CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-061 Bijlage 1 Kadernota 2025

Raadsvergadering 11 juli 2024, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Eerste termijn Algemene Beschouwingen8.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postbus 1 3430 AA

Bezoekad res: Stadsplein 1 3431 LZ

www.nieuwegein.nl

2024-061

Kadernota 2025

Kaders voor de programmabegroting 2025

Raadsnummer

2024-061

Datum

28 mei 2024

Auteur

Ronnie Hunting

Versie

definitief

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Inhoudsopgave

....................................................................................................................... 1 1

Bestuurlijk perspectief .................................................................................. 3

2

Financieel perspectief ................................................................................... 5

3

2.1

Meerjarenperspectief ............................................................................... 5

2.2

Ontwikkelingen vanuit het Rijk ................................................................. 5

2.3

Groei van de Stad (financieel) .................................................................. 6

2.4

Overige financiële uitgangspunten ............................................................ 7

Ontwikkelingen ............................................................................................ 9 3.1

3.1.1

Ontwikkelingen bestaand ................................................................. 9

3.1.2

Ontwikkelingen nieuw ...................................................................... 9

3.2

Wonen en Economie ................................................................................ 9

3.3

Leefomgeving en Veiligheid ...................................................................... 9

3.3.1

Ontwikkelingen bestaand ................................................................. 9

3.3.2

Ontwikkelingen nieuw ..................................................................... 10

3.4

Vrije Tijd .............................................................................................. 11

3.5

Versterking Eigen Kracht, Ondersteuning en Bescherming .......................... 11

3.5.1

Ontwikkelingen bestaand ................................................................ 11

3.5.2

Ontwikkelingen nieuw ..................................................................... 13

3.6

4

5

Bestuur en Dienstverlening ...................................................................... 9

Bedrijfsvoering ...................................................................................... 14

3.6.1

Ontwikkelingen bestaand ................................................................ 14

3.6.2

Ontwikkelingen nieuw ..................................................................... 14

3.7

Algemene Dekkingsmiddelen ................................................................... 15

3.8

Verbonden partijen ................................................................................ 15

Financieel perspectief geactualiseerd ............................................................. 16 4.1

Voorlopig begrotingssaldo 2025 - 2028..................................................... 16

4.2

Uitkomsten traject sluitende meerjarenbegroting ....................................... 18

Doorontwikkeling P&C cyclus ........................................................................ 25 5.1

Budgetoverhevelingen ............................................................................ 25

5.2

Allocatie (financiële) middelen groei van de stad........................................ 26

2 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

1

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Bestuurlijk perspectief

Voor u ligt de Kadernota 2025. De nota waarmee wij u vragen de kaders voor de begroting 2025 te bepalen. De Kadernota bouwt voort op de ambities en voornemens uit voorgaande jaren en het (financiële) beeld dat u vanuit de meerjarenbegroting 2024 kent. Het beeld is geactualiseerd voor zowel de laatste inzichten uit Den Haag met betrekking tot de algemene uitkering uit het gemeentefonds als ook de noodzakelijke budgetaanpassingen voor 2025 en volgende jaren. Sinds 15 mei jongstleden is er ook een akkoord tussen de partijen die voornemens zijn een nieuw kabinet te vormen. Hoewel de inhoud daarvan zeer waarschijnlijk de activiteiten en financiën van de gemeente raakt, is het nog niet mogelijk de exacte gevolgen in deze kadernota te verwerken. Daar komen we in volgende P&C documenten bij u op terug. En om meteen maar met de deur in huis te vallen, de financiële uitdaging is groter geworden dan bij de behandeling van de begroting 2024 nog werd gedacht. Naast de bekende, maar voor 2025 ook nieuwe, ontwikkelingen rond de algemene uitkering als gevolg van de Voorjaarsnota van het Rijk, zien wij vooral dat het duurder wordt (en sneller duurder dan de mate waarin onze inkomsten stijgen) om het bestaande voorzieningenniveau voor onze stad in stand te houden.

En dat in een tijd waarin de opgaven waar we als gemeenten voor staan blijven toenemen en waarschijnlijk ook een toenemend beroep zullen doen op onze middelen. In hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 van deze Kadernota gaan wij nader in op de ontwikkelingen die van invloed zijn op het meerjaren begrotingssaldo en op de budgetaanpassingen die voor de komende jaren onontkoombaar zijn. Bij de behandeling van de begroting 2024 november vorig jaar hebben wij met u afgesproken een traject te starten dat moet leiden tot een pakket aan maatregelen waar u als raad bij de Kadernota 2026 keuzes uit kunt maken om tot een structureel sluitende begroting te komen. We zijn inmiddels volop bezig met partijen in de stad in dit traject, maar stellen vast dat de urgentie en opgave groter is geworden. Zeker nu ook het jaar 2025 niet langer met een positief saldo lijkt te sluiten. Tegelijkertijd hechten wij eraan het ingezette traject zorgvuldig en gestructureerd te doorlopen. Dat betekent dat we de tijd nemen zodat we met elkaar in het voorjaar 2025 zorgvuldig de integrale keuzes kunnen maken. Om dat mogelijk te maken zijn de budgetaanpassingen voor 2025 en verder beperkt tot die zaken die onontkoombaar zijn en/of voortvloeien uit wettelijke verplichtingen. Waar mogelijk hebben we ervoor gekozen om middelen incidenteel te ramen in afwachting van dat integrale gesprek.

Ook zijn er enkele technische maatregelen doorgevoerd die verlichting brengen in het meerjarenperspectief. We blijven zoeken naar mogelijkheden om de kosten te verlagen en inkomsten te verhogen zodat wij concrete voorstellen bij de begroting 2025 aan u kunnen voorleggen. Dit alles om een eventueel beroep op de algemene reserve tot een minimum te beperken. Om de uitdaging niet verder te vergroten willen wij met u afspreken extra terughoudend te zijn met nieuwe initiatieven en in die gevallen dat nieuw beleid echt noodzakelijk is dat financieel binnen de bestaande begroting op te vangen

3 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

(zogenaamde oud voor nieuw). Voorlopig stellen wij voor het resterende negatieve saldo in deze Kadernota voor het jaar 2025 te dekken met een onttrekking uit de algemene reserve. Dit heeft te maken met het grote nadelige effect uit de voorjaarsnota op onze begroting 2025 (€ 2,3 mln.) en de tijd die we nemen om het traject sluitende meerjarenbegroting zorgvuldig te doorlopen. In de voorbereiding van de begroting 2025 blijven we, zoals gezegd, nadrukkelijk op zoek naar maatregelen die het beslag op de reserve per direct kunnen verkleinen. Wat de uitkomsten van dat traject sluitende meerjarenbegroting betreft laten wij u in hoofdstuk 4 zien welke onderzoeksrichtingen op dit moment worden verkend. En in sommige gevallen zijn inmiddels ook de eerste concrete resultaten zichtbaar. Deze voorliggende Kadernota geeft al met al een duidelijk beeld wat betreft de financiële opgave waar we als gemeente voor staan en de maatregelen die we nu willen nemen om begin volgend jaar de opgave structureel en zorgvuldig op te lossen. Dat vraagt om balanceren tussen blijven doen wat nodig is voor de stad en tegelijkertijd alles (nog) kritisch(er) tegen het licht houden. Wij realiseren ons dat dat soms dubbele signalen geeft, maar hopen daarmee wel te voorkomen dat we nu te snel en ondoordacht onomkeerbare besluiten nemen waar we later met elkaar spijt van krijgen.

