ACHTERGRONDINFORMATIE Uitgangspuntennotitie 2022-2025
Tekst van het document
Uitgangspuntennotitie 2022-2025
Gemeente Nieuwkoop 1 juli 2021
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................... 2 1. Inleiding .......................................................................................................................................... 3 2. Financiële samenvatting .................................................................................................................. 5 3. Autonome ontwikkelingen................................................................................................................ 6 4. Lokale heffingen.............................................................................................................................. 8 5. Begroting zonder nieuwe ontwikkelingen ....................................................................................... 10 6. Nieuwe ontwikkelingen .................................................................................................................. 11 6.1. Ruimtelijke ontwikkeling ....................................................................................................... 11 6.2. Ruimtelijk beheer ................................................................................................................. 13 6.3.
Sociaal domein .................................................................................................................... 14 6.4. Bestuur en dienstverlening ................................................................................................... 15 6.5. Bedrijfsvoering ..................................................................................................................... 16 6.6. Algemene dekkingsmiddelen................................................................................................ 17
1. Inleiding Algemeen Deze Uitgangspuntennota 2022 (UPN) bevat de algemene uitgangspunten voor het opstellen van de Programmabegroting 2022-2025. Deze UPN is beleidsarm en wel om de volgende redenen: • In 2022 zijn er verkiezingen voor de gemeenteraad. Het past binnen de bestuurlijke mores om pas na de verkiezingen in te zetten op nieuw beleid. • In maart 2021 waren er verkiezingen voor de Tweede Kamer. De formatie verkeert op dit moment (medio april) nog in een aanloopfase. Het is de vraag welke koers het nieuwe kabinet gaat varen ten aanzien van de taken van gemeenten en de daarbij behorende financiering. De kans is echter groot dat de uitkomst van de formatie ook gevolgen heeft voor de Programmabegroting 2022-2025. • Los van de uitkomsten van de kabinetsformatie zal de huidige Covid-19 crisis ook gevolgen hebben voor de gemeente. Het motto "werken aan herstel" staat daarin centraal, maar wat de inhoud en de vorm daarvan gaat worden is op dit moment nog zeer onduidelijk. De uitkomsten van de eerste financiële verkenning voor 2022 en verder worden in deze UPN weergegeven. De meerjaren overzichten geven een negatief beeld, dat wil zeggen een niet sluitende begroting. De belangrijkste oorzaak hiervan is de sterk oplopende kosten in het Sociaal Domein, zonder dat het rijk voor deze opgedragen taken adequate middelen toekent.
Met name op het gebied van Jeugdzorg wordt het verschil tussen lasten en baten steeds groter. Door de wijze waarop de jeugdzorg op dit moment is gestructureerd geldt helaas de stelling "velen kunnen bepalen, de gemeente moet betalen". Dit maakt dat sturing op beheersing van kosten een moeilijke opgave is. Daarnaast zien wij steeds meer nieuwe taken voor gemeenten zoals de bijdrage aan de energietransitie en de duurzaamheid. Op het gebied van bedrijfsvoering zien wij steeds hogere eisen ten aanzien van informatie-beveiliging en privacy (AVG). Samen met het gegeven dat sprake is van een bijna monopolistische markt op het gebied van ICT zorgt dit voor sterk oplopende kosten. In het bij deze UPN gevoegd raadsvoorstel schetsen wij diverse scenario's hoe de raad om kan gaan met de voorlopige uitkomsten van de financiële verkenning. Belangrijk is wel om in ieder geval de kaders ten aanzien van inflatie etc. vast te stellen. Macro-economische verkenning De wereld om ons heen blijft onverminderd onzeker. Vorig jaar schreven we in de UPN over de drie grote onzekerheden voor de financiële positie van Nieuwkoop, namelijk de gevolgen van de Covidpandemie, de herverdeling van het gemeentefonds en de kostenontwikkeling van het sociaal domein.
Deze drie onderwerpen blijven de boventoon voeren bij de (ook landelijke) discussie over de gemeentefinanciën, hoewel het er op lijkt dat voor Nieuwkoop het gevolg van de herverdeling minder nadelig gaat uitpakken dan vorig jaar werd gevreesd. Een extra complicatie bij deze onzekerheden is de voortgang en uitkomsten van de kabinetsformatie. Het demissionaire kabinet heeft de besluitvorming over het gemeentefonds en de compensatie voor de kosten van met name jeugdhulp doorgeschoven naar het nieuwe kabinet. Dat betekent dat we voor meer dan een derde van de gemeentelijke inkomsten zweven tussen de hoop dat er een oplossing komt waarmee Nieuwkoop verder kan met een gezonde financiële positie en de vrees dat de belangen van de gemeenten ondergeschikt blijken aan andere prioriteiten. Bij de herverdeling is door het Rijk besloten tot weer een aanvullend onderzoek omdat de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) in een tussenrapportage heeft gesignaleerd dat een aantal ontwikkelingen niet goed uitlegbaar is en nadelig voor een aantal gemeenten met een toch al slechte financiële positie. Aangezien het hier gaat over het verdelen van dezelfde "koek" zou een reparatie van dat effect opgebracht moeten worden door de overige gemeenten. Wat dit voor Nieuwkoop betekent is niet aan te geven.
