deze leiden echter pas in de begroting tot daadwerkelijke keuzes. Samengevat: Kadernota --> beleidsvrij Perspectiefbrief --> beleidskeuzes in begroting
3
VVD
5
Negatief structureel saldo
Het 'ravijnjaar’ waarin de rijksbezuinigingen tot uiting komen is opgeschoven van 2026 naar 2028
3
4
VVD
6
Wat zijn de oorzaken van het hoge positieve saldo op de structurele kosten en vanaf 2028 een negatief structureel saldo?
doordat het kabinet heeft besloten de geplande korting op het gemeentefonds uit te stellen.
Excel begrotingssaldo 2027
Op pagina 5 wordt het saldo na verwerking van de kadernota weergegeven en op pagina 6 betreft dit het saldo voor de kadernota. Er wordt inderdaad met vergelijkbare data gewerkt, namelijk het saldo op pagina 5 verminderd met het saldo op pagina 6 betreft de ‘Kadernota’.
Waarom zijn de bedragen in deze excel anders dan die van de excel op p5 als het er in de uitleg op lijkt dat met vergelijkbare data gewerkt wordt 2026 en 2027-2030
3
4
D66
D66
6
6
Wat is de aard van de 'nieuwe ontwikkelingen' die zijn opgehaald in de organisatie? Wat voor soort ontwikkelingen worden uitgevraagd? Wie heeft besloten welke ontwikkelingen worden verwerkt in de kadernota en welke niet?
Dit betreft enkel autonome ontwikkelingen waar geen beleidskeuzes ten grondslag aan liggen.
eerste twee alinea's
De percentages weergegeven bij de letters a. b. volgen uit het ‘Tabel prijsindex CPB CEP 2026’ conform de inleiding. Het rentepercentage bij c. is conform het laatst vastgestelde ECB-rentetarief voor basisherfinancieringsrente. Dit betreft een bestendige redragslijn met eerdere kadernota's.
Zijn de weergegeven percentages daadwerkelijk indexeringspercentages zoals de inleiding aangeeft? Of worden de resulterende percentages aangegeven in b en c? prognose ontwikkeling kadernota
5
D66
7
6
VVD
algemeen
Wat is de onderbouwing voor het verwerken van het ICT Beheerplan als 'autonome ontwikkeling'? ICT beheerplan
Het ICT-beheerplan wordt opgesteld om de operationele continuïteit en de instandhouding van de digitale infrastructuur te garanderen. Hierbij is geen sprake van strategische keuzevrijheid. Het ICT-beheerplan wordt op basis van daadwerkelijke kosten opgenomen in de kadernota.
4
Worden de ICT beheersplan per programma naar rato opgevoerd of zijn dit de daadwerkelijke kosten voor SD (ik zie dit namelijk overal terugkomen)
5
Programma 1 Ruimtelijke Ontwikkeling Technische vragen
Nummer
Partij
Paginanummer
Technische vragen
Warmtetransitie 1
SBN
5
Welke concrete werkzaamheden gaan in 2026 uitgevoerd worden binnen het Warmteprogramma en het warmtenet Langeraar?
Herfasering budget omgevingsplan 2
VVD
8
Komt dit overeen met een gewenste afschrijvingsperiode indien dit aan de orde is.
Antwoord Omdat het warmteprogramma op zijn vroegst pas eind 2026 ter vaststelling aan de Raad zal worden voorgelegd, zullen er nog dit jaar weinig werkzaamheden worden uitgevoerd. Los daarvan doorlopen we nu al vanuit het Duurzaamheidsprogramma 2025-2028 verschillende wijkgerichte aanpakken in Ter Aar, Zevenhoven en Langeraar. Hier organiseren we inloopavonden, collectieve inkoopacties en klusbrigades voor kleine besparende maatregelen. Voor Langeraar zijn in 2026 de volgende werkzaamheden voorzien: Afronden werkzaamheden broninstallatie Start aanbesteding aanleg distributienet Afsluiten lening tussen warmtebedrijf en BNG Bank Afronden Wijkuitvoeringsplan Bewonersbijeenkomsten Inzet energiecoaches
Er is hier geen sprake van een afschrijvingsperiode. De voorgestelde meerjarige spreiding komt overeen met de te verwachten investeringen die de komende jaren nodig zijn voor uitvoering van werkzaamheden.
6
Door de meerjarige spreiding sluiten de beschikbare budgetten beter aan op deze uitvoering.
