CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies Raadsagenda

Raadsvergadering 15 juni 2026, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Presentatie en bespreking Coalitieakkoord 2026-20304.358 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan Datum Van Onderwerp

Gemeenteraad Nieuwegein Woensdag 10 juni 2026 John Bijl Advies raadsagenda Geachte leden van de raad, De raadsagenda biedt de gemeenteraad de mogelijkheid om zelf richting te geven aan onderwerpen die van betekenis zijn voor de ontwikkeling van de stad of voor het functioneren van de lokale democratie. Daarmee verschilt de raadsagenda van het coalitieakkoord. Waar het coalitieakkoord afspraken bevat over de koers van het college, biedt de raadsagenda ruimte voor de raad om zijn beleidsvormende en kaderstellende rol actief invulling te geven. In dit advies wordt het begrip raadsagenda gebruikt als een raadsinstrument waarmee de gemeenteraad zelf richting geeft aan onderwerpen die hij van bijzonder belang acht voor de ontwikkeling van de stad of voor het functioneren van de lokale democratie. In andere gemeenten wordt hiervoor ook wel gesproken over een raadsprogramma, het raadsbreed werken of raadsgestuurde beleidsvorming. Kenmerkend is dat de raad niet uitsluitend reageert op voorstellen van het college, maar zelf bepaalt welke maatschappelijke of bestuurlijke vraagstukken hij gezamenlijk wil verkennen en van politieke richting wil voorzien. Met andere woorden: éérst het politiek debat, dan pas het beleidsvoorstel. Uw raadsagenda kan daarbij verschillende vormen aannemen. Soms begint een onderwerp met de vraag wat precies het probleem is.

In andere gevallen wil de raad vooral richting geven aan de gewenste ontwikkeling van de stad of uitgangspunten formuleren voor toekomstig beleid. Verderop in dit advies wordt daarom niet alleen ingegaan op de keuze van onderwerpen, maar ook op verschillende niveaus van politiek opdrachtgeverschap, variërend van probleem-verkenning tot beleidsuitwerking. Niet ieder onderwerp vraagt immers om dezelfde mate van voorbereiding, kaderstelling of betrokkenheid van de raad.

Onderwerpen voor de agenda Dat betekent ook dat niet ieder onderwerp zich in dezelfde mate leent voor behandeling via de raadsagenda. Sommige onderwerpen vragen om politieke richting en afwegingen, terwijl andere zich vooral richten op uitvoering, beheer of de uitwerking van reeds vastgesteld beleid. Bij de beoordeling van de aangedragen mogelijke onderwerpen voor uw raadsagenda is daarom niet alleen gekeken naar het maatschappelijk belang ervan, maar vooral naar de vraag of sprake is van een politieke opgave waarop de raad daadwerkelijk richting kan geven. Onderwerpen die zich vooral richten op uitvoering, reeds onderdeel zijn van bestaande beleids- of besluitvormings-trajecten of waarvoor al duidelijke kaders zijn vastgesteld, lenen zich minder goed voor een afzonderlijk traject vanuit de raad. Ook is gekeken naar de mate waarin een onderwerp voldoende afgebakend is en ruimte biedt voor politieke afwegingen en keuzes.

Pagina 1 van 14

Op de volgende pagina’s adviseer ik welke onderwerpen zich het best lenen voor behandeling via de raadsagenda. Daarbij is niet alleen gekeken naar het maatschappelijk belang van een onderwerp, maar vooral naar de vraag of de raad daadwerkelijk richting kan geven aan de ontwikkeling ervan. Onderwerpen die al onderdeel zijn van lopende trajecten, waarvoor reeds kaders zijn vastgesteld of die zich vooral richten op uitvoering, zijn daarbij lager gerangschikt. Aansluitend bevat dit advies enkele aanbevelingen voor de wijze waarop de raad de gekozen onderwerpen kan behandelen. Daarbij gaat het onder meer om de organisatie van het proces, de rolverdeling tussen raad en college en het abstractieniveau waarop de raad het gesprek wil voeren. De onderwerpen zijn verdeeld in vijf tranches. De eerste tranche bevat onderwerpen die raken aan het functioneren van de lokale democratie zelf en daarom bij uitstek tot de verantwoordelijkheid van de raad behoren. De tweede tranche bevat onderwerpen die zich goed lenen voor een eerste ervaring met beleidsvorming en kaderstelling door de nieuwe raad.

