2024-139 Rvs. Zienswijze begroting 2025 en reactie jaarverslag 2023 WIL
Tekst van het document
Gemeenteraad
Onderwerp
Werk en Inkomen Lekstroom: zienswijze op de begroting 2025 en reactie op het jaarverslag 2023
Datum
14 mei 2024
Raadsvoorstel
Afdeling
2024-139
E-mailadr es opst eller d.steba@nieuwegein.nl
Maatschappelijke Ontwikkeling
Portefeuilleh ouder
Ellie Eggengoor
Onderwerp Werk en Inkomen Lekstroom: zienswijze op de begroting 2025 en reactie op het jaarverslag 2023
Gevraagd besluit 1. Ten aanzien van de begroting 2025 van WIL een zienswijze kenbaar te maken met als kern dat de effecten in de begroting worden onderschreven, doch met de uitgangspunten dat: 1. kansrijke opties om te bezuinigen in eerste aanleg nooit in het nadeel van de klanten mogen zijn; 2. opnieuw investeren in taken waar eerder middelen voor beschikbaar zijn gesteld en die niet tot voltooiing zijn gekomen (b.v. handhaving), evenmin een kansrijke optie is; 3. automatisering van taken zou moeten gebeuren in balans met de mate van kwetsbaarheid van de inwoners; 4. de huidige invulling van de prestatie indicatoren de raad onvoldoende mogelijkheden biedt om toezicht te houden op de taken van WIL. 2. Het financiële effect van de begroting 2025 van WIL ten opzichte van de gemeentebegroting 2025 van Nieuwegein ad € 623.000 (voordelig) te verwerken in de gemeentebegroting. 3. Ten aanzien van het jaarverslag 2023 in te stemmen met de bijgevoegde reactie, inhoudende dat de raad -alles overwegende- tevreden is met de resultaten.
Inleiding Begroting 2025 Krachtens art. 27 van de Gemeenschappelijke Regeling Werk en Inkomen Lekstroom (GR WIL) moet WIL de begroting aanbieden aan de raden voor een zienswijze. Zoals aangekondigd in de kaderbrief 2025, heeft WIL een basale begroting ingediend. Afhankelijk van de keuzes die in 2024 zullen worden gemaakt ten
Bladnummer 2/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
aanzien van de bedrijfsvoering, volgt er een beleidswijziging, dan wel een begrotingswijziging, dan wel beide. Er is voldoende ruimte voor de raad om invloed uit te oefenen via de door WIL georganiseerde raadsinformatieavond (in mei of juni ‘24) en het raadsgesprek (in oktober 2024). Jaarverslag 2023 Krachtens de Gemeenschappelijke Regeling WIL (art. 33.1) moet WIL haar conceptjaarstukken voor 14 april ter kennisgeving opsturen naar de raden van de Lekstroomgemeenten. De raden hoeven geen zienswijze in de dienen. Desalniettemin is het belangrijk om goed te kijken naar de prestaties van WIL, vanwege haar grote maatschappelijke belang. Om deze reden dienen we altijd een reactie in. De conceptjaarstukken worden begin juli 2024 in de vergadering van het Algemeen Bestuur van WIL vastgesteld.
Wat er aan vooraf ging Na enkele jaren op de nullijn, heeft WIL het moeilijk. Reeds enkele jaren hanteert WIL de (pragmatische) nullijn, inhoudende dat WIL de begroting pas kan verhogen na overleg met de leden van de gemeenteraden in Lekstroom. De raden maken vervolgens scherpe keuzes tussen taken die meer of minder prioriteit moesten krijgen. Tijdens het najaarsgesprek in oktober 2023 tussen WIL en de raadsleden in Lekstroom bleek dat WIL al enkele jaren aanloopt tegen de combinatie van de genoemde pragmatische nullijn en het veranderde klantenbestand: binnen het gehele klantenbestand zijn er steeds meer mensen met een beperking en/of met multiproblematiek, waardoor de consulenten steeds meer tijd moeten investeren in de aanvragen voor uitkeringen en bijzondere regelingen. Inmiddels is de situatie zodanig dat alle kerntaken van WIL in het gedrang komen. Bij haar (1e) begrotingswijziging 2024 vroeg WIL om 10,5 fte, waarvan de helft gedekt werd met externe middelen, zoals het Europees Sociaal Fonds. Het jaar 2024 zou een tussenjaar worden. Vereenvoudiging van de dienstverlening in het tussenjaar 2024. Zowel WIL als de aangesloten gemeenten hebben de indruk dat er (tijds)winst behaald kan worden door de dienstverlening te innoveren, vereenvoudigen en integraal te maken, met als doel de kostenstijgingen, die we voorzien in de komende jaren, deels in te perken.