3
Een positieve ontwikkeling is de toenemende aandacht bij het Rijk en provincies, voor de financiële positie van gemeenten. Dat heeft de afgelopen periode in ieder geval geleid tot een aantal onderzoeksrapporten met soms veelzeggende namen als ‘Gemeenten roeien met te korte riemen’. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft in het Centraal Economisch plan dat eind maart is gepubliceerd drie scenario’s beschreven. Naast de basisraming heeft het CPB een scenario uitgewerkt waarbij de pandemie langer en groter wordt dan nu algemeen wordt voorzien. In dat geval is er sprake van mutaties die minder reageren op de beschikbare vaccins. Ook heeft het CPB een scenario uitgewerkt waarin de economie zich sterker herstelt van de crisis. In het pessimistische scenario krijgt de economie in 2021 en 2022 en terugslag. Dit werkt door in de werkloosheid en daarmee op iets langere termijn in de gemeentelijke uitgaven voor bijstand. In het optimistische scenario zal de economie grotendeels, maar niet geheel, herstellen. Door herstructureringen en faillissementen zal ook in dat scenario de werkloosheid hoger zijn dan voor Covid-19. De scenario’s van het CPB zijn vooral ingestoken op de macro-economische (landelijke) effecten en niet direct toepasbaar op lokaal niveau.
Zo zal het effect op de werkloosheid verschillen per regio en sector en zal dus ook de ontwikkeling van de kosten van bijstand niet overal hetzelfde zijn. Wel helpt het bij het vormen van een beeld van de ontwikkelingen die ook op Nieuwkoop af komen.
4
2. Financiële samenvatting 2.1 Meerjarenbegroting bij de start van de UPN In de uitgangspuntennotitie kijken we vooruit naar de begrotingsperiode 2022-2025. Financieel startpunt van onze vooruitblik is de stand van de actuele begroting in meerjarenperspectief. Dat betekent de stand van de primitieve begroting, aangevuld met tussentijds vastgestelde begrotingswijzigingen tot en met de wijzigingen uit de Voorjaarsnota. Bedragen x € 1.000 (een ‘min’-teken voor het bedrag is een voordeel)
Begroting 2022-2025 primitief
2022 4
2023 -118
2024 -3
2025 102
Begrotingswijzigingen t/m april 2021
155
219
181
181
Voorstellen VJN Structureel
311
176
183
183
Voorstellen VJN Incidenteel
20
0
0
0
Startpunt UPN 2022-2025
490
277
361
466
Begroting
2022
2023
2024
2025
Startpunt UPN 2022-2025
490
277
361
466
Totaal autonome ontwikkelingen
95
316
320
644
Totaal lokale heffingen 2022
-117
-117
-117
-117
Begroting inclusief Autonoom en Lokale Heffingen
468
476
564
993
2.2 Saldo meerjarenbegroting 2022-2025 volgens UPN Bedragen x € 1.000 (een ‘min’-teken voor het bedrag is een voordeel)
Naast de bovengenoemde stand van de UPN, zien wij nog extra kosten op ons afkomen in de komende periode welke effect kunnen hebben op de begroting 2022-2025. Deze hebben wij in onderstaande tabel inzichtelijk gemaakt. Verwachte kosten na UPN
2022
2023
2024
2025
Programma 1
30
30
30
30
Programma 2
165
132
132
132
Programma 3
0
0
0
0
Programma 4
50
0
0
0
Programma 5
550
550
550
550
Programma 6
0
0
0
0
Verwachte kosten na UPN (structureel)
712
712
712
712
Verwachte kosten na UPN (incidenteel)
83
0
0
0
5
3. Autonome ontwikkelingen 3.1 Algemene uitkering (AU) 3.1.1 inflatiecorrectie AU 2022 In Nieuwkoop werken we in de begroting met constante prijzen. Voor de begroting 2022 betekent dit dat we in het eerste jaar (2022) rekening houden met de stijgende lasten als gevolg van inflatie en in de daarop volgende jaren (2023 t/m 2025) niet. Deze methodiek hanteren we ook bij de berekening van de algemene uitkering. Voor 2022 voeren we een correctie door voor inflatie, voor de jaren 2023 t/m 2025 houden we de prijzen constant. De inflatiecorrectie (loon- en prijscompensatie) in de Algemene Uitkering voor 2022 is € 533.000. Dit bedrag is gebaseerd op de berekening van het ministerie van BZK in de septembercirculaire 2020. 3.1.2 Meicirculaire Tijdens het voorbereidingsproces van de begroting 2022 komt de meicirculaire 2021 uit. Daarin krijgen we een actueel meerjarenbeeld van de omvang van de Algemene Uitkering. Gelet op het tijdstip van behandeling van de UPN in uw raad, lopen we in deze UPN niet vooruit op de meicirculaire. In de begroting 2022-2025 wordt de meicirculaire wel verwerkt. 3.1.3 Nieuw verdeelstelsel gemeentefonds Sinds 2019 speelt de herziening van de verdeling van de algemene uitkering van het gemeentefonds. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de uitkomsten hiervan in maart 2020 bekend zouden zijn en in de meicirculaire 2020 verwerkt zouden worden.
