2025-321 Rvs. Zienswijze Centrumregeling Sociaal Domein Regio Lekstroom
Tekst van het document
Gemeenteraad
Onderwerp Zienswijze Centrumregeling Sociaal Domein
Regio Lekstroom Datum
Raadsvoorstel
2025-321
4 november 2025
Afdeling
Maatschappelijke ontwikkelingen
E-mailadres opsteller m.eijkman@nieuwegein.nl Portefeuillehouder
Guido Bamberg
Onderwerp Zienswijze Centrumregeling Sociaal Domein Regio Lekstroom
Gevraagd besluit 1. Geen zienswijze in te dienen aan het college van B&W van Nieuwegein over de ontwerp Centrumregeling Sociaal Domein Lekstroom
Inleiding De Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg is op 7 oktober j.l. aangenomen door de eerste kamer. Deze komt voort uit de Hervormingsagenda Jeugd. Gemeenten worden daarin verplicht om op Jeugdregioniveau (de jeugdzorgregio’s, waaronder Lekstroom), onderling samen te werken bij de inkoop van specialistische jeugdzorg. De wetgever acht dat nodig, omdat de schaal van individuele gemeenten in veel gevallen te klein is. De intergemeentelijke samenwerking voor specialistische jeugdzorg moet daarom worden gegoten in één van de drie publiekrechtelijke vormen uit de Wet gemeenschappelijke Regelingen; openbaar lichaam, bedrijfsvoeringsorganisatie of centrumregeling. Inwerkingtreding van die wet en de daarmee samenhangende regelgeving is per 1 januari 2026. Daarna hebben regio’s één jaar de tijd om te komen tot een samenwerkingsvorm op basis van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen (GR). Op 1 januari 2027 moet de huidige samenwerking in Lekstroom dus omgezet zijn naar een publiekrechtelijke samenwerking, een GR. Regionale samenwerking is voor onze regio Lekstroom niet nieuw. De Lekstroomgemeenten Lopik, IJsselstein, Nieuwegein, Houten en Vijfheerenlanden werken al jaren samen op het gebied van zorg, welzijn en ondersteuning.
Dit doen we op basis van een privaatrechtelijke samenwerkingsovereenkomst (SOK) en individuele dienstverleningsovereenkomsten (DVO) tussen de gemeente Houten en de regiogemeenten. Voor de uitvoering van de Jeugdhulp- en Wmotaken: inkoop, contractmanagement, administratie, monitoring en toezicht, functioneert de Regionale Backoffice Lekstroom. De RBL is organisatorisch ondergebracht bij de gemeente Houten. De sturing is ingericht met een bestuurlijk platform, het Bestuurlijk Platform Sociaal Domein Lekstroom (BPSDL). Als gemeenten in de Lekstroom hebben we allemaal dezelfde grote opgaven op het gebied van jeugd en Wmo. We zien grote opgaven voor ons in het beheersen van de uitgaven vanuit jeugdhulp en Wmo en daarbij ook het zorgdragen voor een betere zelfredzaamheid of samenredzaamheid voor onze inwoners. We ervaren een gezamenlijk commitment om de kosten te beheersen, op zoek te gaan naar meer
Bladnummer 2/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
effectieve vormen van hulp, de samenwerking met het voorliggend veld te versterken en in brede zin op zoek te gaan naar doorbraken en innovaties. Daar willen we onze aandacht op richten. De Regionale Backoffice Lekstroom (RBL) is een instrument in de uitvoering dat daarbij helpt en volgend is in de transformatie die we inhoudelijk vormgeven, met elkaar en lokaal. De juridische constructie en de bedrijfsvoering is daar ondersteunend aan; het zal deze transformatie nooit organiseren of afdwingen. Volgens artikel 1, derde lid, van de Wgr worden de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid gesteld om zienswijzen kenbaar te maken over de beoogde regeling. Op basis van de zienswijzen van de vijf Lekstroomgemeenten
ontvangt u vervolgens een raadsvoorstel om toestemming te verlenen aan het college. Hierna wordt door elk college afzonderlijk de Centrumregeling definitief vastgesteld. Wat is een centrumregeling? Een Centrumregeling is een samenwerking waarin één gemeente taken voor één of meer andere gemeenten uitvoert. Er wordt samengewerkt op basis van een netwerkconstructie. Er wordt dan ook geen zelfstandige organisatie met zelfstandige rechtspersoonlijkheid opgericht. Een Centrumregeling is per definitie een collegeregeling waarin enkel uitvoerende taken zijn belegd. De gemeenten kunnen de taken enkel op basis van mandaat aan de centrumgemeente opdragen. De huidige gastheergemeente Houten wordt centrumgemeente daar de Regionale Backoffice Lekstroom (RBL), de uitvoeringsorganisatie van de gemeente Houten, op dit moment de taken uitvoert. Naast de Centrumregeling, de gemeenschappelijke regeling, wordt de dienstverlening tussen de gemeente Houten en de andere gemeenten geregeld in een dienstverleningsovereenkomst (DVO). In de regeling is vastgelegd welke onderwerpen er minimaal in de dienstverleningsovereenkomst geregeld dienen te worden.
