Bijlagen bij besluit omgevingsvergunning padelhal Z2023-00002731 - deel 2
Tekst van het document
Hoofdstuk 2
Planbeschrijving
21
situatie
Bestaande
De locatie van het bouwplan voor de padelbanenhal ligt aan de doorgaande weg van Nieuwkoop naar Nieuwveen, de Nieuwveenseweg. De nieuwbouwlocatie ligt in tweede linie achter de bestaande bedrijfswoning Nieuwveenseweg 41. Ten westen en ten noorden van de genoemde locatie ligt een open agrarisch gebied,
een droogmakerij.
Aan de overzijde van de Nieuwveenseweg ligt het
bedrijventerrein. Verder ten zuiden bevinden zich de woningen van het project Buytewech-Noord.
EDE
08
Figuur 5: geografìsche ligging plangebied (rode pijl) Bron: PDOK-viewer
Het terrein, waar gebouwd gaat worden, is braakliggend en onbebouwd. Voorheen had de locatie een agrarische bestemming (weiland). Het perceel is nimmer bebouwd geweest. Het maaiveld is plaatselijk aangevuld met
gebiedseigen grond.
Planspecifiek Direct naast het aan de orde zijnde terrein is op het adres Nieuwsveenseweg 39 a
+ b is sinds 2008 het sportcentrum Nieuwkoop gevestigd, bestaande uit 0.a. 5 overdekte tennisbanen. Daarnaast zijn er in het centrum horecavoorzieningen beschikbaar
2.2
alsmede
Nieuwe
sanitaire- en kleedfaciliteiten.
situatie
Ten noorden van het bestaande sportcentrum is een braakliggend landje beschikbaar, dat eigendom is van de initiatiefnemer. Op deze locatie is het goed mogelijk om een padelbanen-hal op te richten, die met een bescheiden corridor gekoppeld wordt aan het sportcentrum.
(geanonimiseerd) Figuur 6: aanzicht op het plangebied (f0to_
10
Voor de ontsluiting van de nieuw te bouwen hal zal gebruik worden gemaakt van de reeds bestaande ontsluiting naar de openbare weg. Ook het passeren van de ventweg gebeurt op dezelfde wijze. Recent is de Nieuwveenseweg opnieuw
ingericht: tegelijkertijd is de snelheid gereduceerd. Vanaf het bestaande parkeerterrein kan de bestaande “vluchtweg” ten westen van sportcentrum worden benut naar een nieuw stuk parkeerterrein, dat specifiek voor de gebruikers van de nieuwe hal zal worden gereed gemaakt en ingericht. Voor
meer informatie wordt verwezen naar de bij de aanvraag omgevingsvergunning behorende bouwtekeningen.
[EE
EOE TEEEEEEE OEEL
EU ‘
a
(geanonimiseerd) Figuur 7: definitief ontwerp padelhal urchitzc_ 11
Hoofdstuk
3
Beleidskader
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
Bij de Omgevingswet hoort ook één rijks-visie op de leefomgeving: de Nationale Omgevingsvisie (NOVT), die op 11 september 2020 is vastgesteld. Met de Nationale Omgevingsvisie (NOV]) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De
NOVI gaat uit van vier prioritaire opgaven: e
Duurzaam economisch groeipotentieel voor Nederland;
e
Ruimte voor klimaatverandering en energietransitie;
e
Sterke, leefbare en klimaatbestendige steden en regio’s met voldoende ruimte om te wonen, werken en te bewegen;
e
Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied;
In de visie worden de nationale belangen genoemd, die gewaarborgd moeten worden in het beleid voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het behoud van cultureel erfgoed en landschappelijke
kwaliteiten van (inter)nationaal belang. Bij het bovenstaande worden drie inrichtingsprincipes gehanteerd, die helpen om in een specifieke casus of gebied bij botsende belangen een zorgvuldige weging tussen nationale belangen te maken. Die inrichtingsprincipes zijn: 1. Combineren boven enkelvoudig gericht op een efficiënt en zorgvuldig
gebruik van de ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van het gebied staan centraal; 3. Afwentelen voorkomen;
De NOVT is zelfbindend voor het Rijk. De rijksoverheid zet er wel op in dat provincies en gemeenten bij het vaststellen van hun eigen omgevingsvisies rekening houden met wat er in de NOVI staat.
12
Planspecifiek De nieuwbouw van de padelhal speelt positiefin op de hiervoor genoemde derde prioritaire opgave, waarin gesproken wordt over ….… ”wonen, werken en
bewegen”. De nieuw te bouwen faciliteit voegt iets toe aan reeds bestaande sporten en bewegingsmogelijkheden. Bovendien wordt het eerstgenoemde inrichtingsprincipe flink gediend met het feit, dat gebruik kan worden gemaakt van enkele delen van de bestaande tennishal, zoals horecavoorzieningen, sanitair en kleedaccommodatie.
Dat wordt bedoeld met “Combineren boven
enkelvoudig” en verantwoord ruimtegebruik. De nieuwbouw van de hal sluit naadloos aan bij rijksbeleid.
3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft richtlijnen voor de inhoud van bestemmingsplannen voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. Het Barro voorziet in de juridische borging van het nationaal ruimtelijk beleid. In hoofdstuk 2 van het Barro wordt
daarvan een opsomming gegeven: “Rijksvaarwegen, Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote rivieren, Waddenzee en waddengebied, Defensie, Hoofdwegen en landelijke spoorwegen,
Elektriciteitsvoorziening, Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen, Natuurnetwerk Nederland, Primaire waterkeringen buiten het kustfundament, IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte), Erfgoederen van uitzonderlijk universele waarde, Ruimtereservering parallelle Kaagbaan”. Bij besluitvorming over bestemmingsplannen moeten de regels worden
gerespecteerd. Het merendeel van de regels legt beperkingen op; daarin is een gradatie te onderkennen. Deze zijn geformuleerd als een “ja-mits”, een “ja, voor zover”, een “nee-tenzij”, een “nee-als” of een stringente “nee-bepaling”.
13
Planspecifiek Het aanhangige nieuwbouwplan komt niet in botsing met ruimtelijke ontwikkelingen, zoals genoemd in Barro. 3.2
Provinciaal
beleid
3.2.1 Omgevingsvisie Zuid-Holland De provincie Zuid-Holland wil met haar vigerende Omgevingsvisie een uitnodigend perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar wel
ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven. In de fysieke leefomgeving ziet de provincie zeven richtinggevende ambities, te weten: 1. Samen werken aan Zuid-Holland: inwoners, organisaties, en bedrijven in een vroeg stadium betrekken bij besluiten; 2. Bereikbaar Zuid-Holland: efficiënt, veilig en duurzaam over weg, water en spoor;
3. Schone energie voor iedereen: op zoek naar schone energie, haalbaar en betaalbaar voor iedereen;
4.
Een concurrerend Zuid-Holland: diversiteit, de economische kracht van Zuid-Holland;
5. Versterken natuur in Zuid-Holland: een aantrekkelijk landelijk gebied draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving; 6. Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland: versnellen van de woningbouw
met behoud van ruimtelijke en sociale kwaliteit; 7. Gezond en veilig Zuid-Holland: beschermen en bevorderen van een gezonde en veilige leefomgeving;
De provincie Zuid-Holland zet in de Omgevingsvisie onder andere in op ontwikkelingen met een passende ruimtelijke kwaliteit. Ook wil de provincie de ruimte beter benutten en de leef-kwaliteit van die bebouwde
ruimte verbeteren.
In het kader van een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving wenst de provincie woningbouw te realiseren in combinatie met onder meer natuur-inclusieve 14
maatregelen. Deze nevengeschikte ambities staan niet op zichzelf. Ze zijn geworteld in de historie, ligging en economische structuur van Zuid-Holland en gekoppeld aan strategische uitdagingen waar deze regio voor staat. De gestelde
ambities zijn de kaders waarbinnen de provincie ruimte geeft. Die ruimte kan per opgave verschillen.
Planspecifiek
De nieuwbouw van de padelhal scoort op twee van de zeven provinciale ambities, namelijk meer kansen voor sportieve gezondheid van de inwoners en van een sterk dorp nu het voorzieningenniveau in Nieuwkoop verder wordt opgehoogd. Het voornemen is in lijn met de Omgevingsvisie van Zuid-Holland.
3.2.2
Omgevingsverordening Zuid-Holland
Tegelijk met de Omgevingsvisie is de Omgevingsverordening op 1 april 2023 in werking getreden; onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit kan worden voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling: e
Ruimtelijke kwaliteit
Voor de toepassing van de soort ruimtelijke ontwikkeling is het van belang om vast te stellen wat wordt verstaan onder: a. inpassen; b. aanpassen; c. transformeren. In dit geval gaat het om a, hetgeen betekent,
dat de gewenste ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied.
