2023-357 Bijlage 2 Advies ASD Beleidskader Jeugd 2023 - 2028
Tekst van het document
2023-357 Bijlage 2
Adviesraad Sociaal Domein Nieuwegein
Betreft: Advies over concept Beleidskader Jeugd 2023-2028 Datum: oktober 2023 Contact: h.bakker@nieuwegein.nl
Geacht college, De Adviesraad Sociaal Domein geeft graag zijn advies op het concept Beleidskader Jeugd 2023-2028. Allereerst spreken wij onze waardering uit voor de nieuwe vorm van de nota, die is opgesteld met partners in de stad, waarbij ook regelmatig contact met de ASD is geweest. Dat daarin ook aandachtspunten zijn meegenomen uit ons ongevraagde advies ‘18-/18+’ van 8 december 2020 vindt de ASD een goede ontwikkeling. Onze wens om de Jeugdzorg in te bedden binnen het totale domein van het Jeugdbeleid krijgt met dit Beleidskader steeds meer vorm. De keuze voor een integrale benadering van de jeugd, aansluitend op de leidende principes van de koers sociaal domein, kunnen wij volledig ondersteunen. Het is goed dat de gemeente kiest voor een brede aanpak. Deze start bij preventie door het bieden van een goede sociale basis. Jeugdigen en gezinnen die ondersteuning wensen kunnen gebruik maken van vrij toegankelijke voorzieningen waarvoor geen indicatie nodig is. En tenslotte is er daar waar nodig een goede toeleiding naar de jeugdzorg. Hieronder gaan we nader in op de keuzes die de gemeente hierin maakt.
In de regels kan worden opgenomen dat jongvolwassenen in principe met 18 jaar uit de jeugdhulp gaan, maar niet zonder een goede toeleiding naar een toekomstplan, waarin minimaal aandacht is voor ondersteuning, huisvesting, school/werk, inkomen/schulden en gezondheid (perspectiefgericht werken). Nadruk op preventie Wij ondersteunen ten volle de nadruk die wordt gelegd op preventie. Opgroeien in onze samenleving start bij het gezin, de liefdevolle opvoeding van ouders/verzorgers en mensen die belangrijk zijn zoals familie, buren, geloofsgenoten, de trainer in de sportclub en zo meer. Daarnaast is er een stelsel van voorzieningen. Dat begint al bij de zorg rondom de geboorte van een kind en het opgroeien in de eerste levensjaren. Investeren in goede voorzieningen die voor alle kinderen van belang zijn, zoals gezondheidszorg, kinderopvang en onderwijs is daarom essentieel. Kinderen moeten kunnen sporten of een andere hobby kunnen uitoefenen. Ook bij een laag gezinsinkomen. Kinderen die opgroeien in een prettige buurt waar je bijvoorbeeld buiten kunt spelen of sporten, hebben meer mogelijkheden om zich te ontwikkelen, sportief of juist in creatieve mogelijkheden. De beste preventie is een goed stelsel van voorzieningen dat een kind helpt op te groeien, zich te ontwikkelen en dat eventuele storingen daarin kan signaleren. U noemt dat in uw beleidsnota de “sociale basis”.
Gezien het grote belang dat de gemeente hecht aan het investeren in een goede basis, zou het voor ons helpend zijn als de gemeente
duidelijk zou maken, bijvoorbeeld in een bijlage, hoe hierin wordt voorzien. Nu blijft het voor ons onduidelijk of maatregelen die volgens ons helpend zijn in het versterken van een goede basis, vanuit de gemeente worden ondersteund, al dan niet samen met het onderwijs (denk aan een schoollunch, schoolzwemmen of aandacht voor lhbti op de basisschool). Mogelijk kan een inventarisatie op alle aangrenzende terreinen (sport, buitenruimte, gezondheid, veiligheid etc etc) ook helpend zijn om de inzet van middelen op deze terreinen optimaal te laten bijdragen aan de doelstellingen van het jeugdbeleid. Naast risicofactoren is het goed juist aan de beschermende factoren te werken, ter voorkoming van een doorstroming naar zwaardere vormen van jeugdhulp. Uiteraard blijft een goede toeleiding naar jeugdhulp noodzakelijk voor een deel van onze inwoners, maar ook het streven naar een afbouw indien mogelijk mag van ons worden benoemd. De brede aanpak met en vanuit andere terreinen is goed. Met u vinden we het aandeel van jongeren met psychische klachten in Nieuwegein zorgelijk. Dat bijna 6 van de 10 jongvolwassenen in Nieuwegein psychische klachten heeft is verontrustend.