Wat er aan vooraf ging Op 24 september jl heeft een Regionale raadsbijeenkomst plaatsgevonden ter voorbereiding op dit raadsvoorstel.
Gewenst effect
Voldoen aan de wettelijke eisen en voorwaarden vanuit de aankomende Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg, met maximaal behoud van lokale democratische regie en verantwoordelijkheid. Een gemeenschappelijke regeling passend in de huidige samenwerkingsrelatie rondom inkoop- en ondersteuningstaken in het sociaal domein in de regio Lekstroom op de uitvoering van Jeugd- en Wmo-taken. Teneinde de samenwerking op de uitvoering van Jeugd- en Wmo-taken op een zo efficiënt en effectief mogelijke wijze te organiseren, zodat we maximaal onze energie kunnen richten op de inhoudelijke beweging die we willen en moeten maken.
Argumenten 1.1 Alle gemeenten zien urgentie om sterk in te zetten op de inhoudelijke transformatie. Het verplichte juridisch construct moet dit ondersteunen. We willen op een zo efficiënt mogelijke wijze voldoen aan de wettelijke voorwaarden, met maximaal behoud van lokale democratische regie en verantwoordelijkheid. Als jeugdregio Lekstroom zijn wij landelijk benoemd als robuust; daar borduren we op voort. Het BPSDL heeft vorig jaar een toekomstnotitie over de regionale samenwerking vastgesteld die aangeeft dat we op de ingeslagen weg verder willen gaan. We zien de volgende argumenten die hier vanaf de start een belangrijke rol in spelen: • Inwoners houden zich niet aan gemeentegrenzen • Sommige opgaven hebben een regionaal karakter • Samen zijn we slimmer en beter toegerust om complexe opgaven aan te pakken • Samen hebben we meer beleids- en uitvoeringskracht • We voorkomen versnippering van het zorglandschap • We verminderen administratieve lasten voor zorgaanbieders en gemeentes • We verminderen onze (financiële) risico’s
Bladnummer 3/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
• Gezamenlijke lobby heeft meer effect. We ervaren een gezamenlijk commitment om de kosten te beheersen, op zoek te gaan naar meer effectieve vormen van jeugdhulp, de samenwerking met het voorliggend veld te versterken en in brede zin op zoek te gaan naar doorbraken en innovaties. Door de uitvoering te behouden bij de Regionale Backoffice Lekstroom, die op dit moment de bedrijfsvoeringstaken uitvoert, blijven we inzetten op efficiency en effectiviteit. Proof adviseurs, die ons helpt bij de juridische omzetting, geeft aan dat de huidige samenwerking het meest aansluit om een Centrumregeling (bijlage 1). De huidige ‘knip’ tussen beleid & uitvoering in de huidige netwerksamenwerking met RBL als regionaal ondersteunend uitvoeringsorgaan, kan in deze vorm standhouden (zie bijlage 2). 1.2 Door onze krachten op Jeugdhulp en Wmo te blijven bundelen komen we tot meer kwaliteit en efficiency, zowel in de opgaves en de totstandkoming van oplossingen daarvan, als in de uitvoering zelf. De vijf Lekstroomgemeenten ervaren een gezamenlijk commitment om de kosten te beheersen, op zoek te gaan naar meer effectieve vormen van jeugdhulp, de samenwerking in de sociale basis en met het voorliggend veld te versterken en in brede zin op zoek te gaan naar doorbraken en innovaties. Dit heeft het BPSDL met de toekomstnotitie Regio Lekstroom: sterk met elkaar uitgeschreven (bijlage 5).
