CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

3-1 De brief van Van Benthem & Keulen Advocaten d.d. 29-03-21 over verzoek om voorlopige voorziening bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand..pdf

Raadsvergadering 29 april 2021, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken2.233 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

1

NOTARIAAT

3-1

AANTEKENEN

mr. M.W. Holtkamp

de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Postbus 20019 2500 EA DEN HAAG

Archimedeslaan 61

Tevens per fax (zonder bijlagen): 070 365 13 80

E merelholtkamp@vbk.n1

Advocaat Postbus 85005 3508 AA Utrecht T +31 30 2595521 F +31 30 2595505 M +31 6 3042951 www.vbk.n1

Utrecht, 29 maart 2021 Onze referentie:

306349/51359625.1

Betreft:

Verzoek om een voorlopige voorziening bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand

VERZOEK OM VOORLOPIGE VOORZIENING Gelieve het griffierecht af te schrijven van de rekening-courant Hoogedelgestrenge HeerNrouwe, Namens cliënten, • Lisman en Lisman B.V. (hierna: 'Lisman'); • Stichting Buitenplaats Heemstede Houten (hierna: 'Stichting Buitenplaats'); • Erfgoedvereniging Bond Heemschut, vereniging tot bescherming en instandhouding van cultureel erfgoed in Nederland (hierna: 'Erfgoedvereniging Heemschut); • Historische Kring Tussen Rijn en Lek (hierna: 'Vereniging Rijn en Lek'); • Stichting Utrechtse Kastelen; • Stichting Digitaal Portaal voor Nederlandse kastelen, historische Buitenplaatsen en landgoederen (hierna: 'sKBL'); • Dhr. E. Wiegman, wonende aan de Heemsteedseweg 28, te Houten; • Dhr. P. van Eijk, wonende aan de Heemsteedseweg 30, te Houten; • Dhr. M.E. van den Burg, wonende aan de Heemsteedseweg 32, te Houten; • Dhr. G. Peek, wonende aan de Heemsteedseweg 38, te Houten; • Dhr. P. la Fleur, woonachtig aan de Heemsteedseweg 40, te Houten, dien ik door middel van deze brief een verzoek om een voorlopige voorziening in met betrekking tot het bestemmingsplan 'Zuidoostelijke stadsrand' (met kenmerk NLIMR0.0356.BPKL2019HER001-VA03). lk verzoek u om een schorsing van het bestreden besluit totdat op het beroep is beslist. Bij brief van 29 maart 2021 hebben cliënten beroep ingesteld tegen de vaststelling van het bestemmingsplan.

Een afschrift van het beroepschrift treft u aan als bijlage 1.

Van Benthem & Keulen BM. is gevestigd te Utrecht en staat ingeschreven in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel onder nummer 30241317. Uitsluitend Van Benthem & Keulen BM. geldt als opdrachtnemer. Op haar dienstverlening zijn algemene voorwaarden van toepassing, waarin onder meer een beperking van de aansprakelijkheid is opgenomen. De algemene voorwaarden zijn te raadplegen via www.vbk.n1 en worden op verzoek kosteloos toegezonden.

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

I

NOTARIAAT

Bij brief van 29 maart 2021 hebben cliënten beroep ingesteld tegen de vaststelling van het bestemmingsplan. Een afschrift van het beroepschrift treft u aan als Wage 1. In dit verzoekschrift wordt allereerst in hoofdstuk 1 de achtergrond geschetst. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de belangen van cliënten. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 de spoedeisendheid van de belangen van cliënten besproken en worden in hoofdstuk 4 de bezwaren van cliënten tegen het bestemmingsplan en de onrechtmatigheid van het vastgestelde bestemmingsplan besproken. Afgesloten wordt met een conclusie hoofdstuk 5. 1