Op 26 februari 2020 heeft de minister van Binnenlands Zaken aan de Tweede Kamer laten weten dat er nader onderzoek noodzakelijk is en dat de invoering met een jaar wordt uitgesteld. Op 7 december 2020 heeft de minister van BZK de Tweede Kamer geïnformeerd dat de beslissing over de nieuwe verdeling door het volgende kabinet wordt genomen. Dat betekent dat de invoering van de nieuwe verdeling opschuift naar 1 januari 2023. Tegelijk met de brief aan de Tweede Kamer zijn op 7 december 2020 ook de laatste onderzoeksrapporten gepubliceerd. 3.2 Areaal openbare ruimte Het areaal aan openbare ruimte dat de gemeente beheert neemt jaarlijks toe. Het gaat daarbij om de hoeveelheid openbaar groen, riolering, oppervlakten verhardingen, openbaar water en aantallen civiele kunstwerken, lichtmasten, speelvoorzieningen etc. De beheerkosten nemen hierdoor uiteraard ook toe. De uitbreiding van het areaal wordt voornamelijk veroorzaakt door ontwikkeling van nieuwe woningbouwlocaties. Tegenover deze kosten staan ook hogere baten zoals hogere algemene uitkering, hogere belasting inkomsten enz. 3.1.4 Jaarschijf 2025 Jaarschijf 2025 is gelijk aan het jaar 2024. De verandering in 2025 met de decembercirculaire verwerken wij in de begroting 2022. Voor het jaar 2025 krijgen wij € 320.000 extra vanuit de decembercirculaire.
3.3 Loonontwikkeling De Financiële kaderstellingen gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden voor begrotingen 2022, zoals deze is verschenen op 16 november 2020, geeft voor 2022 voor de loonkosten een indexering aan van 1,4%. 3.4 Prijsontwikkeling/inflatie Voor de prijsindexatie voor materiële kosten sluiten we ook aan bij de aanbeveling van de werkgroep Financiële kaderstellingen gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden voor begrotingen 2022. Zowel voor de uitgaven en inkomsten hanteren we 1,1%.
6
3.5 Verbonden partijen Voor de Verbonden Partijen baseren we ons op de concept Programma begrotingen van deze Verbonden Partijen. Daarbij houden we vast aan de indexaties zoals die door de werkgroep financiële kaderstelling zijn vastgesteld. Deze worden doorgaans in juli vastgesteld door het Algemeen Bestuur van deze verbonden partijen. In de Programmabegroting worden de definitief vastgesteld bedragen voor Nieuwkoop opgenomen. 3.6 Tabellen autonome ontwikkelingen In de volgende tabellen zijn de gevolgen van bovenvermelde autonome ontwikkelingen indien van toepassing verwerkt. Bedragen x € 1.000 (een ‘min’-teken voor het bedrag is een voordeel)
Autonome ontwikkelingen
2022
2023
2024
2025
Algemene Uitkering
-533
-533
-533
-533
0
0
0
320
256
256
256
256
0
200
200
200
Inflatie lasten
243
243
243
243
Inflatie baten
-33
-33
-33
-33
Verbonden Partijen
162
183
187
191
Totaal autonome ontwikkelingen
95
316
320
644
Bijstelling jaarschijf 2025 Loonontwikkeling Rentelasten langlopende financieringen
7
4. Lokale heffingen Algemeen Het Collegeprogramma 2019-2022 bevat de volgende algemene uitgangspunten voor de gemeentelijke lasten: 1. de belastingtarieven worden in het algemeen de komende bestuursperiode met niet meer dan het inflatiepercentage verhoogd; 2. belastingtarieven waar individuele producten en diensten tegenover staan zijn niet hoger dan kostendekkend. Extra inkomsten door areaaluitbreiding (een toenemend aantal woningen, inwoners en/of bedrijven) worden primair gebruikt om de extra lasten die dit met zich mee brengt (meer wegen- en rioleringsonderhoud, afvalinzameling, enz) te dekken. De belastinginkomsten laten hierdoor een stabiel beeld zien. Vanaf 2022 zal weliswaar de precariobelasting worden afgeschaft, de hierdoor teruglopende inkomsten zijn al binnen de begroting opgevangen. Onroerende zaakbelasting (OZB) De OZB-opbrengst in de begroting 2021 wordt als volgt berekend: OZB opbrengst 2022 = (A) OZB opbrengst 2021 + (B) inflatie + (C) areaalstijging (A) = de OZB-opbrengst uit de (bijgestelde) begroting 2021 (B) = een verhoging van (A) met de inflatie (1,1%) (C) = een verhoging van de totale OZB-opbrengst evenredig aan de totale toename van het WOZareaal (de voorraad WOZ-objecten). Onderdeel B (inflatie) is meegenomen in de tabel met financiële consequenties van het belastingplan.