De beleidstaken worden onderling verdeeld. In de netwerkconstructie blijft de onderlinge betrokkenheid beleidsmatig behouden, zowel in opdrachtformulering, doorontwikkeling als evaluatie. Bij de keuze of we iets wel of niet doen in de samenwerking onderzoeken we met een afwegingskader de toegevoegde waarde: inhoudelijk, financieel, efficiency, kwaliteit, wettelijke noodzaak, etc. Dit afwegingskader is ook toegepast om tot de Centrumregeling te komen (zie ook argument 1.5). 1.3 We zien dat de regionale backoffice in Houten door schaalgrootte een grotere, robuuste organisatie vormt voor inkoop en leveranciersmanagement: Het bundelen van capaciteit voor inkoop, facturering en contractmanagement bij de regionale backoffice biedt efficiency, meer expertise/ ervaring en meer mogelijkheden in een onderhandelingspositie. Onze gezamenlijkheid biedt meer volume en maakt ons een relevante inkooppartij. De bundeling van krachten brengt ook efficiency bij andere diensten, zoals data, hetgeen tevens de mogelijkheid biedt om (financiële) effecten tussen de Lekstroomgemeenten te vergelijken waarvan we leren en doorontwikkelen. Meer toezicht op rechtmatigheid, een betere (financiële) risicospreiding en een dekkend zorglandschap door het grotere volume. Efficiency voor onze aanbieders.
Als zij voor meerdere gemeenten werken, worden zij geconfronteerd met verschillende inkoopprocedures en contractvoorwaarden. Met de RBL hebben zij te maken met één contractpartij dat voor hun voordelig en administratief ontlastend is. Voor onze inwoners zijn we beter in staat te zorgen voor stevige contracten en tijdige updates van contracten, wat bijdraagt aan de kwaliteit en betrouwbaarheid van de dienstverlening. 1.4 Met een Centrumregeling behoudt elke gemeente de lokale autonomie. De uitvoering door alle gemeenten blijft gecentraliseerd. De uitvoering vindt in mandaat, dus namens, de andere samenwerkende gemeenten (de partnergemeenten), plaats in de organisatie van de centrumgemeente (Houten). Deze organisatie staat onder verantwoordelijkheid van het college van de centrumgemeente. De gemeenteraden van de Lekstroomgemeenten behouden hun ruimte om lokale beleidsafwegingen te maken en maximaal in positie te zijn: Het college van B&W is volledig verantwoording schuldig aan de eigen raad. Daartoe is de centrumgemeente verplicht alle informatie aan het college te verschaffen om die rol goed te kunnen uitoefenen. Beleidstaken vallen niet onder de Centrumregeling. Gemeentelijk vastgesteld beleid door de gemeenteraad is leidend bij regionale beleidsvorming namens de colleges en vormt de kaders voor de bedrijfsvoering van de RBL.
De colleges van B&W van de gemeenten fungeren als opdrachtgevers en het college van de centrumgemeente is intern de opdrachtgever voor de Regionale Backoffice Lekstroom.
Bladnummer 4/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
Het opdragen van taken in mandaat betekent dat elke gemeente de bevoegdheid houdt en verantwoordelijk blijft voor de besluiten die worden genomen.