Een en ander in eerste instantie wel met behoud van de kwaliteit van de dienstverlening: het tornen aan de kwaliteit van de dienstverlening is immers een bevoegdheid van de raad. Het begrotingsjaar 2024 is daarom uitgeroepen tot een ‘tussenjaar’: •
Inhoudelijk wordt in dit tussenjaar gekeken óf en waar er nog winst kan worden behaald binnen de programma’s. Zo wordt er gekeken of er overlap is tussen de wens van WIL om vanuit het programma Inkomen alle
Bladnummer 3/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
klanten jaarlijks te spreken en de werkzaamheden van de Lokale Werkteams die eveneens alle klanten jaarlijks spreken. •
Financieel is afgesproken dat er in 2024 geen structurele budgetten worden opgevoerd, behalve onvermijdelijke kosten. Pas nadat er helderheid is over de exacte formatiebehoefte, kan er een uitvraag bij de raad worden gedaan.
Financiële uitdagingen in 2026 en bestuurlijke taakstelling van € 800.000 In de reactie op de kaderbrief heeft de raad aan WIL nadrukkelijk gevraagd om, met het oog op de financiële uitdagingen in het jaar 2026, op zoek te gaan naar mogelijkheden om binnen de eigen begroting kostenstijgingen op te vangen. In dit kader heeft het bestuur van WIL zichzelf opgelegd om binnen de begroting 2025 € 800.000 te bezuinigen (op bedrijfsvoering, op regelingen of op allebei).
Gewenst effect •
Een deskundige uitvoering van de wet- en regelgeving rondom de Participatiewet en aanpalende wet- en regelgeving, met voldoende aandacht voor het sociaal-economische welbevinden van de klant.
•
Een transparante en planmatige besteding en verantwoording van de gemeentelijke middelen.
Argumenten I Begroting 2025 1.1 Begroting 2025: € 1,86 miljoen hoger dan 2024 De begroting 2025 van WIL is voor Nieuwegein met € 35,18 mln c.a. € 1,86 mln hoger dan de begroting 2024. Hierbij kijken we enkel naar de structurele kosten; dat is dus exclusief de incidentele budgetten voor ICT en de 5,6 extra formatie voor alle programma’s in het tussenjaar 2024. In haar begroting 2025 houdt WIL rekening met de (reeds bekende) loon-, prijs- en de uitkeringsindexaties, alsook de eerder vastgestelde structurele begrotingswijzigingen (waaronder Wet Lijkbezorging, loonkostensubsidie en de ontzorging van statushouders), waarmee de raad in 2023 en 2024 heeft ingestemd (zie p. 46 van de begroting voor de samenvatting van deze begrotingswijziging). Ook de Sociale recherche is onderdeel van deze begroting (€ 130.000, p. 17). Zie ook de financiële paragraaf in dit voorstel. 1.2 De begroting 2025 van WIL is € 623.000 lager dan de raming in onze gemeentebegroting 2025. Ondanks de stijging van de begroting van WIL zijn er binnen de begroting 2025 van Nieuwegein voldoende middelen gereserveerd: afgezet tegen onze jaarschijf 2025, is de begroting zelfs € 623.142 lager. Met name de
Bladnummer 4/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
regelingskosten vallen lager uit (€ 478.000). Wel constateren we dat er enkele PM-posten zijn opgenomen omdat de precieze kosten niet kunnen worden ingeschat (p. 43) en dat WIL bij de risico’s benoemt dat er een kans is dat het gebruik van de regelingen in 2025 gaat stijgen (p. 42). 