10 Bijlage 4 (TOE) Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
VERKENNEND BODEMONDERZOEK LINDELAAN 2A TE NIEUWKOOP (VOORMALIG ASHRAM COLLEGE)
Opdrachtgever: Gemeente Nieuwkoop Postbus 1 2460 AA TER AAR
Rapportnummer:
AT20059
Datum:
mei 2020
Opgesteld door: ing. N.D. van Wely
Protocollen 2001 en 2002
INHOUDSOPGAVE 0.
SAMENVATTING
1
1.
INLEIDING
2
1.1 1.2
Aanleiding van het onderzoek Doel van het onderzoek
2 2
2.
VOORONDERZOEK
3
2.1 2.2 2.3 2.4
Locatiegegevens Historische informatie Bodemopbouw en geohydrologie Hypothese
3 3 5 5
3.
ONDERZOEKSSTRATEGIE
6
3.1 3.2 3.3
Uitvoering bodemonderzoek Boorplan en analyses Kwaliteitsborging
6 6 7
4.
UITVOERING ONDERZOEK
9
4.1
Veldwerk 4.1.1 Resultaten visuele maaiveldinspectie Uitgevoerde werkzaamheden Veldwaarnemingen 4.3.1 Bodemopbouw 4.3.2 Zintuiglijke waarnemingen 4.3.3 Grondwater Afwijkingen Laboratoriumonderzoek 4.5.1 Uitgevoerde analyses Toetsingsnormen Wet bodembescherming (Wbb) Toetsing analyseresultaten 4.7.1 Grond getoetst aan Wet bodembescherming (Wbb) 4.7.2 Grondwater
9 9 9 9 9 10 10 10 10 11 12 14 14 15
5.
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN EN CONCLUSIE
16
5.1 5.2
Interpretatie onderzoeksresultaten Conclusie
16 16
4.2 4.3
4.4 4.5 4.6 4.7
BIJLAGEN 1)
Regionale ligging van de locatie op de topografische overzichtskaart, anno 2018, • schaal 1 : 25.000 • schaal 1 : 10.000
2)
Situatietekening onderzoekslocatie met plaats van boringen en peilbuizen, schaal 1 : 500
3)
Boorprofielen
4)
Analyseresultaten en toegepaste analysemethoden
5)
Toetsingsnormen, achtergrond- en interventiewaarden voor grondwater
6)
Toetsing analyseresultaten, • Toetsing aan achtergrond- en interventiewaarden grond • Toetsing aan streef- en interventiewaarden grondwater
7)
Historische informatie onderzoekslocatie
8)
Foto’s onderzoekslocatie
9)
Verklaring onafhankelijkheid veldwerk
interventiewaarden
voor
grond
en
streef-
en
0. SAMENVATTING Door gemeente Nieuwkoop is opdracht gegeven aan AT MilieuAdvies B.V. voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek ter plaatse van Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College). In tabel 1 is een samenvatting van het onderzoek opgenomen. Tabel 1.
Samenvatting onderzoek
Locatiegegevens
Aanleiding onderzoek Doel onderzoek
Opzet onderzoek
Resultaten onderzoek
De onderzoekslocatie is gelegen aan Lindelaan 2A in de woonkern Nieuwkoop. Op de te onderzoeken locatie, met een oppervlakte van circa 7.400 m2, staat momenteel een leegstaand schoolgebouw met naastliggende gymzaal behorende bij het voormalige Ashram College. Rondom de bebouwing ligt een buitenterrein en is een groenvoorziening gesitueerd. De locatie is voor meer dan de helft bebouwd. Op de locatie zijn enkele slootdempingen aanwezig. Ter plaatse van bebouwing op diverse omliggende percelen staan voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd. De aanleiding voor de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek betreft de voorgenomen herontwikkeling van de locatie ten behoeve van woningbouw. Het doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De multifunctionaliteit van de bodem kan bij overschrijding van normen van verontreinigende stoffen worden aangetast. Hierdoor kunnen beperkingen ten aanzien van het gebruik van de bodem worden gesteld. Het verkennend bodemonderzoek is verricht volgens de richtlijn NEN 5740/A1:2016, conform de onderzoeksstrategie voor een “diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming” (VED-HE-NL).
Eén peilbuis en enkele diepe boringen zijn richting de bebouwing op die nabijgelegen percelen geplaatst waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan. Extra aandacht is uitgegaan naar de gedempte sloten op de locatie. Verspreid over de locatie Ter plaatse van de gedempte sloten is zintuiglijk geen bodemvreemd materiaal of afwijkend dempingsmateriaal aangetroffen. Op basis hiervan is geen extra grondanalyse verricht. Het bodemprofiel komt overeen met de bodemopbouw elders op de locatie. Waarschijnlijk zijn de voormalige sloten gedempt met gebiedseigen grond. Ook richting bebouwing op omliggende percelen waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan, is zintuiglijk geen afwijkende bodemopbouw waargenomen. Hierdoor zijn de verkregen grondmonsters aldaar gebruikt ter bepaling van de algemene bodemkwaliteit. In het zintuiglijk schone, zandige bovengrondmengmonster ter plaatse van het onverharde buitenterrein is een licht verhoogd gehalte aan PAK gemeten (0,0-0,5 m -mv). Het separaat geanalyseerde kleiige grondmonster (0,4-0,6 m -mv) met sporen baksteen, genomen in de groenvoorziening op het zuidelijk locatiedeel, bevat licht verhoogde gehalten aan lood, zink en PAK.
In het zintuiglijk schone kleiige ondergrondmengmonster, ter plaatse van het buitenterrein op de locatie, zijn licht verhoogde gehalten voor PAK en PCB aangetoond (0,2-1,0 m -mv). Het zintuiglijk schone kleiige grondmengmonster (1,0-1,5 m -mv), ter plaatse van de kruipruimte onder de bebouwing, bevat geen verhoogde gehalten voor de onderzochte stoffen uit het standaard analysepakket. In het zintuiglijk schone venige ondergrondmengmonster, verspreid over het buitenterrein van de locatie, is alleen een licht verhoogd gehalte voor kwik aangetoond (0,2-1,0 m -mv).
