CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

014 Bijlage - Discussienota aanwijzing monumenten

Meningsvormende raad II 9 februari 2023, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Discussienota Aanwijzing gemeentelijke monumenten1.772 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Nieuwkoop ROG Ruimte en Economie

aan van datum

betreft zaaknummer

Leden van de gemeenteraad Stefan Veenenberg 4 januari 2023 Discussienota aanwijzing gemeentelijke monumenten 188839 Aanleiding In het coalitieakkoord en het reeds vastgestelde collegeprogramma is opgenomen dat het college scenario’s onderzoekt waarbij eigenaren van (nog) aan te wijzen monumenten meer invloed kunnen uitoefenen op de (start van de) aanwijzingsprocedure. Dit wordt ingegeven vanuit de constatering dat de huidige manier van aanwijzen van gemeentelijke monumenten leidt tot onbegrip. De huidige werkwijze is dat, zodra het college eenmaal een besluit heeft genomen over de (start van de) aanwijzingsprocedure, de betrokken objecteigenaren een schriftelijke vooraankondiging tot aanwijzing ontvangen. Dit is het eerste contactmoment met deze inwoners. Het ontvangen van een schriftelijke vooraankondiging tot aanwijzing kan bij objecteigenaren het gevoel oproepen overvallen te worden door de voorgenomen monumentaanwijzing. Naar aanleiding van deze constatering hebben wij scenario’s onderzocht waar wij met uw raad over in gesprek willen. Inleiding In 2020 is door ons gestart met het gefaseerd aanwijzen van nieuwe gemeentelijke monumenten ter uitvoering van het door uw raad vastgestelde erfgoedbeleid.

Het doel van gefaseerde aanwijzing van nieuwe gemeentelijke monumenten is behoud van het cultuurhistorisch erfgoed én het ontwikkelen van een lijst van gemeentelijke monumenten die representatief is voor de gemeente. Ter behoud van het cultuurhistorisch erfgoed kunnen monumenteigenaren een beroep doen op de Subsidieregeling monumentenzorg ter verkrijging van subsidie voor restauratie en/of onderhoud. Voornoemde subsidieregeling kent een subsidieplafond. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 45.000,- per kalenderjaar. In 2022 zijn voorlopig acht aanvragen toegekend voor een totaalbedrag van € 65.613,15. Daarnaast zijn er twee aanvragen binnengekomen waarop nog geen besluit genomen is. Deze aanvragen betreffen een totaalbedrag van € 23.500,-. De overschrijding van het subsidieplafond zal hierbij bekostigd worden vanuit de reserve monumentenzorg. Het aantal toegekende subsidies en het toegekende bedrag aan subsidies ligt in 2022 hoger dan in eerdere

De gemeente Nieuwkoop heeft een nieuw telefoonnummer: 14 0172 Gemeente Nieuwkoop Bezoekadres:

Telefoon: 14 0172

Postadres:

Fax: 0172 574 802

Klant Contact Centrum, Teylersplein 1

Postbus 1

info@nieuwkoop.nl

2441 LE Nieuwveen

2460 AA Ter Aar

www.nieuwkoop.nl

Pagina 2 van 5

jaren. In 2021 is er slechts één subsidie toegekend voor een bedrag van € 20.000,00. In 2020 zijn er vijf aanvragen toegekend voor een totaalbedrag van € 35,692,01. Er zijn twee mogelijke verklaringen voor de toename van het aantal aanvragen. Allereerst zijn er in 2021 19 objecten onherroepelijk aangewezen tot gemeentelijke monumenten. Deze objecten komen ook voor subsidie in aanmerking en enkele eigenaren hebben in 2022 van deze subsidiemogelijkheden gebruik gemaakt. Een tweede verklaring is dat de stijging van de energiekosten eigenaren aanspoort om duurzaamheidsmaatregelen te treffen waarbij tegelijkertijd ook restauratie- en/of onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd. Ten opzichte van eerdere jaren kan het jaar 2022 niet als representatief worden beschouwd. Desondanks is de verwachting, in geval de huidige ontwikkeling zich doorzet in combinatie met een toename van het aantal gemeentelijke monumenten, dat op het gebied van monumentenzorg mogelijk een tekort aan financiële middelen en een tekort aan ambtelijke capaciteit kan ontstaan. Dit kan aanleiding zijn om het erfgoedbeleid bij te stellen. Een andere constatering in de uitvoering van het huidige erfgoedbeleid is het signaal dat afgegeven wordt door objecteigenaren waarvan eigendommen als onderdeel van het tweede aanwijzingscluster worden aangewezen tot gemeentelijk monument.