Planspecifiek
De beoogde ontwikkeling vindt plaats op een onbebouwd voormalig agrarisch terrein aan de Nieuwveenseweg in Nieuwkoop. Ten behoeve van de ontwikkeling worden een interne ontsluitingsweg en
parkeervoorzieningen gerealiseerd. De padelbanenhal past bij de tennishal 15
van het sportcentrum. De nieuwbouw sluit aan bij de bestaande gebiedsidentiteit.
Beschermingscategorie 3 buitengebied
Het plangebied is gelegen in het buitengebied, waarvoor — volgens art. 7.43h van de verordening — beschermingscategorie 3 geldt. Een ruimtelijke ontwikkeling in het buitengebied is mogelijk indien de volgende kwaliteiten worden getoetst: a. openheid en structuur van het landschap; b. relatie tussen stad en buitengebied; c. groene karakter van
het landschap; d. herkenbaarheid ontstaansgeschiedenis landschap.
Planspecifiek
Nieuwbouw van de sporthal is geprojecteerd ten noorden van de bestaande tennishal, waardoor het ten westen gelegen open agrarisch gebied verder gespaard blijft. Openheid en groene karakter worden niet aangetast. De relatie tussen de lintbebouwing en het buitengebied blijft onderscheidend en herkenbaar.
Risico' van klimaatveranderin;
Bij risico’s van klimaatverandering wordt gedacht aan: a. wateroverlast door overvloedige neerslag; b. overstroming; c. hitte; d. droogte.
Planspecifiek Uit de klimaatatlas blijkt, dat er in het plangebied geen wateroverlast is bij extreme neerslag. Met het plan wordt voldaan aan richtlijnen met betrekking tot waterberging en watercompensatie. De nieuwe hal wordt
deels omgeven door water, hetgeen een koelend effect heeft. Er zijn geen beletselen uit de verordening om het plan uit te voeren.
16
3.3 Regionaal beleid 3.3.1 Regionale agenda Holland — Rijnland 2023 Nieuwkoop maakt onderdeel uit van de regio en het samenwerkingsverband
Holland — Rijnland. Het is een regio, die groeit en bloeit. Dit biedt kansen, maar stelt de regio ook voor uitdagingen. De regio zoekt ruimte voor woningbouw, bedrijvigheid, mobiliteit en duurzame energie waarbij de kenmerkende waarden
van het landschap behouden moeten blijven. Deze kenmerken en waarden maken de regio aantrekkelijk om er te leven, te recreëren en te bezoeken. Dit levert een vraagstuk op met betrekking ruimtelijke verdeling. In de Regionale Omgevingsagenda heeft de regio een eerste stap gezet in het vinden van de juiste balans. Tot voor kort werden dit soort keuzes los van elkaar gemaakt;
aparte afspraken voor bijvoorbeeld wonen, bedrijventerreinen en mobiliteit. In de Regionale Omgevingsagenda is dit veranderd en maken ook de Regionale Strategie Mobiliteit en de Regionale Energiestrategie onderdeel uit van de
agenda. De drie opgeleverde producten komen voort uit de Regionale Agenda Holland Rijnland 2019 — 2023 en vormen samen een gedeelde ambitie voor de Tegio. De agenda bestaat uit een aantal verhaallijnen die in elkaar overlopen en elkaar versterken: a. een sterke kenniseconomie en complementaire bedrijvigheid; b. huisvesting; c. infrastructuur voor mobiliteit en energie; d.
toekomstperspectief landschap.
Planspecifiek
De nieuwbouw van een eerste padelhal in Nieuwkoop is te kwalificeren als een verbreding van het voorzieningenniveau in het dorp. Met het realiseren van een nieuwe faciliteit voor de binnensport wordt ingespeeld op vragen uit de markt.
17
3.2
Gemeentelijk beleid
3.2.1
Omgevingsvisie gemeente Nieuwkoop
De Omgevingsvisie gemeente Nieuwkoop is op 8 juli 2021 vastgesteld door de
gemeenteraad van Nieuwkoop. De Randstad is en blijft in de komende
jaren een
gebied met een sterke aantrekkingskracht. Ook wordt een flinke bevolkingsgroei verwacht. De druk op de ruimte in Nieuwkoop zal toenemen. Mensen wonen, werken en recreëren graag in de gemeente en dat wil de gemeente zo houden.
Geluk, gezondheid en eigen initiatief staan in de visie daarom centraal. De groene en sociale leefomgeving heeft een positief effect op de gezondheid van inwoners en bezoekers. Waar de gemeente al goed in is moet worden behouden en versterkt: de aantrekkelijke en gezonde leefomgeving, naar elkaar omkijken
en samen dingen organiseren. Om op lange termijn gezond te blijven, gaat extra aandacht uit naar het stimuleren van beweging.
Planspecifiek De initiatiefnemers hebben de plannen voor de bouw van een nieuwe sporthal
met 4 padelbanen in november 2023 gepresenteerd bij de wethouder sport, die hen met open armen heeft ontvangen. Het particuliere initiatief tot nieuwbouw sluit naadloos aan bij het gemeentelijk beleid.
3.2.2
Visie sport en bewegen gemeente Nieuwkoop
Deze in begin 2020 verschenen beleidsvisie ademt door corona de geest om sport en bewegen in te zetten als middel voor gezondheid en welzijn. Het sporten en bewegen wordt dan meer een middel om een sociaal/maatschappelijk
doel te bereiken. “Waar mogelijk wordt ingezet op het vergroten van de functionaliteit en verduurzaming van de accommodaties”.
18
Planspecifiek De functionaliteit van het bestaande sportcentrum Nieuwkoop wordt vergroot door het toevoegen van een daaraan gekoppelde sporthal met 4 padelbanen.
Dit sluit bovendien geheel aan bij de inhoud van het vorig jaar verschenen document “Vitaliteitsakkoord 2.0 Nieuwkoop”.
1.6 SROI (soci
return of investment)
SROI van sport en bewegen
Onderzoek van het Kenniscentrum Sport laat zien dat investeren in sport en bewegen geld oplevert. Het onderzoek laat zien dat 1 euro investeren in sport en bewegen 2,70 euro oplevert. Opvallend is dat het financieel
effect vooral
terecht
komt bij het individu zelf in de vorm van een hogere levensverwachting en betere kwaliteit van leven. De zorgkosten dalen
en de werkgever heeft er financieel voordeel bij vanwege lager ziekteverzuim
Figuur 8: fìguur uit het Vitaliteitsakkoord 2.0 Nieuwkoop
19
Hoofdstuk 4 41
Omgevingsaspecten
Archeologie en cultuurhistorie
Archeologie Het plangebied van de nieuwe geprojecteerde padelbanenhal is in bestemmingsplan Kern Nieuwkoop gesitueerd in de Dubbelbestemming
“Waarde — Archeologie — 2”. Bij het oprichten van een bouwwerk met een
oppervlakte van meer dan 2500 m? en dieper dan 50 cm dient een archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. De nieuwbouw van de beoogde hal blijft op beide punten ruim onder de beide getallen, zodat genoemd onderzoek achterwege kan blijven. Daarnaast is van andere onderzoeken in de buurt
bekend, dat er een lage trefkans is op archeologisch sporen. Op basis van de Erfgoedwet zijn mogelijke (toevals)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd beschermd. Artikel 5.10 lid 1 van de
Erfgoedwet stelt namelijk: “Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij de Minister”.
Cultuurhistorie
Aan de westelijke zijde van de Nieuwveenseweg staan enkele karakteristieke boerderijen, waaronder die van de percelen nummers 43 en 45. Op de
Cultuurhistorische Hoofdstructuur (CHS) van de provincie Zuid-Holland is deze zijde van de Nieuwveenseweg aangemerkt als karakteristiek polderlint. Aan de overzijde van de weg ligt het bedrijventerrein. Er is sprake van een groot contrast tussen de bebouwing aan weerszijden van de Nieuwveenseweg. Binnen het plangebied zijn geen gemeentelijke en/of rijksmonumenten aanwezig.
Daarnaast maakt het plangebied geen onderdeel uit van een beschermd stads- of
20
dorpsgezicht. Ook andere cultuurhistorisch waardevolle elementen zijn niet aanwezig binnen het plangebied.
De eerder gerealiseerde tennishal op nummer 394 is een creatief ontwerp, dat op de genoemde locatie zorgvuldig is ingepast. De thans aanhangige padelbanenhal sluit daarop nauwkeurig aan.
Planspecifiek Geconcludeerd kan worden dat de aspecten archeologie en cultuurhistorie geen belemmeringen veroorzaken voor de beoogde ontwikkeling.