CDOKE 3
D66
8
Wanneer is het besluit over inzet van de CDOKE middelen gepland. Is er daarna in 2026 nog voldoende tijd om de middelen conform regels bij de SPUK te benutten?
Legalisering woonparken Zevenhoven 4
SBN
8
Heeft dit traject invloed op de planning van het omgevingsplan of vice versa?
De CDOKE-middelen zijn vanaf 2026 overgeheveld naar het gemeentefonds. Vanaf 2026 hebben we dus niet meer met de SPUK-regels te maken. Via deze kadernota besluit u over de inzet van de CDOKE middelen. Deze middelen worden onder andere ingezet voor het warmteprogramma en benodigde capaciteit. Vanuit het Rijk zijn voor 2027 (fors) meer middelen specifiek voor de capaciteit bij gemeenten beschikbaar gesteld.
De planning van dit traject en de planning van het volwaardig omgevingsplan hebben geen invloed op elkaar. Voor de omzetting naar een permanente woonfunctie zal een afzonderlijke procedure worden doorlopen voor de wijziging van het omgevingsplan. Net zoals momenteel gebeurt voor projecten als IKC Het Veen en voor andere particuliere initiatieven. Voor dit traject zijn de parken initiatiefnemer en heeft de gemeente, zoals in besluitvorming is opgenomen, een faciliterende rol. Wel is er een inhoudelijke relatie tussen dit traject en het volwaardig omgevingsplan, omdat in het omgevingsplan ook regels opgenomen moeten worden voor de parken. Voor het opstellen van het volwaardig omgevingsplan hebben wij tot en met 31
7
december 2031 de tijd. Dit betekent dat de huidige regels voor de parken, als de transitie op dat moment nog niet is afgerond, beleidsarm moeten worden overgezet naar het omgevingsplan. Deze omzetting, waarbij de huidige bestemming wordt overgenomen, staat gepland voor 2030 – 2031.
Duurzaamheid 5
SBN
9/15
Welke risico’s ziet het college mbt de toekomstige I structurele kosten voor duurzaamheid en energietransitie na afloop van de incidentele rijksmiddelen CDOKE?
Startersleningen 6
D66
9
Welk bedrag wordt er als risico opgenomen in de risicoparagraaf van de begroting als dekking voor terugbetalingsrisico's bij de startersleningen?
Het college ziet geen risico's. In het regeerakkoord is een verlenging van de Rijksbijdrage tot en met 2040 afgesproken. Met de besluitvorming rond het warmteprogramma en de daarin opgenomen doelstellingen voor collectieve warmteoplossingen is herijking van de huidige capaciteit noodzakelijk. Vanuit het Rijk zijn voor 2027 (fors) meer middelen specifiek voor de capaciteit bij gemeenten beschikbaar gesteld. Op dit moment neemt de SVn het eigen risico van de geldverstrekker op zich. Hierdoor is het risico gering, waardoor er geen risico wordt benoemd in de risicoparagraaf van de gemeente. Het restrisico wordt verder beperkt doordat: de Starterslening een tweede hypotheek is, en de hoogte van het hypotheekbedrag een stuk lager ligt dan de eerste hypotheek; de woning als zekerheid dient; NHG aanwezig is; de historische verliespercentages op Startersleningen relatief laag zijn.
8
In december 2025 informeerden wij u via een raadsinformatiebrief over de uitvoering van de motie 'Onderzoek starterslening voor periode na 2026'.
Volkshuisvesting 7
SBN
9
Hoeveel startersleningen zijn sinds de invoering daadwerkelijk verstrekt, en hoeveel budget resteert momenteel resolverend beschikbaar?
Excel prognose startersleningen 8
VVD
9
Als ik dit nu lees: a: is het niet de omgekeerde redenering (+ is kosten, - = opbrengst), en wordt hier niet x1.000 gerekend? Of wel.
Sinds de invoering van de starterslening in 2016 tot en met oktober 2025 zijn 113 startersleningen verstrekt. In 2025 is er voor ruim 160.000 euro afgelost. Dat bedrag wordt gebruikt om weer nieuwe leningen te kunnen verstrekken (ook wel het “revolverend effect” van het fonds).
Genoemde bedragen zijn kosten net als in de tabel aan het begin van het programma. In deze tabel wordt inderdaad niet x 1.000 gerekend. We hebben ervoor gekozen om hier dezelfde tabel op te nemen als in de raadsinformatiebrief (598667) over startersleningen d.d. 16 december 2025.