We vragen ons af of deze klachten voor een flink deel voorkomen zouden kunnen worden, bijvoorbeeld wanneer de bestaande pestprotocollen op scholen en op andere plaatsen ook daadwerkelijk zouden worden ingezet in plaats van dat deze, wat nu geregeld de praktijk is, een slapend bestaan leiden. We moeten volwassenen blijven bevragen op dit proces van preventie, bewaken en borgen. Het zou prima in lijn passen in de ontwikkeling van inclusiebeleid van dit moment. Jeugdigen leren en ontwikkelen zich Bij het versterken van het opvoedklimaat wordt terecht ook de bibliotheek genoemd als een plek voor de ontwikkeling van kinderen/jongeren en jeugdigen. Bijvoorbeeld als het gaat om huiswerkbegeleiding. Wij zien hier bredere mogelijkheden voor tal van culturele en sportieve activiteiten. Koppel de buitenschoolse activiteiten aan alle plekken waar de jeugd na school naar toe gaat. Verenigingen, de moskee, de kerk, misschien ook in de buurtcentra met jongerenwerk. De koppeling van school aan huiswerkbegeleiding / studiebegeleiding en daarna de verenigingsactiviteit biedt meerdere voordelen. Leren in ontmoetingen, ontwikkelen van sociale vaardigheden en weg van individualisering. Tegelijkertijd biedt het ondersteuning aan werkende ouders, kan het helpend zijn bij de kostenbewaking binnen het gezin en zijn verenigingen gebaat bij groei.
Niet alleen de Stadspas maar ook extra investering in activiteiten voor jongeren bieden sociaal en financieel rendement. Extra aandacht en ondersteuning van gezinnen met een lager inkomen lijkt ons zeker gepast. Jeugd- en jongerenwerk De kern van het beleidskader gaat uit van een sterke sociale basis met goede (gratis) voorzieningen waar jongeren en ouders gebruik van kunnen maken. De vraag of voor het bereiken van betere buurten en meer leefbaarheid en veiligheid meer jeugd- en jongerenwerkers nodig zijn, wordt onzes inziens zeer terecht gesteld. Wij ontvangen uit de stad veel positieve signalen over het jeugd- en jongerenwerk door Movactor. Volgens onze informatie zijn er nu acht jongerenwerkers actief in Nieuwegein. Vergelijken we de verhoudingen met de stad Utrecht, dan zouden we voor onze inwoners toe moeten naar in ieder geval 16 jeugd- en jongerenwerkers. En wellicht 20 vanwege de geschetste problematiek ten aanzien van de leefbaarheid en veiligheid en het tegengaan van de kansenongelijkheid in specifieke gebieden. Bovendien kunnen dan ook de uren buiten kantoortijd, ziekte en verlof worden opgevangen. Onze jeugd, van 3 tot 27, verdient onze extra aandacht en inspanning. Het is goed dat hierbij het internationale verdrag voor de rechten van het kind centraal wordt gesteld door Movactor.
Investeren in goede jongerenwerkers rendeert. We voorkomen dat jongeren in veel gevallen in de duurdere trajecten van intensieve zorg terechtkomen. En we voorkomen verval in crimineel gedrag, verslavingsproblematiek, waaronder gokken, drugs- en drank. Misschien ook dat van daaruit een goede link naar de scholen kan worden gelegd zodat van meerdere kanten in goede samenwerking onze jeugd positief kan worden begeleid. Daarnaast horen we dat jongeren na beëindiging van een traject onder toezicht van de kinderrechter in een groot gat vallen. Ook hier zou opvang door goede jongerenwerkers en andere ter zake kundigen een vangnet kunnen bieden. Voor deze groep maar ook voor daklozen, is een dergelijke preventieve zorg bovendien een besparing van kosten verderop in het traject waar zij anders mogelijk in terecht komen. Ontmoetingsplek voor jongeren Bijzondere aandacht verdient het creëren van ontmoetingsplekken voor jongeren, zoals een jongerencentrum of een jongerenhonk; een plaats van ontmoeting en dus van leren. Een plek waar jongeren uit hun isolement en uit de social media gehaald worden en waar betrokken jongerenwerkers hun kracht verder kunnen ontwikkelen. De kracht zit hier in de preventie. Jongeren blijven weg van verlokkingen van criminaliteit en diverse verslavingsproblematieken, aangewakkerd door de huidige overkill van social media.