In het grondwater op de locatie zijn alleen licht verhoogde gehalten aan barium vastgesteld. Voor de overige onderzochte stoffen zijn in het grondwater geen verhoogde gehalten aangetoond. De oorzaak van de licht verhoogde gehalten voor barium in het grondwater is onduidelijk; (punt)bronnen zijn niet aanwijsbaar. Waarschijnlijk kunnen de licht verhoogde gehalten voor barium in het grondwater worden aangemerkt als verhoogde achtergrondwaarden. Conclusie onderzoek Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er conform de Wet bodembescherming (Wbb) geen aanleiding voor de uitvoering van nader onderzoek of het nemen van saneringsmaatregelen. De aangetoonde licht verhoogde gehalten in grond en grondwater geven geen beperkingen ten aanzien van de voorgenomen herinrichting van de locatie ten behoeve van woningbouw.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
1
1. INLEIDING Door gemeente Nieuwkoop te Ter Aar is op 23 maart 2020 schriftelijk opdracht gegeven aan AT MilieuAdvies B.V. te Schoonhoven voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek aan de Lindelaan 2A te Nieuwkoop, betreffende het voormalig Ashram College (conform offerte AT19/143, opdrachtbrief met kenmerk 20.05376). In het voorliggende rapport komt eerst het vooronderzoek aan de orde (hoofdstuk 2), waarbij de historische informatie is verzameld conform de richtlijn NEN 5725. Vervolgens worden in hoofdstukken 3 en 4 de opzet, uitvoering en de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek beschreven. Tenslotte komt, na de interpretatie van de resultaten in hoofdstuk 5, de conclusie van het onderzoek aan bod en het eventueel daaruit voortvloeiend advies. 1.1
Aanleiding van het onderzoek
De aanleiding voor de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek betreft de voorgenomen herontwikkeling van de locatie ten behoeve van woningbouw. 1.2
Doel van het onderzoek
Het doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De multifunctionaliteit van de bodem kan bij overschrijding van normen van verontreinigende stoffen worden aangetast. Hierdoor kunnen beperkingen ten aanzien van het gebruik van de bodem worden gesteld.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
2
2. VOORONDERZOEK 2.1
Locatiegegevens
Adres locatie Kadastraal bekend Eigenaar Gebruik van locatie Oppervlakte
: : : : :
Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) gemeente Nieuwkoop, sectie A, nummers 4857, 8324 en 8850 (ged.) gemeente Nieuwkoop leegstaand schoolgebouw circa 7.400 m2
De onderzoekslocatie is gelegen aan Lindelaan 2A in de woonkern Nieuwkoop. Op de te onderzoeken locatie, met een oppervlakte van circa 7.400 m2, staat momenteel een leegstaand schoolgebouw met naastliggende gymzaal behorende bij het voormalige Ashram College. Rondom de bebouwing ligt een buitenterrein en is een groenvoorziening gesitueerd. De locatie is voor meer dan de helft bebouwd. In bijlage 1 is de topografische overzichtskaart opgenomen met daarop aangegeven de regionale ligging van de onderzoekslocatie. In bijlage 2 is een situatietekening van de locatie opgenomen. In bijlage 8 zijn foto’s van de locatie opgenomen, waarbij de plaats en de opnamerichting van de foto’s zijn aangegeven op de tekening in bijlage 2. Maaiveldverhardingen De vloeren van de bebouwing op de locatie bestaan uit beton. Het buitenterrein rondom de bebouwing is verhard met tegels en klinkers. In de groenstroken zijn, voor zover bekend, geen maaiveldverhardingen aanwezig. Locatie-inspectie Tijdens de locatie-inspectie d.d. 8 en 9 april 2019 zijn geen bijzonderheden naar voren gekomen, zoals olievlekken op de aanwezige maaiveldverhardingen ter plaatse van het buitenterrein. Asbest Voor zover bekend valt op de locatie geen asbesthoudend materiaal op of in de bodem te verwachten. Kabels en leidingen Aan de zuidwestzijde van de locatie staat een transformatorhuisje.
Ook op de onderzoekslocatie liggen ondergrondse kabels en leidingen. Toekomstige bestemming De locatie zal na de sloop van de huidige bebouwing heringericht worden, waarbij woningbouw wordt gerealiseerd. 2.2
Historische informatie
Informatie uit topografisch kaartmateriaal Bij de projectie van de historische kaart anno 1945 (www.topotijdreis.nl) op meer recent kaartmateriaal tot het jaar 2018 (zie bijlage 1) blijkt dat op de locatie in 1970 voor het eerst bebouwing zichtbaar wordt. De bebouwing bevindt zich dan op het zuidelijk deel en op het oostelijk deel van de locatie. De bebouwingscontouren zijn nadien meermaals gewijzigd.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
3
In het verleden was de locatie in gebruik als weiland, met tussenliggende sloten. Deze sloten zijn in de jaren ’60 gedempt. Voor de situering van de gedempte sloten op de locatie wordt verwezen naar de tekening in bijlage 2. Uit de (historische) topografische kaarten komt voor de locatie verder geen informatie naar voren die kan duiden op de aanwezigheid van ophogingen, stortingen, opvullingen, (lozings)putten, veranderingen in de verkaveling en specifieke verdachte agrarische activiteiten zoals (glas)tuinbouw, bollenteelt en fruitteelt. In bijlage 7-1 zijn de historische topografische kaarten opgenomen. Informatie verkregen van Omgevingsdienst West-Holland Bij Omgevingsdienst West-Holland is een omgevingsrapportage opgevraagd. Hieruit blijkt dat op het zuidelijke deel van de onderzoekslocatie door Lexmond in november 1997 een verkennend bodemonderzoek is verricht (referentie 2015259529). Volgens de omgevingsrapportage geven de onderzoeksresultaten geen aanleiding tot vervolgonderzoek. Verder staan in de omgeving van de locatie meerdere historische bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten, voorgaande bodemonderzoeken en saneringen geregistreerd. De omgevingsrapportage van Omgevingsdienst West-Holland is opgenomen in bijlage 7-2, achter de historische topografische kaarten. Hieronder zijn de belangrijkste gegevens vermeld.
Aan Achterweg 3, gesitueerd ten oosten van de onderzoekslocatie, staat een voormalige ondergrondse brandstoftank geregistreerd. Hier heeft in 2001 bodemonderzoek plaatsgevonden in het kader van het besluit opslag in ondergrondse tanks (BOOT), waarbij de desbetreffende tank niet is aangetroffen. Onbekend is of de bodem ter plaatse is verontreinigd was met minerale olie. Aan Achterweg 5 en 5A, op meer dan 25 meter ten oosten van onderhavige onderzoekslocatie, staan een voormalige bovengrondse dieseltank, een ophooglaag met puin- en/of bouw- en sloopafval en een wegensteunpunt met zoutopslag geregistreerd. Op dit terrein zijn diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. In 1996 is hier 29 m3 met minerale olie verontreinigde grond verwijderd. In het jaar 2000 heeft onderzoek plaatsgevonden naar chloride in het grondwater en in datzelfde jaar vond tevens onderzoek plaats naar cyanide in het grondwater (mogelijk als onderdeel van een monitoring in het kader van de milieuvergunning voor zoutopslag). Het betroffen lichte verontreinigingen met cyanide en verhoogde gehalten aan chloride ten opzichte van 1997 (chloride is een niet genormeerde stof). In 2008 werd een geval van ernstige bodemverontreiniging met minerale olie geconstateerd ter plaatse van de zoutopslag, die in 2010 is gesaneerd tot de maximale waarde Wonen (van 190 mg/kg ds).
Als gevolg van de restverontreiniging met minerale olie aan Achterweg 5 en 5A wordt, mede door de ruime afstand, op onderhavige onderzoekslocatie aan Lindelaan 2A geen verontreiniging van grond of grondwater verwacht. Aan Larixstraat 27 en aan Iepenstraat 7, gelegen ten noorden van de onderzoekslocatie, staan twee voormalige ondergrondse brandstoftanks geregistreerd. Hier heeft in respectievelijk 1994 en in 1998 BOOT-onderzoek plaatsgevonden, waarbij geen bodemverontreiniging is aangetroffen.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
4
Ter plaatse van het adres Lindelaan 11, ten westen van de onderzoekslocatie, zijn in 2009 bodemonderzoeken uitgevoerd. Hierbij is een verontreiniging boven de interventiewaarde aangetoond (niet ernstig). De locatie hoeft niet verder te worden onderzocht. Op het terrein van het nieuwe Ashramcollege aan Achterweg 1, gesitueerd ten westen van de onderzoekslocatie, zijn in de aanloop naar de nieuwbouw bodemonderzoeken verricht en is een sanering uitgevoerd. Het betrof een grondverontreiniging met barium van antropogene oorsprong. In 2016-2017 is deze verontreiniging met barium volledig verwijderd, waardoor nazorg niet van toepassing is. Aan Lindelaan 25, ten noordwesten van de onderzoekslocatie, staat een voormalig benzine-service station geregistreerd. Op dit terrein heeft voor zover bekend geen bodemonderzoek plaatsgevonden. Op de bodemfunctieklassenkaart ligt de locatie in een gebied dat is geclassificeerd als klasse Wonen. De locatie maakt geen deel uit van een gebied met toemaakdek, waardoor de locatie op zowel de ‘Ontgravingskaart toemaakdek bovengrond’ als op de ‘Toepassingskaart toemaakdek bovengrond’ niet gezoneerd is weergegeven. Informatie uit digitaal Bodemloket Uit het digitale Bodemloket (www.bodemloket.nl) zijn geen aanvullende gegevens naar voren gekomen, anders dan in de omgevingsrapportage van Omgevingsdienst West-Holland vermeld. 2.3
Bodemopbouw en geohydrologie
Het geohydrologische profiel van het gebied waarbinnen de locatie is gesitueerd, wordt in tabel 2 weergegeven. Tabel 2.