ACHTERGROND

Het bestreden besluit geeft een nieuwe planologische regeling voor een langgerekt gebied tussen en rond het Amsterdam-Rijnkanaal, de A27 en het Lekkanaal. Het gaat cliënten om het gebied in de noordelijke driehoek van het bestemmingsplan, in de uitsnede hiernaast met de rode cirkel aangegeven (hierna zal ook naar dit gebied worden verwezen als 'de Driehoek'). Het verzoek om voorlopige voorziening strekt dus ook alleen om het bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand voor deze gronden te schorsen. Het voorheen vigerende kader voor de Driehoek was het bestemmingsplan "Het Klooster" uit 1983. Het gebied maakt deel uit van de Nieuwe Hollandse Waterlinie (hierna: 'NHW') en het merendeel van de gronden in deze driehoek heeft een agrarische functie. Het betreft — met uitzondering van de gronden van het bedrijf Van Wijk, aan de Vuilcop 3 te Nieuwegein — een open, agrarisch landschap. Het bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand maakt in de Driehoek de uitbreiding van het zuidelijker gelegen bedrijventerrein Het Klooster (de zogenoemde fase 4uitbreiding) mogelijk en zorgt voor een positieve bestemming van het bedrijf Van Wijk. Het bestemmingsplan geeft in dit kader aan deze gronden de 'Enkelbestemming Bedrijventerrein' respectievelijk de 'Enkelbestemming Bedrijf. Tevens bevat het en bestemmingsplan ruime bouwgebruiksmogelijkheden, ook voor de naast het bedrijf gelegen woning(en).

Cliënten kunnen zich hier niet mee verenigen en zijn van mening dat het bestemmingsplan niet had mogen worden vastgesteld. Daarnaast zijn cliënten van

306349/51359625.1

2/7

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

I

NOTARIAAT

mening dat de gemeenteraad bij de vaststelling van het bestemmingsplan onvoldoende recht heeft gedaan aan de bezwaren die in de zienswijze van Lisman d.d. 1 juli 2019 naar voren zijn gebracht. 2

BELANGEN CLIËNTEN

Cliënten zijn er allen bij gebaat dat het gebied binnen de Driehoek en de omgeving zo min mogelijk wordt aangetast. Lisman is eigenaar van Kasteel Heemstede aan de Heemsteedseweg 26, te Houten. Vanuit het kasteel bestaat er direct zicht op toekomstige ontwikkelingen in de Driehoek. Het kasteel maakt onderdeel uit van buitenplaats Heemstede. Zowel Lisman als Stichting Buitenplaats maken zich hard voor een passende omgeving rondom buitenplaats Heemstede. Het belang van Lisman en Stichting Buitenplaats valt samen met het algemene belang om de hoge landschappelijke kwaliteit alsook de kwaliteit van de NHW in het gebied te behouden. Lisman en Stichting Buitenplaats vrezen dat de uitbreiding van het bedrijventerrein binnen de Driehoek — zeker door het ontbreken van goede regels over de toegestane bouwhoogte en de landschappelijke inpassing — aanzienlijke schade aan Kasteel Heemstede en omgeving zal aanrichten. Ook het ontbreken van een goede planregeling voor het bedrijf Van Wijk en de woning naast Van Wijk kan grote gevolgen voor de omgeving hebben en daarmee voor het kasteel. Ten slotte maken zij zich zorgen om de afmeervoorzieningen en kades die het bestemmingsplan mogelijk maakt langs de ARK.

De stichtingen en verenigingen namens wie het beroepschrift en dit verzoek om voorlopige voorziening ook wordt ingediend, zetten zich in voor het behoud van erfgoed en/of historische en culturele waarden in het algemeen. Zij maken zich zorgen over de aantasting van dit unieke gebied door het bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand en meer in het bijzonder ook de aantasting van de NHW. Voorts wordt dit verzoek ingediend namens diverse bewoners van de Heemsteedseweg direct tegenover de Driehoek (hierna tezamen: bewoners Heemsteedseweg). Zij wonen op een afstand van ongeveer 150 meter tot aan de Driehoek en hebben vanuit hun woningen direct zicht op de Driehoek. Hun erven zijn enkel door het ARK (en de twee daarnaast liggende wegen) afgescheiden van het plangebied. De bewoners Heemsteedseweg vrezen dat het bestemmingsplan leidt tot een aantasting van hun uitzicht op een thans landelijk gebied alsook hun rustige woon- en leefklimaat, onder meer door het ontbreken van geluidsnormen in de planregels en goede regels over de toegestane bouwhoogte. Voorts maken zij zich zorgen om de afmeervoorzieningen en kades die het bestemmingsplan mogelijk maakt langs de ARK. Verder wordt naar het beroepschrift verwezen voor een nadere toelichting rond de belangen van cliënten.