4 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

2

Financieel perspectief

2.1

Meerjarenperspectief

D atum 28 mei 2024

Het financieel perspectief voor de Kadernota 2025 is gebaseerd op de meerjarenbegroting 2024 – 2027 (2023-307), aangevuld met de nota 1e technische wijziging 2024 (2024-045). Het jaar 2028 is nieuw in het meerjarenperspectief ten opzichte van de begroting 2024. Na verwerking van de 1e technische wijziging 2024 ontstaat het volgende beeld: (bedragen x € 1.000) Beginstand kadernota 2025 Stand meerjarenbegroting 2024 Stand eerste technische wijziging 2024 Saldo na 1e technische wijziging 2.2

Meerjarenbegroting 2025-2028 2025 2026 2027 2028 1.506 -5.358 -4.157 -4.157 -549 -549 -548 -548 957 -5.907 -4.705 -4.705

Ontwikkelingen vanuit het Rijk

Uit het saldo na de 1e technische wijziging 2024 blijkt dat het 'ravijnjaar 2026' vanaf dat jaar zorgt voor een negatief begrotingssaldo. Daarnaast is er sprake van een aantal algemene financiële ontwikkelingen die leiden tot een nieuw meerjarenperspectief. Allereerst zijn er bijstellingen op basis van de loon- en prijsontwikkelingen. In het centraal economisch plan (CEP) 2024 zijn de verwachte loon- en prijsontwikkelingen opgenomen voor de komende jaren. Deze zijn lager dan waar in de septembercirculaire 2023 van uit werd gegaan. Dit heeft als gevolg dat de algemene uitkering afneemt ten opzichte van eerdere ramingen in 2025-2027. Hier staat tegenover dat de verwachte uitgaven ook minder zullen stijgen. Verder leidt een bijstelling van de maatstaven bij de decembercirculaire 2023 tot een stijging van de algemene uitkering van € 81.000 in 2025, oplopend tot € 255.000 in 2027. Verder zijn er ontwikkelingen vanuit het Rijk die van invloed zijn op de hoogte van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds. Zoals benoemd in de raadinformatiebrief d.d. 30 april 2024 heeft de Voorjaarsnota 2024 grote effecten op de opbouw en hoogte van de algemene uitkering. De normeringssystematiek op basis van het bruto binnenlands product (bbp) wordt al per 2024 doorgevoerd in plaats van de eerder verwachte ingang per 2026. Dit komt in plaats van de 'trap op, trap af' systematiek.

Gevolg hiervan is een afname van de hoogte van de algemene uitkering die in 2025 slechts gedeeltelijk wordt gecompenseerd door het Rijk. Per saldo leidt dit tot lagere inkomsten van € 2,3 miljoen voor dat jaar. In dezelfde voorjaarsnota is ook besloten dat verdere opbouw van de opschalingskorting wordt geschrapt met ingang van 2026. Op basis van het voornemen om alle gemeenten op te schalen tot 100.000+ gemeenten is in 2016 door het Rijk een korting van € 975 miljoen opgenomen in het gemeentefonds. Deze zou stapsgewijs in 10 jaar tot stand komen. De opbouw is vanwege de coronacrisis in 2020 gestopt en wordt nu definitief niet verder opgebouwd. Dit leidt ertoe dat de resterende € 675 miljoen aan voorgenomen korting niet gekort zal worden. Per saldo leidt dit ertoe dat het begrotingstekort vanaf 2026 ongeveer € 2,3 miljoen kleiner wordt.

5 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

6 (26)

Voor de nieuw toegevoegde jaarschijf 2028 geldt dat deze in beginsel is gelijkgesteld aan het jaar 2027. Hier moet nog een aantal ontwikkelingen aan worden toegevoegd. Het jaar 2028 wordt ten opzichte van 2027 bijgesteld voor loon- en prijsontwikkelingen. Ook wordt de korting hervormingsagenda Jeugd in 2028 doorgevoerd, dit heeft een negatief effect op de hoogte van de algemene uitkering van € 677.000. Ook de stijging van de kapitaallasten uit het programma Vitale Scholen is verwerkt om voor dat jaar een solide vertrekpunt te verkrijgen. Tot slot leiden ontwikkelingen van de maatstaven, de uitkeringsbasis en taakmutaties in 2028 tot een aanvullend negatief effect van ruim € 2 miljoen. Deze algemene financiële ontwikkelingen leiden tot de volgende veranderingen in het begrotingssaldo 2025-2028: Algemene ontwikkelingen Saldo na 1e technische wijziging Ontwikkeling algemene uitkering Ontwikkeling rijksbijdrage hervormingsagenda jeugd Loon- en prijsontwikkelingen Ontwikkeling normeringssystematiek en opschalingskorting Ontwikkelingen 2028 Saldo algemene ontwikkelingen

972

1.585

1.883

-2.603

-2.300

2.300

2.300

2.300

-2.219

2.530

2.555

-2.060 -183

Saldo na algemene ontwikkelingen

-1.262

-3.377

-2.150

-4.888

2.3

2025 957 -891

2026 -5.907 -1.355

2027 -4.705 -1.628

2028 -4.705 2.857 -677

Groei van de Stad (financieel)

Het aantal inwoners en woningen in Nieuwegein neemt in rap tempo toe. Dit tempo ligt hoger dan de gemiddelde landelijke groei waar het Rijk bij de bepaling van de landelijke maatstaven rekening mee houdt. Het gevolg hiervan is dat ook de inkomsten die wij ontvangen vanuit het Rijk toenemen. Dit betreft de post 'Financiële groei van de stad'. In de nota Duurzaam Financieel Evenwicht (DFE) van eind 2020 en in eerdere P&C-documenten is benoemd dat deze aanvullende middelen worden verdeeld over begrotingsprogramma's om toekomstige opgaven als gevolg van de groei van de stad te kunnen bekostigen.

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

(bedragen x € 1.000)

D atum 28 mei 2024

7 (26)

Meerjarenbegroting 2025-2028

Omschrijving

2025

2026

2027

2028

403

953

1.255

1.563

322

762

1.004

1.250

0 322

0 762

-268 736

-414 836

81

191

251

313

-81 0

-191 0

-251 0

-313 0

121 0 121

173 0 173

229 -229 0

266 -266 0

443

935

736

836

Financiële Groei van de Stad: Algemene uitkering Extra inkomsten algemene uitkering Waarvan: Beschikbaar voor extra voorzieningen (80%) Inzet voor extra voorzieningen Nog beschikbaar in meerjarenperspectief Waarvan: Beschikbaar voor schaalsprong/inlopen achterstanden (20%) Inzet voor mobiliteitsbeleid Nog beschikbaar in meerjarenperspectief Financiële Groei van de Stad: OZB-inkomsten OZB-inkomsten nieuwe woonruimten Inzet voor extra voorzieningen Nog beschikbaar in meerjarenperspectief Totaal beschikbaar

Bovenstaande cijfers zijn afkomstig uit de Kadernota 2024 en nog niet geactualiseerd. De wijzigingen die in de Voorjaarsnota van het Rijk zijn genoemd worden in de meicirculaire nader uitgewerkt. Eerst dan is het mogelijk die ook te vertalen naar de financiële ruimte groei van de stad. We komen hier in onze berichtgeving over de uitkomsten van de meicirculaire op terug. 2.4

Overige financiële uitgangspunten

Ramingen lonen en prijzen Het CPB verwacht in de jaren 2025 tot en met 2028 relatief stabiele loon- en prijsstijgingen. Deze liggen lager dan de afgelopen jaren. In de begroting 2025 wordt rekening gehouden met aanpassing van de salarislasten en de prijsgevoelige budgetten in overeenstemming met de percentages van het CPB. Concreet zijn dat de onderstaande percentages: Uitgangspunten begroting 2025 Loonvoet sector overheid C EP 2024 Gemiddelde prijsstijging C EP 2024 Ontwikkeling tarieven

2025 4,40% 2,10% 3,25%

2026 3,80% 2,20% 3,00%

2027 4,80% 2,15% 3,50%

2028 4,00% 2,15% 3,10%

De budgetten in de meerjarenbegroting 2025-2027 passen we aan om op deze percentages uit te komen. Voor onze eigen inkomsten stellen wij voor deze te laten stijgen met 3,25% in 2025. Het jaar 2028 is in overeenstemming met deze uitgangspunten toegevoegd aan de begroting. De bedragen daarvan zijn verwerkt in het financieel perspectief, dat hierboven is aangegeven. Het Rijk heeft de normeringssystematiek van het Gemeentefonds gewijzigd met ingang van 2024. Voortaan wordt de algemene uitkering jaarlijks verhoogd voor prijsontwikkelingen op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Voor de ontwikkeling van het volume (bijvoorbeeld als gevolg van vergrijzing) wordt de algemene uitkering voortaan aangepast op basis van de gemiddelde