Geohydrologisch profiel (Bron: Grondwaterkaart van Nederland, inventarisatierapport Den Haag/Utrecht, Dienst Grondwaterverkenning TNO 1980, GWK 25) Pakket
Diepte [m] t.o.v. NAP
deklaag
-1,5
-
-10
Westland
1e watervoerend pakket
-10
-
-50
Twente, Kreftenheye, Eem, Drente, Urk, Sterksel
1e scheidende laag
-50
-
-60
Kedichem
Geohydrologische formatie
Samenstelling Klei, veen en fijne tot matig fijne zanden Fijne tot grove (slib- en grindhoudende) zanden Klei met inschakelingen van fijne tot matig grove slibhoudende zanden
De stromingsrichting van het grondwater uit het eerste watervoerend pakket is noordwestelijk. De locatie maakt, voor zover bekend, geen deel uit van een grondwaterbeschermingsgebied of waterwingebied. 2.4
Hypothese
Vanwege het jarenlange gebruik (diffuse belasting) en/of de aanwezigheid van ‘open’ verhardingen wordt de locatie als verdacht aangemerkt. De bodem, met name de bovengrond, is mogelijk verontreinigd geraakt. Bovendien zijn ter hoogte van de bebouwing op omliggende percelen meerdere bodembedreigende bedrijfsactiviteiten verricht en staan hier verschillende brandstoftanks geregistreerd. Als potentieel bodemverontreinigende stoffen worden zware metalen, PAK en minerale olie(producten) aangemerkt. Verder wordt de bodem ter plaatse van de voormalige sloten als verdacht aangemerkt. Onduidelijk is waarmee de voormalige sloten zijn gedempt. Mogelijk is verontreinigd dempingsmateriaal toegepast.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
5
3. ONDERZOEKSSTRATEGIE Onderzoeksopzet Het verkennend bodemonderzoek wordt verricht volgens de richtlijn NEN 5740/A1:2016, conform de onderzoeksstrategie voor een “diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming” (VED-HE-NL). Eén peilbuis en enkele diepe boringen worden richting de bebouwing op die nabijgelegen percelen geplaatst waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan. Extra aandacht gaat uit naar de gedempte sloten op de locatie. 3.1
Uitvoering bodemonderzoek
Voorafgaand aan de uitvoering van de boringen wordt een visuele maaiveldinspectie uitgevoerd naar de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal. Indien asbestverdachte materialen worden gevonden, zal hiervan per type asbestverdacht materiaal een representatief monster worden genomen. Vervolgens worden met behulp van een Edelmanboor verspreid over de locatie boringen verricht tot een diepte van tenminste 1,0 m -mv. Een aantal boringen wordt doorgezet tot een diepte van circa 2,0 m -mv en minimaal 0,5 m onder de grondwaterstand. Van de diepere boringen worden er twee afgewerkt met een peilbuis. In verband met de aanwezigheid van betonvloeren ter plaatse van de bebouwing worden 9 boringen voorgeboord met een diamantboorinstallatie. Tijdens de uitvoering van de boringen wordt de opgeboorde grond beschreven en geclassificeerd, zintuiglijk beoordeeld op eventuele verontreinigingen en bemonsterd in trajecten van maximaal 0,5 m. Van de verrichte boringen worden boorbeschrijvingen gemaakt. Van de boven- en ondergrond worden grond(meng)monsters geanalyseerd op het NEN 5740-grondpakket (NEN-G; zie tabel 3). Bij het samenstellen van ‘verdachte’ mengmonsters worden maximaal 4 grondmonsters gemengd. Bij ‘onverdachte’ mengmonsters worden maximaal 10 grondmonsters gemengd.
Voor het berekenen van de gecorrigeerde concentraties van de geanalyseerde stoffen (bodemtypecorrectie) worden aanvullend de gehalten lutum en organische stof bepaald. Het grondwater uit de peilbuizen wordt een week na plaatsing bemonsterd. De aan de peilbuizen te onttrekken grondwatermonsters worden geanalyseerd op het NEN 5740-grondwaterpakket (NEN-W; zie tabel 3). Bij de grondwaterbemonstering worden de grondwaterstand, de troebelheid (NTU), de zuurgraad (pH) en de elektrische geleidbaarheid (EC) van het grondwater gemeten. 3.2
Boorplan en analyses
In tabel 3 wordt het boor- en analyseprogramma weergegeven in de vorm van aantallen uit te voeren boringen en analyses. De exacte boorpunten worden tijdens het veldwerk bepaald.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
6
Tabel 3.
Boor- en analyseprogramma Aantal boringen
Plaats
Diepte [m -mv]
Waarvan met peilbuis
Analyses grond 2 x NEN-G 2 x H+L
17 én
1,0
-
6
2,0*
2 (n)
Verspreid over de locatie (oppervlakte ca. 7.400 m2)
* (n) H+L NEN-G NEN-W
Analyses grondwater
2 x NEN-G 2 x H+L
-
2 x NEN-W
Opmerkingen - waarvan 9 inpandige betonboringen - waarvan peilbuis en enkele diepe boringen richting bebouwing op omliggende percelen waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan - waarvan aantal ‘diepe’ boringen tpv gedempte sloten
boring tot minimaal 2,0 m -mv en tenminste 0,5 m onder de grondwaterstand standaard NEN 5740 peilbuis, filterlengte 1,0 meter met de bovenzijde van het filterdeel op circa 0,5 m onder grondwaterstand organische stof en lutum droge stof, de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK som 10), PCB (som-7) en minerale olie (C10-C40) de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink, vluchtige aromaten (BTEXN), gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie (C10-C40)
De analyses worden uitgevoerd conform AS3000. 3.3
Kwaliteitsborging
AT MilieuAdvies B.V. heeft, als onafhankelijk adviesbureau, geen relatie met de opdrachtgever anders dan opdrachtgever/opdrachtnemer. AT MilieuAdvies B.V. “keurt geen eigen grond” waarmee de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd. Het kwaliteitssysteem van AT MilieuAdvies B.V. voldoet aan de eisen van de NEN-EN ISO 9001:2015 (certificaatnr.: EC-KWA-99019). De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd naar de richtlijnen van de BRL SIKB 2000 conform de daarbij behorende protocollen. AT MilieuAdvies B.V. is gecertificeerd voor de protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018 (certificaatnr.: EC-SIK-20244). Het protocol 2001 is bestemd voor het correct verrichten van veldwerk, zoals het plaatsen van boringen en peilbuizen. Het protocol 2002 geeft voorschriften voor het bemonsteren van het grondwater uit peilbuizen. Het protocol 2003 heeft betrekking op het uitvoeren van veldwerkzaamheden ten behoeve van waterbodemonderzoek. De richtlijnen voor asbestonderzoek in bodem zijn omschreven in het protocol 2018. Bij het uitbesteden van veldwerkzaamheden wordt dit werk alleen gegund aan BRL SIKB 2000 gecertificeerde veldwerkbureaus. Bij afwijking van de kritieke proceseisen van de BRL en/of de protocollen wordt het onderzoek niet gerapporteerd onder certificaat. In de rapportage wordt dan melding gemaakt van de kritieke afwijkingen.