Stichting Buitenplaats, Erfgoedvereniging Heemschut, Vereniging Rijn en Lek, de Stichting Utrechtse Kastelen, sKBL en bewoners Heemsteedseweg hebben geen zienswijze tegen het ontwerpbestemnningsplan "Zuidoostelijke stadsrand" ingediend. In het beroepschrift is aangegeven waarom uw Afdeling in dit geval artikel 6:13 Awb niet aan cliënten kan tegenwerpen. Kort gezegd volgt uit het arrest van 14 januari 2021 van het Europees Hof van Justitie (ECLI:NL:EU:C:2021:7) dat in deze zaak artikel 6:13 van de Awb buiten toepassing moet worden gelaten en dat het beroep ontvankelijk is.

306349/51359625.1

3/7

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

I

NOTARIAAT

Het bestreden besluit valt namelijk onder het toepassingsbereik van het Verdrag van Aarhus. Het bedrijventerrein dat mogelijk wordt gemaakt voorziet bij recht dat bedrijfsactiviteiten tot milieucategorie 4.1 zich ter plaatse kunnen vestigen zolang deze zijn opgenomen in de 'Staat van Bedrijfsactiviteiten 'bedrijventerrein". Diverse van deze bedrijfsactiviteiten zijn vervolgens opgenomen in bijlage I van het Verdrag van Aarhus. Zo is ter plaatse de vervaardiging van (papier)pulp toegestaan en dit correspondeert met onderdeel 7 van bijlage I van het Verdrag van Aarhus, maar ook een dakpannenfabriek is ter plaatse toegestaan en dat valt onder onderdeel 3 van bijlage I van het Verdrag van Aarhus. Dit zijn slechts een tweetal voorbeelden, er zijn nog meer overeenkomsten te noemen. Los van het hiervoor gestelde geldt dat ook op grond van onderdeel 20 van bijlage I bij het Verdrag van Aarhus sprake is van een besluit dat onder het toepassingsbereik van het Verdrag van Aarhus valt. Het gemeentebestuur gaat er namelijk vanuit dat voor het (gehele) bedrijventerrein Het Klooster een rnilieueffectrapportage is opgesteld en blijkens de toelichting van het bestemmingsplan is fase 4 van Het Klooster ook onderdeel van de activiteiten die in het MER zijn onderzocht. Gelet op het voorgaande valt het bestemmingsplan onder het toepassingsbereik van het Verdrag van Aarhus.

Voorts zijn cliënten van mening dat zij kwalificeren als leden van het betrokken publiek, waarvoor krachtens artikel 9, tweede lid, van het Verdrag van Aarhus dient te worden geborgd dat zij toegang hebben tot de rechter. Blijkens de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 25 februari 2021 (ECLI:NL:RBGEL:2021:938) staat artikel 6:13 van de Awb ook ten aanzien van het beroep van andere belanghebbenden dan non-gouvernementele organisaties (in die zaak belanghebbende particulieren), niet in de weg. Kortom, los van het feit dat Stichting Buitenplaats, Erfgoedvereniging Heemschut, Vereniging Rijn en Lek, Stichting Utrechtse Kastelen en sKBL van mening zijn dat zij nongouvernementele organisaties zijn, kan artikel 6:13 van de Awb hen en bewoners Heemsteedseweg ook omwille hiervan niet worden tegengeworpen. 3

SPOEDEISENDHEID

Het spoedeisend belang van cliënten is gelegen in het feit dat het bestemmingsplan in werking treedt met ingang van de dag na die waarop de beroepstermijn afloopt (artikel 3.8 lid 5 van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: 'Wro'). Wanneer het bestemmingsplan in werking zou treden, wordt dit het toetsingskader van aanvragen voor omgevingsvergunningen en valt te verwachten dat op korte termijn een verdere 'verdozing' van dit landschap optreedt en dat het unieke karakter verloren gaat. Sterker nog, cliënten hebben gezien dat reeds in het gebied (grond)werkzaamheden hebben plaatsvonden ter voorbereiding van de bouw van fase 4 van het bedrijventerrein Het Klooster. Inmiddels is namens de gemeente Nieuwegein toegezegd dat er geen verdere voorbereidingen in het gebied zullen worden uitgevoerd, totdat op het verzoek tot voorlopige voorziening is beslist. Het spoedeisend belang bij het treffen van de gevraagde voorlopige voorziening is hiermee een gegeven.

