ACHTERGRONDINFORMATIE - Reactie op technische vragen D66 over Raadsvoorstel Vaststelling Preventie- en Handhavingsplan Alcohol 2024
Tekst van het document
Technische vragen Preventie- en handhavingsplan Alcohol van D66 1. De doelstellingen zijn als volgt geformuleerd: 1.1. inzet op verlaging van het percentage jongeren onder de 18 jaar dat recent alcohol heeft gedronken (betreft nu 25%); 1.2. NIX18 normaliseren: verhoging van het percentage ouders dat alcoholgebruik van hun kinderen actief ontraadt en afspraken hierover maakt (betreft nu 22%); 1.3. (sport)verenigingen vormen een positieve leefomgeving zonder alcohol voor minderjarigen; 1.4. bevorderen van de naleving van NIX18 bij evenementen.
Is er bij 1.1. en 1.2. een aanvaardbaar percentage vastgesteld? Deze twee doelstellingen zijn rechtsreeks overgenomen uit de Lokale Preventieagenda Sociaal Domein en de raad heeft deze al vastgesteld. We zouden doelpercentages vast kunnen stellen, maar deze zijn dan hoogst arbitrair. Want wat is een voldoende verlaging voor het percentage jongeren onder 18 jaar dat recent alcohol gedronken heeft? Alcoholgebruik onder 18 jaar is wettelijk verboden en zou strikt gezien naar nul moeten dalen. We verwachten niet dat dit haalbaar is. Het percentage ouders dat afspraken over NIX18 maakt zou eigenlijk 50% of hoger moeten zijn. Dan is het normaler dat ouders wél afspraken over alcoholgebruik maken, dan niet. We streven hier zeker naar op de lange termijn (10 jaar of langer) maar we verwachten dit niet te kunnen bereiken in de komende vier jaar. Dit vergt een cultuuromslag en dat heeft lange tijd nodig. Hoe worden 1.3 en 1.4 gemeten? De voorgestelde interventies op het gebied van educatie en bewustwording maken deel uit van de tussentijdse evaluatie van de Preventieagenda. We zullen evalueren welke interventies hebben plaatsgevonden en welk effect dit heeft gehad. Dit doen we in de vorm van tellen en vertellen. Een voorbeeld hiervan is de interventie ‘NIX18 in de voetbalkantine’.
We tellen het aantal verenigingen dat deelneemt, het aantal trainingen Instructie Verantwoord Alcohol Schenken dat is gevolgd en het aantal verenigingen dat een verantwoord alcoholbeleid heeft opgesteld. We vertellen hoe de samenwerking gaat en of we verandering ervaren. De voorgestelde interventies die zien op de inzet van toezicht en handhaving worden jaarlijks cijfermatig inzichtelijk gemaakt. Op basis van de aantallen controles en/of mogelijke geconstateerde overtredingen en/of de aard van de mogelijke geconstateerde overtredingen kan de inzet van de gemeentelijke handhavers herijkt worden. Daarnaast vindt iedere vier jaar een uitgebreide evaluatie plaats op basis van de beschikbare cijfers van de GGD, de jaarlijkse cijfers ten aanzien van toezicht en handhaving en input van samenwerkingspartners. Hierbij worden de realisatie van activiteiten, effecten van beleid en achterliggende verklaringen op een rij gezet. Op basis hiervan kunnen we vaststellen in hoeverre het beleid de gewenste uitkomsten heeft opgeleverd en op welke punten we het beleid kunnen bijstellen. 2.
Welke criteria worden toegepast voor het instellen van alcoholverbodsgebieden? Het moet gaan om een gebied waar een gerechtvaardigde vrees voor verstoring van de openbare orde bestaat vanwege het nuttigen van alcoholhoudende drank dan wel het bij zich hebben van aangebroken flesjes en blikjes met alcoholhoudende drank dan wel dat er gevreesd wordt dat bij
het niet aanwijzen van deze gebieden in de toekomst sprake zal zijn van aantasting van de openbare orde als gevolg van hinderlijk drankgebruik. Het in kaart brengen van mogelijke gebieden die hiervoor in aanmerking zouden kunnen/moeten komen gebeurt in samenwerking met de politie gebaseerd op signalen, meldingen en/of ervaringen. 3. Er kan door de gemeente handhavend worden opgetreden als de Alcoholwetgeving en de aanvullende regelgeving niet wordt nageleefd. Waarom wordt er gekozen voor 1 keer per 2 jaar controle op alcoholvergunning? De opgenomen basis controlefrequentie van tenminste 1 keer per 2 jaar houdt in dat alle vergunninghouders, ongeacht eventuele signalen, meldingen of constateringen van overtredingen, in ieder geval eens per 2 jaar een bezoek krijgen. Hierdoor houden we het vergunningenbestand actueel en bevorderen we het nalevingsgedrag. Waar mogelijk of noodzakelijk, vanwege het regelmatig constateren van overtredingen of signalen/meldingen controleren we vaker. Indien een overtreding wordt geconstateerd kan dit in de praktijk leiden tot één of meerdere hercontroles (in hetzelfde jaar). De inrichting, instelling of ondernemer die regelmatig de Alcoholwet-regels overtreedt wordt dus frequenter gecontroleerd dan de inrichting, instelling of ondernemer die de regels goed naleeft.
