ACHTERGRONDINFORMATIE 2020-060c Actualisatie strategisch plan onderwijs en huisvesting 2020
Tekst van het document
gemeente Nieuwkoop afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling
Actualisatie strategisch plan onderwijs en huisvesting
Inhoudsopgave 1
Aanleiding ___________________________________________________________ 3
2
Kaders ______________________________________________________________ 4
3
Evaluatie huidig plan __________________________________________________ 5
4
Relevante ontwikkelingen ______________________________________________ 8
4.1
Opvang en ontwikkeling van jonge kinderen__________________________________ 8
4.2
Fusie van schoolbesturen ________________________________________________ 8
4.3
Fusie van scholen ______________________________________________________ 8
4.4
Duurzaamheid _________________________________________________________ 9
4.5
Stikstofregelgeving/PFAS _______________________________________________ 11
5
Visie op onderwijshuisvesting __________________________________________ 13
6
Beschrijving plannen onderwijshuisvesting per dorpskern__________________ 14
6.1
Ter Aar______________________________________________________________ 14
6.2
Zevenhoven/Noordeinde ________________________________________________ 14
6.3
Langeraar ___________________________________________________________ 15
6.4
Nieuwveen ___________________________________________________________ 16
6.5
Nieuwkoop ___________________________________________________________ 17
6.6
Noorden _____________________________________________________________ 18
7
Woerdense Verlaat ___________________________________________________ 19
8
vertrouwelijke bijlage A financieel kader _________________________________ 21
9
bijlage B leerlingprognoses 2019 _______________________________________ 22
2
1
Aanleiding
In 2015 heeft de gemeenteraad het Strategisch Plan Onderwijs en Huisvesting voor het Primair Onderwijs vastgesteld. Een ambitieus plan, waarmee de nieuwbouw van vier Integrale Kindcentra (IKC) in onze gemeente mogelijk werd gemaakt. In de aanleiding van het plan uit 2015 stond omschreven dat de wereld rondom onderwijs en onderwijshuisvesting volop in beweging was. Het passend onderwijs was net ingevoerd, het groot onderhoud werd overgedragen aan schoolbesturen, jaar later, anno 2020, is de dynamiek niet anders. Er zijn allerlei ontwikkelingen gaande die invloed hebben op onderwijshuisvesting in Nieuwkoop, zowel landelijk als lokaal. Deze ontwikkelingen vragen om een herijking van het strategisch plan. Onderstaand worden deze ontwikkelingen kort beschreven. Zo hebben we in de afgelopen jaren te maken gehad met een overspannen bouwmarkt, waardoor de kosten voor het nieuwe Ashram College en de twee eerste Integrale Kindcentra in Ter Aar en Zevenhoven flink zijn opgelopen. Dit vraagt om een nieuwe doorrekening van benodigde kosten en beschikbare middelen. Daarnaast zijn er ontwikkelingen rondom basisschool De Meent in Woerdense Verlaat. In 2015 was de toekomst van deze kleinschalige school onzeker. Er is toen in het strategisch plan opgenomen dat huisvesting voor De Meent bekeken zou worden wanneer er meer duidelijkheid zou zijn over de toekomst van de school.
Recent heeft het schoolbestuur waar De Meent onder valt, SPCO, bij ons aangegeven dat zij De Meent ook op lange termijn in stand willen houden en behoefte hebben aan nieuwe huisvesting voor De Meent. Zij hebben in overleg met Vereniging Beatrix, de dorpsraad en Polderpret een voorstel gedaan voor een nieuw gebouw op de huidige locatie van gebouw Beatrix, dat de functie van basisschool, kinderopvang en dorpshuis zou kunnen hebben. In dit plan gaan wij verder in op dit voorstel. Naast deze vragen spelen er nog allerlei andere veranderingen, zoals fusies van scholen, verschuivingen in leerlingprognoses, veranderingen in peuteropvang en kinderopvang, aangescherpte duurzaamheidscriteria en stikstofbeleid, etc. Al met al genoeg redenen om het oorspronkelijke plan uit 2015 te actualiseren.
3
2
Kaders
Het beleid voor onderwijshuisvesting is gebaseerd op verschillende onderwijswetten, zoals de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) en de Wet op het Voortgezet Onderwijs (WVO). Gemeenten hebben binnen dit wettelijk kader de zorgplicht om te voorzien in voldoende en adequate onderwijshuisvesting binnen de eigen gemeentegrenzen. Wettelijke zorgplicht De wettelijke zorgplicht voor onderwijshuisvesting door gemeenten richt zich onder andere op (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding, grootschalige renovatie en eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair (bij oprichting nieuwe school, niet bij een fusieschool). Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Op grond van de onderwijswetten en ter uitvoering van de wettelijke zorgplicht stelt de gemeente een verordening vast; de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs. In deze verordening voldoende en adequate onderwijshuisvesting. Het uiteindelijke bedrag dat de gemeente beschikbaar stelt voor een voorziening kan van het normbedrag afwijken. Bijvoorbeeld wanneer blijkt dat door ontwikkeling van de actuele marktprijzen het bedrag onvoldoende is om een voorziening te realiseren, of wanneer er extra wensen en ambities zijn, zoals duurzaamheid en multifunctionaliteit. De verordening voorzieningen onderwijs en huisvesting gemeente Nieuwkoop is vastgesteld in 2015, gelijk met het vorige strategisch plan.
De verordening is gebaseerd op de landelijke modelverordening van de VNG. In juli 2020 komt de VNG met een nieuwe modelverordening, waarschijnlijk wordt de Nieuwkoopse verordening daar ook op aangepast. Eigendomsverhouding Schoolbesturen zijn op grond van de onderwijswetten (juridisch) eigenaar van de gebouwen. Zij zijn verantwoordelijk en aansprakelijk voor het gebruik en dienen 'als goed huisvader' voor het gebouw zorg te dragen, zoals het plegen van adequaat onderhoud. Wanneer een school ophoudt te bestaan dan is bij wet geregeld dat het schoolgebouw om niet terug valt naar de gemeente. Doorgaans wordt ook wel gezegd dat de gemeente 'economisch eigenaar' is en dus het 'economisch claimrecht' heeft van het schoolgebouw. Dit zijn echter geen formeel juridische uitdrukkingen opgenomen in de wet. Een variant op het standaard overdragen van het juridisch eigendom bij ingebruikname van een schoolgebouw, is het aangaan van een ingebruikgevingsovereenkomst tussen gemeente en schoolbestuur. Wederzijdse rechten en plichten zijn hierbij gelijk aan overdracht van het juridisch eigendom, alleen blijft de gemeente eigenaar van het gebouw. Voor deze vorm wordt vaak gekozen bij multifunctionele accommodaties waar naast onderwijs nog diverse andere functies in gehuisvest worden. Dit is ook het geval bij het IKC Ter Aar.