Het college van B&W bepaalt hoe het mandaat wordt uitgeoefend en geeft
instructies aan de centrumgemeente. Het college staat aan de lat voor goede opdrachten en voor beoordeling van de uitvoering van opdrachten. De democratische legitimatie blijft daarmee behouden. 1.5 In de ontwerp Centrumregeling wordt, uit oogpunt van een effectieve en efficiënte uitvoering, naast de wettelijke verplichte specialistische jeugdzorg, ook alle jeugdzorg en Wmo bij de RBL ondergebracht om de integraliteit in de taakuitvoering te behouden Het verdient de voorkeur om naast jeugd ook de Wmo- en toezichttaken die de Regionale Backoffice Lekstroom (RBL) uitvoert, in de nieuwe juridische vorm onder te brengen. Voor onder andere onze aanbieders en samenwerkingspartners levert dit duidelijkheid en eensluidendheid op. Om de integraliteit in de taakuitvoering voor jeugdhulp en Wmo in stand te houden is niet alleen de regionale samenwerking rondom specialistische jeugdhulp in een Wgr-vorm ondergebracht (eis van de wetgever), maar ook de regionale samenwerking rondom inkoop, contractmanagement, administratie, monitoring en toezicht van Wmo. Binnen deze taakuitvoering is flexibiliteit nodig voor ontwikkeling op taken die regionaal en lokaal om ontwikkel- en experimenteerruimte vragen. In de dienstverleningsovereenkomst (DVO) zal dit geëxpliciteerd worden in de taak vermeerdering en -vermindering voor gemeenten.
1.6 Taken van het Bestuurlijk Platform Sociaal Domein Lekstroom (BPSDL) en ambtelijke overleggen zijn helder door deze in de Centrumregeling en de DVO uit te werken. In de huidige samenwerkingsovereenkomsten wordt gewerkt met een bestuurlijk platform, het Bestuurlijk Platform Sociaal Domein Lekstroom (BPSDL), wethoudersoverleg Jeugd, een ambtelijk platform, het Programmaleiders overleg (PLO) en het Gemeentesecretarissenoverleg (GSO) die eindverantwoordelijk is voor de organisatie van het regionale programma/de regionale organisatie en fungeert als de opdrachtgever voor de Regionale Backoffice Lekstroom (RBL). (Zie ook bijlage) 1.7 De Centrumregeling die voorligt doet een beroep op de uitzondering van de horizontale samenwerking en voldoet daarmee aanbestedingstechnisch. Voor alle opdrachten tot dienstverlening van decentrale overheden boven de drempelwaarde, geldt dat deze moeten worden aanbesteed. Van deze plicht kan alleen worden afgezien als een beroep gedaan kan worden op één van de uitzonderingen die de Aanbestedingswet 2012 kent. De Centrumregeling die voorligt doet een beroep op de uitzondering van de horizontale samenwerking en voldoet daarmee aanbestedingstechnisch voor de uitvoering van de RBL-taken. 1.8. Er worden geen specifieke aandachtspunten bij de brief aan college (bijlage 3) voorgesteld.
We willen op een zo slim en efficiënt mogelijke wijze voldoen aan de wet, met maximaal behoud van lokale democratische regie en verantwoordelijkheid. Daarbij hechten we veel belang aan effectiviteit, efficiëntie en innovatie bij inkoop. En we hechten aan besluitvorming van kaders door onze gemeenteraad en college voor de vertaling van deze kaders naar besluiten over de uitvoering. Een Centrumregeling, waarbij de gemeente Houten zal optreden als centrumgemeente, sluit aan op de huidige samenwerking waarbij gemeenten hun lokale autonomie behouden.