De raadsagenda als bestuursinstrument Daarbij is bewust niet gekozen voor de maatschappelijk grootste of meest complexe onderwerpen. Een raadsagenda is geen doel op zichzelf, maar een instrument waarmee de raad inhoud geeft aan zijn beleidsvormende en kaderstellende rol. Een succesvolle eerste ervaring met de raadsagenda is uiteindelijk waardevoller dan een ambitieuze agenda die voortijdig vastloopt. Om die reden wordt geadviseerd in 2026 te starten met twee overzichtelijke onderwerpen uit de tweede categorie en de overige onderwerpen op een later moment te betrekken bij de verdere ontwikkeling van de raadsagenda. De derde tranche bevat onderwerpen die in beginsel geschikt zijn voor een raadsagenda, maar die meer voorbereiding, afbakening of samenhang vragen. Over de timing van de planning doe ik in dit advies geen uitspraken. Ik stel me zo voor dat een vertegenwoordig van uw raad (zie het advies hieronder) na de komende begrotingsbehandeling plant of en hoe deze bestuursperiode deze onderwerpen een raadsbreed behandeling krijgen. De vierde tranche bevat onderwerpen die interessante politieke vragen oproepen, maar vanwege hun omvang, complexiteit of beperkte beïnvloedbaarheid minder voor de hand liggen als eerste onderwerp voor de raadsagenda. De vijfde tranche bevat onderwerpen die zich op dit moment minder goed lenen voor behandeling via de raadsagenda.

Elk onderwerp is voorzien van een korte toelichting.

De agenda is van de raad De hieronder voorgestelde thema’s vormen geen limitatieve opsomming. De raad kan gedurende de gehele bestuursperiode besluiten (nieuwe) thema’s raadsbreed op te pakken. Daar kan dezelfde werkwijze bij worden gehanteerd als bij de keuze die nu aan het begin van raadsperiode wordt gemaakt. Het spreekt voor zich dat dat zelfs de voorkeur verdient.

Pagina 2 van 14

1e tranche: Bestuurlijke thema’s Opkomst Een democratie kan niet zonder kiezers. En gemeentelijke besluiten bepalen hoe onze leefomgeving eruitziet, welke voorzieningen beschikbaar zijn en hoe publieke middelen worden besteed. Toch herkennen veel inwoners deze keuzes niet als politiek. Juist daarin ligt een belangrijke verklaring voor de dalende opkomst bij gemeenteraadsverkiezingen. Het onderwerp biedt daarom aanleiding om na te denken over de zichtbaarheid en toegankelijkheid van de lokale democratie. Het onderwerp lijkt daarom vanzelfsprekend geschikt voor een raadsagenda. Daarbij kan de raad onderzoeken hoe de lokale democratie voor inwoners zichtbaarder en herkenbaarder kan worden. Niet alleen tijdens verkiezingen, maar juist ook in de jaren daartussen. Opkomstbevordering wordt daarmee meer dan een verkiezingsonderwerp: het raakt aan het gezag, de herkenbaarheid en de toegankelijkheid van de lokale democratie zelf.

Referendumverordening Een referendumverordening raakt direct aan de wijze waarop inwoners invloed kunnen uitoefenen op gemeentelijke besluitvorming. Daarmee betreft het niet alleen een juridisch instrument, maar ook een fundamentele vraag over de verhouding tussen representatieve democratie en directe betrokkenheid van inwoners. Het onderwerp leent zich daarom bij uitstek voor bespreking door de raad. Tegelijkertijd kent het onderwerp een sterke technische en juridische component. Keuzes over de inrichting van een referendum kunnen grote gevolgen hebben voor de praktische werking van het instrument en de verhouding tot de reguliere besluitvorming door de raad. Het verdient daarom aanbeveling om bij de ontwikkeling van een referendumverordening gebruik te maken van externe deskundigheid en ervaringen uit andere gemeenten. Het onderwerp lijkt zeer geschikt voor een raadsagenda. Juist omdat het raakt aan de werking van de lokale democratie en de positie van de raad zelf, biedt het ruimte voor een fundamenteel gesprek over de wijze waarop inwoners betrokken worden bij politieke besluitvorming.