1.3 Kwaliteit van de dienstverlening moet voorop staan, ook bij een eventuele stijging van het aantal klanten. In eerdere zienswijzen heeft de raad aangegeven dat WIL, ook in moeilijke tijden, primair de dienstverlening voor de klanten op een kwalitatief hoog niveau moet houden, eventueel met inhuur. Pas in tweede instantie en met instemming van de raad wordt gekeken naar andere opties, zoals langere doorlooptijden voor aanvragen. In lijn met het vigerende beleid geeft WIL in haar begroting aan dat de menselijke maat, vertrouwen, eenvoud en het bieden van een begrijpelijk en voorspelbaar vangnetfunctie voor de inwoners de input vormen voor de begroting 2025 en de kansrijke opties. (p. 10, 52) Uit het bovenstaande volgt de conclusie dat het benoemen van maatregelen die ‘pijn’ doen bij de klanten, geen plek moeten hebben in het overzicht met kansrijke opties. We doelen hierbij op zaken als ‘het sec kijken naar de wet’ (in plaats van te kijken naar de klant) en ‘minder inzetten op de leefwereld’. (p.
53) Dergelijke maatregelen kunnen in een later stadium zeker aan de orde komen in een -wat WIL in haar brief noemt- ‘plan B’: het afschalen van de kwaliteit van de dienstverlening (aanbiedingsbrief, p. 2), maar ze vormen geen primaire opties. Ze vallen bovendien onder de bevoegdheid van de raad, die er vooraf mee moet instemmen; de raad bepaalt immers welk niveau van dienstverlening hij wenst voor zijn inwoners. 1.4 Automatisering en kwetsbare groepen Automatisering van taken is bij elke bezuinigingsoperatie een kansrijke optie. Bij WIL gaat het om het stroomlijnen van de diverse systemen waarin klantgegevens worden verwerkt. Het gaat ook om het digitaliseren van de contacten met de klant, zoals WIL Direct (aanvragen van minimaregelingen en eventueel levensonderhoud, p. 52, 53) en Mijn Inkomen (het doorgeven van inkomstenwijzigingen en inzien van uitkeringsspecificaties). Dit laatste moet gebeuren in balans met de mate van kwetsbaarheid van de mensen die gebruik maken van de dienstverlening. Gezien de aard van de Participatiewet kunnen we concluderen dat een groot deel van de gebruikers kwetsbaar is. En blijkens de statistieken is er in Nieuwegein een bovengemiddeld aantal laaggeletterden vergeleken met de omringende gemeenten (12% versus gemiddeld 5% in de regio).
Daarom kan worden ingestemd met automatisering als kansrijke optie, doch met de kanttekening dat -met betrekking tot de communicatie met de klanten- dit in balans met de capaciteiten van de gebruikers/klanten moet gebeuren. Want hoewel de raad veel investeert in laaggeletterdheid en er mooie stappen worden gezet op het gebied van basisvaardigheden (lezen,
Bladnummer 5/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
schrijven, digitale vaardigheden, etc.), zijn er mensen die desondanks niet in staat zullen zijn om op dit vlak geheel zelfstandig te opereren/formulieren in te vullen. Voor deze mensen dreigt de armoedeval als ze onvoldoende gebruik kunnen maken van de regelingen van WIL. 1.5 Extra middelen voor handhaving zijn niet aan de orde. Vanaf 2022 ontvangt WIL van de Lekstroomgemeenten een structureel budget van € 150.000 voor handhaving. Het is echter niet gelukt om voldoende (vast) personeel te vinden voor deze taak, blijkens de jaarverslagen sindsdien. Desondanks staat bij de kansrijke opties dat een extra investering in Handhaving voordelen kan opleveren (p. 53). De raad gaat hier niet in mee. WIL moet eerst de resultaten van deze structurele investering evalueren; hier heeft de raad al in 2022 om gevraagd. 1.6 Prestatie indicatoren en kerncijfers niet op orde. De raad heeft in de zienswijze op de begroting 2024 ingestemd met het voorstel van WIL om de informatievoorziening te herijken, met de kanttekening dat de set van gegevens kwalitatief en kwantitatief voldoende moet zijn voor de raad om te sturen op de resultaten. Echter, in de huidige begroting zijn er onvoldoende prognoses en trendcijfers opgenomen, aan de hand waarvan de raad de voortgang kan monitoren en de ontwikkelingen kan bijsturen.
