CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

36. Ruimtelijke onderbouwing

Besluitvormende raadsvergadering 18 november 2021, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Raadsvoorstel Aanvraag Verklaring van geen bedenkingen ten behoeve van de bouw van een restaurant met bovenwoning aan de Noordse Dorpsweg 2 te Noorden (2021-109)10.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Afbeelding 4.1 Uitsnede Risicokaart (bron:www.risicokaart.nl) Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

Pagina 26 van 32

Ruimtelijke onderbouwing

Milieu- en omgevingsaspecten

projectnummer 0416081.00 8 maart 2021, revisie 05

4.7

Milieuzonering Algemeen De aanwezigheid van bedrijven kan de kwaliteit van de leefomgeving beïnvloeden. Bedrijven kunnen geur, stof, geluid en gevaar ten gevolg hebben. Voorkomen moet worden dat bedrijven hinder veroorzaken naar de omgeving, vooral indien het woongebieden of andere gevoelige bestemmingen betreft. Daarnaast moeten bedrijven zich kunnen ontwikkelen en eventueel uitbreiden. Om dit te bereiken is het van belang dat bedrijven en gevoelige bestemmingen ruimtelijk goed gesitueerd worden zodat de bedrijven zo min mogelijk overlast opleveren en woongebieden de bedrijven zo min mogelijk beperken in hun bedrijfsuitvoering. Regelgeving Ten behoeve van milieuzonering is door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) een bedrijvenlijst opgesteld, waarin bedrijven op hun milieueffecten zijn gecategoriseerd. Afhankelijk van de mate waarin de in deze lijst opgenomen bedrijven milieuhinder kunnen veroorzaken (uitgaande van de gemiddelde bedrijfssituatie), kent de lijst aan de bedrijven een categorie toe. Naarmate de milieuhinder toeneemt, loopt de categorie op van 1 tot en met 6, met bijbehorende minimale afstanden tot woongebieden. In de uitgave "Bedrijven en milieuzonering" is per bedrijfstype een globale indicatie gegeven van het invloedsgebied voor de aspecten geur, stof, geluid en gevaar.

Op basis van het aspect met de grootste afstand zijn de bedrijven in de volgende categorieën ingedeeld:  categorie 1 grootste afstanden 0 en 10 meter;  categorie 2 grootste afstand 30 meter;  categorie 3 grootste afstanden 50 en 100 meter;  categorie 4 grootste afstanden 200 en 300 meter;  categorie 5 grootste afstanden 500, 700 en 1.000 meter;  categorie 6 grootste afstand 1.500 meter. De afstanden gelden in principe tussen de perceelgrens van het bedrijf (bij een gangbare perceelsgrootte en -indeling) en anderzijds de gevel van een woning (gevoelig object). De afstanden in bovengenoemde uitgaven moeten als indicatief gezien worden. Doordat de omvang van bedrijven kan verschillen en omdat bedrijven maatregelen kunnen nemen om de invloed te beperken kan de invloedssfeer in werkelijkheid afwijken van bovengenoemde afstanden. De uiteindelijke afstemming tussen de hinder van het bedrijf en de omgeving wordt geregeld in het kader van de Wet milieubeheer. Onderzoek In het plangebied zijn geen bedrijven en functies aanwezig die een externe werking hebben op de functie van gronden binnen het plangebied. Ook worden er met onderhavig plan geen bedrijven mogelijk gemaakt met een dergelijke zone. In de omgeving van het plangebied zijn geen bedrijven gevestigd die van invloed kunnen zijn op het plangebied.

Conclusie Het aspect milieuhinder vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het onderhavige bestemmingsplan.