4.2
Verkeer en parkeren
Zoals gezegd maken de bespelers van de padelhal voor een heel groot deel gebruik van de reeds aanwezige infrastructuur van het sportcentrum Nieuwkoop. In de eerste plaats wordt gebruik gemaakt van de bestaande in- en uitrit naar de openbare weg. Er zal - naar verwachting - een hele lichte toename zijn van
afslaand en invoegend verkeer op de provinciale weg N 231. In de tweede plaats gaat de routering naar de padelhal via het reeds aanwezig parkeerterrein van het sportcentrum. De reeds bestaande vluchtweg is momenteel 3 meter breed. De
weg van de bestaande vluchtroute, aan de achterzijde van het sportcentrum, wordt de ontsluitingsweg naar de extra parkeerplaats bij de padelhal. Deze weg wordt verbreed naar 3,5 m in verband met de toegankelijkheid en de bereikbaarheid van hulpdiensten. Er is bovendien reden om aan te nemen, dat, gelet op eerder opgedane ervaringen, een ruim aantal spelers van de padelhal per fiets naar de hal zal komen.
In de parkeernormen van de gemeente Nieuwkoop is geen norm opgenomen voor padellen. Daarom is door de architect een berekening gemaakt, die grote
gelijkenis vertoont met die van de tennishal. Indien rekening wordt gehouden
met een parkeernorm van 1,45 pp/100m? voor de padelhal dan wordt het aantal 21
extra te realiseren parkeerplaatsen gezet op 18 stuks, specifiek voor de nieuwe hal. Verwezen wordt naar de berekening van de architect, die is weergegeven op de pagina nieuwe situatie, sit 1. Naast nieuwbouw van de hal zullen ook de
nieuwe parkeerplaatsen worden aangelegd. Planspecifiek Met de aanleg van 18 parkeerplaatsen wordt voorzien in de extra parkeerbehoefte. Verkeer en parkeren vormen geen beletsel voor de uitvoering
van het nieuwbouwplan.
43
Flora
&
Fauna
In het kader van de beoordeling van de Omgevingswet is op 16 februari 2024
een veldbezoek afgelegd en een quickscan flora en fauna uitgevoerd. Zie hiervoor bijlage 1, versie 2. Het doel van deze scan is om in te schatten welke plant- en diersoorten (beschermd onder de Omgevingswet) kunnen voorkomen binnen het plangebied. Er wordt bepaald of deze soorten een negatief effect kunnen ondervinden van de voorgenomen werkzaamheden. Daarnaast wordt een
beoordeling gegeven over de mogelijk effecten op beschermde natuurgebieden (Natura 2000-gebieden en/of behoren tot Natuurnetwerk Nederland).
Gebiedsbeschrijving Het plangebied betreft een grotendeels onverhard terrein. Verharding is enkel aanwezig in het westelijk deel van het plangebied. De verharding is onderdeel van de ontsluitingsweg van de sporthal. Het plangebied bestaat voornamelijk uit gras- en rietvegetatie, met op-schot van 0.a. wilg, aalbes en zwarte els. Het op-
schot bevindt zich voornamelijk in het oostelijke deel van het plangebied en langs de sporthal. Verder bevindt zich binnen het terrein een grondhoop van zand en puin. Aan de grondhoop wordt dagelijks gewerkt, doordat er nog grond
wordt bijgebracht. Zodra het plangebied droog is, zal de grond worden verspreid over het gebied voor egalisatie. Hierbij geldt dat de grond goed zal worden 22
aangedrukt. De sloot in het noordelijk deel van het plangebied is recentelijk gedempt en heeft geen beschoeiing. Onderstaande foto’s (figuren 9, 10 en 11) geven een beeld van de onderzoeks-locatie. De foto’s zijn gemaakt tijdens het
(geanonimiseerd) veldbezoek door de onderzoekster/ecoloog -
Figuur 10: aanwezige opschot blijft gehandhaafd
Figuur : aanzicht westelijke ontsluitingsweg tennishal 23
Voorgenomen ingreep De initiatiefnemer is voornemens om een padelhal te realiseren aan de bestaande
sporthal. De grootte van het plangebied is ongeveer 2100 m?. De ontsluitingsweg loopt vanaf de openbare weg en verloopt via het terrein van de sporthal en gaat achter de tennishal om. Voor de bestaande sporthal is toen een verharde strook van 3 meter gemaakt als vluchtweg voor brand. De geprojecteerde ontsluitingsweg achter de tennishal om zal worden verbreed.
Compensatiewater zal worden gegraven. Er worden geen sloopwerkzaamheden uitgevoerd. Er worden ook geen kapwerkzaamheden uitgevoerd, waardoor bescherming van houtopstanden niet aan de orde is. Naast de hal zal een terrein voor parkeren worden gemaakt. Hier komen 18 parkeerplaatsen.
Figuur 12: Ontwerp padelhal met parkeerterrein
24
Conclusies quick-scan flora en fauna Bij de voorgenomen werkzaamheden worden geen effecten verwacht op streng beschermde soorten. De volgende maatregelen dienen te worden getroffen om
mogelijke effecten op aanwezige soorten te voorkomen: e
Plangebied kan mogelijk geschikt zijn als foerageergebied voor
vleermuizen. Verlichting en bouwverlichting kan mogelijk verstorend werken; dit geldt evenzeer voor omliggende watergangen. e
Voor algemeen voorkomende broedvogels wordt geadviseerd om broedmogelijkheden buiten het broedseizoen te verwijderen. Rekening houden met broedseizoen van 1 maart tot en met 31 juli. Het broedseizoen
kan per soort verschillen en is de broedperiode ook afhankelijk van de weersomstandigheden. Broedende vogels mogen nooit worden verstoord. e
Buiten de winterrust dienen de mogelijke schuil- en/of voorplantingsplaatsen voor algemeen voorkomende zoogdieren en amfibieën te worden verwijderd.
e
Rugstreeppad verkiest loszandige grond in het plangebied. Geadviseerd is om het terrein niet aantrekkelijk te maken voor rugstreeppad. Dit vertaalt zich in de volgende maatregelen om kolonisatie te voorkomen: ** (Grond)werkzaamheden worden zoveel mogelijk aaneengesloten uitgevoerd. Het zoveel mogelijk aaneengesloten uitvoeren van grondwerkzaamheden helpt om kolonisatie te voorkomen;
** Er wordt, met name in de voortplantingsperiode (mei — juli), voorkomen dat ondiepe vegetatieloze plassen (voortplantingsplaats, zoals ondiepe plassen, kuilen en bandensporen met water) kunnen
ontstaan, door rijplaten te gebruiken; ** Opslag van open zand (landbiotoop in zomer en winter, alsmede winterverblijfplaats) wordt afgedekt met wegendoek of plastic;
25
** Eventueel kunnen ter voorkoming van kolonisatie door de rugstreeppad schermen van glad landbouwplastic van 50 centimeter hoog geplaatst worden. Deze schermen worden minimaal 10
centimeter ingegraven in de grond. De schermen worden regelmatig gecontroleerd op kieren en overhangende vegetatie.
Planspecifiek
Overeenkomstig de quick-scan flora en fauna is geadviseerd om voorzieningen te maken in het kader van het Bouwbesluit Bouwwerken Leefomgeving. Zo is aangeduid het gebouw te voorzien van nestkasten voor vleermuizen, huismussen en de gierzwaluw. Op de bijgevoegde tekening is te zien, dat deze voorzieningen
zijn toegevoegd op de langs-gevels van het gebouw. In het laatste ontwerp is bij buitenverlichting toegevoegd: toe te passen vleermuisvriendelijke LEDbuitenverlichtingsarmatuur amberkleurig en UV-vrije ledverlichting alleen naar beneden schijnend.
(…«Á;………„ jebouwing en verharding 15%
= 212m?
Weermuis vriendelijke LED.
buitenvertichtingarmatuur
Figuur 13: vleermuisvriendelijke armaturen
26
Ten aanzien van gebiedsbescherming Ten aanzien van gebiedsbescherming geldt dat het plangebied in de nabije omgeving van een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied is gelegen
(Nieuwkoopse Plassen & De Haeck). Gezien de afstand van ongeveer 1 kilometer tussen het plangebied en de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck zijn effecten zoals verdroging, geluid en trillingen op voorhand uit te sluiten. Met betrekking tot de provinciaal beschermde gebieden, zoals het belangrijke
weidevogelgebied en de karakteristieke landschapselementen kan worden vastgesteld, dat het plangebied niet is gesitueerd in een dergelijk gebied. Er zijn dan ook geen belemmeringen tot de provinciaal beschermde gebieden.