Onderdeel C (areaaluitbreiding) volgt in de begroting uit recente informatie van SVHW. Rioolheffing De tarieven voor de rioolheffing zijn 100% kostendekkend. Op dit moment geldt het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2021-2025 (Raadsbesluit 5 november 2020); hierin is voor 2022 een tariefstijging voorzien ter hoogte van de inflatie (1,1%). Voor het begrotingssaldo heeft dit geen gevolgen. Bij 100% kostendekkendheid vallen hogere baten weg tegen hogere lasten en andersom. Afvalstoffenheffing In 2020 is een nieuwe methode van afvalinzameling ingevoerd, gebaseerd op gedifferentieerd tarieven voor restafval. Doelstelling is de jaarlijkse hoeveelheid restafval per inwoner terug te brengen tot maximaal 100 kilo. Los van de nieuwe inzamelmethode nemen de kosten voor met name de verwerking van afval landelijk toe. De tarieven voor de afvalstoffenheffing zijn 100% kostendekkend. Voor het begrotingssaldo heeft dit geen gevolgen. Bij 100% kostendekkendheid vallen hogere baten weg tegen hogere lasten en andersom.
8
Overige belastingen Onder overige gemeentelijke belastingen vallen in 2022; roerende zaakbelasting, forensenbelasting, begraafplaatsrechten, marktgelden en leges (bouwleges, leges burgerzaken en alle andere leges). Voor zover bij deze belastingen het kostendekkendheidsbeginsel geldt, wordt het in Nieuwkoop (nog) niet maximaal toegepast. De leges zijn in Nieuwkoop in de meeste gevallen lager dan kostendekkend. Algemeen uitgangspunt is een jaarlijkse indexering van de opbrengst met het inflatiepercentage (1,1%). Uitzonderingen hierop zijn begraafplaatsrechten en heffingen die verbonden zijn aan wettelijke tarieven die van rechtswege niet mogen worden verhoogd. Bedragen x € 1.000 (een ‘min’-teken voor het bedrag is een voordeel)
Lokale Heffingen 2022
2022
2023
2024
2025
-89
-89
-89
-89
Rioolheffing *)
0
0
0
0
Afvalstoffenheffing *)
0
0
0
0
Overige belastingen
-28
-28
-28
-28
Totaal Lokale Heffingen 2022
-117
-117
-117
-117
Onroerende zaakbelasting (OZB)
9
5. Begroting zonder nieuwe ontwikkelingen Zetten we de gevolgen van de autonome ontwikkelingen en belastingplan onder elkaar en verrekenen we deze gevolgen met de beginstand van de UPN, dan ontstaat het volgende beeld: Voor onderstaande tabellen geldt dat actuele ontwikkelingen in de wereld en de economische gevolgen hiervan bij de begroting uiteindelijk een ander beeld kunnen geven. Ook de uitkomsten van de mei-circulaire van het Gemeentefonds kunnen daarop van invloed zijn. Het college streeft naar de mogelijkheid om de begroting meerjarig materiaal sluitend te maken. Alleen dan blijft de gemeente onder repressief toezicht van de Provincie vallen. Deze tabel laat zien dat we op een negatief begrotingssaldo uit komen.
