Bijlage F Whitepaper financiering warmtenetten BNG
Tekst van het document
PAPER
Warmtenetten: beter investeren dan subsidiëren
01
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Warmtetransitie heeft publieke investeringen nodig, geen miljarden subsidies
Inleiding Het nieuwe kabinet gaat fors inzetten om de klimaatdoelen te
buurten van het aardgas worden afgekoppeld. Voor de
alternatieve doeleinden zoals industrie en mobiliteit.
halen en ziet graag dat vele woningen in Nederland worden
wijken of buurten die voor 2030 gepland staan, is tevens
Tegelijker tijd ontlasten zij de druk op elektriciteitsnetwerk.
aangesloten op toekomstgerichte warmtenetten die worden
aangegeven welke mogelijke warmte-alternatieven in
gevoed met duurzame warmte en koeling. In plaats van
aanmerking komen.
miljarden aan subsidies beschikbaar te stellen om dat te
Nederland in 2020 grootste investeerder in zon en wind in Europa
bereiken, is het effectiever om publieke bedrijven een grote
Warmtetransitie heeft snelle opbouw
rol te geven in de ontwikkeling van de warmtenetten. Dat kan
collectieve warmtesystemen nodig
door te kiezen voor een model gebaseerd op publiek eigendom
Als belangrijke alternatieven voor aardgas worden elektriciteit
Als onderdeel van de energietransitie is de afgelopen jaren
van de warmte infrastructuur in combinatie met prikkels om ‘de
(in hoofdzaak opgewekt door zon en wind) en groen gas gezien.
zeer fors geïnvesteerd in de opwekking van hernieuwbare
markt’ zo innovatief mogelijk de uitvoering te laten realiseren.
Maar het is een bijna onmogelijke opgave, met de in
elektriciteit met behulp van windmolens en zonnepanelen.
Nederland beschikbare hernieuwbare energiebronnen,
Nergens in Europa zijn in 2020 meer windmolens geplaatst
Klimaatambitie
voldoende energie op te wekken om te voorzien in de totale
dan in het kleine Nederland. Ook als het gaat om het plaatsen
Nederland heeft zich tot doel gesteld om in 2050 klimaat-
Nederlandse energiebehoefte. Zeker op de momenten
van zonnepanelen (PV) op daken en weides was ons land (na
neutraal te zijn. De gebouwde omgeving speelt daarin,
waarop de energievraag het grootste is (in de winter-
Duitsland) de grootste investeerder in PV. Om alle energie in
zoals verwoord in het regeerakkoord, een cruciale rol.
maanden). Daarom zal in Nederland als het gaat om de
Nederland met behulp van zonne-energie en windmolens op
In de Transitievisies Warmte hebben gemeenten, die in het
warmtetransitie, grootschalig ingezet moeten worden op
te wekken zijn echter 10 keer zoveel panelen en windmolens
Klimaatakkoord de rol hebben gekregen om de regie op de
collectieve warmtesystemen (=warmtenetten). Door te
nodig. De inzet van duurzame warmtebronnen die via
energietransitie in de gebouwde omgeving vorm te geven,
kiezen voor warmtenetten kan de opgewekte hernieuwbare
collectieve warmtesystemen een deel van de Nederlandse
het tijdspad inzichtelijk gemaakt wanneer welke wijken of
energie voor een belangrijk deel worden gebruikt voor
woningen kunnen verwarmen is daarom noodzakelijk.
02
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Behoefte aan hoge- en lage-temperatuurwarmtenetten
Deze kosten voor de bewoners ondermijnen het
Bij warmtenetten kan grof gezegd onderscheid worden
draagvlak voor de overstap naar een warmtenet.
gemaakt tussen hoge- en lage-temperatuurnetten. Bij de
Daarnaast wordt een beroep gedaan op de (Rijks)
Gemeenten hebben de afgelopen jaren Transitievisies
uitrol van warmtenetten in Nederland zijn deze twee soorten
overheid om door middel van subsidies het gat
Warmte opgesteld waarin per wijk is aangegeven welke
netwerken complementair aan elkaar. Hoge-temperatuur-
te dichten. Er wordt vaak gesproken over kosten-
warmte variant het meest passend is. Voor vele wijken
netten, vooral xassend bij de minder goed geïsoleerde
dekkingsbijdrages variërend van € 5.000 tot € 10.000
komt een warmtenetten daarbij als meest passende
panden, transporteren warmte tussen de 70 en 90 graden
per woning.
