Achtergrondinformatie: Reactie op technische vragen VVD - RV Vaststellen belastingverordeningen en tarieven en brief 418 over motie onderzoek korting leges bij verduurzamen woning
Tekst van het document
Reactie op technische vragen van de VVD over Raadsvoorstel Vaststellen belastingverordeningen en -tarieven 2025 en (daaraan gekoppeld) brief 418 over Motie onderzoek korting leges bij verduurzamen woning Vaststellen belastingverordeningen en -tarieven 2025 De annulering van een partnerschap of huwelijk kan in bepaalde omstandigheden voorkomen. Het is wenselijk om hiervoor een vast bedrag op te nemen in de gemeentelijke tarieven, zodat betrokkenen vooraf op de hoogte zijn van eventuele kosten die hiermee gemoeid zijn. Hiermee voorkomen we onduidelijkheid en dragen we bij aan een eenduidige toepassing van de regels. Vraag 1A. Hoe vaak komt het voor (afgezet tegen het totaal aantal huwelijken/partnerschappen per jaar) dat sprake is van een annulering? Antwoord: In 2023 zijn er 66 huwelijken en 54 partnerschappen gesloten, in 2024 tot nu toe 96 huwelijken en 51 partnerschappen. Er is spraken van +- 15 annuleringen per jaar, in een uitzonderlijk geval is er zelfs zeven keer geannuleerd door een koppel (dit is niet in de 15 keer meegeteld). Vraag 1B. Vindt uw college het reëel om bij het in rekening brengen van annuleringskosten rekening te houden met (aantoonbare) overmacht, bijvoorbeeld persoonlijke of familie omstandigheden? Zo niet, waarom niet? Antwoord: Er is opgenomen dat annuleren eenmalig kosteloos is.
Wij informeren daarnaast altijd naar de reden van annulering en bij bijzondere omstandigheden zijn we uiteraard coulant. Concept verzoek. Vraag 2A. Wat maakt dat u het initiatief van de rijksoverheid ‘Verken uw idee’ afwacht en -uit oogpunt van gemeentelijke dienstverlening- niet zelf start met de gedachte achter dit idee, namelijk in de fase voorafgaand aan een concept verzoek een initiatiefnemer op weg helpen? Antwoord: Het is niet zo dat wij, tot de introductie van ‘Verken uw idee’, een initiatiefnemer in de fase voorafgaand aan een conceptverzoek geen mogelijkheden bieden om een initiatief te verkennen. Naast de voorlichting van het Omgevingsloket, waar initiatiefnemers aan de balie, telefonisch of per e-mail terecht kunnen met hun vragen over het omgevingsplan, is er voor initiatiefnemers nu ook al de mogelijkheid om via een ambtelijk of bestuurlijk principeverzoek een indicatie van de haalbaarheid van hun initiatief te krijgen. De mogelijkheid om een ambtelijk of bestuurlijk principeverzoek in te dienen blijft straks bestaan onder de nieuwe naam ‘Verken uw idee’. Vraag 2B. Wat is de meerwaarde van genoemd rijks initiatief ten opzichte van de huidige praktjk? Antwoord: De introductie van ‘Verken uw idee’ heeft geen gevolgen voor de inhoudelijke beoordeling van principeverzoeken. De meerwaarde van ‘Verken uw idee’ ligt in de gebruiksvriendelijkheid.
Het landelijk loket kent nu nog geen eigen indieningscategorie voor principeverzoeken, waardoor principeverzoeken nu alleen als conceptverzoek kunnen worden ingediend. De inhoudelijke behandeling van een conceptverzoek, waarbij alleen wordt beoordeeld of een vergunningaanvraag juist is ingevuld en volledig is, verschilt erg van de inhoudelijke behandeling van een principeverzoek, waarbij de haalbaarheid van een initiatief getoetst wordt. Bovendien wordt de beoordeling van beide verzoeken uitgevoerd door twee verschillende afdelingen binnen de ambtelijke organisatie. Nu moet de behandelend ambtenaar na indiening beoordelen of een ingediend verzoek als principe- of als conceptverzoek behandeld moet worden. Vaak is het nodig om hiervoor contact op te nemen met de initiatiefnemer. ‘Verken uw idee’ zal functioneren als een eigen
indieningscategorie voor principeverzoeken, waardoor principe- en conceptverzoeken efficiënter behandeld kunnen worden. Daarnaast zal het voor de initiatiefnemer eenvoudiger worden om een principeverzoek in te dienen, omdat het landelijk loket beter aansluit bij de verschillende vormen van omgevingsoverleg die de gemeente Nieuwkoop aanbiedt. Hierdoor zullen initiatiefnemers waarschijnlijk minder vaak een beroep doen op het Omgevingsloket voor hulp bij het indienen van een principeverzoek. Paragraaf 2.12 art. 2.12.1 milieubelastende activiteit: Vraag 3A. Geldt het genoemde tarief per milieubelastende activiteit of voor alle van een aanvraag omgevingsvergunning deel uit makende milieubelastende activiteiten? Antwoord: Het tarief geldt per milieubelastende activiteit. In artikel 2.20 zijn hierop twee aanvullende bepalingen opgenomen. Allereerst is geregeld dat als op een milieubelastende activiteit onder meer dan één van de artikelen 2.12 tot en met 2.18 valt, alleen het meest gunstige van toepassing zijnde tarief in rekening wordt gebracht. De tweede aanvulling luidt dat, als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, op al deze activiteiten het artikel van toepassing is waaronder de bedrijfstak valt die bepalend is voor de kernactiviteit.