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

ontwikkeling van het bbp over de laatste 8 jaar. Dit is een stabielere ontwikkeling dan de “trap op-trap af” systematiek. Omdat de gemeenten niet meer meedelen in intensiveringen van het Rijk zal deze normering in veel gevallen lager zijn. Aan de andere kant worden gemeenten niet meer rechtstreeks gekort bij ombuigingen van het Rijk. In aanloop naar de begroting 2025 ontwikkelen wij een voorstel hoe om te gaan met de volumeontwikkeling, zodat waar nodig in de begroting een voorstel kan worden gedaan voor de verdeling van deze middelen. Rentestand Vooralsnog gaan wij voor de berekening van de kapitaallasten uit van een rentepercentage van 1,0%. De gemeente Nieuwegein heeft in de afgelopen periode een aantal grote en goedkope leningen aangetrokken. Daardoor hebben we op dit moment nog geen last van de sterk oplopende rente op de kapitaalmarkt.

8 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

3

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

9 (26)

Ontwikkelingen

In dit hoofdstuk gaan wij in op de ontwikkelingen die wij voor 2025 en verder voorzien. We maken daarbij onderscheid tussen ontwikkelingen op de beleidsvoornemens die al in de meerjarenbegroting 2024 waren verwerkt en nieuwe ontwikkelingen die in de komende periode moeten worden opgepakt. Gelet op de ontwikkeling van ons financieel perspectief zijn alleen onderwerpen die plaatsvinden op activiteiten waartoe al eerder is besloten, en onderwerpen die onontkoombaar zijn, in deze Kadernota 2025 verwerkt. We presenteren deze, in overeenstemming met de opzet van de begroting, per begrotingsprogramma. Dit draagt bij aan het herkennen van de wijzigingen uit deze kadernota in de begroting 2025. 3.1

Bestuur en Dienstverlening

3.1.1

Ontwikkelingen bestaand

Controlekosten accountant De controlekosten van de accountant stijgen sneller en harder dan we op basis van het contract met de accountant konden voorzien. De belangrijkste oorzaak hiervoor zijn de zogenaamde SiSa-regelingen waarvan de uitvoering door de accountant moet worden gecontroleerd. Een andere reden is dat indexatie-afspraken het honorarium hebben verhoogd. De meerkosten bedragen € 65.000 per jaar. 3.1.2

Ontwikkelingen nieuw

Geen. Programma Bestuur en dienstverlening C ontrolekosten accountant Saldo programma Bestuur en dienstverlening

3.2

2025 65 65

2026 65 65

2027 65 65

2028 65 65

Wonen en Economie

Binnen het programma Wonen en Economie zetten we de verschillende initiatieven, die in eerdere jaren zijn gestart, voort. Deze vragen niet om extra middelen en er zijn ook geen nieuwe ontwikkelingen die in deze Kadernota opgenomen moeten worden.

3.3

Leefomgeving en Veiligheid

3.3.1

Ontwikkelingen bestaand

Wet politiegegevens (WPG) Sinds 2019 is de Wet politiegegevens van kracht. Deze wet is van toepassing op strafrechtelijke informatie-uitwisseling en speelt met name op de terreinen Leerplicht, Stadstoezicht en handhaving Milieu. Uit een onlangs gehouden audit blijkt dat de werkwijze nog onvoldoende controleerbaar is vastgelegd en beschreven. Omdat de capaciteit en expertise hiervoor ontbreekt wordt incidenteel een bedrag van € 35.000 gevraagd om dit in 2025 af te ronden.

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

10 (26)

Meerkosten onderhoud openbaar groen Noord en West In 2024 gaat het integrale groenonderhoud voor West en Noord aanbesteed worden. De huidige bestekken kennen namelijk geen verlengingsoptie meer. Omdat de huidige budgetten deels gebaseerd zijn op het prijspeil van de oude bestekken (2020 West en 2022 Noord), is de verwachting dat het fors duurder wordt. Hier is in het raadsvoorstel bij het omgevingsprogramma Natuur in de Stad (2024-016) al op gewezen. De verwachte meerkosten worden in afwachting van de aanbesteding p.m. geraamd. Daarbij stellen wij u voor de uiteindelijke meerkosten in het eerste jaar ten laste te brengen van de jaarlijkse dotatie aan de reserve betere Buurten. Op die manier ontstaat tijd om de verwachte kostenstijging in de meerjarenbegroting 2026-2029 in te passen. 3.3.2

Ontwikkelingen nieuw

Aanleg vrij liggend fietspad In verband met de ontwikkelingen op en rond de Buizerdlaan/Wijkerslootweg is de aanleg van een vrij liggend fietspad noodzakelijk om de veiligheid van fietsers te waarborgen. Dit is ook in de anterieure overeenkomst voor het bouwplan en het bestemmingsplan vastgelegd. Mede gelet op de verwachte verkeerstoename op de Buizerdlaan. De maximale investering bedraagt, na aftrek van de reeds toegekende subsidie voor bushaltes en een bijdrage van de ontwikkelaars, € 400.000, maar door middel van het aanvragen van provinciale en/of rijkssubsidies wordt getracht externe financiering aan te trekken. De exploitatielasten bedragen maximaal € 12.000 per jaar vanaf 2026 en kunnen worden gedekt uit de middelen uit groei van de stad die zijn gereserveerd voor mobiliteitsbeleid (zie ook hoofdstuk 2). Integrale herinrichting kruising Plettenburgerbaan/MartinbaanPerkinsbaan. Deze herinrichting betreft de uitvoering van de toezegging die is gedaan vanuit de mobiliteitsvisie en het daaropvolgende mobiliteitsprogramma. Het gaat daarbij om de totale reconstructie van het kruispunt inclusief de verkeersregelinstallaties. Met name door de verdere ontwikkeling in Rijnhuizen is het voor de mobiliteit van belang deze kruising her in te richten. De totale investering bedraagt € 2,19 mln..

Hiervan kan een deel (€ 300.000) worden gefinancierd uit een bijdrage vanuit de grondexploitatie Rijnhuizen, een deel (€ 150.000) uit het geactualiseerde beheerplan VRI en voor een bedrag van € 250.000 dat aan subsidies is ontvangen. Er vindt nog onderzoek plaats naar eventuele provinciale subsidiemogelijkheden. De exploitatielasten komen maximaal op een bedrag van € 50.600 per jaar. En ook deze lasten worden gedekt door de middelen uit groei van de stad die voor het mobiliteitsbeleid zijn gereserveerd. Programma Leefomgeving en Veiligheid Wet politiegegevens (WPG) Meerkosten onderhoud openbaar groen Noord en West Aanleg vrijliggend fietspad Buizerdlaan Herinrichting kruising Plettenburgerbaan/Martinbaan Dekking uit middelen groei van de stad mobiliteitsbeleid Saldo progr. Leefomgeving en Veiligheid

2025

2026 35

pm

2027 0

pm

2028 0

pm

0 pm

0

12

12

12

0

51

51

51

0

-63

-63

-63

35

0

0

0

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

3.4

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Vrije Tijd

Binnen het programma Vrije Tijd zetten we de verschillende initiatieven, die in eerdere jaren zijn gestart, voort. Deze vragen niet om extra middelen en er zijn ook geen nieuwe ontwikkelingen die in deze Kadernota opgenomen moeten worden. 3.5