Kanttekeningen 1.1 Mogelijkheden tot uittreding Centrumregeling zijn door de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg beperkt Met de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg, worden gemeenten verplicht om op Jeugdregioniveau onderling samen te werken bij de inkoop van specialistische jeugdzorg. De Lekstroomgemeenten zijn vastgelegd als Jeugdregio Lekstroom, waarmee gemeenten op dit onderdeel niet uit de regeling kunnen stappen. Formeel is
Bladnummer 5/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
dit wel mogelijk op de andere onderdelen (niet specialistische jeugdhulp ,Wmo en toezichtstaken). 1.2 De formalisering van de gemeente Houten als centrumgemeente vraagt helderheid over de invloed die dit hun vraagt en biedt. Het uitgangspunt dat de huidige bevoegdheden en wijze van samenwerken gecontinueerd worden, dient in de DVO en de mandaatregeling te worden geconcretiseerd. 1.3 IJsselstein spreekt de voorkeur uit om met de wettelijke taken Jeugd, evenals de niet-wettelijke taken Jeugd (inclusief toezicht) deel te nemen aan de Gemeenschappelijke regeling. Op Wmo ziet IJsselstein daarentegen meer voordelen voor het lokaal organiseren van de inkoop, het contractmanagement en toezicht. De volledige omzetting van Jeugd, Wmo en toezicht is volgens de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg niet noodzakelijk. IJsselstein heeft daarom voor zichzelf onderzocht welke onderdelen ingebracht kunnen worden in een Gemeenschappelijke regeling (voor zover deze niet verplicht zijn) en wat daar de belangrijkste voordelen/kansen en nadelen/risico’s van zijn. IJsselstein geeft aan dat zij de Wmo taken zelfstandig gaan uitvoeren. Daarnaast blijft IJsselstein bij jeugdhulp inzetten op de kracht van de regio. 1.4 De voorkeur van IJsselstein voor het lokaal organiseren van de inkoop, het contractmanagement en toezicht op Wmo kent consequenties voor de andere Lekstroomgemeenten.
Momenteel zijn er regionaal zeven contracten voor Wmo waarvan een groot deel een looptijd heeft tot ten minste 31 december 2027. IJsselstein wil met ingang van 1 januari 2028 (een groot deel) van de taken voortvloeiende uit de Wmo zelf uitvoeren. De voorliggende regeling houdt hier rekening mee. Voor de gemeenten Houten, Lopik, Nieuwegein en Vijfheerenlanden betekent de keuze van IJsselstein in ieder geval dat zij de dienstverlening op de Wmo door vier in plaats van vijf gemeenten gaan dragen, wat hogere kosten met zich mee zal brengen. 1.5 Mogelijk stemmen niet alle gemeenteraden in met het ontwerp Centrumregeling die nu voorligt. De ontvangen zienswijzen van de vijf Lekstroomgemeenten worden regionaal gebundeld, voorzien van een reactie en kunnen, indien nodig, leiden tot aanpassing van het voorstel. Afhankelijk van de zienswijze kan uitstel van besluitvorming noodzakelijk worden geacht. Gezien de wettelijke verplichting de samenwerking rondom jeugdhulp in een van de vormen uit de Wet gemeenschappelijke regelingen te gieten voor 1 januari 2027, is het niet mogelijk de huidige juridische samenwerking in stand te houden.
Financiële aspecten Het veranderen van de juridische vorm van de samenwerking in het sociaal domein als zodanig heeft geen financiële consequenties. Financieel effect voorkeur IJsselstein op Wmo De voorkeur van IJsselstein om op Wmo de inkoop het contractmanagement en toezicht niet meer regionaal maar lokaal te organiseren, brengt kosten met zich mee. De huidige bijdrage van de vijf gemeenten dekt verschillende aspecten van de uitvoering van de Wmo, zoals administratie, inkoop, contractmanagement & -beheer, bedrijfsvoering en dataverwerking, en management welke in de toekomst door 4 gemeenten gedragen gaat worden. De (compensatie voor) frictie- en desintegratiekosten worden nu uitgewerkt waarna deze ter besluitvorming aan de vijf colleges van B&W worden voorgelegd.
Communicatie aspecten Gecontracteerde aanbieders worden geïnformeerd nadat de gemeenteraden hun zienswijze hebben aangeboden.
