2025-136 Rvs. Zienswijze op begroting 2026 en reactie op jaarverslag 2024 WIL
Tekst van het document
1
Gemeenteraad
Onderwerp
Werk en Inkomen Lekstroom: zienswijze op de begroting 2026 en reactie op het jaarverslag 2024
Datum
13 mei 2025
Raadsvoorstel
Afdeling
2025-136
E-mailadr es opst eller D.Steba@Nieuwegein.nl
Maatschappelijke Ontwikkeling
Portefeuilleh ouder
Ellie Eggengoor
Onderwerp Werk en Inkomen Lekstroom: zienswijze op de begroting 2026 en reactie op het jaarverslag 2024
Gevraagd besluit 1. Ten aanzien van de begroting 2026 van WIL een zienswijze kenbaar te maken met als kern dat de raad kan instemmen met de begroting, doch dat: −
gezien de noodzaak tot besparingen er vaart gemaakt moet worden met de realisatie van de financiële doelen van de ontwikkelagenda en dat aanvullende besparingsopties ter bespreking moeten worden voorgelegd aan de raad;
−
er een betere prognose moet komen van onze bijstandskosten.
2. Ten aanzien van het jaarverslag 2024 in te stemmen met de bijgevoegde reactie, inhoudende dat de raad -alles overwegende- tevreden is met de resultaten, doch aandacht vraagt voor een betere prognose van de BUIG-uitgaven voor onze gemeente en voor een betere registratie van de resultaten van het lokale werkteam in de kwartaalrapportages.
Inleiding Begroting 2026 Krachtens art. 27 van de Gemeenschappelijke Regeling Werk en Inkomen Lekstroom (GR WIL) moet WIL de begroting aanbieden aan de raden voor een zienswijze. Jaarverslag 2024 Krachtens de Gemeenschappelijke Regeling WIL (art. 33.1) moet WIL haar conceptjaarstukken voor 14 april ter kennisgeving opsturen naar de raden van de Lekstroomgemeenten. Het jaarverslag is ontvangen op 17 april 2025. De raden hoeven geen zienswijze in te dienen. Desalniettemin is het belangrijk om goed te kijken naar de prestaties van WIL, vanwege haar grote maatschappelijke belang. Om deze reden wordt altijd een reactie ingediend. Belangrijk: op p. 58 van het jaarverslag is de 4e kwartaalrapportage 2024 te vinden.
2
Wat eraan voorafging Opdracht tot kostenbesparing leidt tot Ontwikkelagenda in meerjarenbeleidsplan De Participatiewet leidt in de kern tot een toename van het aantal gebruikers, omdat andere regelingen (zoals de sociale werkvoorziening, Wajong en werkloosheidswet) zouden verdwijnen, dan wel dat het recht zou worden beperkt, waardoor meer mensen richting de bijstand zouden worden geleid. Vanaf eind 2023 maakten de raad en het college zich dusdanig zorgen over de kostenstijgingen bij WIL in relatie tot ons traject om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting, dat aan WIL is gevraagd om binnen 1 jaar met maatregelen te komen om de exponentiële kostenstijging om te buigen. Begin 2025 leverde WIL een korte termijn plan op (de HODW: herijking opdracht dienstverlening WIL), omvattende een structurele besparing van € 800.000 vanaf 2025, en een middellange termijn plan (de ontwikkelagenda, die opgenomen is in het meerjarenbeleidsplan 2026-2028, waarmee de raad in februari 2025 heeft ingestemd). Het Meerjarenbeleidsplan (MJBP) heeft WIL samen met de Lekstroomgemeenten opgesteld. Instemming met het meerjarenbeleidsplan met kanttekeningen Alle raden in Lekstroom hebben ingestemd met het meerjarenbeleidsplan, weliswaar met kanttekeningen (zie begroting 2026, p. 93-116). Twee zaken zijn mede naar aanleiding van de zienswijzen aangepast: 1.
Voorlopig geen investering in verbrede inzet op participatie. Gemeente Nieuwegein heeft ingestemd met de verbrede inzet op economische participatie, maar niet met de investering in 6 extra fte’s hiervoor. We hebben in plaats daarvan gevraagd om een advies van de ketenregisseur van de Sociale Infrastructuur Lekstroom Werkt (SILW). De ketenregisseur was hier duidelijk over: de werkteams moeten eerst de focus en inzet verschuiven voordat er zicht ontstaat op een eventuele extra investering. Naar aanleiding hiervan heeft WIL besloten tot het voorlopig schrappen van de investering in de 6 extra fte’s. (P. 91, 92) Hiermee geven WIL en de ketenregisseur tevens antwoord op de toezegging van de wethouder om uit te zoeken of Nieuwegein reeds in 2025 van start kan gaan met het inzetten van extra fte’s.