De fysische en chemische analyses worden uitgevoerd door de door de Raad van Accreditatie conform criteria voor testlaboratoria geaccrediteerde milieulaboratoria Eurofins Analytico B.V. te Barneveld (nr. RvA L 010) en Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam-Duivendrecht (nr. RvA L 086).
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
7
Bij ieder milieukundig bodemonderzoek wordt gestreefd naar een optimale representativiteit. Toch is een dergelijk onderzoek gebaseerd op een beperkt aantal boringen en analyses. Hierdoor blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van de bodem aanwezig kunnen zijn, die tijdens het bodemonderzoek niet naar voren zijn gekomen. Verder is een milieukundig onderzoek een momentopname. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem zal ook plaats kunnen vinden na de uitvoering van het onderzoek. AT MilieuAdvies B.V. acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade of gevolgen voortvloeiend uit het bodemonderzoek.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
8
4. UITVOERING ONDERZOEK 4.1
Veldwerk
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door Michel Bouwhuis van Bodemopbouw B.V. conform de richtlijnen in de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen 2001 en 2002. Het veldwerk is onafhankelijk van de opdrachtgever uitgevoerd conform de eisen aan de externe functiescheiding in de BRL SIKB 2000. De verklaring van onafhankelijkheid is opgenomen in bijlage 9. 4.1.1
Resultaten visuele maaiveldinspectie
De visuele maaiveldinspectie is verricht met droog weer en goed zicht. De visuele maaiveldinspectie heeft plaatsgevonden op de vrij toegankelijke terreindelen. Door de aanwezigheid van vegetatie (gras en struiken), wordt de inspectie-efficiëntie op het inspecteerbare deel van de locatie ingeschat op ongeveer 50%. Tijdens de visuele maaiveldinspectie zijn op de locatie geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De terreindelen waar geen visuele maaiveldinspectie heeft plaats kunnen vinden, zoals in (de kruipruimten van) niet toegankelijke gebouwen, blijven formeel als asbestverdacht aangemerkt. 4.2
Uitgevoerde werkzaamheden
Het veldwerk is verricht op 8 en 9 april 2020 conform de onderzoeksopzet in hoofdstuk 3. Daarbij zijn verspreid over de locatie 28 handboringen verricht (nrs. 01 t/m 23 en nrs. 01X, 02X, 06X, 07X en 08X). Een deel van de inpandig verrichte boringen is gestuit op een 2e betonverharding in de kruipruimte (nrs. 01X, 02X, 06X, 07X en 08X), waardoor deze boringen zijn verplaatst (naar het buitentterrein). Boringen 02, 04, 06, 14, 21 en 23 zijn ter plaatse van de slootdempingen op de locatie verricht. Boring 07 is richting de voormalige ondergrondse brandstoftank aan Achterweg 3 geplaatst. Boring 13 is in de richting van het voormalige benzine-service station aan Lindelaan 25 geplaatst en boring 14 staat richting de voormalige ondergrondse brandstoftanks aan Larixstraat 27 en Iepenstraat 7. De boorgaten van boringen 05 en 14 zijn ten behoeve van de grondwatermonstername afgewerkt met een peilbuis (peilbuizen 05 en 14). De plaatsen van de boorpunten zijn aangegeven op de tekening in bijlage 2. 4.3
Veldwaarnemingen
4.3.1
Bodemopbouw
Bij het veldwerk is gebleken dat het bodemprofiel tot de geboorde einddiepte van 3,0 m -mv overwegend uit klei bestaat, met inschakelingen van veen. Ter plaatse van het buitenterrein komt in de bovengrond eerst een zandlaag voor. De grondwaterstand is tijdens de uitvoering van de boringen waargenomen op een diepte van 0,6 à 1,5 m -mv. Voor een beschrijving van de aangetroffen bodemlagen en de trajecten van monstername wordt verwezen naar de boorbeschrijvingen in bijlage 3.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
9
4.3.2
Zintuiglijke waarnemingen
De zintuiglijke waarnemingen die kunnen duiden op een (mogelijke) verontreiniging van de bodem zijn opgenomen in tabel 4. Tabel 4.
Zintuiglijke waarnemingen
Diepte Traject boring Boring [m -mv] [m -mv] Verspreid over de locatie 06
2,0
Hoofdgrondsoort
Bijmenging(en)
Klei
sporen baksteen
0,40 - 0,60
Mate van bijmenging: 0-2% sporen, 2-5% resten, 5-15% zwak, 15-40% matig, 40-60% sterk, 60-100% volledig (>50%, geen grond)
Tijdens het zintuiglijk onderzoek zijn verder geen afwijkingen geconstateerd aan het opgeboorde bodemmateriaal; er is geen olie-water reactie waargenomen. Ook is geen afwijkend (of bodemvreemd) dempingsmateriaal aangetroffen ter plaatse van de voormalige sloten op de locatie. In de bodem ter plaatse van de monsternamepunten zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. 4.3.3
Grondwater
Het grondwater is bemonsterd op 16 april 2020. In tabel 5 is een overzicht opgenomen van de verrichte metingen. Achtereenvolgens zijn opgenomen, de filterstelling, de grondwaterstand, de zuurgraad, de elektrische geleidbaarheid, de troebelheid en de zintuiglijke waarnemingen. Tabel 5. Peilbuisnummer
Veldwerkgegevens grondwatermonstername Filterdiepte [m -mv]
Grondwaterstand [m -mv]
[pH]
Geleidbaarheid [μS/cm]
Zuurgraad
Troebelheid [NTU]
Zintuiglijke waarnemingen
Verspreid over de locatie peilbuis 05
2,00 - 3,00
1,13
6,7
2.250
9,7
peilbuis 14
1,90 - 2,90
1,10
6,9
1.970
14
Kleurloos en helder, geen olie-water reactie Kleurloos en helder, geen olie-water reactie
De gemeten waarden voor pH (zuurgraad) en NTU (troebelheid) in het grondwater zijn niet afwijkend voor het gebied waarbinnen de locatie ligt.
De gemeten waarde voor EC (geleidbaarheid) in het grondwater is relatief hoog. Dit zou mogelijk een relatie kunnen hebben met eventueel aanwezige verontreinigingen in het grondwater. 4.4
Afwijkingen
De veldwerkzaamheden zijn, zoals eerder vermeld, uitgevoerd volgens de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen 2001 en 2002. Er zijn geen afwijkingen geconstateerd. 4.5
Laboratoriumonderzoek
De fysische en chemische analyses zijn uitgevoerd door de door de Raad van Accreditatie conform criteria voor testlaboratoria geaccrediteerde milieulaboratoria Eurofins Analytico B.V. te Barneveld (nr. RvA L 010) en Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam-Duivendrecht (nr. RvA L 086). De analyses zijn verricht conform AS3000. In bijlage 4 zijn de analyseresultaten en de gehanteerde analysemethoden vermeld.