Bladnummer 6/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
Uitvoering Na behandeling van dit voorstel in de Raden van de regiogemeenten worden de volgende stappen gezet: 1. De colleges van B&W van de Lekstroomgemeenten beoordelen en overleggen in het BPSDL over de zienswijzen van de raden en hoe zij daarmee om zullen gaan in de definitieve versie van de Centrumregeling. 2. De colleges stellen vervolgens het raadsvoorstel op waarin zij toestemming vragen aan hun Raden om samen met de andere regiogemeenten de Centrumregeling Sociaal Domein Lekstroom te mogen treffen. Raadsbehandeling staat gepland voor februari 2026. 3. De raden behandelen het toestemmingsverzoek. Deze stap heeft een formeel karakter; ruimte voor het doen van wijzigingsvoorstellen op de inhoud van de centrumregeling is er dan niet meer; de raad verleent toestemming of ziet daarvan af. 4. Na verkregen toestemming van hun raad, stellen de colleges de tekst van de Centrumregeling definitief vast. Om de regeling in werking te kunnen laten treden is een eenduidig besluit van alle colleges nodig. Met het vaststellen van de Centrumregeling wordt geregeld dat er een dienstverleningsovereenkomst (DVO) wordt aangegaan, dat er een model wordt vastgesteld door de centrumgemeente en welke onderwerpen er minimaal in de dienstverleningsovereenkomst geregeld dienen te worden. De vijf colleges van B&W dragen gezamenlijk zorg voor deze DVO en mandaatregeling en reglement van orde.
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.
Ontwerp Centrumregeling Sociaal Domein Lekstroom Onderlegger: keuze en beslisdocument Concept brief zienswijze Raadsbesluit Toekomstnotitie Regio Lekstroom: sterk met elkaar burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Marijke van Beukering-Huijbregts
Secretaris
burgemeester
Bladnummer 7/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
Bijlage Het verschil in taken tussen de centrumregeling en de DVO Gremium BPSDL
Centrumregeling
Gezamenlijke
DVO
beleidsvorming namens de
inhoudelijke samenwerking
colleges.
binnen het sociaal
Bestuurlijk opdrachtgever
domein.
jegens de
centrumgemeente.
Bestuurlijk platform voor
Verantwoordelijk voor bestuurlijke besluitvorming,
Akkoord op financiële
strategische sturing,
stukken
opdrachtformulering (wat-
Werkt op basis van een
vraag), vaststelling van
reglement van orde
aanpak, budget, PDCA-
Neemt besluiten op basis
cyclus en
van advies van PLO en
samenwerkingsagenda.
GSO.
Bewaakt bestuurlijke samenhang en is escalatiepunt voor GSO.
Voorbereidend richting colleges.
Handelt op strategisch niveau
GSO
Ambtelijk overleg tussen
gemeentesecretarissen
organisatorische
van deelnemende gemeenten.
randvoorwaarden.
Ambtelijk opdrachtgever voor personele Adviseur en facilitator van
Voorbespreking en
richting BPSDL.
Ziet toe op inzet middelen en capaciteit.
advisering over stukken van/over uitvoering
Stelt organisatorische kaders.
besluitvorming door BPSDL.
Formeel opdrachtgever van RBL.
aangelegenheden.
Eindverantwoordelijk voor
Stuurt ambtelijk PLO aan. Implementeert besluiten van BPSDL.
Escalatiepunt voor PLO. Adviseert over agenda, begroting, evaluatie.
Handelt op strategisch/tactisch niveau.
PLO
Ambtelijk aanspreekpunt
van de deelnemende gemeenten.
opdrachtgever.
Ambtelijk inhoudelijk
Verantwoordelijk voor operationele uitvoering en
gedelegeerd
bewaking van agenda,
opdrachtgever van de
voortgang, integraliteit en
centrumgemeente.
Ambtelijk gedelegeerd
Adviseert over de inhoudelijke voorstellen
kwaliteit.
Scharnierpunt tussen gremia en
Bladnummer 8/8 Raadsvoorstel 28 oktober 2025
aan het BPSDL.
Doet voorstellen voor de
uitvoeringsorganisatie.
agenda van het BPSDL.
Implementeert besluiten van BPSDL.
Stuurt projecten aan. Stemt af met GSO, en bereidt GSO voor.
Escaleert organisatorische kwesties naar GSO.
Handelt op strategisch/ tactisch/operationeel niveau.