Opvallend zijn de diverse tabellen met cijfers uit het voorgaande jaar, die eerder in het jaarverslag horen te staan, en de verwijzingen naar de kwartaalrapportages 2024. Tevens heeft de raad in 2023 gevraagd om de kernprestatie indicatoren kritisch tegen het licht te houden en waar mogelijk ambitieuzer te formuleren. We zien dit echter niet terug in de begroting. Zo is het streven van WIL om bij schuldhulpverlening binnen de wettelijke termijnen te blijven opereren, in plaats van een kortere wachttijd na te streven (p. 31). Ook de cijfers voor klanttevredenheid blijven onder de marges van eerder behaalde scores (p. 15 en 31). Met de ‘doorontwikkeling’ en het nieuwe meerjarenbeleidsplan voor de boeg, alsook de huidige onduidelijke financiële situatie, is dit begrijpelijk, maar de raad verwacht uiteindelijk wel verbetering hierin. Met de ‘doorontwikkeling’ doelt WIL op de uitwerking en implementatie van de nog vast te stellen kansrijke opties. II Jaarverslag 3.1 Jaarverslag 2023: hoge werkdruk en opvallende projecten. In het gehele jaarverslag is te lezen dat WIL te maken had met een jaar waarin de werkdruk zeer hoog lag. Daarnaast staan er dit keer, nog meer dan andere jaren, opvallende onderwerpen in, die een beeld geven van de werkdruk bij, dan wel de omvang van de taken van WIL: •
p. 9-11, Inkomen: er was sprake van een hoog ziekteverzuim bij de uitkeringsadministratie en -beheer. De combinatie met beleidswijzigingen en wijzigingen in het aantal en de hoogte van de uitkeringen, leidde tot een hoge werkdruk. Voorbeelden: de afschaffing van de kostendelersnorm
Bladnummer 6/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
voor jongeren onder de 27 jaar, de herziening van de studietoeslag voor studenten met een beperking en het besluit van de Lekstroomgemeenten om de Sociale Recherche niet langer bij Nieuwegein, maar bij WIL te positioneren met ingang van 2024. Opvallend is verder dat het nog steeds niet lukt om voldoende handhavers te vinden (WIL heeft bij de begrotingswijziging 2022 structureel € 150.000 extra gevraagd en gekregen voor deze taak). •
p. 20, werk: WIL is gestart met de inrichting van een detacheringsfaciliteit voor de groep die een beroep doet/gaat doen op Nieuw Beschut (het vervolg op sociale werkvoorziening). Op dit moment is deze doelgroep tijdelijk in dienst bij WIL tot aan de realisatie van genoemde faciliteit in 2024.
•
p. 22, 23, inkomensondersteuning: er wordt uitgelegd dat er sprake is van een hoge werkdruk en veel complexe problemen. Als voorbeeld wordt het proces bij statushouders uitgelegd, waar er sprake is van een complexe en tijdrovende procedure: hier moeten per aanvraag 5 handelingen worden uitgevoerd. Maar feitelijk is de complexiteit over de gehele linie toegenomen. Door de hoge werkdruk ontbrak de ruimte om te werken aan procesverbeteringen. Dit wordt in 2024 opgepakt. Positief is dat WIL verwacht vanaf 2024 de financiële vruchten te plukken van het project om de bewindvoering in eigen beheer uit te voeren.