Nieuwe regelgeving IHP In Nieuwkoop werken gemeente en schoolbesturen al jarenlang samen aan toekomstbestendige onderwijshuisvesting. Dit is niet overal in het land het geval. Daarom gaat het Rijk gemeenten verplichten een Integraal Huisvestingsplan (IHP) op te stellen in samenwerking met schoolbesturen. Wat de precieze eisen aan het IHP worden en wanneer deze bekend worden, is op het moment van schrijven van dit stuk nog onduidelijk. Het lijkt er echter op dat het zal gaan om een gezamenlijk lange termijn plan met een visie op onderwijshuisvesting, nieuwbouw- en renovatieplannen en afspraken over beheer en onderhoud. Al deze aspecten komen terug in deze actualisatie van het strategisch plan. Wij verwachten daarom hiermee al invulling te geven aan de nieuwe wettelijke eisen. Mocht dit anders blijken te zijn, dan komen wij hier bij uw raad op terug. Wij willen niet wachten met het actualiseren van het strategisch plan, omdat we het noodzakelijk vinden om op korte termijn inzicht te
4
3
Evaluatie huidig plan
Hoe is de uitwerking van het huidige plan verlopen, wat is er bereikt, wat is goed gegaan en waar kunnen we van leren? Het strategisch plan was alleen gericht op het basisonderwijs, daarom was het plan voor nieuwbouw van het Ashram College in Nieuwkoop er niet in opgenomen. Bij deze evaluatie willen we toch ook graag even stilstaan bij de bouw van het Ashram College, omdat we hier ook waardevolle ervaring hebben opgedaan op het gebied van onderwijshuisvesting. Begin 2020 is de nieuwe locatie van het Ashram College Nieuwkoop in gebruik genomen. Met de opening van het nieuwe gebouw was de conclusie dat er samen met het Ashram College een mooi resultaat bereikt is. Er staat een gebouw dat aan de binnenkant, modern, praktijkgericht onderwijs in een prettige sfeer mogelijk maakt voor de leerlingen maar ook een mooi aangezicht biedt voor het dorp Nieuwkoop aan de buitenkant. De duurzaamheidsambitie BREEAM niveau 3 wordt ruim behaald, wellicht wordt dit na toetsing van het gehele bouwproces zelfs BREEAM niveau 4. Wij hopen dat het nieuwe gebouw met ruime mogelijkheden voor leren in de praktijk veel VMBO-ers zal overhalen zich in Nieuwkoop in te schrijven. Er waren ook tegenvallers gedurende het proces. Zo hebben wij uw raad
van fors dalende leerlingaantallen bij het Ashram College.1 Kritische analyse van leerlingprognoses Tijdens de ontwikkeling van het Ashram College hebben we gemerkt dat leerlingprognoses erg kunnen schommelen. Dit geldt voor het voortgezet onderwijs wel in veel grotere mate dan voor het basisonderwijs. Bij het voortgezet onderwijs heeft een school een veel groter verzorgingsgebied en speelt populariteit van een school een veel grotere rol dan in het basisonderwijs, waar het overgrote deel van de kinderen in het eigen dorp naar school gaat. Toch toetsen we bij de ontwikkeling van de Integrale Kindcentra de leerlingprognoses kritisch aan eigen gegevens met betrekking tot leeftijdsopbouw en woningbouwplannen in de betreffende dorpskernen. Voor de benodigde ruimte voor kinderopvang willen we hetzelfde doen, met de kanttekening dat de behoefte aan kinderopvang veel meer schommelt dan de behoefte aan onderwijs. Behoefte aan kinderopvang hangt ook sterk over ontwikkelrecht voor alle kinderen, e.d. Focus bij duurzaamheid Zevenhof, hebben we gekozen voor de methodiek BREEAM om duurzaamheid te meten en keuzes te maken met betrekking tot duurzaamheid. BREEAM is een methode om aan verschillende duurzaamheidsaspecten aandacht te geven bij de ontwikkeling, exploitatie en sloop van een gebouw.
Dat maakt het mogelijk tijdens het ontwerpproces van een school verschillende maatregelen tegen elkaar af te wegen. BREEAM werkt met een beoordelingslijst waarbij voor maatregelen binnen verschillende aspecten van duurzaamheid punten kunnen worden toegekend. Het gaat daarbij niet alleen om energieprestaties, maar om een veel breder palet aan opties. Zo kan een totaalbeoordeling gegeven worden voor de duurzaamheid van een school(ontwerp). Tijdens de ontwikkeling van het Ashram College concludeerden we al dat de BREEAM methodiek erg breed is, en dat het voor de
1 Inmiddels is er voor het eerste schooljaar in de nieuwbouw (20/21) sprake van een verdubbeling van het aantal aanmeldingen van nieuwe leerlingen van ruim 40 naar ruim 80. Hopelijk is dit het begin van herstel van het leerlingaantal. 5
aandachtsgebieden van BREEAM. De focus die we hebben gelegd betreft gezondheid Dit betekent niet dat we geen overige duurzaamheidsmaatregelen nemen in die aansluiten bij de ambities uit ons beleidskader duurzaamheid. Zie het hoofdstuk duurzaamheid voor een nadere uitwerking. Ontwikkelingen bouwkosten tegenvallende resultaten van de aanbestedingen. Dit terwijl er gedurende de ontwerpfase van de gebouwen bij elke tussenfase doorrekeningen waren gemaakt van de te verwachten kosten. Op basis
budgetten opgehoogd, anticiperend op ontwikkelingen in de steeds krapper wordende bouwmarkt. Toch vielen de aanbestedingsresultaten tegen. Het lijkt erop dat een bepaalde onzekerheid met betrekking tot inschrijvingen van de markt niet te voorkomen is. Het is ook nog moeilijk te zeggen wat voor effect COVID-19 gaat sorteren op dit vlak. Integratie sportfunctie In 2017 kwam ter discussie of er bij het IKC Ter Aar geen sporthal zou moeten komen, ter vervanging van Sporthal De Vlinder. Hier is vervolgens een uitgebreid participatietraject voor doorlopen met inwoners van Ter Aar, een commissie van raadsleden en de kernpartners van het IKC. De keuze is gevallen op het toevoegen van een sporthal aan het IKC Ter Aar. Dit biedt kansen voor meer sporten en bewegen door de kinderen in het IKC, maar ook stimuleert het de functie van het IKC als sociaal hart van het dorp Ter Aar. Dat de discussie pas startte toen het ontwerpproces van het IKC Ter Aar al op gang kwam, leidde tot irritatie bij de kernpartners en extra druk op de planning. Ook was er in het begin van het participatieproces veel verwarring in het dorp over het onderwerp (verdwijnt de sporthal?). Om dit te voorkomen willen we eerder een besluit nemen over de toevoeging van een sportfunctie aan het IKC Nieuwveen, zie hiervoor de paragraaf over Nieuwveen.
Projectmanagement verschillende pijlers; inhoudelijke samenwerking, ontwerp van het gebouw en beheer en exploitatie. De ervaring leert dat het ontwerpproces van het gebouw sneller en soepeler kan verlopen als afspraken rondom inhoudelijke samenwerking en beheer en exploitatie al nader zijn uitgewerkt. Het gezamenlijke doel waar het gebouw aan moet bijdragen en de praktische eisen aan het gebouw samen met het schoolbestuur WIJ de Venen, van te voren het kader rondom beheer en exploitatie per IKC gereed te hebben. Ook willen we de kernpartners stimuleren al vroeg te beginnen met het verder We zijn blij dat basisschool Aeresteijn en Stichting Kinderopvang Liemeer hier al mee van start zijn gegaan in Langeraar. Betrekken direct omwonenden participatie voor het hele dorp, de direct omwonenden van een toekomstig IKC als aparte groep te benaderen. Zij hebben vaak een aantal specifieke wensen en zorgen, zoals bouwhoogte, omvang van het gebouw, afstand van het gebouw tot de woning, geluidshinder, verkeersafwikkeling, parkeerdruk. Door hen vanaf het begin van het proces te betrekken en input te laten geven voor oplossingen,
6
Procedure bestemmingsplan gevolgd. In Ter Aar is vanwege de projectplanning de bestemmingsplanprocedure in gang gezet voordat het ontwerp van het gebouw klaar was. In Zevenhoven hebben we eerst de contouren van het gebouw ontworpen en daarop het bestemmingsplan gemaakt. Deze procedure heeft voor de volgende soort gebouw dat in hun woonomgeving ontwikkeld wordt.