Versterking Eigen Kracht, Ondersteuning en Bescherming

3.5.1

Ontwikkelingen bestaand

Versterking buurtpleinen Uit de evaluatie van het Plan van Aanpak Versterking Buurtpleinen is gebleken dat, vanwege het toegenomen gebruik van de buurtpleinen, extra uren nodig zijn om de sociale veiligheid op de buurtpleinen te garanderen, inwonersinitiatieven adequaat en verantwoord te begeleiden, voldoende ondersteuning aan de gastenteams (vrijwilligers) te bieden en ruime openingstijden te realiseren. Om dat mogelijk te maken is per buurtplein 8 uur extra inzet per week nodig. Dat komt voor de vijf buurtpleinen in totaal neer op € 100.000 per jaar. In de gesprekken in het kader van het traject sluitende meerjarenbegroting zijn wij met Movactor in gesprek over hun rol in het sociaal domein en de middelen die daarvoor nodig zijn. In afwachting van de integrale bespreking daarvan bij de Kadernota 2026 reserveren wij alleen de middelen voor versterking van de buurtpleinen in 2025. Stijgende kosten Jeugdhulp 18Uit de jaarrekening 2023 blijkt dat de werkelijke kosten veel hoger zijn geweest dan de (bijgestelde) begroting 2023. Omdat wij ramen op basis van de werkelijke cijfers uit het jaar t-1 (in dit geval dus 2023) en deze vervolgens indexeren, moeten de ramingen voor 2025 en verder naar boven worden bijgesteld. Dat gaat dan om een bedrag van ruim € 2,4 mln.. Op deze manier houden we ook rekening met de vernieuwde tarieven die sinds de zomer van 2023 zijn ingegaan.

Vooralsnog houden we voor de hele meerjarenperiode met deze stijging rekening. In het kader van het traject sluitende meerjarenbegroting wordt momenteel onderzocht welke optimaliseringsmogelijkheden er zijn. Hierbij wordt dan ook gekeken naar mogelijk voordelige effecten uit de investeringen in het voorliggende veld en mogelijkheden om de techniek van het ramen aan te scherpen. De resultaten daarvan worden in de Kadernota 2026 aan u voorgelegd. WMO uitvoering maatwerk 18+ Ook hier geldt dat de werkelijke kosten in 2023 fors hoger waren dan de ramingen voor dat jaar. En ook nu stellen wij voor deze ontwikkeling naar de begroting 2025 te vertalen. De meerkosten bedragen dan € 723.000 structureel. In het traject sluitende meerjarenbegroting wordt onder andere gekeken naar mogelijkheden om uitgaven in de individuele begeleiding en het “vernauwen” van de toegang tot de zorg. Verder kunnen investeringen in het voorliggende veld ook voor deze voorzieningen op termijn tot lagere kosten leiden. Bij de Kadernota 2026 gaan we hierover verder het gesprek met u aan.

11 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Mantelzorgwaardering Gemeenten krijgen jaarlijks een budget voor het waarderen én ondersteunen van mantelzorgers. Door ons worden mantelzorgers als cruciale schakel in het zorgveld gezien. Omdat het aantal mantelzorgers de afgelopen jaren is toegenomen en het budget de laatste jaren niet, is feitelijk steeds minder budget per mantelzorger beschikbaar om onze waardering en ondersteuning uit te spreken. Om die reden stellen wij voor het budget in 2025 eenmalig met € 13.300 te indexeren. Structurele indexering betrekken wij vervolgens bij de bespreking van de Kadernota 2026 en het traject sluitende meerjarenbegroting. Financiële bijdrage voor ondersteuning mbo-studenten. De mbo-locaties in stad Utrecht werken met het mbo-team van Buurtteam Utrecht. Dit team biedt (onder andere psychosociale) ondersteuning aan de mbo-studenten. Utrecht heeft tot op heden gekozen om de ondersteuning zelf aan alle studenten te bieden en te financieren, ongeacht woongemeente. Vanaf 1-1-2025 heeft Utrecht onvoldoende middelen om deze aanpak volledig zelf te bekostigen. Per 1-8-2025 zal een nieuw regionaal programma, met financiering vanuit het Rijk, van start gaan en de bedoeling is om de kosten van het mbo-buurtteam daarin op te nemen.

Utrecht vraagt om een bijdrage van de gemeenten waarin de mbo-studenten die de ondersteuning gebruiken, wonen voor de periode 1-1-2025 tot 1-8-2025 om zo deze periode te kunnen overbruggen. Het gaat dan om een bedrag van € 55.000 eenmalig. Aanpak ziekteverzuim leerlingen (MAZL) MAZL is een effectieve aanpak van ziekteverzuim voor leerlingen in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en het MBO. Schoolmedewerkers, jeugdartsen en leerplichtambtenaren hebben samen aandacht en zorg voor leerlingen met ziekteverzuim. De problematiek komt vroegtijdig in beeld, waardoor de leerling geholpen kan worden en het ziekteverzuim afneemt. Door inzicht te krijgen in de oorzaken van ziekteverzuim kan dit scholen handvatten geven om langdurig ziekteverzuim te voorkomen. Via de GGD is de basisinzet hiervoor geborgd en via regionale maatwerkafspraken is deze inzet verhoogd. Wij stellen nu voor deze verhoging in 2025 voort te zetten. De kosten hiervan bedragen € 45.000 waarvan een deel (€ 15.700) binnen het in de begroting beschikbare onderwijsbudget kan worden opgevangen. Stopzetten van de extra inzet van MAZL betekent dat scholen zelf een deel van de leerlingen met zorgwekkend verzuim zullen moeten begeleiden zonder de inzet van sociaal -medische expertise vanuit de jeugdarts.

Dat kan leiden tot een toename van dit verzuim, vaker afstromen naar lagere niveaus en een toename van vroegtijdig schoolverlaten. Aanpak zorgfraude Regionaal loopt sinds 2021 de pilot Aanpak Zorgfraude. Eind 2022 is de pilot verlengd tot 1 september 2024. In dat kader is 2 fte toezichthouder en 0,5 fte voor de regio beschikbaar. De kosten (29,2% voor Nieuwegein) waren incidenteel in de begroting verwerkt. Hoewel de evaluatie van de pilot nog moet plaatsvinden stellen wij nu reeds voor structurele middelen voor voortzetting te ramen. Gemeenten hebben namelijk een wettelijke taak als het gaat om de aanpak van zorgfraude en uit een tussenevaluatie blijkt daarvan ook het rendement (raadsbrief met nummer 2023-397). Voor Nieuwegein komen de structurele kosten op € 72.000 per jaar. Mogelijke

12 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

13 (26)

inverdieneffecten zijn (voorzichtigheidshalve) niet geraamd en worden via de tussentijdse rapportages verwerkt. Passende indexering gesubsidieerde instellingen De cao-effecten van grote instellingen als Movactor en Santé 2024 vallen hoger uit dan de indexering waar in de gemeentelijke begroting rekening mee is gehouden. Om verschraling van de dienstverlening te voorkomen hebben wij besloten om deze hogere indexcijfers als onvermijdelijk aan te merken en in de subsidiebeschikking 2024 te verwerken. Dit heeft een structureel effect vanaf 2025. Een indicatieve berekening op basis van de bovengenoemde cao en overgenomen indices uit de septembercirculaire 2023, komt uit op een benodigd extra bedrag van € 300.000 in 2025, dit loopt op tot € 432.000 in 2028. 3.5.2

Ontwikkelingen nieuw

Realisatie buurtplein Kauwenhof In Doorslag is vervanging nodig van het buurtplein in de Parelduiker. De Parelduiker zal in de toekomst worden gesloopt. De locatie Kauwenhof is hiervoor op het oog. Deze locatie wordt in combinatie met de eerstelijnszorg (de Roerdomp) ontwikkeld, met daarbovenop woningbouw voor senioren en plek voor een cafetaria. In dit nieuwe gebouw liggen mooie kansen voor samenwerking tussen Welzijn en Zorg in de vorm van het gezondheidscentrum de Roerdomp. Samenwerking wordt onder andere gezien in warme overdracht van patiënten van de Roerdomp naar Welzijn en korte lijnen tussen welzijn en zorg. Boven komt woningbouw voor senioren. Hierdoor kan ook samenwerking met de bewoners (mogelijk concept Knarrenhof) ontstaan. Bijvoorbeeld in gebruik en vrijwillige ondersteuning van het buurtplein. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken ramen wij vanaf 2026 een bedrag van € 104.000 voor de huur van een ruimte van zo’n 400 vierkante meter.

