Jaarstukken 2025 gemeente Nieuwkoop versie na B&W 16-6
Tekst van het document
Meer groen op de begraafplaatsen is goed voor klimaatadaptatie, verkoeling en verbetering van de biodiversiteit. Het draagt bij aan de sfeer op de begraafplaatsen en creëert een meer parkachtige omgeving. Meer ruimte bieden voor ontmoeting en gedenken door bijvoorbeeld het maken van meer zitgelegenheid. Goede toegankelijkheid voor iedereen (mensen met een rolstoel of rollator).
Financiële ontwikkeling Stand van zaken van de voorziening: Grootboeknummer
Omschrijving
Omschrijving
Werk.bedr.saldo
90001035- V035
VZ Begraafplaatsen
Stand van de voorziening 1-1-2025
€ 45.663
90001035- V035
VZ Begraafplaatsen
Uitgaven 2025 tlv voorziening
€ 21.501
90001035- V035
VZ Begraafplaatsen
Storting 2025 in voorziening
€ 37.772
Stand van de voorziening 31-12-2025
€ 61.934
Jaarrekening 2025
80
Paragraaf Financiering Inleiding Deze paragraaf geeft inzicht in het verwachte risicoprofiel van onze gemeente op het terrein van treasury. We behandelen achtereenvolgens het bestaand beleid, het rentebeleid, het risicobeheer, de kasgeldlimiet, de risiconorm, schatkistbankieren, de financieringsbehoefte, de ontwikkeling van de leningenportefeuille en het EMU saldo. Bestaand beleid De Wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) stelt kaders voor een verantwoorde en prudente inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie bij decentrale overheden. De Financiële Verordening 2023 kent een beperkt aantal uitgangspunten voor de financieringsfunctie. Het huidige treasurystatuut trad 1 januari 2015 in werking. In het treasurystatuut staat de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. In de paragraaf Financiering geven we de specifieke beleidsvoornemens en de uitvoering van het beleid op het gebied van treasury weer. Rentebeleid De uitvoering van de treasury vereist snelle beslissingen in een complexe geld- en kapitaalmarkt. Renterisico’s bij het aantrekken en uitzetten van gelden worden beperkt door de overeen te komen rentepercentages bij deze transacties te baseren op een rentevisie. Onze rentevisie baseren we onder andere op informatie van de huisbankier.
De korte rente is in het algemeen lager dan de lange rente. Op grond van deze veronderstelling is het uitgangspunt om de financieringsbehoefte eerst te dekken met de maximaal toegestane kasgeldlimiet en de resterende behoefte te dekken met langlopende leningen. Van deze looptijd kunnen we afwijken als deze aan de andere financiële posities gekoppeld kan worden. Met deze aanpak gaan we er van uit dat de financieringskosten zo laag mogelijk zijn. Hierbij houden we rekening met ons risicoprofiel. Risicobeheer Het risicobeheer is gericht op het beperken van financiële risico’s. In het treasurystatuut zijn richtlijnen en limieten opgenomen. Die vormen de basis voor alle transacties op dit gebied. Daarnaast geeft de Wet Fido normen voor het beperken van risico’s. De belangrijkste risicocategorie is het renterisico, waarvan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm belangrijke richtlijnen zijn om renterisico’s te beperken. De kasgeldlimiet heeft betrekking op leningen met een rentetypische looptijd tot één jaar. De renterisiconorm heeft betrekking op leningen met een rentetypische looptijd vanaf één jaar. Het doel van deze normen van de Wet Fido is te voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij (aanzienlijk) hogere rente grote verschillen optreden in de hoogte van de rente die de gemeente moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico's.
Het niveau van de kasgeldlimiet is gelimiteerd op 8,5 procent van de begrote lasten. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet meer dan twintig procent van het begrotingstotaal mogen bedragen. De norm beoogt een evenwichtige opbouw van de leningen in de tijd. De provincie toetst de kasgeldlimiet en de renterisiconorm in het kader van financieel toezicht. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het wettelijk maximum aan leningen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet stond onze gemeente in 2025 toe de financieringsbehoefte tot een bedrag van € 9.554.000 te dekken met kortlopende geldleningen. Zodra we verwachten dat de kasgeldlimiet langer dan twee kwartalen wordt overschreden, trekken we een langlopende geldlening aan. De kasgeldlimiet is gericht op het voorkomen van ongewenste renterisico’s. Die ontstaan door het aangaan van overmatig korte termijnfinancieringen. In geen enkel kwartaal is de financieringsbehoefte ingevuld via het aantrekken van kort geld.
Jaarrekening 2025
81
Renterisiconorm Renterisiconorm (x € 1.000)
2025
1
Renteherziening
2
Aflossingen
0
3
Renterisico (1+2)
1.571
4
Renterisiconorm (20% van begrotingstotaal)
22.479
Ruimte onder renterisiconorm (4 - 3)
20.908
1.571
Schatkistbankieren In december 2013 is het schatkistbankieren voor decentrale overheden ingevoerd. Voor decentrale overheden betekent dit dat zij al hun overtollige middelen niet langer mogen aanhouden bij banken. Zij moeten dit aanhouden in de schatkist bij het Ministerie van Financiën. Onze gemeente mag buiten de schatkist een drempelbedrag van € 2,2 miljoen bij banken aanhouden. Financieringsbehoefte Per 1 januari 2025 werd rekening gehouden met een financieringsoverschot van € 142.000. Dit is het verschil tussen de aanwezige vaste financieringsmiddelen en de boekwaarde van de investeringen en de te financieren grondexploitaties. In werkelijkheid was er per 31 december 2025 een financieringsoverschot van € 27,5 miljoen. Het verschil ten opzichte van de begroting wordt met name veroorzaakt door een lager saldo vaste activa. Dat is een gevolg van lagere investeringen in 2025 en een hoger saldo aan reserves dan was geraamd. Financieringsbehoefte (x € 1.000)
Begroting 2025
01-Jan-25
31-Dec-25
Reserves
65.683
75.138
90.146
Voorzieningen
26.606
27.457
26.436
Opgenomen leningen
33.861
27.394
25.834
Totaal (a)
126.150
129.989
142.416
Vaste activa
138.710
109.885
122.344
Grondexploitaties
-12.702
5.633
-6.916
Totaal (b)
126.008
115.518
115.428
142
14.471
26.988
Vaste financieringsmiddelen:
Te financieren
Financieringoverschot (a-b)
Leningenportefeuille Het overzicht van de leningenportefeuille ziet er als volgt uit: Leningenportefeuille (x € 1.000,--)
Begroting 2025
31-Dec-25
Restantbedrag begin boekjaar
27.394
27.394
Aflossingen
-1.571
-1.571
Op te nemen geldleningen
8.000
0
Restantbedrag einde boekjaar
33.823
25.823
Renteresultaat en wijze van toerekenen Het verschil tussen de financieringslasten en -baten (rente) enerzijds en de toerekening daarvan aan taakvelden anderzijds vormt het renteresultaat. Voor 2025 is er ook na toerekening van rente aan de
Jaarrekening 2025
82
grondexploitaties sprake van een positief resultaat van € 36.0000. Dit bedrag hebben wij naar analogie van de begroting niet verder verdeeld. Rente toerekening (x € 1.000,--)
2025
a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
259
b.
De externe rentebaten
-275
Totaal door te rekenen rente
-16
De rente die aan grondexploitaties moet worden doorberekend
-25
c.
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
0
Saldo door te rekenen externe rente
-41
d1 Rente over eigen vermogen
0
d2 Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)
0
De aan taakvelden toe te rekenen rente e.
De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente
f.
