CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

M12 Bijlage 1 Beoordelingscriteria Integriteit.docx

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Eerste termijn Algemene Beschouwingen848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beoordelingscriteria Integriteit

M7 Bijlage 1

(Pagina’s 8, 9 en 10 van het integriteitsrapport van prof. Dr. J.H.J. van den Heuvel) waar de Nieuwegeinse gemeenschap € 20.000,- voor heeft betaald en die door de burgemeester van Nieuwegein hoog wordt gewaardeerd.)

Om de beschuldigingen op hun validiteit (geldigheid) te kunnen beoordelen, is een toetsingskader nodig. Dat moet algemeen geldig en duidelijk zijn. Omdat het niet gaat om beleidsinhoudelijke oordelen, heeft de onderzoeker zijn beoordelingscriteria ontleend aan normen van integriteit, te meer daar mw. Bakhtali in haar beschuldigingen duidt op onfatsoenlijk, oneerlijk, (moreel) onjuist gedrag, misbruik van het ambt en zelfs op belangenverstrengeling. De criteria zijn ontleend aan de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en uiteraard de gedragscode van de gemeente Nieuwegein. Alleen die normen zijn gekozen die voor het handelen van bestuurders en raadsleden relevant zijn en die golden in de tijd waarover dit onderzoek handelt.(5) Vooropgesteld zij, dat raadsleden en bestuurders bij hun handelen de kwaliteit van het openbaar bestuur centraal moeten stellen. De kwaliteit van bestuurlijk en politiek handelen is in eisen neergelegd. Deze eisen gelden voor elk orgaan in het openbaar bestuur. Ze vormen het fundament van de democratische rechtsstaat en worden gerangschikt onder het begrip goed bestuur, good governance.(6) Een van die eisen van good governance is de integriteit van het openbaar bestuur.

Vertaald naar het onderwerp van dit onderzoek: raadsleden en bestuurders moeten integer handelen, ze moeten onkreukbaar zijn, zowel als orgaan (volksvertegenwoordiging en bestuursorgaan) als ieder raadslid en iedere bestuurder afzonderlijk. 5 Gedragscode college van burgemeester en wethouders, vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 6 maart 2003. Gedragscode raadsleden en commissieleden niet-raadsleden, vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 6 maart 2003. 6 Bestuurskunde, jrg. 2011, nr. 2, themanummer goed bestuur.

Dat betekent dat een raadslid of bestuurder handelt naar en zich gedraagt in overeenstemming met de geldende wetten en regels en algemeen

maatschappelijk geaccepteerde waarden en normen. In het bijzonder respecteert een bestuurder of politicus de regels zoals deze door de gemeente zelf zijn vastgesteld. Integere politici en bestuurders vervullen hun taak en functie verder naar de daaraan te stellen professionele eisen, in overeenstemming met hun positie en verantwoordelijkheden waarop zij in redelijkheid aanspreekbaar zijn en in overeenstemming met de geldende morele normen. Daarnaast moeten zij zich verantwoorden voor de keuzen die zij maken. Meer specifiek betekent dit dat de politicus en bestuurder op zorgvuldige wijze omgaan met bevoegdheden, macht, middelen en verantwoordelijkheden waarover zij ten behoeve van het algemene belang beschikken, daarover verantwoording afleggen en burgers en collega’s op correcte wijze behandelen.(7) Wil men de politiek en het bestuur in Nieuwegein beoordelen, dan gelden de volgende eisen: dienstbaarheid: het handelen is altijd en volledig gericht op het belang van de gemeente en op de organisaties en burgers die daar onderdeel van uit maken, functionaliteit: het handelen heeft een herkenbaar verband met het ambt of de functie die men in het bestuur van de gemeente vervult, onafhankelijkheid: het handelen wordt gekenmerkt door onpartijdigheid, geen vermenging met oneigenlijke belangen, iedere schijn van vermenging moet worden vermeden, openheid: het handelen is transparant,

opdat optimale verantwoording mogelijk is en de controlerende organen volledig inzicht hebben in het handelen van de bestuurder en zijn beweegredenen daarbij, betrouwbaarheid: op een bestuurder en politicus moet men kunnen rekenen, hij houdt zich aan zijn afspraken; kennis en informatie waarover hij uit hoofde van zijn ambt of functie beschikt, wendt hij aan voor het doel waarvoor die zijn gegeven, zorgvuldigheid: het handelen van een bestuurder en politicus is zodanig dat alle organisaties en burgers op gelijke wijze en met respect worden bejegend; belangen van partijen worden op correcte wijze afgewogen. Zoals vermeld, is ook de gedragscode voor bestuurders en

gemeenteraadsleden van Nieuwegein relevant voor de beoordeling van de beschuldigingen en klachten. Door het enkele feit dat een bestuursorgaan een dergelijke gedragscode tot eigen beleid heeft gemaakt, hebben de daarin opgenomen eisen, voorschriften en verplichtingen de status van beleidsregels en hebben zij daardoor een zichzelf bindende werking. De gedragscode voor raadsleden van de gemeente Nieuwegein is summier in het noemen van onderwerpen die expliciet onder de integriteitscode vallen. Alleen belangenverstrengeling en aanbesteding, nevenfuncties, omgaan met informatie, geschenken, bestuurlijke uitgaven, declaraties, creditcards, gebruik van gemeentelijke voorzieningen en reizen in het buitenland zijn erin opgenomen.(8) Het gedrag van raadsleden en bestuurders moet evenwel aan een ruimere scope van eisen voldoen dan in de gedragscode van Nieuwegein zijn opgenomen. Het moet ook gaan om laakbaar en schadelijk handelen, om gedrag of uitlatingen die niet passen bij de waardigheid of de voorbeeldfunctie van het raadslid of gedrag dat in de samenleving als onwenselijk of onaanvaardbaar geldt.(9) 7 G. de Graaf & L.W.J.C. Huberts, Integriteit in het Nederlands openbaar bestuur, in R. Andeweg & J. Thomassen (red.), Democratie doorgelicht. Het functioneren van de Nederlandse democratie, Amsterdam: Leiden University Press, 2011, p. 477-497. J.H.J. van den Heuvel, L.W.J.C.

Huberts & E.R. Muller, Handboek Integriteit. Integriteit en integriteitsbeleid in Nederland, Deventer: Kluwer, 2012. 8 Gedragscode bestuurlijke integriteit, 7 maart 2003. 9 Kamerstukken II, vergaderjaar 2002-2003, 28 244, nr. 9, p. 8-9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=be0d67db-0f86-48d5-9f7f-6237aa4ba964