ACHTERGRONDINFORMATIE - Reactie op technische vragen van VVD over Financiële Verordening 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel Financiële verordening 2026 1. Is het nodig c.q. wenselijk om aan artikel 10, lid 2 (In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteren burgemeester en wethouders aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de gemeente, exclusief de dotaties aan de reserves.) toe te voegen “waarbij fouten en onzekerheden samen worden beoordeeld.” Zo niet, waarom niet? Sinds de nieuwe Kadernota Rechtmatigheid geldt dat “onder afwijkingen wordt verstaan fouten en afzonderlijke posten waarvan bij het college onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid. Het percentage van maximaal 2% geldt voor fouten en onduidelijkheden opgeteld.” Ook wordt in lid 3 expliciet genoemd dat geconstateerde afwijkingen bestaan uit zowel fouten als onduidelijkheden. Daarmee zou het expliciet benoemen in lid 2 niet meer ‘nodig’ zijn. 2. In het 3e lid van artikel 10 staat “In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader toegelicht.” Kun u motiveren waarop het genoemde bedrag waarboven afwijkingen worden toegelicht, is gebaseerd? De rapporteringsgrens heeft geen invloed op de diepgang van de werkzaamheden maar alleen op de diepgang van rapporteren van de bevindingen.
De rapporteringstolerantie is ongewijzigd ten opzichte van eerdere jaren waarin dit specifiek werd voorgeschreven door het ‘Besluit accountantscontrole decentrale overheden’. Aangezien deze grens circa 1% van ons begrotingstotaal is, blijft deze grens ook voor de komende jaren werkbaar. Gewijzigde afschrijvingstermijnen (nota activa en activa en afschrijving 2023- 2026) 3. dient de gemeenteraad deze gewijzigde termijnen vast te stellen? Zo ja, waarom is dit niet vermeld in het raadsvoorstel? Ja, dit is net als de begrippenlijst een bijlage bij de Financiële verordening. Met het besluit wordt de Financiële verordening inclusief bijlages vastgesteld. Zie in de inleiding van het raadsvoorstel tevens ook de verwijzing naar de toelichtende was-wordt tabel afschrijvingstermijnen waarbij met name aan wordt gesloten bij de al vastgestelde beheerplannen voor de komende jaren. 4. kunt u toelichten waarom de afschrijvingstermijn m.b.t. Woonruimte (woningen) en Bedrijfsgebouwen (Gebouwen/vastgoed) grotendeels van steen c.q. grotendeels van hout komen te vervallen? Wij hebben ervoor gekozen om dit samen te voegen onder Gebouwen (vastgoed) waarbij we voor nieuwe gebouwen 40 jaar hanteren en voor bestaande gebouwen 30 jaar.
We maken geen onderscheid meer tussen steen en hout omdat in de praktijk de gebruiksduur van gebouwen met name wordt bepaald door beleidsmatige keuzes en minder door het toegepast bouwmateriaal.