2.
SILW niet in ontwikkelagenda. In de oorspronkelijke ontwikkelagenda stond SILW opgenomen als 4e actielijn. Aangezien in de tussentijd is besloten dat SILW onder de verantwoordelijkheid valt van de gemeenten, is deze actielijn uit de ontwikkelagenda gehaald. SILW wordt echter wel regelmatig benoemd in de begroting, aangezien dit proces nauw verbonden is met het werk van WIL. (P. 19)
Twee verzoeken heeft WIL niet ingewilligd: het uitvoeren van Samenwonen op Proef (p. 104/105) en het uitwerken van kostenbesparende opties. Op dit laatste wordt ingegaan bij argument 1.1.
Gewenst effect •
Een deskundige uitvoering van de wet- en regelgeving rondom de Participatiewet en aanpalende wet- en regelgeving.
•
Een transparante en planmatige besteding en verantwoording van de gemeentelijke middelen.
•
Een degelijk uitvoeringsplan om de kosten te beteugelen zowel nu als in de toekomst.
3
Argumenten BEGROTING 2026 1. Instemming met de begroting, omdat de kostenbesparingen in balans zijn met een menswaardige dienstverlening. De raad heeft in zijn zienswijzen de afgelopen jaren duidelijk gemaakt waar de prioriteiten liggen: een goed bereik van de doelgroep, eenvoud in de dienstverlening, een benadering van de inwoners vanuit vertrouwen en een positief mensbeeld en een menswaardige handhaving primair gericht op het voorkómen van onterechte toekenningen. En maatregelen die mogelijk pijn doen bij de inwoners moeten eerst worden voorgelegd aan de raad. Het meerjarenbeleidsplan 2026-2028 van WIL (MJBP) is in lijn met de wensen van de raad en de Participatiewet in Balans. Tegelijkertijd staat de komende jaren de begroting van de gemeente onder druk. Net als alle organisaties is ook WIL verzocht om een bijdrage te leveren, wat ook is gebeurd in de Ontwikkelagenda, die onderdeel is van het MJBP. We constateren echter dat de besparingen in de Ontwikkelagenda grotendeels niet zijn verwerkt in de begroting 2026 (zie ook de volgende §). WIL wordt in de zienswijze daarom nogmaals aangespoord om de voordelen te verwerken in haar begroting (bijvoorbeeld in de eerste begrotingswijziging 2025) en de sturing op de business cases en de besparingen ter hand te nemen. 1.1.
De besparingen uit de ontwikkelagenda zijn slechts deels verwerkt in de begroting De begroting 2026 omvat, naast de reguliere kostenontwikkelingen (cao, prijsindexatie, etc., zie begroting p. 8), ook een deel van de effecten van de ontwikkelagenda. In de tabel op p. 22 van de begroting zien we de besparingen die zijn verwerkt in deze begroting (laatste cijferkolom) en de besparingen die gerealiseerd hadden kunnen worden, als alle actielijnen financieel waren verwerkt (3e cijferkolom): WIL realiseert in de begroting 2026 een besparing van per saldo € 30.000 (nl. incidentele kosten ad € 150k en besparingen ad € 180k). De reden voor deze beperkte verwerking van de financiële gevolgen is dat WIL besloten heeft de overige besparingen op de actielijnen/business cases pas te verwerken in de begroting, nadat er meer zicht is op de precieze financiële en sociaal-maatschappelijke effecten. Alhoewel we deze insteek begrijpen, willen wij WIL toch aansporen tot meer spoed, dit in verband met ons traject Sluitende Meerjarenbegroting. De Ontwikkelagenda is -zoals de naam het zegt- steeds in ontwikkeling. Dit wordt zichtbaar in de tabellen op p. 21. Daar waar WIL ten tijde van de Kaderbrief een voordeel voorzag van per saldo € 300.0001 voorziet ze nu een voordeel van € 1 miljoen2.