Uit de ingekomen zienswijzen blijkt dat de huidige manier van aanwijzen van gemeentelijke monumenten als onprettig wordt ervaren. Dit signaal klinkt luider door dan dit bij de aanwijzing van het eerste cluster gemeentelijke monumenten (gestart in februari 2022) het geval was. Hierbij gaat het om het contact tussen de gemeente en de individuele objecteigenaren. Bij de evaluatie van de aanwijzing van het eerste cluster nieuwe gemeentelijke monumenten is uw raad geïnformeerd dat het aantal zienswijzen, bezwaren en beroepen geen aanleiding heeft gegeven om de procedure tot monumentaanwijzing aan te passen. Nu eigenaren van aan te wijzen monumenten duidelijker hebben aangegeven dat systematiek van aanwijzing leidt tot onbegrip, kan dit aanleiding zijn om het erfgoedbeleid wél bij te stellen. Onderzochte scenario’s Het college heeft enkele scenario’s onderzocht die invloed kunnen hebben op het huidige erfgoedbeleid. Het gaat om de volgende scenario’s: 1. Een scenario waarbij de dialoog wordt aangegaan met individuele eigenaren van aan te wijzen gemeentelijke monumenten voorafgaand aan de daadwerkelijke start van de aanwijzingsprocedure. 2. Een scenario waarbij enkel nieuwe gemeentelijke monumenten aangewezen kunnen worden op basis van instemming van individuele objecteigenaren. 3.

Een scenario waarbij de reeds bestaande subsidiemogelijkheden voor restauratie en onderhoud worden vervangen door een gedeeltelijke kwijtschelding van de onroerende zaakbelasting (OZB). 4. Een scenario waarbij minder nieuwe gemeentelijke monumenten aangewezen worden door bij aanwijzing van nieuwe gemeentelijke monumenten meer een koppeling te maken met de toeristisch-recreatieve ambitie van de gemeente, al dan

Pagina 3 van 5

niet in combinatie met een wat meer thematische benadering van monumentaanwijzing. Uitwerking van de scenario’s - Het eerste scenario voorziet in het voeren van gesprekken met individuele eigenaren van aan te wijzen gemeentelijke monumenten (al dan niet in bijzijn van een onafhankelijke en deskundige erfgoedprofessional) voorafgaand aan het nemen van een besluit door het college om de aanwijzingsprocedure daadwerkelijk te starten. In deze gesprekken kan gepolst worden hoe individuele objecteigenaren denken over het toekennen van een monumentale status. -

Het tweede scenario voorziet in het enkel aanwijzen van nieuwe gemeentelijke monumenten indien individuele objecteigenaren kenbaar hebben gemaakt dat zij geen bezwaren hebben tegen een monumentale status. Dit verkleint de kans op het indienen van zienswijzen en het instellen van bezwaar en vervolgens beroep (al dan niet in combinatie met het instellen van een voorlopige voorziening). De behandeling van zienswijzen, bezwaar en beroep kost ambtelijke capaciteit en komt de relatie tussen overheid en burger niet ten goede.

-

Het derde scenario voorziet in een aanpassing van de subsidiemogelijkheden voor eigenaren van gemeentelijke monumenten. Dat betekent dat het niet langer noodzakelijk is om restauratie of onderhoud te verrichten aan een gemeentelijk monument om in aanmerking te komen voor een financiële bijdrage vanuit de gemeente. De omstandigheid dat iemand eigenaar is van een gemeentelijk monument is de basis om een financiële bijdrage te verstrekken in de vorm van een gedeeltelijke kwijtschelding van de onroerende zaakbelasting (OZB), waardoor alle monumenteigenaren hiervan kunnen profiteren.

-

Het vierde scenario voorziet in het loslaten van de bestaande manier van aanwijzen van nieuwe gemeentelijke monumenten op basis van een lijst van geïnventariseerde en gewaardeerde cultuurhistorisch waardevolle objecten. Door enkel nieuwe gemeentelijke monumenten aan te wijzen die een bijdrage leveren aan het beleefbaar maken van het cultuurhistorisch erfgoed, zodat bijgedragen wordt aan het versterken van het toeristisch-recreatieve profiel van Nieuwkoop, worden minder nieuwe gemeentelijke monumenten aangewezen. Dit leidt tot besparing van kosten op het gebied van monumentenzorg.

Discussiepunten -

‘Gaan wij voorafgaand aan de start van de aanwijzingsprocedure eerst met eigenaren van aan te wijzen objecten in gesprek?’