Pagina 3 van 14

2e tranche: Thema’s voor 2026 Oud en Nieuw De viering van oud en nieuw lijkt op het eerste gezicht vooral een onderwerp van openbare orde en veiligheid. Toch gaat achter de discussie over vuurwerk, overlast en handhaving een bredere maatschappelijke vraag schuil. Nu de traditionele invulling van de jaarwisseling verandert, ontstaat ruimte om opnieuw na te denken over de betekenis van dit moment voor de stad. De jaarwisseling is één van de weinige momenten waarop vrijwel alle inwoners tegelijkertijd stilstaan bij hun verbondenheid met dezelfde gemeenschap. Dat maakt het onderwerp bij uitstek geschikt voor een politiek gesprek over ontmoeting, tradities, gemeenschapsvorming en de identiteit van Nieuwegein. De raad kan daarbij richting geven aan de vraag welke rol de gemeente zelf wil spelen bij de viering van de jaarwisseling, welke ruimte aan de samenleving zelf wordt overgelaten en welke waarden daarbij centraal staan. Het onderwerp is overzichtelijk, herkenbaar voor inwoners en voldoende afgebakend om binnen een beperkte periode tot een duidelijke visie of set van uitgangspunten te komen. Daarmee lijkt het goed geschikt als onderwerp voor een eerste raadsagenda. Juist omdat het onderwerp dichtbij de leefwereld van inwoners staat, biedt het de raad een laagdrempelige mogelijkheid om ervaring op te doen met zijn beleidsvormende en kaderstellende rol.

Uitbreiding voedselbos De uitbreiding van het voedselbos lijkt op zichzelf minder geschikt als onderwerp voor een raadsagenda. Het betreft een relatief speci ek initiatief, terwijl een raadsagenda zich vooral leent voor vraagstukken waarbij de raad richting geeft aan bredere maatschappelijke ontwikkelingen. Indien de wens bestaat om het onderwerp verder te verkennen, ligt het meer voor de hand dit te plaatsen in een bredere discussie over natuur, biodiversiteit, duurzaamheid of betrokkenheid van inwoners bij de inrichting van de openbare ruimte.

fi

Pagina 4 van 14

3e tranche Speelvisie De inrichting van speel- en verblijfsruimten raakt direct aan de vraag hoe kinderen en jongeren in Nieuwegein kunnen opgroeien. Daarbij gaat het niet alleen om de aanwezigheid van speelvoorzieningen, maar ook om de kwaliteit van de openbare ruimte, de mogelijkheden voor ontmoeting, beweging, zelfstandigheid en sociale ontwikkeling. Binnen de gemeente is over verschillende locaties al veel gesproken met inwoners en belanghebbenden. Daarbij blijken wensen niet altijd met elkaar overeen te komen. Juist daarom kan een bredere visie behulpzaam zijn. Een speelvisie biedt de mogelijkheid om eerst te verkennen welke uitgangspunten de raad belangrijk vindt, voordat keuzes worden gemaakt over de inrichting van afzonderlijke locaties. Een dergelijke visie kan raken aan vraagstukken als gezondheid, bewegen, verkeersveiligheid, sociale cohesie, toegankelijkheid en de aantrekkelijkheid van wijken voor gezinnen. Daarmee sluit het onderwerp aan bij bredere ambities rond een gezonde, leefbare en toekomstbestendige stad. Tegelijkertijd vraagt dit onderwerp om realisme ten aanzien van de uitvoering. Veranderingen in de openbare ruimte kennen vaak een lange doorlooptijd en zijn mede afhankelijk van bestaande investeringen en vervangingsmomenten. Het ligt daarom minder voor de hand om dit onderwerp te benaderen als een programma met snel zichtbare resultaten.

De meerwaarde van een raadsagenda ligt hier vooral in het formuleren van een gezamenlijke visie en afwegingskader voor toekomstige keuzes. Het onderwerp lijkt daarmee geschikt voor een raadsagenda. Het biedt ruimte voor politieke afwegingen over de inrichting van de leefomgeving, terwijl de uiteindelijke uitvoering gefaseerd en binnen bestaande beheer- en investeringscycli kan plaatsvinden.