7
4
Relevante ontwikkelingen
4.1
Opvang en ontwikkeling van jonge kinderen
Nieuw VVE-beleid Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het voorkomen en verminderen van ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen, door middel van vroeg- en voorschoolse educatie (VVE). In februari 2020 heeft de gemeenteraad nieuw VVE-beleid vastgesteld, dat is ontwikkeld in samenspraak met onderwijs en kinderopvangorganisaties. Onderdeel hiervan is een vertaling van het nieuwe beleid van het Rijk dat vanaf september 2020 gemeenten verplicht om het aanbod aan VVE uit te breiden van minimaal 10 uur per week naar minimaal 16 uur per week. Nieuw is dat het VVE programma voor peuters met een (dreigende) ontwikkelingsachterstand niet alleen via de halve dagopvang voor peuters wordt aangeboden, maar ook op de kinderdagverblijven. De uitbreiding van VVE heeft mogelijk gevolgen voor de ruimtebehoefte voor peuteropvang. Dit is mede afhankelijk van in hoeverre ouders daadwerkelijk hun kinderen gebruik laten maken van het uitgebreidere aanbod. We zullen dit in het eerste jaar van het uitgebreide programma samen met de kinderopvangorganisaties monitoren. Integratie peuteropvang Vanaf september 2020 wordt Stichting Peuterspeelzalen Nieuwkoop opgeheven en wordt de opvang van peuters voor halve dagen buiten het kinderdagverblijf om georganiseerd via de kinderdagverblijven Polderpret, Stichting Kinderopvang Liemeer, Kindcentrum De Boomhut,
makkelijker om deze peuters in gecombineerde groepen op te vangen. In Langeraar gebeurt dit al. Mogelijk zullen er op meerdere locaties gemengde groepen ontstaan van peuters waarbij de opvang bekostigd wordt door middel van kinderopvangtoeslag, en peuters waarvan ouders gebruik maken van gemeentelijke subsidie voor opvang en ontwikkeling van peuters. Dit kan gevolgen hebben voor de ruimtebehoefte voor kinderopvang op de verschillende locaties. Het biedt vooral kansen om in kleinere kernen een voorziening voor peuteropvang in stand te houden.
4.2
Fusie van schoolbesturen
In 2017 zijn de schoolbesturen in de regio een stap verder gegaan in de onderlinge samenwerking, door middel van twee fusies. De Veenplas en Woudse Venen fuseerden tot WIJ de Venen, SOPORA en SKBA fuseerden tot Morgenwijzer. Daarnaast maakten de nieuwe schoolbesturen WIJ de Venen en Morgenwijzer afspraken over een logischere herverdeling van hun scholen. Op termijn is het de bedoeling dat alle scholen in de gemeente Nieuwkoop (uitgezonderd De Meent, dat onder SPCO valt) onder het bestuur van WIJ de Venen komen te vallen. Wij zijn blij met deze onderlinge samenwerking, die ook de afstemming tussen gemeente en schoolbesturen vergemakkelijkt. Voor het beheer en de waarbij we per IKC kijken naar de best passende invulling van beheer en exploitatie. Voor het IKC De Vaart richten we een gezamenlijke beheerstichting op. Vervolgens wordt er per locatie bekeken wat voor de betreffende locatie het beste model voor beheer en exploitatie is.
4.3
Fusie van scholen
Een van de doelen van de bestuurlijke fusies, was het vergemakkelijken van fusies tussen scholen. Hiermee beogen de besturen in elke dorpskern op lange termijn kwalitatief goed, toekomstbestendig en nabij onderwijs te kunnen blijven bieden. In 2017 zijn de scholen Johannes De Doper in Noordeinde en De Zevenhof in Zevenhoven gefuseerd tot De Diamant. In 2019 zijn De Tamboerijn en de St. Nicolaasschool in Nieuwveen gefuseerd tot De Veenvogel. In 2020 fuseren de Ter Aarse scholen De Fontein, De Vosseschans en Het Kompas tot De Vaart. De fusie van scholen vergroot de 8
aanbod krijgen op het gebied van onderwijs, opvang en ontwikkeling.
4.4
Duurzaamheid
De gemeente Nieuwkoop heeft hoge ambities op gebied van verduurzaming. Deze ambities zijn vastgelegd in het Beleidskader Duurzaamheid, dat op 28 mei 2020 door de raad wordt vastgesteld. In het beleidskader staan zes belangrijke opgaven beschreven; energietransitie, klimaatadaptie, circulaire economie, biodiversiteit, mobiliteit, en eigen organisatie. Hieronder laten we zien hoe de beleidskader duurzaamheid. Algemeen Doordat we momenteel en de komende jaren een groot deel van onze onderwijsgebouwen vervangen door nieuwbouw, hebben we heel veel kansen om dit deel van ons vastgoed aanzienlijk te verduurzamen. Na afronding van dit strategisch plan is het oudste schoolgebouw in Nieuwkoop van de BREEAM systematiek. Deze methode biedt de mogelijkheid om bij het ontwerpen van een zijn ontworpen met BREEAM score very good. Waarbij de nadruk heeft gelegen op de pijlers Energie (energiezuinig gebouw, EPC=0) en Gezondheid (goed binnenklimaat, zoals goede ventilatie en toepassen van deze methodiek voort. Bij de uitwerking van de duurzaamheidsambitie betrekken we de gebruikers van de gebouwen. Ook in het dagelijks gebruik van de gebouwen kan veel winst gemaakt worden op het gebied van duurzaamheid. Verder willen we samen met de partners de keuzes. Energietransitie De overstap van een energievoorziening die gebaseerd is op fossiele, eindige bronnen, zoals
energievoorziening en bewust gebruik van zuinige apparatuur.
duurzaamheidsnormen die voor nieuwbouw gaan gelden vanaf 2021, namelijk dat de gebouwen maximale energiebehoefte van de gebouw gebonden installaties (ventilatie, verwarming, verlichting) en aan het aandeel eigen energie dat een gebouw moet opwekken. Een gebouw mag dus niet teveel energie gebruiken, en een gebouw moet een groot deel van zijn energie zelf opwekken. In het beleidskader duurzaamheid hebben we de ambitie opgenomen dat alle gemeentelijke gebouwen vanaf 2030 energieneutraal zijn (opgave de eigen organisatie). Bij de nieuwbouw van de van schoolgebouwen, maar de schoolbesturen hebben de verantwoordelijkheid voor onderhoud, beheer en exploitatie. Investeringen in besparing op of opwekking van energie leveren ook voordelen op in de exploitatie. Daarom zijn we met schoolbesturen in gesprek over de mogelijkheden om mee te investeren in duurzaamheidsmaatregelen die zij op afzienbare termijn in de exploitatie kunnen terugverdienen. Wettelijk gezien komt er steeds meer ruimte voor schoolbesturen mee te investeren in energiebesparende maatregelen. Ook kunnen schoolbesturen soms gebruik maken van landelijke subsidieregelingen voor bijvoorbeeld zonnepanelen, waar de gemeente geen gebruik van kan maken. Onze schoolbesturen staan hier positief tegenover. Zo hebben we met het schoolbestuur van het 9
Ashram College de afspraak gemaakt dat zij zelf over een periode van 7 jaar het aantal zonnepanelen op het dak aanvullen tot er sprake is van een energieneutraal gebouw. Hierbij kunnen zij gebruik maken van een landelijke subsidieregeling voor zonnepanelen. Ook bij de aanbesteding van de bouw investeringen in duurzaamheid die besparingen opleveren in de exploitatie. Voor bestaande schoolgebouwen hebben we ons samen met het schoolbestuur WIJ de Venen aangesloten bij De Schooldakrevolutie. De Schooldakrevolutie is een project van Stichting Schooldakrevolutie, de gemeenten en de schoolbesturen in de regio Holland Rijnland. Het doel is om zoveel mogelijk schoolgebouwen te voorzien van zonnepanelen en kinderen te laten leren over duurzaamheid. Het biedt schoolbesturen de gelegenheid om een lening af te sluiten voor het plaatsen van zonnepanelen en onderzoek te doen naar een aantal quick wins op het gebied van het verduurzamen van het gebouw. Naast meer groen energieverbruik bespaart dit op de lange termijn ook kosten. Daarnaast kunnen leerlingen ook meer lessen over duurzaamheid krijgen. Voor de Antoniusschool in Noorden worden de mogelijkheden voor verduurzaming vanuit De Schooldakrevoluatie onderzocht. Met behulp van PVT panelen kunnen schooldaken mogelijk ook warmte produceren voor de omliggende wijk. PVT panelen produceren stroom maar ook warm water.