Dekking van de investeringen 9
SBN
Geen
Er wordt voor 3.4 miljoen euro aan nieuwe investeringen voorgesteld. Voor Startersleningen staat een bedrag van 2.920.000.
Met een bedrag van 2.920.000 euro kunnen minimaal 58 startersleningen worden verstrekt van max. 50.000 euro.
9
Voor hoeveel starters biedt dit bedrag een oplossing.
Hoeveel werd er de afgelopen jaren gebruik gemaakt van deze startersleningen en hoeveel aanvragen worden er gemiddeld gedaan?
Is het resolverend fonds (een eenmalige gift, 'subsidie' of stroomt het geld via aflossingen weer terug in de gemeentekas? Zo ja op welke termijn.
In de periode 1 januari 2024 tot 1 oktober 2025 zijn 68 startersleningen verstrekt. Gemiddeld worden voor bestaande bouw ongeveer 11 startersleningen per jaar aangevraagd. Bij nieuwbouw hangt dat sterk af van het moment van verkoop. De ervaring leert dat gemiddeld iets meer dan de helft van de gegadigden van een nieuwbouwwoning een starterslening aanvraagt. SVn beheert het fonds voor de startersleningen voor de gemeente. De gemeente stort daar geld in. Dat geld wordt gebruikt om startersleningen te verstrekken. Als een starter aflost, vloeit dat terug in het fonds van SVn. Dat geld wordt gebruikt voor nieuwe startersleningen. Dat noemen we het revolverend effect van het fonds. In december 2025 informeerden wij u via een raadsinformatiebrief over de uitvoering van de motie 'Onderzoek starterslening voor periode na 2026'. Leningen worden door de gemeente uitsluitend aangetrokken indien de liquide middelen van de gemeente niet toereikend zijn om de investering te voldoen.
10
Programma 2 Ruimtelijk Beheer Technische vragen Nummer
Partij
Paginanummer
Technische vraag
Antwoord Op het moment van schrijven van de Kadernota was het coalitieakkoord nog niet vastgesteld. Het aanpassen van de weginrichting naar een G0W30 wordt gekoppeld aan het beheerplan wegen 2026 t/m 2030, zo is het ook benoemd in het coalitieakkoord.
30km inrichting 1
VVD
4
Kan dit niet conform coalitieakkoord met herinrichting of geplande werkzaamheden meegenomen worden?
Eerder hebben wij u geïnformeerd in de informatiebrief perspectief 2027-2030 dat de structurele last zal toenemen afhankelijk van de gemaakte keuzes. Deze keuzes worden in de raadscyclus van juni aan uw raad voorgelegd. In de kadernota 2027-2030 is het vervolgens opgenomen onder de onzekerheden en ontwikkelingen maar is het nog niet financieel verwerkt. Dat komt ook omdat sommige wegen zijn opgenomen in het maatregelenpakket GVVP waardoor extra kosten eventueel gedekt kunnen worden uit de door u beschikbaar gestelde reserve GVVP van €5.000.000,-. Op dit moment zit er nog €2.800.000,- in de reserve.
2
SBN
5
Elektrisch vervoer
De plaatsing van laadinfrastructuur staat los van de 30 km/uur inrichting. De laadpalen worden op basis van een plankaart geplaatst om een goede
11
Worden in de 30 km/uur-inrichtingen ook investeringen voorzien voor elektrisch vervoer of laadinfrastructuur?
dekkingsgraad te behalen. De kaart is te zien op DenkMee Nieuwkoop; Project: Locaties voor openbare laadpalen | Gemeente Nieuwkoop Hierop is te zien dat de wegen die afgewaardeerd worden naar 30km/uur er laadpalen worden geplaatst. Bij nieuwe woonwijken/woningbouwlocaties is de ontwikkelende partij verantwoordelijk voor het voorzien van laadinfrastructuur. 5% van de parkeerbehoefte moet voorzien zijn van laadinfrastructuur en 5% moet ondergronds al geregeld zijn om eenvoudig te kunnen uitbreiden. Dat is opgenomen in het vigerende parkeerbeleid.
12
Programma 3 Sociaal Domein Technische vragen Nummer
Partij
Paginanummer
Technische vraag
Sportaccommodaties
1
SBN
4
Welke sportaccommodaties vallen onder de genoemde toekomstige beheer- en onderhoudsopgaven? Wordt er bij deze opgave ook onderzocht of verenigingen gezamenlijk gebruik kunnen maken van de sportparken? Zijn er, en zo ja welke, financiële risico’s verbonden aan stijgende energie- en onderhoudskosten van sportvoorzieningen?