optie naar voren. De instrumenten om invulling te geven
>
Celsius en worden gevoed met duurzaam opgewekte
Geen regie op de aanleg van warmtenetten
aan de uitvoering ontbreken.
industriële restwarmte (groene waterstof), ‘afvalenergie’ of geothermische warmte. Lage-temperatuurnetten, bedoelt voor goed geïsoleerde panden, zijn in de regel meer
Warmtenetten vergen kapitaalintensieve investeringen
kleinschalige warmtenetten die warmte (40-55 graden
>
Warmtenetten hebben last van een slecht imago Bewoners hebben met aardgas een goed werkende en (tot voor kort) betaalbare energiebron waarmee
Celsius) in lagere temperaturen distribueren en bijvoorbeeld
Investeringen in warmtenetten zijn kapitaalintensief
verwarmd kan worden. Er is vanuit dat oogpunt gezien
gebruik maken van restwarmte van bedrijven (bijvoorbeeld
en vergen lange voorbereidingstijd. De aanleg van
weinig behoefte aan een alternatief. Veel particuliere en
datacenters) of vormen van aquathermie, zonthermie en
leidingen zijn werkzaamheden in de ondergrond en
zakelijke afnemers ervaren aansluiting op een warmtenet
warmte- en koude opslag in de grond.
zullen op veel plekken gepaard gaan met hinder boven
als gedwongen winkelnering. Ze vinden de prijsvorming
de grond voor de omgeving (bijvoorbeeld ten gevolge
ondoorzichtig en betwijfelen of ze voldoende beschermd
Belemmeringen uitrol warmtenetten
van wegafsluitingen, dan wel van de herinrichting).
worden tegen te hoge kosten. De positieve kant van een
De uitrol van warmtenetten als belangrijke pijler van
Er zijn waarschijnlijk kostbare kruisingen met andere
aansluiting op een warmtenet, dat het kan bijdragen aan
de warmtetransitie, komt maar moeizaam op gang.
infrastructuren zoals (water)wegen en er zal rekening
energiebesparing en een beter milieu, weegt niet genoeg
De realisatie van deze netten kent een aantal
gehouden moeten worden met mogelijke onvoorziene
op tegen de zorgen erover.
belemmeringen:
werkzaamheden die extra kosten en/of vertraging met zich meebrengen. De kosten kunnen oplopen
>
Aanleg van netten is complex en kapitaalintensief, er
door prijsstijgingen van materialen of vertraging van
zijn miljarden subsidies nodig
werkzaamheden, door het niet tijdig op orde hebben
De groei van collectieve warmtesystemen komt
van alle vergunningen of de niet-beschikbaarheid van
nauwelijks op gang als gevolg van de hoge ‘onrendabele
voldoende gekwalificeerd personeel.
top’. Dit maakt dat veel warmtesystemen niet financierbaar zijn op de kapitaalmarkt. Om deze onrendabele top te slechten worden in veel gevallen gebouweigenaren gevraagd een bijdrage te leveren in de vorm van een aansluitbijdrage (BAK = bijdrage aansluitkosten) variërend van € 2.000 tot € 5.000.
03
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Inspiratie putten uit Scandinavië In Nederland is het huidige marktaandeel van warmtenetten met 6% erg beperkt. De ruime beschikbaarheid van aardgas als alternatieve goedkope brandstof lag daar in belangrijke mate aan ten grondslag. In veel Midden- en Noord-Europese landen ligt het aandeel van warmtenetten in de warmtevoorziening van de gebouwde omgeving (veel) hoger. Dominante rol van publieke bedrijven in opbouw warmtenetten In veel van deze landen spelen publieke bedrijven een dominante rol in de ontwikkeling van warmtenetten. In de Baltische en de Scandinavische landen zijn het hoofdzakelijk publieke bedrijven die de warmtenetten hebben opgezet en exploiteren. Alleen in Zweden is sprake van een mix aan publiek en privaat. Het zijn daar vooral grote internationale ondernemingen (inclusief staatsbedrijven Fortum uit Finland en Vattenfall uit Zweden) die alleen, of samen met publieke bedrijven, warmtenetten in de grootstedelijke gebieden runnen.