Vraag 3B. Gaat het hierbij om een kostendekkend tarief? Zo niet, waarom niet? Antwoord: De beoordeling van een vergunningaanvraag voor een milieubelastende activiteit wordt uitgevoerd door de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH). De ODWH heeft per activiteit een raming gemaakt van het aantal uren dat zij gemiddeld nodig heeft om een aanvraag voor deze activiteit te beoordelen. Dit tarief is tot stand gekomen door het aantal geraamde uren voor de beoordeling van een milieubelastende activiteit te vermenigvuldigen met het uurtarief van de ODWH. De ODWH brengt ons echter het aantal uren in rekening dat daadwerkelijk aan de beoordeling besteed is, en dit kan afwijken van de raming. Gemiddeld genomen is het tarief dus kostendekkend, maar voor een individuele aanvraag kan het dus voorkomen dat het tarief niet kostendekkend is. Vraag 3C. Is dit tarief vergelijkbaar met dat van de ons omringende gemeenten? Antwoord: De tarieven van de ons omringende gemeenten voor 2025 zijn nog niet bekend. Daarom is het tarief dat de gemeente Nieuwkoop in 2024 hanteert vergeleken met de tarieven van de ons omringende gemeenten. Hieruit blijkt dat het tarief voor deze activiteit in Nieuwkoop in 2024 (€ 1.972,30) lager lag dan in de ons omringende gemeenten. De tarieven van de omringende gemeenten voor deze activiteit lopen namelijk uiteen van € 2.087,00 tot € 3.309,00.
Het is daarom de verwachting dat het voorgestelde tarief voor 2025 vergelijkbaar of lager zal zijn dan de tarieven van de ons omringende gemeenten. Brief 418 motie onderzoek korting leges bij verduurzamen woning Passage uit de brief: Om drempels weg te nemen voor woningbezitters zien wij mogelijkheden via wijziging van de regels in het omgevingsplan. Via dit beleidsinstrument kunnen activiteiten met een ruimtelijke impact (extra) worden vrijgesteld van een vergunningplicht of aan een meldplicht of algemene regels worden gebonden. Dit zou mogelijk geïntroduceerd kunnen worden voor bijvoorbeeld energiebesparende maatregelen waarbij woningen aan de buitenzijde worden geïsoleerd waardoor het bruto volume van de woning toeneemt, er sprake is van het plaatsen van geluid producerende buitenunits van warmtepompen, kleine windwokkels etc. Eerder hebben wij u naar aanleiding van vragen over het bouwen van containerombouwen in de voortuin aangegeven dat in de loop van 2025-2026 een aanvang gemaakt gaat worden met themagerichte wijzigingen van het omgevingsplan.
Vraag 4: Wat zijn de zwaarwegende redenen van uw college om het omgevingsplan niet in deze raads-/collegeperiode aan te passen op basis van een motie van deze gemeenteraad? Antwoord: De transitie naar het volwaardig omgevingsplan is een omvangrijke en complexe opgave. Sinds de invoering van de Omgevingswet hebben gemeenten een omgevingsplan van rechtswege gekregen. Dit wordt ook wel het tijdelijk deel van het omgevingsplan genoemd. Het tijdelijk deel omgevingsplan bevat alle huidige bestemmingsplannen over en naast elkaar gelegd, plus een aantal verordeningen met regels over de fysieke leefomgeving en de bruidsschat met aan de gemeente overgedragen Rijksregels. Dit alles bij elkaar vormt een lappendeken van regels. Om een omgevingsplan te maken dat voldoet aan de Omgevingswet moeten er regels uit de verschillende documenten worden samengebracht, onderling afgestemd en geharmoniseerd. Op dit moment beslaan ca. 54 bestemmingsplannen de gehele gemeente Nieuwkoop, die op verschillende momenten in werking zijn getreden. Neem daarbij onze regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving die in diverse verordeningen staan. Dan is het begrijpelijk dat het maken van een volwaardig omgevingsplan geen eenvoudige opgave is. Momenteel wordt de basis gelegd voor de opbouw en structuur van het omgevingsplan (het raamwerk) in de vorm van een eerste gebiedsgerichte wijziging.
Dit vergt veel tijd en capaciteit van de organisatie, waardoor het niet mogelijk is om gelijktijdig een thematische wijziging uit te werken. De volgordelijkheid speelt hierbij ook een rol. Het is van belang om door middel van de gebiedsgerichte wijziging eerst de basis goed op orde te hebben en het raamwerk vast te stellen. Vanuit deze basis zal het volwaardige omgevingsplan verder worden opgebouwd. De volgende stap in deze opbouw zal de (eerste) thematische wijziging zijn, waarin in ieder geval de nieuwe regels voor het vergunningvrij bouwen worden vastgelegd. In de tussentijd zijn er nog steeds (ruimtelijke) ontwikkelingen mogelijk, de wereld staat niet stil. Er zijn kaders om aan te toetsen en procedures die kunnen worden gevolgd om ontwikkelingen daadwerkelijk tot stand te laten komen, ook tijdens de transitieopgave naar het volwaardig omgevingsplan. Gezien de tijd die nodig is om de eerste gebiedsgerichte wijziging uit te werken, voorzien wij dat de thematische wijziging niet eerder opgestart kan worden dan reeds is aangegeven. Voor de volledigheid wordt nog opgemerkt dat iedere wijziging van het omgevingsplan (dus ook een thematische wijziging) de wettelijk voorgeschreven voorbereidingsprocedure moet doorlopen.