Door de voorgenomen werkzaamheden bestaat wel een kans, dat er een extern effect ontstaat door depositie van stikstof. Deze check is gedaan op basis van de nieuwe versie van de AERIUS-calculator, die per 1 oktober 2024 beschikbaar is. Door de “Stikstofberekenaar” is dit actuele onderzoek uitgevoerd, bijlage 2. Uit de bijgevoegde AERIUS-berekeningen voor zowel de realisatie- als de
gebruiksfase kan worden opgemaakt, dat stikstofemissies ten gevolge van dit project niet leiden tot een stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden groter dan 0,00 mol/ha/jaar.
Planspecifiek Stikstofdepositie vormt dus geen belemmering voor de voortzetting van dit project. Dit geldt evenzeer voor flora en fauna.
44
Water
Het aspect water is van groot belang binnen de ruimtelijke ordening. Door verstandig om te gaan met water kan verdroging en wateroverlast voorkomen
worden en de kwaliteit van het water hooggehouden worden. Op Europees en op Rijksniveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking 27
tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21° eeuw, de Waterwet, het Nationaal Waterplan en de Wet gemeentelijk watertaken.
Hoogheemraadschap van Rijnland Voor het plangebied gelden de “Keur en Beleidsregels” van het
Hoogheemraadschap van Rijnland. Op basis daarvan worden taken verricht op het gebied van waterkwaliteit en van waterkwantiteit.
De geprojecteerde padelhal neemt 1240 m? verharding in beslag; datzelfde geldt voor de aanleg van het parkeerterrein, waarmee 673 m? verharding is gemoeid. De verhardingstoename bedraagt 1913 m?. Van de kant van het Hoogheemraadschap is een eenmalige vrijstellingsnorm beschikbaar van 500
m?. De vereiste compensatie is gesteld op 15%. Dit resulteert erin, dat minimaal 212 m?open water moet worden toegevoegd. In het voorliggende plan wordt open water toegevoegd aan de noordkant van het plangebied.
Te
mak6 water
tbv compen:
Gebouwing en verharding 15:
Vieermuis vriendelijke LED. buitenverlichtingarmatuur
Figuur 14: watercompensatie
28
Het oppervlak aan water, dat hier wordt toegevoegd door het verbreden van de
sloot is groter dan de minimaal vereiste 212 m?. Op deze manier wordt er ruim voldaan aan de gestelde watercompensatie. Verwezen wordt naar de
afzonderlijke situatietekening van de watercompensatie voor de padelhal. Op 14 augustus 2024 is hiertoe door het Hoogheemraadschap van Rijnland een vergunning verleend (2024-007645) voor het graven van compensatiewater. De in het verleden geprojecteerde watercompensatie voor de nieuwbouw van de
tennishal is anders uitgevoerd dan in het bestemmingsplan is opgenomen en in de praktijk aanwezig is. Daar is in 2017 vergunning voor verleend door het hoogheemraadschap; dit is in 2018 door het hoogheemraadschap gecontroleerd en akkoord
bevonden.
Uit het raadplegen van de legger van het Hoogheemraadschap van Rijnland blijkt dat het plangebied niet gelegen is binnen of in de nabijheid van een regionale waterkering ligt.
Planspecifiek
Het aspect water vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Aan het gestelde met betrekking tot watercompensatie wordt ruim voldaan.
45
Geluid
Wet geluidhinder Lawaai kan de leef-kwaliteit van een gebied sterk beïnvloeden. Mensen die veelvuldig worden blootgesteld aan een hoog niveau van lawaai kunnen hier lichamelijke en psychische klachten door oplopen. De Wet geluidhinder (Wgh)
verplicht ertoe onderzoek uit te voeren naar de geluidsbelasting op geluidsgevoelige bestemmingen. Een woning is een geluidsgevoelige bestemming. Het oprichten van een nieuwe hal met vier padelbanen valt
evenwel niet onder de noemer van geluidsgevoelige gebouwen. De hal met daarin vier padelbanen is geen geluidgevoelige bestemming. De Wet 29
geluidhinder is daarmee niet van toepassing. Dit houdt in, dat ook de beoordeling van aspecten zoals wegverkeerslawaai, spoorweglawaai en lawaai van industrie achterwege kan blijven. Ook de in 2007 gerealiseerde sporthal is
tot stand gekomen op die manier.
Activiteitenbesluit milieubeheer
Het Sportcentrum, inclusiefde padelhal, moet voldoen aan de
geluidvoorschriften van het Activiteitenbesluit. Stemgeluid en piekniveaus ten gevolge van sporten zijn buitengesloten bij de beoordeling van geluid. De extra verkeersbewegingen die plaatsvinden, vinden plaats aan de achterzijde van de hal. Dat is gunstig voor de maatgevende woningen op de Nieuwveenseweg.
De gevel van de padelbanen is aan de voorzijde - naar de belendende woningen toe - geheel gesloten zonder ramen of gevelopeningen. Dak of gevel zijn een vaste constructie die niet zijn te openen. Deuren in de zijgevel rechts aan de noordzijde zijn vluchtdeuren. Voor de wanden van de padelhal wordt een sandwichpaneel gebruikt. Deze panelen hebben een geluidisolatie van 27 dBA.
De afstand van ruim 45 meter tussen de geprojecteerde hal met padelbanen en de dichtstbijzijnde woningen op de Nieuwveenseweg, - respectievelijk 43 en 45 - is dermate ruim, dat vanuit de overdekte padelhal het geluid in de woningen
niet gehoord kan worden, dat er op padelbanen wordt gespeeld. Planspecifiek Het geluidniveau van de vier padelbanen in de sporthal leidt niet tot een onaanvaardbaar woon-
en leefklimaat voor de nrs. 43 en 45.
Het aspect geluid vormt geen belemmering om de nieuwbouw uit te voeren.
46
Luchtkwaliteit
Het plan omvat de aanleg van een hal met vier padelbanen. Deze nieuwe hal
wordt gekoppeld aan een bestaande tennishal. Door de omvang van het project is dit een project niet in betekenende mate. Er behoeft dus niet worden getoetst 30
aan de grenswaarden. De aanvraag omgevingsvergunning voor het oprichten van een padelbanenhal valt onder de noemer “kleine projecten”, zodat voor deze planontwikkeling een onderzoek luchtkwaliteit achterwege kan blijven.
Planspecifiek Hoofdstuk 5, Titel 5.2 van de voormalige Wet Milieubeheer (Luchtkwaliteitseisen) staat deze planontwikkeling dan ook niet in de weg.
4.7
Bedrijven en milieuzonering
Het aspect bedrijven en milieuzonering gaat in op de invloed die bedrijven hebben op hun omgeving. In het onderhavige bebouwingslint spreken we over
het omgevingstype “gemengd gebied”. De bedoelde invloed is afhankelijk van de afstand tussen een gevoelige bestemming en bedrijvigheid. Uitgangspunt voor die beoordeling is het plangebied. De eerstvolgende agrarische melkveehouderij naar het noorden toe ligt op enkele honderden meters afstand. Naar het westen toe ligt er weiland van de eigenaren van de tennisboerderij.
Daar is niet of nauwelijks hobbymatige beweiding te zien. Aan de zuidkant van plangebied is de afstand dermate naar de volgende belending, dat dit niet een rol kan spelen, als gelet wordt op de in de VNG-brochure “Bedrijven en
Milieuzonering” uit 2009 genoemde richtafstanden. Aan de oostkant van de te Tealiseren nieuwbouw is de afstand naar de N231
dermate, dat het eventuele
verkeerslawaai niet of nauwelijks waar te nemen is voor de bespelers van de padelbanen.
Bedrijfswoning Nieuwveenseweg 41a Voor de nabijgelegen bedrijfswoning Nieuwveenseweg 414 te Nieuwkoop dient te worden vastgesteld of er sprake is van een aanvaardbaar woon - en
leefklimaat ter plaatse. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de zgn. handreiking padel en geluid. Hierin wordt geadviseerd een afstand van 130 31
meter tussen open padelbanen en gevoelige bestemmingen aan te houden in gemengd gebied. Evenwel vindt de padelsport straks in Nieuwkoop inpandig plaats, zodat er significant minder geluidsuitstraling zal zijn. De afstand tussen
de padelhal en de betrokken woning is 44,72 meter, zoals op de onderstaand figuur 15 is te zien.
f water tbv conpenseren
ebouwing en verhardg IS% = 212n?
Vleermuis vriendelijke LED. butenverlictingarmstuur
Figuur 15: afstand Nieuwveenseweg 41a
en de padelhal
Op de tekening van de padelhal (fguur 7) is duidelijk te zien, dat de gevel van
de hal naar de woning toe geheel gesloten is. Voor de wanden van de padelhal worden sandwichpanelen gebruikt. Deze panelen hebben een geluid-isolatie van 27 dBA. De bouwkundige uitvoering van de padelhal zorgt ervoor dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor Nieuwveenseweg 41a.