Programma VEKOB Versterking buurtpleinen Kostenstijging Jeugdhulp Kostenstijging WMO Mantelzorgwaardering Ondersteuning MBO-studenten Aanpak ziekteverzuim leerlingen Aanpak zorgfraude Passende indexering gesubsidieerde instellingen Realisatie buurtplein Kauwenhof Saldo programma VEKOB

2025 100 2.400 723 13 55 29 72 300 0 3.692

2026 0 2.400 723 13 0 0 72 370 104 3.682

2027 0 2.400 723 13 0 0 72 432 104 3.744

2028 0 2.400 723 13 0 0 72 432 104 3.744

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

3.6

Bedrijfsvoering

3.6.1

Ontwikkelingen bestaand

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

14 (26)

Aanbesteding datacenter Ons huidige datacenter bereikt in maart 2025 de contractuele einddatum en dient vernieuwd te worden. Hiervoor is inmiddels een aanbesteding gestart. Daarbij zetten wij in op een constructie waarbij het volledige beheer door de nieuwe leverancier wordt uitgevoerd. Dat betekent dat wij naar een Datacenter-as-a-service gaan. In het meerjareninvesteringsprogramma is de vervangingsinvestering opgenomen waarvan de kapitaallasten ter dekking voor de nieuwe exploitatielasten worden aangewend. De exploitatielasten nemen toe, omdat het beheer als dienst wordt afgenomen. Daar staat een afname van (de inzet van) eigen personeel tegenover. Overall nemen de lasten met € 142.500 toe in 2025, oplopend naar € 285.000 structureel vanaf 2026. Aanpassen Brandweerpost Noord Op basis van inspecties is duidelijk geworden dat er sprake is van enkele veiligheidsrisico’s op de brandweerpost Noord. Dit betreft met name de te smalle deuren (als gevolg van breder worden voertuigen) waardoor beknellingsgevaar ontstaat. En valgevaar wegens een te gladde garagevloer. Oplossen van deze problemen vraagt om een investering van € 300.000 met een jaarlijkse exploitatielast van € 15.000. Aanschaf 2 bedrijfswagens toezichthouders openbaar domein Toezichthouders in het openbaar domein werken veelal op locatie en dienen bij calamiteiten snel ter plaatse te kunnen zijn.

Het huidige aantal wagens dat voor de toezichthouders beschikbaar is is ontoereikend en om die reden wordt voorgesteld het aantal wagens met 2 uit te breiden naar 11. Hiermee wordt voorkomen dat de toezichthouders met eigen auto’s hun werk moeten doen en hun gereden kilometers dan declareren. De investering bedraagt € 60.000 en de exploitatielasten zijn € 6.200 in 2024, oplopend naar € 12.400 structureel. Bijdrage aan Het Utrechts Archief Door een toename van het aantal overgedragen meters archief en hogere indexatie is de bijdrage aan Het Utrechts Archief gestegen. Dat was voor het jaar 2024 reeds eenmalig verwerkt, maar blijkt nu ook structureel te gelden. De lasten stijgen daardoor met € 50.000 per jaar. 3.6.2

Ontwikkelingen nieuw

Geen. Programma bedrijfsvoering Meerkosten nieuw datacenter Aanpassen brandweerpost Noord Bedrijfswagens voor toezichthouders Openbaar Domein Bijdrage Utrechts Archief Saldo programma Bedrijfsvoering

2025 143 0

2026 285 15

2027 285 15

2028 285 15

6

12

12

12

50 199

50 362

50 362

50 362

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

3.7

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Algemene Dekkingsmiddelen

Binnen het programma Algemene Dekkingsmiddelen zetten we de verschillende initiatieven, die in eerdere jaren zijn gestart, voort. Deze vragen niet om extra middelen en er zijn ook geen nieuwe ontwikkelingen die in deze Kadernota opgenomen moeten worden. 3.8

Verbonden partijen

Op 21 juni 2024 neemt de raad, vooruitlopend op deze Kadernota, een besluit over de begrotingen en jaarstukken van verschillende verbonden partijen. Omdat het hier gaat om zogenaamd “verplichte uitgaven” voor de gemeente en wij geen voorstellen aan de raad hebben voorgelegd om niet in te stemmen met (delen van) deze begrotingen hebben we de financiële effecten in de Kadernota 2025 verwerkt. De meeste stijgingen van de bijdragen houden verband met de hogere indexering van lonen en prijzen. Wat de bijstelling van de bijdrage aan de RUD betreft past de kanttekening dat deze incidenteel is. De kosten vanaf 2026 en daaropvolgende jaren volgen uit de fusie met de ODRU waar momenteel aan gewerkt wordt. Voor de WIL is rekening gehouden met de lagere bijdrage die op grond van de conceptbegroting 2025 van de WIL verwacht wordt. Ontwikkelingen verbonden partijen AVU RMN dekking heffingen en voorziening GGD WIL RUD VRU Saldo verbonden partijen

2025 2026 2027 2028 pm pm pm pm 645 645 645 645 -645 -645 -645 -645 157 244 211 94 -620 -620 -620 -620 -18 0 0 0 197 197 197 197 -284 -179 -212 -329

15 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

4

Financieel perspectief geactualiseerd

4.1

Voorlopig begrotingssaldo 2025 - 2028

16 (26)

Als we de basis voor de begroting 2025, zoals in hoofdstuk 2 gepresenteerd, aanvullen met de ontwikkelingen uit hoofdstuk 3 dan ontstaat een nieuw beeld: (bedragen x € 1.000) Saldo na algemene ontwikkelingen Saldo programma Bestuur en Dienstverlening Saldo programma Wonen en Economie Saldo programma Leefomgeving en Veiligheid Saldo programma Vrije tijd Saldo programma VEKOB Saldo programma Bedrijfsvoering Saldo Verbonden partijen Verwacht saldo kadernota 2025

Meerjarenbegroting 2025-2028 2025

2026

2027

2028

-1.262 -65 0 -35 0 -3.692 -199 284 -4.969

-3.377 -65 0 0 0 -3.682 -362 179 -7.307

-2.150 -65 0 0 0 -3.744 -362 212 -6.109

-4.888 -65 0 0 0 -3.744 -362 329 -8.730

Duidelijk wordt dat, boven op de aanpassingen in hoofdstuk 2, het beeld verder is verslechterd. Met name de ontwikkelingen op het terrein van Jeugd en WMO hebben een grote impact. Terwijl ook de blijvend hoge kosten, na periode van hoge inflatie, zich in de begroting door vertaald. Hier staat tegenover dat analyse van de jaarrekening 2023 en de continue controles van de begrotingsadministratie ook enkele voordelen in beeld hebben gebracht. Dat gaat dan bijvoorbeeld om de structureel hogere opbrengsten OZB die wij nu doortrekken naar 2025 en volgende jaren. Maar ook het scherper zicht op de mogelijke inverdieneffecten in het programma Vitale Scholen (subsidies, bijdragen schoolbesturen en toepassen van restwaarden). Het aflopen van de contracten met Citytec eind dit jaar leidt ertoe dat beheer en onderhoud van het areaal aan openbare verlichting flink goedkoper wordt. Verder zien wij al een aantal jaren dat er sprake is van onderuitputting van het BTW compensatiefonds en dat dat vervolgens leidt tot een “nabetaling” aan gemeenten via de algemene uitkering. Gelet op het huidige financiële beeld stellen wij voor om hier op voorhand (voorzichtigheidshalve wel aflopend) rekening mee te houden. De begrotingscijfers voor 2025 zijn gebaseerd op het verwachte aantal inwoners in 2025.