Specifieke uitkeringen 2
D66
12
Wat is de reden dat er 50k onderbenutting is in de SPUK-GALA middelen? Staat de SPUK overheveling toe? Wat is de einddatum voor besteding?
Antwoord De sportaccommodaties waarover hier gesproken wordt, zijn de accommodaties die Stibuni in beheer en onderhoud heeft. Dat zijn zeven voetbalverenigingen en een hockeyclub. Er is recentelijk geconstateerd dat de geplande financiering van het meerjarenonderhoudsplan voor de komende jaren niet afdoende zal zijn. De financiële risico's ontstaan door een samenloop van diverse ontwikkelingen, waaronder inflatie, wettelijk verplichte duurzaamheidsmaatregelen, een overschrijving van de subsidie Stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties (BOSA) en de gestegen kosten van het onderhoud van kunstgras.
Veel van de maatregelen die in de preventieagenda staan en die gefinancierd kunnen worden uit de GALA SPUK middelen, worden uitgevoerd door onze eigen mensen (bij zowel het beleidsteam als team de Verbinding). We geven daardoor minder geld uit dan gemeenten die bijvoorbeeld veel externen inhuren. Ja, deze SPUK staat 10% overheveling van het totaal toe. Eind 2026 eindigt de SPUK GALA. De regeling (en financiering) wordt opgevolgd door het Aanvullende Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA). De afrekening voor GALA vindt plaats in 2027.
13
Vastgoed Oekraïne 3
D66
12
Hoeveel m2 woonunit wordt er gerealiseerd met de investering van 363k? Wat is de voorziene levensduur van de units?
Het totale aantal m2 is circa 97 m2 voor 2 units. Met een bezetting van maximaal 8 personen voldoet dit aan de norm van 12 m2 per persoon. De ruimte is beperkt, maar biedt wel zelfstandige kleinschalige woonruimte. De units moeten echt op maat worden ingebouwd Technisch kan de levensduur langer zijn, maar in verband met de verwachte herontwikkeling is de afschrijving in een beperkte tijd gepland. Zie verder ook beantwoording van de vraag van de VVD.
Vastgoed Oekraïne - verbouwing Middelweg
4
VVD
12
U heeft het over een investering. In hoeverre kunnen deze units gebruikt worden voor andere doeleinden na de periode van opvang Oekraïners? Of: Wat is de stavaza qua opvolgende doelstellingen met deze units gezien de investering van 270K
De twee extra woonunits op de Middelweg zijn (indien van toepassing) na de periode van Oekraïense opvang inzetbaar voor andere vormen van tijdelijke huisvesting. De locatie Middelweg is op langere termijn aangemerkt als ontwikkellocatie. Herontwikkeling is op dit moment niet mogelijk, omdat de brandweer (VRHM) nog op deze locatie is gevestigd. De VRHM heeft voorzien in investering in een nieuwe kazerne na 2030. Dat betekent dat herontwikkeling van de locatie naar verwachting na 2031 aan de orde kan komen. Tot die tijd wordt het pand functioneel benut. De huidige EU-regeling voor opvang ontheemden Oekraïne loopt naar verwachting per 4 maart 2027 af. De verwachting is dat verblijf op grond van de regeling wordt omgezet naar een verblijfsvergunning voor drie jaar. De gemeentelijke verplichting om huisvesting te verzorgen blijft ook onder de nieuwe regeling bestaan. De financiële vergoeding die bij volledige bezetting van acht ontheemden aan huisvesting kan worden toegerekend, bedraagt circa € 62.000 per jaar. Dit biedt voldoende dekking voor de jaarlijkse kapitaal- en exploitatielasten
14
van in totaal € 61.800 (€ 54.000 + € 7.800). Mochten alle Oekraïense ontheemden uiteindelijk terugkeren, dan blijven de woonunits geschikt voor tijdelijke bewoning. Ze voldoen aan de wettelijk gestelde eisen voor zelfstandige bewoning (eigen sanitair en kookvoorziening). De gemeente behoudt daarmee de mogelijkheid om de units in te zetten voor andere tijdelijke huisvestingsvraagstukken. Conclusie De investering van netto € 270.000 is verantwoord: de units zijn multifunctioneel inzetbaar, de verwachte huisvestingsvergoeding dekt de jaarlijkse lasten, en de locatie behoudt op korte en middellange termijn haar functie totdat herontwikkeling na 2031 realistisch wordt. Indien de inkomsten wegvallen biedt de reserve voldoende dekking.