3.2 Tekort op regelingskosten en uitvoeringskosten in Nieuwegein, ondanks positief saldo. Nieuwegein lijkt het jaar 2023 af te sluiten met een positief resultaat van € 1,1 miljoen op de regelingen en een tekort van € 401.000 op de uitvoeringskosten. In werkelijkheid is er op de regelingen sprake van een tekort van € 1,4 miljoen. Dit wordt uitgelegd in de § financiën.
Kanttekeningen Budget voor doorontwikkeling WIL verwacht in de periode 2025 – 2027 extra budget nodig te hebben voor de ‘doorontwikkeling’; dit is de uitwerking en implementatie van de nog vast te stellen kansrijke opties. (p. 43) Gezien de financiële uitdagingen van de gemeente Nieuwegein zullen we deze ontwikkeling nauwlettend volgen.
Financiële aspecten I Begroting 2025. 1.1 Begroting is € 1,86 mln hoger dan in 2024. Afgezet tegen onze jaarschijf 2025, is de begroting van WIL, onderdeel Nieuwegein, € 623.142 lager. Met name de regelingskosten vallen lager uit (€ 478.000). Wel bestaat er het risico dat alle regelingen in 2025 gaan stijgen en dat er PM-posten erbij komen (p. 42). Zie voor de specificatie de tabellen 2a-2c.
Bladnummer 7/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
Ten opzichte van 2024 stijgt de begroting echter met € 1,86, zie tabel 1a-1c in de bijlage onder dit raadsvoorstel. Deze stijging is op Lekstroomniveau als volgt samengesteld: -
Inflatiecorrectie en loonindexatie: resp. 2,5% en 5,8% conform de septembercirculaire 2023 (p. 9, 46);
-
Bijstandsuitkeringen: 1% risico opslag op het aantal uitkeringen en 2,4% indexatie op de prijs van de uitkeringen (p. 17);
-
Loonkostensubsidie € 600.000* (p. 20);
-
Minimaregelingen: 1% risico opslag op de budgetten (p. 33, 46);
-
Wet Lijkbezorging € 25.000* (p. 47);
-
Ontzorging statushouders: € 85.000 (p. 32)
-
Sociale recherche: € 130.000 (p. 17);
-
ICT: € 170.815*, naast een correctie van € 75.000 dat per abuis was geschrapt (p. 38);
-
Een deel van de inhuurformatie wordt vanaf 2024 structureel omgezet naar 3 vaste formaties: 2 in het programma Inkomen en 1 bij schuldhulpverlening.
*NB: voor de absolute aantallen geldt dat telkens ongeveer 50% voor de rekening van Nieuwegein is. II Jaarverslag 2.1 Voordeel of nadeel, afhankelijk van invalshoek. WIL sluit het jaar 2023 af met een tekort van € 791.000, waarvan een voordeel van € 6.000 op de regelingen en een tekort van € 797.000 op de uitvoering. (p. 7) Voor Nieuwegein geldt echter een positief resultaat van € € 736.000, bestaande uit: •
een voordeel op de regelingen van € 1,1 mln.;
•
een tekort op de uitvoeringskosten van € 401.000.