Inclusie en het Regenboogstembusakkoord Inclusie raakt aan de vraag in hoeverre iedere inwoner daadwerkelijk kan deelnemen aan het maatschappelijke leven van de stad. Daarbij gaat het niet alleen om speci eke doelgroepen, maar ook om de toegankelijkheid van voorzieningen, de inrichting van de openbare ruimte, de begrijpelijkheid van dienstverlening en de mogelijkheden voor inwoners om mee te doen aan onderwijs, werk, sport, cultuur en het verenigingsleven. Als politiek thema heeft ‘inclusie’ raakvlakken met uiteenlopende beleidsterreinen en wordt daardoor vaak versnipperd benaderd. Een raadsagenda kan de mogelijkheid bieden om een meer samenhangende visie te ontwikkelen op wat inclusie in Nieuwegein betekent en welke uitgangspunten daarbij leidend zijn. Daarmee ontstaat ruimte voor een politiek gesprek over de vraag hoe de gemeente omgaat met verschillen tussen inwoners en welke verantwoordelijkheid de overheid heeft om deelname aan de samenleving mogelijk te maken.

fi

Pagina 5 van 14

Het onderwerp lijkt geschikt voor een raadsagenda, maar kent een andere vertrekpositie dan veel andere aangedragen onderwerpen. Op verschillende beleidsterreinen wordt reeds invulling gegeven aan aspecten van inclusie. Het Regenboogstembusakkoord bevat voor een deel van het onderwerp al een duidelijke beleidsrichting. Daarmee is het akkoord op zichzelf geen logisch onderwerp voor een raadsagenda, omdat het reeds een kader vormt waaruit beleid kan worden ontwikkeld. Wel ligt het voor de hand dat het college de raad actief en in een vroeg stadium betrekt bij de verdere uitwerking van dit akkoord. Ook het coalitieakkoord bevat ambities die bijdragen aan een inclusieve stad, bijvoorbeeld op het gebied van toegankelijkheid, gezondheid, dienstverlening en maatschappelijke participatie. De meerwaarde van een raadsagenda ligt daarom niet in de eerste plaats in het ontwikkelen van nieuwe maatregelen, maar in het aanbrengen van samenhang. Een logische eerste stap zou kunnen zijn om bestaande initiatieven, beleidsdoelen en afspraken in kaart te brengen. Vervolgens kan de raad het gesprek voeren over de vraag wat een inclusieve stad voor Nieuwegein betekent en welke uitgangspunten daarbij leidend zijn. Vanuit die gedeelde visie kan worden bezien welke aanvullende ambities, prioriteiten of beleidskeuzes wenselijk zijn.

Daarmee kan het onderwerp uitgroeien tot een integraal beleidskader dat richting geeft aan toekomstige keuzes op verschillende beleidsterreinen.

Participatiebeleid Participatie raakt direct aan de verhouding tussen inwoners, gemeenteraad en college en bevat daarmee verschillende politieke afwegingen over invloed, betrokkenheid en verwachtingen. Het onderwerp leent zich daarom in beginsel goed voor een gesprek over beleidsvorming en kaderstelling. Tegelijkertijd wordt momenteel al gewerkt aan een herijking van het participatiebeleid. De raad is betrokken bij de evaluatie en heeft reeds kennisgenomen van de eerste bevindingen. Tegen deze achtergrond ligt de meerwaarde van een afzonderlijke raadsagenda minder voor de hand. Wel verdient het aanbeveling om de raad actief te betrekken bij de verdere ontwikkeling van het beleid. Juist omdat participatie raakt aan de rol van de raad en de manier waarop inwoners invloed uitoefenen op gemeentelijke besluitvorming, ligt het voor de hand dat de raad niet alleen wordt geïnformeerd, maar ook richting kan geven aan de uitgangspunten van het nieuwe beleid. Daarbij kan bijzondere aandacht uitgaan naar de relatie tussen participatie en omgevingsmanagement.