Land
Marktaandeel warmtenetten
Dominante eigendom warmtenetten
IJsland
90%
Gemeenten
Denemarken
66%
Gemeenten of bewoners coöperaties
Letland
65%
Gemeenten
Litouwen
57%
Gemeenten
Finland
53%
Gemeenten, Rijksoverheid
Zweden
46%
Gemeenten, Rijksoverheid, private bedrijven
Tsjechië
40%
Gemeenten, Rijksoverheid, private bedrijven
Polen
24%
Gemeenten, Rijksoverheid, private bedrijven
Oostenrijk
14%
Gemeenten
Noorwegen
12%
Gemeenten, Rijksoverheid
Duitsland
14%
Gemeenten en private bedrijven
Nederland
6%
Private bedrijven en enkele gemeenten
Tabel 1
Bron: Country profiles Euroheat & Power
04
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Focus op de laagste prijs voor de consument In veel Europese gemeenten streven warmte
Nauwelijks prijsstijgingen als gevolg van hoge gasprijs
netbedrijven naar een zo laag mogelijk prijs voor de consument. Deense warmtebedrijven bijvoorbeeld
Het Deense Energie Agentschap heeft in januari 2022
hechten sterk aan transparante communicatie over
de balans opgemaakt inzake de tarieven voor warmte
hun kostprijs. Deze transparantie levert vertrouwen op,
in Denemarken. Voor 2022 blijven bij 90% van de 1,8
maar vooral ook een betere marktpositie ten opzichte
miljoenen Deense huishoudens met een aansluiting
van alternatieve verwarmingstechnieken. Vanwege de
op een warmtenet de tarieven minimaal gelijk. Dat
lage prijzen en de goede service sluiten klanten in
komt vooral doordat het net gevoed wordt door
Denemarken zich graag aan op een warmtenet.
meerdere warmtebronnen en de transparantie over de warmteprijs. De woonbond heeft berekent dat de
Focus op de laagste prijs voor de consument Vertrouwen door non-profit-model en transparantie Opvallend is dat in Denemarken investeerders tegen lage opslagen bereid zijn warmteprojecten te financieren. Ook in de bestaande gebouwde omgeving! Ondanks, of mede dankzij, de focus op de laagste prijs voor de consument. Dat hangt samen met de regulering van warmte in Denemarken. Plannen voor nieuwe warmte- voorzieningen of aanpassingen in de bestaande voorzieningen moeten op basis van een op nationaal niveau vastgesteld format worden doorgerekend op diverse aspecten. Uitgangspunt is dat er diverse alternatieven voor de bewoners worden uitgewerkt. De gemeente kiest vervolgens voor de oplossing die voor de bewoners de laagste kosten met zich meebrengt. Dat geeft de consumenten vertrouwen en leidt tot een aanbod tegen de voor de bewoners laagste kosten. Bovendien krijgen zij periodiek inzicht in de kostprijs van hun warmte en zijn de warmtenetbedrijven verplicht ‘non-profit’ te werken. Zij werken op basis van een lage (maatschappelijke) rendementseis.
gemiddelde klant van een warmtenet in Nederland met 27% tot 54% meer gaat betalen in 2022.
05
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Rendementseis en groei van warmtenetten
Figuur 2 Wijken die aantrekkelijk zijn voor privaat warmtebedrijf.
Figuur 3 illustreert dat een publiek warmtebedrijf alle
In het Deense magazine ‘Hot Cool’ van januari 2019 is heel
wijken zal koppelen aan het warmtenet. Het publieke
eenvoudig beschreven welke rol de rendementseis speelt in
bedrijf zal weliswaar ook graag beginnen met de meest
de ontwikkeling van warmtenetten en het drukken van de
rendabele wijken, maar zal de overwinst gebruiken om ook
kostprijs van warmte. Lars Gullev en Morten Jordt Duedahl maken met een eenvoudig voorbeeld duidelijk wat de
wijken met een lager gemiddeld rendement aan te kunnen
14
18
sluiten. Het gevolg is dat een publiek warmtebedrijf een
(verschillende) effecten van verschillende rendementseisen
groter deel van een gemeente kan voorzien van duurzame
15
zijn op het ontwikkelingstempo bij de uitrol van warmte-
warmte en aantrekkelijke warmteprijzen.
netten. In figuur 1 is voor negen wijken de Internal Rate of Return (= IRR ofwel het rendement) van een business case voor een warmtenet berekend. Daarbij is steeds uitgegaan van een prijs van warmte die lager is dan de alternatieven voor een
Bron: Hot Cool magazine
warmtenet (‘all electric’ op basis van warmtepompen). Figuur 2 toont het aantal welke wijken waarin het voor een Figuur 1 IRR voor negen wijken in Dundee.