Opvallend is wel dat de uitvoeringskosten verschuiven van een groot nadeel van € 440.000 naar een klein nadeel van € 40.0003. Een belangrijke reden voor deze daling betreft de aframing van de kosten voor 6 fte voor de lokale werkteams (oorspronkelijk € 300k, zie 2e cijferkolom). 1
Onderste tabel p. 21, eerste 2 cijferkolommen onderaan: baten van € 940k (€ 200k+740k) en lasten van € 640k. Onderste tabel p. 21, laatste 3 cijferkolommen onderaan: baten van € 1,6 (€ 150k+1,4 mln.) en lasten van€ 630k € 190k+267k+ 175k). 3 Zie p. 21, eerste 2 cijferkolommen: baten van € 200k en lasten van € 640k. (per saldo nadeel: € 440k) veranderen in een nadeel van € 40k (€ 190k + 175k – 150k). 2
4
1.2 Aandacht voor prognose bijstandskosten, minder inhuur en harmonisatie bijzondere bijstand a. Programma Inkomen: prognose bijstandskosten De klantvolumes worden bij alle gemeenten naar beneden bijgesteld ten opzichte van 2025. Bij Nieuwegein gaat het om een bijstelling van 53 huishoudens (ruim 4%)4. Bij een gemiddelde uitkering van € 18.688 gaat het om een bijstelling van de bijstandskosten naar beneden met € 990.000. Jaar
Houten
IJsselstein
Lopik
Nieuwegein
Totaal
2025
553
503
143
1.233
2.432
2026
533
492
141
1.180
2.346
Desondanks stijgen onze bijstandskosten in 2026 met € 404.4905, omdat WIL uitgaat van een groei van het bijstandsvolume. Echter, uit de resultaten van de voorgaande jaren blijkt dat de volumes van Nieuwegein niet meebewegen met de volumes in Lekstroom: voor de overige gemeenten lijken de prognoses redelijk te werken, maar voor Nieuwegein zijn de berekeningen de afgelopen jaren steeds te ruim gebleken. Aan WIL wordt gevraagd om maatwerk toe te passen voor Nieuwegein, om grote verschillen tussen de begroting en de realisatie in de jaarrekening te voorkomen. b. Programma werk: minder inhuur Op verzoek van de gemeenten wordt een deel van de inhuur bij de lokale werkteams omgezet naar 7,5 fte vaste medewerkers (de helft is voor Nieuwegein); naast continuïteit krijgen we ook meer uren voor hetzelfde bedrag. Per saldo stijgt de bijdrage van Nieuwegein met slechts € 61k (€ 300.000 voor heel Lekstroom), wat vooral het gevolg is van de cao-kosten. En zoals eerder vermeld in de § ‘Wat eraan voorafging’ wordt SILW uit de ontwikkelagenda van WIL getild (zie ook begroting WIL, p. 19). c. Inkomensondersteuning: Harmonisatie bijzondere bijstand De raad heeft in zijn zienswijze op het MJBP positief gereageerd op het aanbod van WIL om 3 harmonisatieopties uit te werken en ter bespreking voor te leggen aan de raad.
Deze opties zijn volgens afspraak tekstueel en niet financieel opgenomen in de begroting 2026. Wel wordt op p. 20 en p. 76-83 uitgeweid over de mogelijkheden van harmonisatie (dat is het gelijktrekken van de regelingen van alle gemeenten in Lekstroom) en de noodzaak voor herontwerp. Met dit laatste wordt bedoeld dat gekeken moet worden naar alle voor- en nadelen van harmonisatie en hoe deze in evenwicht met elkaar moeten worden gebracht zodat ze niet nadelig uitpakken voor de inwoners, terwijl er wellicht eventuele besparingen kunnen worden gerealiseerd. Bij de begroting 2026 hoeft geen besluit te worden genomen over deze opties: in mei, juni en oktober 2025 vinden regionale en gemeentelijke raadsgesprekken plaats, naar aanleiding waarvan WIL de wensen van de raden in Lekstroom tekstueel en indien mogelijk financieel in de eerste begrotingswijziging 2026 zal opnemen (zie ook de planning op p. 5 van de begroting 2026).
4 5
Deze aantallen staan niet in de begroting, maar zijn aangeleverd in een aparte excelsheet. Dit bedrag staat niet in de begroting, maar is aangeleverd in een aparte excelsheet.