Reserve Sociaal Domein
5
NN
geen
In de jaarrekening 2025 wordt voorgesteld om het overschot Jeugdhulp ad € 250.000 volgens afspraak te storten in de reserve Sociaal Domein. In de Kadernota wordt voorgesteld om in 2027 €200.000 uit deze reserve te halen t.b.v. Jeugdhulp. Daarnaast wordt voorgesteld om in 2027 €107.000 vanuit deze reserve in te zetten om de verhoging van het budget WMO op te vangen in verband met indexatie en in de jaren 2028 en 2029 t.b.v. herijkte budgetten WMO/Tom in de Buurt ad €54.000 en €166.000.
Over hoe we omgaan met deze reserve is vorig jaar een afzonderlijke bijlage in de kadernota 2026 naar de raad gestuurd (en een aanvullende brief ‘Egalisatiereserve Sociaal Domein). Daarin staat onder andere het volgende: Voorgesteld wordt om de reserve op te waarderen tot egalisatiereserve voor het gehele sociaal domein. Dit geldt dus in principe voor alle beleidsterreinen. Het wordt wel voornamelijk benut om tegenvallers op het gebied van Jeugd, Wmo en Werk en Inkomen op te vangen, omdat dit open einde regelingen zijn. Om de reserve effectief te laten zijn als egalisatiereserve moet de omvang in verhouding staan tot de fluctuaties in dit domein. Een werkbare bandbreedte is vastgesteld op een ondergrens van € 500.000 en een bovengrens van € 1.000.000. Als de omvang van deze reserve boven deze
15
Vraag ter verduidelijking: Welke overschotten vanuit het Sociaal Domein worden gestort in de reserve Sociaal Domein en welke niet? Graag met een toelichting.
grens komt wordt het meerdere toegevoegd aan de algemene reserve. Eindstand 2025 van de reserve Sociaal Domein € 920.000 Begroot einde boekjaar: 2026 € 813.000
2027 € 613.000
2028 € 559.000
2029 € 393.000
16
Programma 4 Bestuur en Dienstverlening Technische vragen Nummer
1
Partij
D66
Paginanummer
13
Technische vraag
Antwoord
Verzekeringen
Met ‘technische Acquisitie’ werd een ‘her allocatie’ of terwijl budgetverschuiving bedoeld. De verzekeringsportefeuille is in de loop der jaren verspreidt door de organisatie. Om meer grip (zowel financieel als qua dekkingsrisico's) te houden op de verzekeringen is ervoor gekozen om dit centraal te beleggen.
Waarom is de overheveling van de verzekeringen een 'acquisitie'? Graag verheldering waarom er in de tabel een financieel effect staat en er volgens de toelichting geen impact is. Over welke verzekeringen gaat het hier?
We zien dat de recent aangeboden Kadernota 2027–2030 expliciet beleidsarm is opgesteld en louter over autonome ontwikkelingen spreekt.
2
VVD
13 + 14
Tegelijkertijd laat de Jaarrekening 2025 een enorme overschrijding zien op onze externe inhuur bij Bedrijfsvoering om basistaken overeind te houden. Is het risico van onze dure externe inhuur binnen het Programma Bedrijfsvoering inmiddels niet een structurele, 'autonome' ontwikkeling geworden die de bedrijfsvoering zwaarder belast dan de reguliere CAO-
Waar dit op pagina 13 een positief effect heeft, zie je dat dit op pagina 14 een negatief effect heeft ter hoogte van hetzelfde saldo. Doordat de ‘budget neutrale’ wijziging over de programma's heen gaat, zal dit aan de raad moeten worden voorgelegd. De Jaarrekening 2025 laat een overschrijding zien ten opzichte van de begroting 2025. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat er in de begroting slechts een zeer klein percentage inhuur wordt begroot. In 2024 heeft een 213a onderzoek plaatsgevonden naar externe inhuur in onze organisatie. Het percentage inhuur derden betreft inhuur voor alle afdelingen. De conclusie is dat in onze organisatie kritisch wordt gekeken naar inhuur van personeel. Op voorhand is niet bekend waar externe inhuur zich voordoet. Het komt jaarlijks voor (ziektevervanging, zwangerschaps- en bevallingsverlof, overbrugging opvulling vacature). Onze inhuur derden in 2025 was 9,56%. Het percentage externe inhuur van
17
indexaties? Ook uit oogpunt van lopende prijzen zoals benoemd bij dekkingsparagraaf.