Rente resultaat op het taakveld treasury
-41 0 -41
EMU-saldo Het EMU-saldo is het financieringssaldo van de totale Nederlandse overheid. Overschrijdt het EMUtekort in enig jaar de drie procent van het BBP (Bruto Binnenlands Product) dan is een euroland verplicht maatregelen te nemen om het tekort terug te dringen. Om inzicht te krijgen in de ontwikkeling van het EMU-saldo moeten gemeenten in de begroting een prognose opnemen van het EMU-saldo van de eigen gemeente. Dit EMU-saldo wordt berekend op kasbasis. Omdat de gemeentelijke begroting moet worden opgesteld op basis van het stelsel van lasten en baten moet het begrotingssaldo van de gemeente worden omgezet naar het begrotingsresultaat op kasbasis. Voor onze gemeente ziet de prognose er als volgt uit: EMU-saldo (x € 1.000)
Realisatie 2025
Begroting 2026
1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
-15.006
-342
2 Mutatie (im)materiële vaste activa
12.236
25.035
3 Mutatie voorzieningen
-1.060
543
4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
-12.549
-4.341
0
0
-15.753
-20.493
5 Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo
Jaarrekening 2025
83
Paragraaf Bedrijfsvoering Algemeen Het BBV schrijft voor om de kosten van overhead expliciet zichtbaar te maken in de begroting en de jaarrekening. In onze gemeente doen we dit door een programma bedrijfsvoering in onze begroting op te nemen. Dat betekent dat de stand van zaken en de beleidsvoornemens voor bedrijfsvoering aan de orde komen bij het programma Bedrijfsvoering. De verplichting om een paragraaf Bedrijfsvoering op te nemen is echter niet vervallen. Om te voorkomen dat we dezelfde inhoud op twee plaatsen in de begroting en de jaarrekening zetten, verwijzen we in deze paragraaf naar programma 5 Bedrijfsvoering. Rechtmatigheid Het college van Burgemeester en Wethouders licht in de paragraaf Bedrijfsvoering toe welke rechtmatigheidsfouten en onduidelijkheden zijn gevonden in 2025. Dit gebeurt volgens het controleprotocol 2023-2026 (geactualiseerd in 2025), onze Financiële verordening 2023 en de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV. Alleen fouten en onduidelijkheden boven de rapportagegrens van € 100.000 (vastgesteld door de gemeenteraad op 18 december 2025) lichten we toe. Daarbij geven we per afwijking aan: • •
welke (beheers)maatregelen zijn, of nog worden, genomen; hoe we deze fouten in de toekomst kunnen voorkomen.
Daarnaast gaan we in op: • •
de (tussentijdse) communicatie met de gemeenteraad indien van toepassing; verbetermaatregelen om te zorgen dat we beter volgens wet- en regelgeving werken.
De toelichting per onrechtmatigheid bestaat uit: • •
een beschrijving van de afwijking en hoe deze is ontstaan; de acties om herhaling te voorkomen.
De gevonden individuele rechtmatigheidsfouten en individuele rechtmatigheidsonduidelijkheden boven de rapportagegrens van € 100.000 betreffen: 1.
Niet naleving Europese aanbestedingsrichtlijnen
Bevinding We huurden in 2024–2025 tijdelijk bouwinspecteurs in om achterstanden in dossierafhandeling, archivering en toezichtwerkzaamheden op te vangen. Deze inhuur verlengden we vanwege extra werkzaamheden (o.a. digitalisering dossiers en inzet binnen de taskforce Omgevingswet). Hierdoor kwamen de totale kosten voor de opdracht uit boven de Europese aanbestedingsdrempel voor diensten (€221.000) uit de Aanbestedingswet 2012. Omdat vooraf geen Europese aanbestedingsprocedure is doorlopen en we de inhuur achteraf als één samenhangende opdracht zien, is sprake van een onrechtmatigheidsfout van €313.000. De keuze voor de inhuur was vanuit het oogpunt van continuïteit van toezicht en handhaving begrijpelijk en doelmatig, maar neemt de formele aanbestedingsplicht niet weg.
Jaarrekening 2025
84
Genomen maatregelen om deze rechtmatigheidsafwijkingen in de toekomst te voorkomen Inmiddels is de handhaving en controle op orde en hebben beide medewerkers onze gemeente verlaten. Bevinding De totale waarde van de inhuur voor functioneel beheer overschrijdt de Europese aanbestedingsdrempel. Omdat er geen Europese aanbesteding is uitgevoerd, is er sprake van een aanbestedingsonrechtmatigheid van € 195.000. De inzet was noodzakelijk vanwege de implementatie van het financieel systeem en uitval/vertrek van de vaste functioneel beheerder. Pogingen om alternatieve invulling te verkrijgen binnen Nederland (2024–2025) hebben niet geleid tot geschikte kandidaten bij andere leveranciers. We hebben de opdracht daarom tijdelijk en in delen verlengd, met bestuurlijke afstemming. Genomen maatregelen om deze rechtmatigheidsafwijkingen in de toekomst te voorkomen In de verlenging van de opdracht in 2026 is het aantal uren per week verlaagd naar maximaal 24 uur, en is het tarief verlaagd zover mogelijk. In de tussentijd staat er een vacature open voor een vaste functioneel beheerder, en bespreken wij mogelijkheden met de leveranciers om de afhankelijkheid van externe inhuur verder te beperken. 2.
Niet acceptabele begrotingsoverschrijdingen op de lasten per programma
Bevinding De lasten voor het onderhoud van openbaar groen waren € 227.000 hoger dan begroot. In 2025 stelden we het nieuwe beleids- en beheerplan openbaar groen 2026-2030 vast. Hierbij rekenden we het areaal, de kostprijzen en de benodigde inzet opnieuw door. Hieruit bleek dat we exploitatiebudget moesten ophogen om de kwaliteit te bewaken. Een kwaliteitsinspectie van het openbaar groen ondersteunt dit beeld. Genomen maatregelen om deze rechtmatigheidsafwijkingen in de toekomst te voorkomen De gemeenteraad stelde vanaf 2026 extra budget beschikbaar voor voldoende capaciteit in het openbaar groen. De doorrekening is gebaseerd op het areaal in 2025. Om te voorkomen dat de kwaliteit van het openbaar groen al te ver achteruit, was er extra inzet. Zo voorkwamen we kapitaalvernietiging doordat groenvakken te veel verslechteren door te weinig onderhoud. 3.
Niet acceptabele overschrijdingen van uitgaven op investeringskredieten
Er zijn geen overschrijdingen van uitgaven op investeringskredieten met een waarde boven € 100.000. M&O-beleid In 2018 stelden we een overkoepelend M&O beleid op. Zo maken we naast fraudepreventie ook maatregelen ten aanzien van misbruik en oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving inzichtelijk. We stelden een risicoanalyse en een intern controleplan op. Daarbij besloten we om het misbruik & oneigenlijk gebruik beleid en beheersmaatregelen hierin te integreren. Zoals uit de rechtmatigheidsverantwoording 2025 blijkt zijn er in 2025 geen rechtmatigheidsafwijkingen als gevolg van misbruik of oneigenlijk gebruik gevonden.
Jaarrekening 2025
85
Paragraaf Verbonden partijen Inleiding Als gemeente werken we in de uitvoering van onze taken samen met andere partijen. Dit kunnen gemeenschappelijke regelingen zijn, bedrijven, stichtingen, verenigingen et cetera. Bij de programma's laten we zien welke verbonden partijen op een programma actief zijn en wat de maatschappelijke doelstellingen zijn die we samen met deze partijen nastreven. In deze paragraaf verbonden partijen laten we in een totaaloverzicht zien met welke partijen we samenwerken. Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk én financieel belang heeft. Zoals voorgeschreven maken we onderscheid tussen publiekrechtelijke -en privaatrechtelijke verbonden partijen. Bij publiekrechtelijke verbonden partijen gaat het vooral om gemeenschappelijke regelingen. Bij privaatrechtelijke verbonden partijen gaat het vooral om vennootschappen en stichtingen. In de begroting is voor iedere verbonden partij informatie op een aantal vaste aspecten opgenomen. In de jaarrekening actualiseren we deze informatie voor alle verbonden partijen. Uitwerking voorgeschreven indeling lijst Paragraaf Verbonden partijen op grond van artikel 15 BBV: 1. 2. 3. 4.
Gemeenschappelijke regelingen Vennootschappen en coöperaties Stichtingen en verenigingen Overige verbonden partijen
Gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regelingen Naam
Holland Rijnland
Programma
1. Ruimtelijke ontwikkeling / 2. Ruimtelijk beheer / 3. Sociaal Domein
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke Regeling
Vestigingsplaats
Leiden
Doelstelling
De organisatie Holland Rijnland stimuleert en faciliteert de samenwerking tussen dertien gemeenten om de gelijknamige regio toekomstbestendig en leefbaar houden. Dit doen we met behulp van een gezamenlijke regionale investeringsagenda. Met de investeringsagenda geven we invulling aan de opgaven die op ons afkomen zoals verstedelijking, klimaatadaptatie, mobiliteit. energietransitie. Leidraad voor de invulling van de regionale investeringsagenda zijn de ambities uitgesproken in de Regionale Omgevingsagenda (ROA), de Regionale Strategie Mobiliteit (RSM) en de Regionale Energiestrategie (RES), allen vastgesteld in juni 2021. Via de agenda bundelen we onze krachten en trekken we samen op richting Provincie en Rijk. De investeringsagenda moet met ingang van 2025 effectief zijn.