Gezien het grote dakoppervlak van een school, kan het gebouw in aanvulling op het voorzien in eigen energiebehoefte ook een rol krijgen in het voorzien van andere gebouwen in de omgeving. De warmte die geproduceerd wordt kan, naast eigen gebruik, ook geleverd worden aan bijvoorbeeld (naastgelegen) warmtenetten die worden aangelegd in het kader van het aardgasvrij maken van woonwijken. We
Klimaatadaptie Aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Scholen (schoolgebouwen en pleinen) kunnen bijdragen aan het klimaatbestendig worden van de zo veel mogelijk groene buitenruimte. Dit geeft kinderen de gelegenheid om veel te spelen en te bewegen, maar kan ook bijdragen aan het verminderen van hittestress en waterverwerking tijdens piekbelasting. Meer begroeiing zorgt voor een prettigere leefomgeving en brengt een evenwichtiger microklimaat met zich mee. We onderzoeken samen met de scholen de mogelijkheden voor subsidie voor schoolpleinen met veel begroeiing en (opvangmogelijkheden voor en hergebruik van) water. Circulaire economie Een kringloopeconomie waarin restproducten en reststoffen steeds weer opnieuw, zo hoogwaardig mogelijk, worden gebruikt. Het circulair bouwen is een uitgangspunt dat steeds meer toegepast wordt. Dit is het ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van materialen, producten en gebouwen, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Dit betekent dat een gebouw en de buitenruimte zoveel als mogelijk ontwikkeld wordt met materialen van duurzame herkomst die aan het einde van de levensduur ook weer hergebruikt kunnen worden. Het is mogelijk deze ambitie mee te nemen in de BREEAM systematiek. De gemeentewerf is al ontworpen met circulair bouwen als uitgangspunt.
Het is de ambitie van de gemeente dit voor toekomstige gebouwen, waarvan de gemeente bouwheer is, zoveel mogelijk toe te passen. We onderzoeken de houdend met de beschikbare bouwkredieten. Wanneer we de oudere schoolgebouwen slopen, hebben we aandacht voor een duurzame manier van slopen waarbij zoveel mogelijk materialen een nieuwe bestemming krijgen. Hiervoor gebruiken we 10
de BREEAM methodiek voor slopen als handvat. Voor de sloop van De Zevenhof hebben we het BREEAM niveau 4 (excellent) certificaat behaald. Deze ambitie hebben we ook voor de sloop van de andere bestaande schoolgebouwen. Biodiversiteit De soortenrijkdom van de natuur. Door het aanleggen van groene schoolpleinen willen we ook de biodiversiteit in de omgeving van de
gebouwd en ingericht wordt dat een gebouw bijdraagt aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden. Bovendien dient rekening gehouden te worden met de Flora- en faunawetgeving. Het gaat vaak om maatwerk, dat vrijwel altijd onderzoek en maatregelen vereist. Om vertraging tijdens de ontwikkeling
College is bijvoorbeeld rekening gehouden met dieren in de omgeving bij het verlichtingsplan, en zijn er nestkasten voor vleermuizen gerealiseerd. Mobiliteit uitlaatgassen.
kinderen via voetpaden en fietspaden. Op deze manier stimuleren we dat zoveel mogelijk kinderen te voet of met de fiets naar het IKC komen. Dit is niet alleen beter voor de verkeerscirculatie en verkeersveiligheid, maar draagt ook bij aan duurzame mobiliteit.
4.5
Stikstofregelgeving/PFAS
Nieuwkoop is een groene gemeente die een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving biedt. Mensen natuur. Van die beschermde status is in het dagelijkse leven niet veel te merken. Veel van onze natuur is robuust, toegankelijk en beleefbaar. Maar bepaalde activiteiten kunnen de natuur verstoren of beschadigen. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is stikstof, om precies te zijn de emissie (uitstoot) van stikstofverbindingen die leidt tot depositie (neerslag) op natuur die hier gevoelig voor is. Stikstofdepositie kan worden veroorzaakt door activiteiten binnen-, maar ook buiten het natuurgebied. Denk aan ammoniak vanuit de veehouderij, en stikstofoxides in uitlaatgassen van verkeer en bouwmaterieel. De nationale wetgeving (Programmatische Aanpak Stikstof) die toezag op bescherming en verbetering van stikstofgevoelige natuur, maar ook ruimte bood voor nieuwe ontwikkelingen, is in 2019 door de Raad van State vernietigd. De stikstofproblematiek die hierdoor is ontstaan heeft gevolgen voor veel ontwikkelingen in onze gemeente en speelt in belangrijke mate rond het Nieuwkoopse plassengebied. Dit gebied maakt deel uit van Natura2000, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden. Het betekent dat in onze gemeente alleen activiteiten toegestaan zijn die per saldo geen extra stikstofdepositie op de bestaande Natura 2000 gebieden veroorzaken.
Dit geldt zowel voor de realisatiefase (sloop/bouw) als de gebruiksfase (eindsituatie). Dit kan invloed hebben op de locatiekeuze, invulling, doorlooptijd en
Het is op voorhand lastig te zeggen of de stikstofproblematiek gevolgen heeft voor de in dit strategisch plan opgenomen ontwikkelingen en welke gevolgen dat dan precies zijn. Eerst zal de exacte locatie voor deze ontwikkelingen moeten worden bepaald, vervolgens kan de stikstofdepositie worden 11
berekend en bepaald of maatregelen noodzakelijk zijn. Wanneer maatregelen noodzakelijk zijn, betekent dat in veel gevallen dat procedures doorlopen moeten worden, zoals overleg met partijen die toezien op de natuurwetgeving en vergunningstrajecten. Oplossingen kunnen gevonden worden op projectniveau (specifieke regelgeving, innovatieve ontwerp- en inrichtingskeuzes) en/of perceelsniveau (aangepast bouwproces, situering). Ook bestaan er mogelijkheden om te salderen. Hierbij wordt het effect van de nieuwe ontwikkeling afgezet tegen het verdwijnen van stikstofbronnen als gevolg ervan. Het gaat in alle gevallen om maatwerk, dat vrijwel altijd extra onderzoeken of maatregelen vereist. Dit kan leiden tot hogere kosten en vertraging tijdens de ontwikkeling van de
met het vervallen van de PAS. Voor de realisatie van deze gebouwen waren grootschalige aanvullende maatregelen niet noodzakelijk, doordat de stikstofdepositie in de toekomstige situatie (met duurzame nieuwe schoolgebouwen) niet hoger is dan die in de huidige situatie (de bestaande gasgestookte scholen). Er is wel gekeken naar het verlagen van de stikstofuitstoot tijdens de bouwfase door het gebruik van schoner bouwmaterieel. Of dit ook geldt voor de nog te ontwikkelen scholen hangt als gezegd af van verschillende factoren, waaronder de locatiekeuze. Op het moment dat wordt bepaald waar een nieuw IKC zal worden gerealiseerd wordt ook in beeld gebracht wat dat betekent voor de stikstofdepositie en of en welke maatregelen nodig zijn.