4.8

Archeologie Kader Het Europese Verdrag van Valletta (16 april 1992), ook wel het Verdrag van Malta genoemd, beoogt het cultureel erfgoed dat zich in de bodem bevindt beter te beschermen. Het gaat

Pagina 27 van 32

Ruimtelijke onderbouwing

Milieu- en omgevingsaspecten

projectnummer 0416081.00 8 maart 2021, revisie 05

bijvoorbeeld om grafvelden, gebruiksvoorwerpen en resten van bewoning. Op 1 september 2007 is de Wet op de archeologische monumentenzorg in werking getreden. Om het bodemarchief beter te beschermen en om onzekerheden tijdens de bouw van bijvoorbeeld nieuwe wijken te beperken, is het vanaf 1 januari 2005 verplicht vooraf onderzoek te laten doen naar de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. De gemeente Nieuwkoop heeft haar archeologisch beleid verwerkt in de 'Erfgoedverordening 2010 gemeente Nieuwkoop'. Hierin wordt aangesloten bij de Provinciale Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland (CHS). Deze provinciale nota is ingesteld om inzicht te verschaffen in de cultuurhistorische waarden die in de regio kunnen worden aangetroffen. De waardering is opgebouwd uit archeologische, historisch landschappelijke en historisch (steden)bouwkundige elementen en structuur. Wat betreft de archeologische verwachtingswaarde is onderscheid gemaakt in vier gebieden, te weten:  Gebieden met een zeer grote kans op archeologische sporen (stads- of dorpskern);  Gebieden met een zeer grote kans op archeologische sporen;  Gebieden met een redelijke tot grote kans op archeologische sporen;  Gebieden met een kleine kans op archeologische sporen.

Toets Op 4 februari heeft de gemeente per brief (zie bijlage 4) op basis van uitspraak van Raad van State te kennen gegeven dat de gemeentelijke monumentenstatus van het pand ’t Plashuis aan de Noordse Dorpsweg is komen te vervallen. In artikel 23.2.1 van het vigerende bestemmingsplan staat over een omgevingsvergunning voor het bouwen dat "....dient de aanvrager een rapport te overleggen dat voldoet aan de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, waarin de archeologische waarden van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate zijn vastgesteld." Hierbij worden geen oppervlakte- en dieptegrenzen aangegeven. In artikel 23.3.1 van het vigerende bestemmingsplan (omgevingsvergunning voor een werk, geen bouwwerk zijnde) zijn wel oppervlakte en dieptematen weergegeven, namelijk 10.000 m2 en 50 cm. Archeologisch onderzoek wordt noodzakelijk geacht indien sprake is van overschrijding van de combinatie van beide maten. Uitgaande van sloop en nieuwbouw op dezelfde locatie is geen sprake van overschrijding van deze combinatie. Wel dient het planvoornemen voor de start van de bouw volgens artikel 23.2.1. voorgelegd te worden. Conclusie Het aspect archeologie en cultuurhistorie vormt geen planologische belemmering voor het plan.

Ingeval archeologische resten worden aangetroffen dient dit op grond van artikel 53 van de Monumentenwet onmiddellijk te worden gemeld aan de Minister van OC&W. De vondst dient gedurende 6 maanden, te rekenen vanaf de datum van de melding, ter beschikking worden gesteld of gehouden voor wetenschappelijk onderzoek.

4.9

Kabels en leidingen In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) zijn nutsvoorzieningen omgevingsvergunningvrij indien zij binnen bepaalde afmetingen vallen. Binnen het plangebied zijn geen kabels, leidingen en straalpaden van zodanige importantie aanwezig, dat deze bij de

Pagina 28 van 32

Ruimtelijke onderbouwing

Milieu- en omgevingsaspecten

projectnummer 0416081.00 8 maart 2021, revisie 05

planvorm betrokken dienen te worden c.q. afzonderlijk in het plan opgenomen dienen te worden.

4.10

M.e.r.-beoordeling Per 1 april 2011 is het Besluit milieueffectrapportage gewijzigd. De belangrijkste wijziging betreft het indicatief maken van de drempelwaarde in onderdeel D. Dit betekent dat voor activiteiten die genoemd staan in het Besluit m.e.r. (bijvoorbeeld woningbouw, kantoren, bedrijven, recreatie, etc.) maar onder de gestelde indicatieve drempelwaarden zitten toch een beoordeling of sprake is van mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen. Deze beoordeling heeft een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Inhoudelijk is deze beoordeling gelijk aan een m.e.r.-beoordeling (die uitgevoerd moet worden bij activiteiten uit onderdeel D die wel boven de drempelwaarden zitten), maar er gelden geen procedurele verplichtingen aan, behalve dat het opgenomen moet worden in de toelichting van het betreffende besluit. Om te bepalen of een activiteit m.e.r.-plichtig, m.e.r.-beoordelingsplichtig of vormvrij m.e.r.- beoordelingsplichtig kan onderstaand schema gebruikt worden. Toetsing Het voornemen valt onder categorie D11.2 uit het Besluit milieueffectrapportage. Categorie D11.2 heeft betrekking op de aanleg, wijziging of uitbreiding van stedelijke ontwikkelingsprojecten met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. Onderstaande tabel toont de activiteiten, gevallen, plannen en besluiten die plan-m.e.r.-plichtig resp. besluit-m.e.r.-beoordelingsplichtig kunnen zijn.