5
JAARVERSLAG 2024 2.1. Handhaving structureel afgeraamd met 1 fte. Het thema handhaving is de afgelopen jaren vaker onderdeel geweest van de zienswijzen van de raad. De raad maakte zich zorgen over een strenge handhaving op de groeiende groep kwetsbare inwoners die hulp zoekt bij WIL. In het MJBP wordt een nieuwe invulling gegeven aan handhaving en de benadering van de klant, wat beter toegespitst is op de kwetsbare groep. En in het kader van de besparingen is in de aanloop naar het MJBP in 2024 de formatie op handhaving structureel met 1 fte afgeraamd. Zorgelijk is wel dat WIL desondanks nog steeds moeite heeft om deze vacatures te vervullen en dat bepaalde werkzaamheden, zoals themaonderzoeken/-controles, niet zijn uitgevoerd (bij een themacontrole worden inwoners met een voorziening gecontroleerd op een bepaald gemeenschappelijk thema, zoals neveninkomsten/parttime werk, kostendelersnorm, of hoog waterverbruik). (P. 9) Belangrijk is daarentegen dat er in het MJBP gecontroleerd wordt op voorliggende voorzieningen (onderdeel van actielijn 7: ‘Terecht in de uitkering’, p. 20, 104). 2.2. Business case Bewindvoering succesvol. In 2023 is WIL gestart met de business case Bewindvoering om de kosten van bewindvoering voor zowel gemeente als klanten te verlagen.
Een medewerker van WIL voerde in dit kader zelf de noodzakelijke taken uit om 50 klanten succesvol uit de bewindvoering te helpen en financieel zelfredzaam te maken. De geprognosticeerde besparing van € 225.000 over 5 jaar wordt naar verwachting behaald. Op p. 77 zien we dat de doorlooptijd voor bewindvoering gehalveerd is van 95 naar 47 dagen. (P. 19, p. 62, 77.) Blijkens de begroting van WIL (p. 45) wordt de bewindvoering structureel ingericht en worden de consequenties in de 2e begrotingswijziging 2025 opgenomen. De raad zal zich hier dus nog over uitspreken. 2.3. Bijzondere bijstand grotendeels binnen de wettelijke termijn. De aanvragen voor bijzondere bijstand zijn in 2024 voor het eerst (grotendeels) afgehandeld binnen de wettelijke termijn. Dit is gerealiseerd door de processen te vereenvoudigen en meer vanuit vertrouwen te werken. Deze werkwijze en prestatie hebben ook een positieve uitwerking op het team. (P. 19, 21, 77)
Kanttekeningen BEGROTING 2026 1.1 Invoering Participatiewet in Balans in de risicoparagraaf In de risicoparagraaf (p. 60) geeft WIL aan dat er een gemiddeld risico is dat er te weinig tijd zal zijn voor de voorbereiding en opvolging van Participatiewet in Balans. De verwachting is daarentegen dat de overlap met de Ontwikkelagenda kansen biedt om dit risico te beheersen. De raad wil hiervan op de hoogte worden gehouden. JAARVERSLAG 2024 1.2 Doelgroep beschut in dienst bij WIL, maar geen registratie in de kwartaalrapportage. WIL geeft aan dat ze een groep mensen uit de doelgroep beschut in dienst heeft genomen, wat een impuls zal geven aan de invulling van dit type werkplekken door de lokale werkteams (p. 18). Echter, in de kwartaalrapportage zit geen registratie van plaatsingen op beschutte werkplekken (zie tabel op p. 70). Anderzijds staat op p. 71 een overzicht van de plaatsingen door de lokale werkteams, maar daarin wordt geen onderscheid gemaakt naar type plaatsingen (w.o. beschut). Navraag bij ons lokale werkteam leert dat het wel degelijk mensen op beschutte werkplekken heeft geplaatst.
6
WIL wordt gevraagd om de plaatsingen van de doelgroep beter te registreren en om een goede koppeling te maken tussen de kwartaalrapportages en de cijfers van de lokale werkteams.