Pagina 6 van 14

4e tranche Levendigheid langs het water Water vormt een belangrijk onderdeel van de identiteit van Nieuwegein. De vraag hoe deze plekken worden gebruikt en beleefd raakt aan uiteenlopende maatschappelijke belangen, waaronder recreatie, ontmoeting, natuur, cultuurhistorie, ondernemerschap en leefbaarheid. Daarmee biedt het onderwerp aanknopingspunten voor een breder gesprek over de betekenis van het water voor de stad. De meerwaarde van een raadsagenda ligt daarbij niet in het ontwikkelen van concrete plannen voor afzonderlijke locaties. Zodra het gesprek zich richt op de inrichting van speci eke plekken, evenementen of voorzieningen verschuift het onderwerp al snel naar uitvoering. Juist daarom vraagt dit onderwerp om een duidelijke afbakening. De raad zou zich kunnen richten op de vraag welke rol het water speelt in de ontwikkeling van Nieuwegein en welke uitgangspunten richtinggevend zijn voor toekomstige keuzes. Het onderwerp leent zich goed voor gesprekken met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en andere betrokkenen. Daarbij kan worden verkend welke verwachtingen en wensen er leven en welke waarden inwoners belangrijk vinden. Een dergelijke verkenning kan bijdragen aan een breed gedragen toekomstbeeld zonder direct vooruit te lopen op concrete projecten of investeringen.

Tegelijkertijd vraagt het onderwerp om een zekere bestuurlijke en politieke discipline. De stap van visie naar uitvoering is snel gezet en de nanciële en ruimtelijke consequenties van mogelijke keuzes kunnen aanzienlijk zijn. Om die reden lijkt het onderwerp minder geschikt als eerste ervaring met een raadsagenda. Voor een raad die ervaring heeft opgedaan met beleidsvorming en kaderstelling kan het daarentegen een interessant onderwerp zijn om richting te geven aan de toekomstige ontwikkeling van de stad.

Toekomst Antoniusterrein De toekomstige ontwikkeling van het Antoniusterrein raakt aan belangrijke maatschappelijke vragen over zorg, voorzieningen en de ruimtelijke ontwikkeling van de stad. Tegelijkertijd kent het onderwerp een bijzondere positie. Het vertrek van het ziekenhuis ligt nog geruime tijd in de toekomst en de gemeente beschikt slechts beperkt over directe sturingsmogelijkheden. De locatie is geen gemeentelijk eigendom en de toekomstige ontwikkeling zal mede afhankelijk zijn van keuzes van het ziekenhuis en andere betrokken partijen. Tegen deze achtergrond lijkt het onderwerp minder geschikt als zelfstandig onderwerp voor een raadsagenda. Het risico bestaat dat de raad zich uitspreekt over ontwikkelingen waarop zij slechts beperkte invloed kan uitoefenen. Daarbij is het van belang de relatie met het ziekenhuis als belangrijke maatschappelijke partner zorgvuldig vorm te geven.

fi

fi

Pagina 7 van 14

Wel kan de raad op hoofdlijnen richting geven aan de maatschappelijke functies die zij voor de toekomst van belang acht, bijvoorbeeld op het gebied van zorg en welzijn. Deze uitgangspunten kunnen vervolgens worden betrokken bij toekomstige gesprekken en besluitvorming wanneer de verdere ontwikkeling van het terrein concreter wordt.

5e trance Lokaal Integraal Preventieakkoord De uitvoering van het Lokaal Integraal Preventieakkoord lijkt minder geschikt als onderwerp voor een raadsagenda. Het onderwerp kent reeds een duidelijke beleidsrichting en wordt bovendien in belangrijke mate vormgegeven binnen regionale samenwerkingsverbanden en landelijke kaders, waaronder het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Daarnaast bevat het coalitieakkoord reeds ambities op het gebied van preventie en gezondheid. De meerwaarde van een afzonderlijk beleidsvormend traject vanuit de raad ligt daarom niet direct voor de hand. Het onderwerp lijkt zich eerder te lenen voor reguliere beleidsvorming, monitoring en verantwoording dan voor een nieuwe kaderstellende exercitie.