Figuur 4.2: Uitsnede van de D-lijst van het Besluit m.e.r. De ontwikkeling overschrijdt de drempelwaarden uit bovenstaande tabel niet. Op grond van art. 2 lid 5 onder b van het Besluit m.e.r. geldt een (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsplicht. Deze beoordeling is opgenomen als bijlage 6 bij deze ruimtelijke onderbouwing. Conclusie Op basis van de aanmeldingsnotitie m.e.r. kan worden geconcludeerd dat de herontwikkeling van het plangebied niet leidt tot belangrijke negatieve milieugevolgen. Er is geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure of m.e.r.-(beoordelings)procedure.

Pagina 29 van 32

Ruimtelijke onderbouwing

Milieu- en omgevingsaspecten

projectnummer 0416081.00 8 maart 2021, revisie 05

Pagina 30 van 32

Ruimtelijke onderbouwing

Uitvoerbaarheid

projectnummer 0416081.00 8 maart 2021, revisie 05

5

Uitvoerbaarheid

5.1

Economische uitvoering In artikel 3.1.6, sub i van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is vastgelegd dat inzicht gegeven moet worden over de uitvoerbaarheid van het plan. De ontwikkelingen die concreet mogelijk gemaakt worden moeten (economisch) uitvoerbaar zijn en gerealiseerd kunnen worden. De realisatie van het voornemen komt geheel voor rekening van de initiatiefnemer, De economische uitvoerbaarheid van voorliggend project is hiermee geborgd.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Voorliggende ruimtelijke onderbouwing is opgesteld ten behoeve van een afwijking van het bestemmingsplan, conform artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De omgevingsvergunning doorloopt de procedure zoals opgenomen in hoofdstuk 3 van de Wabo. Hiertoe zal het besluit worden verzonden naar de vooroverleginstanties. Daarnaast krijgen belanghebbenden, gedurende zes weken, de mogelijkheid om hun zienswijzen naar voren te brengen. Na afloop van de procedure kan worden geconcludeerd dat het plan maatschappelijk uitvoerbaar is.

5.3

Resultaten overleg ex artikel 3.1.1 Bro In het kader van het overleg als bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening wordt deze ruimtelijke onderbouwing aan de daarvoor in aanmerking komende instanties toegezonden. De inhoud van eventuele vooroverlegreacties worden te zijner tijd in deze paragraaf samengevat en beantwoord. De uitkomsten van het overleg worden verwerkt in de ruimtelijke onderbouwing.

Pagina 31 van 32

Over Antea Group Van stad tot land, van water tot lucht; de adviseurs en ingenieurs van Antea Group dragen in Nederland sinds jaar en dag bij aan onze leefomgeving. We ontwerpen bruggen en wegen, realiseren woonwijken en waterwerken. Maar we zijn ook betrokken bij thema’s zoals milieu, veiligheid, assetmanagement en energie. Onder de naam Oranjewoud groeiden we uit tot een allround en onafhankelijk partner voor bedrijfsleven en overheden. Als Antea Group zetten we deze expertise ook mondiaal in. Door hoogwaardige kennis te combineren met een pragmatische aanpak maken we oplossingen haalbaar én uitvoerbaar. Doelgericht, met oog voor duurzaamheid. Op deze manier anticiperen we op de vragen van vandaag en de oplossingen van de toekomst. Al meer dan 60 jaar.

Contactgegevens Rivium Westlaan 72 2909 LD CAPELLE A/D IJSSEL Postbus 8590 3009 AN ROTTERDAM T. (06) 13 58 44 93 E. cor.vantilburg@anteagroup.nl

www.anteagroup.nl

Copyright © 2016 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=521e188a-ad3c-4211-a68f-00082ac0f743