Scenario 1 Bedragen x € 1.000 (een ‘min’-teken voor het bedrag is een voordeel)
Begroting
2022
2023
2024
2025
Startpunt UPN 2022-2025
490
277
361
466
Totaal autonome ontwikkelingen
95
316
320
644
Totaal lokale heffingen 2022
-117
-117
-117
-117
Begroting inclusief Autonoom en Lokale Heffingen
468
476
564
993
10
6. Nieuwe ontwikkelingen 6.1. Ruimtelijke ontwikkeling Ontwikkelingen De Omgevingswet Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De belangrijkste voorbereidende stappen en acties zijn dan afgerond. Hier zijn kosten aan verbonden (geweest), gedekt uit de hiertoe ingestelde reserve. De implementatie loopt echter door, en begint in bepaalde opzichten pas vanaf de invoeringsdatum. Belangrijk is om daarbij onderscheid te blijven maken tussen incidentele invoeringskosten en ‘nieuwe’ maar feitelijk vervangende structurele kosten. Deze kosten kunnen op dit moment nog niet gekwantificeerd worden. Er liggen landelijke afspraken dat gemeenten na invoering voor 70% aan de lat staan voor de 'beheerkosten' van het Digitaal Stelsel Omgevingswet Over de omvang -ook voor Nieuwkoop- is nog niets te zeggen. Vooralsnog wordt uitgegaan van structurele meerkosten van € 30.000 per jaar. Nieuwkoop Energie neutraal in 2050 Evenals in de UPN 2021-2024 wordt ook in deze UPN aandacht gevraagd voor de kosten en personele capaciteit die benodigd zijn om bovengenoemde doelstelling te behalen. Met de vaststelling van het duurzaamheidsprogramma 2021-2024 op 18 maart 2021 is voorzien in een uitbreiding van capaciteit van 1,5 fte tot en met 2023. In 2023 wordt geëvalueerd of dit voldoende is. Tot en met 2023 wordt deze uitbreiding gefinancierd uit de reserve Duurzaamheid.
Vanaf 2024 zal aan de hand van de evaluatie een keuze moeten worden gemaakt over de benodigde extra capaciteit en de dekking. Daarbij verwachten wij vanuit het Rijk incidenteel en structureel geld voor de uitvoering van taken in het kader van Duurzaamheid. Het betreft hier tenslotte de verwezenlijking van landelijk geformuleerde doelstellingen die lokaal moeten worden uitgevoerd. De verwachting is dat hierin (met de uitwerking van beleid) de komende 2,5 jaar meer duidelijkheid over komt. Uitgangspunt is dat de kosten niet hoger mogen zijn dan de dan van het Rijk te ontvangen middelen. Centrumplan Ter Aar In het zogenaamde tussenbalans-document, dat de raad voor kennisgeving is toegezonden, wordt voorgesteld een marktpartij te selecteren, die een stedenbouwkundige uitwerking met uitgangspunten voor het centrum van Ter Aar gaat opstellen. Ook de verdere uitwerking van de herontwikkeling van de Vlinderlocatie wordt hieraan gekoppeld. Een dergelijke marktpartij zal zich aan beide ontwikkelingen, herontwikkeling van de Vlinderlocatie en centrumontwikkeling, moeten verbinden. De gemeente zal, behoudens als eigenaar van de Vlinderlocatie, niet risicodragend in deze ontwikkelingen deelnemen. Wel is de gemeente verantwoordelijk voor de openbare ruimte. Om het centrum een impuls te geven kan het op termijn wenselijk zijn aanpassingen te doen in die openbare ruimte.
Deze aanpassingen zullen kosten met zich meebrengen. Of hiertoe daadwerkelijk wordt overgegaan is een keuze die binnen een aantal jaren voorligt. Wanneer daadwerkelijk tot een herinrichting van de openbare ruimte wordt gekomen is erg afhankelijk van de bouwontwikkelingen rondom met name de Vlinderlocatie en het verdere (vervolg)proces. Daarom wordt het niet raadzaam geacht hiervoor nu reeds kosten te prognosticeren. Centrumplan Nieuwkoop Op 4 februari 2021 werd door de gemeenteraad de ruimtelijke visie en het Centrumplan "de huiskamer van Nieuwkoop" vastgesteld. Met deze vaststelling is een bedrag van € 10.000 beschikbaar gesteld voor proef parkeren en is tweemaal een bedrag van €40.000 (voor 2021 en 2022) beschikbaar gesteld voor de inzet van een centrummanager.