Promotie van de stad De vraag hoe Nieuwegein zich presenteert aan inwoners, bezoekers, bedrijven en andere doelgroepen raakt aan thema’s als identiteit, imago en positionering. Tegelijkertijd is citymarketing in belangrijke mate een specialistisch vakgebied, waarbij de ontwikkeling van campagnes, communicatiestrategieën en promotionele activiteiten doorgaans wordt vormgegeven door professionals. De meerwaarde van een raadsagenda ligt daarom niet direct voor de hand. De vraag hoe de stad zich pro leert is slechts beperkt een beleidsvormende of kaderstellende vraag voor de gemeenteraad. Bovendien bestaat het risico dat een raadsagenda zich richt op communicatieve uitingen, terwijl de aantrekkingskracht en reputatie van een stad uiteindelijk vooral worden bepaald door de kwaliteit van de stad zelf. Wel kan de raad een rol vervullen bij het formuleren van de waarden en ambities die aan de pro lering van Nieuwegein ten grondslag liggen. In die zin ligt eerder een gesprek over de identiteit en toekomst van de stad voor de hand dan een gesprek over promotie of marketing. De verdere uitwerking daarvan kan vervolgens plaatsvinden door het college en gespecialiseerde partijen, waarbij de raad desgewenst betrokken blijft als opdrachtgever of klankbord.

fi

fi

Pagina 8 van 14

Het onderwerp lijkt daarom minder geschikt als zelfstandig onderwerp voor een raadsagenda. Elementen ervan kunnen wel terugkomen binnen bredere gesprekken over de identiteit, ontwikkeling en toekomst van Nieuwegein.

Behoud jongeren in Nieuwegein De wens om jongeren aan Nieuwegein te binden raakt aan een belangrijke maatschappelijke ontwikkeling. Veel gemeenten zoeken naar manieren om jongeren en jongvolwassenen een perspectief te bieden om in de stad te blijven wonen, werken en leven. Tegelijkertijd blijkt het onderwerp lastig af te bakenen. Onder de noemer ‘jongeren’ gaan uiteenlopende groepen schuil, met verschillende wensen, behoeften en toekomstperspectieven. Wat voor een student van belang is, hoeft niet hetzelfde te zijn als voor een mbo-starter, een jonge werknemer of een jong gezin. Juist daardoor is het onderwerp minder eenduidig dan het op het eerste gezicht lijkt. De vraag waarom jongeren vertrekken, blijven of terugkeren raakt aan uiteenlopende beleidsterreinen zoals wonen, onderwijs, werkgelegenheid, mobiliteit, cultuur en de kwaliteit van de leefomgeving. Daarmee is het onderwerp eerder een verzameling van maatschappelijke vraagstukken dan een duidelijk afgebakende politieke opgave. Voor een raadsagenda is het van belang dat een onderwerp ruimte biedt voor politieke afwegingen en richtinggevende keuzes. Bij het onderwerp jongeren is op voorhand nog onvoldoende duidelijk welke belangen of waarden precies tegen elkaar moeten worden afgewogen.

Het risico bestaat daardoor dat de raad zich eerst moet verdiepen in de aard van het vraagstuk voordat sprake kan zijn van beleidsvorming of kaderstelling. Een meer voor de hand liggende eerste stap zou kunnen zijn om het onderwerp verkennend te benaderen. Daarbij kan de raad in gesprek gaan met jongeren, deskundigen, maatschappelijke organisaties en andere betrokkenen om beter inzicht te krijgen in de ontwikkelingen die spelen en de groepen waar het vraagstuk zich daadwerkelijk voordoet. Een dergelijke verkenning kan vervolgens aanleiding geven om een meer afgebakend onderwerp te formuleren dat zich beter leent voor een beleidsvormend traject. Het onderwerp lijkt daarom minder geschikt als zelfstandig onderwerp voor een raadsagenda. Wel kan het waardevol zijn als verkennend thema, bijvoorbeeld in de vorm van expertgesprekken, een raadsconferentie of een verdiepend onderzoek naar de positie van verschillende groepen jongeren in Nieuwegein.