32
Planspecifiek Vanuit milieuzonering bestaan er geen bezwaren tegen dit bouwplan.
48
Bodem
De voorgenomen aanvraag voor de bouw van een padelhal is aanleiding geweest voor het uitvoeren van verkennend en ander bodemonderzoek, zie bijlage 3. Het doel van het onderzoek is het vastleggen van de milieuhygiënische
bodemkwaliteit en het beoordelen of de bodem geschikt is voor het beoogde terreingebruik ter plaatse (sportvoorziening). Het bodem- en het asbestonderzoek is verricht volgens de richtlijnen van de NEN 5740, 5725 en 5707. Het verrichten van de boringen en het plaatsen van de peilbuis heeft
plaatsgevonden op 16 januari 2024. Het veldwerk is uitgevoerd op 29 februari 2024.
De milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van Nieuwveenseweg achter nummer 41A
te Nieuwkoop is vastgelegd. De conclusies van het
chemisch onderzoek met betrekking tot eerder plaats gehad hebbende
dempingen I, T en II zijn beoordeeld als kwaliteitsklasse Industrie. Voor de puin-houdende grond op het overig terreindeel is bovenstaande conclusie eveneens getrokken. Aanvullend en verder bodemonderzoek kan achterwege
blijven. Uit eerdere studies blijkt dat de percelen ter plaatse van en nabij agrarische gebieden en/of tuinbouw nikkelverhogingen in grondwater geen gevaar geven voor mens, natuur of verspreiding. De verhogingen zullen naar alle waarschijnlijkheid na het beëindigen van de landbouwactiviteiten (bemesting) in de loop der jaren dalen tot nabij de achtergrondwaarden.
Tijdens de verkennende fase van het onderzoek is in het puin-houdend dempingsmateriaal van demping I (boring 3) asbestverdacht materiaal
aangetroffen. Daarnaast is ter plaatse van demping II puin-houdend
33
dempingsmateriaal aangetroffen dat op basis van de bijmenging aan puin verdacht is op het voorkomen van asbestverontreiniging in de bodem.
Op basis van de waarnemingen is de puin-houdende grond van demping I en demping TI als één ruimtelijke eenheid onderzocht. In het puin-houdend dempingsmateriaal van beide dempingen is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetroffen.
Planspecifiek Vanuit het onderzoek wordt de volgende aanbeveling gedaan. “Aangezien het een te realiseren bouwwerk betreft, waarin meer dan twee uur per dag personen
aanwezig zijn, betreft dit een “bodemgevoelig gebouw”. Aangezien op de locatie
sprake is van een historische verontreiniging waarbij in minder dan 25 m° bodemvolume de interventiewaarde wordt overschreden is de bouw toegestaan zonder verdere maatregelen of meldingsplicht”. Het aspect bodem vormt geen belemmering om de gewenste nieuwbouw uit te voeren.
49.
Externe veiligheid
Sommige activiteiten brengen risico’s op zware ongevallen met mogelijke grote gevolgen voor de omgeving met zich mee. Externe veiligheid richt zich op het beheersen van deze risico’s. Het gaat daarbij om onder meer de productie, opslag, transport en het gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten kunnen een beperking opleggen aan de omgeving. Door voldoende afstand tot de risicovolle activiteiten aan te houden kan voldaan worden
aan de normen.
Aan de andere kant is de ruimte schaars en het rijksbeleid erop gericht de schaarse ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten. Het ruimtelijk beleid en het
externe veiligheidsbeleid moeten dus goed worden afgestemd. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op de volgende risico’s: 34
e
risicovolle (Bevi-)inrichtingen;
e
vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen;
e
vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor.
Daarnaast wordt er in de wetgeving onderscheid gemaakt tussen de begrippen kwetsbaar en beperkt kwetsbaar en plaatsgebonden risico en groepsrisico.
Beoordeling 1. Uit het raadplegen van de risicokaart blijkt, dat er in de directe omgeving van het plangebied, geen buisleidingen voor gevaarlijke stoffen aanwezig zijn.
2. Wel zijn in de omgeving twee risicovolle inrichtingen aanwezig. Deze liggen echter op ruim 400 meter afstand — respectievelijk ten noorden en ten zuiden - van het plangebied. Gezien deze ruime afstand en de aard van de risicovolle inrichtingen zijn er geen beperkingen voor het plangebied.
Bovendien wordt de nieuw te bouwen padelhal reeds afgeschermd door het aanwezige bestaande sportcentrum, dat een veel groter volume heeft. 3. Ten oosten van het plangebied ligt de N231 (Nieuwveenseweg) waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaats heeft. Het aantal transporten over de N231
is beperkt. De nieuw te bouwen sporthal ligt in tweede linie ten
opzichte van de doorgaande weg en op 75 meter afstand van de N231. 4. Bij een incident met toxische stoffen op de N231 kan een giftige gaswolk ontstaan die de locatie kan bereiken. Bij een dergelijke calamiteit zijn
geen bijzondere voorzieningen nodig om de omvang van de ramp te beperken en om de aanwezige personen veiligheid te bieden. Het sluiten van ramen en deuren en ventilatieroosters en zoveel mogelijk uitschakelen van ventilatiesystemen na alarmering door de sirene van de Veiligheidsregio of bericht van NL-Alert, is daarvoor voldoende.
35
Bij een incident met een LPG-tankwagen kan een BLEVE ontstaan. De locatie is voldoende bereikbaar voor de hulpdiensten om de omvang van de ramp te beperken. De aanwezige personen kunnen zich in veiligheid
brengen via de N231, mits tijdig gewaarschuwd. Bij een calamiteit met het vervoer van gevaarlijke stoffen op de N231 zal de brandweer inzetten op het beperken of voorkomen van effecten bij de bron. De brandweer richt zich dan niet direct op het bestrijden van
effecten in of nabij het plangebied. De mogelijkheden voor bestrijding worden daarom niet verder in beschouwing genomen.
Planspecifiek
Geconcludeerd kan worden dat het aspect externe veiligheid geen belemmering veroorzaakt voor de beoogde ontwikkeling.
4.10
M.E.R. - beoordeling
Het plan ligt in de bestaande (stedelijke) lintbebouwing van Nieuwkoop, aan de
rand van het bestaande bedrijventerrein. Dit betekent dat de voorgenomen uitbreiding is te zien als een uitbreiding/wijziging in het bestaande stedelijk gebied. Vastgesteld moet worden of hiermee ook sprake is van een stedelijke
ontwikkeling zoals bedoeld onder D11.2 van de D-lijst van de bijlage van het Besluit m.e.r. Er is een bestaande tennishal met 5 banen met een sportcentrum
(totale oppervlakte 4038 m?). De uitbreiding van de padelhal omvat een oppervlakte van 1240 m?. Hiervan past 200 m? niet binnen de vigerende sportbestemming (met specifieke vorm van recreatie zomerkamp). Hoewel de
uitbreiding ten opzichte van de huidige hal vrij fors is, is dit plan, gegeven de ligging van de uitbreiding langs de N243 en tegenover het bedrijventerrein De Olm, de uitstraling (activiteit zal plaatsvinden in een hal) niet meer zijn dan een
intensivering van het bestaande gebruik met een beperkte impact op de omgeving. Het voorgenomen plan is dan, mede gezien haar omgeving, ook te 36
kleinschalig van aard om het te beschouwen als een wijziging van een stedelijke ontwikkeling, zoals bedoeld onder D 11.2 van de D-lijst in de bijlage van het Besluit m.e.r. Het Besluit m.e.r. is niet van toepassing.
Planspecifiek Het Besluit m.e.r is voor dit plan niet van toepassing.
411
Duurzaamheid
Het algemene kader voor het milieubeleid van de gemeente Nieuwkoop is vastgelegd in de Duurzaamheidsagenda “Samenwerken en verbinden”. Dit beleid kent een directe relatie met de ruimtelijke ordening, bijvoorbeeld met
betrekking tot de doelstellingen voor duurzame inrichting, voor duurzame bouw, alsook het klimaat en energiebesparing. De nieuwbouw van de hal zal gebeuren met de nieuwste isolatietechnieken. Centrale verwarming van de hal blijft achterwege. De LED-verlichting in de hal zal zijn gebaseerd op de best beschikbare technieken. Het dak van de nieuwe hal
zal worden voorzien met zonnepanelen. Duurzaam en circulair is ook het gegeven dat de horecavoorzieningen en sanitaire faciliteiten in de toekomst zullen worden gedeeld tussen bespelers en/of bezoekers van beide hallen. Ook is
overleg gaande met een installatiebureau om op het parkeerterrein oplaadfaciliteiten ter beschikking te laten komen voor de gebruikers van elektrische
auto’s.