privaat warmtebedrijf rendabel is om te investeren. In dit voorbeeld gaat het dan om een beperkt aantal van drie
IRR for DH in the whole city: 4,0%
wijken met een IRR groter of gelijk aan 14%. 3 10
14
18
1 8
Figuur 3 Schets van ontwikkeling publiek warmtenetwerk. IRR for DH in the whole city: 4,0%
15
12 12
3
5 10 14
18
1
Bron: Hot Cool magazine
Deze IRR varieert van 1% tot 18%. Op basis van
8
12
literatuuronderzoek veronderstellen zij dat publieke warmtebedrijven doorgaans een rendementseis van 4% en private warmtebedrijven een rendementseis van 14% hanteren.
15
12
Bron: Hot Cool magazine
06
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Versnelling van de warmtetransitie
b. Publieke warmtebedrijven in gemeenten die open
Inspiratie uit de drinkwatersector
warmtenetwerken willen realiseren. c. Geleidelijke opbouw van relatief kleine warmtenetten
De drinkwatersector in Nederland kent een regulering
(publiek, privaat of coöperatief) in gemeenten waar
op basis van werkelijk gemaakte kosten, inclusief een
nog geen warmtenetten zijn en die een meer geleide-
vergoeding voor financieringskosten op basis van
lijke ontwikkeling voorstaan. Dankzij het publieke
non-profit bedrijfsvoering. Gevolg is dat er forse
eigendom van de warmte-infrastructuur is het op enig
verschillen zijn in de kostprijs van drinkwater tussen de
moment in de toekomst mogelijk de verschillende
verschillende regio’s (variërend van € 1,06 tot € 1,65 per
netwerken te koppelen.
100m3). Tegelijk hebben consumenten goed drinkwater tegen de laagst mogelijke prijs tot hun beschikking. In de
Versnelling van de warmtetransitie
Zorg voor een focus op de laagste prijs voor de
drinkwatersector wordt gerekend met een door de ACM
De Scandinavische leerervaringen kunnen bijdragen
consument in plaats van een redelijk rendement
periodiek vastgestelde gemiddelde vermogenskosten
aan een snellere en efficiëntere uitrol van warmtenetten
voor de ondernemer. Een goed voorbeeld hiervan
van 2,95% en een rendement op eigen vermogen van
in Nederland. Daarvoor is een aantal richtinggevende
vinden we dichter bij huis, bij de drinkwaterbedrijven,
3,24% (WACC). Doel van deze WACC is het voorkomen
keuzes noodzakelijk:
alwaar het bepalen van de drinkwaterprijs plaatsvindt
van overwinsten ter bescherming van gebonden klanten.
op basis van de werkelijk gemaakte kosten (zie kader). Geef publieke bedrijven een prominente rol in de
Transparantie in de kosten die de consumenten in
ontwikkeling en exploitatie van warmtenetten.
rekening worden gebracht is gewenst om wantrouwen
In het whitepaper “Samen voor de meest betaalbare
weg te nemen. Daarnaast is het belangrijk de rende-
uitrol van warmtenetten” van BNG Bank is gepleit voor
mentseis op eigen vermogen te verlagen. De veronder-
het opzetten van publieke warmtebeheerbedrijven die
stelling is dat overheden – naast financiële
op regionaal niveau een leidende rol kunnen spelen in de
overwegingen - ook maatschappelijke effecten laten
ontwikkeling van warmtenetten. Niet alleen, maar
meewegen in hun rendementseis. Het Rijk hanteert bij
indien gewenst, in samenwerking met publieke, private
het bepalen van de rendementseis voor staatsdeelne-
of coöperatieve partners. Gebaseerd op publiek eigen-
mingen als vuistregel dat het rendement (op eigen
dom van de warmtenetten en samenwerking met private
vermogen) 3% boven het rendement op een staatsobli-
bedrijven in de realisatie. De manier waarop de warmte-
gatie moet liggen (op dit moment circa 0%). Sinds 2013
netten worden uitgerold zal verschillen op basis van de
weegt het Rijk ook de risico’s mee die de deelnemingen
omstandigheden per gemeente. Te denken valt aan:
lopen in het normrendement, hetgeen als bandbreedte wordt weergegeven. Het normrendement voor veel
a. Samenwerking tussen gemeenten en private warmtebedrijven in steden waar reeds grootschalige warmtenetwerken zijn (al dan niet via joint ventures).
staatsdeelnemingen beweegt zich tussen de 4% en 6%.