Gezondheid Gezondheid is een belangrijk maatschappelijk thema, maar leent zich minder goed als zelfstandig onderwerp voor een raadsagenda. Het onderwerp is breed, raakt aan veel verschillende beleidsterreinen en kent bovendien al diverse lopende trajecten en samenwerkingsverbanden. Daarnaast heeft de vorige raad een burgerberaad over zorg, gezondheid en geluk georganiseerd, waaruit een uitgebreide lijst met aanbevelingen is voortgekomen.

Pagina 9 van 14

De meerwaarde van een nieuw beleidsvormend traject ligt daarom niet direct voor de hand. Het lijkt logischer om eerst te bezien hoe de aanbevelingen uit het burgerberaad zijn opgepakt en op welke onderdelen nog behoefte bestaat aan politieke richting of aanvullende keuzes. Vanuit die evaluatie kan eventueel een meer afgebakend onderwerp worden geformuleerd dat zich beter leent voor een raadsagenda.

Oude Persilfabriek en Van Bentum De ontwikkeling van de Oude Persilfabriek en de locatie Van Bentum lijkt niet geschikt als onderwerp voor een raadsagenda. Voor beide locaties zijn reeds kaders vastgesteld of lopen bestaande ontwikkelprocessen. Daarmee heeft de raad zijn kaderstellende rol in belangrijke mate al vervuld. De verdere uitwerking van deze ontwikkelingen vindt plaats binnen bestaande plannen, afspraken en procedures. Het onderwerp lijkt zich daarom eerder te lenen voor reguliere besluitvorming en voortgangsbewaking dan voor een nieuw beleidsvormend traject vanuit de raad.

Digitale veiligheid Digitale veiligheid is een actueel en maatschappelijk relevant onderwerp. Tegelijkertijd is het begrip breed en omvat het uiteenlopende thema’s, variërend van cybercriminaliteit en privacy tot digitale weerbaarheid en de beveiliging van gemeentelijke systemen. Daardoor is op voorhand niet duidelijk welke maatschappelijke of politieke opgave centraal staat. Daarnaast vraagt het onderwerp om speci eke kennis en expertise. Zonder nadere afbakening bestaat het risico dat een raadsagenda zich richt op technische of organisatorische vraagstukken waarop de politieke invloed van de raad beperkt is. Het onderwerp lijkt daarom minder geschikt als zelfstandig onderwerp voor een raadsagenda. Indien er behoefte bestaat aan verdere verkenning, ligt een informatiesessie, expertbijeenkomst of themabijeenkomst meer voor de hand. Een dergelijke verkenning kan helpen om vast te stellen of er op onderdelen sprake is van politieke keuzes die zich lenen voor verdere beleidsvorming of kaderstelling.

Openbare verlichting Openbare verlichting lijkt op zichzelf minder geschikt als onderwerp voor een raadsagenda. Het onderwerp heeft in eerste instantie betrekking op de inrichting en het beheer van de openbare ruimte en kent bovendien een lange investerings- en vervangingscyclus. Daarnaast is in de afgelopen jaren reeds een belangrijk deel van de openbare verlichting vernieuwd.

fi

Pagina 10 van 14

Tegelijkertijd kan achter het onderwerp een bredere maatschappelijke vraag schuilgaan. Openbare verlichting raakt onder meer aan thema’s als sociale veiligheid, verkeersveiligheid, toegankelijkheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Op basis van de huidige formulering is echter onvoldoende duidelijk welke maatschappelijke opgave of politieke afweging centraal staat. Het ligt daarom voor de hand eerst scherper te krijgen welke vraag aan het onderwerp ten grondslag ligt. Pas wanneer duidelijk is welk maatschappelijk doel wordt nagestreefd, kan worden beoordeeld of sprake is van een onderwerp dat zich leent voor beleidsvorming of kaderstelling door de raad.

Pagina 11 van 14

Advies over de uitvoering Voordat met een onderwerp wordt gestart, verdient het aanbeveling dat de raad eerst met elkaar het gesprek voert over de bedoeling van de raadsagenda en de wijze waarop hij hier invulling aan wil geven. Daarbij kan worden gesproken over de rol van de raad, de ondersteuning die van de grif e wordt gevraagd, de betrokkenheid van het college en het beoogde eindresultaat van het traject. Een dergelijke startbijeenkomst helpt om verwachtingen te verhelderen en de grif e een duidelijke opdracht mee te geven voor de verdere organisatie van het proces.