Planspecifiek
Het bouwplan wordt met duurzame materialen gerealiseerd. Dit geldt ook voor de buitenruimte die duurzaam wordt ingericht.
37
Hoofdstuk 51
5
Uitvoerbaarheid
Economische
uitvoerbaarheid
De kosten voor de realisering van het bouwplan komen ten laste van de
initiatiefnemer. Voor de gemeente zijn er derhalve geen kosten. Voor het in behandeling nemen van de aanvraag, die met een uitgebreide procedure van 26 kan worden vergund, worden leges in rekening gebracht bij initiatiefnemer.
5.2 _ Maatschappelijke uitvoerbaarheid De voorliggende ruimtelijke onderbouwing met bijbehorende tekeningen + bijlagen zal op de gebruikelijke wijze in de gemeente Nieuwkoop ter visie worden gelegd.
(geanonimiseerd) Nieuwkoop, 27 december 2024
38
Bijlagen:
1. Quickscan flora en fauna Nieuwveenseweg 394 te Nieuwkoop,
(geanonimiseerd) 7 juli 2024, versie 2; 2. Onderzoek stikstofdepositie realisatie 4 padelbanen in Nieuwkoop,
(geanonimiseerd) e
24 december 2024;
2 Aerius — projectberekeningen voor de realisatiefase plus de gebruiksfase;
3. Verkennend en nader bodemonderzoek Nieuwveenseweg achter Nr. 41A te Nieuwkoop, Grondslag te Kamerik, 18 maart 2024;
39
Ep |
ëT
"w
s000
ET
|
000
|
s000
|
s000
s000
5000
|
:
‘FÌ
s
| ! |
(E E
i
‘:H
‘Ë
‘E
H
‘: |
|
E
H
| ‘
||
s
u
©
||
||
3
$Ï2
||
||
||
||
E Ee
H|
l
i i H
IIJí
| U
HE H
‘Ë
i
ft
N
l L) m2
ì‚;‚. 2910
m2
l l
\vloerbelasting 400kg/m? 4,0KN/m;
Ë‚n‚ 2910
…t
IJ /3
_ ij Ë Ë’
H
__ @ [on|
||
s000
goh
| I
e[
w [ezo]
||
A Ï
E |I
@Ë. L % _
©
ë
3
|
‚| H: 1
| l o LI vloerbelasting 400kg/m? 4,0KN/m
s000
(
l |
E
s000
i
B3
! |
||
!
l:
H
|
f
I|! |
5000
m|
|
4 'Î
|H
EN
1
atte paten volgen
hetzelfde voorbeeld
40 0 alle palen volgen
H
2010
í i H H H i H H H i H H H i H H H i H H
e
e
21 o
]
e|
het zelfde &
voorbeeld
E ]
s
St' [n
L !
Ï g
e
Ï
31 o
p -
!|! …
E&
|!
H lIJ‚:F_
Ie pen ]
1
|
_82 zen | _
E}E!
a e ]
7
2
&bo]
=&
ë
a [2e10 | gizen ]
Ë=
ë
ft …
Ie [2e10 |
t
l IH |L 1
a [ear0 |
H 1
Ï
140 0
2910
1 1
Î z
4
l
Heiwerk: l
„[naken 98-300
„neken 98-300
êì
em] £
E%]
804
l Uitvoeringsbepalingen:
betonpaten 180180mm
lengte
Inheipte
.meter. Frd
=..KN
…n-NAP
ETT Staalkwaliteit
FeB
Dekking
balken-
Peil = … NAP (gelijk an bestaande bebouwingl
1!
Aantal en lengte na het maken van de sonderingen en| constructieberekeningen definitief te maken
391
680 605
Miieuklasse
p
Uitbreiding Sportcentrum Nieuwkoop met padelbaanhal
Nieuwveenseweg 393
XC3
500 onder
= LOmm
zij en boven = 35mm vlaeren:
onder
= 30mm
boven
= 25mm
wanden
zijkanten = 30mm
kolommen : 3Smm
2421LB
Nieuwkoop
(geanonimiseerd) opdrachtgever : Tennisboerderij b.v Constructieweg 8 2421LN
Nieuwkoo;
(geanonimiseerd) ü
280
Fâ
4
30
4
o
}
LET OPT Voorlopige constructiefekeningen met principeopbouw van de constructies. Tekeningen na het maken van de definitieve| constructieberekeningen defintief te maken en in te dienen
Ienderdeel
J
Constructie fundering/palenplan
Nieuwveenseweg
39C
(geanoimsrd)
(geanonimiseerd)
10
l
5000
5000
5000
5000
5000
5000
5000
5000
L
5000
5000
+
___
[windverband n gevel
Koppelban
| A
35
|
\
L
/
N N
|
g 5
|
| |
J
Koppetbalf
‚
| \
|
4
N
S/
_
S #
&
O
é/
\.
S/ ò
7
/
\
/
/
/ \
\
|
/
SA
/
/ N
\
\ 7
\
/
|
/
/
\
n
\
\
\
\
NIJ
53
E
S WB
‘ |
SSS
g
3
S/
N\
&
N,
S
/
Î
E
\
\
/
‘
\
| é/
S
3
‘
|
/
S
K
|
7
\
/
\
/
[Koppea
[Koppetbalk]
S/ iS
_
/
X
7
/
\,
/
N\
/
?
/
2400
3000
&
9000
3
\
/
\
\\
S
N
E
q
SZ
é/
\
\
S/ iS \
koudgewalste stale|
‘oudgewalste stalen
gordingen tussen de
gordingen tussen de
spanten
spanten
7
/
\
N
Koppelbal
5î
7
\
‘
@
/
R
SZA
3
BSSS
N
| 5
/
S N
S
7
‘
SK
d/
\,
S
| |
1000
|
SK
S
+
i
|
j
d4
Ù
a 25
35
\.
[Koppetbalk] n
€
]
t
®
LET GPT
Voortopige constructietekeningen met principeopbouw
van de constructies. Tekeningen na het maken van de definitieve constructieberekeningen defintief te maken en in te dienen
Koppetba
Í Uitvoeringsbepalingen: Ttwatret
projeet
18-Wobrdeuropees vuren dak-
en
vloerbeschof
in
verband leggen Staalkwaliteit
S 235
Ist UNP tussenligger]
tbv gevelbeplating
s Ù
UNP tussenligger]
tbv gevelbeplating
Boutkwaliteit
aanwerken
krimpvrije mortel 88 Lassen min a=5mm
Nieuwveenseweg 393 2421LB
JR
Stelruimte
Uitbreiding Sportcentrum Nieuwkoop met padelbaanhal
met
Nieuwkoop
(geanonimiseerd) opdrachtgever | Tennisboerderij b.v Constructieweg 8 2421LN
Nieuwkoo
(geanonimiseerd)
…Èonlsllfructie‘rekening staal Nieuwveenseweg
39C
(geanoimsrd)
(geanonimiseerd)
Nieuwbouw tennishal,
Nieuwveenseweg te Nieuwkoop
Betreft
Funderingsadvies
Opdrachtnummer
Vvo-0212
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) W 2421 BE
Constructeur
Nieuwkoop
Ingenieursburo Verhoeven en Leenders B.V. Postbus 167 5400 AD
Architect
Uden
Pelliikaan Bouwbedrijf BV Postbus 551 5000 AN Tilburg
Opgesteld door
:
Gezien
:
(geanonimiseerd)
Status
efinitie! PA
Codering
Datumrapport
Paraaf :
;
(geanonimiseerd)
21 december 2006
INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau
(geano im se rd) (geanonimise rd) Paraaf
(geanonimiseerd)
Opdracht : VO-0212
Project
: Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg
Plaats
: Nieuwkoop
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING....
2
BOUWPLAN.
3.
BODEMOPBOUW...
3.1
_ ONDERZOEK
3.2
_ ANALYSE BODEMOPBOUW..
3.2.1
Grondwater…
323
Beschrijving bodemopbouw .
….……
&DSo
FUNDERINGSADVIES..
41
_ ONTWERP..
411
_ Funderingstype….
412 41.3 414
Uitgangspunten… Paaltype... _ Paalpunfniveau.
4.2
_ TOETSING
DRAAGKRACHT..
4.3
_ TOETSING
VERVORMING
4.4
_ VEERCOÉFFICIËNT - DRUKPALE!
5 5.1
Lhbs
_ Hoogteligging.
322
4.
.
IN SITU..