vergelijkbare gemeenten was in 2025 17,1 % (Bron: Personeelsmonitor gemeenten van het A&O fonds). Externe inhuur is doorgaans geen structurele autonome ontwikkeling die een organisatie zwaarder belast dan CAO-indexaties. Externe inhuur is vooral een reactie op krapte, wetgeving en interne capaciteitstekorten, terwijl cao-indexaties structurele, voorspelbare kostenstijgingen zijn die alle medewerkers raken. Externe inhuur kan tijdelijk zwaarder drukken op het budget wanneer volumes oplopen of tarieven stijgen, maar dat is geen autonome ontwikkeling.
18
Overzicht Overhead Technische vragen Nummer
Partij
Paginanummer
Technische vraag
Antwoord
19
Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen Technische vragen Nummer
Partij
Paginanummer
Technische vraag
Financiële risico’s 1
SBN
Geen
Hoe reëel is de structureel sluitende begroting vanaf 2027 gezien de forse landelijke kortingen.
Effect decembercirculaire 2
D66
15
Ik begrijp de opmerking over verwerking van de decembercirculaire niet helemaal. Waar staat de 50% van het bedrag voor 2030 op een stelpost? Gemeentefonds: lopende prijzen, dus inclusief inflatie.
3
VVD
15
We zien in de dekkingsparagraaf dat het college extra inkomsten uit het Gemeentefonds heeft ingeboekt en is overgestapt van constante prijzen naar lopende prijzen in de meerjarenraming. Dit betekent dat de verwachte loon- en prijscompensatie vooraf is verwerkt.
Antwoord De provincie stelt de voorwaarde dat het eerste begrotingsjaar structureel sluitend is. De provincie speelt in op het ravijnjaar door beperkte tekorten in de jaren 2028-2030 te accepteren mits dit goed onderbouwd wordt en er een aannemelijke risicoparagraaf is. Over de wijze waarop deze mogelijke tekorten worden voorkomen of beperkt in de meerjarenraming, treden wij graag gezamenlijk met de Raad in overleg. De 50% stelpost (€ 350.000) is uit onzekerheid en voorzichtigheid nog niet in de cijfers opgenomen. We wachten de meicirculaire af, de uitkomst van de meicirculaire wordt in de begroting verwerkt. Wij hanteren nog steeds constante prijzen voor het Gemeentefonds. In de kadernota 2027-2030 is het jaar 2027, wat het begrotingsjaar is, en daarmee het basisjaar, tegen lopende prijzen geraamd. Dit is dezelfde werkwijze als voorgaande jaren. Ieder jaar bij de kadernota wordt het basisjaar verzet en vindt er voor het basisjaar een omrekening van constante prijzen naar lopende prijzen plaats. Dit betekent dat voor het basisjaar rekening wordt gehouden met loon- en prijscompensatie, zoals dit ook gebeurt bij
20
Wat betekent deze systematiekwijziging concreet voor de betrouwbaarheid van onze Begroting 2027 en verder, en welke financiële risico's ontstaan hierdoor?
de andere baten en aan de lastenkant in de begroting. De overige jaren 2028 t/m 2030 worden tegen constante prijzen gewaardeerd, dat betekent dat voor deze jaren niet opnieuw loon en prijscompensatie wordt berekend maar dat de “prijzen” van 2027 constant worden gehouden.
Excel
4
VVD
16
In de inleiding wordt over tekorten gesproken. Maar in deze begroting zie ik voor het sociaal domein 2029 (ter voorbeeld): Uitgaven: 1.616 Inkomsten: 67Uitgaven reserves: 228Waar komt de resterende 1.321 dan vandaan? Of worden deze uit de algemene dekkingsmiddelen gehaald? Zou het dan niet transparanter zijn om deze algemene dekkingsmiddelen al in de betreffende posten te verdisconteren en op te nemen in de betreffende programma’s Voor de overige posten idem
Ja, dit resterende gedeelte wordt gedekt uit de algemene middelen. Het direct verdisconteren is echter niet mogelijk aangezien het BBV (artikel 8,17 en 19) juist inzichtelijk wil hebben wat een beleidsterrein werkelijk kost. Zodat duidelijk is welke eigen inkomsten er zijn bij het beleidsterrein en hoeveel er uit algemene middelen moet worden bijgevoegd. In de begroting staat overigens wel jaarlijks nog een totaalsaldo aan baten en lasten wat dit inzichtelijker maakt.