1. Zorg voor eigenaarschap en regie vanuit de raad Een raadsagenda is van de raad. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar in de praktijk ontstaat al snel de neiging om de uitvoering bij het college of de ambtelijke organisatie neer te leggen. Daarmee verdwijnt juist het onderscheid tussen de raadsagenda en reguliere beleidsontwikkeling. Het verdient daarom aanbeveling om per onderwerp een begeleidingsgroep of een raadswerkgroep aan te wijzen die verantwoordelijk is voor de voortgang van het proces. Deze groep bewaakt de planning, organiseert de betrokkenheid van de raad en ziet erop toe dat het onderwerp daadwerkelijk vanuit de raad wordt ontwikkeld. De taak zou ook bij een fractievoorzittersoverleg of bij ‘raadsrapporteurs’ kunnen worden belegd. De ervaringen in onder meer Velsen, Baarn en andere gemeenteraden laten zien dat duidelijke regie vanuit de raad een belangrijke voorwaarde is voor het succes van dergelijke trajecten.

2. Maak vooraf duidelijk op welk abstractieniveau de raad werkt Niet ieder onderwerp vraagt om dezelfde vorm van kaderstelling. Een belangrijk aandachtspunt bij de uitvoering van de raadsagenda is het vooraf bepalen op welk abstractieniveau de raad het gesprek wil voeren. Sommige onderwerpen vragen eerst om een verkenning van het onderliggende vraagstuk, terwijl andere onderwerpen al vragen om richtinggevende keuzes of concrete kaders. Hoe duidelijker hierover vooraf afspraken worden gemaakt, hoe beter raad, college en organisatie weten wat het beoogde resultaat van het traject is.

fi

fi

Pagina 12 van 14

Het is daarom verstandig om vooraf vast te leggen op welk niveau de raad invloed wil uitoefenen. Daarbij kan onderscheid worden gemaakt tussen de volgende niveaus.

Niveau 1: Verkenning Wat is hier eigenlijk het probleem? Hier staat een probleem-formulering centraal. Is er een (maatschappelijk) probleem waar wij vinden dat de overheid een verantwoordelijkheid draagt? Zijn er verschillende manieren om ernaar te kijken? Welke ontwikkelingen zien we erbij op de langere termijn?

Niveau 2: Richting bepalen Welke kant willen we op? De raad formuleert politieke uitgangspunten. Wat vinden wij belangrijk? Welke waarden zijn leidend? Welke maatschappelijke effecten beogen we te bereiken?

Niveau 3: Afwegingskader Welke uitgangspunten en criteria zijn leidend? De raad formuleert criteria waaraan oplossingen moeten voldoen. Dit ontstaat uit debat over argumenten, verschillende maatschappelijke belangen, en bestuurlijke uitgangspunten zoals kosten en wie de verantwoordelijkheid voor de uitvoering neemt.

Niveau 4: Uitwerking Welke oplossingen passen binnen deze kaders? Op dit niveau worden scenario’s, varianten of voorstellen besproken.

Niveau 5: Besluitvorming Hoe gaan we dit uitvoeren? De raad maakt de de nitieve keuze.

fi

Pagina 13 van 14

3. Spreek expliciet af wanneer het college het overneemt Een raadsagenda is geen alternatief voor het collegeprogramma en ook geen parallel bestuurssysteem. Uiteindelijk zal een groot deel van de onderwerpen moeten landen in concrete voorstellen, uitvoering en beheer. Het verdient daarom aanbeveling om per onderwerp vooraf vast te leggen wanneer het traject vanuit de raad eindigt en wanneer het college verantwoordelijk wordt voor de verdere uitwerking. Dat kan na elk van de bovenstaande niveaus (maar uiteindelijk altijd na de laatste). Daarmee blijft duidelijk welke rol bij welk bestuursorgaan hoort en wordt voorkomen dat verantwoordelijkheden door elkaar gaan lopen.

Met hartelijke groet, John Bijl

Pagina 14 van 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=a8317e07-55de-4ac2-b90e-5b45fcaa0223