Openbaar belang
De organisatie Holland Rijnland stimuleert en faciliteert de samenwerking tussen dertien gemeenten in de regio. Door samen te werken aan de maatschappelijke opgaven dragen we bij aan de brede welvaart in de regio.
Deelnemende partijen
De samenwerkende gemeenten zijn Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude.
Bestuurlijk belang
Het Algemeen Bestuur (AB) van de Gemeenschappelijke Regeling bestaat uit vertegenwoordigers vanuit de deelnemende gemeenten. Namens de gemeente heeft een tweetal raadsleden zitting in het AB. Burgemeester Robbert-Jan van Duijn is lid van het Dagelijks Bestuur. Wethouders zijn naar vakgebied vertegenwoordigd in commissies.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Strategisch adviseur/regio coördinator
Financieel belang
De begroting voor 2026 komt uit op € 242.353-. Dit is € 8,22 per inwoner. Dit is de reguliere bijdrage van het jaar 2025, vermeerderd met de indexaties uit de kadernota.
Bijdrage voorgaand jaar
De bijdrage voor 2025 bedraagt € 252.985
Kerncijfers
1-1-2026 | 31-12-2026
Eigen vermogen € 3.057.000 € 4.932.000 Vreemd vermogen € 33.091.000 € 33.091.000
Jaarrekening 2025
86
Gemeenschappelijke regelingen Resultaat € 0 Risico’s en ontwikkelingen De investeringsagenda is van kracht voor de periode 2024-2027. Bijdrage aan de realisatie De organisatie Holland Rijnland stimuleert en faciliteert de samenwerking tussen dertien gemeenten om van de maatschappelijke de gelijknamige regio effecten toekomstbestendig en leefbaar houden. Naam
Omgevingsdienst West-Holland (ODWH)
Programma
2. Ruimtelijk beheer
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Vestigingsplaats
Leiden
Doelstelling
De ODWH draagt bij aan het bewaken en verbeteren van de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving in Holland Rijnland. Dit door voor de deelnemers taken uit te voeren op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advies. De ODWH voert voor de gemeente de wettelijke milieutaken ( vergunningen, toezicht en handhaving ) uit plus een aantal specialistische milieutaken, waaronder Geluid, Asbest en Bodem. In 2022 is een nieuwe Strategie 2022-2025 ingevoerd.
Openbaar belang
Door uitvoering van de wettelijke milieutaken voor de gemeente Nieuwkoop wordt gewaarborgd dat overlast door milieubelastende activiteiten door o.a. bedrijven wordt voorkomen of beperkt.
Deelnemende partijen
Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Noordwijkerhout, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten, Zoeterwoude en de provincie Zuid-Holland.
Bestuurlijk belang
Het Algemeen Bestuur van de ODWH bestaat uit de portefeuillehouders Milieu. Namens de gemeente heeft wethouder Ingwersen zitting in het Algemeen Bestuur. Het Dagelijks Bestuur wordt voorgezeten door wethouder North van de gemeente Leiden. De overige leden namens de aangesloten gemeenten zijn gedeputeerde Stolk van de Provincie Zuid-Holland, wethouder Ingwersen van de gemeente en wethouder Knape van de gemeente Katwijk.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager BOR
Financieel belang
De bijdrage 2025 (€ 1,377,707-) van de gemeente wordt berekend aan de hand van een overeenkomst die de gemeente heeft met de omgevingsdienst voor af te nemen taken. De bijdrage wordt jaarlijks bepaald aan de hand van een werkplan.
Bijdrage voorgaand jaar
De geraamde bijdrage voor 2024 obv het werkplan bedroeg € 1,352,593,Dit is inclusief de doorbelastingskosten voor advisering bestemmingsplannen (RO&G) en advisering omgevingsvergunningen (Puza).
Kerncijfers
1-1-2025
| 31-12-2025
Eigen vermogen
€ 1,702,000
€ 1,702,238
Vreemd vermogen
€ 13,140,000
Resultaat
€-343,000 Saldo 2024 na bestemming
€ 14.391,193
Risico’s en ontwikkelingen Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Deze wetswijziging biedt kansen en uitdagingen voor een betere afstemming en meer samenwerking met de deelnemers en andere omgevingsdiensten. Maar zoals bij nieuwe wetgeving altijd aan de orde is: de praktijk is weerbarstig en er zal nog wel een keer iets mis gaan. Als dit voorkomt dan zal dit zo snel mogelijk worden hersteld. Ook dient te worden opgemerkt dat de ontvlechting van de bouwtaken van de gemeente Noordwijk mogelijk negatieve financiële gevolgen kan hebben. De omgevingsdienst en Noordwijk zijn hier nog over in gesprek. Bijdrage aan de realisatie De ODWH is een regionale uitvoeringsdienst die is belast met uitvoering van gemeentelijke taken op het van de maatschappelijke terrein van het omgevingsrecht (milieu- en bouwtaken) en bodemtaken. Voor onze gemeente voert de effecten dienst de wettelijke milieutaken uit en adviseert over milieugerelateerde zaken m.b.t. de leefomgeving, ruimtelijke ontwikkeling en bodem. De ODWH ontwikkelt daarnaast regionaal beleid. De ODWH is voor bedrijven het regionale loket voor alle milieuzaken. Naam
Hecht
Programma
3. Sociaal domein
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling (openbaar lichaam)
Vestigingsplaats
Leiden
Doelstelling
Hecht, met als uitvoerende eenheden de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD), het Zorg- en Veiligheidshuis (ZVH) en de Regionale Ambulancevoorziening (RAV), heeft het doel om de belangen te behartigen van de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten op het terrein van de openbare gezondheidszorg, zorg en veiligheid en de ambulancezorg. Daarnaast voert Hecht namens de gemeenten de verplichtingen op het gebied van Veilig Thuis uit (aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling).t (aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling).
Jaarrekening 2025
87
Gemeenschappelijke regelingen Openbaar belang
Hecht bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid, veiligheid en het welbevinden van de inwoners in de regio Hollands Midden in zowel reguliere als crisisomstandigheden. Volgens de Wet Publieke Gezondheid zijn gemeenten verplicht een GGD in stand te houden.
Deelnemende partijen
Alle 18 gemeenten in de regio Hollands Midden
Bestuurlijk belang
Het Algemeen Bestuur van Hecht Hollands Midden bestaat uit de portefeuillehouders volksgezondheid van de 18 gemeenten. Namens de gemeente neemt wethouder De Kleer zitting in het Algemeen Bestuur van Hecht.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager MO
Financieel belang
De kosten van Hecht worden gedragen door de deelnemende gemeenten. De bijdrage van de gemeente bedraagt voor 2026 € 2.076.000.
Bijdrage voorgaand jaar
De bijdrage voor 2025 bedraagt € 2.133.000.
Kerncijfers
1-1-2025
Eigen vermogen €
|
31-12-2025
258.000
€ 3.732.000
Vreemd vermogen € 52.822.000
€ 53.859.000
Resultaat € 0 Risico’s en ontwikkelingen In 2026 start Hecht met een aangepast takenpakket na besluitvorming door het AB over implementatie van conclusies uit de Takendialoog. Ook wordt in 2026 verder gewerkt met gemeenten en lokale en regionale partners aan doelen van het IZA en het GALA. Bijdrage aan de realisatie Hecht is onder andere verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg, Gezondheidsmonitor en Veilig van de maatschappelijke Thuis. Deze taken dragen bij aan het gezond en veilig opgroeien van alle kinderen in de gemeente effecten Nieuwkoop. Door hun taken advisering en gezondheidsbevordering draagt Hecht bij aan een gezonde Nieuwkoopse samenleving voor jong en oud. Naam
Gemeenschappelijke regeling VeiligheidsRegio Hollands Midden
Programma
4. Bestuur en dienstverlening
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Vestigingsplaats
Leiden
Doelstelling
Politie, brandweer, GHOR en gemeenten bereiden zich samen met partners voor op risico's, rampen en crises.