Pagina 4 van 5

Door eerst met eigenaren van aan te wijzen monumenten in gesprek te gaan, kunnen eigenaren het gevoel krijgen dat zij meer worden betrokken bij de start van de aanwijzingsprocedure. Dit kan voorkomen dat eigenaren van aan te wijzen objecten zich overvallen voelen door het besluit van het college om de procedure tot monumentaanwijzing te starten. Het voeren van de dialoog met objecteigenaren voorafgaand aan de start van de aanwijzingsprocedure wekt vertrouwen en bevordert de relatie tussen overheid en burger. Het voeren van een dialoog vooraf kan leiden tot minder zienswijzen, voorlopige voorzieningen en bezwaar- en beroepschriften tijdens de aanwijzingsprocedure. Verder kan de kwaliteit van besluitvorming worden verbeterd, aangezien het gesprek ons een beter beeld geeft van het pand. Denk bijvoorbeeld aan informatie over de bouwtechnische staat van funderingen. Deze informatie kan vervolgens gebruikt worden om te bepalen of het object daadwerkelijk tot gemeentelijk monument wordt aangewezen. Op het moment dat een dialoog wordt gevoerd met objecteigenaren voorafgaand aan de start van de aanwijzingsprocedure treedt er nog geen voorbescherming in werking. Dit betekent in theorie dat een objecteigenaar die het niet eens is met de voorgenomen monumentaanwijzing aanpassingen kan doorvoeren aan een object waardoor mogelijkerwijs cultuurhistorische waarden verloren gaan.

Ook kan een sloopmelding gedaan worden. De kans dat een objecteigenaar dit in de praktijk (bewust) zal doen direct na het aangaan van de dialoog over de voorgenomen monumentaanwijzing zal relatief klein zijn. Verder bestaat de mogelijkheid om, in goed overleg met een objecteigenaar, te bezien hoe bijvoorbeeld bepaalde werkzaamheden met behoud van zoveel mogelijk cultuurhistorische waarden verricht kunnen worden. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan mogelijkheden tot verduurzaming. Het ontbreken van een monumentale status zorgt er vaak voor dat duurzaamheidsingrepen makkelijker gerealiseerd kunnen worden. -

‘Gaan wij enkel gemeentelijke monumenten aanwijzen op basis van instemming van objecteigenaren?’ Het uitsluitend met instemming aanwijzen van gemeentelijke monumenten betekent dat, wanneer objecteigenaren niet instemmen met een voorgenomen monumentaanwijzing, cultuurhistorisch waardevolle objecten niet adequaat beschermd kunnen worden. Dit kan leiden tot aantasting dan wel verlies van cultuurhistorische waarden. Hiermee wordt afbreuk gedaan aan de doelstelling van het erfgoedbeleid, namelijk behoud van cultuurhistorisch waardevolle objecten door monumentaanwijzing.

-

‘Gaan wij meer af op het vertrouwen van objecteigenaren?’ Bij de vaststelling van het huidige erfgoedbeleid is gekozen voor een systeem van voorwaardelijke toekenning van subsidie voor restauratie en onderhoud. Om in aanmerking te komen voor subsidie voor restauratie, dienen monumenteigenaren

Pagina 5 van 5

gesubsidieerde energiescans en/of inspectierapporten van Monumentenwacht bij de subsidieaanvraag te voegen. Feitelijk kan hiermee controle uitgeoefend worden over de besteding van de te verkrijgen subsidie. De subsidie voor restauratie en/of onderhoud kan op basis van de bestaande subsidiemogelijkheden enkel besteed worden voor instandhouding van een gemeentelijk monument, waarbij de inspectierapporten richting geven aan de restauratiewerkzaamheden en de energiescans door eigenaren gebruikt kunnen worden bij de verduurzaming van het monument. De vervanging van de bestaande subsidiemogelijkheden voor restauratie en/of onderhoud door een gedeeltelijke kwijtschelding van de onroerende zaakbelasting (OZB) leidt tot verlies van controle over de besteding van gemeenschapsgeld. Dat betekent dat erop vertrouwd moet worden dat een monumenteigenaar de gedeeltelijke kwijtschelding van de onroerende zaakbelasting (OZB) besteedt aan de instandhouding van een gemeentelijk monument, waarbij geen richting meer gegeven kan worden aan verduurzamingsmogelijkheden en de kwaliteit van restauratiewerkzaamheden door het afschaffen van gesubsidieerde energiescans en inspectierapporten van Monumentenwacht. -

‘Gaan wij alleen nog maar gemeentelijke monumenten aanwijzen in relatie tot de toeristisch-recreatieve ambitie?’ Door enkel gemeentelijke monumenten aan te wijzen gekoppeld aan de toeristischrecreatieve ambitie kan slechts zeer beperkt bijgedragen worden aan de doelstelling van het erfgoedbeleid. Doelstelling van het erfgoedbeleid is behoud van het cultuurhistorisch erfgoed voor aanwijzing van 124 objecten tot gemeentelijk monument op basis van de inventarisatie en selectie die in het verleden is gedaan. Van deze 124 objecten zijn er reeds 19 onherroepelijk aangewezen. Van nog eens 24 objecten is de aanwijzingsprocedure gestart, maar nog niet afgerond.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=1a5bfe39-e29f-4ce7-bdce-e822176b901d