Anderzijds heeft Nieuwegein een tekort van € 1,47 mln, afgezet tegen de BUIG-inkomsten vanuit het Rijk. Hieronder volgt per programma een beschrijving. a. Inkomen: Nieuwegein betaalt binnen het programma Inkomen € 221.000 extra aan uitvoeringskosten. Dit had te maken met langdurige ziekte bij met name de uitkeringsadministratie en inkomensbeheer. Dit is in overeenstemming met de wensen van de raden in Lekstroom: in het verleden hebben alle raden de tijdige uitbetaling van de uitkeringen prioritair verklaard. De gepleegde investering om de uitkeringen tijdig uit te betalen is dus wel in overeenstemming met de wensen van de raad. Dit laat onverlet dat het om een hoog bedrag gaat. Daarnaast was er bij Nieuwegein een onderschrijding van € 873.000 op de BUIG, dus de bijstandsuitkeringen. Het vermoeden bestaat dat de huidige berekening van het aantal uitkeringen in de begroting van WIL (dit omvat een jaarlijkse verhoging van het aantal uitkeringsgerechtigden met 1%) een
Bladnummer 8/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
onvoldoende prognosticerende waarde heeft, vergeleken met de prognoses van het CPB en CBS. Kanttekening bij genoemde onderschrijding is dat Nieuwegein nog steeds een tekort heeft op de bijstandsuitkeringen: daar waar de totale BUIG-kosten neerkwamen op € 20,5 mln (p. 14), waren de rijksinkomsten € 19,1 mln; er rest dus een tekort van € 1,47 mln. b. Werk In het programma Werk heeft Nieuwegein € 509.000 minder uitgegeven, nl. € 22.000 minder op personeel en € 487.000 minder op de regelingen. De reden voor dit laatste is dat aan het einde van het jaar een deel van de kosten van het Lokale Werkteam doorbelast kon worden naar andere posten, waardoor er op het laatst sprake was van een grotere vrijval dan verwacht op deze post. c. Inkomensondersteuning Bij Inkomensondersteuning had de realisatie van € -223.000 op de regelingen grotendeels te maken met de bijzondere bijstand en wel met de hogere normbedragen, waardoor ook mensen met een iets hoger inkomen gebruik konden maken van de regelingen, en met meer statushouders. d. Bedrijfsvoering Op Bedrijfsvoering was er een nadeel van € 196.000 voor Nieuwegein. Dit kwam door een overschrijdingen op ICT en extra inhuur bij de afdeling financiën. Al met al heeft WIL zich genoodzaakt gezien om voor € 2 mln in te huren, terwijl de begroting voor inhuur oorspronkelijk een kleine € 600.000 omvatte: een overschrijding van € 1,47 mln.
Door vrijval op vacatures (€ 724.000) kon het nadeel beperkt worden tot € 745.000 (p. 32). Zie tabel 3 in de bijlage onder dit raadsvoorstel voor het financiële resultaat verdeeld naar regelingen en personeel.
Communicatie aspecten Het verzoek van WIL is om uiterlijk 30 juni 2024 een zienswijze kenbaar te maken, zodat het Algemeen Bestuur op 11 juli 2024 een besluit kan nemen. Deze reactietermijn vormt geen probleem.
Uitvoering N.v.t.
Bijlagen 1. Bijlage bij de financiële paragraaf. 2. Raadsbesluit 3. Conceptzienswijze op de begroting 2025 en reactie op 1e begrotingswijziging 2024 4. Reactie op het jaarverslag 2023. 5. Meerjarenbegroting 2025-2028 en aanbiedingsbrief van WIL 6. Jaarverslag 2023 en aanbiedingsbrief van WIL
Bladnummer 9/9 Raadsvoorstel 7 mei 2024
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Marijke van Beukering-Huijbregts
secretaris
burgemeester
Bijlage 1: Bijlage bij de financiële paragraaf. Tabel 1: begroting 2025 van WIL vergeleken met de begroting 2024 van WIL; enkel onderdeel Nieuwegein (aandeel/verdeelsleutel 49,95%). 1.a Begroting 2024 na 1e wijziging, aandeel Nieuwegein: Regelingskosten
Inkomen
Werk
21.385.000
Begr. wijziging regelingen
Ink. Onderst.