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
10
4.5.1
Uitgevoerde analyses
In tabel 6 is een overzicht van de grond(meng)monsters en grondwatermonsters genomen welke ter analyse zijn aangeboden. Op basis van de plaatselijk aangetroffen bijmenging aan baksteen is in overleg met de opdrachtgever een extra analyse op het standaard NEN 5740-grondpakket verricht. Ter plaatse van de slootdempingen is zintuiglijk geen afwijkende bodemopbouw aangetroffen. Het bodemprofiel komt overeen met de bodemopbouw elders op de locatie. Hierdoor zijn de verkregen grondmonsters aldaar gebruikt ter bepaling van de algemene bodemkwaliteit. Ook richting bebouwing op omliggende percelen waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan, is zintuiglijk geen afwijkende bodemopbouw waargenomen. Hierdoor zijn de verkregen grondmonsters aldaar gebruikt ter bepaling van de algemene bodemkwaliteit. Tabel 6.
Overzicht van grond(meng)monsters, grondwatermonsters en analyses
Boring(en)
Hoofdbestanddeel/ bijmenging
H+L
Traject/filterdiepte peilbuis [m -mv]
NEN-G
(Meng)monstercode
01 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,40)
Zand/--
#
#
06 (0,40 - 0,60)
Klei/sporen baksteen
#
#
Klei/--
#
#
Klei/--
#
#
Veen/--
#
#
NEN-W
Analyses
Verspreid over de locatie
MM-1
0,00 - 0,50
M-2
0,40 - 0,60
02 (0,50 - 0,80) 07 (0,20 - 0,70) 11 (0,40 - 0,80) 14 (0,40 - 0,90) 16 (0,40 - 0,80) 17 (0,50 - 1,00) 19 (0,20 - 0,50) 23 (0,30 - 0,80) 03 (1,10 - 1,30) 04 (1,00 - 1,50) 05 (1,00 - 1,50) 09 (1,00 - 1,50) 08 (0,30 - 0,80) 11 (0,20 - 0,40) 15 (0,50 - 1,00) 18 (0,20 - 0,70) 20 (0,20 - 0,70)
MM-3
0,20 - 1,00
MM-4
1,00 - 1,50
MM-5
0,20 - 1,00
peilbuis 05
2,00 - 3,00
05 (2,00 - 3,00)
Grondwater
#
peilbuis 14
1,90 - 2,90
14 (1,90 - 2,90)
Grondwater
#
H+L NEN-G NEN-W
organische stof en lutum droge stof, de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK som 10), PCB (som-7) en minerale olie (C10-C40) de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink, vluchtige aromaten (BTEXN), gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie (C10-C40)
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
11
4.6
Toetsingsnormen Wet bodembescherming (Wbb)
Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en Besluit bodemkwaliteit De mate van verontreiniging wordt bepaald door toetsing van de resultaten van de chemische en fysische analyses van de grond- en grondwatermonsters aan de toetsingswaarden, zoals beschreven in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. De achtergrondwaarden zijn overgenomen uit het Besluit bodemkwaliteit. Een overzicht van de interventiewaarden voor grond (Circulaire bodemsanering), de streef- en interventiewaarden voor grondwater (Circulaire bodemsanering) en de achtergrondwaarden voor grond (Besluit bodemkwaliteit) is als bijlage 5 aan dit rapport toegevoegd. In de Circulaire bodemsanering wordt voor metalen onderscheid gemaakt in ondiep en diep grondwater. Bij een regulier bodemonderzoek wordt alleen de kwaliteit van het freatisch (ofwel ondiepe) grondwater bepaald. Voor onderzoek naar de kwaliteit van diep grondwater (bijvoorbeeld uit het eerste watervoerend pakket) worden voor metalen andere toetsingswaarden gehanteerd. •
Streefwaarden grondwater en achtergrondwaarden grond De streefwaarden voor grondwater en de achtergrondwaarden voor grond worden beschouwd als de bovengrens van een, in Nederlandse bodems, goede bodemkwaliteit, waarbij nog sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Bij overschrijding van de streef- of achtergrondwaarde is er sprake van een bodemverontreiniging. De bodemkwaliteit kan dan een nadelige invloed hebben op de diverse functies van de bodem. Streef- en achtergrondwaarden representeren het niveau dat bereikt dient te worden waarbij de bodem alle functionele eigenschappen voor mens, dier of plant volledig kan vervullen.
•
Interventiewaarden grond en grondwater De interventiewaarden zijn concentratieniveaus waarboven sprake kan zijn van ernstige risico’s voor de menselijke gezondheid of het bodemecosysteem. De interventiewaarden voor grond zijn humaanen ecotoxicologisch onderbouwd en zijn afhankelijk van het bodemtype. De interventiewaarden voor grondwater zijn afgeleid van de interventiewaarden voor grond. Bij overschrijding van de interventiewaarden is, onder voorwaarden, sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging1. Bij een geval van ernstige bodemverontreiniging bestaat een saneringsplicht, zoals bedoeld in de Wet bodembescherming (Wbb). Voorafgaand aan een bodemsanering wordt een BUS-melding verricht of een saneringsplan opgesteld. De BUS-melding of het saneringsplan dient ter goedkeuring te worden voorgelegd aan het bevoegd gezag. Afhankelijk van de actuele humane, ecologische en verspreidingsrisico’s die het geval van ernstige bodemverontreiniging met zich meebrengt dient de sanering al dan niet met spoed te worden uitgevoerd. Voor het bepalen van de risico’s en de spoed van de sanering wordt verwezen naar de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013.
•
Toetsingscriterium voor nader onderzoek (tussenwaarde) Het toetsingscriterium ten behoeve van nader onderzoek voor grond is bepaald als: de helft van de som van de achtergrondwaarden en de interventiewaarden, ½ (AW+I). De tussenwaarde voor grondwater blijft gehandhaafd op de helft van de som van de streefwaarden en de interventiewaarden, ½ (S+I). Bij een historische verontreiniging (ontstaan vóór 1987) is bij de overschrijding van deze tussenwaarde een gerede kans aanwezig dat de onderzochte locatie
1
Van een geval van ernstige verontreiniging is sprake wanneer in meer dan 25 m3 grond (of sediment) of 100 m3 grondwater de gemiddelde concentratie van een verontreinigende stof hoger is dan de interventiewaarde. Bovendien dient de verontreiniging te zijn ontstaan vóór 1987 (een zogenaamde historische verontreiniging).
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
12
(plaatselijk) ernstig verontreinigd is. De tussenwaarde geeft daarom aan dat in dergelijke situaties een nader onderzoek gewenst is. Nader onderzoek wordt uitgevoerd teneinde de ernst (=concentraties en omvang) van de verontreiniging vast te stellen. Op basis van het nader onderzoek kan de saneringsnoodzaak worden vastgesteld. Mate van verontreiniging Bij de omschrijving van de mate van verontreiniging worden de volgende begrippen gebruikt: niet verontreinigd : concentraties kleiner/gelijk aan de achtergrondwaarden voor grond en de streefwaarden voor grondwater; licht verontreinigd
:
concentraties tussen de achtergrondwaarden en de halve som van de achtergrond- en interventiewaarden voor grond en de streefwaarden en de halve som van de streef- en interventiewaarden voor grondwater;
matig verontreinigd
:
concentraties tussen de halve som van de achtergrond- en interventiewaarde en de interventiewaarde voor grond en de halve som van de streef- en interventiewaarde en de interventiewaarde voor grondwater;
sterk verontreinigd
:
concentraties groter dan de interventiewaarde.