Samen zijn, samen leren, samen vormen, weg van de individualisering die zoveel problemen veroorzaakt, waaronder vereenzaming. Een groot nationaal onderzoek van NPO3, 3FM, HUMAN en stichting MIND van september 2023 toont aan dat veel jongeren mentale/psychische problemen hebben. Pestgedrag op school, somberheid en angstige gevoelens, frustratie door het gevoel achter te blijven bij leeftijdgenoten, waardoor ze anderen gaan mijden en daardoor vereenzamen. We moeten de middelen inzetten om de jeugd uit deze vicieuze cirkel te halen. Eén op de drie jongeren valt volgens dit onderzoek uit, op school of werk. Stress die ze, vaak uit schaamte, moeilijk delen. Geen hulp durven vragen, dat taboe heerst nog steeds. Ook de prestatiedruk en, op latere leeftijd, het niet kunnen vinden van een woning blijken sterke factoren te zijn. Het bieden van een sociaal vangnet is een aanzienlijk deel van de oplossing, delen van de problemen geeft lucht. De vlucht van veel jongeren in drugs en andere middelen om die stress tijdelijk opzij te zetten is niet de weg. Zeven op de tien ouders herkennen de problemen. Dat kan de basis zijn om in Nieuwegein steun te vinden voor nieuwe plannen.
Wij geloven in de ontmoeting met elkaar, ondersteund door jeugd- en jongerenwerk, om de eenzaamheid en de stress, ingegeven door gevoelde prestatiedruk, samen te kunnen delen, waardoor de druk af neemt en nieuw perspectief wordt geboden. Waarbij jongeren meekrijgen dat ze er bijhoren en er mogen zijn, passend in de inclusiegedachte die onze stad wil uitstralen en waar momenteel ook hard aan wordt gewerkt. Er lijkt zich nu in onze gemeente een unieke kans voor te doen met het mogelijk vrijkomen van het Henkel-terrein. Kan dit een plek zijn voor een jongerenhonk of evenemententerrein? Wellicht in combinatie met de wens van de inwoners (AD 2-10-23) om een groot skatepark te realiseren? Betrekken van ouders en opvoedingsondersteuning Een vraag die bij ons nog leeft ten aanzien van het voorkomen van alledaagse opgroeien opvoedproblemen is of ouders wel in alle gevallen samen willen komen. Er kan sprake zijn van gevoelens van schaamte. Hoe kan dat worden ondervangen? Wij ondersteunen het uitgangspunt dat de jeugdige en het gezin zoveel mogelijk eigen regie hebben en daarmee zelfredzaam zijn, blijven of worden gemaakt. Dit zet ouders en
hun kinderen/jeugdigen in hun eigen kracht. Zij moeten zelf aangeven - en dus niet alleen de begeleidende partij - wat wel of niet helpend is. Niet alleen praten over maar juist praten mét. We tekenen daarbij aan dat er groepen ouders zijn die daarbij extra ondersteuning nodig hebben omdat zij door barrières in financiën, cultuur, taal en/of opleiding niet de tools hebben om dat zonder hulp goed vorm te geven. We ondersteunen dan ook van harte dat er gepleit wordt voor lichte en laagdrempelige opvoedondersteuning. Grip op de jeugdhulp Nieuwegein kan beschikken over een goede jeugdhulp, die in samenwerking met de Lekstroomgemeentes wordt ingekocht. Het is goed dat er gebruik wordt gemaakt van verschillende gegevens om in beeld te houden of dat wat de gemeente aan beleid inzet er ook toe doet. Daarbij zijn de benoemde indicatoren zeker helpend, waarbij sommige indicatoren nog nader uitgewerkt moeten worden. Om de totale beweging, met name gericht op het voorkomen of verkorten van (intensieve) ondersteuning, beter in beeld te brengen, denken wij het goed zou zijn om meer indicatoren te benoemen die een beeld geven van de beschermende factoren.