11
Het plan behelst een tiental projecten. De gemeente is niet bij elk project (al dan niet in financiële zin) betrokken en heeft ook niet bij elk project een rol. Per project zal een afweging worden gemaakt welke projectopzet daarbij het meest geschikt is, welke rol door wie vervult wordt en of vanuit de gemeente hierin geïnvesteerd zal worden. In het raadsvoorstel 'Vaststellen centrumplan Nieuwkoop' is aangegeven dat met betrekking tot het aanpassen van het Regthuysplein gedacht moet worden aan een bedrag van € 25,- tot € 150,- /m2 waarbij voor de beeldvorming nog is aangegeven dat het oppervlak van het plein circa 2200m2 bedraagt. Versnellen woningbouw Op 12 november heeft de raad bij de behandeling van de programmabegroting de motie ‘Aanvalsplan versnellen binnenstedelijke woningbouw’ aangenomen. Door middel van deze motie is het college verzocht de risico’s en kansen te analyseren verbonden aan onze woningbouwlocaties uit het integraal woningbouwprogramma en na te gaan of er en zo ja wat de versnellingsmogelijkheden voor de binnenstedelijke woningbouwlocaties zijn. Op 3 februari is de analyse en onze voorkeur voor scenario 5 (oprichten apart projectbureau woningbouw) aan u toegelicht. Hierop zijn van een viertal fracties zienswijzen ontvangen.
Uit de analyse kwam naar voren dat versnelling alleen mogelijk is bij een zeer forse uitbreiding van de personele capaciteiten (met 8 – 11 fte) in combinatie met het aanbrengen van focus op de woningbouwopgave. Structurele uitbreiding van de capaciteit brengt langjarig kosten en risico's met zich mee. In uw besluitvormingscyclus juni/juli wordt u gevraagd een keuze te maken. Op het moment van schrijven ligt de keuze nog helemaal open.
12
6.2. Ruimtelijk beheer Ontwikkelingen Overdracht bodemtaken Als onderdeel van de Omgevingswet worden de gemeenten bevoegd gezag voor de uitvoering van de bodemtaken. Per 1 januari 2021 worden de bodemtaken, die nu door de provincie worden uitgevoerd, overgedragen. De provincie inventariseert nog hoe de overdacht zo goed mogelijk kan plaatsvinden. Er is op dit moment nog niets bekend over de financiering van de nieuwe taken en de bijdrage die de gemeenten hiervoor ontvangen. De hoogte van het bedrag wordt in de loop van 2019 bekend. De provincie heeft de bodemtaken ondergebracht bij de Omgevingsdienst en omdat het basismilieutaken betreffen, zal de ODWH de uitvoering nu voor de gemeenten voortzetten. Geo-informatie centraliseren Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de volgende (wettelijke) taken; Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT), Wet Waardering onroerende Zaken (WOZ), BasisRegistratieOndergrond (BRO) en Kernregistratie GEOvisia (BOR). Deze registraties hebben met elkaar gemeen dat ze geo-informatie bevatten. Het is van belang dat al deze data op elkaar worden afgestemd en aan de landelijk voorziening worden geleverd (wettelijke plicht). De organisatie hiervoor is momenteel versnipperd in de organisatie.
Toegangscontrole Milieustraat Na de invoering van het inzamelsysteem 'Afval scheiden loont' is er een toename van het aantal bezoekers van 25%. Hiermee is de hoeveelheid aangeboden afval gestegen met 35%. Omdat nu niet altijd duidelijk is of het enkel inwoners van Nieuwkoop zijn en/of het aanboden afval geen bedrijfsafval betreft, is het wenselijk om een toegangscontrole bij de milieustraat in te voeren. De toegangscontrole kan door middel van 'afvalpassen' worden gereguleerd. We willen afvaltoerisme en bedrijfsafval werken en er komt volgend jaar een voorstel voor het invoeren van de toegangscontrole. Beleid en beheerplan begraafplaatsen Voor alle beheerelementen in de openbare ruimte is een beleid en beheerplan, hierna te noemen plan. Tot op heden is deze er (nog) niet voor de vier gemeentelijke begraafplaatsen. Het is wenselijk om hier dan ook een plan voor te maken. Het plan geeft, naast het inzicht in het areaal dat in eigendom, beheer en onderhoud is, ook een doorkijk in kosten en baten voor de komende 5 jaar. Aangezien de baten (grafrechten en begraafleges) vanzelfsprekend kunnen fluctueren, is het gewenst om een financiële voorziening in te stellen.
13
6.3. Sociaal domein Ontwikkelingen Jeugdhulp In 2021 en 2022 bereiden we een aanbesteding van de jeugdhulp voor samen met Alphen aan den Rijn en Kaag en Braassem. Aan de hand van populatiebekostiging wordt zoveel mogelijk gewerkt met een integrale opdracht. Omdat we aannamen dat met deze manier van bekostigen een besparing mogelijk was, hebben we de meerjarenbegroting niet opgehoogd terwijl dat wel nodig was op basis van de ramingen voor de jeugdhulp van de TWO Holland Rijnland. 2022 is een overgangsjaar. Daarnaast doen we een quick scan in hoeverre een besparing door de andere manier van aanbesteden ten opzichte van de meerjarenbegroting realistisch is. Bij de begroting 2022 zal hierover meer bekend zijn. Aanbestedingen Wmo Tijdens het opstellen van deze uitgangspuntennotitie loopt de aanbesteding van de Wmo ondersteuning. Dit is een omvangrijke opdracht. In de meerjarenbegroting 2021 hebben we rekening gehouden met de onderkant van de berekende bandbreedte. Er is een risico dat de aanbesteding tegenvalt en duurder uitpakt. Dat risico bedraagt maximaal ca. € 500.000 per jaar. We verwachten dat we de opdracht voor de zomer kunnen gunnen. In hoeverre het risico van hogere kosten zich manifesteert weten we dan ook en dat zal worden meegenomen in de begroting 2022.