Financiële aspecten BEGROTING 2026 1.1 Begroting 2026 is € 500k hoger dan in 2025, maar € 900k lager dan onze begroting. De begroting van WIL is in totaal € 509.570 hoger dan in 2025 (inclusief 1 e begrotingswijziging), maar afgezet tegen onze jaarschijf 2026, is de begroting 2026 van WIL, onderdeel Nieuwegein, € 935.561 lager. Met name de regelingskosten vallen veel lager uit (€ 1,4 miljoen). De uitvoeringskosten daarentegen stijgen met € 450k. Zie voor de specificaties de tabellen 2a-2c in de bijlage ‘Financiële tabellen’ onderaan dit raadsvoorstel. De stijging van de begroting 2026 t.o.v. de begroting 2025 met € 509.570 heeft vooral te maken met de kosten van de uitkeringen (+ € 400k) en de bedrijfsvoering (+ € 235k). Verder is er een forse daling van de kosten van de minimaregelingen (-€ 300k). In het programma Werk lijkt sprake te zijn van een flinke kostenstijging, maar in werkelijkheid gaat het om een voornamelijk budgettair neutrale verschuiving, zie ook § Argumenten. Zie voor de specificaties de tabellen 1a-1c in de bijlage ‘Financiële tabellen’ onderaan dit raadsvoorstel. De reguliere stijging van de begroting van WIL op Lekstroomniveau heeft onder andere te maken met: −
Cao: 3,8% (voorlopig percentage);
−
Loonkostensubsidie: 20% (deze middelen krijgen we na een jaar terug van het Rijk);
−
Regelingskosten Inkomensondersteuning: stijging met 5%. Zoals hierboven vermeld dalen de lasten in dit programma voor Nieuwegein;
−
Volumegroei van het aantal huishoudens in de bijstand: 2%. Voor Nieuwegein geldt, zoals eerder gezegd, dat het aantal klanten juist daalt ten opzichte van 2025: van 1.233 in de begroting 2025 naar 1.180 huishoudens in de begroting 2026 (zie argument 1.2.a). Deze daling heeft waarschijnlijk meer te maken met een te hoge raming in 2025 dan met een daadwerkelijke daling van het aantal klanten. Nochtans zien we deze daling onvoldoende terug in de uitkeringslasten.
Het financiële effect van de begroting 2026 van WIL ten opzichte van onze jaarschijf 2026 ad € 935.000 (voordelig) wordt verwerkt in de gemeentebegroting. JAARVERSLAG 2024 1.2 Onderschrijding van € 1,6 miljoen Gemeente Nieuwegein krijgt een bedrag van bijna € 1,6 miljoen terug: −
Voor € 1,3 miljoen heeft het te maken met de lagere BUIG-kosten (onderschrijding van 5,7%).
−
Voor € 500k heeft het te maken met lagere kosten voor inkomensondersteuning (onderschrijding van 19%). In 2024 dacht WIL dat o.a. de beleidswijzigingen gericht op statushouders (zoals de reiskostenvergoeding) zouden leiden tot een sterke verhoging van de kosten, maar WIL geeft nu aan dat de begrotingswijziging te ruim was. (P. 22)
Anderzijds is er een beperkte overschrijding van de uitvoeringskosten met € 160k (2%)
7
Voor wat betreft de BUIG-inkomsten van het ministerie: voor het eerst in jaren hebben we een licht positief saldo van € 44.000. Zie voor de specificaties tabel 3 in de bijlage ‘Financiële tabellen’ onderaan dit raadsvoorstel. Opvallend is verder dat WIL in haar jaarverslag 2024 waarschuwt dat, ondanks de Ontwikkelagenda, wij rekening moeten houden met kostenstijgingen ten gevolge van prijsindexaties en volumeontwikkelingen (Jaarverslag 2024, p. 6).
Communicatie aspecten Het verzoek van WIL is om uiterlijk 20 juni 2025 een zienswijze kenbaar te maken, zodat het Algemeen Bestuur op 3 juli 2025 een besluit kan nemen. Deze reactietermijn is krap, aangezien de laatste versie van de begroting op 29 april 2025 is ontvangen, maar dit probleem is opgelost door het raadsvoorstel later dan normaal aan te bieden aan het college en de raad. Zowel de begroting als het jaarverslag worden begin juli 2025 in de vergadering van het Algemeen Bestuur van WIL vastgesteld.
Uitvoering N.v.t.
Bijlagen 1. Bijlage financiële tabellen. 2. Raadsbesluit 3. Conceptzienswijze op de begroting 2026 4. Reactie op het jaarverslag 2024. 5. Meerjarenbegroting 2026-2029 en aanbiedingsbrief van WIL 6. Jaarverslag 2024 en aanbiedingsbrief van WIL
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Marijke van Beukering-Huijbregts
secretaris
burgemeester
8
Bijlage 1: Financiële tabellen 1. Vergelijking tussen WIL-begroting 2025 en WIL-begroting 2026, aandeel Nieuwegein. 1.a Begroting 2025 na 1e wijziging, aandeel Nieuwegein:
Inkomen
Werk
Ink. Onderst.