Hiermee willen we stimuleren dat inrichtingen, instellingen en ondernemers zelf ook toezien op de naleving van de alcoholwet. 4. Bij para commerciële inrichtingen ligt de focus op voorlichting en controle leeftijdsgrens. Betekent dat dat er geen sancties worden toegepast? Nee, het betekent niet dat er per definitie geen sanctie(s) worden toegepast indien er sprake is van (herhaaldelijke) overtredingen bij paracommerciële inrichtingen. Maar we zijn ons wel bewust van het feit dat (sport)verenigingen afhankelijk zijn van (regelmatig wisselende) (bar)vrijwilligers. Daarom is er, voornamelijk aan het begin van het jaar, aandacht voor voorlichting in de vorm van een bezoek aan de start van het seizoen (zie tabel 4, p. 14) en het aanbieden van gratis begeleiding door het JOGG Teamfit en het organiseren en faciliteren van de cursus ‘Instructie Verantwoord Alcoholschenken’ (IVA) voor barvrijwilligers. 5. Is de sanctiestrategie met betrekking tot de alcoholwet bekend bij de bedrijven, verenigingen en instellingen binnen onze gemeente? Zijn er specifieke maatregelen genomen om hen hierover te informeren en te zorgen dat zij op de hoogte zijn van de geldende regels en mogelijke sancties bij overtredingen? Het huidige ‘Horecabeleid en Horecasanctiebeleid Voor (para-)commerciële lokaliteiten’ is uit 2013.
Er wordt momenteel hard gewerkt aan het actualiseren van de sanctiestrategie om voorafgaand aan dan wel zeer snel volgend op de vaststelling van het Preventie- en Handhavingsplan Alcohol de geactualiseerde sanctiestrategie gereed te hebben. Zodra de sanctiestrategie gereed is worden inrichtingen, instellingen en ondernemers over de actualisatie geïnformeerd. 6. Er komt meer toezicht op het handhaven van de openstellings- en schenktijden. Hoe wil de gemeente dat vormgeven? Door de geplande controlebezoeken aan bijvoorbeeld (sport)verenigingen op een goed tijdstip te laten plaatsvinden, afgestemd op de schenktijden zoals genoemd in de APV. Zie ook vraag 7.
7. Er wordt een verschil gemaakt in het de tijden waarop alcohol mag worden verstrekt bij para commerciële instellingen en sportieve para commerciële instellingen. Waarom wordt daar een onderscheid gemaakt? Waarom is hier gekozen voor een aanvang om 12.00 uur? Bij sportverenigingen speelt de jeugd haar wedstrijden in de ochtend en normaliter zijn de wedstrijden van de oudere jeugd (boven 18 jaar) en de volwassenen in de middag. Daarom mogen sportverenigingen vanaf het middaguur alcohol schenken. Tegelijkertijd streven we naar een verantwoord alcoholbeleid. Daartoe gaan de JOGG-regisseur en een expert van Sportief Besteed groep in gesprek met sportverenigingen met een para-commerciële horecavergunning. We starten binnenkort hiermee bij de voetbalverenigingen in het kader van de pas gestarte campagne ‘NIX18 in de voetbalkantine’. Een verantwoord alcoholbeleid omvat ook een aanvangstijd van alcoholschenken die past bij de situatie op de vereniging. Een mogelijke verschuiving naar een later tijdstip stimuleren we, maar wel op vrijwillige basis.
8. In de nota wordt aangegeven dat er 0,41 fte nodig is, er nu 0,31 fte beschikbaar is. Er wordt aangegeven dat de ontbrekende fte per 2026 naar verwachting structureel kan worden ingezet. Is er al meer zicht op effectuering? Voor de toezicht en handhavingsactiviteiten zoals opgenomen in het plan is 0,41 fte nodig. Momenteel is er 0,1 fte toezicht- en handhavingscapaciteit beschikbaar. Dit betekent dat we voor de uitvoering 0,31 fte tekort komen. Aan de gemeenteraad is voorgesteld (besluitpunt 2 uit het raadsvoorstel) om de 0,31 fte tekort aan toezicht- en handhavingscapaciteit in te vullen met incidentele middelen door middel van tijdelijke inhuur en in de loop naar de kadernota te bezien hoe dit in de begroting 2026 structureel te borgen is.