Visie op sport en bewegen en het subsidiebeleid Veel aandacht gaat op dit moment in het sociaal domein uit naar de (kosten van) jeugdhulp en Wmo. Tussen het opstellen van deze uitgangspuntennota de begroting 2022 worden ook (de evaluatie van) het subsidiebeleid en de visie op sport en bewegen behandeld in de gemeenteraad. De financiële consequenties daarvan zijn afhankelijk van de daarin te maken keuzes en zijn op dit moment nog lastig in te schatten. Ten opzichte van de financiële risico’s rond de Wmo en de jeugdhulp vallen de financiële consequenties van de visie op sport en bewegen en het subsidiebeleid naar verwachting mee, gegeven ook het belang ervan voor veel inwoners.
14
6.4. Bestuur en dienstverlening Ontwikkelingen Kwaliteitseisen BRP (Basisregistratie) De doorontwikkeling van onze dienstverlening gaat gepaard met het steeds meer digitaal aanbieden van onze producten en diensten. De doorontwikkeling is van invloed op het werk van Burgerzaken. Door de implementatie van digitale diensten en producten middels applicaties is er meer oog nodig voor kwaliteit en de betrouwbaarheid van de inhoud, maar ook de beveiliging van de opslag en het dataverkeer. Ook de borging van kwaliteit van de diverse applicaties (de informatievoorziening) is steeds belangrijker gebleken. Dienstverlening rondom Omgevingswet Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De belangrijkste voorbereidende stappen en acties zijn dan afgerond. (Zie programma 1). Echter biedt de komst van de Omgevingswet aankomende tijd uitdagingen op het vlak van gemeentelijke dienstverlening. Werken vanuit de leefwereld van onze inwoners wordt voor het team fysieke leefomgeving de nieuwe standaard. Het zorgdragen voor een stevig dienstverlenings fundament realiseren wij middels het inrichten van onze digitale dienstverlening via de website, sociale media, het Omgevingsloket, het ontsluiten van het digitale stelsel (DSO=platform) en de implementatie van het zaaksysteem (Berichtenbox).
Ook gaat het om persoonlijke contacten met casemanagers en gaat het ook over snelheid van de dienstverlening en servicenormen. Kortom een breed kleurenpallet aan te nemen stappen, waar de dienstverlening de komende jaren aan trends en ontwikkelingen onderhevig zullen zijn. Verkiezingen en samenstelling college In 2022 zullen verkiezingen voor gemeenteraad plaatsvinden. Met de daaraan verbonden kosten wordt uiteraard rekening gehouden in de begroting 2022. Daarnaast kan de uitkomst van de verkiezingen en de coalitievorming een verandering in de samenstelling van het college met zich meebrengen. Hier wordt geen rekening mee gehouden in de begroting, maar zal, indien noodzakelijk bij Voorjaarsnota of Decembernota tot een voorstel tot aanpassing van de begroting kunnen leiden. Ambities dienstverlening Een klein percentage van onze inwoners loopt vast of verdwaalt in de complexiteit van de wet- en regelgeving van de overheid, maar ook daarbuiten. Belangrijk is dat deze inwoners niet uit het zicht verdwijnen. In toenemende mate wordt van de gemeente verwacht dat zij inwoners ondersteunt door het verschaffen van de juiste informatie. Het artikel van de ombudsman is daarvan een voorbeeld. De Ombudsman pleit voor één loket voor alle overheidsdiensten. Een inwoner moet het gemeentehuis binnen kunnen lopen en zeggen: ‘Dit is mijn vraag of probleem, help mij’.
Daarbij wordt ook in toenemende mate van de gemeente verwacht dat zij inwoners ondersteunt bij vragen die niet per definitie gerelateerd zijn aan gemeentelijk taken. Een vraag kan bijvoorbeeld gaan over rijksbelastingen of over een per ongeluk vernietigde bankafschrift en zelfs een kapotte koelkast. Na vaststelling van het dienstverleningsconcept kunnen we starten met een ‘Informatie- en hulploket’. Denk hierbij aan een vorm van hosting. De focus zal komen te liggen op het tijd vrijmaken om het gesprek aan te gaan met onze inwoners en het vroegtijdig signaleren van het achterliggend probleem of verhaal.