Openbaar belang
De VRHM behartigt, op grond van de vastgestelde gemeenschappelijke regeling, de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op de volgende terreinen: de brandweerzorg, het inrichten en in stand houden van de gemeenschappelijke meldkamer, de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, de multidisciplinaire rampenbestrijding en crisisbeheersing en de samenwerking bij de gemeentelijke crisisbeheersing en rampenbeheersing. Het beleidskader voor 2025 wordt gevormd door het nieuwe Regionaal Beleidsplan 2024 - 2027. De voorbereidingen voor dit nieuwe plan zijn in volle gang. Ontwikkelingen in de samenleving en het wettelijk stelsel maken dat de opgaven van de veiligheidsregio veranderen en complexer worden. Dit vraagt om extra investeringen.
Deelnemende partijen
Alle gemeenten uit de veiligheidsregio Hollands Midden.
Bestuurlijk belang
Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden bestaat uit de portefeuillehouders openbare orde en veiligheid van de deelnemers. Namens de gemeente heeft de burgemeester zitting in het Algemeen Bestuur.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager Bedrijfsvoering
Financieel belang
In 2026 is € 2.104.772 aan voorschot betaald
Bijdrage voorgaand jaar
De bijdrage voor 2025 bedroeg € 2.006.614,-
Kerncijfers
1-1-2025 | 31-12-2025
Eigen vermogen
€ 9,350,000 € 9,926,000
Vreemd vermogen
€ 76,627,000 € 79,141,000
Resultaat
€ 2,2 miljoen
Risico’s en ontwikkelingen Geen specifieke risico's. Bijdrage aan de realisatie Politie, brandweer, GHOR en gemeenten bereiden zich samen met partners voor op risico's, rampen en van de maatschappelijke crises. effecten
Jaarrekening 2025
88
Gemeenschappelijke regelingen Naam
Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie, Heffing en Waardebepaling (SVHW)
Programma
Algemene dekkingsmiddelen
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Vestigingsplaats
Klaaswaal
Doelstelling
Het Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie, Heffing en Waardebepaling (SVHW) heft en int de lokale belastingen, stelt de WOZ-waarden vast en beheert de basisregistraties WOZ en BAG. SVHW voert deze taken uit voor haar deelnemers (gemeenten, Waterschap en RAD) tegen de laagst mogelijke kosten op basis van de beste prijs/prestatieverhouding en het gewenste niveau van dienstverlening.
Openbaar belang
Als publieke, uitvoerende en dienstverlenende organisatie werkt SVHW efficiënt en volgens maatschappelijk aanvaarde bedrijfseconomische principes.
Deelnemende partijen
14 Gemeenten en Waterschap Hollandse Delta
Bestuurlijk belang
Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling SVHW 2015 uit de portefeuillehouders Financiën van de deelnemers. Namens de gemeente heeft wethouder Ingwersen zitting in het Algemeen Bestuur.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager bedrijfsvoering
Financieel belang
De bijdrage voor 2025 bedroeg € 449,000,-
Bijdrage voorgaand jaar
De bijdrage voor 2024 bedroeg € 400,000,-
Kerncijfers
1-1-2025| 31-12-2025
Eigen vermogen € 3,355,000
€ 3,290,000
Vreemd vermogen € 29,835.000
€ 35,670,000
Resultaat het door SVHW in 2025 behaalde totaal resultaat bedraagt € 2,476,000 positief en dient nog bestemd te worden. Dit betreft een besluit van het Algemeen Bestuur. Risico’s en ontwikkelingen Het aantal ingediende bezwaar- en beroepschriften tegen de bepaling van de Waardering Onroerende Zaken (WOZ) zijn verder afgenomen ten opzichte van 2024. Hierdoor zijn de organisatiekosten en procekostenvergoedingen in 2025 bij de SVHW gedaald. Bijdrage aan de realisatie Het SVHW heft en int de lokale belastingen, stelt de WOZ-waarden vast en beheert de basisregistraties van de maatschappelijke WOZ en BAG. Het SVHW werkt efficiënt en volgens maatschappelijk aanvaarde bedrijfseconomische effecten principes. Naam
SOZ (Services Organisatie Zorg)
Programma
3. Sociaal Domein
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke Regeling
Vestigingsplaats
Leiden
Doelstelling
Een bedrijfsvoeringsorganisatie gericht op Inkoop monitoring en facturering van regionale jeugdhulp.
Openbaar belang
De regeling behartigt de belangen van de deelnemers met het oog op een goede, doelmatige uitvoering van bedrijfsvoeringstaken in het kader van Jeugdwet voor zover het betreft: (a)
Regionale jeugdhulp in het gedwongen kader;
(b)
Gespecialiseerde jeugdhulp.
Deelnemende partijen
De bedrijfsvoeringsorganisatie is een samenwerkingsverband van de gemeenten Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude.
Bestuurlijk belang
Elk college van de deelnemers wijst uit haar midden één lid aan en één ander plaatsvervangend lid van het bestuur aan.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager MO
Financieel belang
De bijdrage voor 2025 de gemeente bedraagt € 183.000
Bijdrage voorgaand jaar
De bijdrage voor 2024 bedraagt € 155.000
Kerncijfers
1-1-2025
Eigen vermogen €
| 31-12-2025
423.292
€ 717.492
Vreemd vermogen € 13.833.515
€ 15.906.083
Resultaat € 294.200 Risico’s en ontwikkelingen De GR SOZ is gestart in 2023. Het risico is beperkt tot verplichtingen voortkomende uit eventuele wachtgeldregelingen voor werknemers. Dit risico wordt gedeeld met de deelnemende gemeenten.
Jaarrekening 2025
89
Gemeenschappelijke regelingen Bijdrage aan de realisatie De SOZ draagt bij aan de realisatie van de beschikbaarheid van goede en betaalbare jeugdhulp in de van de maatschappelijke regio. effecten
Vennootschappen coöperaties Naam
Cyclus
Rechtsvorm
Overheids NV
Vestigingsplaats
Moordrecht
Doelstelling
Cyclus is voor gemeenten, hun inwoners en bedrijven, de schakel tussen afval en de opwerking tot waardevolle grondstoffen. Cyclus werkt op een maatschappelijk verantwoorde manier aan een schone en veilige leefomgeving.
Openbaar belang
Cyclus draagt op basis van overeenkomst die met Nieuwkoop is afgesloten zorg voor de inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval van de Nieuwkoopse inwoners. Cyclus spant zich in om bij te dragen aan het verminderen van afvalstromen in het verzorgingsgebied, het duurzaam verwerken van grondstoffen en het sluiten van de materiaalkringlopen.
Deelnemende partijen Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Kaag en Braassem, Krimpenerwaard, Krimpen aan den IJssel, Nieuwkoop, Waddinxveen en Zuidplas. Bestuurlijk belang
De deelnemende gemeenten zijn bestuurlijk betrokken bij het bedrijf door vertegenwoordiging in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (eigenaarschap). De gemeente heeft stemrecht als aandeelhouder en wordt vertegenwoordigd door wethouder Ingwersen. De gemeenten zijn bestuurlijk betrokken bij de taakuitvoering van het bedrijf door vertegenwoordiging in het bestuurlijk grondstoffenplatform (GP-B). De gemeente wordt vertegenwoordigd door wethouder Ingwersen.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
In het ambtelijk grondstoffenplatform wordt het regionale beleid vastgesteld. De gemeente wordt vertegenwoordigd door de vakspecialist Afval. De manager BOR is eindverantwoordelijk in de organisatie.
Financieel belang
De bijdrage van de gemeente Nieuwkoop aan Cyclus wordt bepaald aan de hand van het aantal afgenomen producten m.b.t. de afvalinzameling, zoals vastgelegd in de dienstverlenings-overeenkomst. Nieuwkoop heeft belang bij een kwalitatief zo goed mogelijke uitvoering van de inzameltaken tegen zo laag mogelijke (marktconforme) tarieven. Als mede-eigenaar beschikt de gemeente Nieuwkoop over 40.303 aandelen. De bijdrage 2025 (incl. de eindafrekening 2024) was € 2,725,692.
Kerncijfers
Omschrijving
01/01/2025
31/12/2025
Eigen vermogen
€ 14.156.000
€ 13,741,000 (begroot 2025)
Vreemd vermogen
€ 24.209.000
NNB
Netto Resultaat nabelastingen (boekjaar 2024)
€ 2.893.000
Risico’s en ontwikkelingen
Geen specifieke risico's.
Naam
Alliander N.V.
Rechtsvorm
Naamloze Vennootschap
Vestigingsplaats
Arnhem
Doelstelling
Alliander is een groep waarin verschillende bedrijven actief zijn. Netbeheerder Liander leidt de energiedistributie over al onze netten dagelijks in goede banen. Qirion legt zich toe op de ontwikkeling van duurzame technologieën en intelligente energie-infrastructuren. Meetbedrijf Kenter levert innovatieve oplossingen voor energiemeting en energiemanagement. En de start-ups verrichten activiteiten op het gebied van elektrisch vervoer, nieuwe energiemarkten en duurzame gebiedsontwikkeling om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het nieuwe energiesysteem. Zo distribueert Alliander energie in een groot deel van Nederland.
Openbaar belang
Voor iedereen de energie bereikbaar, betrouwbaar en betaalbaar te houden. Alliander werkt actief aan de energietransitie met een gezamenlijke aanpak door alle betrokken partijen.
Deelnemende partijen Alle aandelen van Alliander zijn direct of indirect in handen van Nederlandse provincies en gemeenten. Bestuurlijk belang
De raad van bestuur bestaat uit vier leden, waarvan geen bestuursleden afkomstig uit de gemeente Nieuwkoop. Jaarlijks keert Alliander 45% van het resultaat uit in dividend aan de aandeelhouders.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager Bedrijfsvoering
Financieel belang
De gemeente NIeuwkoop heeft 673.371 aandelen in Alliander (0,49%).
Kerncijfers
Omschrijving
01/01/2025
Eigen vermogen
€ 4.749.000 n.t.b.
Vreemd vermogen
€ 6.897.000 n.t.b.
31/12/2025
Jaarrekening 2025
Naam
90
Cyclus Resultaat
€ 267.000 n.t.b.
Risico’s en ontwikkelingen
Alliander investeert volop in het netwerk om de energietransitie te kunnen faciliteren en zal dat ook de komende jaren blijven doen. Vanaf december 2021 heeft Nieuwkoop voor een bedrag van € 2.975.898 als reverse converteerbare hybride aandeelhouderslening verstrekt. Deze verstrekte lening zal naar verwachting op termijn omgezet worden in aandelen. De jaarlijkse rentevergoeding bedraagt € 62.000. Het is duidelijk dat de financiële gevolgen van de energietransitie op termijn niet gedragen kunnen worden door de netwerkbeheerder en zijn aandeelhouders. Het Rijk is bereid om mee te participeren, waardoor het bedrijf in staat zal zijn, zijn aandeel in de energietransitie te volbrengen. Het Rijk verwacht hierbij wel dat de huidige aandeelhouders zich ook financieel zullen inspannen.
Naam
Oasen N.V.
Rechtsvorm
Structuurvennootschap
Vestigingsplaats
Gouda
Doelstelling
Oasen levert schoon drinkwater aan de klanten. Oasen hanteert hiervoor een aantal kernwaarden: volksgezondheid, maatschappelijkheid, duurzaamheid, klantgerichtheid.
Openbaar belang
Het leveren van schoon drinkwater aan inwoners en bedrijven binnen het verzorgingsgebied
Deelnemende partijen De 30 gemeenten binnen het verzorgingsgebied. Bestuurlijk belang
De vennootschap kent een raad van commissarissen. De aandeelhouders zien erop toe dat Oasen haar publieke taak goed en efficiënt uitvoert
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager Bedrijfsvoering
Financieel belang
Het aantal aandelen is gerelateerd aan het aantal inwoners per gemeente. Nieuwkoop heeft 29 aandelen
Kerncijfers
Omschrijving
01/01/2025
31/12/2025
Eigen vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Vreemd vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Resultaat
n.t.b.
n.t.b.
Risico’s en ontwikkelingen
Geen specifieke risico's.
Naam
BNG
Rechtsvorm
Structuurvennootschap
Vestigingsplaats
s-Gravenhage
Doelstelling
De BNG bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang.
Openbaar belang
Met gespecialiseerde dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de inwoner.
Deelnemende partijen Overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Bestuurlijk belang
Stemrecht in het kader van aandeelhouderschap.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager Bedrijfsvoering
Financieel belang
De gemeente Nieuwkoop bezit 36.348 aandelen
Kerncijfers
Omschrijving
01/01/2025
Eigen vermogen
€ 4.412.000 n.t.b.
Vreemd vermogen
€ 110.834.000 n.t.b.
Resultaat
31/12/2025
€ 254.000 n.t.b.
Risico’s en ontwikkelingen
Geen specifieke risico's.
Naam
Warmtebedrijf Langeraar B.V.
Rechtsvorm
Besloten Vennootschap
Vestigingsplaats
Ter Aar
Doelstelling
Het doen aanleggen, het beheren en het exploiteren van een warmtenet in Langeraar.
Openbaar belang
Het waarborgen van betaalbare, betrouwbare en duurzame warmtevoorziening voor inwoners, onder democratische controle en in het kader van de energietransitie.
Deelnemende partijen Gemeente Nieuwkoop Bestuurlijk belang
Stemrecht in het kader van aandeelhouderschap
Jaarrekening 2025
91
Naam
Cyclus
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager ROG
Financieel belang
De gemeente Nieuwkoop bezit 100% van de aandelen (100 aandelen)
Kerncijfers
Omschrijving
Risico’s en ontwikkelingen
01/01/2025
31/12/2025
Eigen vermogen
€0
€ 10.000
Vreemd vermogen
€0
€ 14
Resultaat
€0
€ 63
Het aanleg van een Warmtenet brengt risico's met zich mee. Op dit moment is het nog niet duidelijk of particuliere woningeigenaren zich willen inschrijven voor het warmtenet.Dit kan negatief uitwerken voor de exploitatie van het Warmtebedrijf.
Stichtingen en verenigingen Naam
Vereniging Zuid-Hollandse gemeenten
Rechtsvorm
Vereniging
Vestigingsplaats
Gouda
Doelstelling
De vereniging heeft tot doel haar leden collectief en individueel bij te staan bij de vervulling van bestuurstaken.
Openbaar belang
De VZHG is een provinciale afdeling van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. De VZHG draagt ZuidHollandse vertegenwoordigers voor in landelijke en provinciale commissies.
Deelnemende partijen
Alle Zuid-Hollandse gemeenten.
Bestuurlijk belang
De vereniging is een belangrijke gesprekspartner voor provincie, Rijk en is vertegenwoordigd in de VNG.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Bestuursadviseur / strategisch adviseur regiozaken
Financieel belang
Voor 2023 is de contributie voor Nieuwkoop € 2.268.
Kerncijfers
Omschrijving
01/01/2025
31/12/2025
Eigen vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Vreemd vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Resultaat
n.t.b.
n.t.b.
Risico’s en ontwikkelingen
Geen specifieke risico's.
Naam
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Rechtsvorm
Vereniging
Vestigingsplaats
s-Gravenhage
Doelstelling
De deelnemende gemeenten zijn vrijwillig lid van de vereniging en hebben als ambitie een krachtige lokale overheid te zijn door het versterken en vitaliseren van de lokale democratie en met elkaar werken aan maatschappelijke opgaven.
Openbaar belang
De vereniging van Nederlandse Gemeenten is de koepelorganisatie van alle gemeenten. De VNG ondersteunt gemeenten bij het vertalen van nationaal beleid naar gemeentelijk beleid, bij kennisdeling over de uitvoeringspraktijk en behartigt de belangen van alle gemeenten bij diverse partijen.
Deelnemende partijen
Alle Nederlandse gemeenten
Bestuurlijk belang
Nieuwkoop is lid van de VNG en heeft stemrecht in de Algemene Ledenvergadering.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Regio-coördinator/strategisch adviseur
Financieel belang
De gemeenten betalen contributie, op basis van inwoneraantallen. De contributie wordt vastgesteld op de ALV. Voor 2023 is de contributie voor Nieuwkoop € 63.366.