Dat betekent dat de middelen die zijn gereserveerd voor kostenstijgingen als gevolg van de groei van de stad (zie hoofdstuk 2) voor het jaar 2025 kunnen worden ingezet ter dekking. Het begrotingstekort dat uiteindelijk resteert in 2025 onttrekken wij voorlopig aan de algemene reserve. Uit de jaarrekening 2023 blijkt dat de gemeente in staat is om een dergelijk beroep op de algemene reserve op te vangen. Maar, zoals in het bestuurlijk perspectief al aangegeven, blijven wij in aanloop naar de begroting 2025 op zoek naar mogelijkheden om het beslag op de reserve tot een minimum te beperken. Als we deze posten dan betrekken in het actuele begrotingsbeeld dan ontstaat het volgende beeld:

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

Technische maatregelen Saldo Kadernota voor maatregelen Areaaluitbreiding OZB besparingsmogelijkheden Vitale Scholen technische correcties na controles Onderuitputting BC F Overname areaal OV van C itytec Inzetten middelen groei van de stad 2025 Saldo voor resultaatbestemming Inzet Algemene reserve Nieuw saldo Kadernota 2025

D atum 28 mei 2024

2025 -4.969 350 0 pm 1.000 500 935 -2.184 2.184 0

2026 -7.308 350 0 0 800 500 0 -5.658 0 -5.658

17 (26)

2027 -6.109 350 139 255 600 500 0 -4.265 0 -4.265

2028 -8.731 350 139 255 400 500 0 -7.087 0 -7.087

Dit beeld vormt het vertrekpunt voor de opmaak van de meerjarenbegroting 2025. Het wordt steeds moeilijker om de toegenomen opgaven voor ons als gemeente in combinatie met onze eigen ambities voor de stad te realiseren. Die boodschap is niet nieuw maar qua uitdaging wel groter geworden. In het volgende hoofdstuk gaan we dieper in op het traject sluitende meerjarenbegroting (SMB) dat wij eind vorig jaar zijn gestart. Een traject dat in onze ogen nog steeds kan leiden tot maatregelen die op termijn tot een sluitende begroting gaan leiden. Maar dat, gelet op de ontwikkelingen voor 2025, ook nu maatregelen nodig heeft om gestructureerd en zorgvuldig uitgevoerd te kunnen worden.

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

4.2

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Uitkomsten traject sluitende meerjarenbegroting

1. Inleiding Bij de behandeling van de begroting 2024 in november 2023 heeft u met ons gesproken over het plan van aanpak om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting. Per brief van 15 februari (2024-041) hebben we u geïnformeerd over de stand van zaken op dat moment. In deze kadernota 2025 presenteren wij de eerste mogelijke maatregelen om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting, die wij in de begroting 2025 als voorstel kunnen opnemen. Daarnaast geven wij een beeld van de zoekrichtingen die wij zien in aanloop naar de kadernota 2026. Ook lichten wij de onderzoeken naar dekkingsmogelijkheden toe die momenteel lopen. 2. Financieel beeld na deze kadernota Ten opzichte van het meerjarenperspectief in die brief is er een aantal wijzigingen. Dat is met name de structurele doorwerking van de mutaties in de begroting vanuit deze kadernota en de Voorjaarsnota van het Rijk. De verdere doorkijk naar het perspectief ziet er nu als volgt uit:

Het perspectief voor de jaren 2025 tot en met 2028 wordt toegelicht in de hoofdstukken 2 en 3. Voor het perspectief daarna geldt dat er in de meeste jaren een verdere verslechtering van het perspectief ontstaat. Dat is het saldo van de structurele doorwerking van de kadernota aan de ene kant en het vervallen van de opschalingskorting en een aantal technische maatregelen aan de andere kant. 3. Mogelijke maatregelen voor 2025 Onderstaande maatregelen zijn vanuit het traject sluitende meerjarenbegroting concreet in beeld. Deze kunnen wij in aanloop naar de begroting 2025 verder

18 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

19 (26)

uitwerken, waarmee deze onderdeel kunnen worden van de besluitvorming bij de begroting 2025. Hierbij wordt ook een indicatie van de verwachte opbrengst gegeven. Deze mogelijke maatregelen leveren indicatief een bijdrage van € 560.000 aan het meerjarenperspectief. Programma Wonen en Economie Thema Wonen Woonbeleid Routekaart energie, subsidie klimaat en energiebeleid, klimaatadapatie Thema Economie Economisch beleid en bedrijfscontacten

indicatie bedrag 2025

Minder onderzoeken uitvoeren vanwege uitstel nieuwe wetgeving Dekken personele lasten uit rijkssubsidie

75.000

250.000 Minder inzet t.b.v. binnenstadsmanagement en loket ondernemers

Programma Versterking eigen kracht, Ondersteuning en Bescherming

155.000 indicatie bedrag 2025

Thema Versterking eigen kracht Onderzoek- en facilitaire Minder onderzoeken uitvoeren t.b.v. uitgaven sociaal domein sociaal domein Programma Bestuur en Dienstverlening

45.000 indicatie bedrag 2025

Thema Dienstverlening Publieks- en persvoorlichting Verminderen frequentie gemeentepagina

35.000

4. Zoekrichtingen voor 2026 Zoals aangegeven in het plan van aanpak volgen wij de lijn dat wij de begroting analyseren op wettelijke en autonome taken. Bij de autonome taken willen wij -zo veel als mogelijk - samen met stakeholders op zoek gaan naar mogelijkheden tot ombuigingen. Wij sluiten geen mogelijkheden uit in deze fase maar zijn wel eerst op zoek naar thema’s die kansen moeten kunnen bieden tot ombuigingen. Daarbij richten wij ons op dit moment concreet op de volgende onderwerpen: Programma Wonen en Economie Thema Wonen Planontwikkeling Routekaart energie, klimaatDuurzaamheidsambities temporiseren en energiebeleid, klimaatadapatie Handhaving milieu en bouwen Onderzoek naar bijstellen beleid en ambitieniveau, gemeentelijk en bij omgevingsdienst. Cluster dieren (kinderboerderij, * Onderzoek naar beleid dierenwelzijn na afloop dierenweides, dierenwelzijn) huidig actieprogramma in 2026. * Heroverwegen subidiëring dierenvoedsel * Onderzoek naar commerciële uitbating kinderboerderij IJsselstee

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

20 (26)

* Onderzoek naar centraliseren dierenweides bij IJsselstee Programma Leefomgeving en veiligheid Thema Leefomgeving Openbaar groen algemeen Wegen algemeen Nader onderzoek naar mogelijkheden Plaagdierenbestrijding (advies Minder gemeentelijke inzet op dit onderdeel e.d.) Kabels en leidingen derden Onderzoek naar mate van kostendekkendheid leges Betaald parkeren Keuzes mogelijk van afschaffing betaald parkeren tot tariefsverhogingen; verkopen garages en uitbesteden werkzaamheden. Verkeersregelinstallaties Onderzoek mogelijkheid opheffen verkeerslichten op rustige locaties. Reclame Mogelijkheden voor meer inkomsten onderzoeken Mobiliteitsmetingen Veerdienst Infra civieltechnisch Walstroombeheer

Nader onderzoek naar mogelijkheden Mogelijkheden in subsidiëring? Onderzoeken kosten voor verwijderen graffiti van kasten en tunnels. Onderzoek kostendekkende tarieven

Programma Vrije tijd Evenementenbeleid, evenemententerrein, citymarketing Programma Versterking eigen kracht, Ondersteuning en Bescherming Thema Versterking eigen kracht Subsidies vrijwilligerswerk en Met stakeholders in gesprek over mogelijkheden welzijn Thema Ondersteuning Cluster voorzieningen * Vervoer 18+ (Wmo/welzijn/sport/cultuur) * Ambitie en kwaliteitsniveau gesubsidieerde voorzieningen * Welzijns- en vrijwilligerssubsidies inclusief bibliotheek: met stakeholders in gesprek over mogelijkheden * Sportstimulering, buurtsportcoaches * De KOM: met stakeholder in gesprek over mogelijkheden, bijvoorbeeld genereren extra inkomsten Cluster jeugd Taskforce voor voorstellen om tenminste de jaarlijkse stijging in te dammen. Maar ook om te onderzoeken of daarnaast er interventies mogelijk zijn die kunnen bijdragen aan het dichten van het ‘gat in de begroting’. Zoekrichtingen binnen dit mandje zijn: * Overige kosten * Samen veilig * Leerlingvervoer: kijken naar mogelijkheden stoppen vervoer i.v.m. geloofsovertuiging * Uitgaven jeugdzorg