15
6.5. Bedrijfsvoering Ontwikkelingen Informatisering In 2020 is het Informatiebeleid en het Informatiebeveiligingsbeleid voor de periode 2020-2024 vastgesteld, op basis van de digitale agenda 2020 van de VNG. Nieuwe wetgeving gaat standaard uit van een digitale werkwijze en gemeenten die hun informatiehuishouding op orde hebben. Onze informatievoorziening is in de loop der jaren complexer geworden en is moeilijker te beheren en steeds lastiger te beveiligen. Nieuwkoop bekijkt als ‘slimme volger’ of een ontwikkeling van meerwaarde kan zijn voor ónze gemeente. Een aantal projecten zijn uitgevoerd (o.a. makelaar naar de Cloud, veilig mailen), zijn in uitvoering (zaakgericht werken, omgevingswet, inrichting Microsoft Teams), of staan gepland voor uitvoering (o.a. Datagedreven werken). Allemaal gericht op digitaler werken. Het doel van dit geheel is om zo efficiënt en effectief samen te werken met de inwoners en bedrijven van de gemeente. Dit gaat alleen op wanneer informatie digitaal, gestructureerd (zaakgericht) en op één plaats wordt opgeslagen (zaaksysteem). Of de invoering van de Omgevingswet. Ook dit past bij een digitaler Nieuwkoop. Het doel van de Omgevingswet is het vereenvoudigen en samenvoegen van de regels voor ruimtelijke plannen.
Het team I&A staat inmiddels steviger op de kaart, bij wijzigingsvoorstellen wordt vooraf toegezien op de effecten voor informatiebeveiliging, of de wijziging past binnen de ICT architectuur, welke kosten er mee zijn gemoeid en of de uitgaven voor de gevraagde wijzigingen rechtmatig zijn. Datagedreven werken en Common Ground komen door landelijke ontwikkelingen steeds prominenter op de agenda, hiervoor is inmiddels een medewerker gegevensbeheer aangenomen. die zich bezig gaat houden met processen en informatiestromen, en zorgen voor de borging van de kwaliteit van onze gegevens. Tot slot is de trend om binnen de gemeente Nieuwkoop zoveel mogelijk applicaties naar de cloud te brengen zodat de gemeente wordt ontzorgd. Decentrale ICT kosten Elke afdeling heeft decentrale ICT kosten voor de applicaties die nodig zijn om de taken uit te voeren. Verouderde systemen worden na een aanbesteding vervangen. Een voorbeeld hiervan is Financials. Voor nieuwe taken worden nieuwe systemen aangeschaft. Zaakgericht werken is hiervan een voorbeeld. Zaakgericht werken is een basisvoorwaarde bij de uitvoering van de Omgevingswet. Deze nieuwe systemen die ook veel meer toepassingsmogelijkheden kennen zijn echter fors duurder. Dit zal zijn weerslag hebben op de structurele kosten in het ICT beheerplan.
Lonen Voor de lonen zijn wij uitgegaan van het loonbedrag van de begroting 2021 rekening houdend met genomen besluiten na verwerking van de begroting 2021. De huidige Cao is al verlopen en de onderhandelingen zijn stopgezet. De uitkomst van de onderhandelingen voor de nieuwe Cao is voor onze begroting een onzekere factor. Daarnaast zien wij de tendens dat er meer jongeren in dienst treden die in eerste instantie goedkoper zijn in de loonkosten. Door de hevige concurrentie op de arbeidsmarkt stijgen de aanvangslonen snel en groeien medewerkers eerder door in hun loonschaal.
16
6.6. Algemene dekkingsmiddelen Ontwikkelingen Financiën Binnen het programma algemene dekkingsmiddelen ligt de focus komende jaren op het verder doorontwikkelen van het in 2020 geïmplementeerde financiële systeem. Komende jaren zal datatechnologie en het gebruik van dashboards en infographics steeds meer gevraagd gaan worden binnen onze dienstverlening. Om mee te gaan met deze vraag zal de gemeente moeten investeren in het nieuw aangeschafte financiële pakket. De investeringen voor deze doorontwikkeling zullen worden meegenomen in de ICT beheerplannen van komende jaren. Rente Voor de financiering van al lopende en nog te verwachten investeringen moet langlopende financiering worden aangetrokken. Hierdoor gaan de rentelasten stijgen. Tot en met het begrotingsjaar 2022 komen de externe rentekosten volledig ten laste van de grondexploitaties. Vanaf het begrotingsjaar 2023 is dat, mede door het afsluiten van grondexploitaties, niet meer mogelijk. In verband hiermee is m.i.v. 2023 een stelpost van € 200.000 opgenomen.
17