07
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Publieke (of coöperatieve) investeringen maken
geen kostendekkingsbijdrage meer nodig en kan ook
een zakelijke non-profit-realisatie van warmte-
de door de bewoner te betalen aansluitbijdrage worden
netten mogelijk (zonder winstmarge). Een
verlaagd. Anders geformuleerd: “hoe hoger de
De standaard business case van een warmtenetwerk
zakelijk non-profit-realisatie van warmte-infrastructuur
rendementseis van het warmtebedrijf, des te hoger
In vele steden wordt gewerkt aan business plannen
maakt het mogelijk meer woningen sneller en kostenef-
de benodigde subsidie moet zijn”.
voor nieuwe warmtenetwerken of de uitbreiding van bestaande netten. In tabel 3 is – aan de hand van het
ficiënter aan te sluiten op een warmtenetwerk. Het betekent ook dat er minder tot geen subsidies (kostendekkingsbijdragen) nodig zijn.
De kostendekkingsbijdrage (onrendabele top) is in sterke mate gevoelig voor de redementseis van het warmtebedrijf. In tabel 3 zijn effecten op de aansluitbijdrage en de kostendekkingsbijdrage weergegeven wanneer de rendementseis op het eigen vermogen wordt verlaagd. Bij een rendementseis op eigen vermogen van 6% is
Rendementseis eigen vermogen
Internal Rate of Return
Aansluitings- Kostenbijdrage dekkingsbijdrage
12%
4,7%
3.700
2.100
10%
4,1%
3.700
1.400
8%
3,5%
3.700
500
6%
2,9%
3.300
0
4,5%
2,5%
2.500
0
template van het Expertise Centrum Warmte (=ECW) een voorbeeld business case van een project geschetst, uitgaande van een rendement op eigen vermogen van 12%. De investering per aansluiting bedraagt circa € 15.000. Deze moet worden opgebracht door middel van een aansluitbijdrage van de bewoner (€ 3.800) en een kostendekkingsbijdrage (= benodigde subsidie van € 2.100). De resterende investering (= netto investering) wordt door het warmtebedrijf gerealiseerd en moet worden terugverdiend uit de exploitatie. Rendement eigen vermogen
ECW template
Investering per aansluiting
15.000
Aansluitbijdrage*
3.800
Kostendekkingsbijdrage
2.100
6%
9.100
4,5%
4,7%
08
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Optimaliseer de samenwerking tussen Rijk en
energiebelastingen) hebben veel invloed hebben op
Een andere manier waarom overheden gezamenlijk
decentrale overheden. De samenwerking tussen
de afwegingen die consumenten maken om zich aan
de risico’s kunnen reduceren is via instrumenten als
Rijk en decentrale overheden kan geoptimaliseerd
te sluiten op een warmtenetwerk. Juist daarom is het
belasting op fossiele energiebronnen en bevoegdheden
worden waarbij er drie dimensies zijn:
belangrijk dat de Rijksoverheid bijdraagt in het
zoals het daadwerkelijk kunnen stoppen met het
1.
Partners in beleid
beheersen van de vollooprisico’s. Dat kan door
aanbieden van aardgas in wijken waar een kosten-
2.
Partners in het reduceren van risico’s
middel van subsidies, maar kan effectiever door
efficiënt warmtealternatief beschikbaar is.
3.
Partners in financieren en investeren
het afgeven van garanties. >
>
Ad 1. Partners in beleid; ofwel een optimale afstemming instrumenten als energiebelasting, subsidies,
Gezien de staat van de gemeentelijke financiën is het
Schets van een garantieregeling
kapitaalinbreng en garanties
nodig dat de Rijksoverheid gemeenten in staat stelt de publieke warmtenetbedrijven van eigen vermogen te
De nationale overheid gaat over het subsidiebeleid,
Basisvoorwaarde voor een goede garantieregeling is
voorzien. Door de inbreng van eigen vermogen vanuit
de energiebelastingen en het instrumentarium dat
de aanwezigheid van een goed investeringsplan. Een
gemeenten bij de warmtebeheerbedrijven kunnen die
gemeenten ter beschikking staat in de warmtetransitie
warmtebedrijf kan vervolgens een aanvraag doen om
bedrijven zelfstandig financiering aantrekken voor de
(bijvoorbeeld het wetsvoorstel Gemeentelijk Instru-
de inkomsten op basis van een te verwachten ‘volloop’
investeringen in de opbouw van warmtenetten.
