Motie sjabloon
Tekst van het document
Motie Naam motie
Vergadering
[Kies een onderwerp van maximaal 10 woorden.]
[Noem hier de naam en de datum.]
Deze motie hoort bij
Motienummer
[Noem hier het voorstel of de notitie waar de motie aan gekoppeld is.]
[Schrijf hier het motienummer op.]
Opstellers [Noem hier de namen en de politieke partijen van de opstellers.]
Verzoek 1. [Begin met het belangrijkste verzoek. Dit is altijd inhoudelijk, nooit procedureel.] 2. [Heb je meerdere verzoeken? Schrijf ze dan apart op en geef ze een eigen nummer.] 3. [Schrijf alléén het verzoek op. Probeer dit te beperken tot maximaal 2 regels. Context en argumenten komen op een andere plek in de motie.]
Aanleiding [Waarom dien je op dit moment een motie in? Dit is de aanleiding. Verwijs hierbij naar het voorstel of de nota waar deze motie bij aansluit. De aanleiding kan beleidsmatig (eerder besluit, politieke wens) of praktisch (situatie, probleem) zijn. Beperk de aanleiding tot maximaal 10 regels. Geef geen argumenten en herhaal het verzoek niet.]
Beoogd effect [Welk effect hoop je te bereiken met je verzoek(en)? Sluit hierbij aan bij de hogere doelen van je organisatie. Maak dit zo SMART (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch, tijdsgebonden) mogelijk. Gebruik maximaal 2 regels.]
Argumenten 1.1 Bij elk verzoek hoort minstens 1 argument Gebruik je meerdere argumenten per verzoek? Zet dan het belangrijkste argument bovenaan. 2.1 Zet in de cursieve zin steeds dé reden voor elk verzoek In de schuine zin staat het argument zelf. In de alinea eronder geef je verdere uitleg of een toelichting. Doe dit in maximaal 5 regels. Controleer altijd of de schuine zin daadwerkelijk een reden is om ‘ja’ te zeggen tegen het verzoek. Dit kun je controleren door het verzoek t te lezen en daar het woord ‘want’ achter te denken. De zin die daarop volgt is het argument. 2.2 Laat de nummering van de argumenten aansluiten bij de nummering van de verzoeken Via de nummering laat je aan de lezer zien welk argument bij welk verzoek hoort. De nummering bestaat uit 2 cijfers: het 1e cijfer verwijst naar het bijpassende verzoek. Het 2e cijfer laat zien hoeveel argumenten bij dit
verzoek horen. Dus argument 1.2 is het tweede argument dat hoort bij het eerste verzoek. En argument 3.1 is het eerste argument dat hoort bij het derde verzoek. 3.1 Wissel verschillende soorten argumenten af Je tekst wordt overtuigender als je verschillende soorten argumenten gebruikt. Bijvoorbeeld: - bewijs waarom je verzoek sterk of strategisch is (inhoudelijk argument) - laat zien dat er geen beter alternatief is (benoem en ontkracht alternatieven) - sluit aan bij verschillende beleidsthema’s (bijvoorbeeld duurzaamheid, wonen, financiën, participatie)