12
5
Visie op onderwijshuisvesting
Hierin staat de volgende gezamenlijke visie en ambitie geformuleerd:
wat het beste is voor de ontwikkeling van kinderen. Vanuit het belang van het kind en de ouder komen we gezamenlijk tot een gevarieerd, aansprekend en uitdagend aanbod aan voorzieningen en activiteiten. Waarbij er iets te kiezen is voor kinderen, ouders en medewerkers in onze gemeente. We gaan uit van de samenwerking die onderwijs en kinderopvang al hebben en versterken en intensiveren die. Elkaar inhoudelijk opzoeken moet de drijfveer zijn. Wij streven ernaar dat alle kinderen een op hen toegesneden ononderbroken aanbod krijgen op het gebied van spelen en leren, waarbij de motorische, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling gestimuleerd worden. Daarbij wordt de verbinding met de buurt, de dorpskern, de omgeving gezocht en benut. Als samenwerkende partners wordt met elkaar bijgedragen aan een positieve ontwikkeling van de kinderen in de gemeente. Onderwijs en kinderopvang vormen de verbinding met de omgeving en de ouders. Door de leefwereld van kinderen op de kinderopvang, school, thuis en in de buurt /het dorp op elkaar af te stemmen zal de ontwikkeling van kinderen en de overgang tussen de verschillende leeftijdsfasen vloeiender verlopen. Door samenwerking te versterken wordt gezorgd voor een doorgaande ontwikkelingslijn voor kinderen. Hierbij staat het kind centraal; de ontwikkelingsondersteunings- en onderwijsbehoefte van kinderen zijn uitgangspunt.
Wij kiezen niet voor een afgebakende leeftijdsgrens, maar willen een ononderbroken ontwikkeling ondersteunen voor de kinderen in alle psychologische fasen; van baby, peuter, kleuter, schoolkind tot en met puber. De partners werken vanuit een gezamenlijke visie en aanpak. Belangrijk is een goed vangnet voor kinderen die dat nodig hebben, zodat er geen kinderen tussen wal en schip vallen. De ondersteuning en begeleiding voor kinderen en hun ouders staan hierbij centraal. Daarbij wordt samenhang geboden, vanuit de expertise van de verschillende professionals. Wij werken aan een doorgaande lijn in de zorg en verbreden de zorgstructuur zoveel mogelijk naar alle partners in het Integraal Kindcentrum zodat zorg kind nabij gegeven kan worden. In al onze kernen zullen in de aankomende jaren Integrale Kindcentra ontwikkeld worden. Een Integraal Kindcentrum is niet een gebouw, maar een
kinderopvang, sociale activiteiten en zorgaanbod zoveel mogelijk te integreren. Dit vanuit de overtuiging dat multifunctionele accommodaties bijdragen aan een verbetering van de onderlinge samenhang van het aanbod, de toegankelijkheid en bruikbaarheid van voorzieningen voor kinderen en hun ouders. De mogelijkheden voor multifunctioneel gebruik worden betrokken bij de lokale ontwikkeling van het IKC. Door aandacht te besteden aan de inrichting van de ruimtes ontstaan mogelijkheden om de gebouwen ook op andere momenten te benutten. Dit geeft kansen tot het delen ruimtes. En maakt het zo eerder mogelijk om voorzieningen voor de dorpen te behouden. Bereikbaarheid en parkeergelegenheid in de nabijheid van de school zijn punt van aandacht. Boven alles geldt dat kinderen, al dan niet begeleid door hun ouders, veilig de school moeten kunnen bereiken. Daarnaast willen we de kinderen van het IKC de ruimte geven door ruime, zo groen mogelijke speelterreinen te ontwikkelen, die kinderen uitdagen om veel te bewegen. Om deze speelterreinen zo goed mogelijk te laten benutten, willen we ze openbaar maken, zodat ook buiten de openingstijden van het IKC kinderen uit de buurt de speelmogelijkheden van de terreinen kunnen benutten. 13
6
Beschrijving plannen onderwijshuisvesting per dorpskern
6.1
Ter Aar
In Ter Aar wordt momenteel druk gebouwd aan het IKC De Vaart, waar de nieuwe fusieschool in gehuisvest wordt, samen met kinderopvangorganisaties Stichting Kinderopvang Liemeer en Kindcentrum De Boomhut (kinderdagverblijf, peuteropvang en buitenschoolse opvang), het Centrum voor Jeugd en Gezin Nieuwkoop en de Bibliotheek Rijn en Venen. In het gebouw komt ook een sporthal met een sportkantine, die tevens dienst doet als ontmoetingsplek voor bezoekers van de bibliotheek en de medewerkers van het IKC. Ook zijn er in het gebouw enkele multifunctionele ruimten die verhuurbaar zijn aan derden, bijvoorbeeld verenigingen die een activiteit willen organiseren. De verwachte opening is na de zomer van 2021. Het IKC komt op de locatie van de voormalige waterzuivering aan de Beverlanderhof. Voor het beheer en de exploitatie van het IKC De Vaart richten gemeente en het schoolbestuur WIJ de Venen een beheerstichting op. Deze beheerstichting is verantwoordelijk voor beheer, onderhoud en exploitatie van het gehele gebouw. In de stichting nemen vertegenwoordigers van gemeente en schoolbestuur plaats. De beheerstichting is opdrachtgever voor een nader te bepalen beheerpartij, die
De omvang van het onderwijsgedeelte van het gebouw is berekend op ruim 550 leerlingen. Momenteel hebben de drie Ter Aarse scholen De Fontein, De Vosseschans en Het Kompas 528 leerlingen. De leerlingprognose 2019-2039 gaat uit van een lichte stijging van het aantal leerlingen tot bijna 550 in 2034, daarna lijkt het leerlingaantal weer licht te dalen. De geplande woningvoorraad anno mei 2020 ten opzichte van de woningvoorraad waarmee bij de leerlingprognose gerekend is, stijgt heel licht. Hiermee zou het aantal leerlingen over ongeveer 15 jaar net wat boven de 550 kunnen liggen. Bij deze berekening wordt er wel vanuit gegaan dat alle geplande woningbouwprojecten doorgang vinden.
6.2
Zevenhoven/Noordeinde
In Zevenhoven wordt momenteel druk gebouwd aan een IKC voor Zevenhoven en Noordeinde, op de locatie van de voormalige basisschool De Zevenhof. In het IKC komen basisschool De Diamant en Stichting Kinderopvang Liemeer, met kinderdagverblijf, peuteropvang en buitenschoolse opvang. Daarnaast is er een uitleenpunt van de bibliotheek in het pand en een multifunctionele ruimte, die buiten schooltijden verhuurbaar is aan derden, bijvoorbeeld voor activiteiten van verenigingen. De verwachte opening van het IKC is na de zomer van 2021. De omvang van het onderwijsgedeelte van het gebouw is gericht op bijna 220 leerlingen. Het huidig leerlingaantal van De Diamant is 208. De leerlingprognose 2019-2039 gaat uit van een lichte stijging van het aantal leerlingen tot bijna 230 in 2029, daarna volgt weer een lichte daling. De geplande woningvoorraad anno mei 2020 ten opzichte van de woningvoorraad waarmee bij de leerlingprognose gerekend is, stijgt licht. Hiermee zou het aantal leerlingen over ongeveer 15 jaar rond de 235 kunnen liggen. Bij deze berekening wordt er wel vanuit gegaan dat alle geplande woningbouwprojecten doorgang vinden. De vorm van beheer en exploitatie van het toekomstige gebouw is momenteel nog onderwerp van gesprek tussen de gemeente, schoolbestuur WIJ de Venen en Stichting Kinderopvang Liemeer.