BoToVa: Bodem Toets- en Validatieservice Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de analyseresultaten per 1 juli 2013 middels een bodemtypecorrectie omgerekend naar standaardbodem. De gemeten gehalten worden hierbij eerst gecorrigeerd met het lutum en organische stof gehalte en vervolgens vergeleken met de achtergrond- en interventiewaarden voor grond. Voorheen werden de achtergrond- en interventiewaarden gecorrigeerd voor het lutum en organische stof gehalte, waarna het aangetoonde gehalte werd vergeleken met deze gecorrigeerde toetswaarden. De in de bijlage 5 vermelde achtergrond- en interventiewaarden zijn van toepassing op een standaardbodem (25% lutum en 10% organische stof). RBK rapportagegrens-eisen De AS3000 is een richtlijn waarin de kwaliteitseisen voor laboratoria zijn vastgesteld voor al het milieuhygiënisch bodemonderzoek. Met de introductie van de AS3000 in laboratoria zijn onder andere de rapportagegrens-eisen van de te analyseren stoffen in grond en grondwater vastgelegd. Per 1 juli 2013 heeft de Regeling Bodemkwaliteit (RBK) eisen gesteld aan de rapportagegrenzen, zoals die door het laboratorium moeten worden gehanteerd en die in de plaats zijn gekomen voor de rapportage-eisen van de AS3000. Deze RBK rapportagegrens-eisen zijn veelal strenger dan of gelijk aan de achtergrondwaarden voor grond en de streefwaarden voor grondwater.
Het is mogelijk dat bijvoorbeeld door de samenstelling van een monster sprake is van verhoogde rapportagegrenzen die niet (meer) voldoen aan de RBK rapportagegrens-eis. In dit geval wordt factor 0,7 toegepast. De toetsing conform RBK is als volgt: • Gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde voor grond (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld) danwel de streefwaarde voor grondwater, maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens-eis. In dit geval mag worden verondersteld dat het gecorrigeerd gehalte lager is dan de achtergrondwaarde of streefwaarde. • Gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld) danwel de streefwaarde voor grondwater, en groter dan de RBK rapportagegrens-eis. Dit kan voorkomen indien sprake is van verhoogde rapportagegrenzen, bijvoorbeeld veroorzaakt door de samenstelling van een monster of storende componenten. Een voorbeeld hiervan zijn sterk
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
13
humushoudende grondmonsters met een laag droge stofgehalte. Humuszuren kunnen een storende werking geven op de analyseapparatuur, waardoor in het milieulaboratorium wordt verdund en er verhoogde rapportagegrenzen optreden. Het gecorrigeerde gehalte is nu maatgevend en kan de tussenwaarde of interventiewaarde overschrijden. De normen voor barium in grond zijn vanaf 1 april 2009 tijdelijk buiten werking gesteld. Barium wordt vaak in hoge gehalten aangetroffen. Belangrijke oorzaak daarvoor is dat deze stof van nature voorkomt in de bodem. Het hoge gehalte van barium in de bodem leidt tot stagnatie in het hergebruik van vrijkomende grond en tot meer saneringsgevallen. Nader onderzoek inzake het van nature voorkomen van barium in de Nederlandse bodem, en met name in de toxische variant, is noodzakelijk. In afwachting van dit onderzoek wordt voor barium tijdelijk alleen de interventiewaarde gehanteerd voor die situaties waarin met zekerheid kan worden vastgesteld dat het om een antropogene bodemverontreiniging gaat. De achtergrond- en tussenwaarde voor barium in grond zijn per 1 april 2009 komen te vervallen. Besluit bodemkwaliteit Voor de nuttige toepassing van partijen grond buiten de onderzoekslocatie zijn beperkingen verbonden. Voor toepassing van grond buiten de locatiegrenzen in een hoeveelheid groter dan 50 m3 geldt het Besluit bodemkwaliteit.
Indien grond vrijkomt is de gemeente waar de grond (nuttig) wordt toegepast bevoegd gezag ten aanzien van de bestemming van de grond. Geadviseerd wordt om eventueel vrijkomende grond binnen de grenzen van de locatie te herschikken. Voor hergebruik van grond binnen de locatie is het Besluit bodemkwaliteit namelijk niet van toepassing. Voor meer informatie omtrent het nuttig toepassen van partijen grond wordt verwezen naar het digitale Meldpunt bodemkwaliteit.
4.7
Toetsing analyseresultaten
4.7.1
Grond getoetst aan Wet bodembescherming (Wbb)
Van de geanalyseerde grond(meng)monsters is bekeken of de concentratie van de onderzochte parameters de berekende achtergrondwaarde (AW), de halve som van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde ((AW+I)/2), of de interventiewaarde (I) overschrijdt. In bijlage 6 zijn de oorspronkelijke en gecorrigeerde concentraties opgenomen, waarbij de gecorrigeerde concentraties zijn getoetst aan de achtergrond- en interventiewaarden. In tabel 7 staan de chemische analyseresultaten van de grond(meng)monsters vermeld, indien een norm wordt overschreden. Tabel 7.
Overzicht van overschrijdingen van toetsingswaarden grond
(Meng-) Boringen monstercode (traject) Verspreid over de locatie
Hoofdbestanddeel/ bijmenging
AW
T
I
MM-1
01 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,40)
Zand/--
PAK
-
-
M-2
06 (0,40 - 0,60)
Klei/sporen baksteen
lood, zink, PAK
-
-
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
14
Tabel 7.
Overzicht van overschrijdingen van toetsingswaarden grond
(Meng-) monstercode
Boringen (traject)
Hoofdbestanddeel/ bijmenging
02 (0,50 - 0,80) 07 (0,20 - 0,70) 11 (0,40 - 0,80) 14 (0,40 - 0,90) Klei/-MM-3 16 (0,40 - 0,80) 17 (0,50 - 1,00) 19 (0,20 - 0,50) 23 (0,30 - 0,80) 08 (0,30 - 0,80) 11 (0,20 - 0,40) MM-5 15 (0,50 - 1,00) Veen/-18 (0,20 - 0,70) 20 (0,20 - 0,70) AW achtergrondwaarde-overschrijding (grond) T tussenwaarde-overschrijding (1/2 x (AW+I)) I interventiewaarde-overschrijding
AW
T
I
PAK, PCB
-
-
kwik
-
-
In grondmengmonster MM-4 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond voor de onderzochte stoffen uit het standaard analysepakket. 4.7.2
Grondwater
Van de geanalyseerde grondwatermonsters is bekeken of de concentratie van de onderzochte parameters de streefwaarde (S), de halve som van de streefwaarde en de interventiewaarde ((S+I)/2), of de interventiewaarde (I) overschrijdt. In bijlage 6 zijn de concentraties opgenomen, getoetst aan de streefen interventiewaarden. In tabel 8 staan de chemische analyseresultaten van de grondwatermonsters vermeld, indien een norm wordt overschreden. Tabel 8.