306349/51359625.1

4/7

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

4

NOTARIAAT

HET BESTREDEN BESLUIT IS ONRECHTMATIG

In het beroepschrift hebben cliënten een veelheid van gronden aangevoerd waaruit blijkt dat het bestreden besluit onrechtmatig is. Het gaat in het bijzonder om de volgende gronden (cliënten verzoeken u deze gronden als hier herhaald en ingelast te beschouwen): •

De NHW laat uitbreiding van bedrijventerrein Het Klooster niet toe (zie hoofdstuk 4 van het beroepschrift);

•

Het bestemmingsplan is (ook om andere redenen) in strijd met de Provinciale Ruimtelijke Verordening van de provincie Utrecht (hoofdstukken 5 en 6);

•

Het bestemmingsplan bevat gebreken ten aanzien van de locatie van het bedrijf Van Wijk en de naastgelegen woning(en) (zo is er geen maximale bouwhoogte opgenomen en ook om andere redenen zijn de bouw- en gebruiksregels te ruim) (hoofdstuk 7);

•

De bouwmogelijkheden van gronden met bestemming 'bedrijventerrein zijn te ruim (hoofdstuk 8);

•

De landschappelijke inpassing is gebrekkig (hoofdstuk 9);

•

Er is gehandeld in strijd met artikel 7.2 van de Wet milieubeheer (hoofdstuk 10);

•

Het bestemmingsplan bevat gebreken op het gebied van geluid (hoofdstuk 11);

•

Het onderzoek naar stikstofdepositie is onvolledig (hoofdstuk 12);

•

De bestemming 'Waterstaatkundige voorzieningen' biedt teveel mogelijkheden (hoofdstuk 13);

•

Ten onrechte zijn er geen algemene gebruiksregels in het bestemmingsplan opgenomen (hoofdstuk 14).

Overigens kunnen cliënten zich voorstellen dat de hiervoor vermelde gronden die (ook) aan het verzoek om voorlopige voorziening ten grondslag worden gelegd, op punten nader onderzoek vereisen waarvoor de voorlopige voorzieningenprocedure zich niet leent. Een door u in dat geval te maken belangenafweging dient volgens cliënten vervolgens in hun voordeel uit te vallen waardoor er — vooruitlopend op de bodemzaak — een voorlopige voorziening moet worden getroffen. In de belangenafweging die in dit kader wordt gemaakt, dient de voorkeur gegeven te worden aan de belangen van cliënten die feitelijk samenvallen met het algemeen belang bij bescherming van het gebied en de NHW in het bijzonder. Dit ten opzichte van de (commerciële) belangen van de raad en anderen bij spoedige inwerkingtreding van de fase 4-uitbreiding van bedrijventerrein Het Klooster. Daarnaast maakt het bestemmingsplan ongebreidelde hoogbouw ter plaatse van de locatie van het bedrijf Van Wijk mogelijk. Inwerkingtreding van het bestemmingsplan zou daarmee onomkeerbare gevolgen kunnen hebben voor het gebied. Het belang bij schorsing van het besluit totdat uitspraak in de hoofdzaak is gedaan is daarmee groter dan het belang van de raad en andere partijen om daarop vooruitlopend gebruik te kunnen maken van de bouwmogelijkheden van het bestreden besluit. 5

CONCLUSIE VERZOEK OM VOORLOPIGE VOORZIENING

Op grond van bovenstaande verzoeken cliënten uw Voorzitter om bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van de gemeenteraad van 10 december 2020 waarbij het bestemmingsplan "Zuidoostelijke

306349/51359625.1

5/7

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

NOTARIAAT

stadsrand" is vastgesteld, voor zover het gebied de Driehoek betreft, te schorsen tot na uitspraak in de bodemprocedure. Dan wel dat uw Voorzitter in goede justitie een andere voorziening treft die voorkomt dat ten aanzien van de gronden in de Driehoek hangende het beroep onomkeerbare gevolgen ontstaan. Tevens verzoeken cliënten uw Voorzitter om het gemeentebestuur in de kosten te veroordelen. Een afschrift van dit verzoek stuur ik digitaal toe aan de gemeente Nieuwegein via m.broersma@nieuwegein.n1 en griffie@nieuwegein.n1

Hoogachtend,

Merel Holtkamp

306349/51359625.1

6/7

VAN BENTHEM & KEULEN ADVOCATEN

NOTARIAAT

BIJLAGENOVERZICHT 1

Beroepschrift tegen vaststelling bestemmingsplan Zuidoostelijke stadsrand d.d. 29 maart 2021

306349/51359625.1

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=8eae5d48-9dce-4923-9a5e-45cb2bb2e53a