1.141.000
25.000
Bedrijfsvoering
Totaal
2.099.000
24.625.000
125.000
150.000
Subtotaal regelingen
21.410.000
1.141.000
2.224.000
0
24.775.000
Uitvoeringskosten (bruto)
8.363.000
1.216.000
1.596.000
1.340.000
4.211.000
Begr. wijziging uitvoeringskosten structureel: 2e BW 2023
42.458
56.943
48.452
36.211
Begr. wijziging uitvoeringskosten structureel*
0
0
0
0
0
Subtotaal uitvoeringskst. Totaal B '24 (incl. 1e begrotingswijziging)
1.258.458 22.668.458
1.652.943 2.793.943
1.388.452 3.612.452
4.247.211 4.247.211
8.547.064 33.322.064
1.b Begroting 2025, aandeel Nieuwegein
Inkomen p. 19
Werk, p. 25
Ink. Onderst., p. 34 Bedrijfsvoering, p. 42
Totaal
Regelingskosten
22.350.970
1.141.000
2.143.372
Uitvoeringskosten (bruto)
1.477.310
1.855.249
1.605.347
4.609.910
9.547.816
23.828.280
2.996.249
3.748.719
4.609.910
35.183.158
Totaal 1.c Verschil: '25 -/- '24 Regelingskosten Uitvoeringskosten (bruto) Verschil B'25 -/- B'24
Inkomen
Werk
Ink. Onderst.
25.635.342
Bedrijfsvoering
Totaal
-940.970 -218.852
0 -202.306
80.628 -216.895
0 -362.699
-860.342 -1.000.752
-1.159.822
-202.306
-136.267
-362.699
-1.861.094
+/+ = voordeel; -/- = nadeel. * Er was in de BW '24 sprake van incidentele begrotingswijzigingen. Deze nemen we niet mee in deze berekening, aangezien ze niet meer terug horen te komen in 2025.
Bladnummer 2/3 Raadsvoorstel 7 mei 2024
Tabel 2: begroting WIL 2025 vergeleken met jaarschijf 2025 in onze gemeentelijke begroting.
2.a Begroting Nieuwegein, jaarschijf 2025 Regelingskosten
Inkomen
Ink. Onderst. incl. CZV
Werk
Bedrijfs voering
Totaal
22.646.000
1.141.000
2.325.200
26.112.200
Totaal Nieuwegein, netto
22.646.000
1.141.000
2.325.200
35.276.300
2.b Begroting 2025 WIL
Inkomen p. 19
Werk, p. 25
Regelingskosten Uitvoeringskosten Totaal WIL (netto)
22.350.970 1.477.310 23.828.280
1.141.000 1.855.249 2.996.249
2.c Mutatie Begroting 2025 Nieuwegein
Inkomen*
Werk
Uitvoeringskosten (netto, na aftrek btw)
Regelingskosten
9.164.100
295.030
Ink. Onderst., p. 34
0
Bedrijfsvoering, Aftrek btw p. 39 (inschatting)
2.143.372 1.605.347 3.748.719
4.609.910 4.609.910
Ink. Onderst.
Bedrijfsvoering
181.828
0
Totaal
25.635.342 -530.000 9.017.816 -530.000 34.653.158
Totaal 476.858
Uitvoeringskosten (bruto)
146.284
Verschil WIL - Ng
623.142
+/+ = voordeel; -/- = nadeel.
Bladnummer 3/3 Raadsvoorstel 7 mei 2024
Jaarverslag 2023 Tabel 3: het resultaat van 2023, verdeeld naar programma, regelingen en uitvoeringskosten. 3a. Programma
Nieuwegein
3.b Saldo bijstandsuitkeringen Rijksinkomsten: - Bijstand
Inkomen Regelingskosten
873.000
Inkomen Uitvoeringskosten
-221.000
Programma Inkomen, p. 14
652.000
Totaal
19.160.517
Werk Regelingskosten
487.000
Kosten bijstand
-20.631.000
Werk Uitvoeringskosten
22.000
Tekort bijstand
-1.470.483
Programma Werk
509.000
IO Regelingskosten
-223.000
IO Uitvoeringskosten
-11.000
Programma Inkomensondersteuning
-234.000
Bedrijfsvoering
-196.000
Programma DVO SW
5.000
Totaal
736.000
Waarvan saldo regelingen
1.137.000
Waarvan saldo uitvoering
-401.000
+/+ = voordeel; -/- = nadeel.
- Loonkosten subs.
18.321.713 838.804