Overzicht van overschrijdingen van toetsingswaarden grondwater
Monstercode
Boring (traject)
Hoofdbestanddeel
S
T
I
Verspreid over de locatie
S T I
peilbuis 05
2,00 - 3,00
Grondwater
barium
-
-
peilbuis 14
1,90 - 2,90
Grondwater
barium
-
-
streefwaarde-overschrijding (grondwater) tussenwaarde-overschrijding (1/2 x (S+I)) interventiewaarde-overschrijding
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
15
5. INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN EN CONCLUSIE 5.1
Interpretatie onderzoeksresultaten
Verspreid over de locatie Ter plaatse van de gedempte sloten is zintuiglijk geen bodemvreemd materiaal of afwijkend dempingsmateriaal aangetroffen. Op basis hiervan is geen extra grondanalyse verricht. Het bodemprofiel komt overeen met de bodemopbouw elders op de locatie. Waarschijnlijk zijn de voormalige sloten gedempt met gebiedseigen grond. Ook richting bebouwing op omliggende percelen waar voormalige bodembedreigende bedrijfsactiviteiten of brandstoftanks geregistreerd staan, is zintuiglijk geen afwijkende bodemopbouw waargenomen. Hierdoor zijn de verkregen grondmonsters aldaar gebruikt ter bepaling van de algemene bodemkwaliteit. In het zintuiglijk schone, zandige bovengrondmengmonster ter plaatse van het onverharde buitenterrein is een licht verhoogd gehalte aan PAK gemeten (MM-1; 0,0-0,5 m -mv). Het separaat geanalyseerde kleiige grondmonster M-2 (0,4-0,6 m -mv) met sporen baksteen, genomen in de groenvoorziening op het zuidelijk locatiedeel, bevat licht verhoogde gehalten aan lood, zink en PAK. In het zintuiglijk schone kleiige ondergrondmengmonster, ter plaatse van het buitenterrein op de locatie, zijn licht verhoogde gehalten voor PAK en PCB aangetoond (MM-3; 0,2-1,0 m -mv).
Het zintuiglijk schone kleiige grondmengmonster MM-4 (1,0-1,5 m -mv), ter plaatse van de kruipruimte onder de bebouwing, bevat geen verhoogde gehalten voor de onderzochte stoffen uit het standaard analysepakket. In het zintuiglijk schone venige ondergrondmengmonster, verspreid over het buitenterrein van de locatie, is alleen een licht verhoogd gehalte voor kwik aangetoond (MM-5; 0,2-1,0 m -mv). In het grondwater van peilbuizen 05 en 14 zijn alleen licht verhoogde gehalten aan barium vastgesteld. Voor de overige onderzochte stoffen zijn in het grondwater geen verhoogde gehalten aangetoond. De oorzaak van de licht verhoogde gehalten voor barium in het grondwater is onduidelijk; (punt)bronnen zijn niet aanwijsbaar. Waarschijnlijk kunnen de licht verhoogde gehalten voor barium in het grondwater worden aangemerkt als verhoogde achtergrondwaarden. Toetsing hypothese De hypothese verdacht vanuit het oogpunt van bodemverontreiniging voor de locatie wordt bevestigd. 5.2
Conclusie
Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er conform de Wet bodembescherming (Wbb) geen aanleiding voor de uitvoering van nader onderzoek of het nemen van saneringsmaatregelen. De aangetoonde licht verhoogde gehalten in grond en grondwater geven geen beperkingen ten aanzien van de voorgenomen herinrichting van de locatie ten behoeve van woningbouw. AT MilieuAdvies B.V. Schoonhoven, mei 2020
ing. N.D. van Wely
Verkennend bodemonderzoek, Lindelaan 2A te Nieuwkoop (voormalig Ashram College) Rapportnr.: AT20059, mei 2020
16
BIJLAGE 1
REGIONALE LIGGING VAN DE LOCATIE OP DE TOPOGRAFISCHE OVERZICHTKAART ANNO 2018
schaal 1 : 25.000 schaal 1 : 10.000
BIJLAGE 2
SITUATIETEKENING ONDERZOEKSLOCATIE schaal 1 : 500
BIJLAGE 3
BOORPROFIELEN
Boring:
01X
Boring: 0
0
beton
01 0
0
Beton
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraal grijsbruin
15 25
Piepschuim 1 Kruipruimte
50
50 2 80
Veen, donkerbruin 100
100
110
100
3
Beton (gestuit) 120
Klei, matig siltig, lichtgrijs 4 150
150
Boring: 0
02X
Boring: 0
beton
02 0
0
Beton
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, neutraalbruin
15 25
Piepschuim 1 Kruipruimte
50
50
50
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs 2 80
Veen, donkerbruin 100
100 110
100 Beton (gestuit)
3
130
Klei, matig siltig, lichtgrijs 4 150
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
150
Project: AT20059
Boring:
03
Boring: 0
0
04 0
0 Beton
Beton
17 25
17
Piepschuim
25
Kruipruimte
50
Piepschuim Kruipruimte
50
100
100 1
110
100
100 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs
Klei, sterk siltig, neutraalgrijs
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs
2
1
130
Veen, donkerbruin 150
150 3
2 4 200
200
Boring:
05
Boring: 0
0
10 20
200
200
beton
0
06X 0
Beton
beton Beton
Piepschuim
15
Kruipruimte
25
Piepschuim Kruipruimte
50
50
100
100
100 Klei, zwak siltig, zwak humeus, laagjes veen, neutraal bruingrijs
100 110
Beton (gestuit)
1
150
150
Klei, matig siltig, neutraalgrijs
2
200
3
250
4
300
300
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Project: AT20059
Boring:
06
Boring: 0
0
07X 0
0 Klei, zwak zandig, zwak humeus, neutraalbruin
beton Beton
15
1
25
Piepschuim Kruipruimte
40
50
2 60
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, antropogeen, neutraalbruin
50
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs
3 100
100
100
110
Beton (gestuit)
4
150
150
Klei, matig siltig
5
200
200
Boring:
07
Boring: 0 5
0 1
20
0
08X 0
Tegel
beton Beton
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
15 25
Klei, zwak siltig, zwak humeus, laagjes veen, neutraal grijsbruin
Piepschuim Kruipruimte
2 50
50
3 100
100 110
100 110
Beton (gestuit)
Klei, matig siltig, lichtgrijs
4 150
5
200
200
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Project: AT20059
Boring:
08
Boring: 0 5
0
09 0
0 Tegel
10
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1
Beton Piepschuim
23
Kruipruimte
30
Veen, donkerbruin 50
50 2
100
3
100
100
Klei, matig siltig, neutraalgrijs 120
Klei, matig siltig, neutraalgrijs
1
4 150
150
150
150
Klei, sterk siltig, neutraalgrijs
2
200
200
Boring:
10
Boring: 0
0
7
0 5
Klinker 1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1
11
0
20
30
50
40
Klei, zwak zandig, zwak humeus, laagjes veen, antropogeen, neutraalgrijs
50 2 3
80
100
80
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, neutraalgrijs
3
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin Veen, donkerbruin
2 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs
Tegel
100
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Klei, matig siltig 4 100
100
Project: AT20059
Boring:
12
Boring: 0 5
0
13 0
0 Tegel
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, neutraalbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1
1
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, laagjes klei, neutraalgrijs 50
50 2
2
80
Veen, donkerbruin 3 100
100
100
100
Veen, zwak wortelhoudend, neutraalbruin 3 130
Klei, zwak siltig, lichtgrijs 4 150 160
Klei, matig siltig, lichtgrijs 5
200
200
Boring:
14
Boring: 0
0
groenstrook
15 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin
1 1 40
Klei, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, neutraalbruin
50
50
50
Veen, neutraalbruin 2 2 90
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen roest, lichtgrijs
100
100
100
3 120
Veen, donkerbruin 4 150
150
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
5
200
6
250
7
290
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Project: AT20059
Boring:
16
Boring: 0
0
17 0
0 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin
1 1 40
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalgrijs
50
50
50
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs 2 2
80
Veen, donkerbruin 3 100
100
Boring:
18
Boring: 0 5
0 1
20
100
100
19 0 5
0 Tegel 1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Tegel Zand, matig fijn, zwak siltig