Kerncijfers
Omschrijving
Risico’s en ontwikkelingen
01/01/2025
31/12/2025
Eigen vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Vreemd vermogen
n.t.b.
n.t.b.
Resultaat
n.t.b.
n.t.b.
Geen specifieke risico's.
Jaarrekening 2025
92
Overige verbonden partijen Naam
Regiotaxi Holland Rijnland
Programma
3. Sociaal domein
Rechtsvorm
Overgedragen taak aan de Gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland
Vestigingsplaats
Leiden ( alleen het beheer van de regiotaxi)
Doelstelling
Collectief vraagafhankelijk taxivervoer voor mensen die geen gebruik kunnen of willen maken van het reguliere OV. Toegankelijk voor iedereen, mensen met een beperking kunnen op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning een kortingspas krijgen zodat ze niet meer betalen dan het reguliere OV tarief.
Openbaar belang
Toegankelijk vervoer voor iedereen in de gemeente Nieuwkoop. Regiotaxi Holland Rijnland is als deel van het Openbaar Vervoer (OV) een uitwerking van de OV-visie Holland Rijnland en is te beschouwen als een aanvulling op het bestaande OV.
Deelnemende partijen
De 13 gemeenten in de regio Holland Rijnland.
Bestuurlijk belang
Er is geen apart bestuurlijk overleg. Belangrijke zaken kunnen worden besproken in het portefeuillehouders overleg Maatschappij van Holland Rijnland, en het portefeuillehouders overleg Verkeer.
Ambtelijke verantwoordelijkheid
Manager MO
Financieel belang
Het beheer maakt deel uit van de begroting Holland Rijnland.
Kerncijfers
N.v.t.
Risico’s en ontwikkelingen
De regiotaxi blijft in Nieuwkoop niet voldoen aan de gestelde stiptheidseisen. Door de vervoerder wordt aangegeven dat Nieuwkoop een uitgestrekt landelijk gebied is. Daarbij worden er dagelijks weinig ritten geboekt. Deze beide factoren maken het lastig om de ritten in Nieuwkoop goed te plannen. De vervoerder heeft in de zomermaanden een tijd lang extra chauffeurs uit Woerden gehad waardoor de stiptheidsmarges stegen. Helaas was deze oplossing tijdelijk. De vervoersprestaties blijven helaas onder de maat. De gemeente is structureel met Holland Rijnland in overleg hoe deze problemen aangepakt kunnen worden. Tot op heden is nog geen passende oplossing gevonden.
Bijdrage aan de realisatie van de maatschappelijke effecten
De regiotaxi draagt bij aan de zelfredzaamheid en participatie van inwoners van de gemeente Nieuwkoop.
Jaarrekening 2025
93
Paragraaf Grondbeleid Inleiding Volgens artikel 16 van het BBV bevat de verplichte paragraaf grondbeleid ten minste: 1. een visie op het grondbeleid in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de programma’s die zijn opgenomen in de begroting; 2. een aanduiding van de wijze waarop de gemeente het grondbeleid uitvoert; 3. een actuele prognose van de te verwachten resultaten van de totale grondexploitatie; 4. een onderbouwing van de geraamde winstneming; 5. de beleidsuitgangspunten omtrent de reserves voor grondzaken in relatie tot de risico’s van de grondzaken. Beleidskaders en visie Het gemeentelijk grondbeleid is geen doel op zich, maar een middel om ruimtelijke- en gemeentelijke beleidsdoelstellingen te realiseren. In de Omgevingsvisie Nieuwkoop (vastgesteld door de gemeenteraad op 8 juli 2021), de beleidsdocumenten, het raads-/coalitieakkoord en het collegeprogramma is het gemeentelijk beleid vastgelegd. De gestelde kaders die het grondbeleid geeft dragen bij aan het behalen van deze beleidsdoelstellingen. De gemeenteraad stelde op 30 september 2021 de Nota Grondbeleid 2021 vast. Deze nota wordt medio 2026 geactualiseerd. Met deze Nota zetten we in op het hanteren van situationeel grondbeleid, waarbij we per voorliggende situatie een keuze maken tussen actief, faciliterend en samenwerkend grondbeleid.
Naast de flexibiliteit en bedachtzaamheid die dit met zich mee brengt kunnen we gebruik maken van het volledige instrumentarium van grondbeleid. De beschikbare ruimtelijke instrumenten geven zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk mogelijkheden om grondbeleid te voeren. In deze Nota is aandacht voor integraliteit en de actuele maatschappelijke vraagstukken – maatschappelijk rendement – binnen onze gemeente. Zo streven we de gestelde ambities en behoeften na. Bij de koppeling van grondbeleid aan de maatschappelijke thema’s zijn beleidskaders opgesteld met de uitgangspunten voor de inzet van de gemeentelijke gronden, financiële middelen en personele capaciteit. Om het grondbedrijf beheerst te laten functioneren zijn de processen en verantwoordelijkheden beschreven en toegelicht. Het actualisatieproces, het gemeentelijk grondprijzenbeleid en de risicobeheersing spelen daarbij een belangrijke rol. Woningmarkt Volgens de Macro Economische Verkenning 2026 van het CPB (Centraal Planbureau) heeft geopolitieke onzekerheid vooralsnog weinig effect op de Nederlandse economie. Deze groeit gematigd dankzij stijgende koopkracht. De woningprijzen in Nederland zijn in 2025 met gemiddeld 8,6 procent gestegen ten opzichte van 2024. Deze stijging is vrijwel gelijk aan de stijging in 2024 (8,7 procent).
Daarmee ligt de gemiddelde verkoopprijs van een woning in Nederland in 2025 op circa € 480.000. In de provincie Zuid-Holland was de stijging in 2025 gelijk aan de landelijke stijging (8,6 procent) met een gemiddelde verkoopprijs van circa € 469.000. De prijzen van nieuwbouw koopwoningen zijn in het derde kwartaal van 2025 met 7,4 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder (bij bestaande bouw een stijging van 7,8 procent). De gemiddelde verkoopprijs van nieuwbouw koopwoningen ligt hoger met circa € 523.000 in het derde kwartaal van 2025. In 2025 zijn er 239.000 woningen verkocht, dit is 5,5 procent meer ten opzichte van 2024. Volgens de vooruitzichten blijven de prijzen van de woningen stijgen, maar zullen deze wel enigszins stagneren. Het aantal transacties van bestaande woning zal verder oplopen, maar dit is wel afhankelijk van de verkoop van uitgeponde huurwoningen. Met de Eigen Huis Marktindicator meet Vereniging Eigen Huis/OTB het vertrouwen van de consument in de woningmarkt (de waarde ligt tussen de 0 en de 200). Het vertrouwen neemt in het derde kwartaal van 2025 licht af naar een waarde van 95,1. Dat ligt net onder de 96,5 van het tweede kwartaal 2025. De scepsis komt vooral van woonconsumenten, die verwachten (en ervaren) een stijging van de rente. Dat heeft een licht negatief effect op het heersende sentiment.
Jaarrekening 2025
94
Het grondprijzenbeleid In de Nota Grondbeleid 2021 staat het grondprijzenbeleid voor onze gemeente. In het grondprijzenbeleid is bepaald dat het college jaarlijks een grondprijzenbrief vaststelt. De grondprijzenbrief bevat de grondprijzen en de methoden om de prijzen te bepalen voor het verkopen van grond. Het uitgangspunt daarbij is dat we marktconforme prijzen hanteren. In de grondprijzenbrief 2026 (vastgesteld op 24 februari 2026) is een marktanalyse uitgevoerd, waarmee de gehanteerde grondprijzen en parameters zijn bepaald. Voor de actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2026 is gerekend met een opbrengstenstijging van 3,5 procent voor woningbouw en 2 procent voor bedrijventerreinen. Daarnaast staat in de grondprijzenbrief 2026 een overzicht met de grondprijzen en de methoden voor de prijsbepaling per gebruiksfunctie. Voor middeldure- en vrije sector huurwoningen, projectmatige koopwoningen en particuliere kavels wordt de residuele grondwaarde methode gehanteerd. Daarnaast wordt de kapitalisatiemethode gebruikt bij de huurwoningen en de comparatieve methode ingezet bij het bepalen van de grondprijs van particuliere kavels. Daarbij wordt ook advies ingewonnen bij adviesbureaus, taxateurs en makelaars. Voor sociale woningbouw rekenen we een vaste grondprijs per woning op basis van grondprijsafspraken met de woningcorporaties.
