ACHTERGRONDINFORMATIE - Reactie op technische vragen D66 over het Raadsvoorstel VVE
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen D66 over het Raadsvoorstel Voor- en vroegschoolse educatie (VVE)-beleid gemeente Nieuwkoop 2024-2026 'Een goede start voor gelijke kansen'. Toelichting op de beantwoording van alle vragen. In de vragen wordt gesproken over VEbeleid. Hiermee wordt eigenlijk VE-programma bedoeld. - Een VE-programma is een educatief programma dat erop gericht is om de ontwikkeling van kinderen te stimuleren. Ze worden ingezet om onderwijsachterstanden te voorkomen en te bestrijden. Vraag 1: In het vorige beleid werkten alle opvanglocaties met 1 VE-beleid, nu wordt het mogelijk gemaakt dat opvanglocaties ieder een ander beleidspakket kiezen. Is de vraag voor deze aanpassing gekomen door VE-locaties? Antwoord: De VE-locaties gaven in verschillende overleggen aan dat zij het programma Peuterpraat verouderd vonden. Daarnaast passen de thema’s en de visie van Peuterpraat niet bij elke organisatie. Vraag 2: De wijziging lijkt te komen, omdat er behoefte is aan een moderner VE-beleid. Waarom gaan niet alle opvanglocaties gezamenlijk over op een nieuw VE-beleid? Antwoord: Het biedt kansen voor een IKC om gezamenlijk te kiezen welk VE-programma het beste aansluit bij hun visie. Dit kan samenwerking in een IKC versterken. Bij een verplicht nieuw VE-programma worden deze kansen weggenomen. Daarnaast zit er verschil in de visie van de kinderopvangorganisaties.
Bij veel andere gemeenten bepalen kinderopvangorganisaties zelf met welk VE-programma zij willen werken. Wettelijk is bepaald dat een programma de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal emotionele vaardigheden op gestructureerde en samenhangende wijze moet stimuleren. Werken met verschillende VE-programma’s veroorzaakt dus geen problemen, de inhoud is altijd voldoende om te werken aan onderwijsachterstanden. Wij vinden het belangrijk dat de kinderopvangorganisaties tevreden zijn met de methode waarmee zij werken. Vraag 3: Wie betaalt voor het gezamenlijke VE-beleid momenteel en wie betaalt straks voor de individuele VE-beleidspakketten? Antwoord: De gemeente heeft voorheen het programma Peuterpraat gedeeltelijk bekostigd. Momenteel zitten er geen kosten aan het VE-programma Peuterpraat. Als een kinderopvangorganisatie wil overstappen naar een ander programma betalen zij zelf de kosten. Vraag 4: Zijn er met het gezamenlijk werken in 1 pakket financiële voordelen die niet behaald worden wanneer met verschillende pakketten wordt gewerkt? Zo ja, hoe ziet dat verschil eruit? Antwoord: Als een kinderopvangorganisatie besluit om met een ander VE-programma te werken, wordt dit in de werkgroep 6- besproken. Zo kan er worden gekeken om eventueel samen te werken in het overstappen naar een ander programma.
Dan kan er worden gekeken naar eventuele financiele voordelen. Kosten van het overstappen naar een ander VE-programma is voor de kinderopvangorganisatie zelf.
Vraag 5: Waarin zitten verschillen in VE-beleidspaketten? Is dat alleen in methodiek of ook in inhoud. Bijvoorbeeld; zijn er verschillen in wel/geen aandacht voor religie of wel/geen aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling? Antwoord: De wet stelt enkele eisen aan voorschoolse educatieprogramma’s. Het programma moet de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal emotionele vaardigheden op gestructureerde en samenhangende wijze stimuleren. Verschillen in de programma’s: - visie; - thema’s; - aandacht voor een specifiek ontwikkelgebied, bijv. taal; - werken met verschillende materialen; - gebruiksvriendelijkheid, bijv welke computervaardigheden worden er gesteld aan de pedagogisch medewerkers die ermee moeten werken; - aansluiting met het programma van de basisschool en hun kindvolgsysteem, zodat gegevens makkelijk worden overgedragen.