14
6.3
Langeraar
In Langeraar is basisschool Aeresteijn gehuisvest in een pand uit 1974, geschikt voor 410 leerlingen. Het pand is deels in eigendom van de gemeente, deels in juridisch eigendom van het schoolbestuur WIJ de Venen. De grond onder een gedeelte van het pand is eigendom van de R.K. kerk in Langeraar. Stichting Kinderopvang Liemeer maakt ook gebruik van het pand en huurt een gedeelte voor de peuteropvang van de gemeente. De gymzaal is eigendom van de gemeente, de gemeente verricht hier zelf het onderhoud. Beheer en exploitatie is door middel van een beheerovereenkomst overgedragen aan het schoolbestuur, het schoolbestuur ontvangt hier een beheervergoeding voor. Het schoolbestuur is zelf verantwoordelijk voor beheer, onderhoud en exploitatie van het onderwijsgedeelte van het gebouw. In Langeraar staat de locatiekeuze voor een toekomstig IKC gepland voor het laatste kwartaal van 2020. In de aanloop hier naartoe zijn de beoogde IKC kernpartners basisschool Aeresteijn en Stichting Kinderopvang Liemeer al met elkaar aan de slag gegaan om de inhoudelijke samenwerking onder inwoners van Langeraar en Papenveer over hun voorkeur voor de locatie van het IKC. Wij zijn blij met deze initiatieven, die een positieve bijdrage leveren aan de toekomstige ontwikkeling van het IKC. Het aantal leerlingen op basisschool Aeresteijn bedraagt momenteel 259.
De leerlingprognose 20192039 gaat uit van een stijging van het aantal leerlingen tot ongeveer 315 in 2039, wanneer alle woningbouwplannen doorgaan. Wanneer de woningbouwplannen stil komen te liggen, gaat de prognose uit van een lichte stijging tot ongeveer 270 leerlingen in 2029, daarna volgt weer een daling tot minder dan 250 leerlingen. De geplande woningvoorraad anno mei 2020 ten opzichte van de woningvoorraad waarmee bij de leerlingprognose gerekend is, stijgt ook nog flink. Hiermee zou het aantal leerlingen over ongeveer 15 jaar rond de 360 kunnen liggen. Bij deze berekening wordt er wel vanuit gegaan dat alle geplande woningbouwprojecten doorgang vinden. Het is dus bij de locatiestudie en de bepaling van het aantal vierkante meters voor onderwijs van belang om goed de ontwikkelingen met betrekking tot woningbouw in de kern Langeraar nader te onderzoeken. Wij willen ook in gesprek met het schoolbestuur WIJdeVenen en Stichting Kinderopvang Liemeer over hun prognoses naar aantal leerlingen en toekomstige behoefte aan kinderopvang.
Bij de locatiestudie zullen wij ook breder kijken naar de ontwikkelingen rondom maatschappelijk vastgoed en huisvesting van het verenigingsleven en maatschappelijke organisaties in Langeraar, om te bepalen wat de mogelijkheden zouden moeten zijn voor medegebruik van het IKC, en welke behoefte er in de toekomst naast het IKC zal blijven aan ruimten voor maatschappelijke activiteiten. De planning voor realisatie van het IKC in Langeraar is nog niet vastgesteld. In het strategisch plan uit 2015 was Langeraar als tweede IKC geprioriteerd na het IKC Ter Aar. Op verzoek van het schoolbestuur is Zevenhoven/Noordeinde eerder gestart dan Langeraar, vanwege de fusie van de basisscholen in Noordeinde en Zevenhoven was er daar eerder behoefte aan gezamenlijke nieuwe huisvesting. In het strategisch plan uit 2015 hebben we opgenomen dat we voor alle vier de uitgangspunt. De twee mogelijke locaties voor het IKC Langeraar zijn ongewijzigd ten opzichte van 2015: Optie 1: Langeraar nabij plan Vivero en RKSV Altior In het bestemmingsplan Sport en Recreatiezone Langeraar is rekening gehouden met de mogelijkheid om nabij het sportcomplex van Altior in de toekomst een nieuw schoolgebouw te realiseren. Hiertoe is in het bestemmingsplan een wijzigingsmogelijkheid opgenomen die het mogelijk maakt om een deel van het plangebied de benodigde maatschappelijke bestemming te 15
geven. De mogelijke locatie ligt ook vrij ver van de dichtstbijzijnde woningen. Wanneer de keuze op deze locatie valt dan moet wel rekening gehouden worden met het tijdspad van de andere planologische ontwikkelingen in het omliggende gebied. Voordeel van deze locatie is dat in Vivero veel jonge gezinnen wonen en er meer parkeergelegenheid is. Verplaatsing van de school naar de locatie nabij het Altior-complex zal ook kosten besparen voor tijdelijke huisvesting. De school kan in het oude gebouw gehuisvest blijven tot de ingebruikname van het nieuwe schoolgebouw. Daarnaast biedt het kansen om het Altior-complex multifunctioneel te gebruiken voor het bewegingsonderwijs en buitenschoolse activiteiten. Nadeel van deze locatie is de decentrale ligging. Dit heeft invloed op de bereikbaarheid en de mogelijkheid zelfstandig naar school te komen van leerlingen die verder van de school af of buiten de kern Langeraar wonen. Optie 2: Huidige locatie Groot voordeel van de huidige locatie is de centrale ligging van de school in de kern Langeraar. De school draagt in hoge mate bij aan de leefbaarheid en uitstraling van het dorp. De school ligt dicht bij andere (sociale) voorzieningen als de kerk, het dorpshuis en de winkelstraat en zorgt ervoor dat de inwoners in verschillende levensfases elkaar ontmoeten.
Wanneer de school zou verhuizen zonder op korte termijn over te gaan tot herontwikkeling van de huidige locatie zal dit leiden tot een blinde vlek centraal in de dorpskern. Dit zal negatieve gevolgen hebben voor de uitstraling en de leefbaarheid van Langeraar. Een nieuw schoolgebouw op de huidige locatie zal vermoedelijk niet op veel bezwaar stuiten omdat de omwonenden al aan de school gewend zijn. Ook bij nieuwbouw ontstaat enige ruimte voor herontwikkeling. Uitgaande van een compact schoolgebouw met twee bouwlagen, wat vanuit kosten- en duurzaamheidsperspectief wenselijk is, en de huidige en toekomstige ruimtebehoefte zal een nieuwe school een kleinere terrein oppervlakte beslaan. Nadeel van herbouw op de huidige locatie is dat tijdens de bouw vermoedelijk alternatieve huisvesting nodig is voor school en kinderopvang. Dit zijn echter incidentele en geen structurele kosten die vooraf voldoende in beeld te brengen zijn. Daarnaast beslaat de school een groot terreinoppervlakte en het schoolgebouw strekt zich met verschillende vleugels hierover uit. Daarom kan, afhankelijk van het ontwerp en de definitieve situering van het nieuwe gebouw, tijdens de bouw mogelijk een deel van het schoolgebouw in gebruik blijven. Hierdoor worden de kosten van tijdelijke huisvesting beperkt.