menten Warmtetransitie). Het subsidie- en belastingen-
van het warmtenet te garanderen. Om voor de
beleid van het Rijk en de uitvoering van de gemeentelijke
garanties in aanmerking te komen is een kritische
Transitievisies Warmte moeten elkaar versterken. Door
toets randvoorwaardelijk en zal er ook een garan-
de rijksinstrumenten zoals subsidies (ISDE, SDE++,
tie-premie betaald moeten worden. De garantie biedt
SAH, Groeifonds) optimaal af te stemmen op de keuzes
vervolgens wel de zekerheid dat inkomsten uit
in de gemeentelijke Transitievisies Warmte is veel te
levering van warmte redelijk voorzienbaar en stabiel
winnen. Het is immers suboptimaal als er via de ISDE
zijn mits er daadwerkelijk warmte wordt geleverd
bewoners een subsidie krijgen om een warmtepomp
conform vooraf overeengekomen voorwaarden. De
aan te schaffen terwijl op basis van de transitievisie
garantie kan mogelijk ook bescherming bieden tegen
blijkt dat een collectief warmtenet voor bewoners
prijsschommelingen op de energiemarkten en het
het meest kostenefficiënt is.
switchen van afnemers naar alternatieve bronnen als gevolg van onvoorziene omstandigheden. Het
>
Ad 3. Partners in financiering en investeren
Ad 2. Partners in het reduceren van risico’s
voordeel van een (goede) garantieregeling is dat
Bij warmteprojecten is het belangrijk een minimale
slechts in een aantal gevallen een beroep gedaan zal
afzet van warmte zeker te stellen. Dit wordt het
worden op de garantie terwijl een subsidieregeling
vollooprisico genoemd ofwel de mate waarin de
altijd een bedrag overmaakt, terwijl ze hetzelfde doel
capaciteit van het warmtenetwerk ook daadwerkelijk
hebben: zorg dragen voor een aantrekkelijke warmte-
wordt benut. De hoogte en stabiliteit van de prijs van
bron voor de bewoners.
warmte en belastingmaatregelen (aanpassingen in de
09
PAPER Warmtenetten beter investeren dan subsidiëren
Samenvatting Voor een succesvolle energietransitie in Nederland is
Op die manier is een meer systematische warmtetransitie
de ontwikkeling van zowel grootschalige (in de stedelijke
mogelijk gebaseerd op de laagste kosten (en dus draagvlak)
gebieden) als kleinschalige (in de minder stedelijke
voor de consument en kostenefficiency bezien vanuit
gebieden) duurzame warmtenetten gewenst. Op het
de rijksfinanciën. Dit zal bovendien het tempo van de
gebied van de ontwikkeling en financiering van warmte-
warmtetransitie een impuls geven.
netten zijn veel lessen en inspirerende voorbeelden op te halen in met name de Scandinavische landen. Een prominente rol voor publieke bedrijven in de warmtetransitie in combinatie met prijstransparantie en een focus op de laagste prijs voor de consument maken een zakelijke non-profit realisatie van warmtenetten mogelijk (zonder winstmarge). Dat betekent dat meer woningen sneller kostenefficiënt zijn aan te sluiten en dat er minder tot geen subsidies (kostendekkingsbijdragen) nodig zijn. Een goede samenwerking tussen de nationale en decentrale overheden maakt het mogelijk instrumenten als energiebelasting, subsidies, kapitaalinbreng en garanties optimaal op elkaar af te stemmen. Op die manier is daadwerkelijk regie op de warmtetransitie mogelijk. In plaats van het mobiliseren van miljarden subsidies voor de ontwikkeling van warmtenetten is het verstandig te leren
Dank
uit de lessen die zijn opgedaan in de Scandinavische landen
Speciale dank aan Annelies Huijgen (TNO) voor het delen
en deze te implementeren in Nederland. De Rijksoverheid
van de vele inspireerde ervaringen uit andere, met name,
kan beter gemeenten in staat stellen publiek te investeren
Scandinavische landen.
in de realisatie van warmtenetten. Daarnaast lijkt een garantieregeling in combinatie met de afsluitbevoegdheid
Auteurs
van aardgas een efficiënte manier om de risico’s bij de
Marco Attema – Gemeente Groningen
realisatie van warmtenetten sterk te verminderen.
Caspar Boendermaker – BNG Bank
Marco Attema – Gemeente Groningen
Caspar Boendermaker – BNG Bank