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Cluster bestaanszekerheid

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

21 (26)

* Intensivering aanpak jongeren, mogelijk ook versterken om jeugdhulp te voorkomen Onder dit cluster vallen de volgende zoekrichtingen: * Collectieve Minimaregelingen * Individuele minimaregelingen

Programma Bestuur en Dienstverlening Thema Bestuur Internationale samenwerking Bijstellen ambitie of stoppen vanaf 2026 en lokale organisaties Wijkgericht samenwerken Benodigd budget voor handgeld wijkcoördinatoren

Programma Bedrijfsvoering Thema Bedrijfsvoering Kosten betalingsverkeer, fiscale advisering, P&Cdocumenten

Nader onderzoek naar mogelijkheden en gevolgen voor beheersing fiscaliteit

Bovenstaande zoekrichtingen zijn impactvolle maatregelen die zorgvuldig moeten zijn voorbereid en waar mogelijk afgestemd met stakeholders. Dit maakt dat er nu nog geen concrete bedragen inzichtelijk gemaakt kunnen worden. Dat inzicht zal in de aanloop naar de kadernota 2026 gaan groeien naarmate gesprekken vorderen. Voor deze zoekrichtingen zijn taskforces ingericht en aan de slag. De keuze voor zoekrichtingen betekent overigens niet dat de andere terreinen niet langer in beeld zijn. Het betekent ook niet dat we op deze thema's zeker zullen kiezen voor een ombuigingsmaatregel. Maar om de beschikbare capaciteit gericht in te zetten kiezen wij ervoor vooralsnog een eerste schifting aan te brengen. Het staat u vanzelfsprekend vrij om bij de kadernota andere keuzes aan te dragen. 5. Plenaire stakeholder bijeenkomsten Op 8 en 9 april zijn stakeholder bijeenkomsten gehouden. Toen waren de nieuwste inzichten nog niet beschikbaar dus stakeholders zijn meegenomen in het oorspronkelijke financiële beeld uit eerdergenoemde raadsinformatiebrief. In de lopende gesprekken met stakeholders zal dat financiële beeld op basis van de voorliggende kadernota moeten worden bijgesteld.

6. Inkomsten en dekkingen In de afgelopen periode hebben we ook de mogelijkheden verkend om de inkomsten te verhogen. Wij zetten steeds meer in op het verkrijgen van subsidies en specifieke uitkeringen ter (gedeeltelijke) dekking van uitgaven en zetten deze lijn maximaal voort. Verder laten we onderzoeken welke mogelijkheden momenteel niet worden benut en of we aanvullende kosten aan bestaande leges kunnen toerekenen. De belastingopbrengsten zijn een mogelijkheid om extra inkomsten te genereren en in de komende periode werken wij een aantal scenario’s uit voor mogelijke belastingverhogingen waarbij we dit relateren aan de totale lastendruk voor onze

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

22 (26)

samenleving. We beschouwen de mogelijkheden dus ook in relatie tot elkaar en tot het uiteindelijke effect voor diverse doelgroepen. Tabel zoekrichtingen inkomsten en dekking: Zoekrichting

Korte toelichting

Onderzoek naar mate van Betrekken wij alle kosten bij de berekening van de tarieven kostendekkendheid van van de heffingen (afvalstoffen en riool) en leges? heffingen en leges Onderzoek naar Zijn de kosten die wij in rekening brengen voor deze kostendekkendheid van onderdelen kostendekkend? werken voor derden openbaar domein (inritten, huisaansluitingen) Scenario’s tarieven OZB Mogelijke scenario’s met betrekking tot de tarieven van de OZB worden in kaart gebracht. Te betrekken bij de kadernota 2026. Inkomsten uit verhuur Soms koppeling met verstrekking subsidie. Soms ook (sport)accommodaties. contractuele afspraken. Tarieven verhogen. Inkomsten betaald parkeren Onderzoek met externe partij loopt. (straat en/of garage) Tarieven kabels en leidingen Zijn de tarieven die wij hiervoor vragen kostendekkend, ook rekening houdend met toekomstige kosten? Zijn er nog onbenutte Kunnen wij via de legesverordening dienstverlening in mogelijkheden voor het heffen rekening brengen bij aanvragers of gebruikers, waar we dat van leges? nu nog niet doen? Zijn er meer mogelijkheden Kunnen wij kosten in rekening brengen bij voor kostenverhaal op belanghebbenden? (met name ook in het kader van de andere/private partijen? nieuwe Omgevingswet)

7. Technische mogelijkheden Naast de inhoudelijke ombuigingsrichtingen en inkomsten/dekkingsmogelijkheden, onderzoeken wij ook de mogelijkheden van financieel-technische maatregelen die een bijdrage kunnen leveren aan een sluitend meerjarenperspectief. Dit zijn maatregelen die niet leiden tot een aanpassing van het beleid. Zoekrichtingen op dit onderdeel zijn in ieder geval de volgende onderwerpen. Zoekrichting

Korte toelichting

Onderzoek raming algemene uitkering

Op welke manier kan de algemene uitkering worden geraamd zodat die beter aansluit bij de kostenontwikkeling (inflatie) en loonsomstijging en bij de nieuwe systematiek van volumeontwikkeling in het gemeentefonds? Dit heeft een relatie met de nu geraamde middelen voor financiële groei van de stad. Kan er ruimte worden gevonden door op een andere manier om te gaan met stortingen en onttrekkingen aan reserves? In de jaarrekening zien we geregeld dat de uitgaven in een bepaald jaar lager uitkomen dan vooraf begroot. Op onderdelen van de begroting kan worden onderzocht of een andere wijze van ramen mogelijk is. Hierdoor neemt wel het risico op tegenvallers toe. Voor de begroting 2025 wijzigt de definitie van de overhead voor gemeenten. Onderzocht wordt wat de gevolgen daarvan zijn voor Nieuwegein. Daarbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden van doorrekening van overhead naar tarieven en investeringen.

Gebruik reserves Wijze van begroten

Berekening overhead

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

8. Verbonden partijen Aan de verbonden partijen is een brief gestuurd waarin aandacht is gevraagd voor de financiële situatie. In de zienswijzen bij de begrotingen 2025 wordt hier ook aandacht voor gevraagd. De besturen van de verbonden partijen zullen worden gevraagd om voor iedere verbonden partij nader te onderzoeken wat mogelijke bezuinigingsmogelijkheden zijn. Mogelijkheden worden betrokken bij de hierboven benoemde zoekrichtingen. Naam Gemeenschappelijke regelingen Afvalverwijdering Utrecht (AVU)

Vervolgacties

Verwerkingscontracten voor bepaalde afvalsoorten onderbrengen bij Cirkelwaarde Op korte termijn wordt contactbeheer versterkt en efficiënter georganiseerd. Voordeel landt wsch. in begroting 2026 e.v.. Reinigingsbedrijf Midden Nederland Te onderzoeken opties: uitvoeringsniveau (RMN) (via DVO), optimaal scheiden en contract restafval. Belastingsamenwerking gemeenten en Heffing en invordering gemeentelijke hoogheemraadschap Utrecht (BghU) belastingen door BghU. Beperkt beïnvloedbaar: proces kent veel wettelijke vereisten. GGD regio Utrecht (GGDrU) Geen zoekrichting op dit moment. Recreatieschap Stichtse Groenlanden Met de (partners in de) GR onderzoeken of (SGL) ambities bijgesteld kunnen worden. Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht 2.0 Zoekrichting handhaving milieu en bouwen (RUD) Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Geen zoekrichting op dit moment. VRU probeert de nullijn te hanteren. Werk en Inkomen Lekstroom (WIL) Zoekrichting cluster bestaanszekerheid. Vennootschappen N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Vitens N.V. N.V. Sportinrichtingen Nieuwegein (Verbindion) Coöperaties Coöperatie Parkeerservice UA Coöperatie Het Klooster UA Stichtingen en verenigingen Stichting Beschut Werk Lekstroom (WerkwIJSS) Stichting Binnenstadsmanagement Nieuwegein Vereniging van Eigenaars Stadshuis (VvE Stadshuis) Overige 'verbonden' partijen RBL Leerplicht/RMC RVS/RIEC Netwerk Water & Klimaat

Niet van toepassing Niet van toepassing Zoekrichting Merwestein

Zoekrichting betaald parkeren Niet van toepassing

Geen zoekrichting op dit moment Zoekrichting economisch beleid en bedrijfscontacten Mede gelet op verbouwing Atrium geen onderzoeksrichting op dit moment.