In de nabijheid van de school bevindt zich de oude kleuterschool, die wellicht ook een rol kan spelen bij de invulling van de tijdelijke huisvestingsbehoefte.
6.4
Nieuwveen
In Nieuwveen staan drie oudere schoolgebouwen, waarvan er twee momenteel in gebruik zijn door basisschool De Veenvogel. Deze panden (voormalige Wegwijzer en voormalige Nicolaasschool) zijn juridisch eigendom van het schoolbestuur WIJ de Venen en worden onderhouden en beheerd door het schoolbestuur. Het pand van de voormalige Tamboerijn is eigendom van de gemeente en wordt door de gemeente verhuurd aan Stichting Kinderopvang Liemeer voor buitenschoolse opvang en diverse aanbieders van jeugdactiviteiten, yoga en muziekles. In Nieuwveen staat de locatiekeuze voor het toekomstige IKC gepland voor 2021. Beoogde kernpartners zijn basisschool De Veenvogel en Stichting Kinderopvang Liemeer (kinderdagverblijf, peuteropvang en buitenschoolse opvang). Bij de locatiestudie zullen wij ook breder kijken naar de ontwikkelingen rondom maatschappelijk vastgoed en huisvesting van het verenigingsleven en maatschappelijke organisaties in Nieuwveen, om te bepalen wat de mogelijkheden zouden moeten zijn voor medegebruik van het IKC, en welke behoefte er in de toekomst naast het IKC zal blijven aan ruimten voor maatschappelijke activiteiten.
16
Basisschool De Veenvogel telt momenteel 294 leerlingen, de leerlingprognoses gaat uit van een stijging tot 370 leerlingen in 2034 wanneer alle geplande woningbouw doorgaat, en een stijging tot 340 leerlingen in 2034 wanneer alleen vergunde woningbouwplannen doorgaan. Daarna volgt weer een lichte daling van het aantal leerlingen. De geplande woningvoorraad anno mei 2020 ten opzichte van de woningvoorraad waarmee bij de leerlingprognose gerekend is, stijgt ook nog. Hiermee zou het aantal leerlingen over ongeveer 15 jaar rond de 385 kunnen liggen. Bij deze berekening wordt er wel vanuit gegaan dat alle geplande woningbouwprojecten doorgang vinden. Het is dus bij de locatiestudie en de bepaling van het aantal vierkante meters voor onderwijs van belang om goed de ontwikkelingen met betrekking tot woningbouw in de kern Nieuwveen te onderzoeken. Wij willen ook in gesprek met het schoolbestuur WIJdeVenen en Stichting Kinderopvang Liemeer over hun prognoses naar aantal leerlingen en toekomstige behoefte aan kinderopvang. De planning voor realisatie van het IKC in Nieuwveen is nog niet vastgesteld. In het strategisch plan
gestart wilden zijn met de bouw. Dit blijft voorlopig het uitgangspunt. De Ringkant Naast de scholen ligt zalencentrum De Ringkant, waar de scholen ook gebruik van maken voor het bewegingsonderwijs. De sportzaal van De Ringkant beslaat ruim twee gymnastieklokalen (440 m2) 22 bij 20 meter. Dit is kleiner dan een reguliere sportzaal met een afmeting van 28 bij 22 meter. Hier maken ook diverse (sport)verenigingen in Nieuwveen gebruik van. Daarnaast zijn er een paar kleine zalen voor andere activiteiten en is er een bar aanwezig. Het zalencentrum is gebouwd in 1977 en hiermee al ruim 40 jaar oud. Ondanks een grote renovatie in 2000 oogt het gebouw oud. Het voldoet wel aan de functionele eisen voor gebruik door bewegingsonderwijs en recreatieve sport. Bij de ontwikkeling van het IKC in Nieuwveen willen we graag een sportfunctie integreren in de nieuwbouw. In het financieel kader zijn we voorlopig uitgegaan van een gymnastieklokaal. De bouw van het IKC biedt bij uitstek de mogelijkheid om een verouderde sportzaal gelijk mee te nemen en te vernieuwen. Hiermee bieden we een moderne sportfunctie voor het dorp en een laagdrempelig toegankelijke plek om te sporten en te bewegen voor de kinderen in het IKC. Ook kunnen we met nieuwbouw van de sportfunctie een slag slaan in de verduurzaming van ons maatschappelijk vastgoed.
In de visie op sport en bewegen die dit najaar wordt voorgelegd aan de gemeenteraad wordt een voorstel opgenomen over de eisen waaraan de sportfunctie moet voldoen. Bij de locatiestudie van het IKC Nieuwveen gaan we onderzoeken wat vervanging van De Ringkant betekent voor de diverse locatie-opties voor het toekomstige IKC. Ook onderzoeken we hoe we de functies van de overige zalen in De Ringkant een plek kunnen geven binnen het IKC. En wat de gevolgen zijn van integratie van de sportfunctie voor het beheer van het IKC.
6.5
Nieuwkoop
In Nieuwkoop is in 2007 MFA Buytewech geopend, dat drie basisscholen huisvest, namelijk Maranatha, De Zilveren Maan en De Rietkraag. Verder is er peuteropvang en buitenschoolse opvang van Polderpret in het gebouw aanwezig. Een van de twee gymzalen is beschikbaar voor verhuur aan derden. Het aantal leerlingen van de drie basisscholen gezamenlijk bedraagt momenteel 830. Het gebouw heeft capaciteit voor 1025 leerlingen. De leerlingprognoses gaan uit van een groei tot 870 leerlingen in 2034 wanneer alle geplande woningbouwprojecten doorgaan, of een daling naar 760 leerlingen wanneer alleen gestarte woningbouw doorgaat. Hoe dan ook is er sprake van overcapaciteit in het gebouw, en van een exploitatietekort.
17
Het beheer, onderhoud en exploitatie van MFA Buytewech is overgedragen aan Stichting MFA Buytewech, waar vertegenwoordigers van de scholen en Polderpret in deelnemen. De gemeente is eigenaar gebleven van het pand en verhuurt de ruimte voor de peuteropvang aan Polderpret. Een deel van de huurinkomsten maakt de gemeente over naar de stichting. Daarnaast draagt de gemeente jaarlijks maximaal 50.000,-- bij aan het exploitatietekort van de stichting. In de afgelopen jaren hebben partijen geconcludeerd dat de bestaande afspraken rondom beheer aan herziening toe zijn. Daarnaast is er sprake van leegstand in het gebouw, en willen de basisscholen hun samenwerking versterken. Wij gaan in gesprek met de betrokken schoolbesturen hoe we deze onderwerpen integraal kunnen oppakken. We streven naar optimaal gebruik van het gebouw en samenwerking rondom het kind, met daarbij duidelijke afspraken rondom beheer, exploitatie en verantwoording hiervan.
6.6
Noorden
In Noorden is de Antoniusschool gehuisvest in een gebouw uit 2010, met daaraan vast een gymzaal uit 1965, die ook wordt verhuurd aan derden. In 2019 hebben wij toestemming gegeven voor verhuur van een leegstaand lokaal voor een periode van drie jaar aan Polderpret ten behoeve van peuteropvang. Het huidige leerlingaantal van de Antoniusschool bedraagt 149. De leerlingprognoses gaan er vanuit dat het leerlingaantal ongeveer rond dit aantal blijft schommelen op lange termijn. Al dan niet doorgaan van woningbouwplannen heeft hier niet zoveel invloed op, omdat er niet meer veel grootschalige woningbouw in Noorden gepland staat. Het gebouw biedt ruimte aan ongeveer 225 leerlingen. Een leslokaal wordt momenteel verhuurd voor peuteropvang. Het onderwijsgedeelte is eigendom van de gemeente, maar het schoolbestuur is verantwoordelijk voor onderhoud, beheer en exploitatie ervan. De gymzaal is eigendom van de gemeente en de gemeente verricht hier zelf het onderhoud. Beheer en exploitatie is door middel van een beheerovereenkomst overgedragen aan het schoolbestuur, het schoolbestuur ontvangt hier een beheervergoeding voor. Het schoolbestuur heeft aangegeven graag met gemeente en maatschappelijke organisaties in het dorp in gesprek te gaan om te verkennen hoe de leegstand in het gebouw kan worden beperkt en hoe het de ruimte zo multifunctioneel mogelijk kan worden ingezet.