UITVOERING _
…
…
RICHTLIJNEN UITVOERING HEIWERK
BIJLAGEN:
19 sondeergrafieken 1 bijlage boorstaat
1 situatietekening 1 bijlage waterpasstaat 4 bijlagen rekenwaarde draagkracht 1 bijlage voorbeeldberkening 4 bijlagen rekenwaarde paalkopzakking Algemene richtlijnen uitvoering heiwerk Verkiaring codering VEI
(geanonimiseerd) e (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) 1 x Ingenieursburo Verhoeven en Leer…per‚pdf) 1 x Pellikaan Bouwbedrijf B.V. te Tilbu
(geanonimiseerd)
per p
(geanonimiseerd)
eo".s05+:6
Blz.1
Opdracht:
Project
VO-0212
: Nleuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg
Plaats
1.
Nieuwkoop
INLEIDING
Op verzoek van Ingenieursburo Verhoeven en Leenders B.V. te Uden is ten behoeve van het project “Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwkoop' een grondonderzoek uitgevoerd,
conform de door of namens de opdrachtgever aangegeven opzet en omvang. Aansluitend wordt in dit rapport een funderingsadvies gegeven. 2.
BOUWPLAN
Het plan omvat de bouw van bouw van een tennishal met een oppervlak van ca. 83 x 36 m?. Aan
de zuidwest zijde van de tennishal komt aansluitend een kantine bestaande uit twee bouwlagen en in aparte sporthal. De kantine en de sporthal hebben gezamenlijk een oppervlak van ca. 20 à 53 m?. Ter plaatse van sondering DKM-19 (zie SIT-01) zal een kleine brug worden gerealiseerd voor toegang tot het terrein. 3.
BODEMOPBOUW
34
_ Onderzoek
in situ
Het grondonderzoek heeft bestaan uit 19 sorideringen en een boring. De sonderingen zijn gemaakt met de elektrische conus, conform
NEN
5140
(versie september
1996).
Bij meting
van de
plaatselijke wrijvingsweerstand wordt extra informatie over de bodemopbouw verkregen. De relatie
tussen conusweerstand en plaatselijke wrijving, het wijvingsgetal, geeft een indicatie van de
verschillende grondsoorten onder het grondwaterniveau. In onderstaande tabel wordt een indicatie gegeven voor de relatie tussen wrijvingsgetal en grondsoort.
‘Grondsoort grind
‘Wrijvingsgetal 62-05
‘Grondsoort Kiei, vast
Wrijvingsgetal 20-40
zand zand, leemhoudend zand, kleinoudend leem lÖss
06-12 10-18 12-22 1,5-30 1,5-3,0
klei, slap potklei klei, veenhoudend veen
40-60 50-70 50-80 50-10,0
grof zand
0,4-07
klei, matig vast
30-50
Boven het grondwater kunnen grote afwijkingen in genoemde relaties voorkomen.
Bij de waterpassing is uitgegaan van een NAP-hoogte. Omdat ter controle in de omgeving van het bouwproject geen andere NAP-hoogte beschikbaar was, is het nodig na te gaan of het resultaat van onze waterpassing overeenstemt met andere gegevens ten aanzien van de hoogteligging van het terrein. De sondeergrafieken zijn getekend ten opzichte van di peil, en weergegeven op de bijlagen VO-0212 DKM-01 Um DKM-19
De boring is gemaakt om inzicht te krijgen in de juistè opbouw n samensteling van de bovenlagen en zo mogelijk tevens meer gegevens te verkrijgen över het grondwater. Het boorprofiel is aan dit rapport toegevoegd; genummerd bijlage VO-0212 B-01.
Op de situatietekening bijlage SIT-01 is aangegeven waar
de boring en de sonderingen zijn
uitgevoerd.
(geanonimiseerd) INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau -
(geanonimiseerd)
Blz.2
Opdracht : VO-0212
Project
: Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg
Plaats
:
Nieuwkoop
3.2
Analyse bodémopbouw
3.2.1
° Hoogteligging
De hoogte van het maaiveld ter plaatse van de sondeer- en boorpunten varieert van 5,65 m - tot 5,16 m - NAP. De resultaten van de waterpassing zijn weergegeven op de bijlage WPS-01. 3.2.2
Grondwater
Het in het boorgat gemeten waterniveau van 5,85 m - NAP (0,36 m - mv) geeft slechts een indicatie over de actuele grondwaterstand.
Afhankelijk van de waterdoorlatendheid van de bodem is
het mogelijk dat het grondwater zich niet volledig heeft ingesteld tijdens het onderzoek. Bovendien kunnen lokale omstandigheden en het jaargetijde van invloed zijn. 3.2.3
_ Beschrijving bodemopbouw
Vanaf het maaiveld wordt tot een diepte van ca. 9 à 10 m — NAP een bovenlaag aangetroffen van kleinoudende sedimenten, waarna een 1 m dikke veenlaag wordt gevonden. Vervolgens wordt tot
de maximaal verkende diepte een matig vast zandpakket aangetoond. Plaatselijk en op wisselende diepte komen in dit pakket teruggangen in de conusweerstand voor, die vermoedelijk worden veroorzaakt door een geringe pakkingsdichtheid en/of grove gradatie van het zand.
(geanonimiseerd) INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau
(geanonimiseerd) _
Blz.3
Opdracht ; VO-0212 Project : Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg Plaats
: Nieuwkoop
4.
FUNDERINGSADVIES
41
Ontwerp
4.1.1
_ Eunderingstype
De bodemopbouw geeft voor het onder ‘Bouwplan’ beschreven project aanleiding uit e gaan van een fundering op palen 412
Uitgangspunten
Geadviseerd
wordt
de
projectgegevens
en
de
‘hierna
en
elders
in
dit
rapport
vermelde
uitgangspunten te verifiëren, voordat met de resultaten wordt verder gewerkt.
De
bepaling
van
de
draagkracht
en
de
vervormingen
is
gebaseerd
op
NEN
6743
“Berekeningsmethode voor funderingen op palen” (laatst gewijzigd mei 1997), waarbij het ontwerp dient te voldoen aan eisen van veiligheid en bruikbaarheid.
e °
Het project wordt Categorie 2 (GC2).
op
grond
van
de
verstrekte
informatie
ingedeeld
in de Geotechnische
Het eventueel verplaatsen of afvoeren van grond en/of het onttrekkerylozen van grondwater kan
gebonden zijn aan milieukundige richtlijnen.
Deze aspecten vallen niet binnen het kader van de
opdracht. Ons bureau kan echter ook hieromtrent adviseren. «
«
Er wordt aangenomen dat bodemopbouw aanwezig is.
de
oorspronkelijke,
op
natuurlijke
wijze
gesedimenteerde
In het navolgende wordt conform opdracht de dfaagkracht bepaald van verticaal centrisch en op druk belaste funderingspalen
.
Het vloerpeit is aangenomen op 4,9 m - NAP; geadviseerd wordt dit te verifiëren.
«
De belastingen worden door een staalconstructie op de fundering afgedragen.
.
Eris geen kelder n het ontwerp opgenomen
e
De rekenwaarde van de belasting die door de kolommen
naar de fundering wordt overgebracht
varieert van 100 tot 900 kN. Waarbij de lage belastingen optreden bij de buitengevels van de tennishal en de hoge belastingen in de kantine. 413
Paaltype
De keuze van het paaltype kan worden beïnvloed door de aanwezigheid en staat van de bebouwing in de omgeving. Volgens de op dit moment beschikbare informatie is er geen reden af te zien van een geheid paaltype. Het is nodig de geldigheid van dit uitgangspunt te verifiëren.
_ Toegepast kunnen worden geprefabriceerde gewapende betonpalenMAan de hand van NEN 6743 zijn voor de berekening van de draagkracht de volgende factoren aangehouden:
- paalklasse punt
Op
0
- paalvoetvorm -paalvoetdwarsdoorsnede - paalklasse schacht
8 $ o
0 0 ,010
(geanonimiseerd)
-
INPIJN-BLOKPOEL ingenieursburcau
(geanonimiseerd)
,so…„c.
Blz.4
‚ Opdracht: VO-0212 Project Plaats
: Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg : Nieuwkoop
Voor de te stellen kwaliteitseisen wordt verwezen naar NEN 7053 - "Betonnen heipalen”.