Bij de uitgifte van bedrijfskavels vragen we advies van een taxateur over een vaste grondprijs. Hiernaast zijn er in de grondprijzenbrief voor meer gebruiksfuncties grondprijzen en/of methoden voor de prijsbepaling opgenomen. Projecten - looptijd en planning De komende jaren ligt de focus op het afronden van (langlopende) projecten. Ook werken we aan de planvorming van nieuwe projecten. Bij het bedrijventerrein Schoterhoek II maken we in 2026 het plangebied woonrijp. Ook wordt naar verwachting de laatste kavel verkocht en overgedragen. Bij het project Buytewech-Noord zijn de eilanden 3 tot en met 8 afgegraven. Om het vervangen van de persleiding en voorbelasting mogelijk te maken is de grond economische geleverd aan de ontwikkelaar. In 2026 maken we eiland 1 en 2 (sociale huur) bouwrijp, waarmee de bouwrijpfase is afgerond. Met de woningcorporatie(s) moeten we nog een overeenkomst sluiten. In 2024 stelde de gemeenteraad het bestemmingsplan van het project Vrouwenakker-West vast. Inmiddels zijn de ingestelde beroepen ingetrokken, waarmee het bestemmingsplan onherroepelijk is. Na de grondoverdracht in januari 2025, startte de ontwikkelaar met het voorbelasten van de grond. In juni 2025 selecteerden we na enige vertraging de ontwikkelaar voor het project Tochtpad Noordeinde. Naar verwachting tekenen we in 2026 de overeenkomsten met de ontwikkelaar en woningcorporatie.
Zo kan de ontwikkelaar het ingediende schetsontwerp verder uitwerken tot een definitief plan. Ook de uitvoering van het bouwrijp maken van het plangebied start na de ondertekening. Bij het project Flexwonen Ter Aar Noordoost (fase 1) is de vergunning (BOPA) verleend en onherroepelijk. Het bouwrijp maken is direct na het verkrijgen van vergunning gestart en in 2025 afgerond. De plaatsing van de woningen door Woondiensten Aarwoude (WDA) begon na enige vertraging in februari 2026. Daarna wordt het plangebied woonrijp gemaakt. Ook bij het project De Meent (IKC Woerdense verlaat) is de omgevingsvergunning voor het bouwen van het IKC verleend. Hierna is het Beatrix gebouw gesloopt, het plangebied bouwrijp gemaakt en de bouw van het nieuwe IKC gestart. Dit duurt tot medio september/oktober 2026. Na de verhuizing naar de nieuwe school maken we de locatie van de oude school klaar voor woningbouw.
Jaarrekening 2025
95
Actualisatie van grondexploitaties Conform de regels van de commissie BBV (notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken 2023) en de vastgestelde Nota Grondbeleid 2021 is de gemeente verplicht jaarlijks de grondexploitaties te actualiseren. Bij de actualisatie worden de lopende grondexploitaties gebundeld in het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG). In het MPG wordt gerapporteerd over enerzijds de voortgang van de gemeentelijke projecten en de resultaten op projectniveau en anderzijds over de resultaten en gevolgen van de totale projectenportefeuille van de gemeente, de marktontwikkelingen, het grondprijzenbeleid, de (woning)bouwplanning en het risicomanagement. Na de vaststelling van het MPG vormen de geactualiseerde grondexploitaties het financieel kader voor de verdere uitvoering van de projecten. Risicomanagement Bij project- en gebiedsontwikkeling kunnen zich afhankelijk van de rol van de gemeente grote risico’s voordoen. Bij het voeren van actief grondbeleid zijn de risico’s groter dan bij het voeren van faciliterend of samenwerkend grondbeleid. Om de financiële en inhoudelijk risico’s van het grondbedrijf te reguleren wordt een aantal instrumenten gebruikt om de risico’s te identificeren, waarderen en beheersen, zodat de waarschijnlijkheid van het berekende resultaat in de grondexploitatie in kaart gebracht kan worden.
In de Nota Grondbeleid 2021 is vastgelegd op welke manieren de risico’s van het grondbedrijf worden beheerst: de lopende grondexploitaties worden jaarlijks kritisch beoordeeld, bij alle grondexploitaties worden de standaard en projectspecifieke risico’s in kaart gebracht, op basis van de risicoanalyse wordt voor de negatieve grondexploitaties een bedrag aan onvoorzien berekend en om eventuele calamiteiten financieel op te vangen moet de gemeente een weerstandsvermogen aanhouden. Resultaten positieve grondexploitaties Bij de actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2025 was het verwachte positieve resultaat van de positieve complexen samen, met tussentijdse winstneming, € 9,8 miljoen, NCW (Netto Contante Waarde). We stellen voor om de grondexploitaties Lindelaan en Teylerspark fase 2 af te sluiten. Daarnaast is de grondexploitatie Tochtpad Noordeinde verplaatst van de negatieve grondexploitaties naar de positieve grondexploitaties. In de onderstaande tabellen zijn deze grondexploitaties buiten beschouwing gelaten (Lindelaan en Teylerspark fase 2) of meegenomen (Tochtpad Noordeinde) bij de vergelijking. Bij de positieve grondexploitaties met tussentijdse winstneming is sprake van een verwacht positief resultaat van € 6,0 miljoen, NCW per 1 januari 2026.
De tussentijdse winstneming leidt tot een afroming van het te verwachten positieve resultaat van afgerond circa € 5,1 miljoen (van € 11,2 miljoen zonder tussentijdse winstneming naar € 6,0 miljoen met tussentijdse winstneming), NCW per 1 januari 2026. Dit komt doordat voor Buytewech-Noord (€ 2.774.000), Schoterhoek II (in totaal € 1.801.000) en voor Vrouwenakker-West (€ 777.000) verplicht winst is genomen. Ten opzichte van de actualisatie 2025 resulteert dit in een verschil van € 1,8 miljoen, voornamelijk door de winstneming bij Buytewech-Noord en Vrouwenakker-West bij deze actualisatie. Ook het resultaat van BuytewechNoord en Tochtpad Noordeinde is flink verbeterd.
Jaarrekening 2025
96
Resultaten positieve complexen (met tussentijdse winstneming) 2025 – 2026 POSITIEVE GRONDEXPLOITATIES
NCW
NCW
met tussentijdse winstneming 01/01/2025 01/01/2026 Verschil in miljoenen GZ 02
Buytewech-Noord
€ 7,30
€ 5,20
€ -2,10 Nadeel
GZ 08
Tochtpad Noordeinde
€ -0,90
€ 0,10
€ 0,90 Voordeel
GZ 10
Schoterhoek II
€ 0,30
€ 0,30
€ 0,00 Nadeel
GZ 11
Vrouwenakker-West
€ 0,80
€ 0,10
€ -0,60 Nadeel
GZ 13
De Meent
€ 0,30
€ 0,30
€ 0,00 Voordeel
TOTAAL POSITIEVE COMPLEXEN
€ 7,90
€ 6,00
€ -1,80 Nadeel
Resultaten negatieve grondexploitaties Omschrijving (toelichting) Bij de actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2025 was het verwachte negatieve resultaat van de negatieve complexen samen € 2,6 miljoen, NCW. We stellen voor om grondexploitatie IKC de Poel af te sluiten. Daarnaast is de grondexploitatie Tochtpad Noordeinde verplaatst naar de positieve grondexploitaties. In de onderstaande tabel zijn deze grondexploitaties buiten beschouwing gelaten.
Voor de negatieve complexen is er per 1 januari 2026 sprake van een verwacht negatief resultaat van € 1,0 miljoen, NCW. Dit is een verslechtering van circa € 0,2 miljoen ten opzichte van vorig jaar. Excel-tabel Resultaten negatieve complexen 2025 NEGATIEVE GRONDEXPLOITATIES
NCW
NCW
01/01/2025
01/01/2026 Verschil
in miljoenen GZ 14
Flexwonen Ter Aar Noordoost (fase 1)
€ -0,80
€ -1,00
€ -0,20 Nadeel
TOTAAL NEGATIEVE COMPLEXEN
€ -0,80
€ -1,00
€ -0,20 Nadeel
Voorzieningen Voorziening nadelige saldi grondexploitaties De Voorziening nadelige saldi grondexploitaties vangt het negatieve resultaat van de negatieve grondexploitaties op. Sinds de wijziging van het BBV in 2016 besloten we om de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties te bereken op eindwaarde. In de onderstaande tabel staat de eindwaarde per negatieve grondexploitatie. NEGATIEVE GRONDEXPLOITATIES
NCW
NCW 01/01/2025
EW 01/01/2026 Variabel
in miljoenen GZ 14
Flexwonen Ter Aar Noordoost (fase 1)
€ -0,80
€ -1,00
€ -1,10
TOTAAL NEGATIEVE COMPLEXEN
€ -0,80
€ -1,00
€ -1,10
Toelichting Omschrijving (toelichting) Op 1 januari 2025 was het totale resultaat van alle negatieve grondexploitaties op eindwaarde samen € 2,7 miljoen.