Bedrijfsvoering
Regelingskosten
23.457.184
1.226.000
2.472.183
Uitvoeringskosten (bruto)
1.536.625
1.927.087
1.797.553
4.644.082
9.905.347
Totaal
24.993.809
3.153.087
4.269.736
4.644.082
37.060.714
1.b Begroting 2026, aandeel
Inkomen
Nieuwegein
p. 19
Regelingskosten
23.861.674
852.280
2.166.040
Uitvoeringskosten (bruto)
1.577.862
2.361.548
1.871.795
4.879.085
10.690.290
Totaal
25.439.536
3.213.828
4.037.835
4.879.085
37.570.284
1.c Verschil: '26 -/-'25
Inkomen
Werk, p. 25
Werk
27.155.367
Ink. Onderst.,
Bedrijfsvoe-
p. 34
ring, p. 42
Ink. Onderst.
26.879.994
Bedrijfsvoering
Regelingskosten
404.490
-373.720
-306.143
Uitvoeringskosten (bruto)
41.237
434.461
74.242
235.003
784.943
Verschil: B'26 -/- B'25
445.727
60.741
-231.901
235.003
509.570
+/+ = hogere kosten; -/- = lagere kosten.
-275.373
9
2. Vergelijking tussen begroting Nieuwegein, jaarschijf 2026, en de begroting 2026 van WIL. 2.a Begroting Nieuwegein, jaarschijf 2026 Regelingskosten
Inkomen 24.549.550
Werk
Ink. Onderst. incl. CZV
1.141.000
Bedrijfsvoering
2.576.772
Totaal 28.267.322
Uitvoeringskosten (netto) Totaal Nieuwegein, netto
2.b Begroting 2026 WIL Regelingskosten Uitvoeringskosten (netto, na aftrek btw: €600k) Totaal WIL (netto) 2.c Mutatie Begroting 2026 Nieuwegein Regelingskosten Uitvoeringskosten (bruto) Verschil WIL - Ng +/+ = hogere kosten; -/- = lagere kosten.
9.638.523 24.549.550
Inkomen p.
1.141.000
Werk, p.
2.576.772
37.905.845
Ink. Onderst.,
Bedrijfs-
p.
voering, p.
Totaal
23.861.674
852.280
2.166.040
1.577.862
2.361.548
1.871.795
4.879.085
10.090.290
25.439.536
3.213.828
4.037.835
4.879.085
36.970.284
Inkomen -687.876
Werk -288.720
Ink. Onderst. -410.732
26.879.994
Bedrijfsvoering
Totaal -1.387.328 451.767 -935.561
3. Jaarrekening 2024: realisatie afgezet tegen begroting.
Financiële samenvatting Begroot
Realisatie
Saldo: ()=nadeel; +=voordeel
% verschil
Inkomen Regelingskosten
22.914.487
21.604.479
1.310.008
5,7
Inkomen Uitvoeringskosten
1.463.578
1.474.467
(10.889)
(0,7)
Programma Inkomen
24.378.065
23.078.946
1.299.119
5,3
Werk Regelingskosten
1.141.129
1.162.387
(21.258)
(1,9)
Werk Uitvoeringskosten
1.670.966
1.733.042
(62.076)
(3,7)
Programma Werk
2.812.095
2.895.429
(83.334)
(3,0)
IO Regelingskosten
2.540.053
2.047.847
492.206
19,4
IO Uitvoeringskosten
1.531.712
1.556.424
(24.712)
(1,6)
Programma Inkomensondersteuning
4.071.765
3.604.271
467.494
11,5
Bedrijfsvoering
4.764.931
4.827.186
(62.255)
(1,3)
512.000
515.635
(3.635)
(0,7)
36.538.856
34.921.467
1.617.388
4,4
Programma DVO SW Totaal
Totaal verdeeld naar: Regelingskosten
26.595.669
24.814.713
1.780.956
6,7
Uitvoeringskosten
9.431.187
9.591.120
(159.933)
(1,7)
DVO SW Totaal
512.000
515.635
(3.635)
(0,7)
36.538.856
34.921.467
1.617.388
4,4
()=nadeel; +=voordeel BUIG Inkomsten - uitgaven
Ministerie Kosten WIL 21.606.158 21.562.005
Saldo 44.153