414
Paalpuntniveau
In de tabel wordt per sondering het paalpuntniveau gegeven waarvoor de draagkracht is berekend. Sondering no
Hoogte maaiveld inm-
DKM-01
554
Paapuniniveau
NAP
in
m - AP
547 549 5,58 5,65 554 565 553
13,0
(13,5)
135 (13,8) 13,0 (13,5) 13,0 (13,5) 130 (13.5) 130 13,0 (13,5) 130 (13,5)
D-09 D-10
5,55 549
130 130
(135) (135)
D-11 DKM-12
587 5,58
135 130
D-13
545
130
D-14
552
130
D.-02 DKM-03 D-04 D.05 D-06 D-07 D-08
D-15 D-16 D-17 DKM-18 DKM-19
551 5832 516 526 5,55
130 (13,5) 130 130 130 11,5
Ten behoeve van het bestellen van de palen is het toelaatbaar het tussen paalpuntniveau ter plaatse van de desbetreffende sonderingen aan te houden.
haakjes
gegeven
w
(geanonimiseerd)
INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau
(geanonimiseerd)
Blz.5
Opdracht : VO-0212
42
Project
: Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg
Plaats
: Nieuwkoop
Toetsing draagkracht
Toetsing op draagkracht houdt in dat de rekenwaarde van de centrisch aangrijpende maximale paalbelasting kleiner moef zijn dan de rekenwaarde van de maximale draagkracht van de palen: Fsja S Fra = Fnkg Of te wel Fs‚a S Fria:notto: Ten
behoeve
van
de
berekening
van
de
draagkracht
zijn
de
sonderingen
verdeeld
in
2
deellocaties. Voor deze groepen zijn de draagkracht en vervormingseigenschappen apart bepaald De indeling in groepen is als volgt:
Deellocatie A: Sondering DKM-01 tm DKM-18 Deellocatie B: Sondering DKM-19
De draagkracht (Fr‚a;neto) is in onderstaande tabel vermeld.
Paalafmeting in m Deellocatie
0,22x0,22 0,25x0,25
Maximale draagkracht _ Negatieve kleef Frá_(KN) Feiica (KN) A
0,29x0,29
0,32x0,32 Deellocatie
Netto draagkracht Frdneto = Fra - Fsnica (KN)
262 319
223
241 296
400
27
373
466
30
436
B
0,22x0,22
313
18
295
0,25x0,25
387
20
367
0,29x0,29
497
23
474
0,32x0,32
582
26
556
.
tabel - Draagkracht (Frd:netto)
De draagkracht is-opgebouwd uit de weerstand aan de punt (Pmacpux) en wrijving langs de schacht
(Frmaxscnacht).
Voor de resultaten van de berekening wordt verwezen
naar bijlagen
PAL-01.
In
verband met de aanwezigheid van samendrukbare ‘grondslag is negatieve kleef (Fsn) als belasting op de paal in rekening gebracht. Op genoemde bijlage is het resultaat van de berekening van de rekenwaarde van de draagkracht (Fr4neto) vermeld.
De volgende
factoren
zijn aangehouden:
£ = 0,83
tot 0,75
(18 tot 1 sonderingen,
niet-stijf
bouwwerk), de materiaalfactor Ym;» = 1,25 en de belastingsfactor r = 1,0.
Op bijlage PAL-05 is aan de hand van een sondering een voorbeeldberekening gegeven met verwijzing naar de van toepassing zijnde artikelen uit genoemde norm. De vermelde draagkracht wordt ontleend aan de ondergrond.
Door de constructeur moeten constructieve aspecten van de
funderingspalen, waaronder de sterkte, worden beoordeeld. 43
_ Toetsing vervorming
3
Conform NEN 6740 dient een constructie of een afzonderlijk onderdeel hiervan te worden getoetst
aan de vervormingsgrenstoestanden 1B en 2. Volgens grenstoestand 1B is voor de constructieve veiligheid tegen vervormingen in het bouwwerk het rotatiecriterium gesteld van wa/l < 1:100. Bovendien moet de rotatie ook worden bepaald met één derde van de gemiddelde zakking tussen twee palen c.q. paalgroepen.
(geanonimiseerd) INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau
(geanonimiseerd) _
.…s5
Blz.6
Opdracht : VO-0212
Project
: Nieuwbouw tennishal, Nieuweenseweg
Plaats
: Nieuwkoop
Voor de toetsing van bruikbaarheidstoestand 2 is een zakkingscriterium gesteld van Wa < 0,15, alsmede een rotatiecriterium van well < 1:300.
Bij de hierboven gestelde eisen en het in dit rapport geadviseerd paaltype is over het algemeen grenstoestand 18 maatgévend. De paalkopzakkingen en de rotatie kunnen indicatief worden bepaald aan de hand van de grafieken met tabellen voor de grenstoestanden 1B en de bruikbaarheidstoestand 2. Op bijlage PAL-06 /m PAL-09 zijn op basis van de voorbeeldberekening de berekende paalkopzakkingen weergegeven. 44
Veercoëfficiënt - drukpalen
Aan de hand van het hiervoor uitgewerkte voorbeeld
wordt in navolgende tabel de globale
representatieve c.q. rekenwaarde van de statische veercoëfficiënt gegeven. Paalafmeting n m
Statische Veercoëfiiciënt in KN/mm
u
Representatief Krep
Rekenwaarde ku4
0,25x0,25 0,29x0,29
s0
6065
40
0,32x0,32
75
55
0,22x0,22
4550
tabel - Veercoëfficiënt drukpalen
5.
UITVOERING
51
_ Richtlijnen uitvoering heiwerk
Hiertoe wordt verwezen
naar de “Algemene
richtlijnen
uitvoering
heiwerk',
aan
dit rapport
toegevoegd als bijlage H1 en H2
Het heiwerk kan uifgevoerd worden met een hydraulisch aangedreven valblok.
Bij gebruik van een blokgewicht van 50 KN zal een valhoogte van 0,3 à 0,4 m nodig zijn voor de zwaarste palen.
_
RKG
(geanonimiseerd)
INPIJN-BLOKPOEL ingenieursbureau
(geanonimiseerd)
0_conusweerstang
(MPa}
10
Í
MAAIVELD = 5.54 m- NAP
3 z z 3
0.00
005
9.10
plaatselijke
0.15
wrijving
020
(MP
0.25
O.30
0.35
87654
wrijvingsgetal
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveensewegte Nieuwkoop _ | volgens NEN 5140 continue
INPIJN BLOKPOEL ngenieursbureau
daum:
_14-12-2006
(geanonimise rd)
sondering:
DRM-01
opdrache
_ VO0212
2
u/c
4
(£)
0
0_conusweerstang
(MPa)
10 MAAIVELD
= 5.47 m - NAP
3
E3 3 3
TTYPE:elekr.
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwoop
volgens NEN 5140 continue
INPIJN-BLOKPOEL Ingenieurst
datum:
_14-12-2006
(geanonimise rd)
D-02
opdracht:
_VO-0212
0_cönusweerstand
10 MAAIVELD
=
5.49 m - NAP
ë
!
(NtmdeAinoPv)prs 0.00
005
0.10
plastselijke
015
020
wrijving
(MPa)
0.35
0.30
0.35
87
E
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwkoop _ | volgens NEN 5140 continue
INPIJN-BLOKPOEL Ingenieursbureau
854321
wrijvingsgetal
datum:
_15-12-2006
(geanonimise rd)
sondering:
DRM-03
opdracht:
_VO-0212
u/c
(&)
.sB3„5e,0
0
_conusweerstand
(MPa)
10 MAAIVELD
= 5.58 m - NAP
& z 3
2
elektr
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg ie Nienwkoop _ |voigens NEN 5140 continue
INPIJN-BLOKPOEL Ingonieursbureau
datum:
_14-12-2006
(geanonimise rd)
ndering:
D-04
oparacht:
_VO-0212
-
Î
0
_conusweerstand
(MPa) = 5.55 m - NAP
.2 l } ° ? p o o
} Ì
u } p
p D D D o
& 2 3
p
) o
} Ì Ì Ì
‚
eleke,
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwkoop __ | volgens NEN 5140 |continue
’ d
INPIJN-BLOKPOEL ingenieursburoau
datum:
_14-12-2006
(geanonimise rd)
D-05
opdracht:
_VO-0212
0_conusweerstang
(MPa}
10
MAAIVELD
= 5.54.m - NAP
{NtmGAioePvnprs TTPE:
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwkoop
continue
INPIJN-BLOKPOEL
ingenieursbureau
(geanonimise rd) |opdracht: _VO-0212 14-12-2006
volgens NEN 5140 datum:
sondering:
D-06
sDevBo
0_conusweerstand
(MPa)
10 MAAIVELD
= 5.65m -NAP
ë z H
TYPE:olekrr
Nieuwbouw tennishal, Nieuwveenseweg te Nieuwkoop _ | volgens NEN 5140 |continue
\NPIJN-BLOKPOEL Ingenieursbureau
datum:
_15-12-2006
(geanonimiseerd) sondering: D-07 opdracht:
VO-0212