Jaarrekening 2025
97
Het negatieve resultaat van IKC de Poel draagt niet meer bij aan het saldo van de negatieve grondexploitaties, omdat deze grondexploitatie per 31 december 2025 zal worden afgesloten. Het daadwerkelijke resultaat van de grondexploitatie is € 990.000 negatief. Het verlies onttrekken we aan de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties ter afdekking van het negatieve resultaat. Het resultaat van Tochtpad Noordeinde is bij deze actualisatie niet meer nadelig. Het bedrag van € 832.000 (eindwaarde) dat gedekt werd uit de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties kan vrijvallen. Voor de negatieve grondexploitaties die ten laste worden gebracht van de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties is het totaal te verwachten resultaat per 1 januari 2026 op eindwaarde € 1.066.000 negatief. Ter afdekking van dit verwachte verlies moet dus bijna € 1,1 miljoen in de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties gereserveerd zijn. Op basis van de actualisatie per 1 januari 2026 kan de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties daarom verlaagd worden met een bedrag van € 689.000 (eindwaarde). We stellen voor om dit via de resultaatbestemming van de jaarrekening 2025 te storten in de Reserve reservering woningbouw én de Reserve ontsluiting woonwijken. Onderstaand staat de berekening voor deze Voorziening.
Alleen het negatieve resultaat van de grondexploitatie Ter Aar Noordoost (fase 1) zal ten laste van deze voorziening worden gebracht. Excel-tabel Bepaling hoogte Voorziening negatieve saldi grondexploitaties Voorziening nadelige saldi grondexploitaties Saldo per 1 januari 2025
2.745.000 EW
Onttrekking IKC de Poel (werkelijk)
-990.000 EW
Saldo per 31 december 2025
A1
1.755.000 EW
Behoefte actualisatie per 1 januari 2026
B1
1.066.000 EW
Benodigde verlaging van de Voorziening nadelige saldi grondexploitaties
C1=B1-A1
-689.000 EW
Reserves en risico's Reserve onvoorzien grondexploitaties De Reserve onvoorzien is bestemd voor het afdekken van de risico’s van de grondexploitaties met een verwacht negatief eindresultaat. Het bedrag in deze reserve wordt bepaald op basis van een risico-inventarisatie per project. Alle grondexploitaties zijn op het aspect risico bekeken en de uitkomsten hiervan zijn verwerkt. Met een Monte Carlo-analyse is het totaalbedrag dat nodig is om onvoorziene kosten af te dekken in beeld gebracht. Dit bedrag komt uit op nihil. Dit leidt tot een verlaging van de Reserve onvoorzien grondexploitaties met € 112.000. Dit bedrag storten we terug in de Algemene reserve in boekjaar 2025.
Jaarrekening 2025
98
NEGATIEVE GRONDEXPLOITATIES
NCW
berekend
01/01/2026 onvoorzien in miljoenen GZ 14
Flexwonen Ter Aar Noordoost (fase 1)
€ -1,00
€ 0,00
TOTAAL NEGATIEVE COMPLEXEN
€ -1,00
€ 0,00
Berekening saldo Reserve onvoorzien grondexploitaties Saldo per 1 januari 2025
112.000
Saldo per 31 december 2025
A2
112.000
Totaal behoefte op basis van risicoberekening negatieve complexen B2 per 1 januari 2026
0
Benodigde verlaging van de Reserve onvoorzien
C2=B2-A2
-112.000
Reserve winstnemingen In het kader van de regelgeving van het BBV (besluit, begroting en verantwoording) wordt voor positieve complexen verplicht tussentijdse winst genomen op basis van de POC-methode (percentage of completion). Daarbij nemen we de voortgang van het project en de realisatie van kosten en opbrengsten in acht. Bij de actualisatie 2020 is door de raad een Reserve winstneming ingesteld waarin de tussentijds genomen winst wordt gereserveerd totdat de betreffende grondexploitatie wordt afgesloten. Dit om jaarlijkse schommelingen door het nemen van (verplichte) winst en het mogelijk daarna verplicht weer moeten terugdraaien van die genomen winst te voorkomen. Bij het afsluiten van een grondexploitatie valt de genomen tussentijdse winst vrij. Op 1 januari 2025 is het saldo in de Reserve winstneming € 2.755.000. Bij de actualisatie 2026 wordt tussentijdse winst genomen bij de grondexploitatie Buytewech-Noord (€ 2.774.000) en Vrouwenakker-West (€ 777.000). Deze winst voegen we toe aan de Reserve winstneming. Bij de grondexploitatie Schoterhoek II moet € 64.000 tussentijdse winst worden teruggedraaid. Bij het afsluiten van de grondexploitatie Teylerspark fase 2 zal de genomen winst van € 1.089.000 vrijvallen uit de Reserve winstneming en via het jaarrekeningsaldo toegevoegd worden aan de Reserve reservering woningbouw én de Reserve ontsluiting woonwijken.
Het bedrag in de Reserve winstneming is daarmee € 5.153.000 per 1 januari 2026. Reserve winstneming + toekomstige winstneming POSITIEVE Reserve Winstneming Reserve Totaal Nog te GRONDEXPLOITATIES winstneming 2026 winstneming genomen nemen 2025 2026 winstneming winst GZ 02
Buytewech-Noord
GZ 07
Teylerspark fase 2
GZ 08
Tochtpad Noordeinde
GZ 10
Schoterhoek II
GZ 11
Vrouwenakker-West
GZ 13
De Meent TOTAAL RESERVE WINSTNEMING
Gevolgen op het saldo van de jaarrekening
2.774.000
2.774.000
2.774.000 5.534.000
2028
64.000
2028
-64.000
1.602.000
1.801.000
301.000
2026
777.000
777.000
777.000
135.000
2028
370.000
2028
1.089.000
-1.089.000
1.666.000
2.755.000
Afsluiting
2.398.000
5.153.000
5.352.000 6.404.000
Jaarrekening 2025
99
Reserve winstneming + toekomstige winstneming 2025 en de Algemene reserve De actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2026 heeft een positief effect van € 3.040.000 op het Jaarrekeningresultaat van 2025. Het positieve resultaat is als volgt opgebouwd. Jaarrekeningresultaat 2025 Verlaging Voorziening nadelige saldi grondexploitaties
689.000
Positief eindresultaat grondexploitatie Lindelaan
202.000
Positief eindresultaat grondexploitatie Teylerspark fase 2
1.060.000
Invloed op jaarrekening
1.951.000
De gemeenteraad wordt voorgesteld om € 1.520.000 te storten in de Reserve reservering woningbouw via de resultaatbestemming bij de jaarrekening 2025 (boekjaar 2026). Reserve reservering woningbouw (2026) Positief eindresultaat grondexploitatie Lindelaan
202.000
Positief eindresultaat grondexploitatie Teylerspark fase 2
1.060.000
Vrijval tussentijdse winst Teylerspark fase 2
1.089.000
Verlaging Voorziening nadelige saldi grondexploitaties
689.000
Totaal storting in Reserve reservering woningbouw
3.040.000
Als gevolg van deze actualisatie zal een bedrag van per saldo € 112.000 worden gestort in de Algemene Reserve in het boekjaar 2025. Algemene reserve (2025) Verlaging Reserve onvoorzien grondexploitaties
-112.000
Totaal storting in Algemene reserve
-112.000
Daarnaast zal worden voorgesteld om een bedrag van per saldo € 2.398.000 toe te voegen aan de Reserve Winstneming in het boekjaar 2025. Reserve winstneming (2025) Toevoegen winstneming Buytewech-Noord