Zoekrichting leerplicht Geen zoekrichting op dit moment Zoekrichting Routekaart Energie.

23 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

10. Vervolgplanning tot en met begroting In de begroting verwerken wij de nieuwste financiële inzichten en de uitwerking van de in de kadernota opgenomen richting. Ook de structurele doorwerking uit de bestuursrapportage 2024 wordt hierin verwerk. Dit geeft een nieuw uitgangspunt voor de stand van zaken in de aanloop naar de kadernota 2026. De planning hiervan is als volgt: • • •

Besluit college is op 1 okt (om de septembercirculaire te kunnen verwerken is met de griffie de afspraak dat de begroting op 3 oktober aan de raad wordt verstuurd). Avond voor de stad 24 okt Besluit raad is 7 november 11. Vervolgplanning na begroting

In de aanloop naar de kadernota 2026 willen wij intensiever de raad informeren over de stand van zaken van het project sluitende meerjaren begroting en in gesprek over de mogelijke zoekrichtingen in opmaat naar het voorstellen van concrete keuzes in de kadernota 2026. De opzet hiervan is als volgt: • Half december informatieavond/dialoog • Half april 2025 informatieavond/dialoog • Half mei - Avond voor de stad voorbereidend op kadernota

24 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

5

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Doorontwikkeling P&C cyclus

Op basis van de kadernota 2024 heeft u ingestemd met een aantal maatregelen die bijdragen aan het versterken van de (financiële) sturing vanuit uw raad op verschillende P&C documenten. Omdat de werking van deze maatregelen pas na het doorlopen van een complete P&C cyclus (van kadernota, via begroting en tussentijdse rapportages naar jaarrekening) duidelijk wordt introduceren wij in de Kadernota op dat vlak geen nieuwe initiatieven. Wel willen wij met u de afspraken over het overhevelen van budgetten en de jaarlijkse verdeling van de extra financiële middelen als gevolg van de groei van de stad herijken en vastleggen. 5.1

Budgetoverhevelingen

De afgelopen jaren is er sprake geweest van een groot aantal budgetoverhevelingen bij zowel de jaarrekening als in de 2e technische wijzigingen. De reden hiervoor verschilt van het laat ontvangen van geoormerkte Rijksmiddelen tot het niet hebben kunnen uitvoeren van de beoogde werkzaamheden. Ook zijn in deze raadsperiode middelen beschikbaar gesteld voor een periode van 4 jaar, met daarbij de afspraak dat ze voor de gehele raadsperiode beschikbaar blijven. In al deze gevallen is het voornemen om deze middelen in het volgende begrotingsjaar alsnog te besteden, vaak in aanvulling op bestaand budget. In de uitgangspunten voor budgetoverhevelingen is op dit moment vastgesteld dat een budgetoverheveling moet voldoen aan in ieder geval één van de volgende voorwaarden: 1)

De opdracht is gegeven/verplichting is aangegaan maar de werkzaamheden nog niet zijn uitgevoerd/gefactureerd;

2)

Het budget heeft een directe relatie met een doeluitkering of een subsidiebeschikking. Het niet overhevelen heeft tot gevolg dat er terugbetaald moet worden of het budget is gedekt uit een reserve;

3)

De opdracht is niet gegeven/de verplichting is niet aangegaan, de geplande werkzaamheden zijn door omstandigheden nog niet uitgevoerd;

In de praktijk is met name voorwaarde 3 zeer ruim te interpreteren. Deze is onder andere aangehaald in situaties van onvoldoende capaciteit en vertraging in de fasering van werkzaamheden. Hoewel deze middelen dan alsnog benut kunnen worden voor het oorspronkelijke doel is hierbij ook de vraag te stellen in hoeverre het reëel is om deze zo frequent en soms meermaals mee te nemen over jaarschijven heen. Waar het overhevelen van budget wenselijk kan zijn om ambities alsnog te realiseren, beperkt het ook de flexibiliteit en mogelijkheid om resterende middelen voor andere doeleinden te benutten. In combinatie met het negatieve financiële perspectief voor de aankomende jaren wordt zodoende voorgesteld om de criteria voor budgetoverhevelingen aan te scherpen. Nieuwe criteria: Overhevelingen zijn mogelijk als: 1)

De opdracht is gegeven/verplichting is aangegaan, maar de werkzaamheden nog niet zijn uitgevoerd/gefactureerd en niet ten laste van het budget in het latere jaar kunnen komen.

25 (26)

Kadernot a 2025 Raadsnummer 2024-061

2)

Versie definitief

D atum 28 mei 2024

Het budget een directe relatie met een incidentele doeluitkering, subsidie of andere bijdrage heeft. Niet overhevelen leidt anders tot een noodzakelijke activiteit zonder hiervoor bestemd budget.

Met deze afspraken wordt de mogelijkheid tot overhevelen behouden, maar beperkt tot het noodzakelijke. Qua uitvoering stellen wij dan voor dat overhevelingen die betrekking hebben op “eigen middelen” die in de begroting zijn opgenomen, zoveel mogelijk via de 2e technische wijziging worden besloten en dat alleen middelen die (te) laat vanuit het Rijk worden ontvangen via de jaarrekening kunnen worden overgeheveld. Wij nemen dit op in de actualisatie van de financiële beheersverordening die in september 2024 aan u wordt voorgelegd. 5.2

Allocatie (financiële) middelen groei van de stad

Bij het vaststellen van de nota duurzaam financieel evenwicht in november 2020 hebben wij afspraken gemaakt over het ramen van de extra middelen die beschikbaar komen als gevolg van het feit dat onze stad harder groeit dan landelijk gemiddeld. De eerste afspraak in dat kader was dat deze extra middelen op voorhand worden geraamd en niet langer in beeld komen bij het afsluiten van een begrotingsjaar. Op die wijze kunnen die extra middelen namelijk ook betrokken worden bij de afwegingen in een Kadernota voor enig begrotingsjaar. De tweede afspraak was dat 20% van die middelen bestemd worden voor het inlopen van achterstanden en dan met name die op het gebied van mobiliteit. 80% van de middelen is beschikbaar van de extra lasten die voortvloeien uit de groei van de stad en het aantal inwoners. Deze 80% werd vervolgens naar rato van de omvang van een programma beschikbaar gesteld. Vorige jaar bij de behandeling van de Kadernota 2024 werd duidelijk dat de lastenstijgingen als gevolg van de groei van de stad geen jaarlijks lineair verloop kennen. Stijging van kosten wordt in gevallen pas na enkele jaren zichtbaar, of kan pas na verloop van tijd in een exacte raming vertaald worden.

Om die reden kiezen wij er nu voor om de extra middelen die voor het jaar 2025 beschikbaar zijn (het 80% deel) in te zetten voor dekking van het tekort in 2025 en de middelen voor 2026 en volgende jaren vooralsnog beschikbaar te houden. Elk jaar bij het opmaken van de Kadernota kan dan worden bezien welk deel van de middelen nodig zijn om lastenstijging als gevolg van groei van de stad te dekken.

26 (26)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=5fda0850-2892-4453-88f2-3c751d7dc55d