Zoals het aantal kinderen dat wordt bereikt met huiswerkbegeleiding; het aantal plekken voor huiswerkondersteuning (buurt, bibliotheek, moskee, verenigingsgebouw); het gebruik van de Stadspas voor culturele en sportieve activiteiten; het aantal door jongeren zelf ontwikkelde activiteiten; welke organisaties in sport en cultuur organiseren groepsvormende activiteiten voor jeugd en jongeren (oudere jeugd traint jongere jeugd, disco Parkhout etc.)? en zo meer Door deze activiteiten in één kader af te wegen, ontstaat een beter beeld van de totale activiteiten waarop de gemeente kan (bij)sturen en de middelen die de gemeente hiervoor in wil zetten. Tenslotte hebben wij nog een aantal losse overwegingen als aanvulling op ons advies, die we graag willen meegeven bij het opstellen van de beleidskaders: • Levensloopbegeleiding Er loopt/liep een landelijke pilot met een 19-tal gemeenten in levensloopbegeleiding, naar verluid met een aangetoond rendement van 4%. Het lijkt ons de moeite waard hier goed naar te kijken, te bezien of aansluiting bij een dergelijk traject helpend zou kunnen zijn. Met name voor een deel van de jongeren die te maken hebben met ggzproblematiek. Het zou ondersteuning vanuit eigen regie geven, continuïteit in begeleiding waar dat nodig is. Daarmee zijn mogelijk de nadelen van personele wisselingen en tekorten deels op te vangen.
• Dakloze kinderen De eerste Nederlandse ETHOS telling dak- en thuisloosheid van Kansfonds en Hogeschool Utrecht in Noordoost-Brabant (5 oktober 2023) laat zien dat kinderen en jongeren een steeds groter aandeel vormen binnen het totaal aantal daklozen (ruim 40%). Wij zien dit als een signaal van een trend die mogelijk ook in onze regio gaande is en die gevolgen kan hebben voor de vraag naar ondersteunende capaciteit. • Behoud van specialisten Om consistentie in de jeugdhulpverlening te krijgen is het goed als er aandacht wordt geschonken aan het vasthouden van goed functionerende beleidsmedewerkers/ hulpverleners. Worden er intern voldoende maatregelen genomen om te stimuleren dat mensen aan boord blijven en niet te snel, om welke reden ook, “naar een nieuwe uitdaging gaan”?
• Opleiding Wellicht is het goed om in Lekstroom en/of U-16 verband of met de VNG, samen met de opleidingsinstituten, te bespreken of men daar wel de mensen opleidt waar de praktijk om vraagt. Juist daar is het nodig om nu al, voor zover dat mogelijk is, te sturen op de toekomst. • Stimuleringssubsidies Financiële ondersteuning van zaken die helpend zijn (verenigingsleven, jongerenwerk e.d.) zien wij als een goede investering, niet alleen in geld, maar ook in mensen. “Leren in ontmoeting” is goed voor allen in het voorliggend veld, maar ook voor andere betrokkenen, zoals beleidsmedewerkers en voor specialisten in GGZ-problematiek. • Durven benoemen Als we zien dat het lerend vermogen van onze jeugd wordt aangetast door de afleiding van het mobieltje, durf dan te benoemen dat die telefoon uit het leslokaal moet. Als we zien dat gokverslaving hand over hand toeneemt, durf dan te benoemen welke maatregelen we daar tegen nemen, als we onze kinderen verleid zien worden de drugs/criminele wereld in gelokt te worden, durf dat dan te benoemen en geef concrete maatregelen aan om dat om te buigen. Daar denken we dat goed jeugd -en jongerenwerk een belangrijke rol kan spelen. Daar investeren levert echt rendement. In geld, maar belangrijker, in jonge mensen, onze jeugd.
• Communicatie Als we de bedreigingen van de social media, met name door mis/desinformatie, kunnen ombuigen door media positief in te zetten als medium voor promotie van wat we helpend vinden, dan bieden we kansen en sturen we onze jeugd in positieve zin. Kijk wat we kunnen met vloggers, Tiktok, snapchat en maak promo-filmpjes met aansprekende informele jonge leiders. We mogen het plezier van onze jeugd versterken, het brengt hen zelfvertrouwen en zet hen in eigen kracht om zich verder te ontwikkelen. • Heldere taal Tenslotte vragen we nog aandacht voor een zo helder mogelijk taalgebruik in deze beleidsnota (en beleidsnota’s in het algemeen). Het is goed dat sommige vaktermen worden toegelicht. Mogelijk kunnen in de eindredactie vakjargon en onduidelijke zinnen nog worden verbeterd. Denk aan termen als monitoren, normaliseren, faciliteren, etc. Wij hopen dat u met dit advies het jeugdbeleid en de inbedding daarvan in Nieuwegein verder kunt versterken en zien met belangstelling uit naar uw reactie. Vanzelfsprekend blijven wij hierover graag met u in gesprek; werkgroep Jeugd: Jon van Zoelen, Tanja de Haan, Riekie Tetteroo, Leny Smit, Jan Smulders; vastgesteld door de Adviesraad Sociaal Domein 26 oktober 2023