18
7
Woerdense Verlaat
In Woerdense Verlaat staat basisschool De Meent, in een pand uit 1953 dat in juridisch eigendom is bij het schoolbestuur SPCO. SPCO verhuurt een ruimte aan Polderpret voor peuteropvang. De grond onder de school is eigendom van de gemeente. Voor het bewegingsonderwijs maakt De Meent gebruik van de nabijgelegen gymzaal Beatrix, in eigendom en beheer van Vereniging tot behoud van gebouw Beatrix. Een tijd lang was de toekomst van De Meent vanwege het lage leerlingaantal onzeker. Daarom is in het strategisch plan in 2015 het volgende opgenomen: wordt de situatie van de school in 2019 opnieuw bekeken. Verschillende opties als herbouw, renovatie en verduurzaming van het bestaande schoolgebouw behoren dan tot de mogelijkheden. Ook de prioritering ten opzichte van de andere scholen zal op dat moment
De tijd voor deze heroverweging is nu aangebroken. Het schoolbestuur SPCO heeft aangegeven te willen investeren in De Meent op de lange termijn. Het bestuur wil graag een nieuw schoolgebouw op de huidige locatie van gebouw Beatrix, in combinatie met een ontmoetingsruimte voor het dorp. Ze hebben hierover overeenstemming met het bestuur van de vereniging tot behoud van gebouw Beatrix. De dorpsraad staat ook positief tegenover het plan. De huidige schoollocatie zou dan terugvallen aan de gemeente voor herontwikkeling. De gemeente heeft in 2019 de grond onder de schoollocatie aangekocht van particulieren. In de aankoopovereenkomst is opgenomen dat de gemeente en SPCO gezamenlijk tot doel te hebben om op (onbepaalde) termijn een nieuw schoolgebouw tezamen met locatie, ter vervanging van het huidige gebouw van school De Meent. Visie op toekomst Woerdense Verlaat alleen een plek voor kinderen, het heeft een sociale functie voor de hele dorpskern. Wij willen graag bijdragen aan levendige, leefbare dorpskernen, en waar mogelijk een basis voorzieningenniveau in de kleine kernen handhaven. Zonder school en dorpshuis wordt de Woerdense Verlaat een woondorp zonder voorzieningen. Een basisschool is bij uitstek een voorziening die de sociale cohesie in een dorp bevordert. Multifunctioneel gebruik van ruimten zou zelfs het voorzieningenniveau in een dorp kunnen stimuleren.
Volgens het bestuur van De Meent gaan momenteel bijna alle kinderen in Woerdense Verlaat naar De Meent toe. Dit maakt de school een echte ontmoetingsplek voor het dorp. Met de ontwikkeling van een gebouw waarin zowel basisonderwijs, kinderopvang als sport- en ontmoetingsfunctie een plek krijgen, kunnen we bijdragen aan een levendig dorp waar inwoners gelegenheid hebben elkaar te ontmoeten. Ook biedt verplaatsing van de school ruimte voor kleinschalige woningbouw in het dorp. Hiermee ontstaan er meer kansen voor jongere mensen om zich in het dorp te vestigen. En blijft Woerdense Verlaat ook in de toekomst een aantrekkelijke plek om te leven. Toekomstbestendigheid van de school Het huidige leerlingaantal bedraagt 51. De leerlingprognose voorspelt een lichte langdurige groei tot het minimale leerlingaantal waarmee een school normaal gesproken aanspraak houdt op financiering vanuit het Rijk. Er bestaat echter een regeling waarbij schoolbesturen waaronder kleinere en grotere scholen vallen, een beroep kunnen doen op financiering op basis van de gemiddelde schoolgrootte binnen hun bestuur. De leerlingprognoses voor de andere scholen die onder de SPCO vallen, vallen zo ruim boven de instandhoudingsnormen in die gemeenten dat het schoolbestuur een beroep kan blijven doen op de gemiddelde schoolgrootte binnen hun bestuur om in aanmerking te blijven komen 19
voor Rijksfinanciering voor De Meent. Het schoolbestuur SPCO heeft ons verzekerd dat zij voor de lange termijn gebruik willen maken van deze regeling voor gemiddelde schoolgrootte. Hiermee is het, bij behoud van deze regeling, waarschijnlijk dat De Meent langdurig voort kan blijven bestaan. Kan SPCO aanspraak maken op nieuwbouw volgens de verordening? Zo lang De Meent onderwijsfinanciering vanuit het Rijk ontvangt, houdt de school ook recht op onderwijshuisvesting van de gemeente. Het recht op vervangende nieuwbouw hangt vooral af van de bouwkundige staat van het gebouw, het moet aannemelijk zijn dat het gebouw met aanpassingen/renovatie niet nog 20 jaar langer mee kan. Gezien de leeftijd van het gebouw (67 jaar oud) zal dit bij het huidige gebouw van De Meent het geval zijn. Het college heeft ook de mogelijkheid om in plaats van vervangende nieuwbouw alternatieve huisvesting of medegebruik van een ander gebouw aan te bieden, mits het college aannemelijk kan maken dat dit een geschikte locatie is. Over wanneer een locatie geschikt is bestaat geen duidelijke wetgeving, dit is onderwerp van overleg tussen gemeente en schoolbestuur. Omdat De Meent een zelfstandige school is en geen dislocatie, geldt er voor een nieuwe schoollocatie geen maximale afstand tot de huidige locatie. In de kern Woerdense Verlaat is geen andere geschikte ruimte beschikbaar voor onderwijs.
Ook vergt het behoorlijk wat aanpassingen om een gebouw met een andere functie om te bouwen naar een ruimte waar op een goede manier les gegeven kan worden aan kinderen. Vanwege deze overwegingen en de hierboven beschreven visie op de toekomst van het dorp Woerdense Verlaat, hebben wij het volgende plan opgenomen en doorgerekend in deze actualisatie: Plan op hoofdlijnen Wij willen de komende periode samen met de partners schoolbestuur SPCO, kinderopvangorganisatie Polderpret, Vereniging tot behoud van gebouw Beatrix en de dorpsraad een plan uitwerken voor een nieuw IKC Woerdense Verlaat. Het IKC Woerdense Verlaat komt op de locatie van gebouw Beatrix, met daarin ruimte voor basisschool De Meent, kinderopvang en buitenschoolse opvang door Polderpret, een gymnastieklokaal voor bewegingsonderwijs en sportactiviteiten en een gemeenschapsruimte waar alle inwoners van Woerdense Verlaat plek hebben om elkaar te duurzaam gebouw met een gezond binnenklimaat en zullen we inwoners van Woerdense Verlaat en direct omwonenden actief betrekken bij de ontwikkeling. We vragen de kernpartners onderwijs en opvang om de inhoudelijke IKC samenwerking verder uit te bouwen. Waar mogelijk combineren we de IKC ontwikkeling in Woerdense Verlaat wordt nog verder afgestemd met de partners.
20
8
vertrouwelijke bijlage A financieel kader
21
9
bijlage B leerlingprognoses 2019
22