20
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraal grijsbruin
Veen, donkerbruin 2 2 50
50
50
Veen, donkerbruin
3 3 100
100
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
100
100
Project: AT20059
Boring:
20
Boring: 0 5
0 1
20
21 0 5
0 Tegel Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Tegel Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Gestaakt op beton
Veen, donkerbruin
1
2 50
50 2 70
3 100
100
Boring:
22
Boring: 0 5
0
23 0 5
0 Tegel Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Gestaakt op beton
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1
1
Tegel
30
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalgrijs 50
50 2 2 70 80
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak plantenhoudend, lichtgrijs
3 100
Locatie: vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
100
Project: AT20059
BIJLAGE 4
ANALYSERESULTATEN EN TOEGEPASTE ANALYSEMETHODEN
AT MilieuAdvies B.V. T.a.v. Niels van Wely Lopikerplein 2A 2871 AN SCHOONHOVEN NETHERLANDS
Analysecertificaat Datum: 17-Apr-2020
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2020056080/1 AT20059 vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop 09-Apr-2020
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monsternemer Monstermatrix
AT20059 vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
2020056080/1 10-Apr-2020 17-Apr-2020/15:24 A,B,C,D 1/2
Grond (AS3000) 1
2
3
4
5
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
% (m/m)
78.7
73.1
66.9
66.9
64.9
Eenheid
Analyse Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
S
Organische stof
% (m/m) ds
7.6
4.6
5.4
2.6
10.5
Gloeirest
% (m/m) ds
92
94
93
96
88
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
7.4
13.7
18.5
24.3
15.2
S
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
68
47
75
40
160
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.23
0.28
0.31
<0.20
0.35
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
5.3
6.8
7.4
6.8
7.9
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
10
12
14
10.0
15
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.063
0.10
0.13
<0.050
0.41
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
12
15
18
17
18
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
27
43
36
18
42
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
62
130
83
50
87
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
6.2
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
5.5
<5.0
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
14
15
24
<11
16
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
11
8.2
20
<5.0
15
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
6.4
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
39
<35
57
<35
Minerale olie
S
Zie bijl.
Chromatogram olie (GC)
Zie bijl.
38 Zie bijl.
Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
0.0013
<0.0010
<0.0010
<0.0010
Nr. Monsteromschrijving
1
MM-1
2
MM-2
3
MM-3
4
MM-4
5
MM-5 Q: door RvA geaccrediteerde verrichting
Datum monstername
Monster nr.
08-Apr-2020 08-Apr-2020
11306195 11306196 11306197
08-Apr-2020 08-Apr-2020
11306198
08-Apr-2020
11306199
A: AP04 erkende verrichting S: AS SIKB erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monsternemer Monstermatrix
S
AT20059 vbo Lindelaan 2A te Nieuwkoop
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
2020056080/1 10-Apr-2020 17-Apr-2020/15:24 A,B,C,D 2/2
Grond (AS3000)
Analyse
Eenheid
1
2
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
4
5
<0.0010
<0.0010
3
<0.0010 2)
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
0.0019
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
0.0025
0.0033
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
0.0014
0.0040
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
0.0092
0.012
0.0049
1)
0.0020
2)
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
<0.050
<0.050
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
0.52
1.0
0.32
<0.050
0.068
S
Anthraceen
mg/kg ds
0.14
0.24
0.095
<0.050
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
0.70
2.0
0.75
<0.050
0.19
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
0.32
0.94
0.38
<0.050
0.093
S
Chryseen
mg/kg ds
0.33
0.94
0.42
<0.050
0.12
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
0.14
0.37
0.21
<0.050
<0.050
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
0.28
0.69
0.41
<0.050
0.068
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
0.18
0.31
0.27
<0.050
0.070
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
0.21
0.40
0.34
<0.050
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
2.9
6.9
Nr. Monsteromschrijving
1
MM-1
2
MM-2
3
MM-3
4
MM-4
5
MM-5 Q: door RvA geaccrediteerde verrichting
3.2
0.35
0.087 1)
Datum monstername
Monster nr.
08-Apr-2020 08-Apr-2020
11306195
08-Apr-2020
11306199
V: VLAREL erkende verrichting
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
11306197 11306198
S: AS SIKB erkende verrichting
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
11306196
08-Apr-2020 08-Apr-2020
A: AP04 erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
0.80
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Akkoord Pr.coörd.
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2020056080/1 Pagina 1/1 Boornr
Omschrijving
Van
Tot
11306195
16
1
0
40
X1306626
MM-1
11306195
15
1
0
50
X1306623
MM-1
11306195
13
1
0
50
X1306625
MM-1
11306195
01
1
0
50
Y8163067
MM-1
11306195
02
1
0
50
Y8163072
MM-1
11306196
06
2
40
60
X1323462
MM-2
11306197
16
2
40
80
X1306628
MM-3
11306197
17
2
50
100
X1323460
MM-3
11306197
07
2
20
70
Y8163075
MM-3
11306197
02
2
50
80
Y8163068
MM-3
11306197
14
2
40
90
Y8163069
MM-3
11306197
19
2
20
50
Y8162589
MM-3
11306197
23
2
30
80
Y8162577
MM-3
11306197
11
3
40
80
X1349302
MM-3
11306198
03
2
110
130
X1323615
MM-4
11306198
04
1
100
150
X1323626
MM-4
11306198
09
1
100
150
X1323448
MM-4
11306198
05
1
100
150
X1323612
MM-4
11306199
20
2
20
70
X1349317
MM-5
11306199
18
2
20
70
Y8162596
MM-5
11306199
11
2
20
40
X1306594
MM-5
11306199
15
2
50
100
X1323625
MM-5
Y8163065
MM-5
11306199
Barcode
Monstername ID/Monsteromsch.
Monster nr.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2020056080/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG Opmerking 2)
PCB 138 kan positief beïnvloed worden door PCB 163.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2020056080/1
Analyse
Pagina 1/1
Methode
Techniek
Methode referentie
W0106
Voorbehandeling
AS3000
Droge Stof
W0104
Gravimetrie
pb 3010-2 en NEN-EN 15934
Organische stof (gloeiverlies)
W0109
Gravimetrie
pb 3010-3 en NEN 5754
Korrelgrootte < 2 µm (lutum)
W0171
Sedimentatie
pb 3010-4 en NEN 5753
Barium (Ba)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Minerale Olie (C10-C40)
W0202
GC-FID
pb 3010-7 en NEN-EN-ISO 16703
Chromatogram MO (GC)
W0202
GC-FID
NEN-EN-ISO 16703
W0271
GC-MS
pb 3010-8 en NEN 6980
Voorbehandeling
Cryogeen malen Bodemkundige analyses
Metalen
Minerale olie
Polychloorbifenylen, PCB
PCB (7)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
PAK som AS3000/AP04
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
PAK (10) (VROM)
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juni 2019.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (D) opmerkingen aangaande de monstername en conserveringstermijn 2020056080/1 Pagina 1/1 Er zijn verschillen met de richtlijnen geconstateerd die de betrouwbaarheid van de resultaten van onderstaande monsters of analyses mogelijk hebben beinvloed.
Analyse
Monster nr.
De conserveringstermijn is voor de betreffende analyse overschreden. Minerale Olie (GC) (Voorbehandeling)
11306195
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl